text
stringlengths
4
22.7k
label
int64
-1
1
Syliva is getrouwd met Eddie. Al voor het huwelijk weet ze dat hij zijn geld verdient in de criminaliteit. En hoewel ze dat al jaren met lede ogen aanziet, komt er een punt dat ze het niet meer wil. Met name als de kinderen problemen krijgen met de activiteiten van Eddie. Eddie zegt wel te willen veranderen, maar hij doet het niet, hij werkt zich alleen maar verder in de nesten. Als Sylvia hem dan ook nog verlaat met de kinderen escaleert de hele boel. Het boek komt langzaam op gang. Het zou mooi opgebouwd kunnen zijn, maar het gaat zo traag, zoveel bladzijden waarin eigenlijk niet zoveel gebeurt. Het is nergens echt spannend, er is wel een bepaalde dreiging, maar niet nagelbijtend eng. De sfeer is af en toe wat grimmig, maar ook maar oppervlakkig. Het leest wel makkelijk, maar ik zit de hele tijd te wachten tot de actie komt. En als er dan actie komt, is het na 1 bladzijde alweer over. Het verhaal is veelbelovend, maar de uitwerking schiet tekort. Dit was de filmeditie, ik hoop dat de film beter in elkaar zit.
-1
Ik was niet echt onder de indruk en vond het verhaal ook wat warrig. Pas op het eind viel alles op z'n plaats, maar eer dat zo ver was, was ik 200 blz. verder. Ik vond het boek vrij emotieloos geschreven.
-1
De roman eindigt met een moesson-storm van veel pieken en dalen in het leven van Eliza. In elk dal verwacht je dat Jay wel weer opduikt om haar een nieuwe piek te bezorgen. "De tuin van Badalpur" door Kenizé Mourad uit 1998 was beter: ongeveer zelfde tijdvak, ook India, ook opvolgingsproblemen, autobiografisch en veel evenwichtiger.
-1
Al lange tijd ben ik op zoek naar echt enge boeken, waarvan de rillingen over je rug lopen. Ik las de beschrijving van dit verhaal en waagde de gok, met dank aan Karakter Uitgevers, die zo vriendelijk waren om een recensie exemplaar beschikbaar te stellen. Bij vlagen is het boek inderdaad gruwelijk en hier en daar heb ik een klein rillinkje gevoeld, maar wat mij betreft waren die momenten te sporadisch. Toch zit er genoeg in dit boek waar menig thrillerlezer zeker van zal genieten. Ik denk zelfs dat veel mensen dit boek fantastisch zullen vinden. Ik zal mijn bevindingen eens op een rijtje zetten: -de karakters zijn goed uitgediept, vooral dat van hoofdpersoon Jake. Zijn karakter is interessant, en duidelijk mede gevormd door zijn verleden. Hij wordt van alle kanten belicht, je ziet zowel zijn goede als slechte kanten. Je krijgt een uitgebreide rondleiding door zijn hoofd, als het ware. Wat mij betreft te uitgebreid, maar ieder zijn ding. Ik hou zelf meer van veel actie, veel gebeurtenissen, en slechts korte kijkjes in iemands hoofd. Dat was de voornaamste reden waarom dit boek van mij toch een lage beoordeling krijgt. Voor mij ging alles te langzaam en brachten we te veel tijd door in het hoofd van Jake en andere personages. Maar… gezegd moet worden dat het in het hoofd van Jake wel interessant is. Niet alleen door zijn bijzondere manier van het bekijken van een plaats delict, maar ook door zijn verleden, dat zich langzaam ontrafelt. -voortbordurend op het vorige punt: er zitten originele elementen in het verhaal, zoals de net al genoemde manier waarop Jake een plaats delict bekijkt: door een driedimensionale reconstructie te maken, en het apparaat in zijn borst. Maar ook de kunst en ziekte van Jakes vader en natuurlijk de manier waarop er wordt gemoord. -over het volgende punt kan ik kort zijn: Robert Pobi kan heel mooi en treffend beschrijven. Hij gebruikt mooie zinnen en je ziet het zo voor je. -opvallend vond ik het knappe samenspel van elementen die Jake tegenwerken, zoals dat in het echt ook gaat. Gezondheid, leeftijd, karakter, het weer, collega's, vermoeidheid, alles heeft invloed op zijn functioneren. Deze vorm van realisme heb ik zelden gezien in een boek. -het verhaal zit goed in elkaar. Gebeurtenissen van vroeger en nu zijn met elkaar verbonden, maar hoe? Steeds komen er nieuwe raadsels bij. Je krijgt elke keer hele kleine puzzelstukjes, zodat het echt een raadsel blijft en het voelt een beetje alsof je als lezer onderdeel uitmaakt van het team dat het raadsel moet oplossen. Zoals ik eerder aangaf zaten er alleen voor mij persoonlijk tussen deze puzzelstukjes in te veel overpeinzingen en stukken waarin weinig gebeurde. Je moet van deze trage manier van vertellen houden en van het telkens langdurig duiken in de gedachten van de personages. Hoewel het realistisch is dat er lang dingen onduidelijk blijven, hadden er van mij meer en grotere puzzelstukjes in mogen zitten, dan had het verhaal me meer geboeid. Deze trage vooruitgang in het onderzoek heeft dus voordelen en nadelen. Het is realistisch, maar het boeit (mij) minder. We voelen mee met Jake, zijn net zo gefrustreerd als hij, maar dat kan omslaan in irritatie ten opzichte van het verhaal. Richting het einde van het verhaal worden de hoofdstukken korter en eindigen ze vaker met een cliffhanger, waardoor de spanning stijgt. Als lezer weet je na een tijdje niet meer wie je moet verdenken. Hoewel je hem wel al even aan ziet komen, is de uiteindelijke ontknoping wel heel verrassend en intrigerend. Conclusie: een heel goed verhaal, met slechts weinig minpunten, maar helaas weegt één daarvan voor mij zo zwaar dat ik het boek toch niet veel sterren kan geven. Ik had graag meer gruwelijks gezien, want wat erin zat was afschuwelijk en interessant. Er zit veel origineels en intrigerends in het verhaal en in de karakters, maar het ging allemaal veel te traag. Als je hier geen problemen mee hebt (ik houd niet van Stephen King boeken om dezelfde reden, hoewel ik zijn verhalen super vind), dan heb je hier een dikke aanrader te pakken. Beoordeling: 2 sterren
-1
In tegenstelling tot de Duitse tv-krimi’s zijn spannende boeken uit Duitsland geen groot export product. Karakter Uitgevers gaat het proberen en komt nu het met eerste deel van de Mona Seiler-serie, geschreven door Christa von Bernuth. In Duitsland zijn haar boeken erg populair en ondertussen ook al verfilmd. Stemmen heet het eerste deel in de serie en deze is dus nu in Nederland uitgebracht. Op haar website en op de achterflap van het boek wordt von Bernuth vergeleken met grootheden als Henning Mankell en Elizabeth George. Dat maakt nieuwsgierig. Stemmen speelt zich grotendeels af rond een internaat in Zuid-Duitsland. De vrouw van een leraar wordt vermoord en al snel vinden meer personen de dood die allen een band blijken te hebben met het internaat in Issing. De net tot hoofdcommissaris benoemde Mona Seiler wordt op de zaak gezet. Gaandeweg, maar met veel moeite, ontdekt Mona dat de gedode personen een gedeeld verleden hebben. Stemmen is een boek met hele sterke kanten en tegelijkertijd hele zwakke kanten. Hierdoor is het moeilijk om een eenduidig oordeel over het verhaal te vellen. Het begin is pakkend en spannend. De setting van een internaat biedt altijd veel aanknopingspunten voor geheime relaties en onderlinge spanningen. Von Bernuth is erg goed in het beschrijven van de psychologische spelletjes die mensen met elkaar spelen en komt hierdoor met interessante ontwikkelingen op de proppen. Maar het boek is ongelofelijk rommelig geschreven. Het springt van de hak op de tak, hoofdstukken worden niet goed uitgewerkt en dat irriteert. Bovendien zitten er hele onlogische wendingen in het verhaal. Mona Seiler is verder nog niet de hoofdpersoon die naar mijn gevoel een serie kan dragen. Daarvoor vind ik haar nog niet interessant genoeg. Af en toe komt er iets naar boven over haar verleden, maar ze blijft ongrijpbaar. Bovendien is het einde echt niet nodig, waarom moet de hoofdpersoon altijd en eeuwig persoonlijk betrokken raken in het geheel? Kortom: absoluut een schrijfster met potentie maar voor mijn gevoel moet er nog behoorlijk geschaafd worden aan stijl en opbouw. Tot slot nog een opmerking naar de uitgever, ook al zijn het kleine details: er staan storende taalfouten in het boek (leiden waar echt lijden moet staan b.v.) en Mona is alleenstaande moeder en heeft dus geen echtgenoot zoals de achterflap vermeldt.
-1
De boeken van Alex Kava worden al jaren door een breed publiek gelezen en gewaardeerd. Ze schrijft dan ook in een toegankelijke stijl en met een vlotte pen. Na twee jaar van stilte rondom hoofdpersoon Maggie O'Dell is er nu een nieuw avontuur (het achtste alweer) van haar in het Nederlands verschenen: Slachtoffers. Maggie is FBI-agente en gedragswetenschapper. Wanneer ze wordt gevraagd om in Pensacola, (Florida) onderzoek te doen naar de herkomst van enkele lichaamsdelen die uit zee zijn opgevist, weet ze nog niet in wat voor macabere misdaad ze terechtkomt. Haar goede vriend microbioloog Platt wordt geconfronteerd met onverwachte sterfgevallen bij militairen die niet levensgevaarlijk gewond maar met geamputeerde ledematen terugkomen uit Afghanistan. Wanneer er een oorzakelijk verband tussen beide zaken blijkt te bestaan, komt Maggie een wel heel sinistere moordenaar op het spoor, die voornamelijk toeslaat tijdens orkanen. En een orkaan van een heel zware categorie staat juist op het punt zich op de streek te storten waar Maggie en Platt onderzoek doen. De moordenaar wacht zijn kansen af... Na genoten te hebben van eerdere avonturen van Maggie O'Dell, had ik me erg verheugd op dit nieuwe boek van Alex Kava. De spanning spatte er altijd af en de plotontwikkeling zat goed in elkaar. Wat dat betreft stelt Slachtoffers teleur: de spanning is ver te zoeken en ook de verdere kennismaking met O'Dell viel tegen. Er is weinig overgebleven van de pittige tante die we kennen uit bijvoorbeeld 'Duivels kwaad' en 'Noodzakelijk kwaad'. De plot is op zich goed maar Kava weet mij niet te boeien; het verhaal is vlak en kabbelt maar door. Door de onveranderd vlotte schrijfstijl en de korte hoofdstukken lees je het boek wel vrij vlug uit. Een prima tussendoortje, maar naar mijn idee een teleurstelling voor de echte O'Dell-fan. Ik hoop dat bij de volgende boeken (die in Amerika inmiddels al zijn verschenen maar nog niet in het Nederlands zijn vertaald, hoewel dit volgens de schrijver wel de intentie is) Alex Kava weer een tandje heeft bijgeschakeld en dat Slachtoffers een eenmalige dip in de serie is. Alex Kava heeft in het verleden allerlei baantjes gehad, maar is sinds 1996 full-time schrijfster en heeft inmiddels haar elfde boek in de Maggie O'Dell-serie geschreven. Daarnaast heeft ze enkele stand alones geschreven. Ze woont in Omaha (Nebraska) en Pensacola (Florida) – waar Slachtoffers zich afspeelt.
-1
“Verdriet is het ding met veren” is bezig een enorme hype te worden. Recensenten van niet de minste kranten en tijdschriften vallen over elkaar heen om het boekje te bejubelen. Het werd genomineerd voor een aantal zeer prestigieuze prijzen en dus zal het waarschijnlijk wel een zeer bijzonder boek zijn. Het ligt daarom mogelijk aan mij dat ik het nauwelijks weet te waarderen. Een gebrek aan inlevingsvermogen, een te beperkt intellect, te weinig ervaring met het pellen van de verschillende lagen, een onvermogen om de betere poëzie te waarderen of simpelweg te weinig verdriet in mijn leven meegemaakt. Dat laatste durf ik zonder meer te weerleggen, dus blijft een of meerdere van de overige redenen de achterliggende oorzaak van het feit dat ik mij slechts met grote moeite door dit verwarrende boek wist te ploeteren. Het lukte mij niet om er enige samenhang in te ontdekken en hoewel het zonder enige twijfel allemaal mooi is opgeschreven kon ik de boodschap en betekenis achter de woorden nergens vinden. Ook de zo geroemde humor heb ik eerlijk gezegd nergens gevonden. Eigenlijk blijft er maar een simpele verklaring over: ik had een 122 pagina’s tellende misdruk en miste de belangrijkste pagina’s. Misschien wel het hele boek! Jammer hoor.
-1
Hoewel vlot geschreven en prettig leesbaar hangt het van cliches aan elkaar en is het ontzettend voorspelbaar. Prima boekje voor bij het zwembad, maar ook niets meer dan dat.
-1
Als twee druppels water is het debuut van de Australische Anna Snoekstra. Haar naam zal bij ons niet direct de link met Australië leggen, maar haar familie trok vanuit Nederland naar het verre Australië. Al lang liep Anna met het idee rond om een boek te schrijven en haar zus Amy moedigde haar uiteindelijk aan om het daadwerkelijk te gaan doen. Tien jaar geleden is Rebecca Winter opeens verdwenen. Is ze ontvoerd of omgekomen tijdens een grote bosbrand? Niemand weet het en een grote zoektocht heeft geen resultaat. Tien jaar later heeft een evenbeeld van Rebecca een uitzichtloos leven en besluit de verloren dochter te spelen en Rebecca's identiteit aan te nemen. Haar plan lijkt succesvol, ze wordt met open armen ontvangen. Toch is het niet allemaal zo rooskleurig, want de dader lijkt zich in Rebeca's omgeving te bevinden en is haar liever kwijt dan rijk. In het verhaal wordt er continu gewisseld tussen het heden en verleden. Rebecca in de dagen voor haar verdwijning en "Rebecca" bij haar thuiskomst. Vele personen passeren de revue in beide periodes. Zeker als "Rebecca" beseft dat de dader weleens een bekende kan zijn, wordt iedereen verdacht beschreven. In het verleden zijn er wel heel veel ogenschijnlijk onnodige details en gebeurtenissen, welke het verhaal vertragen en minder boeiend maken. Spanning laat vergeefs op zich wachten, alleen de laatste 30 bladzijden kunnen enigzins spannend worden genoemd, maar er was veel meer mogelijk geweest. Het plot is uiteindelijk redelijk simpel en voorspelbaar. Als twee druppels water wordt als een psychologische thriller geclassificeerd, maar een psychologische roman zou meer passend zijn. Zowel in het verleden als heden worstelt Rebecca met zichzelf en haar omgeving. Dit blijft echter redelijk vlak en had meer diepgang kunnen hebben. Dan was je als lezer ook meer in het verhaal getrokken en voelde je je meer betrokken bij "Rebecca". Twee sterren voor Als twee druppels water, de verwachting was hoger als de uitvoering.
-1
Het leven is eenvoudig. Je bent gezond of je bent ziek. Je bent je vrouw trouw of je bent het niet. Je leeft of je bent dood. Ik leef. Na Kwade opzet was mijn leeshonger naar de boeken van de Amerikaanse auteur Greg Iles nog niet voldoende gestild. Vandaar dat ik daarna meteen begonnen ben aan Doodsangst, volgens veel recensenten één van zijn beste boeken, zo niet het allerbeste. Seks op internet, daar draait het allemaal rond in deze (medische) thriller. Harper Cole is medebeheerder van Eros, een exclusieve chatbox over seks. Voor fabelachtig veel abonnementsgeld garandeert Eros absolute anonimiteit aan het rijke cliënteel. Harper beseft dat er iets ernstig mis is als zes actieve Eros-klanten van de ene dag op de andere afhaken, terwijl hun abonnement blijft doorlopen. Het zijn allemaal vrouwen en op het moment dat één van hen onthoofd teruggevonden wordt, tipt Harper de politie. Ook de andere vrouwen werden vermoord en vanaf dan begint het kat en muisspel met de gewiekste moordenaar, waarvan het profiel niet past bij de typische seriemoordenaar. Wie is hij en vooral waarom pleegt hij deze weerzinwekkende moorden? Harper wordt zelf verdacht en krijgt naast de politie ook de FBI op zijn dak. Daarnaast zit hij opgezadeld met een familiegeheim, waarbij zijn knappe, succesvolle echtgenote (een arts), zijn dominante schoonvader en zijn bloedmooie schoonzus een belangrijke rol opeisen. Je leest het allemaal in deze turf van bijna 600 pagina’s. Doodsangst is zeker spannend, de plot is geraffineerd, de opbouw uitgebalanceerd en de karakter typeringen subtiel. Toch wil ik twee kleine kanttekeningen plaatsen. Het boek is veel te dik. De uitgeschreven chatsessies worden bij momenten langdradig met teveel van hetzelfde. Het laatste gedeelte is bovendien net als in Kwade opzet wat 'over the top' met een lang uitgesponnen, spectaculaire actiescène op zijn Amerikaans, die ik persoonlijk als saai en voorspelbaar ervaren heb. Niet mijn ding, in elk geval. Een tweede euvel is dat deze thriller dateert van 1997. In die tijd waren er nog geen GSM’s en internet stond in vergelijking met vandaag nog in de kinderschoenen. De technische kant van internettoepassingen is een aspect dat van belang is binnen de plot en daarom ook uitgebreid aan bod komt. Dit maakt dat het verhaal, ondanks de vele kwaliteiten, voor een stuk gedateerd overkomt.
