Source
stringclasses
9 values
Original ID
stringlengths
1
9
Acceptability
int64
0
1
Original annotation
stringclasses
5 values
Sentence
stringlengths
4
152
Material added
int64
0
1
SoD-Verb3
11.297b
0
*
Dat boek vraag ik me af of Jan gekocht heeft?
0
SoD-Verb3
11.298b
0
*
Dat boek huilt Jan omdat Marie gestolen heeft.
0
SoD-Verb3
11.300a
0
*
Mijn 'r heb ik nog niet gezien.
0
SoD-Verb3
11.301b
0
*
Er spelen de kinderen graag.
0
SoD-Verb3
11.301c
0
*
Er wacht ik niet op.
0
SoD-Verb3
11.302b
0
*
Ze zei Jan dat dit boek gelezen had.
0
SoD-Verb3
11.315a
0
*
Jan ontmoette Els en die vertelde haar dat hij haar bewonderde.
1
SoD-Verb3
11.318a
0
??
Hij vertelde dat in Utrecht Marie haar broer bezocht heeft.
1
SoD-Verb3
11.320b'
0
*
M is die voorstelling goed bevallen.
0
SoD-Verb3
11.326a'
0
*
Dat hij Peter niet gelooft hindert het me.
0
SoD-Verb3
11.326b'
0
*
Dat hij te laat was betwistte hij het.
0
SoD-Verb3
11.327b
0
*
Of hij het boek zou kopen twijfelde Jan.
0
SoD-Verb3
11.329b
0
*
Dat hij ziek was belde hij.
0
SoD-Verb3
11.330a'
0
*?
Weg te gaan weigert Jan.
0
SoD-Verb3
11.331b
0
*
Niet te kunnen komen klaagde Jan.
0
SoD-Verb3
11.331b
0
*
Niet te kunnen komen klaagde Jan erover.
0
SoD-Verb3
11.334a
0
*
Hij had die problemen graag gewild oplossen.
0
SoD-Verb3
11.334b
0
*
Die problemen oplossen had hij graag willen.
0
SoD-Verb3
11.334b'
0
*
Die problemen oplossen, dat had hij graag willen.
0
SoD-Verb3
11.334c
0
*
Oplossen had hij die problemen graag willen.
0
SoD-Verb3
11.334c'
0
*
Oplossen, dat had hij die problemen graag willen.
0
SoD-Verb3
11.335
0
*
Gewild oplossen had hij die problemen graag.
0
SoD-Verb3
11.341a
0
*
Voordat ik vertrek, dan bezoek ik mijn moeder.
0
SoD-Verb3
11.345b'
0
*
Geworden is hij ziek gelukkig niet.
0
SoD-Verb3
11.345b''
0
*
Geworden is hij gelukkig niet ziek.
0
SoD-Verb3
11.346a''
0
*
Geverfd heeft hij het hek paars.
0
SoD-Verb3
11.346b
0
*
Hij heeft het geld in zijn spaarpot gisteren gestopt.
0
SoD-Verb3
11.346b''
0
*?
Gestopt heeft hij het geld in zijn spaarpot.
0
SoD-Verb3
11.347a
0
*
Hij heeft nog nooit het gelezen.
0
SoD-Verb3
11.347b'
0
*
Het gelezen heeft hij nog nooit.
0
SoD-Verb3
11.352b
0
*
Beloven dat hij komt wil hij het niet.
0
SoD-Verb3
11.353b'
0
*
Op gerekend had hij er niet.
0
SoD-Verb3
11.355b
0
*
Boeken gelezen worden bijna niet meer.
0
SoD-Verb3
11.356a'
0
*
Kinderen gespeeld hebben hier nog niet.
0
SoD-Verb3
11.356a'
0
*
Kinderen gespeeld hebben er hier nog niet.
0
SoD-Verb3
11.356b'
0
*
Patiënten gestorven zijn er daardoor nog nooit.
0
SoD-Verb3
11.357a'
0
*
Een buitenlander gewonnen heeft die nog nooit.
0
SoD-Verb3
11.357a'
0
*
Een buitenlander gewonnen heeft die derby nog nooit.
0
SoD-Verb3
11.364b'
0
*
Op wachten gaat hij er niet.
0
SoD-Verb3
11.365a'
0
*
Kinderen spelen komen volgende week.
0
SoD-Verb3
11.365a'
0
*
Kinderen spelen komen er volgende week.
0
SoD-Verb3
11.365b'
0
*
Patiënten sterven gaan daardoor.
0
SoD-Verb3
11.365b'
0
*
Patiënten sterven gaan er daardoor.
0
SoD-Verb3
11.366a'
0
*
Een buitenlander winnen gaat die nooit.
0
SoD-Verb3
11.366b'
0
??
Iets naars overkomen gaat hem niet.
0
SoD-Verb3
11.370b
0
??
Lezen dat gaat hij die boeken niet doen.
0
SoD-Verb3
11.371a
0
*
Boeken lezen gaat hij niet doen.
0
SoD-Verb3
11.376c
0
*
Dit boek huil ik omdat ik moet lezen.
0
SoD-Verb3
11.377b
0
*
Ik denk dat dit boek je moet lezen.
0
SoD-Verb3
11.377b
0
*
Ik denk dit boek dat je moet lezen.
