Source
stringclasses
9 values
Original ID
stringlengths
1
9
Acceptability
int64
0
1
Original annotation
stringclasses
5 values
Sentence
stringlengths
4
152
Material added
int64
0
1
SoD-Verb2
5.294b
1
null
Jan heeft je dissertatie gelezen.
0
SoD-Verb2
5.294c
1
null
Jan stuurt Marie altijd naar Groningen.
0
SoD-Verb2
5.294f
1
null
Jan heeft een grote televisie.
0
SoD-Verb2
5.295a
1
null
Iemand — je weet wel wie — was hier.
0
SoD-Verb2
5.295b
1
null
Jan heeft iets — je raadt nooit wat — gelezen.
0
SoD-Verb2
5.296a
1
null
Jan roddelt over iemand, maar ik weet niet over wie.
0
SoD-Verb2
5.297a
1
null
Jan rekent ergens op, maar ik weet niet wat.
0
SoD-Verb2
5.297b
1
null
Jan heeft op ik weet niet wat gerekend.
0
SoD-Verb2
5.297b'
0
??
Jan heeft ik weet niet op wat gerekend.
0
SoD-Verb2
5.298a
1
null
Jan rekent ergens op, maar ik weet niet waar op.
0
SoD-Verb2
5.298a
0
*
Jan rekent ergens op, maar ik weet niet waar.
0
SoD-Verb2
5.298b
1
null
Jan heeft ik weet niet waarop gerekend.
0
SoD-Verb2
5.298b'
0
*
Jan heeft op ik weet niet waar gerekend.
0
SoD-Verb2
5.299a
1
null
Jan heeft weet ik wat gelezen.
0
SoD-Verb2
5.299b
1
null
Jan stuurt Marie altijd weet ik waar naartoe.
0
SoD-Verb2
5.299c
1
null
Jan heeft weet ik waar gestudeerd.
0
SoD-Verb2
5.299d
1
null
Jan heeft weet ik hoeveel boeken.
0
SoD-Verb2
5.300b
1
null
De zòndvloed van Jeroen Brouwers.
0
SoD-Verb2
5.300b'
1
null
Ik vermoed De zòndvloed van Jeroen Brouwers.
0
SoD-Verb2
5.302a
1
null
Wat koopt Marie voor Peter?
0
SoD-Verb2
5.302b
1
null
Ik vrees een drumstel.
0
SoD-Verb2
5.302b
0
*
Ik betreur een drumstel.
0
SoD-Verb2
5.304a
1
null
Wat geeft Marie Peter voor zijn verjaardag?
0
SoD-Verb2
5.304c
0
*?
Ik weet het niet zeker, maar ik heb steeds een boek vermoed.
0
SoD-Verb2
5.305b
1
null
Ik weet het niet zeker, maar Marie heeft steeds gezegd een boek.
0
SoD-Verb2
5.305c
0
*?
Ik weet het niet zeker, maar Marie heeft steeds een boek gezegd.
0
SoD-Verb2
5.306a
1
null
Hoe heeft Peter dat boek gelezen: globaal of nauwkeurig?
0
SoD-Verb2
5.306b
1
null
Ik weet het niet zeker, maar ik zou zeggen globaal.
0
SoD-Verb2
5.307a
1
null
Wat ga je morgen lezen?
0
SoD-Verb2
5.307b
1
null
Ik denk de roman, want dat is het gemakkelijkst.
0
SoD-Verb2
5.308a
1
null
Wie koopt er een boek voor Peter?
0
SoD-Verb2
5.308b
1
null
Ik weet het niet zeker, maar Marie heeft steeds gezegd zij.
0
SoD-Verb2
5.308c
0
*
Ik weet het niet zeker, maar Marie heeft steeds zij gezegd.
0
SoD-Verb2
5.309a
1
null
Komt Marie morgen dat boek halen?
0
SoD-Verb2
5.313a
1
null
Ik denk dat Peter zichzelf het meest bewondert.
0
SoD-Verb2
5.313b
1
null
Peter denkt dat ik hem het meest bewonder.
0
SoD-Verb2
5.316a
1
null
Ik denk zichzelf Jan het meest bewondert.
0
SoD-Verb2
5.320b
1
null
Vertrok Jan omdat Marie niet met hem wou dansen?
0
SoD-Verb2
5.322b
1
null
Hij liep naar de plaats waar hij wist dat zijn accordeon stond.
0
SoD-Verb2
5.322c
1
null
Dit boek denk ik dat Marie wel wil hebben.
0
SoD-Verb2
5.323b
1
null
Wie denk je dat dit boek morgen zal kopen?
0
SoD-Verb2
5.323d
1
null
Wanneer denk je dat Marie dit boek zal kopen?
0
SoD-Verb2
5.324a
1
null
Jan zal blij zijn als Marie dit boek morgen zal kopen.
0
SoD-Verb2
5.324b
0
*
Wie zal Jan blij zijn als dit boek morgen zal kopen?
0
SoD-Verb2
5.324c
0
*
Wat zal Jan blij zijn als Marie morgen zal kopen?
0
SoD-Verb2
5.324d
0
*
Wanneer zal Jan blij zijn als Marie dit boek zal kopen?
0
SoD-Verb2
5.326a
1
null
Jan vroeg wie dit boek morgen zal kopen?
0
SoD-Verb2
5.326c
0
*
Wanneer vroeg Jan wie dit boek zal kopen?
