Source
stringclasses
9 values
Original ID
stringlengths
1
9
Acceptability
int64
0
1
Original annotation
stringclasses
5 values
Sentence
stringlengths
4
152
Material added
int64
0
1
SoD-Noun1
2.80a'
1
null
Het huis is van Jan.
0
SoD-Noun1
2.80b
1
null
Hij bezit een horloge van goud.
1
SoD-Noun1
2.80b'
1
null
Dit horloge is van goud.
0
SoD-Noun1
2.80c
1
null
Ze leest de krant van gisteren.
1
SoD-Noun1
2.80c'
1
null
Deze krant is van gisteren.
0
SoD-Noun1
2.81a
1
null
Hij sluit de deur van het gebouw.
1
SoD-Noun1
2.81b
1
null
Piet is de vader van Jan.
1
SoD-Noun1
2.81b'
0
*
Deze vader is van Jan.
0
SoD-Noun1
2.81c
1
null
Hij keek naar de knie van Jan.
1
SoD-Noun1
2.81c'
0
*
De knie is van Jan.
0
SoD-Noun1
2.82a
1
null
Mary zag een meisje met rood haar.
1
SoD-Noun1
2.82a'
0
*
Dit meisje is met rood haar.
0
SoD-Noun1
2.82b
1
null
Hij ontving een brief met vlekken.
1
SoD-Noun1
2.82b'
0
*?
De brief is met vlekken.
0
SoD-Noun1
2.82c
1
null
Jan ging op excursie naar Afrika.
1
SoD-Noun1
2.82c'
0
*?
Die excursie is door Afrika.
0
SoD-Noun1
2.83a
1
null
Het gebouw op de hoek staat leeg.
1
SoD-Noun1
2.84a
1
null
Hij at een broodje met kaas.
1
SoD-Noun1
2.84b'
1
null
Dit broodje is belegd met kaas.
0
SoD-Noun1
2.85a
1
null
Vincent is de maker van het schilderij.
1
SoD-Noun1
2.85a'
0
*
De maker is niet van het schilderij.
0
SoD-Noun1
2.85b
1
null
Hein zag de vernietiging van de stad.
1
SoD-Noun1
2.85b'
0
*
De vernietiging is niet van de stad.
0
SoD-Noun1
2.86a
1
null
Ze ontmoeten reizigers naar Amsterdam.
1
SoD-Noun1
2.86b'
0
*
Zijn hoop is op een beter leven.
0
SoD-Noun1
2.86c
1
null
Hij is aan het zoeken naar de waarheid.
1
SoD-Noun1
2.86c'
0
*
Het zoeken is naar de waarheid.
0
SoD-Noun1
2.87a
1
null
Dit dak is van dat gebouw.
0
SoD-Noun1
2.87c
1
null
Die knie is van Jan.
0
SoD-Noun1
2.88a
1
null
Ik heb de verwoesting van de stad meegemaakt.
0
SoD-Noun1
2.88a
1
null
Ik heb de verwoesting ervan meegemaakt.
0
SoD-Noun1
2.88b
1
null
Hij had de hoop erop al opgegeven.
0
SoD-Noun1
2.90a
1
null
Ik heb er de verwoesting ervan meegemaakt.
0
SoD-Noun1
2.90b
1
null
Ze hebben de overname ervan bekritiseerd.
0
SoD-Noun1
2.91a
1
null
Hij heeft de hoop op een beter leven verloren.
0
SoD-Noun1
2.91a'
0
*?
Hij heeft er de hoop op verloren.
0
SoD-Noun1
2.91a'
1
null
Hij heeft de hoop erop op verloren.
0
SoD-Noun1
2.91b
1
null
Zij heeft het geloof in een goede afloop opgegeven.
0
SoD-Noun1
2.91b'
0
*
Zij heeft er het geloof in opgegeven.
0
SoD-Noun1
2.92a
1
null
Ik heb een inleiding in de taalkunde geschreven.
0
SoD-Noun1
2.92b
1
null
Ik heb een uitbreiding met twee nieuwe netwerken kunnen tegenhouden.
0
SoD-Noun1
2.93a
1
null
Ik betreur het ontslag van mijn broer.
0
SoD-Noun1
2.93b
1
null
Ik heb de vader van Els gezien.
0
SoD-Noun1
2.93b'
1
null
Van Els heb ik de vader gezien.
0
SoD-Noun1
2.94a
1
null
Ik heb de lakens van satijn gekocht.
0
SoD-Noun1
2.94a'
0
*?
Van satijn heb ik de lakens gekocht.
0
SoD-Noun1
2.94b
1
null
Ik heb de krant van gisteren gelezen.
0
SoD-Noun1
2.95b
0
*
Van een auto heb ik de motor gerepareerd.
0
SoD-Noun1
2.96a
1
null
Van een vriend wil ik graag de ouders ontmoeten.
0
SoD-Noun1
2.96a
1
null
Van een vriend wil ik altijd graag de ouders ontmoeten.
0
SoD-Noun1
2.96b
1
null
Van een auto kan ik waarschijnlijk wel de motor repareren.
