text stringlengths 80 6.25k | text_len int64 32 3.12k | src stringclasses 7 values |
|---|---|---|
op hypothetische gronden zijn er vooralsnog geen andere aanwijzingen dat patiënten met PHTS gemetastaseerd mammacarcinoom exclusief baat hebben bij advanced breast cancer Results from <PERSOON> DM, et al Oral rapamycin in the treatment of patients with hamartoma syndromes and PTEN mutation <PERSOON> SA, McNeil CM, et al PI#K pathway activation in breast cancer is associated with the basal-like phenotype and cancer-specific mortality <PERSOON> DJ, Trahair TN, <PERSOON> JL, et al Rapamycin treatment for a child with germline Miller TW, Rexer BN, Garrett JT, et al Mutations in the phosphatidylinositol #-kinase pathway role in tumor progression and therapeutic implications in breast cancer <PERSOON> HH, et al Sirolimus treatment of severe PTEN hamartoma tumor syndrome case report and in vitro studies <PERSOON> KI, et al Everolimus plus exemestane in <PERSOON> J et al PIK#CA Genotype and a PIK#CA mutation-related gene signature and response to everolimus and letrozole in estrogen receptor positive breast cancer PLoS ONE #(#) e### doi ## ###/journal pone <PATIENTNUMMER> <PERSOON> C et al Translational studies within the TAMRAD randomized GINECO trial evidence for mTORC# activation marker as a predictive factor for everolimus efficacy in advanced breast cancer Annals of Oncology morbiditeit) bij Lhermitte Duclos Disease (LDD) bij patiënten met PHTS vergeleken De werkgroep is van mening dat progressieve klinische symptomen bij LDD bij patiënten met PHTS een indicatie kunnen vormen voor een operatieve behandeling De werkgroep is van mening dat per patiënt met LDD en PHTS een afweging moet worden gemaakt tussen de voordelen en de risicoâs van een operatie afhankelijk van De werkgroep is van mening dat bij LDD bij patiënten met PHTS waarbij een afwachtend beleid wordt gekozen, afhankelijk van de kliniek, elke <DATUM> maanden follow-up neurologisch onderzoek en MRI verricht dient te worden De werkgroep raadt follow-up na operatie aan in de vorm van neurologisch De werkgroep is van mening dat een operatie dient plaats te vinden in een <INSTELLING> waar de neurochirurgen voldoende ervaring hebben in het verrichten van operaties Lhermitte Duclos Disease (LDD) is de naam voor een cerebellaire afwijking die bestaat uit dysplastische ganglioncellen Deze ganglioncellen kunnen toenemen in grootte en kunnen zich daarom gedragen als een lesie die zich bevindt tussen een hamartoom en tumor Uitgaand van de vraag of behandeling (operatie) tot een betere prognose (overleving, kwaliteit van leven, morbiditeit) leidt bij LDD bij patiënten met PHTS vergeleken met een afwachtend beleid zijn er in de literatuur alleen casereports, kleine cohortstudies en reviews van meerdere case-reports te vinden Er is geen evidence based conclusie te trekken LDD is een langzaam groeiende tumor die enerzijds geleidelijk cerebellaire problematiek geeft door verdringing van normaal cerebellair weefsel en anderzijds in vrij kort tijdsbestek kan zorgen voor het ontstaan.
| 553 | nvog |
Disease (LDD) bij patiënten met PHTS vergeleken De werkgroep is van mening dat progressieve klinische symptomen bij LDD bij patiënten met PHTS een indicatie kunnen vormen voor een operatieve behandeling De werkgroep is van mening dat per patiënt met LDD en PHTS een afweging moet worden gemaakt tussen de voordelen en de risicoâs van een operatie afhankelijk van De werkgroep is van mening dat bij LDD bij patiënten met PHTS waarbij een afwachtend beleid wordt gekozen, afhankelijk van de kliniek, elke <DATUM> maanden follow-up neurologisch onderzoek en MRI verricht dient te worden De werkgroep raadt follow-up na operatie aan in de vorm van neurologisch De werkgroep is van mening dat een operatie dient plaats te vinden in een <INSTELLING> waar de neurochirurgen voldoende ervaring hebben in het verrichten van operaties Lhermitte Duclos Disease (LDD) is de naam voor een cerebellaire afwijking die bestaat uit dysplastische ganglioncellen Deze ganglioncellen kunnen toenemen in grootte en kunnen zich daarom gedragen als een lesie die zich bevindt tussen een hamartoom en tumor Uitgaand van de vraag of behandeling (operatie) tot een betere prognose (overleving, kwaliteit van leven, morbiditeit) leidt bij LDD bij patiënten met PHTS vergeleken met een afwachtend beleid zijn er in de literatuur alleen casereports, kleine cohortstudies en reviews van meerdere case-reports te vinden Er is geen evidence based conclusie te trekken LDD is een langzaam groeiende tumor die enerzijds geleidelijk cerebellaire problematiek geeft door verdringing van normaal cerebellair weefsel en anderzijds in vrij kort tijdsbestek kan zorgen voor het ontstaan behandeld tot cerebellaire inklemming en mogelijk overlijden [Zou ###, Nowak Goto beschrijft een patiënt waarbij een expectatief beleid is gevoerd en waarbij de Afshar-Oromieh adviseert om bij patiënten met een cerebellaire tumor verdacht voor LDD zonder neurologische symptomen te kiezen voor een stereotactisch biopt om zo een zekere PA-diagnose te verkrijgen Bij zekere PA-diagnose zonder neurologische klachten wordt een wait-and-see-strategie geadviseerd met MRI scans om de <DATUM> maanden Bij groei wordt een operatie geadviseerd waarbij een complete resectie met smalle marge rondom de tumor wordt geadviseerd [Afshar-Oromieh ###] In een artikel van Zou wordt ook beschreven dat operatie de behandeling van keuze is, maar dat in bepaalde omstandigheden ook gekozen kan worden voor een Indien er wel neurologische symptomen aanwezig zijn dan wordt geadviseerd meteen te opereren en daarbij ook te streven naar radicale resectie met een smalle marge [Afshar-Oromieh ###] Nowak en Prabhu beschrijven in hun review artikelen dat chirurgie de behandeling van keuze is Nowak (###) beschrijft dat meestal gekozen wordt voor de suboccipitale benadering, eventueel in combinatie met een al dan niet Radicale resectie kan lastig zijn omdat er vaak tijdens de operatie geen scherpe grens is tussen tumorweefsel en normaal hersenweefsel [Afshar-Oromieh ###, <PERSOON> ###] Het lijkt aannemelijk dat een subtotale resectie een grotere kans heeft op Radiotherapie als behandeling is tweemaal toegepast bij patiënten met LDD, bij de ene patiënt gevolgd door een langdurige klachtenvrije periode en bij de andere patiënt gevolgd door neurologische verslechtering [Nowak ###, Pérez Núñez ###].
| 597 | nvog |
behandeld tot cerebellaire inklemming en mogelijk overlijden [Zou ###, Nowak Goto beschrijft een patiënt waarbij een expectatief beleid is gevoerd en waarbij de Afshar-Oromieh adviseert om bij patiënten met een cerebellaire tumor verdacht voor LDD zonder neurologische symptomen te kiezen voor een stereotactisch biopt om zo een zekere PA-diagnose te verkrijgen Bij zekere PA-diagnose zonder neurologische klachten wordt een wait-and-see-strategie geadviseerd met MRI scans om de <DATUM> maanden Bij groei wordt een operatie geadviseerd waarbij een complete resectie met smalle marge rondom de tumor wordt geadviseerd [Afshar-Oromieh ###] In een artikel van Zou wordt ook beschreven dat operatie de behandeling van keuze is, maar dat in bepaalde omstandigheden ook gekozen kan worden voor een Indien er wel neurologische symptomen aanwezig zijn dan wordt geadviseerd meteen te opereren en daarbij ook te streven naar radicale resectie met een smalle marge [Afshar-Oromieh ###] Nowak en Prabhu beschrijven in hun review artikelen dat chirurgie de behandeling van keuze is Nowak (###) beschrijft dat meestal gekozen wordt voor de suboccipitale benadering, eventueel in combinatie met een al dan niet Radicale resectie kan lastig zijn omdat er vaak tijdens de operatie geen scherpe grens is tussen tumorweefsel en normaal hersenweefsel [Afshar-Oromieh ###, <PERSOON> ###] Het lijkt aannemelijk dat een subtotale resectie een grotere kans heeft op Radiotherapie als behandeling is tweemaal toegepast bij patiënten met LDD, bij de ene patiënt gevolgd door een langdurige klachtenvrije periode en bij de andere patiënt gevolgd door neurologische verslechtering [Nowak ###, Pérez Núñez ###] van de radiotherapie op lange termijn en de mogelijkheid om de tumor in toto te verwijderen heeft chirurgische behandeling duidelijk de voorkeur en is er voor radiotherapie geen plaats [Nowak ###] Daarnaast lijkt er in de tumor geen sprake te zijn van celdeling, het mechanisme waar radiotherapie op aangrijpt, zodat radiotherapie ook pathofysiologisch niet de juiste behandeling van keuze lijkt [<PERSOON> Bij een deel van de patiënten wordt aangroei van de tumor gezien na een operatie In een review van <PERSOON> [###] was dit bij # van de ## patiënten met langere follow-up na operatie, variërend van # tot <LEEFTIJD> jaar na de eerste operatie In de review van Prabhu [###] was er sprake van recidief tumor bij # van de ## patiënten Dit betrof meestal Bij de meeste patiënten met LDD wordt geen aanwezige PTEN-activiteit gevonden en wel een daarbij passende verhoogde activiteit van p-AKT en mTOR Mogelijk biedt dit in de toekomst behandelmogelijkheden voor LDD met mTOR-inhibitors zoals De werkgroep is van mening dat bij patiënten met LDD en PHTS een operatie geïndiceerd is indien er sprake is van progressieve klinische symptomen De werkgroep is van mening dat bij patiënten met LDD en PHTS er naar een zo radicaal mogelijke resectie gestreefd moet worden met een zo gering mogelijke kans op toename van symptomen als gevolg van de operatie De werkgroep is van mening dat indien bij patiënten met LDD en PHTS niet gekozen wordt voor een operatie maar voor een afwachtend beleid, de patiënt vervolgd dient.
| 618 | nvog |
lange termijn en de mogelijkheid om de tumor in toto te verwijderen heeft chirurgische behandeling duidelijk de voorkeur en is er voor radiotherapie geen plaats [Nowak ###] Daarnaast lijkt er in de tumor geen sprake te zijn van celdeling, het mechanisme waar radiotherapie op aangrijpt, zodat radiotherapie ook pathofysiologisch niet de juiste behandeling van keuze lijkt [<PERSOON> Bij een deel van de patiënten wordt aangroei van de tumor gezien na een operatie In een review van <PERSOON> [###] was dit bij # van de ## patiënten met langere follow-up na operatie, variërend van # tot <LEEFTIJD> jaar na de eerste operatie In de review van Prabhu [###] was er sprake van recidief tumor bij # van de ## patiënten Dit betrof meestal Bij de meeste patiënten met LDD wordt geen aanwezige PTEN-activiteit gevonden en wel een daarbij passende verhoogde activiteit van p-AKT en mTOR Mogelijk biedt dit in de toekomst behandelmogelijkheden voor LDD met mTOR-inhibitors zoals De werkgroep is van mening dat bij patiënten met LDD en PHTS een operatie geïndiceerd is indien er sprake is van progressieve klinische symptomen De werkgroep is van mening dat bij patiënten met LDD en PHTS er naar een zo radicaal mogelijke resectie gestreefd moet worden met een zo gering mogelijke kans op toename van symptomen als gevolg van de operatie De werkgroep is van mening dat indien bij patiënten met LDD en PHTS niet gekozen wordt voor een operatie maar voor een afwachtend beleid, de patiënt vervolgd dient worden aan de aanwezigheid van LDD en wordt geadviseerd een MRI van het Risicoâs van een operatie bestaan uit het optreden van algemene risicoâs van een operatie zoals infectie of bloeding Indien niet gekozen wordt voor een operatie zal afhankelijk van de klinische symptomen, plaats en grootte van de tumor en snelheid van groei van de tumor de Omdat na operatie recidief groei van LDD kan optreden, is het belangrijk om patiënten klinisch te vervolgen middels neurologisch onderzoek in combinatie met Centralisatie voor laag-volumezorg in het algemeen leidt tot kwalitatief betere zorg Daarom wordt geadviseerd een operatie van LDD alleen in een gespecialiseerd <PERSOON> D, et al Postoperative cerebellar mutism in <PERSOON> Y, et al A surgically treated case of Lhermitte-Duclos disease with a precise natural history and high uptake of FDG on <PERSOON> Zou YH, Cao YQ, Yue ZJ, et al Unusual posterior fossa mass caused by LhermitteDuclos disease with no symptoms in adults <PERSOON> ###;## #<DATUM> Welke vorm van informatieoverdracht wordt bij patiënten met PHTS geadviseerd? Er wordt geadviseerd om schriftelijke informatie over PHTS beschikbaar te stellen aan de patiënt met PHTS door middel van een geprinte versie en op een voor De werkgroep is van mening dat er bij de informatieverstrekking aan patiënten met PHTS ook een rol is weggelegd voor sociale media, zoals Facebook en Twitter Dit past enerzijds in de huidige samenleving en is (voor de jongere generatie) ook.
| 585 | nvog |
aanwezigheid van LDD en wordt geadviseerd een MRI van het Risicoâs van een operatie bestaan uit het optreden van algemene risicoâs van een operatie zoals infectie of bloeding Indien niet gekozen wordt voor een operatie zal afhankelijk van de klinische symptomen, plaats en grootte van de tumor en snelheid van groei van de tumor de Omdat na operatie recidief groei van LDD kan optreden, is het belangrijk om patiënten klinisch te vervolgen middels neurologisch onderzoek in combinatie met Centralisatie voor laag-volumezorg in het algemeen leidt tot kwalitatief betere zorg Daarom wordt geadviseerd een operatie van LDD alleen in een gespecialiseerd <PERSOON> D, et al Postoperative cerebellar mutism in <PERSOON> Y, et al A surgically treated case of Lhermitte-Duclos disease with a precise natural history and high uptake of FDG on <PERSOON> Zou YH, Cao YQ, Yue ZJ, et al Unusual posterior fossa mass caused by LhermitteDuclos disease with no symptoms in adults <PERSOON> ###;## #<DATUM> Welke vorm van informatieoverdracht wordt bij patiënten met PHTS geadviseerd? Er wordt geadviseerd om schriftelijke informatie over PHTS beschikbaar te stellen aan de patiënt met PHTS door middel van een geprinte versie en op een voor De werkgroep is van mening dat er bij de informatieverstrekking aan patiënten met PHTS ook een rol is weggelegd voor sociale media, zoals Facebook en Twitter Dit past enerzijds in de huidige samenleving en is (voor de jongere generatie) ook omtrent PHTS Het blijft van belang om ervoor te zorgen dat patiënten met PHTS die geen gebruik maken van deze media, ook voldoende geïnformeerd worden Er wordt geadviseerd om de informatie over risicoâs op kanker en benigne aandoeningen aan patiënten met PHTS in de loop der tijd te herhalen De werkgroep is van mening dat voor het informeren van familieleden van patiënten met PHTS de familiebrief met o a informatie over de aandoening zoals weergegeven in de richtlijn âinformeren van verwanten bij een erfelijke aanleg voor kankerâ moet In de literatuur is één case report beschikbaar over problemen bij de genetische counseling bij PHTS Aan de hand van de casus wordt benadrukt dat er veel variaties zijn in het fenotype van het PHTS Dit maakt counseling moeilijker, zeker als door mentale beperking bij de patiënt informatie over een erfelijke aandoening niet wordt Er is verder geen literatuur beschikbaar specifiek gericht op de informatieoverdracht Roshanai [###] heeft onderzoek gedaan in Zweden en Noorwegen bij ### mensen met een voorgeschiedenis van borst-, borst/eierstok- of darmkanker, of een informatie te voorzien [Roshanai ###] Roshanai stelt voor om voor polibezoek de behoefte aan informatievoorziening bij de patiënt te inventariseren zodat de counselor hier rekening mee kan houden Daarnaast suggereren zij voor het polibezoek geprinte informatie en ook informatie op de website beschikbaar te stellen Op die manier kan tijdens de poliafspraak tijd bespaard worden op het geven van algemene informatie en doelgerichter worden ingegaan op de behoefte van de patiënt.
| 572 | nvog |
PHTS Het blijft van belang om ervoor te zorgen dat patiënten met PHTS die geen gebruik maken van deze media, ook voldoende geïnformeerd worden Er wordt geadviseerd om de informatie over risicoâs op kanker en benigne aandoeningen aan patiënten met PHTS in de loop der tijd te herhalen De werkgroep is van mening dat voor het informeren van familieleden van patiënten met PHTS de familiebrief met o a informatie over de aandoening zoals weergegeven in de richtlijn âinformeren van verwanten bij een erfelijke aanleg voor kankerâ moet In de literatuur is één case report beschikbaar over problemen bij de genetische counseling bij PHTS Aan de hand van de casus wordt benadrukt dat er veel variaties zijn in het fenotype van het PHTS Dit maakt counseling moeilijker, zeker als door mentale beperking bij de patiënt informatie over een erfelijke aandoening niet wordt Er is verder geen literatuur beschikbaar specifiek gericht op de informatieoverdracht Roshanai [###] heeft onderzoek gedaan in Zweden en Noorwegen bij ### mensen met een voorgeschiedenis van borst-, borst/eierstok- of darmkanker, of een informatie te voorzien [Roshanai ###] Roshanai stelt voor om voor polibezoek de behoefte aan informatievoorziening bij de patiënt te inventariseren zodat de counselor hier rekening mee kan houden Daarnaast suggereren zij voor het polibezoek geprinte informatie en ook informatie op de website beschikbaar te stellen Op die manier kan tijdens de poliafspraak tijd bespaard worden op het geven van algemene informatie en doelgerichter worden ingegaan op de behoefte van de patiënt over risicoâs op kanker maar beperkt aanwezig blijft [DiCastro ###] Eén en drie jaar na de counseling bleek dat slechts een zeer beperkt aantal adviesvragers op de hoogte is van de juiste risico-inschatting Deze risico-inschattingen moeten in de loop Onderzoek bij vrouwen met mamma- en/of ovariumcarcinoom die werden verwezen voor DNA onderzoek laat zien dat er vaak focus is bij vrouwen op het wel of niet vinden van een mutatie, waarbij voorbij gegaan wordt aan het feit dat het vinden van een mutatie tot ânieuwe onzekerhedenâ leidt Counselors dienen zich hiervan bewust Onderzoek bij BRCA<DATUM> draagsters uit een laag sociaal milieu liet zien dat het aanbieden van de informatie via âillustraties zonder tekstâ duidelijk de voorkeur had De resultaten van een pilot met counseling via videoconferentie is veelbelovend Meropol liet zien dat de patiënttevredenheid groot was wanneer in aanvulling op de Voor de ontwikkeling van de richtlijn âinformeren van verwanten bij een erfelijke aanleg voor kankerâ werd literatuuronderzoek verricht naar onder andere medische en psychologische aspecten van het informeren van familieleden Deze richtlijn is ook De werkgroep is van mening dat aan de patiënt met PHTS gevraagd dient te worden hoe zij deze informatie het liefst aangeboden wil krijgen Bij volwassenen met PHTS Er zijn aanwijzingen dat BRCA<DATUM> genmutatiedraagsters uit een laag sociaal milieu de voorkeur hebben voor uitleg met behulp van illustraties boven tekst De werkgroep is van mening dat bij het vaststellen van de diagnose PHTS familieonderzoek conform de richtlijn âInformeren van verwanten met een erfelijke aanleg.
| 580 | nvog |
op kanker maar beperkt aanwezig blijft [DiCastro ###] Eén en drie jaar na de counseling bleek dat slechts een zeer beperkt aantal adviesvragers op de hoogte is van de juiste risico-inschatting Deze risico-inschattingen moeten in de loop Onderzoek bij vrouwen met mamma- en/of ovariumcarcinoom die werden verwezen voor DNA onderzoek laat zien dat er vaak focus is bij vrouwen op het wel of niet vinden van een mutatie, waarbij voorbij gegaan wordt aan het feit dat het vinden van een mutatie tot ânieuwe onzekerhedenâ leidt Counselors dienen zich hiervan bewust Onderzoek bij BRCA<DATUM> draagsters uit een laag sociaal milieu liet zien dat het aanbieden van de informatie via âillustraties zonder tekstâ duidelijk de voorkeur had De resultaten van een pilot met counseling via videoconferentie is veelbelovend Meropol liet zien dat de patiënttevredenheid groot was wanneer in aanvulling op de Voor de ontwikkeling van de richtlijn âinformeren van verwanten bij een erfelijke aanleg voor kankerâ werd literatuuronderzoek verricht naar onder andere medische en psychologische aspecten van het informeren van familieleden Deze richtlijn is ook De werkgroep is van mening dat aan de patiënt met PHTS gevraagd dient te worden hoe zij deze informatie het liefst aangeboden wil krijgen Bij volwassenen met PHTS Er zijn aanwijzingen dat BRCA<DATUM> genmutatiedraagsters uit een laag sociaal milieu de voorkeur hebben voor uitleg met behulp van illustraties boven tekst De werkgroep is van mening dat bij het vaststellen van de diagnose PHTS familieonderzoek conform de richtlijn âInformeren van verwanten met een erfelijke aanleg [richtlijn Informeren van verwanten met erfelijke Een digitale informatiefolder met up-to-date informatie kan bijdragen aan de informatievoorziening van de patiënt, ook bij herhaling Op de patiëntendag die plaatsvond op <DATUM> gaf bij stemming vrijwel iedereen aan dat zij een digitale up-to-date informatiefolder op een website zouden downloaden en ook regelmatig bij de website zullen nagaan of er een nieuwe versie van de digitale folder op staat Patiënten maken nu reeds gebruik van de website (WEBLINK) en er zijn twee Facebook-paginaâs; één voor patiënten met PHTS, en één voor ouders met kinderen Informatie via sociale media neemt toe De werkgroep adviseert dan ook om dit Het informeren van familieleden is een belangrijk onderwerp binnen de oncogenetica Dit geldt vooral voor tumorsyndromen waarbij ziekte en sterfte mogelijk kunnen worden voorkómen door het tijdig nemen van preventieve maatregelen Volgens de huidige procedure verzoekt de klinisch geneticus de patiënt om zelf zijn/haar familieleden te informeren De patiënt krijgt ter ondersteuning informatie op schrift toegestuurd de familiebrief In deze familiebrief wordt informatie gegeven over de aandoening en worden de handelingsopties voor familieleden beschreven Tevens wordt hierin informatie gegeven over contactgegevens voor het maken van een Er zijn verschillen in informatiebehoeftes en daarmee ook aan de manieren waarop informatie aangeboden wordt Behalve informatie via internet achteraf, kan voor familieleden ook gebruik worden gemaakt van een instructievideo voorafgaand aan het counselingsgesprek Omdat regelmatig de klinische kenmerken van PHTS pas in kaart gebracht kunnen worden tijdens het eerste polibezoek zal.