-1
Voor mij was dit een lastig boek. Het duurde lang voor ik er in kwam. Ook maakte het dubbele gevoelens bij me wakker. Is Astrid nu slachtoffer of profiteerde ze ook van de positie van haar broer. Toch vond ik ook dat dit geen invloed op mijn recensie mocht zijn. Het gaat in een boek om hoe het verhaal is geschreven en niet of ik de auteur sympathiek vind of niet. En overigens kan ik daar niet eens antwoord op geven. Vond ik het een goed boek? Nee. Het was voor mij teveel auto-biografisch en liever lees ik een auto-biografisch verhaal verpakt in een prettiger te lezen stijl zoals een roman of een thriller.
-1
Ik lees graag en veel, maar hier kwam ik echt maar met moeite doorheen. Het verhaal op zich is wonderschoon qua opbouw. Maar het is zo omslachtig geschreven met zoveel moeilijke woorden dat het uiteindelijk twee keer zo dik is geworden als uiteindelijk nodig was geweest. Ik las veel lovende recensies, maar mij kon het absoluut niet bekoren. Ik ben blij dat ik het uit heb. Voor het verhaal een tweede ster. Maar daar blijft het bij...
-1
Beoordeel nooit een boek op basis van de cover. Maar toch, de prachtige cover van dit boek maakte dat ik het niet kon laten liggen. Wauw! Helaas werd het verhaal voor mij een DNF (did not finish). Dit boek vertelt het verhaal van een aantal mensen in IJsland. Een ware vertelling, want er is geen dialoog in te vinden. Althans, niet in het eerste hoofdstuk want verder ben ik niet gekomen. Het lukt mij niet om in het verhaal te komen, vermoedelijk ook omdat er geen plot in zit. Maar misschien was dit het verkeerde boek op het verkeerde moment? Gezien de lovende reacties van andere lezers sluit ik niet uit dat ik het in de toekomst nog een keer probeer.
-1
Een origineel gegeven: een hoofdpersoon met moorddadige neigingen die deze inzet om andere seriemoordenaars naar de andere wereld te helpen. Het had een mooi boek kunnen zijn, als de auteur de politie intelligenter had beschreven. De ik-persoon komt in het boek naar aanleiding van verschillende moordscenes tot 'scherpzinnige' conclusies die finaal over het hoofd worden gezien door de politie. Deze zgn. scherpzinnige conclusies zijn van zo'n laag niveau dat de geloofwaardigheid van het boek wordt aangetast. Jammer, het had echt een mooi boek kunnen zijn. Nu wekt het alleen maar irritatie op.
-1
Ik las vette jaren voor de challenge 2017. De eerste helft van het boek intrigeerde me wel. Maar de epiloog die bijna 80 bladzijden beslaat vond ik niet om door te komen. Voor mij was vooral de tweede helft van het boek één grote politieke opéénsomming. Ik was blij dat ik het boek uithad. Het onderliggende idee van de oorzaak dat iedereen in China zo eufoor is en het collectieve geheugeverlies is wel goed bedacht. Ik vond het een moeilijk leesbaar boek.
-1
Na goede reacties van mensen had ik hoge verwachtingen en heb het boek aangevraagd bij de bieb en inmiddels uitgelezen. De kaft is mooi maar past niet echt bij een thriller, en dat klopt dan wel weer met het boek, want ik vond het echt geen thriller. Het duurt tot blz. 400 zo ongeveer voor er spannende stukjes komen. Daarvoor leest het als een roman. Het is duidelijk dat de schrijfster zich goed heeft verdiept in de omgeving waarin het verhaal zich afspeelt, tot in den treuren krijg je beschrijvingen van de omgeving en namen van straten voorgeschoteld. Het leek soms meer een boek met reisverhalen. Ook krijg je heel veel geschiedenis mee van zowel de omgeving als van de bewoners van het Pyreneese bergdorp Mosset. Een beetje te veel naar mijn zin. Wat achtergrondinformatie is prima maar het kan ook het verhaal gaan overheersen en dan haalt het de snelheid uit het verhaal. Ik kon me niet echt verplaatsen in de hoofdpersoon Tess, ze deed voor mij te vaak onbegrijpelijke acties. Ik heb me moeten dwingen het verhaal uit te lezen dus ik zal niet snel iets nieuws van deze auteur oppakken. Jammer, er had veel meer in gezeten want de basis was goed.
-1
Aangesproken door de vergelijking met Karin Slaughter op de achterflap van deze thriller, nam ik het boek mee op vakantie. Ter plekke was ik niet echt gelukkig met mijn keuze. Het boek concentreert zich op een gebeurtenis die zich zo ongeveer 25 jaar geleden voordeed en waarvan de hoofdfiguur probeert ze aan de hand van zijn geheugen en van wat anderen hem vertellen te reconstrueren. Het grootste deel van het boek gebeurt er heel weinig in het heden van de hoofdfiguur, behalve dan een medische klacht (die met een sisser afloopt) en een stalking die niet echt angstaanjagend wordt beschreven. Alleen het laatste deel van het boek Opgejaagd waar heden en verleden elkaar treffen, was wel spannend en zorgde ervoor dat ik dit boek toch nog twee sterren gaf. Een fan van Liz Rigbey ben ik echter niet geworden.
-1
Wat een slecht boek. Volmaakt ongeloofwaardig door de aaneenschakeling van onwaarschijnlijke gebeurtenissen. En dat is voor mij het criterium dat goede en slechte thrillers van elkaar onderscheidt. En de schrijfstijl kan mij ook al niet boeien...
-1
Ava wordt gedwongen om, na de dood van haar vader, te verhuizen naar Luna. Daar woont haar nieuwe voogd namelijk, de geadopteerde zoon van haar schoonouders. Haar schoonouders hebben haar vader onterft, toen haar vader besloot met een niet Elitaire vrouw te trouwen en Ava heeft geen contact met hen gehad. Wanneer ze aankomt op Luna staat haar een verrassing te wachten. Haar nieuwe voogd is niet de saaie, grijze man van middelbare leeftijd, maar een zeer aantrekkelijke, jonge man! Jeetje... waar moet ik beginnen met dit boek? Het leest vlot weg en is lekker kort, dat zijn denk ik de enige pluspunten die ik kan benoemen. Voor de rest hangt het boek van ellende aan elkaar. Een jonge vrouw wordt verliefd op haar voogd, die tevens haar (geadopteerde) oom is, terwijl er een groot klasseverschil is tussen hen. Omdat er behoorlijk wat weerstand zou zijn tegen hun relatie, verzet Nic zich er in eerste instantie tegen. Verder heb je dan nog een aantal dingen, waaronder het feit dat Nic slaapt met een ander, terwijl hij zogenaamd van Ava houdt en dat moet Ava maar goed vinden, want "hij doet het om hun relatie verborgen te houden". Verder is de schrijfstijl heel jeugdig, wat totaal niet past bij de manier waarop de liefdesscenes zijn geschreven. Combineer dat met een ontzettend irritante hoofdpersoon, die pats boem verliefd wordt op een knappe kop en je hebt een boek dat ik alleen maar met rollende ogen en heel veel moeite doorgeworsteld ben.
-1
Neil Dawson heeft een tijdje niets van zijn vader gehoord. Daarom gaat hij bij hem langs, maar treft hem niet thuis aan. Wel vindt Neil een roman: De zwarte bloem. Neil neemt het mee om het te lezen en krijgt meteen het gevoel dat er een reden is dat zijn vader niet aanwezig is. Niet veel later krijgt Neil een telefoontje van rechercheur Hannah Price dat zijn vader dood is aangetroffen. De conclusie van de politie is dat hij zelfmoord heeft gepleegd. Neil wil weten wat daarvan de reden is en gaat op onderzoek uit. Daardoor wordt het voor Neil steeds duidelijker dat zijn vader onmogelijk zelfmoord gepleegd kan hebben. Zwarte bloem heeft een paar verhaallijnen: die van Neil Dawson, die van Hannah Price en in feite ook nog het verhaal uit de roman die Neil gevonden heeft. Deze drie verhaallijnen komen uiteindeljk samen tot ‚‚n geheel waarbij het plot nogal bizar en onwerkelijk is. De verhaallijnen, en dan zeker in het eerste deel van het boek, springen enigszins van de hak op de tak. Daardoor is het lastig het verhaal met aandacht te kunnen volgen. Dat wordt in het tweede deel beter, maar het kwaad is eigenlijk al geschied. Dit alles gaat ten koste van de spanning. Die is wel aanwezig, maar het komt er niet echt uit. Zwarte bloem is daardoor een tegenvallend boek geworden.
-1
Het begon heel saai veel details enzovoort tot ik over de helft kwam toen werd het iets spannender, en wilde ik blijven lezen. Maar helaas liep het einde uit op een grote flop: na een ondervraging die 5 bladzijden duurt, doet peter een (vals)bekentenis en dan word er nog eens 5 bladzijden besteed aan het leven in de gevangenis? Je moet het maar kunnen zoveel bladzijden schrijven die op niks trekken. Het boek zelf kan je zeker in 150 bladzijden verkorten en dan zal het er mss iets beter op worden. Een afrader.
-1
Het boek begint met een ijzersterk proloog. Het proloog maakte mij kwaad, misselijk en enorm nieuwsgierig naar de rest van het boek. Helaas viel de rest van het boek nogal tegen. Er komen regelmatige (voor mij) ongeloofwaardige dingen in voor en het taalgebruik haalt zeer vaak de snelheid uit het boek. Zo is gebruik gemaakt van de ouderwetse zegswijze "u is" i.p.v. "u bent" en elke keer weer kwam het hinderlijk op mij over. Ik had moeite om hier gewoon overheen te lezen net als ik regelmatig wat last had van de Vlaamse taal. Op de één of andere manier maakte het dat wat lastig om in het verhaal in Amerika te blijven. Het uiteindelijke einde heeft mij verrast maar miste uitwerking. Het is helaas niet een boek voor mij gebleken.
-1
Helemaal in de ban van de flaptekst begon ik met grote ver-wachtingen aan deze zwaar overprezen kanjer van de bejubelde auteur van “De schaduw van de wind” De bovenloop van deze roman is nog enigszins genietbaar, maar naar het midden toe wordt het een lappendeken van korte opstelletjes, met een draad van alle tinten rood bijeengesnoerd om uiteindelijk te verzanden in een eindeloos aanslepend apegapen en pagina’s die druipen van nutteloze bloederigheid. Een verhaal, zelfs een epos, kan best wat absurditeiten bevatten maar het moet toch ergens als mogelijk geloofwaardig overkomen. Zafon heeft blijkbaar een periode meegemaakt van gruwelijke nachtmerries die hij met een erg overdreven patos in bloed en ontbinding in de openbaarheid heeft willen brengen. Ik pijnig mij het kalende hoofd om één reden te bedenken op u dit boek aan te bevelen.
-1
Een mooi verhaal over Lorenzo die na zijn gevangenisstraf zijn leven wil beteren. Zijn reclasseringsambtenaar rachel probeert hem te helpen op het rechte pad te blijven. Het lijkt er op dat alles vlekkeloos verloopt totdat een gewelddadige actie van een jongen alles verandert. Lorenzo wil wraak nemen en beland weer op het duistere pad en daarmee brengt hij zijn kans op een beter leven in gevaar. Het is mooi maar voor mij niet logisch geschreven. Het is niet erg spannend. Als het al niet spannend begint gaat het ook niet spannend worden.
-1
Al langere tijd erger ik me aan het feit dat tegenwoordig iedere thriller onmiddelijk literair wordt genoemd. Dit gevoel bereikt het toppunt bij het lezen van de laatste literaire thriller van Simone van der Vlugt. De naam thriller is hier helaas nauwelijks van toepassing, laat staan de toevoeging literair. Het boek is van een bedroevenswaardige kinderachtigheid, een mislukte kruising tussen Dan Brown en de Raiders of the Lost Ark. Waar De reünie beslist nog spanning opriep en tamelijk onverwachte plotwendingen had, zijn bij dit boek de hele plot en het einde zeer en zeer voorspelbaar. De slechteriken zijn erg slecht, ingetrapte deuren worden regelmatig opnieuw ingetrapt, de romantiek is mierzoet, ongeloofwaardig en vol clichés en de erotiek, voor zover daarvan sprake is, tenenkrommend. Het psychologische thema is een kopie van het prachtige boek De tweede dochter van Jodi Picoult. Er is beslist geen Nederlandse Nicci French geboren, zoals ik in een aantal recensies heb gelezen. Laat Van der Vlugt zich houden bij het schrijven van kinderboeken; daar is ze wel goed in!
-1
In "Het meisje met de onderrugtattoo" beschrijft Amy Schumer haar leven. Hoe het was voor haar leven als bekend persoon, maar ook over hoe het nu is. Ze heeft het ook over haar vader die MS heeft of over haar mishandelingen door haar vriend. Als ik heel eerlijk mag zijn, heb ik me door dit boek moeten worstelen. Ik had al zoveel goede dingen over het boek gehoord en gelezen, dat ik het zelf wou lezen. Maar eerlijk is eerlijk, ik vond er niets aan. Amy is zo vol over zichzelf. In het begin kon ik het nog verdragen en ik dacht dat het wel zo verbeteren, maar dat is helemaal verkeerd gedacht. Ze schuwt vulgair en grof taalgebruik absoluut niet en vindt zichzelf dan ook het middelpunt van de wereld. Ze schrijft over haar vader en haar moeder, wat er nog wel mee door. Behalve als ze haar vader weer eens belachelijk portretteerde over zijn ontlasting probleem. Dat je dat één keer schrijft, dat kan er nog mee door. Dat zijn de nadelen van de ziekte. Maar moet je het dan nog een keer in geuren en kleuren beschrijven? Er zijn grenzen aan. Net zoals het feit over haar seksleven. Als we dat één keer weten, dan is het ok maar je moet dat niet blijven vertellen. Zij vindt zichzelf de belangrijkste persoon ter wereld. Mijn conclusie is heel eenvoudig samen te vatten. Ofwel hou je van haar en haar manier van schrijven ofwel hou je er niet van. Ik hou er duidelijk niet van.
-1
Getuigen was mijn eerste kennismaking met Rudy Soetewey. Het boek begint met een incident op de trein, iets wat we als treinreiziger helaas af en toe meemaken. Het gevoel van twijfel, reageren of niet, en hoe, klinkt allemaal heel bekend. Maar dan wordt er van alles bijgehaald, wat het verhaal heel ongeloofwaardig en langdradig maakt. Pas naar het einde toe is er weer een goed stuk. Het taalgebruik is vaak spreek- en denktaal, en van spanning is weinig te merken. Voor mij mocht het boek dik 100 bladzijden minder tellen, dan had het wellicht veel beter geweest.
-1
Adriaan Hoorndrager arriveert op een dag in de Transsylvaanse Alpen (het land van Graaf Vlad, oftewel graaf Dracula) in hotel Alfabet. Hier gebeuren rare en mysterieuze dingen. Hoorndrager ontmoet zeer aparte gasten, heeft rare visioenen en seks en hij gaat op berenjacht. En dit allemaal in een tijdsbestek van een etmaal… pfff! Zeer flitsend allemaal dacht ik, maar door de grote hoeveelheid aan informatie en gebeurtenissen raakte ik het spoor bijster. Het verhaal begint absurd en ongeloofwaardig te worden. Hierdoor miste is het plezier om verder te lezen. Uiteindelijk heb ik het boek geheel gelezen en ik bleef met een hoop vragen zitten. Wat is bijvoorbeeld de boodschap van dit boek? Ik heb het niet helemaal kunnen ontdekken. Misschien is het de vergankelijkheid van het leven? Kortom: Wel een zeer apart, mysterieus, bizar en excentriek verhaal. Maar je moet een liefhebber zijn … Ik geef het boek 2 sterren.
-1
Dit boek van weer een Scandinavische topauteur maakt de verwachtingen niet waar. De hoofdpersoon is vermoeiend en de schrijftaal af en toe te eenvoudig en daardoor vervelend simplistisch. Grootste makke is dat het verhaal niet beklijft en het maar niet spannend wil worden. Toch niet onbelangrijk voor een thriller.
-1
Ik vond het een redelijk boeiend verhaal, doch in het begin had ik wat moeite het weg te lezen. Het is prettig geschreven, je hoeft er niet bij na te denken. Ik ben tevreden met het boek/het verhaal, het voldoet zo goed als aan mijn verwachtingen. je moet er even in komen, daarna word het echt spannender.
