Source
stringclasses
9 values
Original ID
stringlengths
1
9
Acceptability
int64
0
1
Original annotation
stringclasses
5 values
Sentence
stringlengths
4
152
Material added
int64
0
1
SoD-Verb1
2.41a'
1
null
Dat zijn de door de man achtervolgde jongens.
1
SoD-Verb1
2.41a'
1
null
Dat zijn achtervolgde jongens.
1
SoD-Verb1
2.41b'
1
null
Dat is de door de meisjes gelezen krant.
1
SoD-Verb1
2.41b'
1
null
Dat is de gelezen krant.
1
SoD-Verb1
2.41b''
0
*
Dat zijn de gelezen meisjes.
1
SoD-Verb1
2.42a
1
null
Het kind huilt.
0
SoD-Verb1
2.42a'
0
*
Dat is het gehuilde kind.
1
SoD-Verb1
2.42b'
0
*
Dat is de geslapen baby.
1
SoD-Verb1
2.43a
1
null
De post arriveert.
0
SoD-Verb1
2.43a'
1
null
Dat is de gearriveerde post.
1
SoD-Verb1
2.43b'
1
null
Dat is het gebroken glas.
1
SoD-Verb1
2.45a
1
null
Jan droomt een nachtmerrie.
0
SoD-Verb1
2.45a
1
null
Jan droomt een reis.
0
SoD-Verb1
2.45b
1
null
Dat is de gedroomde nachtmerrie.
1
SoD-Verb1
2.45b
1
null
Dat is de gedroomde reis.
1
SoD-Verb1
2.46c
0
*
Dat is de lezende krant.
1
SoD-Verb1
2.47b
1
null
Dat is de slapende baby.
1
SoD-Verb1
2.48b
1
null
Dat is het brekende glas.
1
SoD-Verb1
2.49a'
1
null
Dat zijn de gearriveerde gasten.
1
SoD-Verb1
2.49a''
1
null
Dat zijn de arriverende gasten.
1
SoD-Verb1
2.49b
1
null
De bladeren vallen.
0
SoD-Verb1
2.49b'
1
null
Dat zijn de gevallen bladeren.
1
SoD-Verb1
2.49b''
1
null
Dat zijn de vallende bladeren.
1
SoD-Verb1
2.50a'
1
null
De jongens worden door de man achtervolgd.
0
SoD-Verb1
2.50b'
1
null
De krant wordt door de meisjes gelezen.
0
SoD-Verb1
2.51a'
1
null
Er wordt gehuild door het kind.
0
SoD-Verb1
2.51a'
1
null
Er wordt gehuild.
0
SoD-Verb1
2.51b'
1
null
Er wordt geslapen.
0
SoD-Verb1
2.52a'
0
*
Er wordt door de gasten gearriveerd.
0
SoD-Verb1
2.52a'
0
*
Er wordt gearriveerd.
0
SoD-Verb1
2.52b'
0
*
Er werd door de jongen gevallen.
0
SoD-Verb1
2.52b'
0
*
Er werd gevallen.
0
SoD-Verb1
2.54a
1
null
Wat voor een krant hebben die meisjes gelezen?
0
SoD-Verb1
2.54a
1
null
Wat voor krant hebben die meisjes gelezen?
0
SoD-Verb1
2.54b
1
null
Wat hebben die meisjes voor een krant gelezen?
0
SoD-Verb1
2.54b
1
null
Wat hebben die meisjes voor krant gelezen?
0
SoD-Verb1
2.55a
1
null
Wat voor een meisjes hebben een krant gelezen?
0
SoD-Verb1
2.55b
0
*
Wat hebben voor een meisjes een krant gelezen?
0
SoD-Verb1
2.57a
1
null
Wat voor gasten zijn er gearriveerd?
0
SoD-Verb1
2.57a
0
??
Wat voor gasten zijn gearriveerd?
0
SoD-Verb1
2.57a'
1
null
Wat zijn er voor een gasten gearriveerd?
0
SoD-Verb1
2.57a'
0
*
Wat zijn voor een gasten gearriveerd?
0
SoD-Verb1
2.57b
1
null
Wat voor een spullen zijn er gevallen?
0
SoD-Verb1
2.57b
0
*?
Wat voor een spullen zijn gevallen?
0
SoD-Verb1
2.57b'
1
null
Wat zijn er voor een spullen gevallen?
0
SoD-Verb1
2.57b'
0
*
Wat zijn voor een spullen gevallen?
0
SoD-Verb1
2.58a
1
null
Wat voor jongens hebben er gehuild?
0
SoD-Verb1
2.58b
1
null
Wat voor mensen hebben er gedroomd?