| 568 | nvog |
Informeren van verwanten met erfelijke Een digitale informatiefolder met up-to-date informatie kan bijdragen aan de informatievoorziening van de patiënt, ook bij herhaling Op de patiëntendag die plaatsvond op <DATUM> gaf bij stemming vrijwel iedereen aan dat zij een digitale up-to-date informatiefolder op een website zouden downloaden en ook regelmatig bij de website zullen nagaan of er een nieuwe versie van de digitale folder op staat Patiënten maken nu reeds gebruik van de website (WEBLINK) en er zijn twee Facebook-paginaâs; één voor patiënten met PHTS, en één voor ouders met kinderen Informatie via sociale media neemt toe De werkgroep adviseert dan ook om dit Het informeren van familieleden is een belangrijk onderwerp binnen de oncogenetica Dit geldt vooral voor tumorsyndromen waarbij ziekte en sterfte mogelijk kunnen worden voorkómen door het tijdig nemen van preventieve maatregelen Volgens de huidige procedure verzoekt de klinisch geneticus de patiënt om zelf zijn/haar familieleden te informeren De patiënt krijgt ter ondersteuning informatie op schrift toegestuurd de familiebrief In deze familiebrief wordt informatie gegeven over de aandoening en worden de handelingsopties voor familieleden beschreven Tevens wordt hierin informatie gegeven over contactgegevens voor het maken van een Er zijn verschillen in informatiebehoeftes en daarmee ook aan de manieren waarop informatie aangeboden wordt Behalve informatie via internet achteraf, kan voor familieleden ook gebruik worden gemaakt van een instructievideo voorafgaand aan het counselingsgesprek Omdat regelmatig de klinische kenmerken van PHTS pas in kaart gebracht kunnen worden tijdens het eerste polibezoek zal worden (wel bij testen van familieleden met een familiebrief zoals hierboven <PERSOON> O, et al Novel PTEN germline mutation in a family with mild phenotype Difficulties in genetic counseling <PERSOON> ### (###) ##<DATUM> <PERSOON> SA, et al Internet and Social Media For HealthRelated Information and Communication in Health Care Preferences of the <PERSOON> I, et al Genetic counseling in hereditary breast/ovarian cancer in Israel Psychological impact and retention of genetic <PERSOON> B, et al Development and pilot evaluation of novel genetic educational materials designed for an underserved patient population Meropol NJ, Daly MB, Vig HS, et al Delivery of internet-based cancer genetic <PERSOON> C, et al What information do cancer genetic <PERSOON> J, <PERSOON> counseling does not fulfil the counseleesâ need for certainty in hereditary Welke psychosociale begeleiding wordt bij patiënten met PHTS geadviseerd? Er wordt geadviseerd om zowel kinderen als volwassenen met PHTS duidelijke en openhartige uitleg te geven over PHTS en deze uitleg af te stemmen op de behoefte van de patiënt, zodat de patiënt zelf samen met de behandelaar kan aangeven welk Er wordt geadviseerd om patiënten met PHTS bij voorkeur psychosociale begeleiding verbonden aan een afdeling klinische genetica in een universitair medisch <INSTELLING> Er wordt geadviseerd om patiënten met PHTS bij complexe psychosociale problemen.
| 552 | nvog |
bij testen van familieleden met een familiebrief zoals hierboven <PERSOON> O, et al Novel PTEN germline mutation in a family with mild phenotype Difficulties in genetic counseling <PERSOON> ### (###) ##<DATUM> <PERSOON> SA, et al Internet and Social Media For HealthRelated Information and Communication in Health Care Preferences of the <PERSOON> I, et al Genetic counseling in hereditary breast/ovarian cancer in Israel Psychological impact and retention of genetic <PERSOON> B, et al Development and pilot evaluation of novel genetic educational materials designed for an underserved patient population Meropol NJ, Daly MB, Vig HS, et al Delivery of internet-based cancer genetic <PERSOON> C, et al What information do cancer genetic <PERSOON> J, <PERSOON> counseling does not fulfil the counseleesâ need for certainty in hereditary Welke psychosociale begeleiding wordt bij patiënten met PHTS geadviseerd? Er wordt geadviseerd om zowel kinderen als volwassenen met PHTS duidelijke en openhartige uitleg te geven over PHTS en deze uitleg af te stemmen op de behoefte van de patiënt, zodat de patiënt zelf samen met de behandelaar kan aangeven welk Er wordt geadviseerd om patiënten met PHTS bij voorkeur psychosociale begeleiding verbonden aan een afdeling klinische genetica in een universitair medisch <INSTELLING> Er wordt geadviseerd om patiënten met PHTS bij complexe psychosociale problemen De werkgroep is van mening dat bij afwegingen ten aanzien van reproductieve Uit een review van Braithwaite bleek dat meer kennis over de genetica van kanker weinig verandering in perceptie van het risico op kanker liet zien [Braithwaite ###] Genetische counseling voor familiaire kanker is geassocieerd met meer kennis, maar zorgt niet voor meer angst of kankerspecifieke ongerustheid Betere kennis over de hoogte van de risicoâs zorgde voor minder angst en kankerspecifieke ongerustheid op de korte termijn, maar op de lange termijn bleek er geen verschil in angst en Er zijn weinig onderzoeken die de lange termijn gevolgen op psychosociaal gebied in Michie beschrijft bij het testen van ### volwassenen en ## kinderen op de aanleg voor familiaire adenomateuze polyposis (FAP), dat de kinderen het eerste jaar na de volwassenen is de kans op angst hoger na een uitslag waarbij dragerschap is aangetoond, als zij weinig optimistisch zijn en weinig zelfrespect hebben Michie adviseert hier gericht aandacht aan te besteden bij de counseling darmkanker Hierbij is ook gekeken naar de gevolgen van de ziekte Familiaire Adenomateuze Polyposis (FAP), een erfelijk tumorsyndroom waarbij, net als bij PHTS, ook kinderen al aangedaan kunnen zijn [<PERSOON>-Kiebooms ###] Volwassenen zijn vooral ongerust over hun (klein)kinderen FAP heeft een behoorlijke impact op de familiedynamiek Ook blijkt kennis over deze aandoening van belang voor de reproductieve keuzes Onder professionals bestaat er consensus dat voorspellende testen voor erfelijke kankersoorten niet wenselijk zijn bij kinderen, vanwege de.
| 553 | nvog |
is van mening dat bij afwegingen ten aanzien van reproductieve Uit een review van Braithwaite bleek dat meer kennis over de genetica van kanker weinig verandering in perceptie van het risico op kanker liet zien [Braithwaite ###] Genetische counseling voor familiaire kanker is geassocieerd met meer kennis, maar zorgt niet voor meer angst of kankerspecifieke ongerustheid Betere kennis over de hoogte van de risicoâs zorgde voor minder angst en kankerspecifieke ongerustheid op de korte termijn, maar op de lange termijn bleek er geen verschil in angst en Er zijn weinig onderzoeken die de lange termijn gevolgen op psychosociaal gebied in Michie beschrijft bij het testen van ### volwassenen en ## kinderen op de aanleg voor familiaire adenomateuze polyposis (FAP), dat de kinderen het eerste jaar na de volwassenen is de kans op angst hoger na een uitslag waarbij dragerschap is aangetoond, als zij weinig optimistisch zijn en weinig zelfrespect hebben Michie adviseert hier gericht aandacht aan te besteden bij de counseling darmkanker Hierbij is ook gekeken naar de gevolgen van de ziekte Familiaire Adenomateuze Polyposis (FAP), een erfelijk tumorsyndroom waarbij, net als bij PHTS, ook kinderen al aangedaan kunnen zijn [<PERSOON>-Kiebooms ###] Volwassenen zijn vooral ongerust over hun (klein)kinderen FAP heeft een behoorlijke impact op de familiedynamiek Ook blijkt kennis over deze aandoening van belang voor de reproductieve keuzes Onder professionals bestaat er consensus dat voorspellende testen voor erfelijke kankersoorten niet wenselijk zijn bij kinderen, vanwege de ###] Ook bestaat het risico dat ouders op een andere manier omgaan met hun kinderen die drager van de mutatie zijn dan met hun kinderen die dat niet zijn Omdat bij PHTS symptomen al op kinderleeftijd kunnen optreden, kan volgens deze auteurs overwogen worden om onder die omstandigheden DNA-onderzoek wel voor kinderen aan te bieden [<PERSOON> ###] Uit een review van Heshka (###) op basis van ## studies bleek dat ## maanden na genetisch onderzoek, bij de aandoeningen Lynch syndroom, erfelijke borst-eierstokkanker en de ziekte van Alzheimer, er geen verschil psychosociaal welbevinden en waren er minimale verschillen met betrekking tot gedrag Heshka adviseert de educatie van de adviesvragers te verbeteren om een We kennen drie vormen van psychosociale zorg bij chronische aandoeningen Deze drie vormen kunnen ook worden onderscheiden bij <PERSOON> ###] # Onder basis psychosociale zorg verstaan we de psychosociale zorg die valt onder de reguliere zorg, die door diverse medische disciplines standaard gegeven wordt, bijvoorbeeld als onderdeel van de counseling door klinisch dient ruim aandacht aan de psychosociale aspecten te geven [richtlijn PHTS is een zeldzaam tumorsyndroom Daarom zal de patiënt minder in de huisartsenpraktijk terecht kunnen met specifieke vragen, angsten en zorgen omtrent het syndroom, maar wel natuurlijk voor algehele ondersteuning bij # Wanneer er sprake is van psychosociale problemen (bijvoorbeeld bij het omgaan met kanker of met het risico daarop, het communiceren met familieleden, het nemen van beslissingen, het maken van keuzes, of het hanteren van spanning, # Psycho-educatie in groepen is de derde vorm van psychosociale zorg bij chronische aandoeningen.
| 595 | nvog |
andere manier omgaan met hun kinderen die drager van de mutatie zijn dan met hun kinderen die dat niet zijn Omdat bij PHTS symptomen al op kinderleeftijd kunnen optreden, kan volgens deze auteurs overwogen worden om onder die omstandigheden DNA-onderzoek wel voor kinderen aan te bieden [<PERSOON> ###] Uit een review van Heshka (###) op basis van ## studies bleek dat ## maanden na genetisch onderzoek, bij de aandoeningen Lynch syndroom, erfelijke borst-eierstokkanker en de ziekte van Alzheimer, er geen verschil psychosociaal welbevinden en waren er minimale verschillen met betrekking tot gedrag Heshka adviseert de educatie van de adviesvragers te verbeteren om een We kennen drie vormen van psychosociale zorg bij chronische aandoeningen Deze drie vormen kunnen ook worden onderscheiden bij <PERSOON> ###] # Onder basis psychosociale zorg verstaan we de psychosociale zorg die valt onder de reguliere zorg, die door diverse medische disciplines standaard gegeven wordt, bijvoorbeeld als onderdeel van de counseling door klinisch dient ruim aandacht aan de psychosociale aspecten te geven [richtlijn PHTS is een zeldzaam tumorsyndroom Daarom zal de patiënt minder in de huisartsenpraktijk terecht kunnen met specifieke vragen, angsten en zorgen omtrent het syndroom, maar wel natuurlijk voor algehele ondersteuning bij # Wanneer er sprake is van psychosociale problemen (bijvoorbeeld bij het omgaan met kanker of met het risico daarop, het communiceren met familieleden, het nemen van beslissingen, het maken van keuzes, of het hanteren van spanning, # Psycho-educatie in groepen is de derde vorm van psychosociale zorg bij chronische aandoeningen Landsbergen beschrijft dat educatieve bijeenkomsten van groepen van vrouwen met een BRCA-genmutatie wel voorzien in behoefte aan informatievoorziening maar niet Patiënten die worden gecounseld in verband met mammacarcinoom of coloncarcinoom vinden vooral de aandacht voor emotionele aspecten en de kwaliteit van uitleg door de counselor van belang [<PERSOON> ###] Wanneer bij de counseling voldoende aandacht was voor de emotionele aspecten en de counseling beter aansloot bij de verwachtingen, werd er minder stress en angst ervaren door de patiënt Het inventariseren van de verwachting blijkt dus effectief, zoals ook de reeds Ormondroyd beschrijft de resultaten van interviews over de mening omtrent ## en <LEEFTIJD> jaar [Ormondroyd ###] Hierbij blijkt dat vrouwen uit BRCA- genmutatiefamilies eerder kiezen voor PGD (Pre-implantatie Genetische Diagnostiek) dan voor een vruchtwaterpunctie en (in geval van gebleken dragerschap bij de foetus) afbreken van een zwangerschap Hierbij geven zij wel aan zorgen te hebben over het selecteren van embryoâs omdat hiermee het bestaan van henzelf en vele familieleden was voorkomen omdat deze zwangerschappen dan niet geselecteerd zouden zijn Daarnaast zijn er zorgen over het ondergaan van in-vitrofertilisatie (IVF) en de daarbij horende ovariële stimulatie Er was een verschil in kennis over de reproductieve mogelijkheden Dit onderzoek toont aan dat het ten zeerste aan te en gespecialiseerde psychosociale ondersteuning te bieden omtrent reproductieve mogelijkheden zoals PGD, gezien de complexiteit van de verschillende <PERSOON> beschrijft een studie waarbij het afrondende gesprek van de klinischgenetische counseling in verband met het voorkomen van mammacarcinoom.
| 586 | nvog |
Landsbergen beschrijft dat educatieve bijeenkomsten van groepen van vrouwen met een BRCA-genmutatie wel voorzien in behoefte aan informatievoorziening maar niet Patiënten die worden gecounseld in verband met mammacarcinoom of coloncarcinoom vinden vooral de aandacht voor emotionele aspecten en de kwaliteit van uitleg door de counselor van belang [<PERSOON> ###] Wanneer bij de counseling voldoende aandacht was voor de emotionele aspecten en de counseling beter aansloot bij de verwachtingen, werd er minder stress en angst ervaren door de patiënt Het inventariseren van de verwachting blijkt dus effectief, zoals ook de reeds Ormondroyd beschrijft de resultaten van interviews over de mening omtrent ## en <LEEFTIJD> jaar [Ormondroyd ###] Hierbij blijkt dat vrouwen uit BRCA- genmutatiefamilies eerder kiezen voor PGD (Pre-implantatie Genetische Diagnostiek) dan voor een vruchtwaterpunctie en (in geval van gebleken dragerschap bij de foetus) afbreken van een zwangerschap Hierbij geven zij wel aan zorgen te hebben over het selecteren van embryoâs omdat hiermee het bestaan van henzelf en vele familieleden was voorkomen omdat deze zwangerschappen dan niet geselecteerd zouden zijn Daarnaast zijn er zorgen over het ondergaan van in-vitrofertilisatie (IVF) en de daarbij horende ovariële stimulatie Er was een verschil in kennis over de reproductieve mogelijkheden Dit onderzoek toont aan dat het ten zeerste aan te en gespecialiseerde psychosociale ondersteuning te bieden omtrent reproductieve mogelijkheden zoals PGD, gezien de complexiteit van de verschillende <PERSOON> beschrijft een studie waarbij het afrondende gesprek van de klinischgenetische counseling in verband met het voorkomen van mammacarcinoom Daarnaast is door deze patiënten een enquête over tevredenheid en angstbeleving ingevuld Non-verbale aanmoedigingen en verbale dominantie van de counselor waren geassocieerd met meer angst na het polibezoek <PERSOON> adviseert om in dialoog te gaan met de patiënt tijdens het eindgesprek en als counselor minder het woord te Er zijn aanwijzingen dat patiënten minder stress en angst ervaren wanneer bij de counseling over een oncologische aandoening voldoende aandacht is voor de emotionele aspecten en wanneer de counseling aansluit bij de verwachtingen van de Er zijn aanwijzingen dat het aangaan van een dialoog met de patiënt in plaats van als counselor zelf aan het woord te zijn tijdens het afrondende gesprek van de klinisch genetische couseling in verband met mammacarcinoom, gepaard gaat met minder Er zijn aanwijzingen dat bij patiënten met ##% kans op het doorgeven van een Er zijn geen gegevens beschikbaar specifiek over psychosociale begeleiding van patiënten met PHTS De studies die verricht zijn bij patiënten met andere tumorsyndromen zullen naar verwachting (deels) ook van toepassing zijn op In de regel wordt presymptomatisch DNA-onderzoek aangeboden vanaf de leeftijd dat er controles geadviseerd worden en er dus medische consequenties zijn Omdat bij PHTS al op kinderleeftijd symptomen kunnen optreden, kan DNA- onderzoek aan kinderen aangeboden worden Het DNA-onderzoek is indien er symptomen bij het kind aanwezig zijn, namelijk niet presymptomatisch maar diagnostisch te beschouwen Bij dit besluit moet de mening van het kind worden meegewogen, rekening houdend met leeftijd en ontwikkelingsniveau van het kind ouders en hulpverleners bij het nemen van beslissingen over medische.
| 570 | nvog |
enquête over tevredenheid en angstbeleving ingevuld Non-verbale aanmoedigingen en verbale dominantie van de counselor waren geassocieerd met meer angst na het polibezoek <PERSOON> adviseert om in dialoog te gaan met de patiënt tijdens het eindgesprek en als counselor minder het woord te Er zijn aanwijzingen dat patiënten minder stress en angst ervaren wanneer bij de counseling over een oncologische aandoening voldoende aandacht is voor de emotionele aspecten en wanneer de counseling aansluit bij de verwachtingen van de Er zijn aanwijzingen dat het aangaan van een dialoog met de patiënt in plaats van als counselor zelf aan het woord te zijn tijdens het afrondende gesprek van de klinisch genetische couseling in verband met mammacarcinoom, gepaard gaat met minder Er zijn aanwijzingen dat bij patiënten met ##% kans op het doorgeven van een Er zijn geen gegevens beschikbaar specifiek over psychosociale begeleiding van patiënten met PHTS De studies die verricht zijn bij patiënten met andere tumorsyndromen zullen naar verwachting (deels) ook van toepassing zijn op In de regel wordt presymptomatisch DNA-onderzoek aangeboden vanaf de leeftijd dat er controles geadviseerd worden en er dus medische consequenties zijn Omdat bij PHTS al op kinderleeftijd symptomen kunnen optreden, kan DNA- onderzoek aan kinderen aangeboden worden Het DNA-onderzoek is indien er symptomen bij het kind aanwezig zijn, namelijk niet presymptomatisch maar diagnostisch te beschouwen Bij dit besluit moet de mening van het kind worden meegewogen, rekening houdend met leeftijd en ontwikkelingsniveau van het kind ouders en hulpverleners bij het nemen van beslissingen over medische opvattingen en de wensen van het kind zelf Kinderen van ## tot <LEEFTIJD> jaar hebben volgens de wet bij medische behandelingen of onderzoeken een belangrijke eigen stem Jongeren van <LEEFTIJD> jaar en ouder worden door de WGBO gelijk gesteld met Voor patiënten met PHTS wordt bij voorkeur psychosociale begeleiding geadviseerd uit te voeren door psychologen en/of maatschappelijk werkers die werkzaam zijn op een afdeling klinische genetica met een polikliniek voor familiaire tumoren Zij zijn gespecialiseerd in hulpverlening in het kader van oncogenetische aandoeningen Deze hulp richt zich vooral op ondersteuning van besluitvorming, leren omgaan met de uitkomsten en implicaties van diagnostiek en op herstel van de balans tussen Op de patiëntendag op <DATUM> is de vraag gesteld âZou u de voorkeur geven aan psychosociale begeleiding van een universitair medisch <INSTELLING>, afdeling genetica?â Nagenoeg allen antwoordden met ja, twee twijfelden in verband met de reisafstand (met name bij kinderen) Hierbij werd het acceptabel geacht om bij het universitair medisch <INSTELLING> te beginnen en dat in overleg gekeken kan worden welke vorm van psychosociale begeleiding wenselijk is en waar dit kan plaats vinden <PERSOON> J, <PERSOON> F, et al Psychological impact of genetic counseling for familial cancer a systematic review and meta-analysis Fam Cancer ###;#(#) ### Review <PERSOON> M and ## other collaborators Genetic testing in asymptomatic minors Recommendations of the European Society of Human Genetics European Society of Human Genetics Eur J Hum Genet ### <PERSOON>;##(#).
| 589 | nvog |
en de wensen van het kind zelf Kinderen van ## tot <LEEFTIJD> jaar hebben volgens de wet bij medische behandelingen of onderzoeken een belangrijke eigen stem Jongeren van <LEEFTIJD> jaar en ouder worden door de WGBO gelijk gesteld met Voor patiënten met PHTS wordt bij voorkeur psychosociale begeleiding geadviseerd uit te voeren door psychologen en/of maatschappelijk werkers die werkzaam zijn op een afdeling klinische genetica met een polikliniek voor familiaire tumoren Zij zijn gespecialiseerd in hulpverlening in het kader van oncogenetische aandoeningen Deze hulp richt zich vooral op ondersteuning van besluitvorming, leren omgaan met de uitkomsten en implicaties van diagnostiek en op herstel van de balans tussen Op de patiëntendag op <DATUM> is de vraag gesteld âZou u de voorkeur geven aan psychosociale begeleiding van een universitair medisch <INSTELLING>, afdeling genetica?â Nagenoeg allen antwoordden met ja, twee twijfelden in verband met de reisafstand (met name bij kinderen) Hierbij werd het acceptabel geacht om bij het universitair medisch <INSTELLING> te beginnen en dat in overleg gekeken kan worden welke vorm van psychosociale begeleiding wenselijk is en waar dit kan plaats vinden <PERSOON> J, <PERSOON> F, et al Psychological impact of genetic counseling for familial cancer a systematic review and meta-analysis Fam Cancer ###;#(#) ### Review <PERSOON> M and ## other collaborators Genetic testing in asymptomatic minors Recommendations of the European Society of Human Genetics European Society of Human Genetics Eur J Hum Genet ### <PERSOON>;##(#) <PERSOON> C, et al Nonverbal communication and conversational contribution in breast cancer genetic counseling are counselors' counselees' satisfaction, needs fulfillment and state anxiety in breast cancer genetic <PERSOON> E, et al <PERSOON> psychological complexity of predictive testing for late onset neurogenic diseases and hereditary cancers implications for multidisciplinary counseling and for education <PERSOON> H, et al A systematic review of percieved risks, psychological and behavioral impacts of genetic testing <PERSOON> P, et al Educational-support groups for BRCA mutation carriers satisfy need for information but do not affect emotional <PERSOON-##> TM Predictive genetic testing in children and adults a <PERSOON-##> C, et al Attitudes to reproductive testing in women who had a positive test before having children a qualitative analysis <PERSOON-##> AM, et al Initial cancer genetic counseling consultation change in counselees' cognitions and anxiety, and association with <PERSOON-##> AV, et al Handboek Psychologische Interventies bij Chronisch-somatische <PERSOON-##>, ### a Waar (perifeer versus universitair medisch <INSTELLING>) moet de behandeling voor welke patiënt met PHTS plaatsvinden om de continuïteit van zorg te kunnen b Welke organisatie van zorg wordt aanbevolen voor de diagnostiek en de.