-1
Dit boek heb ik via “Hebban “ gekregen voor de winactie Blind date met debuut. Je kreeg een paar steekwoorden, die je een idee over het soort boek zouden moeten geven. Het blijkt het debuut van Mirthe van Doornik te zijn . Moeders van anderen gaat over de zussen Kine en Nico die met hun aan drank verslaafde moeder in een buitenwijk van een stad wonen. Nico en Kine hebben eigen regels om de wereld bij elkaar te houden. Ze willen graag volwassen worden , zodat ze hun eigen leven kunnen gaan leven. Kine pakt haar kansen, maar Nico ziet alles somber in en raakt van alles en iedereen vervreemd. Ze heeft een bovenmatige interesse in wereldrampen.. Maar de grootste ramp die op hen afkomt, ziet ze niet. Je leert de meiden redelijk kennen, omdat ze om beurten een hoofdstuk (periode) vertellen vanuit de ik-vorm. Ik voel een beetje sympathie voor Kine en juist het tegenovergestelde bij Nico. Met geen van beide kan ik me identificeren, waardoor het voor mij gewoon een verhaal is waar ik niks mee heb. De situatie waarin de meiden en hun moeder zitten is voor mij een ver-van- mijn - bed - show. Ik heb me de hele tijd geïrriteerd aan de houding en het gedrag van hun moeder, wat een waardeloze moeder ben je dan in mijn ogen. Het boek leest niet snel maar is wel in een vlotte stijl geschreven. Omdat je steeds van vertelperspectief en jaartal wisselt, zit je niet echt in het verhaal. Het is een roman over een ontwricht gezin met zware thema’s als onderwerp : alcoholverslaving, onmacht, onveiligheid, de hang naar vrijheid en zelfstandigheid. Niet een boek dat ik normaal lees of zou oppakken als ik het in de winkel zag liggen. De cover is simpel , een flat in de primaire kleuren en zwart en wit. Dit vind ik dan wel weer goed gevonden (de moeder en Nico versus Kine, negatief versus positief) . Als je het boek uit hebt, blijf je met vragen zitten. Ik wist van te voren niet wat ik kon verwachten en ben er dus open ingestapt. Het is een ander soort boek dan ik normaal lees en ook een thema wat mij niet echt aanspreekt.
-1
Wat een raar verhaal. Tiffany Dop, bats veur de kop, heeft van de ene op de andere dag besloten dat ze een baby wil. Het boek is wel beeldend geschreven. Je ziet voor je in wat voor milieu ze grootkomt en op welke plekken het verhaal zich afspeelt. Ik vind het geen boek voor de bovenbouw. Eerder voor de eerste twee klassen van de middelbare school. (19e boek voor boekenbingo 2016)
-1
Ik ben normaal een grote Elizabeth George fan, maar dit boek heeft me erg teleurgesteld. Het was heel langdradig, het is een dik boek, maar het verhaal kon in veel minder bladzijden verteld worden, het werd uitgemolken en kon me niet echt boeien. Hopelijk is haar volgend boek opnieuw beter!
-1
Het begint redelijk animerend met de beschrijving van twee zeer verschillende hoofdpersonen. Maar naarmate het boek voortschrijdt, begint het te vervelen dat zaken een beetje worden uitgekauwd. Je zit de wachten op de 'clash' die moet komen, maar wordt hierin teleurgesteld door onrealistische gebeurtenissen en het einde wat afloopt met een sisser. Hierdoor kom je erg moeilijk door het boek heen en moet je hem zo nu en dan even wegleggen.
-1
Bronja Hoffschlag debuteerde in 2013 met ’De Dode Kamer’, deel één van de Project X trilogie. ’De Dode Kamer’ is een dikke pil van 716 pagina’s. In afwachting van deel 2, ’De Skinner Methode’, komt Bronja met de novelle ’Snuff’; een intermezzo dat niets met de trilogie te maken heeft. Goed bedacht, want een dun boekje tussendoor kan nieuwe lezers over de streep trekken. Ik heb ’De Dode Kamer’ niet gelezen, maar wel de kritieken en die zijn zeer lovend. Mijn verwachtingen waren daarom wellicht te hoog gespannen. ’Snuff’ is weliswaar geschreven in een vlotte stijl - korte zinnen, korte hoofdstukken - maar echt sterk vind ik het boekje niet. Het begint overtuigend, met een geloofwaardige recensie uit een Zweedse krant. Je komt zo op een originele manier meer te weten over de hoofdpersoon en het soort boeken dat hij schrijft. De hoofdpersoon, Sixten Jinks is, net als Bronja, bezig met een trilogie. Na een signeersessie wordt hij met een fan ontvoerd en in een ondergrondse ruimte gevangen gehouden. Waarom? Wat gaat er gebeuren? Een situatie die sterk aan ’Saw’ doet denken (en - heel slim van Bronja - daar wordt dan ook door Sixten Jinks zelf aan gedacht). Daarna volgt een serie korte hoofdstukjes die door de tijd flitsen (juli 2013, april 2012, december 2011, et cetera), waarmee een fragmentarisch verhaal verteld wordt. Dat is even wennen, maar heel ingewikkeld is het ook weer niet: Bronja herhaalt de namen van de personen en door de context wordt wel duidelijk hoe ze zich tot elkaar verhouden. Daar zit ook direct het probleem: het boekje is zo dun dat het niet anders kan of (vrijwel) alles wat Bronja opvoert is belangrijk. Dat maakt je als lezer extra waakzaam en dus is al vrij snel duidelijk welke richting het verhaal uitgaat. Dat er in het laatste hoofdstuk nog een ’verrassing’ volgt, kan ’Snuff’ niet redden. Het verhaal rammelt nogal. Dat wordt later ook verklaard, maar niet volledig. Want niet alleen de ontvoerders van Sixten Jinks komen niet overtuigend over, dat doet Bronja zelf ook niet: ’Als hij terug loopt (terugloopt !) naar de muur, waar Elin zit (komma overbodig), ziet hij dat ze het boek opzij heeft gelegd. “Probeer te slapen,” zegt hij.’ Slapen als je in een ondergrondse ruimte zit opgesloten en wordt bedreigd door iemand met een pistool? Aan het eind van het boekje komt Sixten Jinks nota bene zélf met de opmerking dat hij het meisje waarmee hij zat opgesloten niet vertrouwde omdat ze in die situatie gewoon kon slapen! En ook met dat pistool gaat het mis: één van de ontvoerders zet het pistool op het hoofd van Sixten Jinks en haalt de trekker over. Er gebeurt niets. Een kwestie van mazzel, volgens de ontvoerder: “Zes kamers, man, vier kogels.” Bronja bedoelt vast een revolver. Een pistool heeft geen kamers, maar een magazijn… Het was geen overbodige luxe geweest als er eindredactie had plaatsgevonden. Nu staan er vrij veel foutjes in: ’…daalt beheersd de trap af.’ (beheerst) ’Zijn jullie er uit gekomen …’ (er uitgekomen) ’… de man de deur open doet …’ (opendoet) ’… in een kroeg tegen gekomen …’ (tegengekomen) ’Tijd rekken.’ (tijdrekken) ’hij zelf’ (hijzelf) Die foutjes haal je er niet uit met een spellingscontrole. Nog een opvallende zin: ’Er staan weinig meubelen, maar er ligt vloerbedekking en er staan wat goedkope stoelen, een lange tafel, een bankstel en een kast.’ Hoeveel meubels zou je nog nodig hebben om niet meer te spreken van ’weinig’, vraag ik me dan af… En over uitgevers: “Vier wilden het hebben en bij de vijfde ’paste het niet binnen het budget’.” Waarschijnlijk bedoelt Bronja: “binnen het fonds”. En: ’Hij probeert zijn stemming te peilen en hem een beetje te doorgronden.” (een béétje doorgronden?) Sixten Jinks hekelt op pagina 69 het literaire boek. Zijn uitgeefster noemt zijn nieuwe product ’waardeloos’ maar vindt het wel boeiend. Ze hebben het dan over hetzelfde product wat ik (de lezer) op dat moment voorgeschoteld krijgt. Het lijkt alsof Bronja zich excuseert voor het boek, maar ook direct de arrogantie van Jinks overneemt om ermee weg te komen: als het goed verkoopt, wie zeurt er dan nog? Des te merkwaardig is het dat Bronja haar ’Snuff’ wél het predikaat ’literaire thriller’ meegeeft… Het is jammer dat er aan ’Snuff’ niet iets meer zorg is besteed. Nu lijkt het beknopte formaat een doel op zich (waarom staat er zo prominent ’119 pagina’s’ op de cover? Is dat een aanbeveling?). Ik ga niet zover dat ik het boek ’waardeloos’ noem, maar met wat meer uitwerking (en meer pagina’s) was de plot misschien overtuigender. En dan was ’Snuff’ mogelijk wél een aanbeveling voor ’De Dode Kamer’ of voor de volledige Project X trilogie. Nu is het dat niet.
-1
Na The Client, The Pelican Brief en The Firm ben ik Grisham een beetje uit het oog verloren. Maar ik kreeg met The Last Juror dan ook geen rechtbankthriller in handen… The Last Juror is een raamvertelling. Aan de hand van de herinneringen van de eigenaar van de plaatselijke krant wordt een beeld geschetst van het leven en werken van een aantal mensen in een piepklein stadje in Amerika gedurende de jaren zeventig. Danny Padgitt, telg uit een kwalijke familie, verkracht en vermoordt een aardige jonge moeder. Aangezien ze zelf nog net weet te vertellen wie het gedaan heeft, is het oppakken van de dader niet moeilijk. Het proces is echter lastiger, want natuurlijk probeert Danny’s criminele familie alle mogelijke getuigen om te kopen. En soms lukt dat ook nog. Wat het echter voor de mensen in het verhaal, is het feit dat er een zwarte vrouw in de jury zit. Een zwarte vrouw die de bijzondere vriendin is van de eigenaar van de krant. Dit boek is eigenlijk het verhaal van die vrouw, Miss Callie. En daarom is dit boek voor ons nu niet bepaald interessant. Want hoe keurig ook geschreven, het feit dat zwarte mensen in het Amerika van de jaren zeventig nog als tienderangs burgers werden beschouwd, is nog steeds bijzonder vreemd om te lezen voor de gemiddelde Europeaan. De opheffing van de segregatie van de scholen speelt een grote rol in het boek. We hebben in Nederland dan wel een discussie lopen over zwarte en witte scholen, maar we kunnen ons toch absoluut niet voorstellen dat het nog geen 30 jaar geleden is dat het in Amerika verboden was voor zwarte en witte kinderen om naar dezelfde school te gaan? Het boek schetst een tijdsbeeld en het leest vlot weg, want mooie zinnen schrijven kan Grisham wel. Echt spannend wordt het nergens, omdat we van meet af aan al weten wie de ‘goeien’ en wie de ‘slechten’ zijn, bovendien is het boek zoals gezegd een raamvertelling zodat veel in het luchtledige blijft hangen.
-1
Het is een gewaagde keuze voor de setting van een thriller, dat moet je Sally Hinchcliffe meegeven: het wereldje van vogelaars. Het ‘kijken naar vogels’ als serieuze vrijetijdsbesteding heeft toch een wat stoffig, misschien zelfs wel saai imago. Toch is het gegeven van de ‘jaarlijst’, een lijst waarop vogelaars het hele jaar door bijhouden welke vogels ze waar gezien hebben, een sterke insteek. Het aanvullen van de lijst, het zorgen dat jouw lijst interessanter is dan die van je medevogelaars, het noteren van die ene bijzondere vogel, de jacht op de mooiste waarneming: allemaal potentiële ingrediënten voor een spannend verhaal. Maar helaas, goede ingrediënten vormen niet per definitie een geslaagd gerecht. Zo vergaat het ook De jaarlijst, het debuut van Hinchcliffe, dat in Engeland pas komende zomer zal verschijnen. Inderdaad, het inkijkje in de wereld van de vogelaar is aardig, maar die aardigheid is er al snel af, en dan blijf je achter met een thriller waar geen vaart in wil komen. Hoofdpersoon in Manda Brooks. Na een vervelende jeugd, deels doorgebracht in Afrika met haar dronken en gekke moeder en deels op kostscholen in Engeland, heeft ze haar leven nu aardig op de rit. Ze heeft een uitdagende baan in de IT-sector, een leuk huis, weer redelijk contact met haar zus en een lieve vriend, Gareth. Samen met hem en hun vriendenclub gaat Manda regelmatig op pad om vogels te observeren. De gespotte vogels worden nauwgezet genoteerd op lijsten, ingevoerd in databases, vergeleken op websites en natuurlijk uitgebreid besproken in de kroeg. Manda voelt zich op haar plek. Dat wordt ruw verstoord wanneer Gareth haar aan de kant zet voor een andere vrouw. Relatie uit, het huis moet verkocht worden, en tot overmaat van ramp wordt ze uit de vriendenclub gestoten: de vrienden waren vooral Gareths vrienden en willen dat blijven. Alleen met Tom houdt ze contact; hij is tenminste nog aardig tegen haar. Manda probeert zichzelf enigszins bij elkaar te rapen en blijft op zoek gaan naar vogels. Tijdens het spotten komt ze steeds vaker een nieuweling in het vogelaarswereldje tegen: David. David lijkt Manda wel te zien zitten, maar Manda vind hem irritant en probeert hem dit voorzichtig duidelijk te maken. In de loop van het verhaal krijgt Manda het gevoel dat ze gevolgd wordt. Al snel blijft het niet bij een gevoel, maar gebeuren er ook vreemde dingen: er is iemand die haar obsessief in de gaten houdt, en zelfs in haar eigen huis is ze niet veilig. Wie maakt er jacht op haar? Nogmaals, prima ingrediënten voor een goede thriller. Maar om te beginnen is Manda niet overtuigend, niet ‘echt’ genoeg om je als lezer bij de hand te nemen. Ze kreeg haar bijnaam, ‘heggenmus’, omdat ze ‘klein, bruin en onopvallend’ was, en helaas is dat een rake typering van het personage. Ze wil je maar niet raken en overtuigen, en valt je amper op. Daarnaast zit er weinig tempo in het verhaal. Het voelt erg geconstrueerd: we leren Manda kennen aan het eind van het verhaal, en blikken dan met haar terug hoe het zo is gekomen. Daarbinnen zitten dan ook nog eens veel (tamelijk overbodige) flashbacks naar haar jeugd en beschrijvingen van vogels en vogelspottrips. Dat helpt allemaal niet erg om vaart te maken. Omdat je zowel door het tempo als door de hoofdpersoon niet gegrepen wordt, kom je maar moeilijk ‘in’ het verhaal. Ik werd geen moment gepakt, had nergens de drive om het boek weer ter hand te nemen en verder te lezen. En dat is een slechte zaak voor een thriller.
-1
Rick Riordan heeft een vaste formule: je neemt een puber van een jaar of zestien, maakt die de zoon of dochter van een God, laat die wat avonturen beleven op het grensvlak van onze hedendaagse wereld en de klassieke mythologie en vertel het verhaal met de dwarse humorvolle toon van een puber, die toon die bijvoorbeeld ook Tad Williams in zijn Bobby Dollar-boeken toepast, en je hebt een succesvolle Young Adult Fantasy. Na de Griekse en Romeinse Goden uit de reeksen Percy Jackson en de Olympiërs en Helden van Olympus zijn nu de Noordse Goden aan de beurt. Wanneer Magnus Chase zestien wordt, komt hij er achter dat hij de zoon van Freyr is. En daarna sterft hij. Dat is het eerste hoofdstuk. De rest van het boek is Magnus als held in het Walhalla bezig om Ragnarok nog een tijdje uit te stellen. In dit eerste deel, Het verdoemde zwaard, lukt dat hem natuurlijk, want anders krijg je geen serie. Riordan toont zich opnieuw een vaardig schrijver, creatief, met veel gevoel voor humor… En tegelijkertijd laat hij met Het verdoemde zwaard zien dat dat niet voldoende is om een goed boek te schrijven, zoals hij met Helden van Olympus al liet zien dat het niet voldoende is voor een goede reeks. Toen raakte ik bij het tweede boek mijn belangstelling kwijt, bij deze nieuwe reeks gebeurde dat al vóór de helft van het eerste deel. Dat komt omdat ondanks de vaart, de ontwikkelingen die verrassend moeten zijn, het verhaal in wezen rechttoe rechtaan doorraast, waardoor de verrassingen niet echt verrassend meer zijn, de humor oubollig en geforceerd wordt. En dat de personages niet echt diepte krijgen, mogelijk ook een gevolg van de vaart waar Riordan voor kiest, zorgt er voor dat de lezer geen band met de personages krijgt. Misschien is deze Young Adult Fantasy geschikt voor Young niet-al-te-Adult lezers. (Paul van Leeuwenkamp)
-1
Ik heb het boek zeker niet in één klap uitgelezen. Doe dat overigens zelden. Bijvoorbeeld: Mankell en sommige brievenboeken van Reve. Het boek heeft ondanks titel en bijschrift gelukkig niets van doen met de oppervlakkige en overgehypte Da Vinci Code etc. van Dan Brown. De orde beschrijft veeleer uiterst actuele zaken. (Iemand, die echt geïnteresseerd is in de Middeleeuwen leze liever Vergeef ons onze schulden van Sadou.) Nu het boek: het is zonder meer vlot geschreven met een redelijk aardige opbouw. Echter, naarmate je verder leest wordt de lezer (ik in ieder geval) meer en meer geirriteerd door het goedkope, zogenaamd moderne, taalgebruik en de af en toe "bouquetreeks-achtige" beschrijvingen. Voorbeeldje: "De lucht was een ---mozaiek van kleuren waarin blauw-- marktleider was". Hoe verzin je het. De humor ("en of zijn retreiver de koningspoedel van de linkerbuurvrouw dekt") is voor mij ook moeilijk te bevatten. Kortom: taallessen nemen en blijven proberen.
