Source
stringclasses
9 values
Original ID
stringlengths
1
9
Acceptability
int64
0
1
Original annotation
stringclasses
5 values
Sentence
stringlengths
4
152
Material added
int64
0
1
SoD-Verb3
10.100c'
0
*
Jan voorverkoopt de kaartjes.
0
SoD-Verb3
10.101b
1
null
Jan belooft de motor niet te oververhitten.
0
SoD-Verb3
10.101c'
0
*
Jan probeert de kaartjes te voorverkopen.
0
SoD-Verb3
10.102a
1
null
Jan is de oven aan het voor verwarmen.
0
SoD-Verb3
10.102b
1
null
Jan is de kaartjes aan het voor verkopen.
0
SoD-Verb3
10.103a
1
null
Hij zegt dat Jan de oven zal voor verwarmen.
1
SoD-Verb3
10.103b
0
??
Ik denk dat Jan de kaartjes voor zal verkopen.
1
SoD-Verb3
10.104a
1
null
Dat je dat kan!
0
SoD-Verb3
10.104b
1
null
En of ik dat wil!
0
SoD-Verb3
10.105a
1
null
Hoe eerder je komt, hoe beter het natuurlijk is.
0
SoD-Verb3
10.105b
1
null
Wat niet weet, wat niet deert.
0
SoD-Verb3
10.106a
1
null
Hoe meer zielen, hoe meer vreugd.
0
SoD-Verb3
10.106b
1
null
Hoe later op de avond, hoe schoner volk.
0
SoD-Verb3
10.107a
1
null
Hoe langer ik ernaar kijk, hoe meer ik erin ontdek.
0
SoD-Verb3
10.107b
1
null
Hoe groter een telescoop is, hoe meer licht hij opvangt.
0
SoD-Verb3
10.109a
1
null
Hoe langer ik ernaar kijk, des te meer ontdek ik erin.
0
SoD-Verb3
10.109a
1
null
Hoe langer ik ernaar kijk, des te meer ik erin ontdek.
0
SoD-Verb3
10.109b
1
null
Hoe groter een telescoop is, des te meer licht hij op vangt.
0
SoD-Verb3
10.110a
1
null
Ik merk dat hoe langer ik ernaar kijk, des te meer ik erin ontdek.
1
SoD-Verb3
10.110a
0
*
Ik merk dat hoe langer ik ernaar kijk, des te meer ontdek ik erin.
1
SoD-Verb3
10.110b
1
null
Ze zeggen dat hoe groter een telescoop is, des te meer licht hij opvangt.
1
SoD-Verb3
10.110b
0
*
Ze zeggen dat hoe groter een telescoop is, des te meer licht vangt hij op.
1
SoD-Verb3
10.112a
1
null
Als je wil komen, dan ben je welkom.
0
SoD-Verb3
10.112b
1
null
Ook al ben je sterk, toch ben je niet slim.
0
SoD-Verb3
10.113a'
1
null
Hoe langer ik ernaar kijk, hoe meer dat ik erin ontdek.
0
SoD-Verb3
10.113b
1
null
Hoe groter dat een telescoop is, hoe meer licht het opvangt.
0
SoD-Verb3
10.113b'
1
null
Hoe groter een telescoop is, hoe meer licht dat het opvangt.
0
SoD-Verb3
10.113b''
1
null
Hoe groter dat een telescoop is, hoe meer licht dat het opvangt.
0
SoD-Verb3
10.114a
1
null
Des te langer dat ik ernaar kijk, des te meer ik erin ontdek.
0
SoD-Verb3
10.116a
1
null
De boot vaart langzaam, maar des te meer kan je genieten van het uitzicht.
0
SoD-Verb3
10.116a
0
*
De boot vaart langzaam, maar hoe meer kan je genieten van het uitzicht.
0
SoD-Verb3
10.117a
1
null
Hoe eerder (dat) je het af hebt, hoe beter (dat) het is.
0
SoD-Verb3
10.117b
1
null
Hoe eerder (dat) je het af hebt, hoe beter.
0
SoD-Verb3
10.117b'
1
null
Hoe eerder, hoe beter (dat) het is.
0
SoD-Verb3
10.117b''
1
null
Hoe eerder, hoe beter.
0
SoD-Verb3
10.118c
1
null
Wie niet waagt, wie niet wint.
0
SoD-Verb3
10.118d
1
null
Wie het eerst komt, wie het eerst maalt.
0
SoD-Verb3
10.119a
1
null
Wie het eerst komt, die maalt het eerst.
0
SoD-Verb3
10.119a
0
*
Wie het eerst komt, die het eerst maalt.
0
SoD-Verb3
10.119b
1
null
Wie het eerst komt maalt het eerst.
0
SoD-Verb3
10.119b
0
*
Wie het eerst komt het eerst maalt.
0
SoD-Verb3
10.120a
1
null
Het wordt hoe langer hoe beter.
0
SoD-Verb3
10.120b
0
*
Het wordt dat het beter is.
0
SoD-Verb3
10.121a
1
null
Jan zei dat Els ziek was.
0
SoD-Verb3
10.121a
0
*
Jan zei Els ziek was.
0
SoD-Verb3
10.121b
1
null
Jan vroeg of Els ziek was.
0
SoD-Verb3
10.121b
0
*
Jan vroeg Els ziek was.
0
SoD-Verb3
10.122a
1
null
Doordat Els ziek is, kan ze vandaag niet werken.
0
SoD-Verb3
10.123a
1
null
Is Els morgen ziek, dan gaat ze niet werken.
0
SoD-Verb3
10.123b
1
null
Was Jan erg tevreden, Peter was dat zeker niet.