| 573 | nvog |
<PERSOON> C, et al Nonverbal communication and conversational contribution in breast cancer genetic counseling are counselors' counselees' satisfaction, needs fulfillment and state anxiety in breast cancer genetic <PERSOON> E, et al <PERSOON> psychological complexity of predictive testing for late onset neurogenic diseases and hereditary cancers implications for multidisciplinary counseling and for education <PERSOON> H, et al A systematic review of percieved risks, psychological and behavioral impacts of genetic testing <PERSOON> P, et al Educational-support groups for BRCA mutation carriers satisfy need for information but do not affect emotional <PERSOON> TM Predictive genetic testing in children and adults a <PERSOON> C, et al Attitudes to reproductive testing in women who had a positive test before having children a qualitative analysis <PERSOON> AM, et al Initial cancer genetic counseling consultation change in counselees' cognitions and anxiety, and association with <PERSOON> AV, et al Handboek Psychologische Interventies bij Chronisch-somatische <PERSOON-##>, ### a Waar (perifeer versus universitair medisch <INSTELLING>) moet de behandeling voor welke patiënt met PHTS plaatsvinden om de continuïteit van zorg te kunnen b Welke organisatie van zorg wordt aanbevolen voor de diagnostiek en de PHTS in een daartoe gespecialiseerd tertiair medisch <INSTELLING> dient plaats te vinden, De werkgroep is van mening dat de âroadmapâ behulpzaam kan zijn voor de patiënt met PHTS, zijn/haar omgeving en de zorgverleners om goed overzicht te houden over de benodigde zorg waarbij multidisciplinair overleg een voorwaarde is De werkgroep is van mening dat voor patiënten met PHTS onderdelen van de zorg in een naburig ziekenhuis kunnen plaatsvinden in overleg met een universitair medisch PHTS is een zeldzame aandoening die naar schatting bij één op de ### ### mensen voorkomt Omdat het een zeldzaam syndroom is, zijn weinig artsen bekend met deze aandoening, de mogelijke symptomen die kunnen optreden en de juiste behandeling hiervan Daarnaast hebben patiënten met PHTS een verhoogd risico op bepaalde vormen van kanker Het herkennen hiervan en de mogelijkheden voor surveillance is eveneens voor veel zorgverleners onbekend terrein Er is geen literatuur beschikbaar specifiek gericht op de diagnostiek en de behandeling van PHTS, die ons kan helpen de uitgangsvragen te beantwoorden Wel is algemeen bekend dat centralisatie voor laag-volumezorg in het algemeen leidt tot kwalitatief betere zorg Uit oncologische zorg is duidelijk geworden dat centralisatie van zorg leidt tot een betere overleving Er zijn aanwijzingen, dat laagvolume zorg gebaat is bij centralisatie Herkenning van symptomen en behandeling hiervan zal zo optimaal mogelijk verlopen bij artsen die bekend zijn met dit syndroom en die regelmatig patiënten met deze aandoening zien en behandelen zodat zij ook op de hoogte zijn van de variatie in symptomen en verschijningsvormen tussen verschillende patiënten.
| 537 | nvog |
gespecialiseerd tertiair medisch <INSTELLING> dient plaats te vinden, De werkgroep is van mening dat de âroadmapâ behulpzaam kan zijn voor de patiënt met PHTS, zijn/haar omgeving en de zorgverleners om goed overzicht te houden over de benodigde zorg waarbij multidisciplinair overleg een voorwaarde is De werkgroep is van mening dat voor patiënten met PHTS onderdelen van de zorg in een naburig ziekenhuis kunnen plaatsvinden in overleg met een universitair medisch PHTS is een zeldzame aandoening die naar schatting bij één op de ### ### mensen voorkomt Omdat het een zeldzaam syndroom is, zijn weinig artsen bekend met deze aandoening, de mogelijke symptomen die kunnen optreden en de juiste behandeling hiervan Daarnaast hebben patiënten met PHTS een verhoogd risico op bepaalde vormen van kanker Het herkennen hiervan en de mogelijkheden voor surveillance is eveneens voor veel zorgverleners onbekend terrein Er is geen literatuur beschikbaar specifiek gericht op de diagnostiek en de behandeling van PHTS, die ons kan helpen de uitgangsvragen te beantwoorden Wel is algemeen bekend dat centralisatie voor laag-volumezorg in het algemeen leidt tot kwalitatief betere zorg Uit oncologische zorg is duidelijk geworden dat centralisatie van zorg leidt tot een betere overleving Er zijn aanwijzingen, dat laagvolume zorg gebaat is bij centralisatie Herkenning van symptomen en behandeling hiervan zal zo optimaal mogelijk verlopen bij artsen die bekend zijn met dit syndroom en die regelmatig patiënten met deze aandoening zien en behandelen zodat zij ook op de hoogte zijn van de variatie in symptomen en verschijningsvormen tussen verschillende patiënten vraagt de behandeling van de symptomen van patiënten met PHTS expertise van verschillende behandelaars en is het wenselijk dat deze behandelaars met elkaar Gezien de te verwachten problematiek bij patiënten met PHTS dienen in het behandelteam minimaal een medisch oncoloog, neuroloog, klinisch geneticus, endocrinoloog en maag-darm-leverarts aanwezig te zijn Op indicatie dienen een gynaecoloog, uroloog, dermatoloog, chirurg en neurochirurg beschikbaar te zijn Uiteraard zijn ondersteunende specialisten zoals een radioloog, patholoog, nucleair psychosociale zorg en maatschappelijk werk, die op de hoogte zijn van de problematiek van PHTS-patiënten Multidisciplinair overleg is daarbij een belangrijke patiëntenbesprekingen, zoals op een polikliniek familiaire tumoren, die met een terugkerende regelmaat worden gehouden en waar alle betrokken specialisten bij Daarnaast is het voor patiënten die vele behandelaars nodig hebben noodzakelijk dat er een duidelijk aanspreekpunt is voor de patiënt waar hij/zij met alle vragen terecht kan Vaak wordt een dergelijke rol vervult door een casemanager of verpleegkundig specialist die of zelf de vraag kan beantwoorden of de vraag doorspeelt aan de betreffende specialist en zorgt dat de patiënt antwoord krijgt op deze vraag Deze casemanager kan ook de patiënt helpen overzicht te houden over de behandeling en Uit ervaring bij oncologische zorg kan een âroadmapâ voor patiënten leiden tot een âroadmapâ geeft een overzicht van welk onderzoek op welk moment moet plaatsvinden Een patiënt kan uiteraard in overleg met het behandelteam er wel of niet voor kiezen specifieke surveillance te ondergaan Ten aanzien van de roadmap Einden van den <PERSOON> KK, Massuger LF, et al.
| 577 | nvog |
vraagt de behandeling van de symptomen van patiënten met PHTS expertise van verschillende behandelaars en is het wenselijk dat deze behandelaars met elkaar Gezien de te verwachten problematiek bij patiënten met PHTS dienen in het behandelteam minimaal een medisch oncoloog, neuroloog, klinisch geneticus, endocrinoloog en maag-darm-leverarts aanwezig te zijn Op indicatie dienen een gynaecoloog, uroloog, dermatoloog, chirurg en neurochirurg beschikbaar te zijn Uiteraard zijn ondersteunende specialisten zoals een radioloog, patholoog, nucleair psychosociale zorg en maatschappelijk werk, die op de hoogte zijn van de problematiek van PHTS-patiënten Multidisciplinair overleg is daarbij een belangrijke patiëntenbesprekingen, zoals op een polikliniek familiaire tumoren, die met een terugkerende regelmaat worden gehouden en waar alle betrokken specialisten bij Daarnaast is het voor patiënten die vele behandelaars nodig hebben noodzakelijk dat er een duidelijk aanspreekpunt is voor de patiënt waar hij/zij met alle vragen terecht kan Vaak wordt een dergelijke rol vervult door een casemanager of verpleegkundig specialist die of zelf de vraag kan beantwoorden of de vraag doorspeelt aan de betreffende specialist en zorgt dat de patiënt antwoord krijgt op deze vraag Deze casemanager kan ook de patiënt helpen overzicht te houden over de behandeling en Uit ervaring bij oncologische zorg kan een âroadmapâ voor patiënten leiden tot een âroadmapâ geeft een overzicht van welk onderzoek op welk moment moet plaatsvinden Een patiënt kan uiteraard in overleg met het behandelteam er wel of niet voor kiezen specifieke surveillance te ondergaan Ten aanzien van de roadmap Einden van den <PERSOON> KK, Massuger LF, et al patients with vulvar carcinoma a population-based study in <PERSOON> G, et al Improving outcome for patients Deze module is goedgekeurd op (datum) IKNL bewaakt samen met betrokken verenigingen de houdbaarheid van deze en andere onderdelen van de richtlijn De houder van de richtlijn moet kunnen aantonen dat de richtlijn zorgvuldig en met de vereiste deskundigheid tot stand is gekomen Onder houder wordt verstaan de IKNL draagt zorg voor het beheer en de ontsluiting van de richtlijn De richtlijn bevat aanbevelingen van algemene aard Het is mogelijk dat deze aanbevelingen in een individueel geval niet van toepassing zijn Er kunnen zich feiten of omstandigheden voordoen waardoor het wenselijk is dat in het belang van de Wanneer van de richtlijn wordt afgeweken, dient dit beargumenteerd gedocumenteerd te worden De toepassing van de richtlijnen in de praktijk is de Deze richtlijn is gefinancierd door de Stichting Kwaliteitsgelden Medisch Specialisten van de Vereniging Klinische Genetica <LOCATIE> (VKGN) De inhoud van de richtlijn professionals en bestuurders in de oncologische en palliatieve zorg IKNL draagt bij aan het verbeteren van de zorg rond kanker door het verzamelen van gegevens, het opstellen van richtlijnen, het bewaken van kwaliteit en het faciliteren van samenwerkingsverbanden Ons doel is de beste zorg voor iedere patiënt IKNL werkt aan multidisciplinaire richtlijnontwikkeling voor de oncologische en palliatieve zorg Naast het reviseren van richtlijnen faciliteert IKNL ook het onderhoud,.
| 549 | nvog |
patients with vulvar carcinoma a population-based study in <PERSOON> G, et al Improving outcome for patients Deze module is goedgekeurd op (datum) IKNL bewaakt samen met betrokken verenigingen de houdbaarheid van deze en andere onderdelen van de richtlijn De houder van de richtlijn moet kunnen aantonen dat de richtlijn zorgvuldig en met de vereiste deskundigheid tot stand is gekomen Onder houder wordt verstaan de IKNL draagt zorg voor het beheer en de ontsluiting van de richtlijn De richtlijn bevat aanbevelingen van algemene aard Het is mogelijk dat deze aanbevelingen in een individueel geval niet van toepassing zijn Er kunnen zich feiten of omstandigheden voordoen waardoor het wenselijk is dat in het belang van de Wanneer van de richtlijn wordt afgeweken, dient dit beargumenteerd gedocumenteerd te worden De toepassing van de richtlijnen in de praktijk is de Deze richtlijn is gefinancierd door de Stichting Kwaliteitsgelden Medisch Specialisten van de Vereniging Klinische Genetica <LOCATIE> (VKGN) De inhoud van de richtlijn professionals en bestuurders in de oncologische en palliatieve zorg IKNL draagt bij aan het verbeteren van de zorg rond kanker door het verzamelen van gegevens, het opstellen van richtlijnen, het bewaken van kwaliteit en het faciliteren van samenwerkingsverbanden Ons doel is de beste zorg voor iedere patiënt IKNL werkt aan multidisciplinaire richtlijnontwikkeling voor de oncologische en palliatieve zorg Naast het reviseren van richtlijnen faciliteert IKNL ook het onderhoud, De kwaliteit van ontwikkelen, implementeren en evalueren van evidence en consensus based richtlijnen waarborgt IKNL door aan te sluiten bij de criteria opgesteld in de Richtlijn voor Richtlijnen (maart ###), AGREE II en de Medisch verenigingen en hebben daarmee het mandaat voor hun inbreng Bij de samenstelling van de werkgroep is getracht rekening te houden met landelijke Door het multidisciplinaire <INSTELLING> van de richtlijn zijn diverse professionals rondom het vaststellen van de concepttekst gevraagd om mee te lezen en input te geven Mw <PERSOON>, klinisch geneticus, Radboudumc, <LOCATIE>, voorzitter (Vereniging <PERSOON>, MSc, arts onderzoeker <INSTELLING>, Leiden (op persoonlijke titel) <PERSOON>, patholoog, Radboudumc, <LOCATIE> (Nederlandse Vereniging voor <PERSOON>, genetisch consulent, <LOCATIE> <INSTELLING>+, <LOCATIE> (Nederlandse Mw <PERSOON>, patholoog Universitair Medisch <INSTELLING>, <LOCATIE> Mw prof <PERSOON>, internist, Radboudumc, <LOCATIE> (Vereniging Mw <PERSOON>, gynaecologisch oncoloog, Radboudumc, <LOCATIE> Mw prof <PERSOON> P Links, internist-endocrinoloog, Universitair Medisch <INSTELLING>, Mw <PERSOON-##>, secretaresse, IKNL, <LOCATIE> <PERSOON-##>, vertegenwoordiger Leven met <PERSOON-##>, BSc, coassistent Radboudumc <LOCATIE> en patiëntvertegenwoordiger Mw <PERSOON-##>, (kinder)neuroloog, Radboudumc, <LOCATIE> (Nederlandse Prof <PERSOON-##>, hoogleraar erfelijke tumoren, <INSTELLING>, Leiden, medisch Mw <PERSOON> J.
| 578 | nvog |
implementeren en evalueren van evidence en consensus based richtlijnen waarborgt IKNL door aan te sluiten bij de criteria opgesteld in de Richtlijn voor Richtlijnen (maart ###), AGREE II en de Medisch verenigingen en hebben daarmee het mandaat voor hun inbreng Bij de samenstelling van de werkgroep is getracht rekening te houden met landelijke Door het multidisciplinaire <INSTELLING> van de richtlijn zijn diverse professionals rondom het vaststellen van de concepttekst gevraagd om mee te lezen en input te geven Mw <PERSOON>, klinisch geneticus, Radboudumc, <LOCATIE>, voorzitter (Vereniging <PERSOON>, MSc, arts onderzoeker <INSTELLING>, Leiden (op persoonlijke titel) <PERSOON>, patholoog, Radboudumc, <LOCATIE> (Nederlandse Vereniging voor <PERSOON>, genetisch consulent, <LOCATIE> <INSTELLING>+, <LOCATIE> (Nederlandse Mw <PERSOON>, patholoog Universitair Medisch <INSTELLING>, <LOCATIE> Mw prof <PERSOON>, internist, Radboudumc, <LOCATIE> (Vereniging Mw <PERSOON>, gynaecologisch oncoloog, Radboudumc, <LOCATIE> Mw prof <PERSOON> P Links, internist-endocrinoloog, Universitair Medisch <INSTELLING>, Mw <PERSOON>, secretaresse, IKNL, <LOCATIE> <PERSOON-##>, vertegenwoordiger Leven met <PERSOON-##>, BSc, coassistent Radboudumc <LOCATIE> en patiëntvertegenwoordiger Mw <PERSOON-##>, (kinder)neuroloog, Radboudumc, <LOCATIE> (Nederlandse Prof <PERSOON-##>, hoogleraar erfelijke tumoren, <INSTELLING>, Leiden, medisch Mw <PERSOON> J Mw <PERSOON-##>, radioloog, <INSTELLING>, <LOCATIE> Om de beïnvloeding van de richtlijnontwikkeling of formulering van de aanbevelingen door conflicterende belangen te minimaliseren zijn de leden van werkgroep Alle werkgroepleden hebben bij aanvang en bij de afronding van het richtlijntraject onafhankelijk gehandeld te hebben bij het opstellen van de richtlijn Potentiële conflicterende belangen zijn besproken Waar nodig zijn werkgroepleden met bevindingen zijn schriftelijk vastgelegd in de belangenverklaring en opvraagbaar via kinderoncologie, mamma, dermatologie, neurologie, schildklier, chirurgie, interne oncologie, commissie erfelijke tumoren, etc ) Enquête heeft opengestaan van <DATUM> tot <DATUM> In totaal hebben ### professionals de enquête gestart en deels ingevuld ## van de ### professionals geven aan dat ze per jaar tenminste # patiënt met PHTS # een knelpunt bij het herkennen van het PTEN hamartoom # een knelpunt bij het herkennen van het PTEN hamartoom # een knelpunt bij besluitvorming over het al dan niet inzetten van DNA onderzoek naar het PTEN hamartoom De vertikale kolommen geven de prioriteit weer van # tot <DATUM> een knelpunt bij besluitvorming over het al dan niet van kanker bij patiënten met het PTEN hamartoom # onvoldoende kennis over de prevalentie van benigne # onvoldoende kennis over het risico op het ontwikkelen van Lhermitte Duclos bij patiënten met het PTEN hamartoom # onvoldoende kennis over het te volgen behandelbeleid bij ## een knelpunt bij de informatieoverdracht aan patiënten ## een knelpunt in de kennis van patiënten met het PTEN ##.
| 618 | nvog |
Zonderland, radioloog, <INSTELLING>, <LOCATIE> Om de beïnvloeding van de richtlijnontwikkeling of formulering van de aanbevelingen door conflicterende belangen te minimaliseren zijn de leden van werkgroep Alle werkgroepleden hebben bij aanvang en bij de afronding van het richtlijntraject onafhankelijk gehandeld te hebben bij het opstellen van de richtlijn Potentiële conflicterende belangen zijn besproken Waar nodig zijn werkgroepleden met bevindingen zijn schriftelijk vastgelegd in de belangenverklaring en opvraagbaar via kinderoncologie, mamma, dermatologie, neurologie, schildklier, chirurgie, interne oncologie, commissie erfelijke tumoren, etc ) Enquête heeft opengestaan van <DATUM> tot <DATUM> In totaal hebben ### professionals de enquête gestart en deels ingevuld ## van de ### professionals geven aan dat ze per jaar tenminste # patiënt met PHTS # een knelpunt bij het herkennen van het PTEN hamartoom # een knelpunt bij het herkennen van het PTEN hamartoom # een knelpunt bij besluitvorming over het al dan niet inzetten van DNA onderzoek naar het PTEN hamartoom De vertikale kolommen geven de prioriteit weer van # tot <DATUM> een knelpunt bij besluitvorming over het al dan niet van kanker bij patiënten met het PTEN hamartoom # onvoldoende kennis over de prevalentie van benigne # onvoldoende kennis over het risico op het ontwikkelen van Lhermitte Duclos bij patiënten met het PTEN hamartoom # onvoldoende kennis over het te volgen behandelbeleid bij ## een knelpunt bij de informatieoverdracht aan patiënten ## een knelpunt in de kennis van patiënten met het PTEN ## Er waren drie extra knelpunten door de professionals aangegeven, namelijk ⢠een duidelijk surveillance protocol voor deze patiënten ⢠âin richtlijn moet duidelijk aangegeven worden dat bij polyposis syndromen op ⢠In totaal hebben ## patiënten en naasten de enquête gestart en deels ingevuld ⢠Na opschoning (# respondenten verwijderd die de enquête niet verder hebben ⢠Beter informatieverstrekking door # persoon, # contactpersoon in een ziekenhuis die ⢠Communicatie die andere artsen verstrekt kunnen worden, evt door de patiënt zelf ⢠Juiste info, opvolgschema van onderzoeken (heb zelf jaarlijks bloedafname moeten ⢠Goed behandelplan Wat als het niet gevonden is in DNA en je hebt het wel ⢠Organisatie van zorg alle onderzoeken op # dag ⢠Dat ik niet steeds moet uitleggen wat Cowden is ⢠Een duidelijk overzicht dat alle risicogebieden omvat zodat ik het telkens weer kan uitprinten en meenemen naar de desbetreffende arts Een informatiepunt waar artsen ⢠Informatievoorziening, communicatie, # coördinerend behandelaar die op de hoogte is van de uitslagen van alle onderzoeken, informatievoorziening aan artsen zodat ze Wat is het risico op benigne mammaafwijkingen bij patiënten met PHTS? Bij het ontwikkelen van de richtlijnen wordt rekening gehouden met de uitvoerbaarheid van de richtlijn Daarbij wordt gelet op bevorderende of belemmerende factoren Om het gebruik in de dagelijkse praktijk te bevorderen is een roadmap opgenomen in de richtlijn en wordt in principe een samenvattingskaart ((WEBLINK)) Ook wordt de richtlijn verspreid onder de professionals.
| 601 | nvog |
In <LOCATIE> komen jaarlijks circa ### zwangerschappen voor waarbij maternale antistoffen gericht tegen foetale erytrocyten een ernstige bedreiging vormen voor het (ongeboren) kind Er is een nationale strategie ontwikkeld voor preventie, screening en behandeling van erytrocytenimmunisatie Doel van deze richtlijn is ï· bij wie preventief anti-<PERSOON> gegeven dient te worden, ï· bij wie screening op irregulaire erytrocytenantistoffen dient plaats te vinden, ï· welke testen dienen te worden verricht bij een afwijkende screeningsuitslag, ï· wanneer naar een gespecialiseerd <INSTELLING> dient te worden verwezen voor nadere intra-uteriene ï· bij welke bevindingen het kind geboren en neonataal behandeld dient te worden Tijdens de zwangerschap kunnen door de moeder gevormde erytrocytenantistoffen van de IgG klasse de placenta passeren en aan de erytrocyten van de foetus binden Dit kan leiden tot bloedcelafbraak (hemolyse) bij de foetus of bij de pasgeborene; het ziektebeeld dat op kan treden wordt hemolytische ziekte van de foetus en pasgeborene genoemd (HZFP) Om praktische redenen worden drie hoofdgroepen als oorzaak van HZFP onderscheiden een ABO antagonisme door anti-A of anti-B als gevolg van een verschil in ABO bloedgroep tussen moeder en kind, HZFP veroorzaakt door anti-rhesus-D (verder genoemd anti-D) en HZFP veroorzaakt door andere erytrocyten antistoffen dan anti-<PERSOON>-A en anti-B antistoffen komen van nature voor en worden regulaire antistoffen genoemd, alle andere typen antistoffen worden pas gevormd na blootstelling aan ABO antagonisme Anti-A of anti-B antistoffen zijn grotendeels van de IgM klasse en bereiken de foetus niet Door anti-A of anti-<PERSOON> klasse veroorzaakte hemolyse is ante partum doorgaans niet van belang, onder meer omdat A- en B-antigenen op de foetale rode cel minder tot expressie komen dan bij de pasgeborene en de volwassene [#] en wordt derhalve hier buiten beschouwing gelaten Ernstige neonatale HZFP als gevolg van D en niet-D antistoffen Ondanks preventieve maatregelen van rhesus-D-sensibilisatie (verder D genoemd), zoals het in ### ingevoerde programma van toediening van anti-<PERSOON> (Ig) postpartum en in risicosituaties voor foetomaternale transfusie en het in ### ingevoerde programma van anti-D Ig profylaxe bij ## weken, worden in <LOCATIE> nog jaarlijks ongeveer ### zwangerschappen gecompliceerd door de aanwezigheid van immunisatie met anti-D [#] Verder zijn er jaarlijks ongeveer ### zwangerschappen met maternale non-D erytrocytenantistoffen, onder andere anti-K, anti-c en anti-E [#] Deze erytrocytenimmunisatie leidt tot destructie van met antistoffen beladen foetale erytrocyten Destructie treedt voornamelijk extravasculair op door fagocytose en door antistofafhankelijke cellulaire cytotoxie (ADCC) [#] Door bloedafbraak stijgt de bilirubineconcentratie in foetaal bloed Kernicterus op basis van foetale hyperbilirubinemie komt echter niet voor, omdat bilirubine via de placenta geklaard wordt in de moederlijke circulatie De foetale hyperbilirubinemie ten gevolge van rode cel afbraak leidt wel (via onbekende weg) tot toename van de bilirubineconcentratie in vruchtwater [#] Het proces van foetale bloedafbraak leidt verder tot extramedullaire hematopoëse (zich onder meer uitend in hepatosplenomegalie) Indien de mate van bloedafbraak de aanmaak te boven gaat ontstaat foetale anemie Ernstige foetale anemie treedt vooral op bij.