-1
Je duikt als het ware in de ziel van de politie enerzijds én die van de 'dader' anderzijds. Een eye-opener. Een boek dat om inlevingsvermogen voor beide kanten vraagt. Zeer mooi.
-1
De Spaanse architect Antonio Gaudí leefde van 1852 tot 1926. Hij is vooral bekend als ontwerper van de kathedraal waaraan tot op de dag van vandaag gewerkt wordt, de Sagrada Família. Hij overleed tijdens een wandeling, waarbij hij geschept werd door een tram. In De Gaudí sleutel komen de Spaanse auteurs Martín & Carranza met een opmerkelijke kanttekening bij dit ongeval. Gaudí zou vermoord zijn omdat hij over geheime kennis beschikte. In navolging van Dan Brown wierpen Martín en Carranza zich op een historische persoon en laten die een rol spelen in een thriller. Gaudí maakte volgens hen deel uit van de "zeven ridders van Moria" een genootschap dat al drieduizend jaar oud zou zijn en waarvan nooit iemand het bestaan heeft kunnen vermoeden. Behalve Asmodeus. Hij is de leider van de "Fundamentele Garde", een al even oud genootschap dat tot doel heeft de ridders van Moria te bestrijden en hun geheim te ontdekken. Tachtig jaar na de dood van de grote architect vindt een tweede moord plaats waarbij Juan Givell om het leven komt. Hij is de grootvader van Maria, een ridder van Moria en volgens eeuwenoude profetieën is zijn kleindochter de uitverkorene: degene die het geheim in werking zal zetten. Kort voor haar grootvader sterft, overhandigt hij haar een sleutel die haar toegang tot het geheim zal geven. Maar eerst moet ze een zevental raadsels oplossen. In hun boek etaleren de schrijvers grote kennis. Er komt van alles voorbij: Griekse mythologie, de geschiedenis van Spanje, wiskundige raadsels, architectuur en het leven van Gaudí. Ook de tempeliers komen aan bod. Al die informatie doet afbreuk aan het verhaal. Het wil maar niet op gang komen. Er zouden raadsels zijn die Maria moet oplossen. Maar het duurt meer dan honderd pagina's na die bekendmaking voor ze gevonden worden. En dan duurt het nog eens meer dan honderd pagina's voor ze daadwerkelijk begint met het zoeken naar de oplossingen. Hoewel de lezer telkens te horen krijgt dat Maria maar enkele dagen de tijd heeft, neemt ze veel tijd voor andere zaken. Zoals ellenlange discussie over de hierboven genoemde onderwerpen. Ze gaat naar een feestje ter gelegenheid van de opening van een gebouw. In een bizarre poging het spannend te maken, laten de schrijvers Maria om de haverklap beseffen dat ze nog weinig tijd heeft. Dit werkt vooral ergernis op - geen spanning. Het grootste euvel waar dit boek aan lijdt, is de antagonist. Asmodeus en zijn medestanders zijn weliswaar wreed, maar ze lijken af en toe complete sukkels te zijn. Het is zo tegenstrijdig. Het ene moment wil de leider van de Fundamentele Garde Maria haar gang laten gaan tot ze het geheim heeft ontdekt, het andere moment wordt er van alles gedaan om het haar lastig te maken. De ene moord na de andere vindt plaats. Er worden zelfs pogingen gedaan om haar zelf te doden. Dat laatste mislukt keer op keer. Maar als Asmodeus een paar prachtkansen heeft, komt hij niet opdagen... De ridders van Moria vormen een al even belachelijke club. Ze vechten nog met zwaarden en weigeren Maria te helpen de raadsels te ontdekken. Met een flinterdunne intrige, een ongeloofwaardig verhaal en magere karakterschetsen, weet De Gaudí sleutel niet te overtuigen. De schrijvers willen graag hun nationale held voor het voetlicht plaatsen door hem in een fictief verhaal te verwerken. Het resultaat is veel te mager, soms op het stompzinnige af. Sowieso is het thema van de ultrageheime genootschappen inmiddels zo uitgemolken dat er geen eer aan te behalen is. Misschien kunnen Martín & Carranza zich beter wagen aan een degelijke biografie over het leven van Gaudí. Dat zal niet minder spannend zijn, wel interessanter.
-1
Achterop het boek staat: 'Sabine Thiesler is de ongekroonde thrillerkoningin van Duitsland' en 'Bij het lezen giert de adrenaline je door het bloed'. Ik heb dat helemaal niet zo ervaren en kan zo een handvol Duitse auteurs opnoemen die ik veel beter vind. Over het plot is wel nagedacht maar het is niet helemaal goed uitgewerkt. De personages gaan ook helemaal niet leven en ik voelde geen sympathie voor 1 van hen. Diegene die het best was uitgewerkt was de hospita, eigenlijk een bijpersonage. Spannend vond ik het eigenlijk nergens maar ik denk dat dat samenhangt met de eenvoudige manier van schrijven, zonder echte diepgang. In het eerste deel van het boek zijn er ook rechercheurs belast met de onderzoeken naar verschillende moorden en daar lees je het hele boek helemaal niks meer over, dus hoe dat is afgelopen mag je naar raden. In het deel dat zich afspeelt in Italië word ineens een politieman ten tonele gevoerd die eigenlijk meer een karikatuur is, een beetje Johnny English-achtig, met een vervelende schoonmoeder die niks toevoegt aan het verhaal. Dit was mijn eerste kennismaking met deze auteur en gelijk het laatste boek wat ik van haar heb gelezen. Twee sterren omdat ik het wel heb uitgelezen.
-1
Niet echt een boeiend verhaal en al helemaal geen thriller. Spannend is het eigenlijk nergens, het kabbelt maar zo een beetje voort. Vlotte schrijfstijl waardoor het makkelijk wegleest. Jammer, er had meer ingezeten.
-1
Dit boek is zó toegankelijk en summier dat de nuances verloren zijn gegaan. Daardoor is het geen boek dat blijft hangen, maar van je afglijdt als je ermee klaar bent. Het vervelendste eerst Als je Nooit meer te druk van Tony Crabbe hebt gelezen, dan zal de kikkermethode van Brian Tracy je bekend in de orden klinken. Met Tracy’s methode afreken je af met uitstelgedrag. Door de meest veeleisende of vervelende klus als eerste te doen, ben je er sneller vanaf en doe je het ook beter. Dat klinkt logisch. Toch? Maar er zijn veel mensen die nog steeds taken blijven uitstellen en verbaasd zijn als de taak dan niet voldoet aan de eisen. Eat That Frog! laat zien hoe je die spreekwoordelijke kikker op kunt eten, oftewel hoe je moet beginnen met de taken waar je het minst zin in hebt. In deze klassieker over productiviteit legt Brian Tracy uit dat succesvolle mensen niet alles proberen te doen, maar focussen op de belangrijkste taken en zorgen dat die goed gedaan worden. Dit boekje bestaat uit 21 tactieken om nog productiever te worden. Deze uitgave van Eat that Frog! is volledig herzien en aangevuld met de nieuwste praktische tips. Zo glad als een kikker In de ondertitel van de Nederlandse vertaling wordt gesproken over dé methode, terwijl het er in dit boek om draait dat er binnen die ene methode 21 manieren zijn om meer gedaan te krijgen. Dat is misleidend, omdat het er helemaal niet om gaat wat die methode is. Die uitleg wordt niet gegeven en dat is ook niet het doel geweest, blijkt uit de inleiding. Het boek is geschreven voor mensen die niet lezen: het is toegankelijk en kort. Tracy begint in zijn voorwoord met een Amerikaanse manier van zichzelf aanprijzen. Vanuit die beeldvorming van hem als autoriteit moet de gehaaste en snel verveelde lezer, zijn doelgroep, dan maar aannemen dat alles klopt. Dit komt wat naïef en zelfs arrogant over. Eat That Frog! is zó toegankelijk en summier dat de nuances verloren zijn gegaan. Hij geeft zelf al aan niet de theoretische onderbouwing te geven. Daar is het boek niet voor bedoeld. Maar hij presnteert meningen als waarheid en beseft niet dat mensen verschillen. Een opgeruimd bureau, bijvoorbeeld, kan de ene persoon stimuleren om te werken (want gezellig en een hoop inspiratie) en een ander afgeleiden. Hij pleit voor een leeg bureau, wat overkomt alsof dit boek enkel geschreven is voor administratief medewerkers die bezig zijn met uitvoeren en vooral níét met creëren, want in de chaos vind je de creativiteit. Terwijl Tracy aan de ene kant zijn ietwat vage doelgroep van niet-denkenden overhaast generaliseert, geeft hij wél een breed aanbod aan tactieken voor een verschillende groep mensen. Dat klinkt wat gek, maar is eigenlijk positief: er is voor (bijna) iedereen wel een tactiek te vinden die werkt. Ik heb dus ernstig mijn twijfels bij de vorm, maar besef ook dat ik de doelgroep niet ben. Dit is geschreven voor mensen die niet lezen en duidelijk weinig kennis van psychologie hebben. In die zin is het een prettig en praktisch instapboek óf een fijne verfrissing van al aanwezige kennis voor de gevorderde lezer, als het ware een trigger van kennis die je elders hebt opgedaan. Deze recensie verscheen eerder op www.alexhoogendoorn.nl en was onderdeel van de blogtour van de leesclub 'Wijsheid zonder grenzen'. Hiervoor heb ik een gratis recensie-exemplaar ontvangen van de uitgeverij.
-1
Wat een tegenvaller. Het is denk ik zo een 15 jaar geleden dat ik een boek van Grisham las en het gaat denk ik weer lang duren voor ik er weer eens 1 pak. Totaal niet spannend, heel langdradig en heel veel advokatendetails. Eindeloos geleuter over hoe de dagen gevuld zijn van jonge advokaten in een grote firma en over technische snufjes over het beveiligen van allerlei data. SAAI met hoofdletters. De hoofdpersoon kwam nog wel over als een sympathiek persoon maar ergens halverwege kon het me niet eens meer schelen wat er met hem zou gebeuren. Vanwege het feit dat Grisham heel veel verstand van zaken heeft 2 sterren maar voor het verhaal slechts 1.
-1
Het boek geschreven door Christoph Ribbat werd aangekondigd als een verhalende non-fictie. Helaas heeft het boek niet aan die verwachting voldaan. Het boek neem je tot je in 4 gangen, zoals een 4-gangenmenu maar er zit weinig samenhang in, behalve door de keuze van de gangen. De hygiëne wordt onder de loep genomen, de geschiedenis en ontwikkeling van het restaurant en bekeken vanuit de ontwikkeling van de samenleving, de rangen en standen in het restaurant, maar het blijven losse feitjes, weetjes. Op zich prima en leuk om te weten hoe een restaurant zich ontwikkelde van herberg in de middeleeuwen voor de lagere sociale klasse via eten voor de elite tot nu voor iedereen. Het onderzoek van Frances Donovan, die in het kader van de studie sociale wetenschappen, onderzoek deed door undercover te werken als serveerster hebben bijgedragen aan nog meer leuke weetjes. Ik vind non-fictie boeken heerlijk, ze stillen mijn honger naar leuke weetjes, maar ik houd meer van verhalende non-fictie. Dit boek voldeed volstrekt niet aan mijn verwachtingen en ik had moeite het boek uit te lezen.
-1
Dit boek is echt verschrikkelijk!! De eerste kennismaking is snel. Je leert de hoofdpersoon Nina Portland snel kennen en al gauw zit ze in een spannende achtervolging. Maar dan komt een langdradig stuk waarbij het afhaken van het boek echt niet zo gek is. De spanning van het begin is er snel van af...En op het einde is er nog even een piekje spanning en dan is het uit... Slap verhaal met veel langdradige stukken.
-1
Ik vond het boek persoonlijk niet fijn lezen, het had een documentaire feel. Dit hoeft natuurlijk geen probleem te zijn maar voor mij was dit hem gewoon niet. Uiteindelijk heb ik het boek wel uitgelezen, omdat de personages wel boeiend genoeg waren.
-1
Wat moet je doen om als schrijver een staat van gelukkig schrijven te bereiken? Kees ’t Hart probeert het uit te zoeken in Het gelukkige schrijven. In verschillende essays en beschouwingen gaat hij op zoek naar het gelukkige schrijven in de literaire wereld. Maar wat is dat gelukkige schrijven waar hij naar op zoek is dan precies? Helemaal duidelijk wordt dat niet, laat staan dat ’t Hart er een eenduidige definitie van geeft. Het dichtst in de buurt komt: ‘Schrijven dus dat in ieder geval onschuld zo lang mogelijk in stand probeert te houden.’ Of: ‘Geef mij de illusies van je boek, de dromen, de wensen, […] het verlangen.’ De essays in Het gelukkige schrijven zijn kort, persoonlijk en behandelen allemaal een andere casus uit de literatuur. Publiek In de analyses, beschouwingen en essays komen veel onderwerpen en casussen aan bod, maar ’t Hart werkt niet al zijn bevindingen en ontdekkingen diep genoeg uit. Dit maakt nieuwsgierig naar meer, maar dan ben je bij dit boek niet aan het juiste adres. Om al zijn verwijzingen te kunnen volgen is daarbovenop nog een redelijke kennis aan filosofische begrippen (Derrida, Lacan, Foucault, Freud, Heidegger etc.), literairwetenschappelijke termen, kennis over literaire stromingen en de Nederlandse literatuurgeschiedenis nodig, anders wordt het lezen wel heel ingewikkeld. En dat terwijl het gelukkige lezen volgens ’t Hart juist uit vergeten bestaat: ‘Dat is dus het gelukkige lezen, niet om iets van te leren maar om te vergeten.’ Persoonlijk Leuk is dat de auteur zijn essays persoonlijke anekdotes en ervaringen meegeeft. Hierdoor krijgen we ook een inkijkje in de leefwereld van ’t Hart. Tegen het einde slaat dit in sommige stukken echter wat door, de bundel lijkt daar bijna een autobiografie te worden. Dit is interessant voor de lezer die iets wil weten over ’t Hart, maar aan het geheel van de verzameling voegt het weinig toe. Sterker nog: de essays zijn los van elkaar interessant, maar de verhouding tot elkaar is soms ver te zoeken. Al met al zitten er interessante stukken tussen en zal ’t Hart er misschien een gelukkigere schrijver van zijn geworden, maar van het lezen word je minder gelukkig. [Deze recensie verscheen eerder (2015) op CLEEFT]
-1
Dit is het meest overschatte boek dat ik de afgelopen jaren heb gelezen. Ik snap werkelijk al die lovende recensies niet, Toegeven, het boek begint sterk met de lugubere vondst van het kinderlijkje en de introductie van Munch en Mia. Daarna vervalt het in ongeloofwaardigheden en clichés. Je hoopt dan nog op een ijzerstrek plot, maar dat is er helaas ook niet, waardoor grote delen van het verhaal niet relevant blijken. - Spoiler verwijderd door de Hebban redactie -
-1
Het boek wil helpen het taboe op seksverslaving te doorbreken, staat in het laatste hoofdstuk. Daar wordt dan wel mee bedoeld dat het voor een partner makkelijker wordt om over het probleem van de ander te praten. De verslaving zelf wordt wel genoemd als ziekte en gelukkig wordt ook het Minnesota model genoemd met het levenslange onderhoud wat een verslaafde moet doen om niet terug te vallen, maar elders wordt gesproken van een ‘walgelijke aandoening’ en de verslaving wordt bestempeld als slecht en vies. Niet echt bevorderlijk voor het doorbreken van het taboe op seksverslaving. Ik snap de boosheid en de slachtofferrol van een partner van een verslaafde. Toch blijft de hoofdpersoon daar naar mijn mening wel erg lang inhangen en gaat de overgang van passieve zielepiet naar krachtige vrouw die het leven in eigen hand neemt mij te snel. Het gebeuren in de verslavingskliniek lijkt een ideaalbeeld. Welke kliniek mag je als naaste van een verslaafde dag en nacht bellen? De systeemgesprekken en schadebrieven zijn dan weer wel realistisch. Als je naaste bent van iemand met een seksverslaafde en je zit nog volop in de boosheid, dan kan dit boek wel steun bieden, denk ik. In andere gevallen zou ik het laten liggen.