0
SoD-Verb2
5.327a
1
null
Wat zei Jan dat marie gelezen had?
0
SoD-Verb2
5.327b
0
??
Wat fluisterde jan dat Marie gelezen had?
0
SoD-Verb2
5.328a
1
null
Ik hoop dat Marie dit boek morgen zal kopen.
0
SoD-Verb2
5.328b
1
null
Wie hoop je dat dit boek morgen zal kopen?
0
SoD-Verb2
5.328c
1
null
Wat hoop je dat Marie morgen zal kopen?
0
SoD-Verb2
5.329a
1
null
Ik betreur dat Marie dit boek morgen zal verkopen.
0
SoD-Verb2
5.329b
0
*?
Wie betreur je dat dit boek morgen zal verkopen?
0
SoD-Verb2
5.329c
0
*?
Wat betreur je dat Marie morgen zal verkopen?
0
SoD-Verb2
5.329d
0
*
Wanneer betreur je dat Marie dit boek zal verkopen?
0
SoD-Verb2
5.332a
1
null
Jan fluisterde.
0
SoD-Verb2
5.335a
1
null
Jan zei niet dat Marie dat boek gisteren gekocht had.
0
SoD-Verb2
5.335b
1
null
Wat zei Jan dat Marie gisteren gekocht had?
0
SoD-Verb2
5.335b'
0
??
Wat zei Jan niet dat Marie gekocht had?
0
SoD-Verb2
5.335c
1
null
Wanneer zei Jan dat Marie dat boek gekocht had?
0
SoD-Verb2
5.339a
1
null
Kom je nog?
0
SoD-Verb2
5.339a
1
null
Of ik nog komt?
0
SoD-Verb2
5.339a
1
null
Ik denk van niet.
0
SoD-Verb2
5.339b
1
null
Wat doe je?
0
SoD-Verb2
5.339b
1
null
Wat of ik doe?
0
SoD-Verb2
5.340a
1
null
Wie heeft dat nu weer gedaan?
0
SoD-Verb2
5.340a'
1
null
Wie heeft dat gedaan?
0
SoD-Verb2
5.340b
1
null
Wie dat nu weer gedaan heeft!?
0
SoD-Verb2
5.341a
1
null
Ik hoop dat je er lang van genieten mag.
0
SoD-Verb2
5.341a'
1
null
Dat je er lang van genieten mag!
0
SoD-Verb2
5.341c
1
null
Ik begrijp niet waar dat nou weer goed voor is.
0
SoD-Verb2
5.341c'
1
null
Waar dat nou goed voor is?
1
SoD-Verb2
5.342a
1
null
Wil je dit boek hebben?
0
SoD-Verb2
5.343a
1
null
Marie weigerde om haar fiets te verwijderen.
0
SoD-Verb2
5.343b
1
null
Jan beloofde om dat boek te lezen.
0
SoD-Verb2
5.344a
1
null
Jan beweert dat boek gelezen te hebben.
0
SoD-Verb2
5.344b
1
null
Jan verzekerde ons te mogen komen.
0
SoD-Verb2
5.344b
0
*
Jan verzekerde ons om te mogen komen.
0
SoD-Verb2
5.345a
1
null
Jan moet dat boek lezen.
0
SoD-Verb2
5.346a
1
null
Jan beloofde Marie dat boek te lezen.
0
SoD-Verb2
5.346c
1
null
Jan keurt het af om te vloeken.
0
SoD-Verb2
5.347a
1
null
Zij zei dat Jan besloot dat hij het boek zou kopen.
1
SoD-Verb2
5.347b
1
null
Zij zei dat Jan het besloot om het boek te kopen.
1
SoD-Verb2
5.347b'
0
*
Zij zei dat Jan om het boek te kopen besloot.
1
SoD-Verb2
5.348a
1
null
Hij maakte het besluit dat hij het boek zou kopen.
1
SoD-Verb2
5.348b
1
null
Hij maakte het besluit om het boek te kopen.
1
SoD-Verb2
5.349a
1
null
Wij hoorden dat Jan het vervelend vindt dat hij niet kan komen.
1
SoD-Verb2
5.349a'
0
*?
Wij hoorden dat Jan dat hij niet kan komen vervelend vindt.
1
SoD-Verb2
5.349b
1
null
Wij hoorden dat Jan het vervelend vindt om niet te kunnen komen.
1
SoD-Verb2
5.349b
0
*
Wij hoorden dat Jan vervelend vindt om niet te kunnen komen.
1
SoD-Verb2
5.349b'
0
*
Wij hoorden dat Jan om niet te kunnen komen vervelend vindt.
1
SoD-Verb2
5.350a
1
null
Wij vernamen dat er besloten werd dat hij het boek zou kopen.
1
SoD-Verb2
5.350a'
0
*?
Wij vernamen dat dat hij het boek zou kopen besloten werd.
1
SoD-Verb2
5.350b'
0
*
Wij vernamen dat om het boek te kopen besloten werd.
1
SoD-Verb2
5.351a
1
null
Ik merk dat het me niet bevalt dat hij steeds dezelfde vraag stelt.
1
SoD-Verb2
5.351a'
0
*?
Ik merk dat dat hij steeds dezelfde vraag stelt me niet bevalt.
1
SoD-Verb2
5.351b
1
null
Ik merk dat het me niet bevalt om steeds dezelfde vraag te stellen.
1
SoD-Verb2
5.351b'
0
*?
Ik merk dat om steeds dezelfde vraag te stellen me niet bevalt.
1