0
SoD-Verb3
11.377b'
0
*
Ik denk dit boek moet je lezen.
0
SoD-Verb3
11.379a
0
*
Iedereen die heb ik gezien.
0
SoD-Verb3
11.379a
0
*
Iedereen die heb ik gezien behalve Peter.
0
SoD-Verb3
11.379b
0
*
Niemand die heb ik gezien.
0
SoD-Verb3
11.379b
0
*
Nieman die heb ik gezien behalve Peter.
0
SoD-Verb3
11.380a
0
*
Deze schoenen voetbalt Peter mee.
0
SoD-Verb3
11.383a'
0
*
Ik was vergeten hoe jij sterk bent.
0
SoD-Verb3
11.383a'
0
*
Ik was vergeten wat jij sterk bent.
0
SoD-Verb3
11.383b'
0
*
Ik was vergeten wat jij een sterke vrouw bent.
0
SoD-Verb3
11.385b
0
*
Hoe heb jij vandaag hard gewerkt?
0
SoD-Verb3
11.388c
0
*
Wat is dat een mooier boek!
0
SoD-Verb3
11.389c
0
*
Wat weet jij het antwoord!
0
SoD-Verb3
11.390c
0
*
Wat heb jij boeken!
0
SoD-Verb3
11.391b
0
*
Wat ligt daar water!
0
SoD-Verb3
11.395b
0
*
Marie beweert wat een mooie boeken Peter heeft.
0
SoD-Verb3
11.403a
0
*
Er staan wat een mooie boeken in die kast!
0
SoD-Verb3
11.407a
0
*
Wat een saaie boeken betreurde hij dat er in die kast staan!
0
SoD-Verb3
11.407b
0
*
Wat een saaie boeken betreurde hij dat je gekocht hebt!
0
SoD-Verb3
11.407c
0
*
Wat saai betreurde hij dat die boeken zijn!
0
SoD-Verb3
11.408a
0
*
Wat een mooie boeken vroeg hij of er in die kast staan!
0
SoD-Verb3
11.408b
0
*
Wat een mooie boeken vroeg hij of je gekocht hebt!
0
SoD-Verb3
11.409b
0
*
Wat gevaarlijk verdedigde Jan de stelling dat kernenergie is!
0
SoD-Verb3
11.415a'
0
*
Wat schrijft hij over voor een onderwerpen?
0
SoD-Verb3
11.415b'
0
*
Wat zit jij op voor een stoel?
0
SoD-Verb3
11.418a
0
*
Wat zei hij dat er een mooie boeken in die kast staan!
0
SoD-Verb3
11.418b
0
*
Wat zei hij dat Marie een mooie boeken gekocht had!
0
SoD-Verb3
11.420a
0
*
Wat mooie boeken heb jij gekocht!
0
SoD-Verb3
11.422c
0
*
Wat hebben er voor een mensen voor een goederen gedoneerd?
0
SoD-Verb3
11.424b
0
*
Ik was vergeten wat Marie een aardige vrouw is.
0
SoD-Verb3
11.425b
0
*
Ik was vergeten hoe Marie aardig is.
0
SoD-Verb3
11.426a
0
*
Ik was vergeten hoe een aardige vrouw Marie is.
0
SoD-Verb3
11.426b
0
*
Ik was vergeten wat aardig Marie is.
0
SoD-Verb3
11.427a
0
*
Hoe een aardige vrouw is Marie!
0
SoD-Verb3
11.432b
0
??
Ik weet hoe vreselijk groot of hij is.
0
SoD-Verb3
11.437a'
0
*
Wat staan er me een mooie boeken in die kast!
0
SoD-Verb3
11.442a
0
*
Wat een boeken dat hij heeft!
0
SoD-Verb3
11.442a
0
*
Wat een mooie boeken dat hij heeft!
0
SoD-Verb3
11.442b
0
*
Wat mooi dat het boek geworden is!
0
SoD-Verb3
11.453a
0
*
Jan heeft meer boeken dan ik vroeg of hij gelezen had.
0
SoD-Verb3
11.454a
0
*
Jan heeft meer geld verdiend dan zijn vrouw op gerekend had.
0
SoD-Verb3
11.455b
0
*
Jan heeft meer boeken dan Els duizend.
0
SoD-Verb3
11.455b
0
*
Jan heeft meer boeken dan Els veel cd's.
0
SoD-Verb3
11.455b
0
*
Jan heeft meer boeken dan Els duizend heeft.
0
SoD-Verb3
11.455b
0
*
Jan heeft meer boeken dan Els veel cd's heeft.
0
SoD-Verb3
11.457a
0
*
Jan heeft meer boeken dan ik vroeg of Els cd's had.
0
SoD-Verb3
11.457b
0
*
Jan heeft meer boeken dan ik Els bewonder omdat zij cd's heeft.
0
SoD-Verb3
11.464b'
0
*
Wat kijkt Jan graag naar voor films?
0
SoD-Verb3
11.484a
0
*
Zichzelf Jan bewondert hem het meest.
0
SoD-Verb3
11.485a
0
*
Elkaars moeder zij bewonderen haar het meest.
0
SoD-Verb3
11.486a
0
*
Zijn ouders iedereen bewondert ze het meest.
0