-1
Sommige schrijvers denken dat het gebruik van krachttermen het verhaal helpt. In dit boek lees je weinig anders. Het verveelt snel. Geen aanrader dus.
-1
Sarah Lotz is gefascineerd hoe snel angst en paranoïde kunnen verspreiden na een heftig voorval. Hoe snel raken mensen in paniek als een cruiseschip stil komt te liggen? De auteur pakte haar koffers, vertrok uit Zuid-Afrika en deed een cruise over de Golf van Mexico om research te doen. Het resultaat is deel twee in de ‘De drie’-serie: De vierde dag. De vijfdaagse cruise aan boord van de Beautiful Dreamer moet een mooie reis worden, als op de vierde dag plotseling de motoren uitvallen. Niemand maakt zich er bijzonder druk over, want het probleem is vast snel opgelost. Vervolgens is er ook geen elektriciteit meer en niemand kan bellen om hulp. De passagiers beginnen zich zorgen te maken: de wc's werken niet meer en wat als het voedsel opraakt? Als ook nog eens het norovirus uitbreekt en er een dode vrouw ontdekt wordt, begint de ernst van de situatie pas echt goed door te dringen. De verschillende hoofdpersonen in De vierde dag doen echter hun best om hun hoofd boven water te houden. Zo heb je blogger Xavier, die van de extra tijd gebruikmaakt om meer onderzoek te doen naar de frauderende paragnost Celine del Ray. Maddie, de assistente van Celine, begint ondertussen te twijfelen of ze wel voor haar wil blijven werken. Wie een klassieke thriller verwacht, komt bedrogen uit. Hoewel al heel vroeg in het boek duidelijk wordt dat er een moord is gepleegd, is die dood ondergeschikt aan het verhaal. Wat is het boek dan wel? Een mengeling tussen een horror en subtiele thriller is wellicht de beste omschrijving. Maar is het boek eng? Niet echt. Lotz neemt de tijd om haar verhaal te vertellen. Ze bouwt de spanning voornamelijk op door de verandering in het gedrag van Celine del Ray en de ‘spookverschijningen’ die gezien worden door de bemanning. Door de rustige opbouw steunt het boek erg op de personages. Helaas is het lastig om je echt met ze te identificeren. Veel van de passagiers en bemanning zijn niet interessant of sympathiek genoeg om er een band mee op te bouwen. Dat het vertelperspectief tussen ongeveer zes personen wisselt, helpt daar ook niet bij. Lotz weet er daarentegen wel voor te zorgen dat je steeds meer vragen stelt. Daardoor ben je lang na het sluiten van het boek aan het nadenken over de inhoud. Denk je dat je weet hoe alles in elkaar zit? Dan schudt Lotz het weer even op, zodat je weer terug bij af bent. De vierde dag is niet geschikt voor lezers die een ‘whodunit’ willen lezen, maar des te meer voor degenen die van mysterie houden. Want dat is wat het boek is: één en al mysterie.
-1
Ik ben halverwege het boek gestopt met lezen... Ik vond het langdradig en niet spannend... jammer want haar boek hiervoor vond ik wel heel spannend...
-1
Het boek begint super traag en komt eigenlijk pas op het einde op gang. Er zijn heel veel plottwisten die eigenlijk geen plottwisten zijn omdat je ze van mijlenver ziet aankomen. Er zit weinig karakter ontwikkeling in en dat is jammer want daar had het boek echt beter van geworden. Ethische kwesties is het enige waarvan ik kan zeggen dat dit goed is uitgewerkt in dit boek. Je vraagt je af wat jij zou doen en hoe je dit zou doen. De enige andere vraag waar ik mee te maken kreeg was welke stoel of tafel ik weer recht kon maken door dit boek onder de poten te schuiven. Ik ben zelden zo hard voor een boek maar in dit geval, sorry Olivia !! Karakter building viel tegen Wereld building was er voor mij helemaal niet, er worden woorden gebruikt die nauwelijks of niet passen bij het voorwerp wat het werkelijk is, wat het lezen vreselijk bemoeilijkt. Het past goed bij het ya syfy genre, puur omdat het een beetje dertien in een dozijn is. Hierdoor en door de hierboven genoemde punten werd het zo moeilijk om het boek na een dag hard werken weer op te pakken. Ik heb mij er door heen moeten worstelen en het heeft mij teleurgesteld achter gelaten. Enige voordeel is: ik heb weer zin in een goed boek dus heb heel veel zin om door te gaan naar een volgend boek.
-1
De kindmoeder (Nederlandstalige druk) kwam uit net nadat Ruth Rendell was gestorven. Dan is de verleiding groot een virtueel standbeeld op te trekken voor iemand die moeiteloos haar voet kon zetten naast Agatha Christie. Je kunt immers niet genoeg respect tonen voor leven en werk van Ruth Rendell. Als persoon torste ze in Engeland een standvastige reputatie. Ze was parlementair afgevaardigde in The House of Lords, spande zich in voor een verbeterde sociale wetgeving voor kwetsbare vrouwen, maar wierp haar gewicht ook in de weegschaal toen het ging over de onafhankelijkheid van Schotland. Journaliste van vorming, startte ze vanaf 1964 haar serie rond Chief Inspector Reginald Wexford, een Inspector Morse avant la lettre. Daar kunnen we kort over zijn: het is op het eerste gezicht niet duidelijk wat het langst is: haar bibliografie of haar palmares. Literair mat ze zich overigens verschillende gedaantes aan. Enkele van haar stand-alones zijn juweeltjes van compacte maatschappelijke kritiek, verpakt in een intense, groeiende spanning met hier en daar een streepje humor. Zo typisch Brits, en toch herkenbaar, het gaat immers om doen en denken van gewone mensen. De derde categorie boeken schreef ze onder het pseudoniem Barbara Vale. Deze titels, waaronder De kindmoeder, diepen de sociale recherche van de stand-alones nog uit, brachten het drama binnen de kern van een gezin. Wat we in Vlaanderen honderd jaar geleden het naturalisme noemden, met als literair icoon Cyriel Buysse. Met De kindmoeder heb je 2 boeken voor 1. Het kernboek (het grote middendeel) gaat over ongewenste zwangerschap, in conflict met homoseksualiteit, geplaatst in het conservatieve Engeland van 1929. We kunnen wat dat betreft maar beter onze mond houden, want onze contreien moest je in die tijd zeker niet leren hoe je conservatief moest leven. Maud is vijftien en wordt van huis gewezen, nadat ze zwanger blijkt. Haar broer John neemt het voor haar op en trekt haar achterna, naar Devon, het Engelse platteland. Hij vindt een baan als leraar in een plaatselijke school. Maar ook hij heeft zijn innerlijke strijd: hij heeft homoseksuele gevoelens voor zijn vriend Bertie. Voor Maud wil hij in de nieuwe omgeving doorgaan als haar man, zodat ze zich beiden sociaal kunnen indekken. Tot Bertie en John een allesbepalend conflict krijgen. Deze intrige is de samenvatting van het boek dat Grace, een docente, die haar proefschrift afwerkt, in het tweede, meer moderne deel aan het lezen is. Het moderne deel speelt zich af in het Londen van 2011. Ook daar wonen een homoseksuele broer en zijn zus Grace harmonieus samen, totdat Andrew zijn vriend James, laat inwonen. Je mag van Rendell/Vale wel verwachten dat de nodige parallellen worden getrokken tussen de twee delen. De familierelaties zijn zo goed als identiek. Homoseksuele partners met een zwangere vrouw als relatiewig. De auteur wil aantonen dat het maatschappelijk draagvlak er niet op verbeterd is, dat enggeestigheid van alle tijden is. De kindmoeder is veel te melodramatisch, te traag en saai. Het is niet onaannemelijk dat vele lezers nochtans van zo’n intrige zullen smullen. De geheimen en schandes van 1929 zijn we echter ontgroeid, ze doen ons niets meer. Homoseksualiteit is vandaag geen issue, of het zou moeten zijn in het kader van een historisch overzicht, als non-fictie onderwerp. Als motor voor een diep gedocumenteerd sociaal drama binnen de dramatiek van een gezin, heeft het zijn tijd gehad. Dezelfde redenering gaat op voor ongewenste zwangerschappen. Onze maatschappij heeft er oplossingen voor gevonden, misschien niet altijd correct toegepast, maar de verwerking van deze problematieken zijn – sorry – niet meer van deze tijd. Het totale gebrek aan spanning, waar het Rendell overigens niet om te doen was, maakt dat dit een non-thriller is, eerder een saaie, literaire roman. Verkeerd boek, verkeerde tijd, verkeerd onderwerp. Mogen we nog een postuum meesterwerk verwachten, Ruth, of was dit je laatste ademtocht?
-1
De in Nashville, Tennessee geboren Lee Clay Johnson wordt gezien als een groot talent. Hij groeide op in een blue-grass-muzikantengezin, speelt basgitaar en schrijft zijn eigen liedjes. Schrijven doet hij ook voor diverse literaire tijdschriften, wat hem zodanig beviel dat hij besloot een roman te publiceren. Nitro Mountain is zijn debuut, waarin muziek uiteraard een belangrijke component is. In het eerste deel van Nitro Mountain volgen we de sporen van Leon, een bassist met een weinig betekenisvolle carrière. Hij is een nietsnut, heeft geen baan en slijt zijn dagen met zoveel mogelijk nietsdoen. Wanneer hij wordt gedumpt door zijn grote liefde Jennifer, houdt hij stilaan hoop op een tweede kans. In een poging haar beslissing om te praten, raakt hij betrokken bij een auto-ongeluk. Het gevolg is een gebroken arm en een nachtje brommen in de cel. Hij trekt weer bij zijn ouders in; een hardwerkende moeder en een bedlegerige vader, en zet het op een zuipen. In het tweede deel maken we kennis met Arnett Atkins, een psychopathische crimineel die hardhandig zijn nieuwe vriendin onderhoudt: Jennifer. Hij woont in een verlaten hotel op de bergmijn Nitro Mountain, gelegen ten noorden van de mijnwerkersstad Bordon. Daar doet hij zich tegoed aan alles wat God verboden heeft; gevaarlijke wapens, eigengestookte drank, methamfetamine en het terroriseren van de stadbewoners. Voormalig agent Turner is vastbesloten zich te bewijzen door Arnett op te pakken. In het laatste deel leren we Jennifer beter kennen. Zij probeert dan een nieuw leven op te bouwen en ontwijkt daarbij zoveel mogelijk haar verleden. Het is moeilijk sympathie te voelen voor haar, want het is een slinkse dame die houdt van foute mannen, maar vervolgens schijnheilig de boel tegen elkaar opzet. Het valt dan ook niet te begrijpen waarom alle mannen haar zo adoreren. “Ik maakte me zorgen dat mijn leven afgelopen was, en daarna dat dat niet zo zou zijn.” Deze zin is tekenend voor de personen die een rol spelen in het verhaal. Het is treurnis troef in Nitro Mountain. Drank (vaak eigengestookte), drugs, onvriendelijke seks en brute afranselingen; het zijn de veelvuldig aanwezige ingrediënten die het verhaal niet vrolijk maken. Voor de personages zijn het echter de bestandsdelen die ze nodig hebben. ‘Muziek kan je leven redden’ staat er op de achterkant van het boek, maar hoewel er genoeg muziek wordt gespeeld en er daar ook genoeg inspiratiebronnen voor zijn; levens redden doet het niet. Het is een uitlaatklep voor de personages, voor wie tegenslag en teleurstelling tot de orde van de dag horen, maar voor de lezers is er geen vrolijke noot mee te beleven. Het is droevig, depressief en kil. Het verhaal springt van de hak op de tak, zonder duidelijke plotlijn, waardoor een lichtpuntje in dit donkere verhaal lastig te ontdekken is. Al gloort er eventjes hoop, halverwege het boek, maar die wordt door een plotse, grove wending al snel weer de kiem in gesmoord. Deze kenteringen zijn niet zozeer te wijten aan de schrijfstijl van Johnson, die filmisch en origineel is, maar heeft meer te maken met de instabiele personages, die onder invloed vreemde keuzes maken en zich puur laten leiden door hun markante ingevingen. Nitro Mountain wordt aangeduid als ‘Appalachian noir’, waartoe duistere, troosteloze verhalen behoren met vaak aan lagerwal geraakte personages in een verwarde hoofdrol. Schrijvers als David Vann, Ron Rash en Cormac McCarthy kunnen daartoe gerekend worden. Hoewel Lee Clay Johnson een realistisch beeld schetst van het leven in een mijnbouwstad, waar het nu eenmaal niet zo pais en vree is, weet hij zijn verhaal niet overtuigend over te brengen. Het talent is er zeker, maar de ruwe diamant die hij is, moet zeker nog geslepen worden. Zwaarmoedig, grimmig, grauw en inktzwart, dat is wat Nitro Mountain is.
-1
Dit boek is een hele duidelijke voortzetting van de eerste succesroman van Zafon, De Schaduw van de Wind. Wederom spelen het Kerkhof van Vergeten Boeken en Barcelona een belangrijke rol. Hoofdpersoon David Martin is zelfs een vriend van Sempere, de opa van Daniel. Dat was allemaal niet erg geweest als ook het plot te veel overeenkomsten vertoont. Aanjager van dit plot is namelijk wederom een boek dat uit het Kerkhof wordt opgediept, waarna de hoofdpersoon wederom opnieuw wordt meegesleept in de intrige die speelde rond de schrijver van dit boek. En ook nu lopen er weer talloze parallellen tussen deze schrijver en onze hoofdpersoon. Tja, zelfs dat was misschien ook nog niet zo erg geweest, als de plot ook een zelfde dwingende urgentie had gehad als de voornoemde voorganger. Daarvan is echter geen sprake, het verhaal kabbelt eigenlijk maar een beetje voort, soms tegen het loszanderige aan. Conclusie: ik was niet erg enthousiast. Bij vlagen was 'Het spel van de engel' best aardig, maar zelfs Zafon’s bij vlagen nog steeds prachtige bloemrijke manier van vertellen, kon dit boek niet meer helemaal redden.
-1
Ksaveri Ignatz is een kersvers spion van de jezuïetenorde, die zijn uiterste best doet om zijn geestelijke achtergrond te verbergen. In afwachting van zijn eerste opdracht woont hij in Wenen, de hoofdstad van wat er op het einde 1913 nog overblijft van het grote Habsburgse Rijk van weleer. Eindelijk kan hij in actie komen: de Kerk wil weten waarom hun huidige infiltrant in het Habsburgse hof onbetrouwbaar geworden is, maar veel meer informatie krijgt hij niet.. Vol enthousiasme begin hij aan zijn zoektocht, die hem door zowel de hoge kringen als de achterbuurten van Wenen brengen,maar telkens als hij op punt staat een ontdekking te doen, gebeurt er iets onverwachts, waardoor hij zijn deadline in sneltreinvaart dichter ziet komen, zonder dat hij echt vorderingen maakt. Dit debuut werd in 2004 direct beloond met de Hercule Poirot-prijs: het beste Vlaamse misdaadboek van dat jaar. Dat schept verwachtingen, maar ik kan niet zeggen dat ik onder de indruk ben. Ik vond het een raar boek. Toen ik het dichtsloeg, vroeg ik mij af wat nu net eigenlijk gelezen had. Na het een beetje te laten bezinken, ben ik er nog niet uit. En ik ben niet alleen, want het leek de hele tijd dat het hoofdpersonage als een kip zonder kop door Wenen loopt, zonder goed te weten waar hij zijn aanknopingspunten moet gaan zoeken. Ook het einde roept nogal wat vraagtekens op, vind ik, want op zo’n belangrijk moment in de geschiedenis – het begin van de Eerste Wereldoorlog is maar 6 maand later - kan ik de reactie van de kerk op Ksaveri’s bevindingen niet echt begrijpen. Ook de setting: Wenen in het begin van de 20° eeuw, die absoluut origineel gekozen werd, wordt niet ten volle uitgebaat. Wat dat betreft kan ze nog wat leren van Jacqueline Winspears De witte veer, waar het Londen van net na WO I, bijna als een hoofdpersoon gebruikt wordt. Volgende keer beter.