0
SoD-Verb1
2.63a
1
null
De jongen bloedt heftig.
0
SoD-Verb1
2.63b
1
null
De jongen drijft op het water.
0
SoD-Verb1
2.64a
1
null
Slaap ze!
0
SoD-Verb1
2.64c
0
*
Bloed ze!
0
SoD-Verb1
2.65e
0
*
Dat is een rotter.
1
SoD-Verb1
2.65f
0
*
Dat is een schuimer.
1
SoD-Verb1
2.66a
1
null
De jongen heeft heftig gebloed.
0
SoD-Verb1
2.66a
1
null
De wond heeft heftig gebloed.
0
SoD-Verb1
2.66a
0
*
De wond is heftig gebloed.
0
SoD-Verb1
2.66b
1
null
De jongen heeft op het water gedreven.
0
SoD-Verb1
2.66b
1
null
De band heeft op het water gedreven.
0
SoD-Verb1
2.66b
0
*
De jongen is op het water gedreven.
0
SoD-Verb1
2.66b
0
*
De band is op het water gedreven.
0
SoD-Verb1
2.67a
1
null
De jongen bloedt dood.
0
SoD-Verb1
2.67a'
1
null
De jongen is dood gebloed.
0
SoD-Verb1
2.67a'
0
*
De jongen heeft dood gebloed.
0
SoD-Verb1
2.67b
1
null
De band drijft weg.
0
SoD-Verb1
2.67b'
1
null
De band is weg gedreven.
0
SoD-Verb1
2.67b'
0
*
De band heeft weg gedreven.
0
SoD-Verb1
2.68a
1
null
Jan huilt zijn ogen rood.
0
SoD-Verb1
2.68b
0
*
Jan valt zijn vriend dood.
0
SoD-Verb1
2.69a
1
null
Jan bloedt dood.
0
SoD-Verb1
2.69b
0
*
De band drijft het kind weg.
0
SoD-Verb1
2.70a
0
*
Dat is de gebloede jongen.
1
SoD-Verb1
2.70a
0
*
Dat is de gebloede wond.
1
SoD-Verb1
2.70b
0
*
Dat is de gedreven jongen.
1
SoD-Verb1
2.70b
0
*
Dat is de gedreven band.
1
SoD-Verb1
2.71a
1
null
Dat is de dood gebloede jongen.
1
SoD-Verb1
2.71b
1
null
Dat is de weg gedreven band.
1
SoD-Verb1
2.72a
0
*
Er wordt hevig door Jan gebloed.
0
SoD-Verb1
2.72a
0
*
Er wordt hevig gebloed.
0
SoD-Verb1
2.72b
0
*
Er wordt door die jongen op het water gedreven.
0
SoD-Verb1
2.73a
1
null
Er wordt in deze film weer flink gebloed.
0
SoD-Verb1
2.73b
1
null
Er wordt weer eens gestonken op de plee.
0
SoD-Verb1
2.74a
1
null
Wat hebben er voor patiënten gebloed?
0
SoD-Verb1
2.74b
1
null
Wat hebben er voor banden in het water gedreven?
0
SoD-Verb1
2.74b
0
*
Wat hebben voor banden in het water gedreven?
0
SoD-Verb1
2.75a
1
null
De oude man sterft.
0
SoD-Verb1
2.75b
1
null
De oude man is gestorven.
0
SoD-Verb1
2.77a
1
null
Toen zijn we gekeerd.
0
SoD-Verb1
2.78a
1
null
Jan heeft de auto gekeerd.
0
SoD-Verb1
2.78a'
1
null
De auto werd gekeerd.
0
SoD-Verb1
2.78b
1
null
Jan heeft gekeerd.
0
SoD-Verb1
2.79a
1
null
Jan is naar Groningen gewandeld.
0
SoD-Verb1
2.79b
1
null
Jan is naar Groningen gewandeld niet gefietst.
0
SoD-Verb1
2.79b
1
null
Jan heeft naar Groningen gewandeld niet gefietst.
0
SoD-Verb1
2.79c
1
null
Jan is zijn hele leven naar Groningen gewandeld.
0
SoD-Verb1
2.80a
1
null
Jan biedt Marie het boek aan.
0
SoD-Verb1
2.80b
1
null
Je ziet dat jouw verhalen mijn broer niet bevielen.
1
SoD-Verb1
2.83b
1
null
Marie beloofde Jan een mooi cadeau.
0
SoD-Verb1
2.83b
1
null
Marie beloofde hem een mooi cadeau.
0
SoD-Verb1
2.85a
1
null
Deze tekstverwerker bevalt in het algemeen goed.
0