Source
stringclasses
9 values
Original ID
stringlengths
1
9
Acceptability
int64
0
1
Original annotation
stringclasses
5 values
Sentence
stringlengths
4
152
Material added
int64
0
1
SoD-Noun2
8.15a
0
??
Welke jongen denk je dat er heeft gelogen?
0
SoD-Noun2
8.15b
0
*
Wie denk je dat heeft gelogen?
0
SoD-Noun2
8.17
0
*
Me heeft Peter niet gezien.
0
SoD-Noun2
8.17
0
*
Je heeft Peter niet gezien.
0
SoD-Noun2
8.17
0
*
M heeft Peter niet gezien.
0
SoD-Noun2
8.17
0
*
R heeft Peter niet gezien.
0
SoD-Noun2
8.17
0
*
T heeft Peter niet gezien.
0
SoD-Noun2
8.23a
0
??
De jongen denk ik dat gelogen heeft.
0
SoD-Noun2
8.27b
0
??
Hij heeft waarschijnlijk het boek gelezen.
0
SoD-Noun2
8.30.
0
*
Jan heeft waarschijnlijk het gelezen.
1
SoD-Noun2
8.31a
0
*
Jan kiest waarschijnlijk me als begeleider, niet jou.
0
SoD-Noun2
8.31b
0
*
Jan heeft waarschijnlijk ’m uitgenodigd, niet haar.
0
SoD-Noun2
8.33a'
0
*?
Ik hoorde dat Jan een vriend waarschijnlijk zal bezoeken.
1
SoD-Noun2
8.33b'
0
*?
Ik hoorde dat Jan vrienden waarschijnlijk zal bezoeken.
1
SoD-Noun2
8.40a'
0
??
Ik denk dat Jan veel boeken meestal leest.
1
SoD-Noun2
8.40b
0
*?
Ik denk dat Jan vaak sommige boeken leest..
1
SoD-Noun2
8.46b
0
*
Zij zeiden dat Jan niets waarschijnlijk aan Peter wil geven.
1
SoD-Noun2
8.46c
0
??
Zij zeiden dat niemand waarschijnlijk dat boek gelezen heeft.
1
SoD-Noun2
8.49d
0
*
HIj zei dat Jan het boek waarschijnlijk zijn moeder heeft gegeven.
1
SoD-Noun2
8.50a
0
*
Hij zei dat Jan waarschijnlijk haar het heeft gegeven.
1
SoD-Noun2
8.50b
0
*
Zij zei dat Jan haar waarschijnlijk het heeft gegeven.
1
SoD-Noun2
8.52a
0
*
Jij zei dat Jan waarschijnlijk zijn moeder het heeft gegeven.
1
SoD-Noun2
8.52b
0
*
Jij zei dat Jan het waarschijnlijk zijn moeder heeft gegeven.
1
SoD-Noun2
8.53a
0
*?
Wat heeft hij vaak zijn moeder aangeboden?
0
SoD-Noun2
8.53b
0
*?
Dat boek heeft hij vaak zijn moeder aangeboden.
0
SoD-Noun2
8.55a'
0
*
Jan heeft waarschijnlijk een boek daar gelezen.
0
SoD-Noun2
8.55b'
0
*
Jan had mogelijk een kop koffie toen gedronken.
0
SoD-Noun2
8.61a
0
*
Jan zal morgen waarschijnlijk het lezen.
1
SoD-Noun2
8.61a
0
*
Jan zal morgen het waarschijnlijk lezen.
1
SoD-Noun2
8.61b
0
*
Jan zal thuis het waarschijnlijk lezen.
1
SoD-Noun2
8.62a
0
*
Jan heeft niet het boek gelezen.
1
SoD-Noun2
8.63a
0
??
Jan heeft een boek niet gelezen.
1
SoD-Noun2
8.64a'
0
*
Jan zal niet een nieuwe uitnodiging afslaan.
0
SoD-Noun2
8.64b
0
*
De Veiligheidsraad zal niet een tweede aanval veroordelen.
0
SoD-Noun2
8.68c
0
*
Jan heeft al drie keer niet twee boeken kunnen lenen.
0
SoD-Noun2
8.70b
0
*
Er staat de man voor de deur.
0
SoD-Noun2
8.72a
0
*
Er is een man gisteren overreden.
1
SoD-Noun2
8.73a
0
*
Gisteren is een man overreden.
0
SoD-Noun2
8.74a
0
*
Gisteren is een man voor mijn huis overreden.
0
SoD-Noun2
8.75c
0
*
Ik hoorde dat er een man het gekocht heeft.
1
SoD-Noun2
8.77b
0
??
Er werd een man die te laat kwam niet binnengelaten.
0
SoD-Noun2
8.78a
0
*?
Een man is gearresteerd.
0
SoD-Noun2
8.80b
0
*?
Studenten zijn gisteren gearresteerd.
0
SoD-Noun2
8.86c
0
*
Hij benoemde Jan voorzitter.
0
SoD-Noun2
8.88a
0
*
De dokter en de burgemeester komt morgen langs.
0
SoD-Noun2
8.91a'
0
*
Wist jij dat ik de beste leerling van deze klas Marie vind.