-1
Een stap te ver van Tina Seskis is een middelmatige psychologische roman met een mysterieus element maar zeker géén thriller. Wat is dat toch met die citaten op een cover? En als ze van internationale bronnen komen, is het meestal nog moeilijker om ze in te schatten.De korte inhoud op de achterkant spreekt wel aan, maar dan moet de uitwerking wel volgen. Het boek gaat over Emily Coleman, een ex-advocate die een nieuw leven begint en haar oude leven tevergeefs van zich probeert af te schudden. Welk geheim draagt ze met zich mee? Wat heeft haar zo ver over de rand geduwd dat ze in een nieuw huis woont, een nieuwe job zoekt, nieuwe vrienden krijgt? Daar draait het allemaal om in dit boek. Spannend wordt het boek nooit echt. Als je nieuwsgierig bent aangelegd, blijf je waarschijnlijk wel lezen om het leven van Emily/Cat beter te leren kennen en haar geheim te ontrafelen. Het boek bestaat uit drie delen, met daarin voortdurend tijdssprongen en perspectiefwisselingen. Op zich kan dit mij best boeien, maar dan moet het wel goed gebeuren. Te vaak gebeurt dit in dit boek te snel en te chaotisch. Je leert de personages nooit echt goed kennen en heel wat thema's worden aangekaart maar niet verdiept. Hoewel de niet-evolutie van een personage op zich niet echt stoort en dit ook waarachtig kan overkomen in bepaalde situaties, moet je ze toch echt wat beter leren kennen om je in hen te kunnen inleven. Hier blijf je echter op je honger zitten. De schrijfstijl is ook niet echt je dat. Formuleringen lopen dikwijls mank, vooral in deel 1, waardoor het lezen niet altijd goed vlot. Deel 1 is bij wijlen ook gewoon saai trouwens. Dat verbetert wel in de volgende delen, waarbij in deel 3 naar het einde toe de gebeurtenissen elkaar plots snel opvolgen. De emoties komen los en je krijgt eindelijk de oplossing van het verhaal in zicht. De schrijfster laat van in het begin te weinig suggesties los om de spanning mee op te bouwen en sommige gebeurtenissen komen echt als een donderslag bij heldere hemel. Dat komt de geloofwaardigheid ook niet echt ten goede. Nu lijkt dit misschien allemaal vrij negatief, maar toch is het verhaal best veelbelovend, en kan het ook naar het einde toe redelijk wat emoties losweken. Mits wat meer uitwerking had dit boek in feite tot een vrij mooie psychologische roman kunnen uitgroeien.Het is echter een randgeval tussen 2 en 3 sterren geworden, met een korter einddeel dat 3 sterren maar een langer deel dat slechts 2 sterren waard is. Seskis kan beter nog een stapje verder gaan volgende keer.
-1
De aanleiding om dit boek te gaan lezen was de bekendmaking van de nominaties voor de Gouden Strop 2002. Eén van de boeken die een nominatie ontvingen was dus dit boek. De flaptekst klinkt veelbelovend: "Na een feestje betrapt een jong, welgesteld echtpaar een inbreker op heterdaad...". Klinkt goed. Spannend. Het is een boek met slechts drie karakters: de inbreker, en de twee echtgenoten. De inbreker krijgt de overhand en wil de andere twee het zwijgen opleggen omdat ze hem anders zullen verraden. Stomtoevallig kennen ze hem en hebben hem ook herkend... Vanaf de ontmaskering vindt er in de woonkamer van het huis een onverkwikkelijk drama plaats dat op mij tamelijk onsmakelijk overkomt. Noem het gerust zinloos geweld waarbij alle drie volledig het hoofd verliezen. De afloop laat zich 'aanvoelen'. Inbraak is weliswaar een thriller maar, om het op z'n Engels te zeggen, I'm not too thrilled about it...". Oftewel, ik ben er niet weg van. Dat is jammer want het idee van een inbreker die betrapt wordt, klinkt goed. Het is ook vanaf het begin tot het eind één razernij tussen de drie zonder rustmomenten die de razernijen zouden accentueren. Volgens mij zijn er afgelopen jaar boeken verschenen die het meer verdienen een Gouden Strop nominatie te krijgen.
-1
Wat vreemd dat iedereen zo weg is van dit boek. Eerlijk is eerlijk, ik ben pas halverwege, maar tot nu toe vind ik het boek een tegenvaller. Zo diepgaand als Harry Hole en zijn entourage uitgewerkt zijn, de personages in De Zoon gaan zo diep als een borrelglas. Ook de relaties zijn te ver gezocht. Bijvoorbeeld de vriend van Martha die dan aggressief is en dan ineens weer poeslief. Het effect dat 'Stig' instant heeft op iedereen is ook nogal vergezocht. Hij wordt afgeschilderd als Jezus, Robin Hood en John McClane tegelijkertijd. Er zitten véél te veel personages in het verhaal en er worden teveel zijstappen gemaakt. Het lijkt wel alsof het boek geschreven is voor een tv-serie (de filmrechten zijn al verkocht) van 13 afleveringen of zo. En wat is dat met dat 'of beter gezegd' om de haverklap. De Zoon is niet Nebo-onwaardig, maar het had veel beter gekund en dat gevoel had ik ook bij Headhunters.
-1
In de buurt van Las Vegas wordt de van huis weggelopen Molly ontvoerd. Even later rijdt een koppel toeristen er verloren in de woestijn, iets wat ze slechts ternauwernood overleven. Tijdens hun verblijf in de woestijn worden ze geconfronteerd met verschillende personages, die hen vooral iets leren hoe ze vandaag in het leven staan. Het verhaal gaat dan ook vooral dieper tussen de verhoudingen tussen verschillende mensen. Het is eerder een psychologisch boek dan een klassieke thriller. Het is dus iets minder mijn stijl, alhoewel ik ervan genoten heb en het boek toch nog ontspannend vond.
-1
Vlot geschreven boek, lekker van deze tijd. Maar wel te veel losse eindjes naar mijn smaak, dat kan echt beter. Hierdoor bleef ik met een onvoldaan gevoel achter toen het boek uit was.
-1
Een spionagethriller? Nee, absoluut niet! De term thriller is totaal niet van toepassing want spanning is in het hele boek erg ver te zoeken. Spionage dan? Nee, hoewel er in het verhaal op een bepaald moment wel sprake is van spionage is dat te kort en te oppervlakkig om het een spionageverhaal te mogen noemen. Wat is het dan wel? Aangezien de schrijver meer dan de helft van het boek nodig heeft om de levensloop van de hoofdpersoon te vertellen denk ik dat de term biografie hier beter op zijn plaats is. Hoewel er dus wel een periode van het leven van de hoofdpersoon sprake is van spionage worden de gebeurtenissen in die periode slechts zeer oppervlakkig vernoemd en lees je voornamelijk over de gewoontes, gedachten en emoties van de hoofdpersoon. Wat ook enorm teleursteld is, is het slot. Dat maakt op mij de indruk dat de schrijver er geen zin meer in had en er ineens maar een snel einde aan maakt. Slechts één ster. Meer verdient dit boek gewoon niet als het moet doorgaan voor een spionagethriller. Als men het zou aanprijzen als biografie zou het misschien meer sterren verdienen. Overslaan dus als je op zoek bent naar een spannend boek, of een spionagethriller. Dan raad ik een boek van Ludlum aan voor de spanning. Of anders De machtsfabriek van Littel. De machtsfabriek is wat minder spannend maar wel een topper voor de liefhebber van echte spionage.
-1
Helaas, ook ik werd hier niet laaiend enthousiast over. Het ergste vind ik wel, dat ik het boek al aan mensen kado heb gegeven voordat ik het zelf gelezen had Wat moeten die met dit boek in hun vakantiekoffer?
-1
Aardig verhaaltje maar ook niet meer dan dat. Spannend vind ik het nergens en het 'gezeur' van Nora en haar huis (en huwelijk) heb ik nou wel gehad. Het voegt voor mij niks toe, dat vond ik ook al in het eerste boek. Plot zit goed in elkaar, dat dan weer wel en het heeft lekkere korte hoofdstukken waardoor het vlot leest.
-1
Ik heb dit boek gelezen omdat iedereen zo ontzettend weg is van Loes den Hollander. Ik kende haar hiervoor nog niet. Ik moet zeggen dat ik na dit eerste boek ook nog niet echt een grote fan van Loes den Hollander ben geworden. Maar ik gaf haar nog een kans en heb ook Zwanenzang gelezen. Zie mijn reactie op dat boek.
-1
Hallo, ik heb beide delen gelezen en ik vind wederom dat er veel te veel opsommingen in staan. Het is duidelijk dat de schrijvers erg veel speur- en uitpluiswerk hebben verricht en dat graag willen delen. Het is ook best leuk om te weten welke vogeltjes er waren en wat de mensen zoal op een bruiloft aten. Maar het haalt zowel de vaart als de spanning uit het boek. Ik kan het met de beste wil van de wereld geen thriller noemen! Een historische roman, daar hou ik het bij. Het is op sommige momenten stug doorlezen en dat is jamemr van het vele werk dat de schrijvers erin gestopt hebben. Ze hebben ten slotte opzienbarende informatie boven tafel gehaald.
-1
Mist de vaart en humor die ik leuk vind aan chicklits. Hierdoor wordt het boek een beetje saai en leest het traag. Terwijl je al heel snel doorhebt hoe het af gaat lopen.
-1
Dit verhaal heeft me totaal niet geraakt of geboeid. Het verhaal blijkt voorgelezen door Marga Minco zelf en zij is niet bepaald aangenaam om naar te luisteren mede door haar droge mondgeluiden en de wijze waarop ze het verhaal vertelt. Maar goed, het verhaal is uit, door naar het volgende boek.
-1
Na een moeilijk jaar kruipt hoofdcommissaris Louise Bonì langzaam uit haar dal. Hoewel ze al een tijd gestopt is met drinken, achtervolgt haar alcoholverslaving haar bij alles wat ze doet. Als ze net weer aan de slag is gegaan met werken, gaat in het vreedzame stadje Kirchzarten een schuur in vlammen op. Door de explosie komt een brandweerman om het leven en wordt er een wapenopslagplaats ontdekt onder het schuurtje. Het is gedaan met de rust en Louise start samen met een groot team van de lokale en federale recherche een zoektocht naar de brandstichters. Al snel blijkt dat het niet zo eenvoudig is en dat er grote belangen op het spel staan. Vreemde manieren van terrorismebestrijding, bedrog, moord en verraad maken het Louise en haar team niet makkelijk. Moordzomer is de opvolger van Moord in de schaduw van Zen en is daar ook onlosmakelijk mee verbonden. Dat maakt het voor de lezer niet makkelijk. Zonder het eerste deel gelezen te hebben, zijn er teveel vragen die onbeantwoord blijven. Louise refereert vaak aan de gebeurtenissen voor haar schorsing en nergens wordt kort aangestipt wat daar nu precies is gebeurd. Louise’s gedachtesprongen, demonen en afwegingen worden deel van de lezer door de gedetailleerde beschrijvingen van Bottini. De vele personages, rollen en wendingen maken het verhaal erg dynamisch en boeiend, maar vergen ook inspanning van de lezer. Die wordt af en toe dol van alle verschillende locaties en personen met uiteenlopende bijnamen. Hierdoor is Moordzomer, door de uitgeverij bestempeld als spannende thriller, vaak juist niet meer spannend. De Belgische uitgeverij Manteau neemt een risico door dit boek in Nederland uit te brengen. In de Nederlandse vertaling zijn namelijk overduidelijk Vlaamse invloeden blijven hangen, met typisch Vlaamse woorden. Over het algemeen is het verhaal goed leesbaar, maar de schrijfstijl is niet altijd prettig. Bottini kan dan nog zo krachtig, sfeervol en helder schrijven, maar de, voor de Nederlandse lezer, soms vreemde zinsbouw of woordkeuze doet hier afbreuk aan. Moordzomer mag wel worden geprezen om zijn originaliteit, want het is zeker geen standaard politieromannetje, maar echt uitblinken of zichzelf evenaren doet Bottini niet.
-1
Linda van Rijn schrijft in mijn optiek lekker leesbare seizoensthrillers. Villa Toscane neigt met haar uitgebreide landschaps-, en cultuurbeschrijvingen echter veel meer naar een reclamefolder voor Toscaans Agritourismo, dan dat het als "literaire" thriller over de toonbank zou mogen gaan.Hiervoor is er in dit verhaal werkelijk een gebrek aan fantasie en spanning. "Volgende keer hopelijk orgineler en spannender."
-1
Politierechercheurs Bennie Griessel en Vaughn Cupido zijn werkzaam bij de afdeling Ernstige Delicten in Kaapstad. Er is een Amerikaanse naakte dode vrouw gevonden op een muur en haar lichaam is schoongemaakt met bleek. De vrouw blijkt al 96 uur dood te zijn. Griessel en Cupido moeten de zaak zien op te lossen. Al snel komen ze erachter dat ze onderzoek moeten doen in de kunstwereld. In Nederland is een man op de vlucht, omdat hij denkt dat hij wordt achtervolgd. Dit is een geschenkenboekje geweest bij de Spannende Boeken Weken 2017. Aan de schrijfstijl van Deon Meyer moest ik wel erg wennen, het is erg verwarrend. Het verhaal ging van de hak op de tak en ik had moeite om het te volgen. De kern van het verhaal was wel spannend en het plot vond ik toch onverwacht. Zeker omdat het in minder dan 100 pagina’s is geschreven. Er zijn meerdere hoofdtukken gewijd aan de man die in Nederland op de vlucht is, maar op het einde heb ik geen idee wat die man met het verhaal te maken heeft gehad.
-1
Summer is een voorbeeldige talentvolle meid die in Grace woont een stadje in Alabama Op een dag verdwijnt ze en is hier mee het zevende meisje dat niet thuiskomt. Is ze weggelopen of is er, net als wat haar zusje Raine denkt neer aan de hand? Mijn beoordeling: 1 ster! Waarom? Geen spanning, veel te veel personages, je weet niet meet wie wie is, wie bij wie hoort, welke rol ze in het leven van Summer spelen, heel onoverzichtelijk en het einde is helaas te voorspelbaar. Met moeite en stukjes skippen toch het einde gehaald. Niet mijn boek helaas.
-1
Op zich een goed verhaal, maar wel langdradig. Op het eind gaat het verhaal je pakken.
-1
Van biljetten van € 1000,- heb ik nooit gehoord... Hoe kunnen er dan 200 van in een koffertje zitten. Daarna heb ik het verhaal niet meer serieus kunnen nemen. Lezen van dit boek is inderdaad een kwelling. En bovendien komen nogal vaak dezelfde zinswendingen terug. Of overtreed ik nu een ongeschreven wet? Ik denk dat de schrijver zich nog wel kan ontwikkelen. Er zit potentie in het verhaal. Blijven oefenen denk ik... en dan worstel ik me nog door die laatste 100 pagina's.
-1
Het Duitse antwoord op Nicci French? Vergeet het maar, want het Engelse schrijversechtpaar schrijft verantwoorde psychologische thrillers. In De rozenmoorden wordt toeval op toeval gestapeld, wat het verhaal zeer ongeloofwaardig maakt. Verschillende karakters worden karikaturen, zodat het totale plaatje uiteindelijk wat lachwekkend wordt. Eén pluspuntje, waardoor het boek toch nog 2 sterren van mij krijgt, is het feit dat het vlot geschreven is. Je hebt het boek zo uit.
-1
Tja, wat zal ik er van zeggen? Het was allemaal een beetje onwaarschijnlijk, maar dat gevoel heb ik bij zulk soort boeken altijd.
-1
Bij dit boek ‘Smoske, de neushoorn die er geen zin in had’, moest ik erg denken aan het boek ‘Pontus’ van Job Bremer ter Steege. Beide zijn het immers debuten van jonge Nederlandse schrijvers en beide zijn het ook… helaas… geen grote aanstormende talenten. Niet dat ‘Smoske’ niet soms geregeld heel aardig is, daarvoor is het basisgegeven (een neushoorn die op drift raakt in Europa) te geestig, maar de uitwerking laat niet altijd te wensen over. De gekozen raamvertelling-vorm is leuk, maar de dubbelingen in de vertelling en al die dossierberichten van de ANWB-alarmcentrale, hadden toch echt niet gehoeven. Het einde is dan wel weer aardig, als zowel de voetballers Zinedine Zidane en Marco Materazzi een rolletje krijgen in het geheel en Kamphuis met een heel goed gevonden alternatieve verklaring komt voor het fameuze kopstoot-incident van de WK-finale van 2006. En ook de gastrol van Peter R. de Vries is leuk uitgewerkt. Dit alles maakt dit boek toch best vermakelijk.
-1
Het dodelijkste spel geschreven door Tom Clancy en Steve Pieczenik. Het eerste deel van de Netforce explorers Plot De start is wat moeilijk om in te komen maar gaandeweg betert dit wel. Het verhaal speelt zich af in de toekomst maar zeer fantasy doe het wel niet echt aanvoelen. Alles is beschreven alsof het normaal is voor iedereen en als lezer ga je daar zeker in mee. Alles word goed omschreven qua omgeving en handelingen. Karakters De personages zijn qua karakter niet echt overdreven uitgewerkt. Moeilijk in te schatten hoe ze zich verder zouden gedragen in het verhaal. Slot Het einde is dan weer verrassend goed uitgewerkt en zet een klein kiertje open voor het volgende boek. Je voelt dat er een vervolg zal komen maar merkt ook dat het verhaal niet volledig afgesloten word. Conclusie Een boek die echt aandacht vergt bij het lezen om het verhaal goed te kunnen volgen.
-1
Op de achterzijde van het boek is te lezen dat Jens Lapidus de nieuwe Stieg Larsson zou zijn. Dat nodigt natuurlijk uit tot lezen. Maar ademloos of slaaplatend was Bloedlink niet. De verhaallijnen slepen zich voort. Ze worden eindeloos uitgetrokken. Ik kan me ook voorstellen dat nogal wat lezers moeite hebben met het (soort) Bargoens dat veelvuldig voorkomt. Dit resulteert in lezen in stukken en brokken. Op den duur is de interesse zelfs helemaal opgebruikt. Het kan je anders gezegd geen sikkepit meer schelen hoe het afloopt en dat lees je dan maar diagonaal. Dat was bij Stieg Larsson wel even anders. Jens Lapidus komt mijns inziens (nog) niet in die buurt. Not even close.