0
SoD-Verb3
10.123c
1
null
Helpt Marie iemand, wordt ze door hem beroofd!
0
SoD-Verb3
10.123d
1
null
Ook al is Els ziek, toch gaat ze vandaag werken.
0
SoD-Verb3
10.124a
1
null
Alsof hij beter was dan anderen, zo gedroeg hij zich.
0
SoD-Verb3
10.126a
1
null
Als het morgen regent, ga ik naar de bioscoop.
0
SoD-Verb3
10.127a
1
null
Ik ga naar de bioscoop als het morgen regent.
0
SoD-Verb3
10.127b
0
*
Ik ga naar de bioscoop regent het morgen.
0
SoD-Verb3
10.128b'
0
*
Regent het morgen ga ik naar de bioscoop.
0
SoD-Verb3
10.129a
1
null
Ik ga morgen, als het (tenminste) regent, naar de bioscoop.
0
SoD-Verb3
10.129b
0
*
Ik ga morgen, regent het (tenminste), naar de bioscoop.
0
SoD-Verb3
10.130a
1
null
Als je morgen daar bent, help hem een beetje!
0
SoD-Verb3
10.130a
0
*?
Als je morgen daar bent, help hem dan een beetje!
0
SoD-Verb3
10.130b
1
null
Ben je morgen daar, help hem een beetje!
0
SoD-Verb3
10.131a
0
*?
Als je morgen daar bent, help je hem dan een beetje?
0
SoD-Verb3
10.131a
1
null
Als je morgen daar bent, help je hem een beetje?
0
SoD-Verb3
10.131b
0
*?
Ben je morgen daar, help je hem dan een beetje?
0
SoD-Verb3
10.131b
1
null
Ben je morgen daar, help je hem een beetje?
0
SoD-Verb3
10.132a
0
*
Als het morgen regent, ik ga dan naar de bioscoop.
0
SoD-Verb3
10.133a
1
null
Ik denk dat als het morgen (tenminste) regent ik naar de bioscoop ga.
0
SoD-Verb3
10.133b
0
*
Ik denk dat regent het morgen ik naar de bioscoop ga.
0
SoD-Verb3
10.134a
1
null
Ik denk dat als het morgen regent dat ik naar de bioscoop ga.
0
SoD-Verb3
10.134b
0
*
Ik denk dat regent het morgen dat ik dan naar de bioscoop ga.
0
SoD-Verb3
10.135a
1
null
Als ik het niet weet of als ik erover twijfel, dan vraag ik het.
0
SoD-Verb3
10.137b
1
null
Gaat Peter graag uit, Jan zit liever thuis.
0
SoD-Verb3
10.137b'
0
*
Gaat Peter graat uit, zit Jan liever thuis.
0
SoD-Verb3
10.138b
1
null
Terwijl Peter graag uitgaat, zit Jan liever thuis.
0
SoD-Verb3
10.141a
1
null
Gaat Peter graag uit, Jan zit meestal liever thuis.
0
SoD-Verb3
10.141b
1
null
Was Marie vroeger arm, nu is ze erg rijk.
0
SoD-Verb3
10.141c
1
null
Praat Jan bij Els heel veel, bij mij is hij heel stil.
0
SoD-Verb3
10.143a
1
null
Is Els een goede sopraan, ook Marie kan goed zingen.
0
SoD-Verb3
10.145a
1
null
Marie was vroeger arm, maar nu is ze erg rijk.
0
SoD-Verb3
10.145b
1
null
Marie was vroeger arm, maar ze is nu erg rijk.
0
SoD-Verb3
10.147b
0
*
Was in 2013 hij werkeloos, nu kan hij overal werken.
0
SoD-Verb3
10.148
1
null
Beweert Jan dat Els ziek is, door Marie wordt dit ontkend.
0
SoD-Verb3
10.149a
1
null
Zijn we eindelijk in Parijs, regent het de hele dag!
0
SoD-Verb3
10.149b
1
null
Heeft hij eindelijk een baan, komt hij niet topdagen!
0
SoD-Verb3
10.150b
1
null
Hou je van vlees, braad je in Croma!
0
SoD-Verb3
10.151c
0
*
Het regent de hele dag zijn we eindelijk in Parijs!
0
SoD-Verb3
10.152a
1
null
Zijn we eens in Parijs, en dan regent het de hele dag!
0
SoD-Verb3
10.152b
1
null
Heeft hij eindelijk een baan, en dan komt hij niet opdagen!
0
SoD-Verb3
10.152c
1
null
Hou je van vlees en dan braad je in Croma!
0
SoD-Verb3
10.153a
1
null
Heeft hij eindelijk een baan, en wat zegt hij?!
0
SoD-Verb3
10.153b
1
null
Heeft hij eindelijk een baan, en dan zo'n reactie!
0
SoD-Verb3
10.153b
1
null
Heeft hij eindelijk een baan, en dan dit!
0
SoD-Verb3
10.154a
1
null
We zijn eindelijk in Parijs. En wat denk je: Regent het de hele dag!
0
SoD-Verb3
10.154b
1
null
Hij heeft eindelijk een baan. En wat denk je: komt hij niet opdagen!
0
SoD-Verb3
10.154c
1
null
Hij houdt van vlees. En wat denk je: braadt hij in Croma!
0
SoD-Verb3
10.155b
1
null
Ook al is Els ziek, gaat ze vandaag werken.
0
SoD-Verb3
10.155b'
0
*
Ook al Els ziek is, toch gaat ze vandaag werken.
0
SoD-Verb3
10.156a
1
null
Hoewel Els ziek is gaat ze vandaag toch werken.
0
SoD-Verb3
10.156b
1
null
Ook al is Els ziek, ze gaat vandaag (toch) werken.
0