| 611 | nvog |
hemolyse is ante partum doorgaans niet van belang, onder meer omdat A- en B-antigenen op de foetale rode cel minder tot expressie komen dan bij de pasgeborene en de volwassene [#] en wordt derhalve hier buiten beschouwing gelaten Ernstige neonatale HZFP als gevolg van D en niet-D antistoffen Ondanks preventieve maatregelen van rhesus-D-sensibilisatie (verder D genoemd), zoals het in ### ingevoerde programma van toediening van anti-<PERSOON> (Ig) postpartum en in risicosituaties voor foetomaternale transfusie en het in ### ingevoerde programma van anti-D Ig profylaxe bij ## weken, worden in <LOCATIE> nog jaarlijks ongeveer ### zwangerschappen gecompliceerd door de aanwezigheid van immunisatie met anti-D [#] Verder zijn er jaarlijks ongeveer ### zwangerschappen met maternale non-D erytrocytenantistoffen, onder andere anti-K, anti-c en anti-E [#] Deze erytrocytenimmunisatie leidt tot destructie van met antistoffen beladen foetale erytrocyten Destructie treedt voornamelijk extravasculair op door fagocytose en door antistofafhankelijke cellulaire cytotoxie (ADCC) [#] Door bloedafbraak stijgt de bilirubineconcentratie in foetaal bloed Kernicterus op basis van foetale hyperbilirubinemie komt echter niet voor, omdat bilirubine via de placenta geklaard wordt in de moederlijke circulatie De foetale hyperbilirubinemie ten gevolge van rode cel afbraak leidt wel (via onbekende weg) tot toename van de bilirubineconcentratie in vruchtwater [#] Het proces van foetale bloedafbraak leidt verder tot extramedullaire hematopoëse (zich onder meer uitend in hepatosplenomegalie) Indien de mate van bloedafbraak de aanmaak te boven gaat ontstaat foetale anemie Ernstige foetale anemie treedt vooral op bij #], en enkele andere zeer zeldzame immunisaties [#,#,#,##] Foetale anemie kan leiden tot hydrops foetalis en sterfte Neonatale hyperbilirubinemie kan leiden tot kernicterus Alhoewel placentapassage van irregulaire antistoffen reeds vóór een zwangerschapsduur van ## weken plaatsvindt, is deze pas vanaf ## weken van klinische betekenis Foetale sterfte door bloedgroepenimmunisatie is vanaf ## weken beschreven Vooral de K-immunisatie kenmerkt zich door een vroeg optreden en snel progressief beloop Omdat bij K-immunisatie tevens remming van de hematopoëse optreedt is bilirubinebepaling in vruchtwater minder betrouwbaar voor vroegtijdige detectie van anemie [#] Immunisatie kan optreden na expositie aan lichaamsvreemde antigenen - foetomaternale transfusie (FMT) de kans op passage van foetale erytrocyten naar de moeder neemt toe met zwangerschapsduur; risicofactoren vergroten de kans op foetomaternale transfusie (zie tabel #); - iatrogene transfusie transfusie van alleen op ABO/D en niet op c-, E- en K-antigeen geselecteerde rode bloedcellen en trombocyten is een voorname factor voor het ontstaan van non-D irregulaire antistoffen [##]; In <LOCATIE> zijn ongeveer ##% van alle zwangeren rhesus negatief Primaire preventie van D-immunisatie is mogelijk door intramusculaire toediening van humaan anti-D-immunoglobuline (anti-D Ig) aan D-negatieve vrouwen na expositie aan D-positieve erytrocyten (zie tabel #) De anti-D Ig moet bij voorkeur binnen ## uur na de expositie worden toegediend Routine postnatale profylaxe met anti-D Ig bij D-negatieve zwangeren reduceert de kans op immunisatie van ##,#% naar #,#% [##] Toediening van anti-D Ig later dan ## uur na de expositie is waarschijnlijk minder effectief, maar nog tot ## dagen na expositie bewezen zinvol en wordt tot.
| 659 | nvog |
anemie kan leiden tot hydrops foetalis en sterfte Neonatale hyperbilirubinemie kan leiden tot kernicterus Alhoewel placentapassage van irregulaire antistoffen reeds vóór een zwangerschapsduur van ## weken plaatsvindt, is deze pas vanaf ## weken van klinische betekenis Foetale sterfte door bloedgroepenimmunisatie is vanaf ## weken beschreven Vooral de K-immunisatie kenmerkt zich door een vroeg optreden en snel progressief beloop Omdat bij K-immunisatie tevens remming van de hematopoëse optreedt is bilirubinebepaling in vruchtwater minder betrouwbaar voor vroegtijdige detectie van anemie [#] Immunisatie kan optreden na expositie aan lichaamsvreemde antigenen - foetomaternale transfusie (FMT) de kans op passage van foetale erytrocyten naar de moeder neemt toe met zwangerschapsduur; risicofactoren vergroten de kans op foetomaternale transfusie (zie tabel #); - iatrogene transfusie transfusie van alleen op ABO/D en niet op c-, E- en K-antigeen geselecteerde rode bloedcellen en trombocyten is een voorname factor voor het ontstaan van non-D irregulaire antistoffen [##]; In <LOCATIE> zijn ongeveer ##% van alle zwangeren rhesus negatief Primaire preventie van D-immunisatie is mogelijk door intramusculaire toediening van humaan anti-D-immunoglobuline (anti-D Ig) aan D-negatieve vrouwen na expositie aan D-positieve erytrocyten (zie tabel #) De anti-D Ig moet bij voorkeur binnen ## uur na de expositie worden toegediend Routine postnatale profylaxe met anti-D Ig bij D-negatieve zwangeren reduceert de kans op immunisatie van ##,#% naar #,#% [##] Toediening van anti-D Ig later dan ## uur na de expositie is waarschijnlijk minder effectief, maar nog tot ## dagen na expositie bewezen zinvol en wordt tot De gegeven hoeveelheid anti-D Ig moet voldoende zijn Er kan neutraliseert Het is aannemelijk dat bij ongeveer #,#% van de bevallingen een FMT ) ## ml voorkomt In geval van FMT ) ## ml is een hogere () <LOCATIE> dosis anti-D Ig nodig De Hoofdinspecteur voor de Gezondheidszorg en de Voorzitter van de Ziekenfondsraad adviseerden in ### om die reden bij D-negatieve zwangeren een Kleihauer-Betketest, niet alleen in geval van een anemisch kind en intra-uteriene vruchtdood, maar ook in geval van keizersnede, manuele placentaverwijdering, meerlingzwangerschap of fundusexpressie [##] De Kleihauer-Betketest is echter bewerkelijk en de logistiek er omheen moeizaam Bovendien zal zelfs bij volgen van het advies nog ongeveer de helft van de massieve () ## ml) FMT's gemist worden omdat deze buiten de genoemde risicogroepen optreden [##] Het betreffende advies wordt daarom in de praktijk slecht geïmplementeerd In sommige klinieken wordt flowcytometrie verricht in plaats van de Kleihauer-Betke [##] In het <INSTELLING> draaiboek prenatale en neonatale screening wordt inmiddels geadviseerd na tweelinggeboorte een dubbele dosis Anti-D Ig te geven indien beide kinderen rhesus D positief zijn ((WEBLINK)) In het geval dat de Kleihauertest in het lokale laboratorium niet wordt verricht, bestaat de mogelijkheid het Behalve op indicatie (zie tabel #) werd sinds <DATUM> aan alle D-negatieve zwangeren in de ##e week <LOCATIE> anti-D Ig als routineprofylaxe gegeven [##] Routine antenatale profylaxe in het derde trimester reduceert de kans op immunisatie van ongeveer #,#% naar #,#% [##].
| 661 | nvog |
gegeven hoeveelheid anti-D Ig moet voldoende zijn Er kan neutraliseert Het is aannemelijk dat bij ongeveer #,#% van de bevallingen een FMT ) ## ml voorkomt In geval van FMT ) ## ml is een hogere () <LOCATIE> dosis anti-D Ig nodig De Hoofdinspecteur voor de Gezondheidszorg en de Voorzitter van de Ziekenfondsraad adviseerden in ### om die reden bij D-negatieve zwangeren een Kleihauer-Betketest, niet alleen in geval van een anemisch kind en intra-uteriene vruchtdood, maar ook in geval van keizersnede, manuele placentaverwijdering, meerlingzwangerschap of fundusexpressie [##] De Kleihauer-Betketest is echter bewerkelijk en de logistiek er omheen moeizaam Bovendien zal zelfs bij volgen van het advies nog ongeveer de helft van de massieve () ## ml) FMT's gemist worden omdat deze buiten de genoemde risicogroepen optreden [##] Het betreffende advies wordt daarom in de praktijk slecht geïmplementeerd In sommige klinieken wordt flowcytometrie verricht in plaats van de Kleihauer-Betke [##] In het <INSTELLING> draaiboek prenatale en neonatale screening wordt inmiddels geadviseerd na tweelinggeboorte een dubbele dosis Anti-D Ig te geven indien beide kinderen rhesus D positief zijn ((WEBLINK)) In het geval dat de Kleihauertest in het lokale laboratorium niet wordt verricht, bestaat de mogelijkheid het Behalve op indicatie (zie tabel #) werd sinds <DATUM> aan alle D-negatieve zwangeren in de ##e week <LOCATIE> anti-D Ig als routineprofylaxe gegeven [##] Routine antenatale profylaxe in het derde trimester reduceert de kans op immunisatie van ongeveer #,#% naar #,#% [##] zwangeren, ongeacht de pariteit [##] De halfwaardetijd van extern toegediend anti-D Ig in het bloed van de zwangere vrouw bedraagt # weken [##,##] Na antenatale anti-D-Ig-toediening mag gedurende ongeveer ## weken een beschermend effect worden verwacht (voor FMT ( ## ml) [##] Bij risicofactoren (zie tabel #) en na de geboorte van een D-positief kind dient men opnieuw anti-D Ig toe te dienen Vaginaal bloedverlies in de zwangerschap is geen erkende risicofactor [##], maar in recente richtlijnen van ACOG en RCOG wordt wel geadviseerd anti-D Ig te geven bij bloedverlies [##,##] Gedurende een periode van enkele maanden na de anti-D-Ig toediening kan een screeningstest op antistoffen zowel bij de moeder (indirecte antiglobulinetest) als bij het kind (directe antiglobulinetest) een (zwak) positieve uitslag geven Wanneer vaststaat dat al D-immunisatie is opgetreden, heeft toediening van anti-D Ig geen zin meer Anti-D Ig is een bloedproduct en wordt in <LOCATIE> geleverd door Sanquin Plasmaproducten De kans dat via anti-D Ig ernstige infecties worden overgedragen is extreem klein [##,##] Vanaf <DATUM> is de preventie van anti-D immunisatie als wordt bloed van rhesus-D negatieve zwangeren naar Sanquin gestuurd voor foetale D-typering (foetaal DNA in maternaal plasma) en herhaling van de screening op irregulaire antistoffen - indien de foetus hierbij rhesus D-positief blijkt (ongeveer ##% van de bepalingen) wordt vervolgens bij ## - ook postnatale toediening vindt plaats op geleide van de prenatale D-typering van het kind - postpartum D-typering in navelstrengbloed is dan niet langer nodig Navelstrengbloed dient toch nog te.
| 678 | nvog |
[##] De halfwaardetijd van extern toegediend anti-D Ig in het bloed van de zwangere vrouw bedraagt # weken [##,##] Na antenatale anti-D-Ig-toediening mag gedurende ongeveer ## weken een beschermend effect worden verwacht (voor FMT ( ## ml) [##] Bij risicofactoren (zie tabel #) en na de geboorte van een D-positief kind dient men opnieuw anti-D Ig toe te dienen Vaginaal bloedverlies in de zwangerschap is geen erkende risicofactor [##], maar in recente richtlijnen van ACOG en RCOG wordt wel geadviseerd anti-D Ig te geven bij bloedverlies [##,##] Gedurende een periode van enkele maanden na de anti-D-Ig toediening kan een screeningstest op antistoffen zowel bij de moeder (indirecte antiglobulinetest) als bij het kind (directe antiglobulinetest) een (zwak) positieve uitslag geven Wanneer vaststaat dat al D-immunisatie is opgetreden, heeft toediening van anti-D Ig geen zin meer Anti-D Ig is een bloedproduct en wordt in <LOCATIE> geleverd door Sanquin Plasmaproducten De kans dat via anti-D Ig ernstige infecties worden overgedragen is extreem klein [##,##] Vanaf <DATUM> is de preventie van anti-D immunisatie als wordt bloed van rhesus-D negatieve zwangeren naar Sanquin gestuurd voor foetale D-typering (foetaal DNA in maternaal plasma) en herhaling van de screening op irregulaire antistoffen - indien de foetus hierbij rhesus D-positief blijkt (ongeveer ##% van de bepalingen) wordt vervolgens bij ## - ook postnatale toediening vindt plaats op geleide van de prenatale D-typering van het kind - postpartum D-typering in navelstrengbloed is dan niet langer nodig Navelstrengbloed dient toch nog te Dit is vanwege validatie van de - er is een uitzondering gemaakt voor meerlingen Hierbij dient toch nog postpartum navelstengbloed afgenomen en in het lokale laboratorium de bloedgroep bepaald te worden Als bij een tweeling beide kinderen bloedgroep rhesus D positief hebben, dan krijgt de moeder post partum # ampullen <LOCATIE> anti-D Ig toegediend Ook als bij prenatale D-typering de foetussen negatief bleken, moeten tijdens de evaluatieperiode (tot oktober ###) de bloedgroepen nog in het lokale laboratorium bepaald te worden Bij hogere () #) meerlingen dient een Kleihauer test verricht te worden Voor de preventie van het ontstaan van andere (non-D) irregulaire erytrocytenantistoffen is in de CBO richtlijn Bloedtransfusie sinds ### het advies opgenomen om voor transfusie aan alle meisjes en vrouwen jonger dan <LEEFTIJD> jaar K-negatief bloed te selecteren Niettegenstaande het huidige primaire preventieprogramma kan in - spontane niet-herkende FMT tijdens de zwangerschap; dit betreft zowel D als andere antigenen (met name c, E en K); met de invoering (in juli ###) van de routine anti-D-Ig-profylaxe bij ## weken mag een verdere - niet toedienen van anti-D Ig bijvoorbeeld door ongecontroleerde graviditeit, foutieve D-typering in het laboratorium, administratieve fout, vergeten, principiële weigering van toediening anti-D Ig door de patiënt, - dosering anti-D Ig te laag bij onverwacht grote FMT (er zijn <LOCATIE> anti-D Ig nodig per ## ml D positief bloed Sinds juli ### worden alle zwangeren bij het eerste bezoek in elke zwangerschap onderzocht op.
| 652 | nvog |
Dit is vanwege validatie van de - er is een uitzondering gemaakt voor meerlingen Hierbij dient toch nog postpartum navelstengbloed afgenomen en in het lokale laboratorium de bloedgroep bepaald te worden Als bij een tweeling beide kinderen bloedgroep rhesus D positief hebben, dan krijgt de moeder post partum # ampullen <LOCATIE> anti-D Ig toegediend Ook als bij prenatale D-typering de foetussen negatief bleken, moeten tijdens de evaluatieperiode (tot oktober ###) de bloedgroepen nog in het lokale laboratorium bepaald te worden Bij hogere () #) meerlingen dient een Kleihauer test verricht te worden Voor de preventie van het ontstaan van andere (non-D) irregulaire erytrocytenantistoffen is in de CBO richtlijn Bloedtransfusie sinds ### het advies opgenomen om voor transfusie aan alle meisjes en vrouwen jonger dan <LEEFTIJD> jaar K-negatief bloed te selecteren Niettegenstaande het huidige primaire preventieprogramma kan in - spontane niet-herkende FMT tijdens de zwangerschap; dit betreft zowel D als andere antigenen (met name c, E en K); met de invoering (in juli ###) van de routine anti-D-Ig-profylaxe bij ## weken mag een verdere - niet toedienen van anti-D Ig bijvoorbeeld door ongecontroleerde graviditeit, foutieve D-typering in het laboratorium, administratieve fout, vergeten, principiële weigering van toediening anti-D Ig door de patiënt, - dosering anti-D Ig te laag bij onverwacht grote FMT (er zijn <LOCATIE> anti-D Ig nodig per ## ml D positief bloed Sinds juli ### worden alle zwangeren bij het eerste bezoek in elke zwangerschap onderzocht op gegeven [##] Inmiddels is de tweede irregulaire erytrocytenantistoffen screening vervroegd naar ## weken en wordt antenatale anti-D enkel nog bij rhesus D positieve foetus gegeven Per <DATUM> is de screening voor anti-c uitgebreid Het eerste bloedonderzoek (bij voorkeur voor week ##) wordt uitgebreid met de bepaling van de rhesus c bloedgroep Vervolgens worden alle rhesus c negatieve zwangeren (ongeveer ##% van de Zodra antistoffen zijn gevonden kan gehandeld worden volgens de flowchart van figuur # Als eerste stap dient bloed van de screenings-positieve vrouw ingezonden te worden naar <PERSOON> of het BIBO (Bijzonder Instituut voor Bloedgroepen Onderzoek) <PERSOON> Indien het serumonderzoek bij Sanquin of BIBO wederom positief is zal het klinisch belang van de antistoffen verder worden vastgesteld ï· het bepalen van de specificiteit van de antistoffen, ï· het bepalen van de aan- of afwezigheid van het betreffende antigeen bij de vader, ï· het bepalen van de concentratie van de antistoffen in maternaal plasma door middel van titratie, ï· het vaststellen van de hemolytische activiteit met behulp van de ADCC-test (zie verder) Zodra vaststaat dat het om antistoffen gaat met een verhoogd risico op HZFP en de vader positief is voor het betreffende antigeen (of niet getypeerd kan worden), zijn controles door de tweede lijn (gynaecoloog) geïndiceerd De absolute waarde van een antistoftiter correleert matig met de mate van hemolyse bij de foetus of neonaat Bij titerstijging () # stappen) moet men echter bedacht zijn op recente boostering en daardoor op.
| 611 | nvog |
vervroegd naar ## weken en wordt antenatale anti-D enkel nog bij rhesus D positieve foetus gegeven Per <DATUM> is de screening voor anti-c uitgebreid Het eerste bloedonderzoek (bij voorkeur voor week ##) wordt uitgebreid met de bepaling van de rhesus c bloedgroep Vervolgens worden alle rhesus c negatieve zwangeren (ongeveer ##% van de Zodra antistoffen zijn gevonden kan gehandeld worden volgens de flowchart van figuur # Als eerste stap dient bloed van de screenings-positieve vrouw ingezonden te worden naar <PERSOON> of het BIBO (Bijzonder Instituut voor Bloedgroepen Onderzoek) <PERSOON> Indien het serumonderzoek bij Sanquin of BIBO wederom positief is zal het klinisch belang van de antistoffen verder worden vastgesteld ï· het bepalen van de specificiteit van de antistoffen, ï· het bepalen van de aan- of afwezigheid van het betreffende antigeen bij de vader, ï· het bepalen van de concentratie van de antistoffen in maternaal plasma door middel van titratie, ï· het vaststellen van de hemolytische activiteit met behulp van de ADCC-test (zie verder) Zodra vaststaat dat het om antistoffen gaat met een verhoogd risico op HZFP en de vader positief is voor het betreffende antigeen (of niet getypeerd kan worden), zijn controles door de tweede lijn (gynaecoloog) geïndiceerd De absolute waarde van een antistoftiter correleert matig met de mate van hemolyse bij de foetus of neonaat Bij titerstijging () # stappen) moet men echter bedacht zijn op recente boostering en daardoor op zijn, kan de foetale bloedgroep bepaald worden In de meeste gevallen is dit mogelijk zonder invasieve ingreep Typering op foetaal DNA in maternaal plasma is betrouwbaar voor D, c, E, en K en vindt bij voorkeur plaats bij een zwangerschapsduur van meer dan ## weken l##] Andere typeringen kunnen na amniocentese met DNA geisoleerd uit amniocyten verricht worden In het algemeen is het wenselijk om vóór het bepalen van de foetale typering overleg te plegen met het laboratorium erytrocytenserologie van Sanquin Diagnostiek Een volgend kind zal, indien het positief is voor het betreffende antigeen, meestal ernstiger zijn aangedaan dan het vorige Een ernstig anemisch kind in de anamnese maakt derhalve de prognose ongunstiger Tijdens een zwangerschap met risico op foetale anemie is afname van kindsbewegingen een alarmsignaal Een ADCC-test (antibody-dependent cellular cytotoxicity) met maternaal serum of plasma heeft voorspellende waarde voor de te verwachten ernst van de hemolyse bij het kind Voor D-antistoffen is het onderzoek goed Voor D-antagonisme is de volgende eenvoudige indeling bruikbaar #-##% geen ernstige hemolyse, ##-##% geringe tot matige hemolyse, ##-##% matige tot ernstige hemolyse, ) ##% ernstige tot zeer ernstige hemolyse Voor non-D irregulaire antistoffen wordt voor de ADCC-test een afkappunt van ##% gehanteerd voor verdenking op ernstige hemolyse (zie figuur #) [#] De ADCC-test wordt centraal voor <LOCATIE> uitgevoerd door Sanquin Bij immunisatie met anti-D, c, E en K en voor sommige andere antistofspecificiteiten wordt geadviseerd de ADCC-test op geleide van het advies van Sanquin/BIBO regelmatig te herhalen Voor die.