-1
Rhoda, een een Zuid-Afrikaanse vrouw met een verminkt gezicht, neemt een kind (oppaskind van haar vriendin) mee naar het winkelcentrum De Plaza. In de boekhandel daar raakt ze hem kwijt. Samen met Daniel, de medewerker van een boekwinkel, gaat ze op zoek naar hem en komt dan in de krochten van het winkelcentrum terecht. De informatie die gegeven wordt over het boek is zeer sympathiek en het lijkt er op dat ik een zeer spannende thriller zou lezen met horrorachtige elementen. Jammer genoeg gebeurde dit niet, het boek dat beurtelings vanuit Rhoda, danwel Daniel wordt geschreven is een aaneenschakeling van grof taalgebruik, en de spanning wordt steeds teniet gedaan. En is helaas mijn verwachting van huiveringwekkende gebeurtenissen niet uitgekomen. Ondanks dat ik moeite had om dit boek te lezen, omdat het mij weinig boeide, heb ik dat wel gedaan, mede omdat het erg gemakkelijk leest. Ik benaderde het boek op een gegeven moment met humor en dat zorgde ervoor dat het wel interessant werd. Knap vind ik wel dat deze schrijvers namen van hedendaagse zaken zoals bekende personen en tv programma’s gebruiken, en omzetten in een zeer toepasselijke vreemde realiteit. Dat is zwarte humor en dat vond ik leuk. Maar een thriller vond ik het niet. Ik ben wel een leeservaring rijker door weer eens een ander boek te lezen dan een thriller en dan wel een boek dat zeer vervreemdend was.
-1
Stel je eens voor dat je, net als in een computer spel, meerdere levens zou hebben. Dat je na je sterven met één druk op de knop weer aan een nieuw leven zou kunnen beginnen. Kate Atkinson laat haar hoofdpersoon Ursula in het boek Leven na leven, meerdere keren reïncarneren. Als een soort Mario leeft Ursula net zo lang door, tot zij alle levels (alle levensjaren) heeft doorlopen. Hoewel Ursula niet van plan lijkt ooit naar de hemel te gaan, wordt het boek in Engeland en Amerika juist de hemel in geprezen. Na enkele recensies gelezen te hebben op internet was mijn belangstelling gewekt. Leven na leven leek mij een heel bijzonder boek. Ik was daarom ook blij verrast toen ik het manuscript won bij een prijsvraag. Het kostte mij echter bijna een maand van mijn leven -en ik leef maar één keer- voordat ik de 525 bladzijden doorgeworsteld had. Ik kwam er maar niet doorheen. Meerdere keren heb ik het boek weggelegd om het vervolgens, na een paar dagen, toch maar weer op te pakken. Want ik bleef toch nieuwsgierig naar het volgende leven van Ursula. In een koude nacht op 11 februari 1910 wordt Ursula Todd geboren. De baby wordt gewurgd door haar eigen navelstreng. Door het slechte weer komt hulp te laat en overlijdt ze. Wanneer Ursula opnieuw geboren wordt, wordt er op tijd ingegrepen en begint zij aan een nieuw leven. Een leven dat nog zo’n keer of tien eindigen zal. Zo sterft zij onder andere aan de griep, valt uit een raam, verdrinkt in zee en wordt gedood bij een bombardement. De dood lijkt overal op de loer te liggen. Ursula groeit telkens op in hetzelfde gezin, maar toont wel steeds verschillende karaktereigenschappen. Ook woont zij in meerdere plaatsen en landen. Zo beleeft Ursula de tweede wereldoorlog zowel aan Duitse als aan Engelse zijde. Wat een heel interessante kijk geeft op die tijd. In Engeland werkt zij als vrijwilligster voor het leger, terwijl ze zich in Duitsland in de kennissenkring van Hitler begeeft! Aan het begin van het boek pleegt de jonge Ursula een moordaanslag op Hitler. Als dit in werkelijkheid gebeurt zou zijn, dan had niet alleen Ursula maar duizenden andere mensen de kans gekregen hun leven opnieuw te beginnen. https://www.youtube.com/watch?v=tUyBH834su8 Hoewel Leven na leven niet helemaal mijn smaak is, moet ik toegeven dat het wel een goed boek is. Het verhaal zit knap in elkaar, het is origineel en Atkinson hanteert een bijzondere schrijfstijl. Het verhaal zette mij aan het denken. Wat zou ik zelf doen als ik de kans kreeg mijn leven opnieuw te doen. Zou ik andere wegen kiezen? Tijdens het lezen had ik, net als Ursula, zo af en toe last van een déjà vu. Had ik dit niet al eens gelezen? Nadat Ursula zo’n keer of wat overleden was, werd ik het een beetje zat om steeds maar weer opnieuw over haar geboorte te lezen. Ik wilde niet meer terug naar het begin, maar gewoon verder lezen.
-1
'Een wonderschoon debuut en een aanwinst voor het genre,' zo omschreef de Crimezone-recensent van dienst De 500, het debuut van Matthew Quirk. Zo'n positieve ontvangst van een eerste boek, maakt de verwachtingen voor een tweede van dezelfde auteur hooggespannen. Helaas maakt Quirk die verwachting niet waar in zijn tweede thriller met Mike Ford in de hoofdrol. In Vuistregel is de hoofdpersoon uit Quirks debuut net weer een beetje bijgekomen van alle verwikkelingen. Hij heeft nu een eigen bedrijf als lobbyist en staat op het punt te gaan trouwen. Zijn grootste probleem lijkt zijn aanstaande schoonfamilie: de vrouwelijke familieleden sleuren hem van oefendinertje naar luxe servieswinkel in een doorlopende huwelijksvoorbereidingssessie, terwijl zijn schoonvader Mike het liefst zou zien verdwijnen om nooit meer terug te komen. Mike vindt het allemaal wel prima, maar, als hij heel eerlijk is, vindt hij het ook een klein beetje saai allemaal. Dus wanneer zijn broer Jack een beroep doet op Mikes hulp en gevoel voor avontuur, is de lobbyist snel overtuigd: hij stoft zijn vaardigheden uit zijn jongere en criminelere jaren af om zijn broertje uit de problemen te helpen. Al snel wordt duidelijk dat Jack zich behoorlijk in de nesten heeft gewerkt, en dat hij zich ingelaten heeft met serieuze 'bad guys'. Deze lui eisen dat de broers een van de best bewaakte geheimen uit het bankwezen stelen, en voordat Mike het in de gaten heeft, kan hij geen kant meer op. Hij zal al zijn vaardigheden uit de kast moeten halen en flink wat oude connecties moeten aanspreken om zonder kleerscheuren uit deze situatie te komen. Dat is precies waar het verhaal ontspoort: steeds als er iets onmogelijks opduikt, zoals bijvoorbeeld het kraken van een speciaal soort slot, kan Mike dat toevallig, of heeft hij een mannetje dat toevallig net dat type slot heeft liggen om op te oefenen, of weet hij toevallig net een andere benadering. Na een paar keer zo'n gemakkelijke oplossing die min of meer uit de lucht komt vallen, raak je als lezer al wat geïrriteerd. Voeg daaraan toe dat Quirk wel heel graag wil laten zien dat hij zijn research heeft gedaan, door gerust een pagina lang uit te leggen hoe zo'n slot precies werkt en hoe het gekraakt kan worden, en de irritiatie loopt verder op. Wat het verhaal nog een beetje redt, is het tempo dat iets over de helft stevig opgeschroefd wordt. Hoewel soms nog onderbroken door een iets te langdradige beschrijving van een technische handigheid of de werking van de financiële wereld, wordt het tweede deel een wat vlottere actiethriller vol piepende banden, rennende beveiligingsmensen en slimme ontsnappingen. Dat maakt dat je nog best vlot doorleest tot de ontknoping, die voor Mike veel dichter bij huis komt dan hij had kunnen vermoeden. Uiteindelijk blijft na die ontknoping echter vooral een onvoldaan gevoel over. Het lijkt wel of Quirk haast had om zijn tweede boek af te leveren, waardoor de verhaallijn vaak kort door de bocht is, de details te veel afleiden en het totaal je weinig grijpt. Voeg daaraan toe dat de vertaling soms ook wat slordig is (sinds wanneer kun je iemand bij dammen schaakmat zetten?), en het gevoel van gehaastheid wordt alleen maar bevestigd. Dat is jammer, want gebaseerd op de ontvangst van zijn eersteling, leek Quirk meer in zich te hebben.
-1
Thomas, Marie en David. President, journaliste, onderhandelaar. Wat deze drie mensen gemeen hebben, is dat ze op dezelfde dag een absurd mailtje van een onbekende afzender hebben gekregen. Of ze de volgende vraag kunnen beantwoorden: Hoe kan de EU het verloren vertrouwen van de kiezers terugwinnen? Bij geen respons zal de EU recht in het hart getroffen worden. En hoe... Dat het verhaal zich in Brussel afspeelt, is duidelijk. De Belgische sferen in deze stad zijn duidelijk te voelen, aangezien zich hier het Binnenhof of Kremlin van de Europese Unie bevindt. Ook dansen de Vlaamse op het papier, want zo hebben de personages het niet telkens over hun beroep, werk of hun baan, maar over hun ‘job’. Storend is deze taal zeker niet, want als oer-Hollandse is het goed te begrijpen. Bovendien zijn het maar enkele stukjes waarin zo’n woordje voorkomt, wat het interessant maakt om te lezen. ‘Het Brussel-syndroom’ is de meest toffe boektitel van 2017. Mysterie, ministerie en manipulatie lijken centraal te staan. Aan ministerie en manipulatie geen gebrek, maar het begrip mysterie mocht nog verder aangedikt worden. Spanning is er namelijk weinig. Er is weinig variatie in tempo en er worden constant lange zinnen gebruikt. Hierdoor gaat de snelheid in het lezen weg, waardoor je het gevoel krijgt door een blok beton te moeten bijten om de bladzijdes door te komen. De ontknoping, die volgens verwachtingen spectaculair zou zijn, is grijs en wattig. Dit had concreter gemogen, want nu kun je het eigenlijk geen ontknoping noemen. Je vliegt door de nutteloze delen 2 en 3 van het boek heen, maar de vonken spatten er niet vanaf. Echter: de ontknoping is wel realistisch. Er komt, zowel letterlijk als figuurlijk, geen bloed uit, maar als het een waargebeurd verhaal zou zijn, zou dit waarschijnlijk ook niet gebeuren. Als het echt is, zou het ook met een grote, fake glimlach opgelost worden. Gelukkig helpt het feit dat er korte hoofdstukken zijn enorm in het vergroten van de motivatie om door te lezen. Daarbij het verschil in perspectieven, waardoor je na een paar bladzijdes weer met een frisse blik in een nieuwe situatie belandt. Vooral voor de vrouwelijke personages zoals Marie en Zoë krijgt de vrouwelijke lezer empathie, maar bij de mannen is het lastig ze te leren kennen. Daarnaast is het onwijs moeilijk de namen uit elkaar te houden, want pas na driekwart deel van het boek begin je het door te krijgen. Zoals hierboven al genoemd is er niets te klagen aan de titel van het boek. Het is echter goed speuren voor je de titel kunt verklaren, maar als je het gevonden hebt, kun je zeggen dat het gaat over het verdwenen vertrouwen van de burgers. Helaas is er geen hoofdstuk waarin er verteld wordt vanuit het perspectief van de burgerij. Zo wordt er dus aangenomen dat de inwoners van België of de Europese Unie geen mespuntje vertrouwen meer hebben, maar als lezer kun je dit niet onderzoeken.
-1
Al veel gehoord over deze auteur, zeker de laatste tijd [Oorlog en Terpentijn] en daarom in de bieb op zoek naar hem. Dit boek [uit 2004] vond ik teleurstellend. Heeft veel weg van de boeken van Dan Brown. De schrijfstijl is prima; ik ga zeker meer van hem lezen maar deze krijgt 2 duimpjes.
-1
Paul Kruzen is de hoofdpersoon in deze roman. Hij woont samen met zijn oude vader aan de Duitse grens. Zijn moeder heeft hun laten zitten en is er met een Rus vandoor gegaan .Diezlfde Rus was gevlucht uit de Sovjet-unie doordat hij met een sproeivliegtuigje de de muur is overgevlogen en gecrasht is in een weiland. De moeder van Paul heeft zich over hem ontfermt en opgenomen in hun huis voor verzorging en daar ging het mis. De wereld is intussen veranderd voor de dorpsbewoners en Russen Polen, Chinezen en Roemenen bevolken hun dorp Wieringa schetst hier een dorpsgemeenschap met zwakke lieden en gangsters. Ik heb al enige romans gelezen van hem maar bij deze was ik ontgoocheld, daarom de twee sterren.Het verhaal begint goed maar vanaf over de helft had ik moeite om verder te lezen en het eind had helemaal geen eind vond ik zelf. Jammer.
-1
"Biedt spanning, grillige karakters en is rauwer dan het eerdere werk van Nicci French. Aanbevolen.” is zoals vele andere reacties op het boek, een waar ik het niet mee eens ben. Het boek dat me beloofde een thriller te zijn stelde me spijtig genoeg teleur. “Dinsdag is voorbij” is het tweede boek uit de reeks over Frieda Klein geschreven door Nicci French. Frieda Klein is een psychotherapeute in Londen die wordt ingeschakeld door agent Karlsson om hem te assisteren bij een ingewikkeld moordonderzoek. In een vervallen huis wordt een lijk gevonden. De eigenares van het huis, Michelle Doyce heeft ernstige psychische problemen. Er duikt dus meteen een probleem op voor Karlsson. De enige getuige, Michelle Doyce, praat in raadsels en is erg verward. Een nadeel voor mij was dat ik het eerste boek uit de reeks niet had gelezen dus dat een uitgebreide beschrijving van het hoofdpersonage, dokter Klein, bij mij ontbrak. Doorheen het boek heb ik haar leren kennen als een onzekere, eenzame vrouw met rationele problemen. Ze stelt zich niet open voor de buitenwereld en zo komt ze onverschillig over. Ook werd geprobeerd de ‘losse eindjes’ van het vorige boek aan elkaar te knopen. Zo kwam er dus opeens een onbekende verhaallijn binnen waardoor ik vaak verward was en moeilijkheden had met het verhaal te volgen. Ook de vele personages vormden een moeilijkheid voor mij. Niet alleen moest ik de personages van dit boek leren kennen, ook moest ik proberen te ondervinden wat de personages uit het vorige boek voor Frieda hadden betekend. Er waren heel veel personages die stuk voor stuk tot in de kleinste details werden beschreven. Daardoor werd het boek, naar mijn mening, een beetje te langdradig. Er gebeurde ontzettend veel in dit boek, er kwamen telkens meer en meer personages bij die allemaal een link hebben met het slachtoffer maar die het moordonderzoek niets verder helpen. Ik heb het boek gelezen voor een opdracht en zou meteen gestopt zijn met lezen wanneer dit niet verplicht was. Ik had enorm veel moeite mezelf te motiveren het boek verder te lezen. Mijn verwachtingen over het boek werden niet ingelost. Ik had al vele reacties vol lof over dit boek gelezen en gehoord, maar ik kan me er niet in vinden. Ik ben geen lezer van aard maar ik hou wel van spanning en ik had me voorgenomen om met een ‘open mind’ aan dit boek te beginnen. Het boek telt iets meer als 400 pagina’s en ik heb op geen enkele pagina een spannende passage gevonden. Enkel het einde was een beetje enerverend maar zeggen dat mijn haren er van recht kwamen te staan zou overdreven zijn. Iets wat ik wel zeer fijn vond aan het boek waren de mooie beschrijvingen van Londen. Misschien minder indrukwekkend wanneer je nog nooit in Londen was geweest maar French liet me meteen terugkeren naar de sfeer van Londen en de schoonheid van de stad. Een boek dat veelbelovend leek stelde me teleur door gebrek aan spanning, overvloed aan personages en gebeurtenissen, te lange beschrijvingen en een moeilijk doordringbaar hoofdpersonage. Hopelijk vind ik in de toekomst een boek dat me kan overtuigen te blijven lezen en er het genot van te vinden. Dit boek slaagde er alvast niet in. ----------------------------------------------------------------------------------------------------------------
-1
Ooit weleens terug in de tijd willen gaan om datgene recht te zetten waar je zoveel spijt van hebt? De oudere vrouw Ludwina, die in coma ligt, krijgt hier de kans voor. Ze reist mentaal af naar Vietnam tijdens de oorlog, waar haar geliefde Vince naartoe moest omdat ze er destijds niet alles aan had gedaan om hem in Nederland te houden. Ongewild sleurt ze het jonge meisje Hasse mee in haar verleden, dat zelf al genoeg problemen heeft. Toch raakt zij in het bittere liefdesleven van Ludwina verzeild, en plotseling staan beide levens op het spel. De achterflap van Op liefde en dood roept behoorlijk wat vragen op. Terugreizen in de tijd? Iemand terughalen uit een oorlog die allang afgelopen is? Een meisje dat verstrikt raakt in het verleden van iemand anders? Ja, het maakt je nieuwsgierig, maar ergens gaan de alarmbellen al rinkelen: dit wordt geen gemakkelijk boek. En dat blijkt het ook absoluut niet te zijn. Een verhaal over een verloren liefde tijdens de Vietnamoorlog? Dat kan een prachtig boek opleveren. Helaas heeft de auteur ervoor gekozen om het één groot zweverig geheel te maken. Ergens in het midden van het boek raak je als lezer de draad kwijt. Iedere nacht opnieuw het verleden van een vreemde vrouw beleven is nogal apart. Vooral als je als toeschouwer ook nog eens in dat verleden kan springen, zodat de rest van de wereld je kwijt is. Wat? Tijdreizen is lastig te beschrijven, en als je daar de mist in gaat – wat hier het geval is – dan ben je de lezer al heel snel kwijt. Als je de lezer al niet kwijtraakt door het verhaal, dan gebeurt het wel door de schrijfstijl. De zinnen zijn ellenlang en de gebruikte vergelijkingen zijn ietwat vergezocht. ‘In haar ogen, die de kleur hadden van een herfstbos, schudde november aan de bomen.’ Misschien leuk voor in een poëzieboekje, maar absoluut niet geschikt voor een young adult-roman. Over young adult gesproken, wat doet dit boek in deze categorie? Hoewel er beweerd wordt dat de meeste personages pas rond de 17 zijn, komen ze over alsof ze al bijna achter de geraniums zullen zitten. En die zweverige zinnen in combinatie met dat ingewikkelde verhaal maken het er niet beter op. Geschikt voor jongeren van 14 jaar? Dacht het niet. Zelfs iemand van 21 heeft er moeite mee. Om nog eens een duit in het zakje te doen, is er ook iets misgegaan bij de personages. Ten eerste worden ze niet goed geïntroduceerd. Ze zijn er plotseling en je moet zelf maar raden welke rol ze in het verhaal spelen. Totdat, ergens zo’n dertig bladzijden verder, beschreven wordt wat ze er in godsnaam doen. Fijn. Ten tweede vindt de schrijver het belangrijk om ieder personage van een aantal karaktertrekken te voorzien. Het is alsof Oprah in de zaal staat: ‘Jij krijgt een karaktertrek, en jij krijgt een karaktertrek, iedereen krijgt een karaktertrek!’ Aan het eind van het boek weet je zelfs dat de caissière in de supermarkt haar haren graag föhnt. Nee, geen grapje. Een boek dat absoluut niet thuishoort op de plank van young adult. Op geen enkele plank, eigenlijk.