0
SoD-Noun1
2.97a
1
null
Dat is de man van wie ik het ontslag betreur.
0
SoD-Noun1
2.97a'
1
null
Van wie betreur jij het ontslag?
0
SoD-Noun1
2.97b
1
null
Dit is de vrouw van wie ik de vader heb gezien.
0
SoD-Noun1
2.98b'
0
*?
Van welke dag heb jij de krant gelezen?
0
SoD-Noun1
2.98b'
0
*?
Van wanneer heb jij de krant gelezen?
0
SoD-Noun1
2.99a
1
null
Ik zal het ontslag van mijn zus betreuren .
0
SoD-Noun1
2.100a
0
*?
Ik heb de lakens gekocht van satijn.
0
SoD-Noun1
2.100b
0
??
Ik heb de krant gelezen van gisteren.
0
SoD-Noun1
2.101a
1
null
Ik heb de ouders ontmoet van een goede vriend.
0
SoD-Noun1
2.101b
1
null
Ik heb de motor gerepareerd van één auto.
0
SoD-Noun1
2.103a
0
*
Ik heb van satijn gisteren de lakens gekocht.
0
SoD-Noun1
2.103b
0
*
Ik heb van gisteren de krant gelezen.
0
SoD-Noun1
2.104b
1
null
Ik heb van één auto de motor gerepareerd.
0
SoD-Noun1
2.105a
1
null
Van Jan heb ik gisteren de auto gerepareerd en niet van Peter.
0
SoD-Noun1
2.105b
1
null
Ik heb van Jan gisteren de auto gerepareerd en niet van Peter.
0
SoD-Noun1
2.105c
1
null
Ik heb gisteren de auto gerepareerd van Jan.
0
SoD-Noun1
2.105c
1
null
Ik heb gisteren de auto gerepareerd van Jan en niet van Peter.
0
SoD-Noun1
2.106a
1
null
Van Jan heb ik de auto gerepareerd.
0
SoD-Noun1
2.106b
1
null
Ik heb van Jan de auto gerepareerd.
0
SoD-Noun1
2.106b
1
null
Ik heb van Jan de auto gerepareerd en van niemand anders.
0
SoD-Noun1
2.106c
0
??
Ik heb de auto gerepareerd van Jan.
0
SoD-Noun1
2.106c
0
??
Ik heb de auto gerepareerd van Jan en van niemand anders.
0
SoD-Noun1
2.107a
1
null
Van wie heb jij een auto gerepareerd?
0
SoD-Noun1
2.107a
1
null
Van wie heb jij de auto gerepareerd?
0
SoD-Noun1
2.107a'
1
null
Van Peter heb ik de auto gerepareerd.
0
SoD-Noun1
2.107b
0
*?
Waarvan heb jij lakens gekocht?
0
SoD-Noun1
2.107b
0
*?
Waar heb jij lakens van gekocht?
0
SoD-Noun1
2.108a
1
null
Alleen van Jan heb ik de auto gezien.
0
SoD-Noun1
2.108a
1
null
Ook van Jan heb ik de auto gezien.
0
SoD-Noun1
2.108b
1
null
Ik heb alleen van Jan de auto gezien.
0
SoD-Noun1
2.108b
1
null
Ik heb ook van Jan de auto gezien.
0
SoD-Noun1
2.108c
1
null
Ik heb ook de auto gezien van Jan.
0
SoD-Noun1
2.109a
1
null
Niet van Jan heb ik de auto gezien maar van Peter.
0
SoD-Noun1
2.109a
1
null
Niet van Jan heb ik de auto gezien.
0
SoD-Noun1
2.109b
1
null
Ik heb niet van Jan de auto gezien maar van Peter.
0
SoD-Noun1
2.109b
1
null
Ik heb niet van Jan de auto gezien.
0
SoD-Noun1
2.109c
1
null
Ik heb niet de auto gezien van Jan maar van Peter.
0
SoD-Noun1
2.109c
1
null
Ik heb niet de auto gezien van Jan.
0
SoD-Noun1
2.110d
0
*
Ik heb van satijn de lakens gekocht.
0
SoD-Noun1
2.111b
1
null
Van dit satijn heb ik de lakens gekocht en van dat satijn de slopen.
0
SoD-Noun1
2.111b
1
null
Van dit satijn heb ik de lakens gekocht.
0
SoD-Noun1
2.111c
1
null
Ik heb de lakens gekocht van dit satijn.
0
SoD-Noun1
2.111d
1
null
Ik heb van dit satijn de lakens gekocht.
0
SoD-Noun1
2.112b
1
null
Van welk satijn heb jij de lakens gekocht?
0
SoD-Noun1
2.113a
1
null
Ik heb gisteren de auto van Jan gezien.
0
SoD-Noun1
2.113a'
0
??
Van Jan heb ik gisteren de auto gezien.
0
SoD-Noun1
2.113b'
0
*?
Van satijn heb ik gisteren de lakens gekocht.
0
SoD-Noun1
2.113b''
0
??
Van satijn heb ik gisteren lakens gekocht.
0
SoD-Noun1
2.114a
1
null
Ik heb een de auto gezien van Jan.
0