| 605 | nvog |
gevallen is dit mogelijk zonder invasieve ingreep Typering op foetaal DNA in maternaal plasma is betrouwbaar voor D, c, E, en K en vindt bij voorkeur plaats bij een zwangerschapsduur van meer dan ## weken l##] Andere typeringen kunnen na amniocentese met DNA geisoleerd uit amniocyten verricht worden In het algemeen is het wenselijk om vóór het bepalen van de foetale typering overleg te plegen met het laboratorium erytrocytenserologie van Sanquin Diagnostiek Een volgend kind zal, indien het positief is voor het betreffende antigeen, meestal ernstiger zijn aangedaan dan het vorige Een ernstig anemisch kind in de anamnese maakt derhalve de prognose ongunstiger Tijdens een zwangerschap met risico op foetale anemie is afname van kindsbewegingen een alarmsignaal Een ADCC-test (antibody-dependent cellular cytotoxicity) met maternaal serum of plasma heeft voorspellende waarde voor de te verwachten ernst van de hemolyse bij het kind Voor D-antistoffen is het onderzoek goed Voor D-antagonisme is de volgende eenvoudige indeling bruikbaar #-##% geen ernstige hemolyse, ##-##% geringe tot matige hemolyse, ##-##% matige tot ernstige hemolyse, ) ##% ernstige tot zeer ernstige hemolyse Voor non-D irregulaire antistoffen wordt voor de ADCC-test een afkappunt van ##% gehanteerd voor verdenking op ernstige hemolyse (zie figuur #) [#] De ADCC-test wordt centraal voor <LOCATIE> uitgevoerd door Sanquin Bij immunisatie met anti-D, c, E en K en voor sommige andere antistofspecificiteiten wordt geadviseerd de ADCC-test op geleide van het advies van Sanquin/BIBO regelmatig te herhalen Voor die herhaling bij ## weken zwangerschapsduur adviseren Herhaling bij ADCC ) ##% is niet zinvol Indien de testuitslag wijst op mogelijk ernstige foetale hemolyse (ADCC )= ##% voor anti-<PERSOON> )= ##% voor anti-K, anti-c, anti-E of andere specificiteit) of in geval van een recente significante titerstijging, dienen de verdere controles plaats te vinden in samenwerking met een gespecialiseerd <INSTELLING> voor intra-uteriene therapie Hydrops foetalis is een teken van zeer ernstige foetale anemie; deze parameter is tevens geassocieerd met een slechtere prognose [##] Deze slechtere prognose is de belangrijkste reden voor opsporing van foetale anemie vóór het ontstaan van hydrops Bovendien gaat zeer ernstige foetale anemie slechts in ongeveer de helft van de gevallen gepaard met hydrops Bruikbare echoscopische parameters voor detectie van foetale - toegenomen maximale stroomsnelheden in de arteria cerebri media [##], de intra-abdominale vena De meest gebruikte echoscopische parameter is de piek systolische stroomsnelheid in de arteria cerebri media Deze is relatief gemakkelijk te meten en heeft goede testkarakteristieken <PERSOON> et al publiceerden in ### hun normaalwaarden [##] Daarbij steeg de # MoM lijn van ## cm/s bij een zwangerschapsduur van ## weken naar ## cm/s bij een zwangerschapsduur van ## weken De #,# MoM lijn loopt dan van ## tot ## cm/s (zie figuur #) Van ### foetussen met alloimmunisatie waren er ## met matige tot ernstige anaemie en stroomsnelheden van meer dan #,# MoM Van de ## zonder of met slechts milde anaemie waren # boven en ## onder de #,# MoM.
| 652 | nvog |
) ##% is niet zinvol Indien de testuitslag wijst op mogelijk ernstige foetale hemolyse (ADCC )= ##% voor anti-<PERSOON> )= ##% voor anti-K, anti-c, anti-E of andere specificiteit) of in geval van een recente significante titerstijging, dienen de verdere controles plaats te vinden in samenwerking met een gespecialiseerd <INSTELLING> voor intra-uteriene therapie Hydrops foetalis is een teken van zeer ernstige foetale anemie; deze parameter is tevens geassocieerd met een slechtere prognose [##] Deze slechtere prognose is de belangrijkste reden voor opsporing van foetale anemie vóór het ontstaan van hydrops Bovendien gaat zeer ernstige foetale anemie slechts in ongeveer de helft van de gevallen gepaard met hydrops Bruikbare echoscopische parameters voor detectie van foetale - toegenomen maximale stroomsnelheden in de arteria cerebri media [##], de intra-abdominale vena De meest gebruikte echoscopische parameter is de piek systolische stroomsnelheid in de arteria cerebri media Deze is relatief gemakkelijk te meten en heeft goede testkarakteristieken <PERSOON> et al publiceerden in ### hun normaalwaarden [##] Daarbij steeg de # MoM lijn van ## cm/s bij een zwangerschapsduur van ## weken naar ## cm/s bij een zwangerschapsduur van ## weken De #,# MoM lijn loopt dan van ## tot ## cm/s (zie figuur #) Van ### foetussen met alloimmunisatie waren er ## met matige tot ernstige anaemie en stroomsnelheden van meer dan #,# MoM Van de ## zonder of met slechts milde anaemie waren # boven en ## onder de #,# MoM Om tijdige detectie van levensbedreigende anemie te garanderen, dient het echoscopisch onderzoek frequent (minstens éénmaal per week) herhaald te worden bij patiënten met ADCC-waarden of titer uitslagen boven de Zelfs bij zeer ernstige anemie wordt meestal een normaal CTG waargenomen In sommige gevallen van ernstige anemie wordt een deceleratief of sinusoïdaal patroon gezien Via amniocentese kan men een goede indruk krijgen van de mate van foetale hemolyse Het vruchtwater moet afgeschermd worden van licht en vrij snel na afname worden geanalyseerd In het laboratorium wordt via spectrofotometrie rechtstreeks (ofwel na omrekening uit de bilirubineconcentratie) de delta OD ### bepaald Deze delta OD ### wordt dan in de Lileycurve geplot [#,##] Vooral tussen de ## en ## weken geeft deze test een goede voorspelling van de ernst van foetale hemolyse Bij delta OD ###-waarden in het bovenste derde van zone II en zeker in zone III zijn er aanwijzingen voor ernstige hemolyse [#,##] De sensitiviteit voor Inherent aan deze invasieve ingreep zijn er risico's (foetomaternale transfusie en verergeren van immunisatie, infectie, vroeggeboorte, vruchtwaterverlies en bloedingen in buik en uteruswand) In een prospectieve studie werd bij ### foetus, waarvan ## met ernstige anaemie, zowel de bilirubine extinctie na amniocentese, als de piek systolische snelheid in de arteria cerebri media met Doppler echoscopie gemeten [##] Amniocentese (invasief) had in deze studie een sensitiviteit van ##% en een specificiteit van ##% Doppler (non-invasief) had een sensitiviteit van ##% en een specificiteit van ##% De conclusie van de.
| 661 | nvog |
het echoscopisch onderzoek frequent (minstens éénmaal per week) herhaald te worden bij patiënten met ADCC-waarden of titer uitslagen boven de Zelfs bij zeer ernstige anemie wordt meestal een normaal CTG waargenomen In sommige gevallen van ernstige anemie wordt een deceleratief of sinusoïdaal patroon gezien Via amniocentese kan men een goede indruk krijgen van de mate van foetale hemolyse Het vruchtwater moet afgeschermd worden van licht en vrij snel na afname worden geanalyseerd In het laboratorium wordt via spectrofotometrie rechtstreeks (ofwel na omrekening uit de bilirubineconcentratie) de delta OD ### bepaald Deze delta OD ### wordt dan in de Lileycurve geplot [#,##] Vooral tussen de ## en ## weken geeft deze test een goede voorspelling van de ernst van foetale hemolyse Bij delta OD ###-waarden in het bovenste derde van zone II en zeker in zone III zijn er aanwijzingen voor ernstige hemolyse [#,##] De sensitiviteit voor Inherent aan deze invasieve ingreep zijn er risico's (foetomaternale transfusie en verergeren van immunisatie, infectie, vroeggeboorte, vruchtwaterverlies en bloedingen in buik en uteruswand) In een prospectieve studie werd bij ### foetus, waarvan ## met ernstige anaemie, zowel de bilirubine extinctie na amniocentese, als de piek systolische snelheid in de arteria cerebri media met Doppler echoscopie gemeten [##] Amniocentese (invasief) had in deze studie een sensitiviteit van ##% en een specificiteit van ##% Doppler (non-invasief) had een sensitiviteit van ##% en een specificiteit van ##% De conclusie van de Uit foetaal bloed dat bij cordocentese is verkregen, kan direct het hemoglobinegehalte worden bepaald Naast de risico's van de amnionpunctie komen daar met de cordocentese nog bij bradycardieën, bloedingen in de gelei van Wharton (waardoor mogelijk compressie van een of meer navelstrengvaten) en verbloeding naar het vruchtwatercompartiment Het risico op vitale complicaties ten gevolge van navelstrengpunctie in deze populatie is afhankelijk van ervaring en bedraagt #,# tot #,#% [##,##] Om het aantal puncties te beperken verdient het de voorkeur in dezelfde sessie een transfusie te verrichten Zuiver diagnostische puncties kunnen Met hulp van specifiek echoscopisch onderzoek, eventueel gecombineerd met bilirubinemeting in vruchtwater, is een goede selectie mogelijk van foetussen die intra-uteriene transfusies behoeven, voordat hydrops foetalis ontstaat Gezien de geringe prevalentie van ernstig bloedgroepantagonisme in de zwangerschap is centralisatie van diagnostiek en behandeling een voorwaarde voor optimale resultaten Het risico van de ingreep wordt in belangrijke mate bepaald door de amenorroe, de lokalisatie van de navelstrenginsertie en de ervaring van het behandelteam Tussen ### en ### was in het <INSTELLING> de kans op een goede afloop van een zwangerschap waarin intra-uteriene transfusies (gemiddeld # per foetus) nodig waren ##%, mits de foetus niet ernstig hydropisch was [##,##] Bij ernstige foetale hydrops daalde de kans op een goede afloop naar ##% [##,## De vroegst mogelijke intra-uteriene transfusie ligt rond de ## weken Intra-uteriene transfusies worden verricht tot rond ## weken [##] Door intra-uteriene behandeling na ## weken kan met name winst worden geboekt in het vermijden van iatrogene vroeggeboorte (waarmee een dubbel probleem in de.
| 655 | nvog |
het hemoglobinegehalte worden bepaald Naast de risico's van de amnionpunctie komen daar met de cordocentese nog bij bradycardieën, bloedingen in de gelei van Wharton (waardoor mogelijk compressie van een of meer navelstrengvaten) en verbloeding naar het vruchtwatercompartiment Het risico op vitale complicaties ten gevolge van navelstrengpunctie in deze populatie is afhankelijk van ervaring en bedraagt #,# tot #,#% [##,##] Om het aantal puncties te beperken verdient het de voorkeur in dezelfde sessie een transfusie te verrichten Zuiver diagnostische puncties kunnen Met hulp van specifiek echoscopisch onderzoek, eventueel gecombineerd met bilirubinemeting in vruchtwater, is een goede selectie mogelijk van foetussen die intra-uteriene transfusies behoeven, voordat hydrops foetalis ontstaat Gezien de geringe prevalentie van ernstig bloedgroepantagonisme in de zwangerschap is centralisatie van diagnostiek en behandeling een voorwaarde voor optimale resultaten Het risico van de ingreep wordt in belangrijke mate bepaald door de amenorroe, de lokalisatie van de navelstrenginsertie en de ervaring van het behandelteam Tussen ### en ### was in het <INSTELLING> de kans op een goede afloop van een zwangerschap waarin intra-uteriene transfusies (gemiddeld # per foetus) nodig waren ##%, mits de foetus niet ernstig hydropisch was [##,##] Bij ernstige foetale hydrops daalde de kans op een goede afloop naar ##% [##,## De vroegst mogelijke intra-uteriene transfusie ligt rond de ## weken Intra-uteriene transfusies worden verricht tot rond ## weken [##] Door intra-uteriene behandeling na ## weken kan met name winst worden geboekt in het vermijden van iatrogene vroeggeboorte (waarmee een dubbel probleem in de Bij intra-uterien behandelde kinderen is de noodzaak tot neonatale wisseltransfusies verminderd, maar kunnen gedurende de In het derde trimester van de zwangerschap neemt de kans op foetomaternale transfusie toe Daardoor kan de ernst van de immunisatie toenemen Bovendien wegen de nadelen van het intra-uteriene milieu (continu hemolyse, kans op ernstige anemie) in de à terme periode niet meer op tegen de voordelen Tenslotte neemt in de à terme periode de voorspellende waarde van de diagnostische hulpmiddelen af Daarom wordt in het algemeen geadviseerd de zwangerschap bij ## weken te termineren Slechts bij zeer lage activiteit van de Bij bloedgroepimmunisatie moet rekening worden gehouden met ernstige en snel optredende icterus neonatorum Ante partum overleg met de kinderartsen, het ziekenhuislaboratorium, Sanquin Bloedbank en het ouderpaar kan logistieke en organisatorische problemen rond eventuele wisseltransfusies voorkomen In het kader van de neonatale behandeling (maar ook voor de evaluatie van de antenatale zorg) is het nuttig navelstrengbloed af te nemen voor bepaling van de bloedgroep en het antigeen waartegen de moederlijke erytocyten antistoffen gericht waren, directe antiglobulinetest en hemoglobineconcentratie De bilirubinemie dient in de eerste levensdagen frequent te worden gecontroleerd De zuigeling kan tot # maanden na de # Bij alle zwangeren wordt bij de eerste controle bloedgroep- en D- en c-typering en een screening op # Bij elk mogelijk sensibilisatiemoment (zie tabel #) bij D-negatieve zwangeren wordt, zo mogelijk binnen ## uur, anti-D Ig toegediend (tenzij er al verworven D-antistoffen in de circulatie aanwezig zijn) #.
| 617 | nvog |
Bij intra-uterien behandelde kinderen is de noodzaak tot neonatale wisseltransfusies verminderd, maar kunnen gedurende de In het derde trimester van de zwangerschap neemt de kans op foetomaternale transfusie toe Daardoor kan de ernst van de immunisatie toenemen Bovendien wegen de nadelen van het intra-uteriene milieu (continu hemolyse, kans op ernstige anemie) in de à terme periode niet meer op tegen de voordelen Tenslotte neemt in de à terme periode de voorspellende waarde van de diagnostische hulpmiddelen af Daarom wordt in het algemeen geadviseerd de zwangerschap bij ## weken te termineren Slechts bij zeer lage activiteit van de Bij bloedgroepimmunisatie moet rekening worden gehouden met ernstige en snel optredende icterus neonatorum Ante partum overleg met de kinderartsen, het ziekenhuislaboratorium, Sanquin Bloedbank en het ouderpaar kan logistieke en organisatorische problemen rond eventuele wisseltransfusies voorkomen In het kader van de neonatale behandeling (maar ook voor de evaluatie van de antenatale zorg) is het nuttig navelstrengbloed af te nemen voor bepaling van de bloedgroep en het antigeen waartegen de moederlijke erytocyten antistoffen gericht waren, directe antiglobulinetest en hemoglobineconcentratie De bilirubinemie dient in de eerste levensdagen frequent te worden gecontroleerd De zuigeling kan tot # maanden na de # Bij alle zwangeren wordt bij de eerste controle bloedgroep- en D- en c-typering en een screening op # Bij elk mogelijk sensibilisatiemoment (zie tabel #) bij D-negatieve zwangeren wordt, zo mogelijk binnen ## uur, anti-D Ig toegediend (tenzij er al verworven D-antistoffen in de circulatie aanwezig zijn) # antistoffen herhaald Bij rhesus D negatieve zwangeren wordt tevens foetale D-typering verricht Indien de foetus rhesus D positief is, wordt antenatale profylaxe met anti-D Ig toegediend (Niveau B) # Na aantonen van irregulaire antistoffen met potentieel klinische betekenis wordt de ADCC-activiteit gecontroleerd op geleide van het advies van Sanquin/BIBO en tevens wordt regelmatig echoscopisch # Bij verdenking op ernstige foetale anemie vóór een zwangerschapsduur van ## weken wordt de zwangere zo spoedig mogelijk verwezen naar een gespecialiseerd <INSTELLING> voor intra-uteriene In <LOCATIE> vinden intra-uteriene transfusies plaats in het <INSTELLING> polikliniek prenatale diagnostiek en foetale behandeling <TELEFOONNUMMER>; stafsecretariaat obstetrie (###) ### De ADCC-test en foetale bloedgroepantigeentyperingen worden in <LOCATIE> centraal uitgevoerd door In maart ### heeft de Gezondheidsraad een rapport uitgebracht "Zwangerschapsimmunisatie door rode bloedcellen" ((WEBLINK)) Daarin zijn de gegevens van de OPZI studie verwerkt Op basis van dit rapport is het beleid vanaf juli ### aangepast Deze aanpassingen zijn in juni ### in deze richtlijn (versie <DATUM> # <PERSOON> transfusion in clinical medicine; #th ed <PERSOON> CE One single dose of ### microg of antenatal RhIG halves the risk of anti-D immunization and hemolytic disease of the fetus and newborn in the next pregnancy Transfusion ###;## ##<DATUM> #.
| 580 | nvog |
herhaald Bij rhesus D negatieve zwangeren wordt tevens foetale D-typering verricht Indien de foetus rhesus D positief is, wordt antenatale profylaxe met anti-D Ig toegediend (Niveau B) # Na aantonen van irregulaire antistoffen met potentieel klinische betekenis wordt de ADCC-activiteit gecontroleerd op geleide van het advies van Sanquin/BIBO en tevens wordt regelmatig echoscopisch # Bij verdenking op ernstige foetale anemie vóór een zwangerschapsduur van ## weken wordt de zwangere zo spoedig mogelijk verwezen naar een gespecialiseerd <INSTELLING> voor intra-uteriene In <LOCATIE> vinden intra-uteriene transfusies plaats in het <INSTELLING> polikliniek prenatale diagnostiek en foetale behandeling <TELEFOONNUMMER>; stafsecretariaat obstetrie (###) ### De ADCC-test en foetale bloedgroepantigeentyperingen worden in <LOCATIE> centraal uitgevoerd door In maart ### heeft de Gezondheidsraad een rapport uitgebracht "Zwangerschapsimmunisatie door rode bloedcellen" ((WEBLINK)) Daarin zijn de gegevens van de OPZI studie verwerkt Op basis van dit rapport is het beleid vanaf juli ### aangepast Deze aanpassingen zijn in juni ### in deze richtlijn (versie <DATUM> # <PERSOON> transfusion in clinical medicine; #th ed <PERSOON> CE One single dose of ### microg of antenatal RhIG halves the risk of anti-D immunization and hemolytic disease of the fetus and newborn in the next pregnancy Transfusion ###;## ##<DATUM> # Effect of screening for red cell antibodies, other than anti-D, to detect hemolytic disease of the fetus and newborn a population study # <PERSOON> IL, <PERSOON> HH Clinical value of an antibody- dependent cell-mediated cytotoxicity assay in the management of Rh D alloimmunization # <PERSOON> FW, Vandenbussche FP Bilirubin/albumin ratios in fetal blood and in amniotic fluid in rhesus immunization <PERSOON> SC, Reid MM Anti-E in pregnancy <PERSOON> of alloimmunization during pregnancy ACOG Practice Bulletin nr ##, <PERSOON> ### # <PERSOON> J, et al Anti-U and haemolytic disease of the fetus and newborn <PERSOON-##> of Kell alloimmunized pregnancies <PERSOON-##>, diagnostiek en behandeling van bloedgroepimmunisatie tijdens de zwangerschap <PERSOON-##>-D administration after childbirth for preventing Rhesus alloimmunization (Cochrane Review) In <PERSOON-##> Cochrane Library, Issue #, ### Oxford update software ## <PERSOON-##> PL Effect on primary Rh immunization of delayed administration of anti-Rh ## Bowman JM Controversies in Rh prophylaxis Who needs Rh immunoglobulin and when should it be ##.
| 553 | nvog |
hemolytic disease of the fetus and newborn a population study # <PERSOON> IL, <PERSOON> HH Clinical value of an antibody- dependent cell-mediated cytotoxicity assay in the management of Rh D alloimmunization # <PERSOON> FW, Vandenbussche FP Bilirubin/albumin ratios in fetal blood and in amniotic fluid in rhesus immunization <PERSOON> SC, Reid MM Anti-E in pregnancy <PERSOON> of alloimmunization during pregnancy ACOG Practice Bulletin nr ##, <PERSOON> ### # <PERSOON> J, et al Anti-U and haemolytic disease of the fetus and newborn <PERSOON> of Kell alloimmunized pregnancies <PERSOON>, diagnostiek en behandeling van bloedgroepimmunisatie tijdens de zwangerschap <PERSOON-##>-D administration after childbirth for preventing Rhesus alloimmunization (Cochrane Review) In <PERSOON-##> Cochrane Library, Issue #, ### Oxford update software ## <PERSOON-##> PL Effect on primary Rh immunization of delayed administration of anti-Rh ## Bowman JM Controversies in Rh prophylaxis Who needs Rh immunoglobulin and when should it be ## Clinical high-risk designation does not predict excess fetal-maternal ## <PERSOON-##> WE, <PERSOON-##> HH Quantification of fetomaternal hemorrhage a comparative study of the manual and automated microscopic Kleihauer-Betke tests and flow cytometry in clinical samples <PERSOON-##> CA Anti-D administration in pregnancy for preventing Rhesus alloimmunisation (Cochrane Review) In <PERSOON-##> Cochrane Library, Issue #, ### Oxford Update Software ## Sanquin Anti-Rhesus (D) Immunoglobuline nu volledig beschikbaar Sanquin Nieuwblad ###; <DATUM> Prevention of RhD alloimmunization ACOG Practice Bulletin nr #, <PERSOON-##> ### ## Use of anti D immunoglobulin for Rh prophylaxis RCOG Guideline number ##, <PERSOON-##> epidemiology of virus transmission bij plasma devirates clinical studies verifying lack of transmission of hepatitis B and C viruses and HIV type # Transfusion ###; ## ###-# ## Turner ML, Ironside JW New variant Creuzfeldt-<PERSOON-##> disease the risk of transmission by blood ## <PERSOON-##> (PK) of S/D treated anti-D immunoglobulin after intramuscular injection in healthy volunteers gender differences in ## <PERSOON-##> of anti-D IgG in pregnant ## <PERSOON-##> YM Fetal DNA in maternal plasma application to non-invase blood group genotyping of the fetus ##.