-1
Toen ik De Sok op het Boekenfestijn zag liggen was ik meteen verkocht. De grappige foto op de voorkant en de hilarische synopsis op de achterflap lieten het boek in mijn mandje belandden. Een boek over een man die zijn sok verliest - dat leek me wel wat! Helaas moet ik na afloop eerlijk toegeven dat het verhaal toch een beetje tegenviel.. De eerste 20/30 pagina's is het super grappig om te lezen over de verloren sok - en de vergezochte theorieën die ons hoofdpersonage hierbij verzint. Maar op een gegeven moment is de kous af (haha) en weet het verhaal niet langer te boeien. Bovendien kreeg het verhaal naast de grapjes ineens ook een heel serieuze kant; iets wat totaal niet strookte met mijn verwachtingen van het verhaal en waar ik maar weinig gevoel bij kreeg. Ik snap dat de schrijver het verhaal wat diepgang wilde geven, maar bij mij zorgde het enkel voor een lichte aversie jegens de verschillende personages en het complete verhaal. Persoonlijk denk ik dat De Sok beter tot zijn recht zou komen in een kortverhaal. Voor 171 pagina's mistte ik toch net een beetje actie..
-1
Het boek De lachende politieman van sjöwall & wahlöö is zeer goed.. Het stoort mij dat soms de de verledentijdsvorm zo slecht wordt gehanteerd. er staat "was" als het moet zijn "is" en "had gevonden" terwijl "heeft gevonden" een beter in de zin past, en "had" wordt ook regelmatig verkeerd gebruikt. enz..... Het verhaal op zich leest wel lekker.
-1
Ik heb 'Het' gelezen omdat Stephen King een fantastische auteur zou zijn en dat is ongetwijfeld ook zo voor velen. Maar hij heeft mij niet weten te boeien. Het verhaal van een monster die zich voor doet als clown spreekt mij ontzettend aan. Alleen de manier van het verhaal brengen maakte dat ik het boek eigenlijk niet uit wou lezen uit pure verveling. Wanneer het boek eindelijk lekker spannend werd omdat 'Het' ten tonele verschijnt is het steeds maar eventjes, dan springt het boek ineens terug in de tijd om één van de kinderen onder het vergrootglas te houden om te laten zien waarom hij/zij is zoals hij/zij is. Allemaal erg langdradig.. Het boek 'Mobiel' heb ik daarna nog een kans gegeven en die heb ik met afgrijzen weggelegd. Wat een vreselijk verhaal. Horror is gewoon niet mijn ding. Sorry voor de fans van Stephen King.
-1
1,5 ⭐️. Het verhaal leek me leuk, ook vond ik tijdens het lezen bepaalde personages heel leuk. Maar verder dan leuk vond ik het niet. Het boek greep niet mijn aandacht en ik was niet heel geïnteresseerd in de verhaallijn. Ik vond het op sommige momenten best saai. Het begin vond ik wat verwarrend en het greep niet mijn aandacht, dit kan zijn doordat het boek wat apart is en ik normaal niet dit soort boeken lees. Als je houd van wat apartere boeken met veel fantasie en hele leuke personages, dan is dit zeker iets voor jou! Helaas was het niet iets voor mij.
-1
Mark Lazare is huis-aan-huisverkoper van boeken en platen. Op een nacht rijdt hij zonder doel wat rond in zijn Opel Admiral in de omgeving van het plaatsje Leerbeek. Tijdens zijn rit stuit hij op een verlaten boerderij waar hij Walker ontmoet. Walker is een klein, misvormd en gewelddadig mannetje die samen met De Reus, een corrupte rijkswachter, een meisje gevangen houdt en haar als kindprostituee laat werken. Lazare bevrijdt het meisje, zij het niet geweldloos. Hierna lijkt het ook met hem helemaal mis te gaan en maakt hij een stap naar de onderwereld. Jo Smets is filosoof en filmmaker en als auteur is Klikken en klakken is zijn debuut. Daarnaast recenseert hij ook films en series, aanvankelijk voor het magazine Knack Focus, maar tegenwoordig voor het dagblad De Morgen. Klikken en klakken is ingedeeld in het thrillergenre. Niets is echter minder waar. Een thriller hoort per definitie spannend te zijn. Dat is dit boek in het geheel niet. In het boek komen zelfs geen momenten voor waarbij je kunt denken dat er wat spanning merkbaar is. Het boek heeft meer weg van een absurdistisch geschreven verhaal, maar dan wel van de allerslechtste soort. Al in de eerste hoofdstukken van het boek gaat het mis. Het verhaal begint oninteressant en bestaat uit onsamenhangend geleuter over de verkoop van boeken aan dom overkomende en deels goedwillende mensen. De vooral korte zinnen, soms zijn het alleen maar woorden, zijn grotendeels verwarrend en van enige verhaallijn is niets te bespeuren. In het vervolg van het verhaal komt het niet meer goed en blijft Smets volharden in zijn eigen nogal merkwaardige en lastige schrijfstijl. Het aantal personages in het boek blijft gelukkig beperkt zodat het niet verwarrender wordt dan het al is. Deze personages zijn stuk voor stuk zonderlinge en merkwaardige types en zullen niet misstaan in een schilderij van Dali. Diverse feiten uit de Belgische geschiedenis zijn door Smets in het verhaal verwerkt. Daaruit blijkt dat het met de research wel goed zit, maar is niet bevorderlijk voor het leesplezier. Wellicht dat iemand die in deze historische gegevens geïnteresseerd is daarvan kan smullen, maar voor degene die een spannend verhaal verwacht kan het allemaal gestolen worden. De uiteindelijke ontknoping, als daar al sprake van is, is helemaal dramatisch. Lazare schrijft, op aanraden van een wapenverkoper, een rapport. Dit rapport bestaat voor een groot deel uit allerlei weetjes over de Tweede Wereldoorlog en occultisme. Door deze laatste hoofdstukken wordt bevestigd wat in de eerste hoofdstukken al duidelijk was. Klikken en klakken is een dramatisch boek dat je als lezer snel wilt en zult vergeten.
-1
Janet Ross groeit op in de buitenwijken van Glasgow. Het enige wat haar interesse heeft zijn snelle auto’s en het lukt haar om een baan als leerling monteur bij een garage te krijgen. Door een personeelsuitje bij een kartbaan weet Janet de aandacht op zich te vestigen door alle races van haar mannelijke collega’s te winnen. Haar baas biedt haar daarop een paar klusjes aan. Janet neemt het aanbod aan omdat ze het geld goed kan gebruiken. Pas als ze betrokken raakt bij een kidnapping, beseft Janet dat ze verkeerd bezig is en probeert ze haar fout goed te maken. De tweede verhaallijn gaat over Jo Crespo, de eigenaar van een Formule 1-team. Zijn dochter is mede door de medewerking van Janet ontvoert. Ik mocht dit boek lezen voor de Thrillzone leesclub. De samenvatting van het boek beloofde heel veel en ik verheugde me op het verhaal. Al snel bleek tijdens het lezen dat het verhaal slechts zijdelings iets met de Formule 1 te maken had, maar daar had ik me wel overheen kunnen zetten als het verhaal voldoende boeiend was geweest. Dat was het echter niet. De personages bleven nogal vlak en ik had geen sympathie voor wie dan ook. Het verhaal was niet echt spannend en erg voorspelbaar. Ik las wel door omdat ik wel benieuwd was hoe de twee verhaallijnen, Janet en Jo Crespo, bij elkaar zouden komen. Ook daarin werd ik behoorlijk bedrogen. De auteur heeft ervoor gekozen om het verhaal abrupt te eindigen om in een volgend deel de ontknoping aan de lezer te presenteren. Helaas heeft dit op mij een averechtse werking en gezien de voorspelbaarheid van dit deel, kan ik me ongeveer wel voorstellen hoe het verder gaat.
-1
De Engelse schrijfster Diney Costeloe heeft inmiddels negen romans uitgebracht, waarvan er drie in Nederlandse vertaling zijn verschenen. Vooral haar boek ‘De verloren kinderen’ (‘The throwaway children’) uit 2015 was een internationale bestseller. Vrijwel al haar boeken hebben een specifieke historische setting: in of rond de Tweede Wereldoorlog. Veelal benut ze deze setting om een gedramatiseerde versie van het leven weer te geven van personages die veel te lijden hebben gehad onder de omstandigheden. Zo gaat het in ‘Familie op de vlucht’ over een joodse-Duitse moeder met vier kinderen die zich staande moet houden in het Duitsland van na 1937, en in ‘De verloren kinderen’ vertelt ze het verhaal van twee kinderen die door hun moeder, een oorlogsweduwe, in het naoorlogse Duitsland naar Australië worden gestuurd. Ook in ‘Het meisje zonder naam’ volgt ze dit stramien en functioneert de Tweede Wereldoorlog als setting. Hoofdpersoon in deze roman is Liselotte/Lisa die op dertienjarige leeftijd met het Kindertransport -een operatie waarbij tot 1940 Duits-joodse kinderen naar Engeland werden vervoerd en ondergebracht in Engelse pleeggezinnen – arriveert in Londen. Ze weet na enige tijd haar plek te vinden in Engeland en in haar pleeggezin, maar na de Blitz (weer zo’n historisch event) raakt ze gewond en is ze haar naam en identiteit vergeten. Ook dat komt weer goed, al gaat dat allemaal wel gepaard met een flinke dosis dramatiek. Ze ontmoet goede mensen, mensen die haar bedriegen, ze wint en verliest vrienden, zoals dat gaat in ieders leven. Uiteindelijk weet ze niet alleen haar naam weer, maar kan ze ook nog – op het nippertje – afscheid nemen van haar stervende moeder en vindt ze de liefde. All’s well that ends well, zouden de Engelsen zeggen. Genoeg ingrediënten voor een boeiend boek, zou je denken. Maar jammer genoeg slaagt Diney Costeloe er geen moment in het verhaal boeiend te maken of de personages uit te tillen boven het niveau van bordkartonnen karakters. Lisa komt nauwelijks uit de verf: ze ondergaat alle gebeurtenissen zonder dat dit leidt tot invoelbare karakterontwikkeling, en ze reageert op een manier die meer past bij een stripfiguur dan bij een meisje dat moederziel alleen haar weg moet vinden in een angstaanjagende wereld. Zelfs aan het sterfbed van haar teruggevonden moeder houdt ze droge ogen. Ook de andere personages zijn nauwelijks van vlees en bloed: ze vervullen een rol in het geheel (bijvoorbeeld als vriend, als liefdevolle zuster, als geliefde, als bedrieger), maar ze komen niet tot leven. De historische setting lijkt er nauwelijks toe te doen: er wordt niet of nauwelijks uitgewerkt hoe de positie en identiteit van joden bedreigd werden, hoe de oorlog zich ontwikkelde, wat mensen hierover wisten, hoe het was om in die tijd in Engeland te leven. Daar komt bij dat de schrijfstijl van Diney Costeloe beperkt is. Van een gericht gebruik van verschillende stijlmiddelen, zoals ironie, humor, beeldspraak, levendige dialogen, die het verhaal echt tot leven kunnen brengen moet dit boek het niet hebben. Waarvan dan wel? Misschien dat lezers die van een dikke pil houden met de nodige dramatiek en verwikkelingen deze roman nog wel kunnen waarderen. Lezers die een echte historische roman verwachten, of een roman waarin een levensecht beeld wordt geschetst van een mens in grote nood, komen echter met ‘Het meisje zonder naam’ bedrogen uit.
-1
Alweer enige tijd geleden benaderde Renate Smoorenburg mij via social media met de vraag om haar Young Adult thriller ‘Backstage’ te lezen en te recenseren. Aangezien het hierbij om een debuut gaat en ik het altijd leuk vind om een beginnend schrijver op weg te helpen zei ik ja. ‘Backstage’ verteld het verhaal van een jonge, bij elkaar gearrangeerde, meidenpopgroep door JS Productions. De meiden worden bij elkaar gezet in één huis en ook komen zij gelijk in een realityserie terecht waarbij ze constant gevolgd worden door camera’s en elk gênant moment life uitgezonden wordt. Ze kennen elkaar nauwelijks tot niet maar toch hebben een paar een verleden met crew members. De meiden komen dus in een behoorlijk nieuwe, onrustige en vooral prikkelende situatie terecht. Zullen zij zich staande kunnen houden en kunnen ontwikkelen tot die ene grote beroemde meidengroep? Eerlijk gezegd weet ik niet zo goed hoe ik mijn mening op een juiste en correct onderbouwde manier kan geven over dit boek. Ik maak het niet vaak mee maar alles in dit boek staat mij tegen en vind ik het nogal veel vooroordelen bevatten. Alles in het verhaal draait om seks, verkrachting, geld, macht, alle mannen zijn slecht en bijna alle vrouwen gewillige vogeltjes. Voor mijn gevoel las dit verhaal als een constante herhaling van gebeurtenissen en erg eenzijdig gericht. De personages riepen bij mij ook behoorlijk wat verwarring op, qua namen maar ook qua onderlinge relaties tot elkaar. Zoals je dus leest was dit boek absoluut niet aan mij besteed. Ik heb dan ook lange tijd gewacht met mijn recensie omdat ik het heel moeilijk vind om een verhaal negatief te moeten recenseren. Ik weet namelijk hoeveel werk erin zit voor de schrijver en ik wil haar absoluut niet voor het hoofd stoten. Maar dit boek mist gewoon zoveel dat ik er weinig positiefs over kan zeggen. Toch kan ik alleen maar zeggen blijf alsjeblieft schrijven want daardoor groei je als schrijver zijnde. En laat je zeker niet door mijn mening ontmoedigen want er zijn nog zoveel meer lezers te bereiken. Ik geef dit boek 1 tot 1,5 sterren. Spanning: 4 Plot: 4 Leesplezier: 2 Schrijfstijl: 5 Originaliteit: 5 Psychologie: 3
-1
Verhaal is mooi, maar door de zeer uitvoerige schrijfstijl levert het aan spanning in. Vooral op het eind moest ik me er doorheen worstelen.
-1
Mijn eerste boek van Linda Jansma en ik vond het boek iets te voorspelbaar. De flashbacks vond ik verwarrend en niet echt aansluiten op het verhaal in het heden. Het einde van het verhaal is verrassend, maar het word wel afgeraffeld.
-1