1
SoD-Noun2
8.91b'
0
*
Ik de beste leerlingen van deze klas Peter en Marie vind.
0
SoD-Noun2
8.92b'
0
*
Ik vind de beste voorzitter van de vereniging Peter.
0
SoD-Noun2
8.93b
0
*
De beste leerling van de klas is jij.
0
SoD-Noun2
8.94a
0
*
De kinderen is het grootste probleem.
0
SoD-Noun2
8.94b
0
*
Het grootste probleem is de kinderen.
0
SoD-Noun2
8.101a
0
*
Marie zwom zich wereldkampioen op de honderd meter schoolslag.
0
SoD-Noun2
8.105b
0
*
Jan is goed schoolmeester.
0
SoD-Noun2
8.105c
0
*
Jan is schoolfrik.
0
SoD-Noun2
8.108a
0
*
Jan werkt als een dokter in een ziekenhuis.
0
SoD-Noun2
8.108b
0
*
Als een dokter komt Jan vaak bij de mensen thuis.
0
SoD-Noun2
8.108c
0
*
Jan is benoemd tot een hoogleraar in de taalkunde.
0
SoD-Noun2
8.108d
0
*
Jan studeert voor een leraar.
0
SoD-Noun2
8.109b
0
*
Jan hijgt als werkpaard.
0
SoD-Noun2
8.109c
0
*
Jan rookt als schoorsteen.
0
SoD-Noun2
8.111a
0
*
Jan is knapste dokter.
0
SoD-Noun2
8.111b
0
*
Jan was een eerste dokter.
0
SoD-Noun2
8.112
0
*
Je lijkt wel schoolmeester als je zo praat.
0
SoD-Noun2
8.116b
0
*
Jan is de dokter van beroep.
0
SoD-Noun2
8.116c
0
*
Jan is een dokter van beroep.
0
SoD-Noun2
8.117b
0
*
De dokter is een mooi beroep.
0
SoD-Noun2
8.117c
0
*
Een dokter is een mooi beroep.
0
SoD-Noun2
8.119a
0
??
Zij zijn doktoren van beroep.
0
SoD-Noun2
8.119b
0
*
Doktoren zijn een mooi beroep.
0
SoD-Noun2
8.121a
0
*
Jan is dokter met grote vakkennis.
0
SoD-Noun2
8.121b
0
*
Jan is dokter die goed voor zijn patiënten zorgt.
0
SoD-Noun2
8.123a
0
*
Ik hoorde dat hij leraar waarschijnlijk wordt.
1
SoD-Noun2
8.123b
0
*
Ik hoorde dat hij de leraar waarschijnlijk is.
1
SoD-Noun2
8.124a
0
*
Ik hoorde dat Jan aardig niet is.
1
SoD-Noun2
8.125a
0
*
Jan heeft altijd directeur al willen zijn.
0
SoD-Noun2
8.127a
0
*
Het zijn kapot.
0
SoD-Noun2
8.128a
0
*
Dat ben mij.
0
SoD-Noun2
8.128b
0
*
Dat ben jou.
0
SoD-Noun2
8.128c
0
*
Dat is haar.
0
SoD-Noun2
8.128c'
0
*
Dat zijn hen.
0
SoD-Noun2
8.130a'
0
*
Behulpzaam, ik denk dat dat aardige jongens zijn.
0
SoD-Noun2
8.131a'
0
*
Behulpzaam, zijn dat aardige jongens?
0
SoD-Noun2
8.131b'
0
*
Jan en Piet, zijn aardige jongens dat?
0
SoD-Noun2
8.134b
0
*
Behulpzaam, het zijn aardige jongens.
0
SoD-Noun2
8.134b
0
*
Behulpzaam, dat zijn aardige jongens.
0
SoD-Noun2
8.139b
0
??
Sommige katten, dat zijn leuke huisdieren.
0
SoD-Noun2
8.140a
0
??
Jan bleef de morgen thuis.
0
SoD-Noun2
8.140b
0
*
Marie zat de lezing te gapen.
0
SoD-Noun2
8.140c
0
*
Jan zit de dag te kletsen.
0
SoD-Noun2
8.140d
0
*
Hij heeft zijn leven in Amsterdam gewoond.
0
SoD-Noun2
8.142a
0
*
Marie kwam de ochtend weer thuis.
0
SoD-Noun2
8.142b
0
*
Marie was de week nog in Frankrijk.
0
SoD-Noun2
8.142c
0
*
Ik ben de les weer aanwezig.
0
SoD-Noun2
8.143a
0
*
Jan danste de avond.
0
SoD-Noun2
8.144b
0
*
Jan verprutste en hij deed dat de godganse avond.
0
SoD-Noun2
8.156a
0
*
Ik ben hele lente in de Verenigde Staten.
0
SoD-Noun2
8.156c
0
*
Ik ga de winter niet op vakantie.
0
SoD-Noun2
8.158a
0
*
Ik ben hele weekend in Antwerpen.
0
SoD-Noun2
8.159a
0
*
Ik ben hele avond thuis.
0
SoD-Noun2
8.159c
0
*
Hij komt de dag weer thuis.
0