| 568 | nvog |
does not predict excess fetal-maternal ## <PERSOON> WE, <PERSOON> HH Quantification of fetomaternal hemorrhage a comparative study of the manual and automated microscopic Kleihauer-Betke tests and flow cytometry in clinical samples <PERSOON> CA Anti-D administration in pregnancy for preventing Rhesus alloimmunisation (Cochrane Review) In <PERSOON> Cochrane Library, Issue #, ### Oxford Update Software ## Sanquin Anti-Rhesus (D) Immunoglobuline nu volledig beschikbaar Sanquin Nieuwblad ###; <DATUM> Prevention of RhD alloimmunization ACOG Practice Bulletin nr #, <PERSOON> ### ## Use of anti D immunoglobulin for Rh prophylaxis RCOG Guideline number ##, <PERSOON> epidemiology of virus transmission bij plasma devirates clinical studies verifying lack of transmission of hepatitis B and C viruses and HIV type # Transfusion ###; ## ###-# ## Turner ML, Ironside JW New variant Creuzfeldt-<PERSOON> disease the risk of transmission by blood ## <PERSOON> (PK) of S/D treated anti-D immunoglobulin after intramuscular injection in healthy volunteers gender differences in ## <PERSOON> of anti-D IgG in pregnant ## <PERSOON-##> YM Fetal DNA in maternal plasma application to non-invase blood group genotyping of the fetus ## <PERSOON> severity of immune fetal hydrops is predictive of ## <PERSOON-##> RL, Carpenter RL, et al Noninvasive diagnosis by Doppler ultrasonography of fetal anemia due to maternal red-cell allo immunization Collaborative group for Doppler Assessment of the Blood Velocity in <PERSOON-##> J Med ###; ### #-## ## Oepkes D, <PERSOON-##> FP, et al <PERSOON> use of ultrasonography and Doppler in the ## <PERSOON-##> RH, Vandenbussche FP, et al Ultrasonographic fetal spleen measurements in ## <PERSOON-##> FP, Oepkes D, et al Amniotic fluid ?OD ### values accurately predict ## <PERSOON-##> HH, Ohlsson A, <PERSOON-##> ultrasonography versus amniocentesis to predict fetal ## <PERSOON-##> IL, Vandenbussche FP, et al Benefits and risks of fetal red-cell transfusion after ## weeks gestation <PERSOON-##> HH Complications of intrauterine intravascular transfusion for fetal anemia due to maternal red-cell ## <PERSOON-##> RH, et al Bloedgroepimmunisatie resultaten van behandeling van foetale anemie met intra-uteriene intravasculaire bloedtransfusie in <LOCATIE>, ## Incerpi MH, Miller DA, Samadi R, et al Stillbirth evaluation What tests are needed? <PERSOON-##> ##.
| 603 | nvog |
severity of immune fetal hydrops is predictive of ## <PERSOON> RL, Carpenter RL, et al Noninvasive diagnosis by Doppler ultrasonography of fetal anemia due to maternal red-cell allo immunization Collaborative group for Doppler Assessment of the Blood Velocity in <PERSOON> J Med ###; ### #-## ## Oepkes D, <PERSOON> FP, et al <PERSOON> use of ultrasonography and Doppler in the ## <PERSOON> RH, Vandenbussche FP, et al Ultrasonographic fetal spleen measurements in ## <PERSOON> FP, Oepkes D, et al Amniotic fluid ?OD ### values accurately predict ## <PERSOON> HH, Ohlsson A, <PERSOON> ultrasonography versus amniocentesis to predict fetal ## <PERSOON> IL, Vandenbussche FP, et al Benefits and risks of fetal red-cell transfusion after ## weeks gestation <PERSOON-##> HH Complications of intrauterine intravascular transfusion for fetal anemia due to maternal red-cell ## <PERSOON-##> RH, et al Bloedgroepimmunisatie resultaten van behandeling van foetale anemie met intra-uteriene intravasculaire bloedtransfusie in <LOCATIE>, ## Incerpi MH, Miller DA, Samadi R, et al Stillbirth evaluation What tests are needed? <PERSOON-##> blood group antibodies during pregnancy screening is mandatory Ned Tijdschr Geneeskd ### Jul ##;###(##) ###-## Indicaties voor toediening van anti-D aan rhesus-negatieve zwangeren In de ##e week zwangerschap indien rhesus D positieve foetus Bloedverlies #e / #e trimester, indien rhesus D positieve foetus [#] IGZ- Bulletin ### ondergrens van ## weken amenorroeduur Als instrumentatie heeft plaatsgevonden, is # Vóór anti-D-toediening wordt aanbevolen de mate van FMT te objectiveren (bv met de Kleihauer-Betketest) Bij FMT ) ## ml dient men de anti-D-dosis te berekenen (<LOCATIE> per ## ml D positief bloed met een hematocriet van ## %) [#, ##] Bij tweelingen een dubbele dosis toedienen als beide foetus Wij hebben ervoor gekozen om dit figuur er als link in te zetten, omdat het anders niet goed leesbaar is Wij hebben ervoor gekozen om dit figuur er als link in te zetten, omdat het anders niet goed leesbaar is © ### Nederlandse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie © ### Nederlandse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie Deze richtlijn, ontwikkeld door de Commissie Kwaliteit NVOG onder eindverantwoordelijkheid van het bestuur van de NVOG, is vastgesteld in de ###e ledenvergadering, d d <DATUM> Deze richtlijn is namens de Obstetrische Werkgroep <LOCATIE> samengesteld door <PERSOON-##>, in overleg met A <PERSOON-##> van de stichting Sanquin Deze richtlijn is in juni ### aangepast door Vandenbussche.
| 606 | nvog |
Protocollen over de te verrichten diagnostiek na een intra-uteriene sterfte (IUVD) verschillen niet alleen per land, maar ook per kliniek Ze zijn vaak zeer uitgebreid en ad hoc ontstaan <DATUM> Het merendeel van de gebruikte diagnostiek om de oorzaak van een IUVD te achterhalen is nooit op evidence en/of doelmatigheid beoordeeld Deze richtlijn behandelt welke diagnostiek ingezet kan worden om de doodsoorzaak vast te kunnen stellen Het weten van de doodsoorzaak is van belang voor ouders in het proces van rouwverwerking, het geeft inzicht in waarom het kind is overleden, het is van belang voor het vaststellen van een eventueel herhalingsrisico en voor begeleiding van eventuele toekomstige zwangerschappen Daarnaast stelt het ons in staat obstetrische zorg zowel landelijk als internationaal te vergelijken en geeft het inzicht in mogelijke preventie van doodgeboorte Het verrichten van diagnostische testen is niet los te zien van de algemene opvang en begeleiding van ouders van een voor de geboorte overleden kind, de classificatie van de doodsoorzaak, de rol van de Perinatale Audit ((WEBLINK)) en het advies voor de volgende zwangerschap Het overlijden van een kind voor de geboorte, een intra-uteriene sterfte (IUVD) is voor ouders en gebeurtenis Jaarlijks overlijden in <LOCATIE> ### tot ### kinderen vóór de bevalling na een zwangerschapsduur van ## weken # Ondanks uitgebreid onderzoek naar de doodsoorzaak blijft de oorzaak in ##-##% van de sterftes onbegrepen Internationaal loopt dit aandeel op tot twee derde van de intra-uteriene sterftes #,# Veel van de onderzoeken zijn duur en bovendien belastend voor de patiënte Op basis van eigen ervaringen en gegevens uit de literatuur bestond de indruk dat een deel van de onderzoeken niet bijdragen aan het stellen van de doodsoorzaak De Groningse ZOBAS-studie (Zinnig Onderzoek Bij Antepartum Sterfte) heeft met medewerking van ## klinieken in <LOCATIE> tussen ### en ### ruim ### paren met een IUVD geanalyseerd # De verrichte diagnostiek na een IUVD bestond uit uitgebreid bloedonderzoek van moeder en kind, stollingsonderzoek van moeder en vader, bacteriologisch en virologisch onderzoek van moeder en kind, macroscopisch en microscopisch onderzoek van de placenta, obductie en cytogenetisch onderzoek van het kind en in enkele gevallen MRI en babygram Eenlingzwangerschappen van ) ## weken zwangerschapsduur waarbij een IUVD voor de partus werd vastgesteld werden geïncludeerd Iedere IUVD werd met behulp van alle beschikbare gegevens (klinisch en diagnostisch) door een multidisciplinair panel besproken waarin de doodsoorzaak werd geclassificeerd volgens het Tulip classificatiesysteem # De doodsoorzaak werd gedefinieerd als die initiële aantoonbare pathofysiologische entiteit die de keten van gebeurtenissen met als gevolg de dood onomkeerbaar in gang heeft gezet Daarnaast werd door het panel bepaald welke diagnostiek waardevol was voor het vaststellen van deze doodsoorzaak Waardevol werd als waardevol gedefinieerd indien een abnormale diagnostische uitslag een doodsoorzaak vaststelde of een normale diagnostische uitslag een bepaalde doodsoorzaak uitsloot als daar (klinisch) een verdenking op was Eveneens werden In overeenstemming met andere onderzoeken werd de grote waarde van obductie aangetoond <DATUM> In ##%.
| 579 | nvog |
de patiënte Op basis van eigen ervaringen en gegevens uit de literatuur bestond de indruk dat een deel van de onderzoeken niet bijdragen aan het stellen van de doodsoorzaak De Groningse ZOBAS-studie (Zinnig Onderzoek Bij Antepartum Sterfte) heeft met medewerking van ## klinieken in <LOCATIE> tussen ### en ### ruim ### paren met een IUVD geanalyseerd # De verrichte diagnostiek na een IUVD bestond uit uitgebreid bloedonderzoek van moeder en kind, stollingsonderzoek van moeder en vader, bacteriologisch en virologisch onderzoek van moeder en kind, macroscopisch en microscopisch onderzoek van de placenta, obductie en cytogenetisch onderzoek van het kind en in enkele gevallen MRI en babygram Eenlingzwangerschappen van ) ## weken zwangerschapsduur waarbij een IUVD voor de partus werd vastgesteld werden geïncludeerd Iedere IUVD werd met behulp van alle beschikbare gegevens (klinisch en diagnostisch) door een multidisciplinair panel besproken waarin de doodsoorzaak werd geclassificeerd volgens het Tulip classificatiesysteem # De doodsoorzaak werd gedefinieerd als die initiële aantoonbare pathofysiologische entiteit die de keten van gebeurtenissen met als gevolg de dood onomkeerbaar in gang heeft gezet Daarnaast werd door het panel bepaald welke diagnostiek waardevol was voor het vaststellen van deze doodsoorzaak Waardevol werd als waardevol gedefinieerd indien een abnormale diagnostische uitslag een doodsoorzaak vaststelde of een normale diagnostische uitslag een bepaalde doodsoorzaak uitsloot als daar (klinisch) een verdenking op was Eveneens werden In overeenstemming met andere onderzoeken werd de grote waarde van obductie aangetoond <DATUM> In ##% gezien In ##% van de obducties werd een doodsoorzaak aangetoond of sloot deze een bepaalde doodsoorzaak uit Internationaal dalen de obductiepercentages de laatste jaren Het is van groot belang dat de behandelend arts of verloskundige de ouders met een intra-uteriene sterfte zorgvuldig counselt over het laten verrichten van een obductie en het maken van een babygram In het geval van verdenking op skeletdysplasie wordt het aanvragen van een skeletstatus geadviseerd Indien geen toestemming voor volledig obductie wordt gegeven wordt geadviseerd de mogelijkheid van een gedeeltelijke obductie met de ouders te bespreken Het is gebruikelijk voor schedelobductie apart toestemming te moeten vragen Eerder onderzoek heeft laten zien dat routine macroscopisch en histologisch onderzoek van de placenta na IUVD een noodzakelijke aanvulling was op obductie zowel voor het bevestigen van klinische als obductie zijn belangrijk om informatie te geven over oorzaken van foetale sterfte Het is daarbij essentieel de patholoog van relevante klinische informatie te voorzien (zie standaard aanvraagformulier Enkele studies hebben de waarde van MRI onderzoek als alternatief voor obductie beschreven,## met name voor cerebrale pathologie ## Uiteraard blijft obductie de gouden standaard In <LOCATIE> worden nog heel weinig MRI-onderzoeken na foetale sterfte verricht # Wellicht is dit te verklaren door het relatief hoge obductiepercentage in <LOCATIE>, maar zeker ook door onbekendheid van clinici met de mogelijkheid van MRI-onderzoek na foetale sterfte Ook hebben radiologen weinig ervaring met het beoordelen van deze MRI's MRI wordt met name geadviseerd als de ouders geen toestemming voor obductie geven## of indien er.
| 564 | nvog |
sloot deze een bepaalde doodsoorzaak uit Internationaal dalen de obductiepercentages de laatste jaren Het is van groot belang dat de behandelend arts of verloskundige de ouders met een intra-uteriene sterfte zorgvuldig counselt over het laten verrichten van een obductie en het maken van een babygram In het geval van verdenking op skeletdysplasie wordt het aanvragen van een skeletstatus geadviseerd Indien geen toestemming voor volledig obductie wordt gegeven wordt geadviseerd de mogelijkheid van een gedeeltelijke obductie met de ouders te bespreken Het is gebruikelijk voor schedelobductie apart toestemming te moeten vragen Eerder onderzoek heeft laten zien dat routine macroscopisch en histologisch onderzoek van de placenta na IUVD een noodzakelijke aanvulling was op obductie zowel voor het bevestigen van klinische als obductie zijn belangrijk om informatie te geven over oorzaken van foetale sterfte Het is daarbij essentieel de patholoog van relevante klinische informatie te voorzien (zie standaard aanvraagformulier Enkele studies hebben de waarde van MRI onderzoek als alternatief voor obductie beschreven,## met name voor cerebrale pathologie ## Uiteraard blijft obductie de gouden standaard In <LOCATIE> worden nog heel weinig MRI-onderzoeken na foetale sterfte verricht # Wellicht is dit te verklaren door het relatief hoge obductiepercentage in <LOCATIE>, maar zeker ook door onbekendheid van clinici met de mogelijkheid van MRI-onderzoek na foetale sterfte Ook hebben radiologen weinig ervaring met het beoordelen van deze MRI's MRI wordt met name geadviseerd als de ouders geen toestemming voor obductie geven## of indien er cerebrale congenitale afwijkingen ## Na het vaststellen van de IUVD is het raadzaam vóór de inleiding van de baring structureel echoscopisch onderzoek te verrichten om na te gaan of er een verdenking is op In enkele studies werden in <DATUM> van de sterftes chromosomale afwijkingen gerapporteerd ##-## In <LOCATIE> werd bij##% van de casus een chromosomale afwijking vastgesteld # Voorwaarde voor chromosomenonderzoek is het aanslaan van de fibroblastenkweek De vooraf kans op een chromosomale afwijking is minstens ## keer zo hoog als die bij levendgeborenen Het percentage aangeslagen kweken was na invasief verkregen weefsel in de vorm van amniocentese of chorionvillusbiopsie significant hoger (##%) dan bij postpartum verkregen weefsel (##%, p(# ###) Het hanteren van selectiecriteria (morfologische afwijkingen, small for gestational age, leeftijd van de moeder, maceratie) voor het verrichten van cytogenetisch onderzoek postpartum werd niet zinnig bevonden omdat het slagingspercentage van kweken van postpartum verkregen weefsel laag was en omdat #% van de foetussen zonder morfologische afwijkingen toch een chromosoomafwijking bleek te hebben Cytogenetisch onderzoek werd na obductie en placentaonderzoek in ##% als waardevol onderzoek aangemerkt waarbij de uitslag een doodsoorzaak aantoonde of uitsloot indien daar (klinisch) een verdenking op bestond Geadviseerd wordt bij alle intra-uteriene sterftes (moleculair) cytogenetisch onderzoek te verrichten middels antepartum verkregen weefsel Tevens wordt geadviseerd materiaal voor eventueel aanvullend onderzoek in de toekomst veilig te stellen in de vorm van een celkweek invriezen en het bewaren van supernatant Indien ouders afzien van amnioncentese of indien deze niet.
| 570 | nvog |
het vaststellen van de IUVD is het raadzaam vóór de inleiding van de baring structureel echoscopisch onderzoek te verrichten om na te gaan of er een verdenking is op In enkele studies werden in <DATUM> van de sterftes chromosomale afwijkingen gerapporteerd ##-## In <LOCATIE> werd bij##% van de casus een chromosomale afwijking vastgesteld # Voorwaarde voor chromosomenonderzoek is het aanslaan van de fibroblastenkweek De vooraf kans op een chromosomale afwijking is minstens ## keer zo hoog als die bij levendgeborenen Het percentage aangeslagen kweken was na invasief verkregen weefsel in de vorm van amniocentese of chorionvillusbiopsie significant hoger (##%) dan bij postpartum verkregen weefsel (##%, p(# ###) Het hanteren van selectiecriteria (morfologische afwijkingen, small for gestational age, leeftijd van de moeder, maceratie) voor het verrichten van cytogenetisch onderzoek postpartum werd niet zinnig bevonden omdat het slagingspercentage van kweken van postpartum verkregen weefsel laag was en omdat #% van de foetussen zonder morfologische afwijkingen toch een chromosoomafwijking bleek te hebben Cytogenetisch onderzoek werd na obductie en placentaonderzoek in ##% als waardevol onderzoek aangemerkt waarbij de uitslag een doodsoorzaak aantoonde of uitsloot indien daar (klinisch) een verdenking op bestond Geadviseerd wordt bij alle intra-uteriene sterftes (moleculair) cytogenetisch onderzoek te verrichten middels antepartum verkregen weefsel Tevens wordt geadviseerd materiaal voor eventueel aanvullend onderzoek in de toekomst veilig te stellen in de vorm van een celkweek invriezen en het bewaren van supernatant Indien ouders afzien van amnioncentese of indien deze niet Dit heeft een hoger slagingspercentage dan ander foetaal weefsel ## Als het kind geboren is, is het raadzaam lichtfoto's te maken van het gelaat (en face en en profile beiderzijds), het gehele kind en specifieke detailopnames van aangeboren afwijkingen, als die aanwezig zijn De klinisch geneticus kan dan soms later alsnog à vu de Eerder werd gepubliceerd dat foetomaternale transfusie in #% van de intra-uteriene sterftes de oorzaak van het overlijden is ## In de ZOBAS-studie werd foetomaternale transfusie alleen als doodsoorzaak aangewezen indien er bij placentaonderzoek of obductie eveneens tekenen waren van foetale anemie Dat bleek in slechts #% van de casus het geval In ##% van de sterftes was er echter wel sprake van een foetomaternale transfusie Dit is vergelijkbaar met een eerder gerapporteerde #% Mogelijk gaat het hier ook om sterftes ten gevolge van acute foetomaternale transfusie waarbij shock kan leiden tot overlijden en er nog geen tekenen van anemie zichtbaar zijn Gezien deze bevindingen zou men geneigd zijn om alleen te testen op foetomaternale transfusie indien hierop een verdenking is Echter omdat het technisch onmogelijk is om op een later moment uit spijtserum (nadat placenta- en obductiegegevens bekend zijn) een foetomaternale transfusie aan te tonen, wordt geadviseerd bij alle sterftes, vòòr inductie van de bevalling (kan ook Foetale sterfte is geassocieerd met bacteriële, virale en protozoaire infecties Infecties kunnen echter ook bij levendgeborenen kinderen worden aangetoond Het meest overtuigende bewijs van een infectieuze oorzaak van de sterfte zijn obductiebevindingen van infectie in verschillende organen en/of histologische bevindingen.
| 586 | nvog |
Als het kind geboren is, is het raadzaam lichtfoto's te maken van het gelaat (en face en en profile beiderzijds), het gehele kind en specifieke detailopnames van aangeboren afwijkingen, als die aanwezig zijn De klinisch geneticus kan dan soms later alsnog à vu de Eerder werd gepubliceerd dat foetomaternale transfusie in #% van de intra-uteriene sterftes de oorzaak van het overlijden is ## In de ZOBAS-studie werd foetomaternale transfusie alleen als doodsoorzaak aangewezen indien er bij placentaonderzoek of obductie eveneens tekenen waren van foetale anemie Dat bleek in slechts #% van de casus het geval In ##% van de sterftes was er echter wel sprake van een foetomaternale transfusie Dit is vergelijkbaar met een eerder gerapporteerde #% Mogelijk gaat het hier ook om sterftes ten gevolge van acute foetomaternale transfusie waarbij shock kan leiden tot overlijden en er nog geen tekenen van anemie zichtbaar zijn Gezien deze bevindingen zou men geneigd zijn om alleen te testen op foetomaternale transfusie indien hierop een verdenking is Echter omdat het technisch onmogelijk is om op een later moment uit spijtserum (nadat placenta- en obductiegegevens bekend zijn) een foetomaternale transfusie aan te tonen, wordt geadviseerd bij alle sterftes, vòòr inductie van de bevalling (kan ook Foetale sterfte is geassocieerd met bacteriële, virale en protozoaire infecties Infecties kunnen echter ook bij levendgeborenen kinderen worden aangetoond Het meest overtuigende bewijs van een infectieuze oorzaak van de sterfte zijn obductiebevindingen van infectie in verschillende organen en/of histologische bevindingen een foetale sterfte te veroorzaken ## Solitaire chorioamnionitis is onvoldoende om een infectie als oorzaak voor een sterfte aan te wijzen In slechts #% van de gevallen waren obductie of placentabevindingen in staat om de diagnose van intra-uteriene infectie te ondersteunen als doodsoorzaak, # vergelijkbaar met andere studies ##,## Petersson et al rapporteerden infecties in ##% van de foetale sterftes na ## weken zwangerschapsduur, waarbij vooral een groep <PERSOON> werd aangetoond # Verschillen in de percentages doodsoorzaak ten gevolge van infecties kunnen mogelijk worden verklaard door het gebruik van strikte infectiecriteria in de ZOBAS-studie, verschil in geografische prevalentie van infecties en verschil in gebruikte technieken voor het opsporen van infecties Op basis van recente resultaten kan routinescreening op infecties na foetale sterfte niet worden ondersteund # Geadviseerd wordt om standaard maternaal bloed voor virologisch onderzoek af te nemen en te bewaren voor analyse op Toxoplasmose, Rubella, Cytomegalie, Herpes (TORCH), Q-koorts en Parvo B## als er klinisch een verdenking is op een intra-uteriene infectie of als er tekenen van infectie bij obductie of placentaonderzoek worden gevonden Daarnaast wordt geadviseerd maternale, foetale en placentaire kweken alleen af te nemen indien er een klinische verdenking is op een infectie Gezien de recente ontwikkelingen in de infectiediagnostiek wordt geadviseerd vruchtwater in te zetten voor infectiediagnostiek inclusief PCR bepalingen bij een klinische verdenking op een infectie, indien het Een aantal studies beschouwen maternale trombofiele afwijkingen als risicofactor voor foetale sterfte, terwijl andere studies dit niet aantonen##-## Als hypothese geldt dat maternale trombofiele afwijkingen kunnen leiden.
