sentence
stringlengths
2
208
version
stringclasses
10 values
Hij is een introvert persoon.
1_0
Ik heb mijn oog laten vallen op die loft op de markt.
1_0
De dictator zaait paniek.
1_0
Je hebt de keuze tussen tampons en maandverband.
1_0
Eline speelt graag videospelletjes.
1_0
Ze hebben twee weken in een jeep doorgebracht in de savanne in Botswana.
1_0
Binnenkort komen er overal in Vlaanderen slimme elektriciteitsmeters nadat het proefproject eindelijk geslaagd is.
1_0
Ze hield zich niet aan de militaire gedragscode.
1_0
De vergadering liep tien minuten uit.
1_0
Ik weet niet of we deze misdaad kunnen bewijzen.
1_0
Hartenjagen is een populair kaartspel.
1_0
Na enkele uren was de titanenstrijd eindelijk beslecht.
1_0
Doordat we te laat waren moesten we dubbel betalen.
1_0
Ik had een buis voor het vak geschiedenis.
1_0
Hij is een getuige in dat proces.
1_0
Het boek ligt bovenop het andere.
1_0
Kan je de stoel wat naar voren schuiven zodat ik kan passeren?
1_0
Jullie hond heeft een schattig snoetje.
1_0
We gaan het debiet verhogen.
1_0
Door haar spullen te verhuren had ze nog wat inkomen.
1_0
Ik zal het eens opzoeken op Wikipedia.
1_0
Ze moet lachen met mijn mopjes.
1_0
Zij kan niet tegen haar verlies.
1_0
Één voor één likte ze de enveloppen dicht.
1_0
Nepnieuws dat op sociale media wordt verspreid is een groot probleem.
1_0
Er moeten nog elk jaar bommen onschadelijk worden gemaakt.
1_0
De boot mocht niet aanmeren.
1_0
Het was een mega monster gemaakt van metaal.
1_0
De dokter vroeg hem om zich even uit te kleden.
1_0
Wil je een cappuccino?
1_0
De kelder is van beton.
1_0
Door het werkverkeer was er geluidsoverlast ontstaan.
1_0
De wetenschapper had zijn eerste onderzoek gepubliceerd.
1_0
Rozijnen zijn echt heel lekker.
1_0
Dat blok huizen wordt volgend jaar gesloopt.
1_0
Een kompas duidt steeds het noorden aan.
1_0
De storm had lelijk huisgehouden en één raam van de veranda was gebarsten.
1_0
Is gelachen het voltooid deelwoord van lachen?
1_0
Hij dronk zichzelf nog wat moed in.
1_0
De regisseur schreeuwde actie om de scene te starten.
1_0
De winkelier scant mijn inkopen.
1_0
Hij had een hart van goud.
1_0
Ik ben het dopje van de stift kwijt.
1_0
De overname is in kannen en kruiken.
1_0
Snel schakelde hij de zwaailichten aan en begon de achtervolging.
1_0
De lift stopt op ieder verdiep.
1_0
De politieagent was op zoek naar een cruciaal stukje bewijs.
1_0
Op één april mag je mopjes maken.
1_0
Er zwommen nog steeds vissen onder het ijs.
1_0
"Dat is weer zo'n geval van artistieke vrijheid."
1_0
Ik vind geen kapstok.
1_0
Het nieuwsanker werd er emotioneel van.
1_0
Iedereen was het erover eens dat de scheidsrechter partijdig was.
1_0
Er plakte een kauwgom onder de stoel.
1_0
Ze slingerde aan de trapeze boven onze hoofden.
1_0
Ik ben mijn toegangsticket kwijt.
1_0
De hond van de buurvrouw is poeslief.
1_0
Zijn afwachtende houding ergerde mij.
1_0
Jij weet het beter, dus jij moet het doen.
1_0
Heb je de Leeuwenkoning gezien?
1_0
Één halen, twee betalen.
1_0
Om twee over twee geven ze het startschot.
1_0
De clown had een grote rode neus.
1_0
Hij kan heel ver springen en wint altijd bij verspringen.
1_0
De slager gaf het kind een stukje worst.
1_0
De bas in de koptelefoon was erg luid in vergelijking met andere modellen.
1_0
Het was een chaotisch begin van de week.
1_0
Dat is nog maar het tweede concert van die groep.
1_0
Op dezelfde hoogte ervaren objecten met een verschillende massa eenzelfde versnelling onder invloed van de zwaartekracht.
1_0
Ze had de wenkbrauwen van haar moeder, maar de ogen van haar vader.
1_0
Dag Mycroft, hoe gaat het met jou?
1_0
De oude eik moest gekapt worden.
1_0
Hij is topschutter van het seizoen.
1_0
Ik vindt het vervelend dat je verblijf in ons hostel niet naar wens was.
1_0
Kasper voorspelde de uitkomst al.
1_0
Zijn stoppelbaard je is wel sexy.
1_0
"Het kan donker zijn 's nachts."
1_0
Hij was aangedaan door het verlies.
1_0
Zijn blik dwaalde af naar het afgebrande huis.
1_0
Verdwaasd keek hij op van de sportberichten.
1_0
Zij doet een opleiding tot ingenieur.
1_0
Past onze luchtmatras erin?
1_0
Urenlang wist hij het zweefvliegtuig met thermiek in de lucht te houden.
1_0
Je kan blikjes kopen in de automaat in het cafetaria.
1_0
Aan de relatie van Tom en Anniek was een eind gekomen.
1_0
Kan je werken met Word of PowerPoint?
1_0
Je mag naar het volgend liedje gaan.
1_0
De bewoner hield de lift bezet.
1_0
Op maandag moet iedereen weer aan de slag, maar ik ben vrij.
1_0
Maartje weet niet zo goed hoe je een vlieger laat vliegen.
1_0
Femke is een geweldige schaakspeler.
1_0
De juf van groep drie heet Eva.
1_0
Ze kon zo goed zingen dat ze er haar beroep van maakte.
1_0
Wormen en Trojaanse paarden zijn voorbeelden van virussen.
1_0
Het bestek ligt in de bovenste lade.
1_0
Bepalen welke hardloper won was een kwestie van milliseconden.
1_0
De vacht van de kat is zacht.
1_0
Om het interessant te houden moet je voldoende variëren.
1_0
Heb jij je duikbrevet gehaald?
1_0
In Frankrijk is kraanwater gratis in de restaurants.
1_0