| 578 | nvog |
Solitaire chorioamnionitis is onvoldoende om een infectie als oorzaak voor een sterfte aan te wijzen In slechts #% van de gevallen waren obductie of placentabevindingen in staat om de diagnose van intra-uteriene infectie te ondersteunen als doodsoorzaak, # vergelijkbaar met andere studies ##,## Petersson et al rapporteerden infecties in ##% van de foetale sterftes na ## weken zwangerschapsduur, waarbij vooral een groep <PERSOON> werd aangetoond # Verschillen in de percentages doodsoorzaak ten gevolge van infecties kunnen mogelijk worden verklaard door het gebruik van strikte infectiecriteria in de ZOBAS-studie, verschil in geografische prevalentie van infecties en verschil in gebruikte technieken voor het opsporen van infecties Op basis van recente resultaten kan routinescreening op infecties na foetale sterfte niet worden ondersteund # Geadviseerd wordt om standaard maternaal bloed voor virologisch onderzoek af te nemen en te bewaren voor analyse op Toxoplasmose, Rubella, Cytomegalie, Herpes (TORCH), Q-koorts en Parvo B## als er klinisch een verdenking is op een intra-uteriene infectie of als er tekenen van infectie bij obductie of placentaonderzoek worden gevonden Daarnaast wordt geadviseerd maternale, foetale en placentaire kweken alleen af te nemen indien er een klinische verdenking is op een infectie Gezien de recente ontwikkelingen in de infectiediagnostiek wordt geadviseerd vruchtwater in te zetten voor infectiediagnostiek inclusief PCR bepalingen bij een klinische verdenking op een infectie, indien het Een aantal studies beschouwen maternale trombofiele afwijkingen als risicofactor voor foetale sterfte, terwijl andere studies dit niet aantonen##-## Als hypothese geldt dat maternale trombofiele afwijkingen kunnen leiden Op basis van Nederlandse resultaten kan geconcludeerd worden dat behalve de maternale von Willebrandfactor zowel erfelijke als verworven trombofiele afwijkingen niet vaker voorkomen bij ouders met een foetale sterfte dan in de normale populatie en niet geassocieerd zijn met een placentaire oorzaak van de foetale sterfte versus andere oorzaken Binnen de placentaire doodsoorzaken werd wel een associatie gevonden tussen abruptio placentae, infarcten in de placenta en verlaagde spiegels van Antithrombine, totaal proteïne S en verhoogde von Willebrandfactor Deze resultaten geven geen onderbouwing voor het routinematig screenen op erfelijke en verworven trombofilie na foetale sterfte ## Bij vrouwen met een IUVD én een familieanamnese van erfelijke trombofilie of een eigen voorgeschiedenis van veneuze trombo-embolie wordt dit wel geadviseerd, met name om maternale trombo-embolieën in de toekomst te voorkomen ## Testen van trombofilie bij vrouwen met een foetale sterfte veroorzaakt door placentaire infarcten of abruptio placentae kan worden overwogen Doodsoorzaak ten gevolge van placentaire infarcten werd in de alleen toegewezen als het percentage infarcten in het parenchym in relatie tot het gewicht van de placenta waarschijnlijk werd geacht de dood te kunnen veroorzaken ##Significante infarcten werden gedefinieerd als elk percentage infarcten in preterme sterftes en in een a terme placenta van normaal gewicht ten minste ##% infarcten ##,## Screening op trombofilie moet alleen worden aangeboden in die gevallen waarbij een zinvolle therapie kan worden aangeboden En zolang er geen gerandomiseerde gecontroleerde studies zijn die de voordelen van antistollingstherapie bij vrouwen met een bekende thrombofile factor in relatie tot late foetale sterfte aantonen.
| 569 | nvog |
kan geconcludeerd worden dat behalve de maternale von Willebrandfactor zowel erfelijke als verworven trombofiele afwijkingen niet vaker voorkomen bij ouders met een foetale sterfte dan in de normale populatie en niet geassocieerd zijn met een placentaire oorzaak van de foetale sterfte versus andere oorzaken Binnen de placentaire doodsoorzaken werd wel een associatie gevonden tussen abruptio placentae, infarcten in de placenta en verlaagde spiegels van Antithrombine, totaal proteïne S en verhoogde von Willebrandfactor Deze resultaten geven geen onderbouwing voor het routinematig screenen op erfelijke en verworven trombofilie na foetale sterfte ## Bij vrouwen met een IUVD én een familieanamnese van erfelijke trombofilie of een eigen voorgeschiedenis van veneuze trombo-embolie wordt dit wel geadviseerd, met name om maternale trombo-embolieën in de toekomst te voorkomen ## Testen van trombofilie bij vrouwen met een foetale sterfte veroorzaakt door placentaire infarcten of abruptio placentae kan worden overwogen Doodsoorzaak ten gevolge van placentaire infarcten werd in de alleen toegewezen als het percentage infarcten in het parenchym in relatie tot het gewicht van de placenta waarschijnlijk werd geacht de dood te kunnen veroorzaken ##Significante infarcten werden gedefinieerd als elk percentage infarcten in preterme sterftes en in een a terme placenta van normaal gewicht ten minste ##% infarcten ##,## Screening op trombofilie moet alleen worden aangeboden in die gevallen waarbij een zinvolle therapie kan worden aangeboden En zolang er geen gerandomiseerde gecontroleerde studies zijn die de voordelen van antistollingstherapie bij vrouwen met een bekende thrombofile factor in relatie tot late foetale sterfte aantonen In ##% van de foetale sterftes wordt deze geassocieerd met maternale ziekten ## Testen op maternale ziektes bij asymptomatische vrouwen wordt vaak verricht # Recent werden hypertensie en diabetes gerelateerde ziekten in respectievelijk ##% en #% aangetoond # Om een maternale ziekte als doodsoorzaak aan te wijzen werden strikte criteria aangehouden Diabetes gerelateerde ziekte als oorzaak van de foetale sterfte was zeldzaam Een verhoogd HbA#c werd in #% gevonden, waarvan ##% onbekend was met diabetes Slechts één sterfte werd veroorzaakt door schildklier gerelateerde ziekte Op basis van deze gegevens is testen op maternale ziekte alleen zinvol indien er een verdachte anamnese is of er klinische verdenking bestaat Bij verdenking op diabetes gerelateerde ziekte (macrosomie geboortegewicht ) P## of ) ### gram (of in VG), polyhydramnion, BMI ) ## (kg/m#) bij de eerste prenatale controle, eerstegraads familielid met diabetes) wordt geadviseerd een HbA#c te bepalen en een ##grams orale glucosetolerantietest te verrichten, die een globaal beeld geeft van de gemiddelde glucosespiegel gedurende een voorafgaande periode van ongeveer twee maanden (zie NVOG richtlijn diabetes en zwangerschap) Indien sprake is van onverklaarde foetale hydrops is het zinnig om onderzoek in te zetten naar erythrocytenimmunisatie, Toxoplasmose, Rubella, Cytomegalie, Herpes (TORCH), Parvovirus B## (bij voorkeur in vruchtwater) en hemoglobine-electroforese te verrichten om andere oorzaken van foetale hydrops uit te sluiten Daarnaast wordt geadviseerd om vruchtwater te bewaren voor eventueel onderzoek naar metabole ziekten Indien er tijdens de zwangerschap maternale jeukklachten bestonden zonder huidafwijkingen wordt geadviseerd.
| 585 | nvog |
wordt deze geassocieerd met maternale ziekten ## Testen op maternale ziektes bij asymptomatische vrouwen wordt vaak verricht # Recent werden hypertensie en diabetes gerelateerde ziekten in respectievelijk ##% en #% aangetoond # Om een maternale ziekte als doodsoorzaak aan te wijzen werden strikte criteria aangehouden Diabetes gerelateerde ziekte als oorzaak van de foetale sterfte was zeldzaam Een verhoogd HbA#c werd in #% gevonden, waarvan ##% onbekend was met diabetes Slechts één sterfte werd veroorzaakt door schildklier gerelateerde ziekte Op basis van deze gegevens is testen op maternale ziekte alleen zinvol indien er een verdachte anamnese is of er klinische verdenking bestaat Bij verdenking op diabetes gerelateerde ziekte (macrosomie geboortegewicht ) P## of ) ### gram (of in VG), polyhydramnion, BMI ) ## (kg/m#) bij de eerste prenatale controle, eerstegraads familielid met diabetes) wordt geadviseerd een HbA#c te bepalen en een ##grams orale glucosetolerantietest te verrichten, die een globaal beeld geeft van de gemiddelde glucosespiegel gedurende een voorafgaande periode van ongeveer twee maanden (zie NVOG richtlijn diabetes en zwangerschap) Indien sprake is van onverklaarde foetale hydrops is het zinnig om onderzoek in te zetten naar erythrocytenimmunisatie, Toxoplasmose, Rubella, Cytomegalie, Herpes (TORCH), Parvovirus B## (bij voorkeur in vruchtwater) en hemoglobine-electroforese te verrichten om andere oorzaken van foetale hydrops uit te sluiten Daarnaast wordt geadviseerd om vruchtwater te bewaren voor eventueel onderzoek naar metabole ziekten Indien er tijdens de zwangerschap maternale jeukklachten bestonden zonder huidafwijkingen wordt geadviseerd ##umol/L random geassocieerd wordt met het optreden van foetale complicaties (zie NVOG richtlijn Naar aanleiding van de resultaten van de ZOBAS studie en de literatuur##,## is een flowchart voor diagnostiek opgesteld om de doodsoorzaak na foetale sterfte te achterhalen Obductie, placentaonderzoek en cytogenetisch onderzoek vormen de basisonderzoeken Aanvullend diagnostisch onderzoek wordt geadviseerd op basis van de resultaten van deze onderzoeken en/of anamnese en/of symptomen Het inzetten van diagnostische onderzoeken is gericht op het vaststellen van de doodsoorzaak Classificatie van de doodsoorzaak kan op verschillende manieren plaatsvinden Voor een uitvoerige beschrijving van de achtergrond en rol van sterfteclassificatie wordt verwezen naar de recente uitgave "Perinatale Audit en klinisch pathologisch onderzoek" van het landelijk bureau Perinatale Audit en de Werkgroep Kinderpathologie volledige documentatie van algemene en obstetrische anamnese, huidige zwangerschap, verricht prenataal counseling van ouders over belang obductie, placentaonderzoek en cytogenetisch onderzoek voor inductie van de baring amniocentese of chorionvillusbiopsie voor (moleculair) cytogenetisch onderzoek en veiligstellen materiaal voor eventueel aanvullend onderzoek in toekomst celkweek invriezen en bewaren bloedonderzoek lokaal standaardonderzoek voor een bevalling voor bewaking moeder zoals Hb, Bloedgroep Kleihauer Betke of flowcytometrie inzetten voor aantonen foetomaternale transfusie vastleggen van uiterlijke kenmerken d m v lichtfoto's (gelaat en profile bdz, en face, gehele foetus en indien geen invasieve cytogenetische diagnostiek is verricht, stukje navelstreng insturen voor (moleculair) aanvraag voor macroscopisch en microscopisch onderzoek placenta voorzien van relevante klinische indien ante/postpartum verdenking op cerebrale congenitale afwijkingen ® MRI aanvraagformulier obductie volledig invullen, voorzien van klinische informatie en samen met kind voor indien geen toestemming voor volledig obductie.
| 599 | nvog |
NVOG richtlijn Naar aanleiding van de resultaten van de ZOBAS studie en de literatuur##,## is een flowchart voor diagnostiek opgesteld om de doodsoorzaak na foetale sterfte te achterhalen Obductie, placentaonderzoek en cytogenetisch onderzoek vormen de basisonderzoeken Aanvullend diagnostisch onderzoek wordt geadviseerd op basis van de resultaten van deze onderzoeken en/of anamnese en/of symptomen Het inzetten van diagnostische onderzoeken is gericht op het vaststellen van de doodsoorzaak Classificatie van de doodsoorzaak kan op verschillende manieren plaatsvinden Voor een uitvoerige beschrijving van de achtergrond en rol van sterfteclassificatie wordt verwezen naar de recente uitgave "Perinatale Audit en klinisch pathologisch onderzoek" van het landelijk bureau Perinatale Audit en de Werkgroep Kinderpathologie volledige documentatie van algemene en obstetrische anamnese, huidige zwangerschap, verricht prenataal counseling van ouders over belang obductie, placentaonderzoek en cytogenetisch onderzoek voor inductie van de baring amniocentese of chorionvillusbiopsie voor (moleculair) cytogenetisch onderzoek en veiligstellen materiaal voor eventueel aanvullend onderzoek in toekomst celkweek invriezen en bewaren bloedonderzoek lokaal standaardonderzoek voor een bevalling voor bewaking moeder zoals Hb, Bloedgroep Kleihauer Betke of flowcytometrie inzetten voor aantonen foetomaternale transfusie vastleggen van uiterlijke kenmerken d m v lichtfoto's (gelaat en profile bdz, en face, gehele foetus en indien geen invasieve cytogenetische diagnostiek is verricht, stukje navelstreng insturen voor (moleculair) aanvraag voor macroscopisch en microscopisch onderzoek placenta voorzien van relevante klinische indien ante/postpartum verdenking op cerebrale congenitale afwijkingen ® MRI aanvraagformulier obductie volledig invullen, voorzien van klinische informatie en samen met kind voor indien geen toestemming voor volledig obductie schouwing door expert op gebied van congenitale afwijkingen inclusief lichtfoto's, MRI en babygram verdenking diabetes gerelateerde ziekte (macrosomie (in VG), familie anamnese van diabetes, indien tekenen van onverklaarde foetale hydrops ® irregulaire antilichamen, TORCH en Parvo B## serologie Hbelectroforese, vruchtwater bewaren voor eventueel onderzoek naar metabole ziekten indien klinische verdenking op infectie vagina-rectum kweek, foetale oropharynxkweek, placentakweek maternale virusserologie bepalen en eventueel vruchtwater voor infectiediagnostiek op TORCH en Parvo B## indien tekenen van infectie bij placentaonderzoek of bij obductie ® maternale virusserologie bepalen en eventueel vruchtwater voor infectiediagnostiek op TORCH en Parvo B## indien positieve maternale familieanamnese voor erfelijke trombofilie, of eigen anamnese van tromboembolie bij congenitale afwijkingen de ouders verwijzen voor genetische counseling Voor alle IUVD multidisciplinaire classificatie bijeenkomst ter voorbereiding van perinatale audit ⢠de werkgroep is van mening dat er een lokaal protocol moet zijn voor diagnostiek na intra-uteriene ⢠de werkgroep is van mening dat ouders voorgelicht en gecounseld moeten worden over het belang van obductie, placentaonderzoek en (moleculair) cytogenetisch onderzoek Deze onderzoeken ⢠verder onderzoek dient selectief plaats te vinden op basis van de uitkomsten van obductie, placentaonderzoek en (moleculair) cytogenetisch onderzoek of op basis van anamnese en klinische ⢠de werkgroep is van mening dat alle foetale sterftes multidisciplinair geanalyseerd en besproken # Goldenberg RL, <PERSOON> JF Stillbirth a review <PERSOON> R et al Diagnostic evaluation of intrauterine fetal deaths in #.
| 561 | nvog |
expert op gebied van congenitale afwijkingen inclusief lichtfoto's, MRI en babygram verdenking diabetes gerelateerde ziekte (macrosomie (in VG), familie anamnese van diabetes, indien tekenen van onverklaarde foetale hydrops ® irregulaire antilichamen, TORCH en Parvo B## serologie Hbelectroforese, vruchtwater bewaren voor eventueel onderzoek naar metabole ziekten indien klinische verdenking op infectie vagina-rectum kweek, foetale oropharynxkweek, placentakweek maternale virusserologie bepalen en eventueel vruchtwater voor infectiediagnostiek op TORCH en Parvo B## indien tekenen van infectie bij placentaonderzoek of bij obductie ® maternale virusserologie bepalen en eventueel vruchtwater voor infectiediagnostiek op TORCH en Parvo B## indien positieve maternale familieanamnese voor erfelijke trombofilie, of eigen anamnese van tromboembolie bij congenitale afwijkingen de ouders verwijzen voor genetische counseling Voor alle IUVD multidisciplinaire classificatie bijeenkomst ter voorbereiding van perinatale audit ⢠de werkgroep is van mening dat er een lokaal protocol moet zijn voor diagnostiek na intra-uteriene ⢠de werkgroep is van mening dat ouders voorgelicht en gecounseld moeten worden over het belang van obductie, placentaonderzoek en (moleculair) cytogenetisch onderzoek Deze onderzoeken ⢠verder onderzoek dient selectief plaats te vinden op basis van de uitkomsten van obductie, placentaonderzoek en (moleculair) cytogenetisch onderzoek of op basis van anamnese en klinische ⢠de werkgroep is van mening dat alle foetale sterftes multidisciplinair geanalyseerd en besproken # Goldenberg RL, <PERSOON> JF Stillbirth a review <PERSOON> R et al Diagnostic evaluation of intrauterine fetal deaths in # Work-up of stillbirth a review of the evidence <PERSOON> (intra uteriene vruchtdood en intra partum sterfte) per ### geborenen na een zwangerschapsduur = ## weken van ### tot ### ### # Fretts RC Etiology and prevention of stillbirth <PERSOON> FJ Fetal death classificaton and diagnostic work-up PhD thesis University of <PERSOON>FJ, Gordijn SJ, Timmer> A et al <PERSOON> Tulip classification of perinatal mortality introduction # <PERSOON> SJ, Erwich JJ, Khong TY Value of the perinatal autopsy critique <PERSOON> RH, Goodwin TM Stillbirth evaluation what tests are ## <PERSOON> clinical utility of the perinatal autopsy ## <PERSOON-##> perinatal autopsy pertinent issues in multicultural <PERSOON-##> SJ, Dahlstrom JE, Khong TY, Ellwood DA Histopathological examination of the placenta key ## <PERSOON-##> FJ, Erwich JJ, Holm JP et al Diverse placental pathologies as the main causes of fetal ## Rayburn W, <PERSOON-##> stillborn fetus placental histologic examination in ##.
| 530 | nvog |
the evidence <PERSOON> (intra uteriene vruchtdood en intra partum sterfte) per ### geborenen na een zwangerschapsduur = ## weken van ### tot ### ### # Fretts RC Etiology and prevention of stillbirth <PERSOON> FJ Fetal death classificaton and diagnostic work-up PhD thesis University of <PERSOON>FJ, Gordijn SJ, Timmer> A et al <PERSOON> Tulip classification of perinatal mortality introduction # <PERSOON> SJ, Erwich JJ, Khong TY Value of the perinatal autopsy critique <PERSOON> RH, Goodwin TM Stillbirth evaluation what tests are ## <PERSOON> clinical utility of the perinatal autopsy ## <PERSOON> perinatal autopsy pertinent issues in multicultural <PERSOON> SJ, Dahlstrom JE, Khong TY, Ellwood DA Histopathological examination of the placenta key ## <PERSOON-##> FJ, Erwich JJ, Holm JP et al Diverse placental pathologies as the main causes of fetal ## Rayburn W, <PERSOON-##> stillborn fetus placental histologic examination in ## Non-invasive perinatal necropsy by magnetic ## Wright C, <PERSOON-##> RE Investigating perinatal death a review of the options when autopsy consent is ## <PERSOON-##> ME, <PERSOON-##> JM Perinatal mortality clinical value of postmortem magnetic resonance imaging compared with autopsy in routine obstetric ## Goldenberg RL, <PERSOON-##> JF Stillbirth a review <PERSOON-##> R et al Diagnostic evaluation of intrauterine fetal deaths in ## <PERSOON-##>FJ, Bouman K, Erwich> JJ et al Cytogenetic analysis after evaluation of ### fetal deaths ## Laube DW, Schauberger CW Fetomaternal bleeding as a cause for "unexplained" fetal death <PERSOON-##> infectious origins of stillbirth <PERSOON-##> JA Infectious causes of fetal death <PERSOON-##> GE, Yotov WV et al Absence of association of thrombophilia polymorphisms with intrauterine growth restriction <PERSOON-##> N et al Increased frequency of genetic thrombophilia in women with complications of pregnancy <PERSOON-##> and pregnancy complications.
| 480 | nvog |
Wright C, <PERSOON> RE Investigating perinatal death a review of the options when autopsy consent is ## <PERSOON> ME, <PERSOON> JM Perinatal mortality clinical value of postmortem magnetic resonance imaging compared with autopsy in routine obstetric ## Goldenberg RL, <PERSOON> JF Stillbirth a review <PERSOON> R et al Diagnostic evaluation of intrauterine fetal deaths in ## <PERSOON>FJ, Bouman K, Erwich> JJ et al Cytogenetic analysis after evaluation of ### fetal deaths ## Laube DW, Schauberger CW Fetomaternal bleeding as a cause for "unexplained" fetal death <PERSOON> infectious origins of stillbirth <PERSOON> JA Infectious causes of fetal death <PERSOON> GE, Yotov WV et al Absence of association of thrombophilia polymorphisms with intrauterine growth restriction <PERSOON-##> N et al Increased frequency of genetic thrombophilia in women with complications of pregnancy <PERSOON-##> and pregnancy complications ## <PERSOON-##> SR, <PERSOON-##> disorders and fetal loss a meta-analysis <PERSOON-##> P et al Thrombophilia in pregnancy a systematic review <PERSOON-##> FJ, Erwich JJ, Folkeringa N et al Prevalence of parental thrombophilic defects after fetal ## <PERSOON-##> of the Placenta second ed London Saunders Company; ### ## Simpson LL Maternal medical disease risk of antepartum fetal death Semin Perinatol ## Reddy UM, Goldenberg R, <PERSOON-##> R et al Stillbirth classification- Developing an international consensus for research Executive summary of a national institute of child health and human ## Flenady V, <PERSOON-##> RM, Incerpi M et al Essential diagnostic work-up of stillbirths In <PERSOON-##> and management London Informa Healthcare UK Ltd; ©### Nederlandse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie Deze richtlijn, ontwikkeld door de Koepel Kwaliteit van de NVOG onder eindverantwoordelijkheid van het Bestuur van de Nederlandse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie, is vastgesteld in de ###e ledenvergadering d d <DATUM> <PERSOON-##> Deze richtlijn is namens de obstetrische werkgroep <LOCATIE> opgesteld door <PERSOON-##>, J J H M Ze hebben een adviserend <INSTELLING> Een gynaecoloog kan geargumenteerd afwijken van een richtlijn wanneer concrete omstandigheden dat noodzakelijk maken.
| 512 | nvog |
Het echoscopisch meten van de foetale parameters caput omtrek (head circumference HC), abdominale omtrek (abdominal circumference AC) en femurlengte (FL) vormt een belangrijke aanvulling op het standaard fysisch diagnostisch onderzoek van een zwangere Het vervolgen van deze parameters in de tijd, geeft een eenduidige toepassing van referentiecurves Er bestaan talloze publicaties waarin referentietabellen en -curves voor bovenstaande foetale parameters beschreven worden (<DATUM> De methodologie van deze publicaties verschilt echter substantieel van elkaar Het doel van dit modelprotocol is derhalve om een leidraad te bieden welke normaalwaarden het meest geschikt zijn voor de Nederlandse multiculturele populatie zwangeren, die onderzocht worden met de moderne echoscopische apparatuur Naast de bovenstaande parameters wordt ook een advies gegeven welke referentiewaarden te gebruiken voor de Voor de HC, AC, FL en TCD werd gekozen voor de referentiescurves van <PERSOON> et al (#) Deze referentiecurves zijn gebaseerd op metingen verricht in een grote multiculturele Nederlandse # e lijns populatie, met een zekere zwangerschapsduur De curves van <PERSOON> hebben bovendien als voordeel dat Voor de lange pijpbeenderen werd gekozen voor referentiecurves uit de studie door Chitty et al (##) Geschat foetaal gewicht kan berekend worden conform richtlijn NVOG foetale groeirestrictie ### met HC (#;##); de HC wordt gemeten in een transversale doorsnede door het foetale caput, op het niveau waarbij de midden echo onderbroken wordt door het cavum septum pellicidum op ongeveer <DATUM> van de voorachterwaardse afstand De voor- en achterhoorn van de laterale ventrikel zijn à vue De HC wordt gemeten door een ellips te projecteren om de schedel, zonder huid en subcutis AC (#;#;##); de buikomtrek wordt gemeten in een transversale doorsnede door de buik, waarbij de buik zo circulair als mogelijk in beeld komt De vena umbilicalis is zichtbaar op ongeveer <DATUM> van de afstand wervelkolom-voorste buikwand Doorgaans is de maag in deze doorsnede ook deels zichtbaar, doch dit is geen vereiste De meting vind plaats door een ellips te projecteren rondom het foetale abdomen, waarbij huid FL (#;#;##;##); de lengte van het femur en de andere lange pijpbeenderen wordt gemeten door de diaphyse over de volledige lengte te visualiseren en te meten Met name bij een meer gevorderde zwangerschapsduur wordt de epifyse ook zichtbaar, welke niet in de meting betrokken dient te worden TCD (#); de transcerebellaire diameter wordt gemeten in een oblique transversale doorsnede door het foetale caput In deze doorsnede is het cavum septum pellicidum en het cerebellum zichtbaar * Er is een verschil tussen de formules, die gebruikt worden voor de Datering en de Biometrie Bij Datering wordt een bepaalde afmeting van de TCD gebruikt om de zwangerschapsduur te berekenen Bij het meten van de Biometrie is de zwangerschapsduur bekend en wordt gekeken of de gemeten TCD binnen de norm valt Indien er sprake is van een afwijkende biometrie bij SEO of op een later tijdstip, maar nog voor ## weken zwangerschapsduur, dan dient verwijzing naar een <INSTELLING> voor prenatale diagnostiek aangeboden te worden voor een geavanceerd ultrageluid onderzoek.
| 596 | nvog |
een ellips te projecteren om de schedel, zonder huid en subcutis AC (#;#;##); de buikomtrek wordt gemeten in een transversale doorsnede door de buik, waarbij de buik zo circulair als mogelijk in beeld komt De vena umbilicalis is zichtbaar op ongeveer <DATUM> van de afstand wervelkolom-voorste buikwand Doorgaans is de maag in deze doorsnede ook deels zichtbaar, doch dit is geen vereiste De meting vind plaats door een ellips te projecteren rondom het foetale abdomen, waarbij huid FL (#;#;##;##); de lengte van het femur en de andere lange pijpbeenderen wordt gemeten door de diaphyse over de volledige lengte te visualiseren en te meten Met name bij een meer gevorderde zwangerschapsduur wordt de epifyse ook zichtbaar, welke niet in de meting betrokken dient te worden TCD (#); de transcerebellaire diameter wordt gemeten in een oblique transversale doorsnede door het foetale caput In deze doorsnede is het cavum septum pellicidum en het cerebellum zichtbaar * Er is een verschil tussen de formules, die gebruikt worden voor de Datering en de Biometrie Bij Datering wordt een bepaalde afmeting van de TCD gebruikt om de zwangerschapsduur te berekenen Bij het meten van de Biometrie is de zwangerschapsduur bekend en wordt gekeken of de gemeten TCD binnen de norm valt Indien er sprake is van een afwijkende biometrie bij SEO of op een later tijdstip, maar nog voor ## weken zwangerschapsduur, dan dient verwijzing naar een <INSTELLING> voor prenatale diagnostiek aangeboden te worden voor een geavanceerd ultrageluid onderzoek Indicaties voor verwijzing op basis van biometrie zijn als volgt Voor de parameters HC, AC, FL en TCD wordt geadviseerd de referentiecurves van <PERSOON> et al (#) te gebruiken Voor de lange pijpbeenderen wordt geadviseerd de referentiecurves van Chitty et al (##) te gebruiken Het landelijk gebruik van dezelfde curves vergemakkelijkt de samenwerking tussen # e, #e en #e lijn # <PERSOON> GB Growth of the fetal biparietal diameter during normal pregnancy <PERSOON> of gestational age in the second trimester by real-time ultrasound measurement of the femur length <PERSOON> LS, Altman DG Charts of fetal size # Head measurements British Journal of Obstetrics and # Chitty LS, Altman DG Charts of fetal size # Abdominal measurements British Journal of Obstetrics # Chitty LS, Altman DG Charts of fetal size # Femur length British Journal of Obstetrics and # <PERSOON> HA et al New charts for ultrasound dating of pregnancy and assessment of fetal growth, longitidinal data from a population-based cohort study Ultrasound in Obstetrics and Gynecology , in press ### # <PERSOON> RJ, Nicolaides KH Fetal biometry at ##-## weeks' gestation Ultrasound Obstet Gynecol # Deter RL, Harrist RB, Hadlock FP, Carpenter RJ.
| 574 | nvog |
Onderstaande conceptrichtlijntekst wordt na het doorlopen van de commentaar- en autorisatiefase zijn in de huidige versie van de richtlijntekst terug te vinden in de âbijlagenâ aan het einde van de Welke modus partus (primaire sectio of vaginale partus) verdient de voorkeur bij ongecompliceerde Adviseer een vaginale partus bij een ongecompliceerde tweelingzwangerschap van AD ##+# tot ##+# Maak lokale afspraken over de beschikbaarheid van de gynaecologen, anesthesiologen, het OK-team, Tweelingzwangerschappen zijn geassocieerd met hogere perinatale mortaliteit en morbiditeit<DATUM> Deze zijn gerelateerd aan prematuriteit, maar ook complicaties tijdens de partus dragen hieraan bij Het kind dat als tweede geboren wordt, heeft meer kans op een nadelige perinatale uitkomst in Bij een vaginale partus van een tweelingzwangerschap is er ##-##% kans op een secundaire sectio##-## Ook wanneer het eerste kind vaginaal ter wereld komt, is er # tot #% kans op een secundaire sectio voor het Nadelige perinatale uitkomsten worden mogelijk vermeden wanneer men een primaire sectio caesarea verricht bij een tweelingzwangerschap Echter, een sectio caesarea heeft nadelen voor de moeder en neonaat in de huidige en toekomstige zwangerschap(pen) Respiratoire morbiditeit treedt vaker op bij de neonaat na een sectio caesarea dan na een vaginale partus voor ## weken##-## Bovendien is een sectio caesarea geassocieerd met een langere opnameduur van de moeder in het De LEMMoN-studie liet een verhoogde kans op uterusextirpatie of embolisatie postpartum zien Daarnaast neemt de kans op abnormale placenta invasie toe, vooral wanneer de patiënte meerdere In deze module worden aanbevelingen gedaan over de modus partus bij ongecompliceerde tweelingzwangerschappen, waarbij het eerste kind in hoofdligging ligt Hierbij wordt uitgegaan van het âintention-to-treatâ-principe waarbij men van een vaginale partus spreekt wanneer er een intentie is tot vaginale partus, ongeacht of de patiënte uiteindelijk vaginaal of per sectio caesarea Leidt een primaire sectio caesarea (I) tot lagere neonatale en maternale mortaliteit en morbiditeit (O) bij ongecompliceerde tweelingzwangerschappen met een zwangerschapsduur van ##+# tot ##+# weken, waarbij het eerste kind in hoofdligging ligt (P), in vergelijking tot een vaginale partus (C)? P = ongecompliceerde tweelingzwangerschappen met een zwangerschapsduur van ##+# tot ##+# Neonataal mortaliteit, ernstige morbiditeit (APGAR-score minder dan # na # min , twee of meer insulten binnen ## uur, coma, vertraagde reactie op pijn, intubatie indicatie voor minimaal ## uur, sepsis, necrotiserende enterocolitis, bronchopulmonale dysplasie, intraventriculaire bloeding graad # Maternaal mortaliteit, ernstige morbiditeit (fluxus postpartum, (re-)laparotomie, trauma genitalia interna, veneuze trombo-embolie, levensbedreigende ziekte (zoals paralytische ileus), wondinfectie, Maternaal urine of faecale incontinentie, borstvoeding, kwaliteit van leven, moeheid, depressie De werkgroep achtte neonatale mortaliteit, ernstige neonatale morbiditeit, maternale mortaliteit en ernstige maternale morbiditeit op korte termijn voor de besluitvorming kritieke uitkomstmaten; en neonatale en maternale mortaliteit en morbiditeit op lange termijn voor de besluitvorming belangrijke De werkgroep hanteerde de afkapgrenzen van de GRADE ter bepaling van een klinisch (patiënt) Relevant verschil, waarbij rekening wordt gehouden met het ##% betrouwbaarheidsinterval Voor een klinisch relevant verschil wordt de afkapwaarde van #,## gehanteerd In de databases Medline (via OVID), Embase (via Embase com), Cinahl (via EBSCO) en de.
| 656 | nvog |
waarbij het eerste kind in hoofdligging ligt Hierbij wordt uitgegaan van het âintention-to-treatâ-principe waarbij men van een vaginale partus spreekt wanneer er een intentie is tot vaginale partus, ongeacht of de patiënte uiteindelijk vaginaal of per sectio caesarea Leidt een primaire sectio caesarea (I) tot lagere neonatale en maternale mortaliteit en morbiditeit (O) bij ongecompliceerde tweelingzwangerschappen met een zwangerschapsduur van ##+# tot ##+# weken, waarbij het eerste kind in hoofdligging ligt (P), in vergelijking tot een vaginale partus (C)? P = ongecompliceerde tweelingzwangerschappen met een zwangerschapsduur van ##+# tot ##+# Neonataal mortaliteit, ernstige morbiditeit (APGAR-score minder dan # na # min , twee of meer insulten binnen ## uur, coma, vertraagde reactie op pijn, intubatie indicatie voor minimaal ## uur, sepsis, necrotiserende enterocolitis, bronchopulmonale dysplasie, intraventriculaire bloeding graad # Maternaal mortaliteit, ernstige morbiditeit (fluxus postpartum, (re-)laparotomie, trauma genitalia interna, veneuze trombo-embolie, levensbedreigende ziekte (zoals paralytische ileus), wondinfectie, Maternaal urine of faecale incontinentie, borstvoeding, kwaliteit van leven, moeheid, depressie De werkgroep achtte neonatale mortaliteit, ernstige neonatale morbiditeit, maternale mortaliteit en ernstige maternale morbiditeit op korte termijn voor de besluitvorming kritieke uitkomstmaten; en neonatale en maternale mortaliteit en morbiditeit op lange termijn voor de besluitvorming belangrijke De werkgroep hanteerde de afkapgrenzen van de GRADE ter bepaling van een klinisch (patiënt) Relevant verschil, waarbij rekening wordt gehouden met het ##% betrouwbaarheidsinterval Voor een klinisch relevant verschil wordt de afkapwaarde van #,## gehanteerd In de databases Medline (via OVID), Embase (via Embase com), Cinahl (via EBSCO) en de caesarea vergeleken met vaginale partus bij ongecompliceerde tweelingzwangerschappen, waarbij het De literatuurzoekactie leverde ### treffers op Studies werden geselecteerd op grond van de volgende - Systematische reviews, Randomized Controlled Trials (RCTâs) of vergelijkend onderzoek; - Gericht op de vergelijking van neonatale en maternale uitkomstmaten van een primaire sectio caesarea en een vaginale partus bij ongecompliceerde tweelingzwangerschappen tussen de ##+# en ##+# weken waarbij het eerste kind in hoofdligging ligt In- en exclusiecriteria werden overgenomen uit de Twin Birth Study## Ongecompliceerde tweelingzwangerschap werd gedefinieerd als beide kinderen in leven, geschat gewicht bij echoscopisch onderzoek tussen respectievelijk ### en ### gram bij AD ##+# tot ##+# weken Ook monochoriale biamniotische tweelingen worden hierin meegenomen mits Op basis van de titel en het abstract werden in eerste instantie ## studies voorgeselecteerd Na raadpleging van de volledige tekst, werden vervolgens ## studies geëxcludeerd (zie exclusietabel Twee onderzoeken zijn opgenomen in de literatuuranalyse, namelijk een Cochrane-review uit ### (Hofmeyr et al ###) en een artikel (Asztalos et al ###) dat is verschenen na de Cochrane review De belangrijkste studiekarakteristieken en resultaten zijn opgenomen in de evidencetabellen Wat is de neonatale uitkomst bij een primaire sectio caesarea dan wel vaginale partus bij een tweelingzwangerschap, waarbij het eerste kind in hoofdligging ligt, van AD ##+# tot ##+# weken op In een Cochrane-review (Hofmeyr et al ###) werden de neonatale en maternale korte- en langetermijneffecten van een primaire sectio caesarea bij een tweelingzwangerschap vergeleken met een vaginale partus.
| 677 | nvog |
bij ongecompliceerde tweelingzwangerschappen, waarbij het De literatuurzoekactie leverde ### treffers op Studies werden geselecteerd op grond van de volgende - Systematische reviews, Randomized Controlled Trials (RCTâs) of vergelijkend onderzoek; - Gericht op de vergelijking van neonatale en maternale uitkomstmaten van een primaire sectio caesarea en een vaginale partus bij ongecompliceerde tweelingzwangerschappen tussen de ##+# en ##+# weken waarbij het eerste kind in hoofdligging ligt In- en exclusiecriteria werden overgenomen uit de Twin Birth Study## Ongecompliceerde tweelingzwangerschap werd gedefinieerd als beide kinderen in leven, geschat gewicht bij echoscopisch onderzoek tussen respectievelijk ### en ### gram bij AD ##+# tot ##+# weken Ook monochoriale biamniotische tweelingen worden hierin meegenomen mits Op basis van de titel en het abstract werden in eerste instantie ## studies voorgeselecteerd Na raadpleging van de volledige tekst, werden vervolgens ## studies geëxcludeerd (zie exclusietabel Twee onderzoeken zijn opgenomen in de literatuuranalyse, namelijk een Cochrane-review uit ### (Hofmeyr et al ###) en een artikel (Asztalos et al ###) dat is verschenen na de Cochrane review De belangrijkste studiekarakteristieken en resultaten zijn opgenomen in de evidencetabellen Wat is de neonatale uitkomst bij een primaire sectio caesarea dan wel vaginale partus bij een tweelingzwangerschap, waarbij het eerste kind in hoofdligging ligt, van AD ##+# tot ##+# weken op In een Cochrane-review (Hofmeyr et al ###) werden de neonatale en maternale korte- en langetermijneffecten van een primaire sectio caesarea bij een tweelingzwangerschap vergeleken met een vaginale partus Groupâs Trials Register (<DATUM> â Twee auteurs beoordeelden onafhankelijk van elkaar de geselecteerde studies en bijbehorende referentielijsten, waarbij de kwaliteit van de studies werd Twee studies werden geïncludeerd (Barrett et al ###, Rabinovici et al ###) De meeste data kwamen van een multicenter studie van Barrett waarin <DATUM> vrouwen werden gerandomiseerd in ### centra in ## landen Alle centra beschikten over de faciliteiten om binnen ## minuten een sectio te verrichten en de gynaecologen, anesthesiologen, het OK-team, de kinderartsen en verpleegkundigen waren beschikbaar op het moment van de vaginale partus In de tweede studie (Rabinovici et al ) werden ## vrouwen gerandomiseerd Er werden monochoriale en bichoriale tweelingen geïncludeerd De twee geïncludeerde studies leverden in totaal <DATUM> Het aantal vrouwen dat een sectio onderging werd in beide studies beschreven In de primaire sectio groep onderging ##,#% van de vrouwen een sectio caesarea In de vaginale partus groep werd bij Statistische analyse vond plaats op basis van het âintention-to-treatâ-principe Er werd geen significant verschil aangetoond tussen de groepen in perinatale mortaliteit en ernstige morbiditeit in de eerste ## dagen postpartum (RR #,##; ##% BI #,## â #,##) op basis van de Barrett-studie (### neonaten, één Wanneer de uitkomstmaten apart van elkaar werden bekeken, bleek er ook geen significant verschil tussen de groepen voor perinatale of neonatale mortaliteit (RR #,##; ##% BI #,## â #,##; ### neonaten, twee studies, moderate quality of evidence), voor ernstige neonatale morbiditeit (RR #,##;.
| 689 | nvog |
beoordeelden onafhankelijk van elkaar de geselecteerde studies en bijbehorende referentielijsten, waarbij de kwaliteit van de studies werd Twee studies werden geïncludeerd (Barrett et al ###, Rabinovici et al ###) De meeste data kwamen van een multicenter studie van Barrett waarin <DATUM> vrouwen werden gerandomiseerd in ### centra in ## landen Alle centra beschikten over de faciliteiten om binnen ## minuten een sectio te verrichten en de gynaecologen, anesthesiologen, het OK-team, de kinderartsen en verpleegkundigen waren beschikbaar op het moment van de vaginale partus In de tweede studie (Rabinovici et al ) werden ## vrouwen gerandomiseerd Er werden monochoriale en bichoriale tweelingen geïncludeerd De twee geïncludeerde studies leverden in totaal <DATUM> Het aantal vrouwen dat een sectio onderging werd in beide studies beschreven In de primaire sectio groep onderging ##,#% van de vrouwen een sectio caesarea In de vaginale partus groep werd bij Statistische analyse vond plaats op basis van het âintention-to-treatâ-principe Er werd geen significant verschil aangetoond tussen de groepen in perinatale mortaliteit en ernstige morbiditeit in de eerste ## dagen postpartum (RR #,##; ##% BI #,## â #,##) op basis van de Barrett-studie (### neonaten, één Wanneer de uitkomstmaten apart van elkaar werden bekeken, bleek er ook geen significant verschil tussen de groepen voor perinatale of neonatale mortaliteit (RR #,##; ##% BI #,## â #,##; ### neonaten, twee studies, moderate quality of evidence), voor ernstige neonatale morbiditeit (RR #,##; Wat is de maternale uitkomst bij een primaire sectio caesarea dan wel vaginale partus bij een De maternale mortaliteit en ernstige morbiditeit bij vrouwen die een sectio caesarea ondergingen ten opzichte van vrouwen die een vaginale partus ondergingen verschilden niet significant van elkaar (RR Deze uitkomstmaat werd beschreven bij beide RCTâs, echter alle bruikbare data waren afkomstig uit In de studie van Rabinovici waren geen patiënten overleden, in de studie van Barrett in elke groep <PERSOON>-termijn-effecten van een primaire sectio dan wel een vaginale partus bij een tweelingzwangerschap worden beschreven in het artikel van Asztalos et al (###) In deze studie wordt de uitkomstmaat van de Twin Birth Study, geanalyseerd <DATUM> kinderen van het oorspronkelijke cohort van <DATUM> kinderen (##%) konden hiervoor worden geïncludeerd De kinderen werden gescreend door middel van âAges en Stage Questionnaireâ, waarna er voor kinderen met een abnormale score een klinische neurologische beoordeling volgde Het effect van een primaire sectio versus vaginale partus op mortaliteit en neurologische ontwikkelingsachterstand werd gekwantificeerd door middel van een logistisch model Baseline-karakteristieken verschilden niet van elkaar De gemiddelde leeftijd van de kinderen tijdens de beoordeling was ## maanden Ongeveer eenderde van de kinderen onderging een klinische neurologische beoordeling Er werd geen significant verschil gevonden in de samengestelde (##<DATUM> ###) in de primaire sectiogroep versus #,##% (###/###) in de vaginale partus groep (OR De Cochrane-review van Hofmeyr laat geen klinisch relevante verschillen zien tussen de groepen na drie maanden Borstvoeding werd gegeven door ##,#% vrouwen na een sectio caesarea en.
| 672 | nvog |
bij een De maternale mortaliteit en ernstige morbiditeit bij vrouwen die een sectio caesarea ondergingen ten opzichte van vrouwen die een vaginale partus ondergingen verschilden niet significant van elkaar (RR Deze uitkomstmaat werd beschreven bij beide RCTâs, echter alle bruikbare data waren afkomstig uit In de studie van Rabinovici waren geen patiënten overleden, in de studie van Barrett in elke groep <PERSOON>-termijn-effecten van een primaire sectio dan wel een vaginale partus bij een tweelingzwangerschap worden beschreven in het artikel van Asztalos et al (###) In deze studie wordt de uitkomstmaat van de Twin Birth Study, geanalyseerd <DATUM> kinderen van het oorspronkelijke cohort van <DATUM> kinderen (##%) konden hiervoor worden geïncludeerd De kinderen werden gescreend door middel van âAges en Stage Questionnaireâ, waarna er voor kinderen met een abnormale score een klinische neurologische beoordeling volgde Het effect van een primaire sectio versus vaginale partus op mortaliteit en neurologische ontwikkelingsachterstand werd gekwantificeerd door middel van een logistisch model Baseline-karakteristieken verschilden niet van elkaar De gemiddelde leeftijd van de kinderen tijdens de beoordeling was ## maanden Ongeveer eenderde van de kinderen onderging een klinische neurologische beoordeling Er werd geen significant verschil gevonden in de samengestelde (##<DATUM> ###) in de primaire sectiogroep versus #,##% (###/###) in de vaginale partus groep (OR De Cochrane-review van Hofmeyr laat geen klinisch relevante verschillen zien tussen de groepen na drie maanden Borstvoeding werd gegeven door ##,#% vrouwen na een sectio caesarea en Er was geen significant verschil tussen de groepen in het falen van borstvoeding (RR #,##; ##% Kwaliteit van leven was in beide groepen nagenoeg gelijk De gemiddelde lichamelijke en mentale âquality of lifeâ-scores op basis van de âShort Form (##) health Survey (SF-##)â waren respectievelijk ##,# bij de sectiogroep versus ##,# in vaginale partus groep (p=#,##) en ##,# versus ##,# (p=#,##) De frequentie van waarschijnlijke depressie volgens de âEdinburgh Postnatal Depression Scaleâ was ##,#% versus ##,#% (p=#,##) Er was geen significant verschil tussen de twee groepen in het aantal vrouwen met een score van meer dan ## op de âEdinburgh Postnatal Depression Scaleâ in de studie van Barrett (RR #,##; ##% BI #,## â#,##, # studie, <DATUM> vrouwen, moderate quality of evidence) Urine-incontinentie kwam in #,#% van de vrouwen bij een sectio voor versus #,#% van de vrouwen bij een vaginale partus (p=#,##) Het gemiddelde incontinentie âImpact Questionnaire-#â score was ##,# versus ##,# (p=#,##) Er werd geen significant verschil aangetoond tussen de twee groepen in urine De betrouwbaarheidsintervallen voor mortaliteit en morbiditeit zijn breed en overschrijden de GRADE-grenzen voor klinische relevantie Op basis van de GRADE-afkapwaarden voor imprecisie is de bewijskracht voor de uitkomstmaten neonatale en maternale mortaliteit en morbiditeit van de Cochrane-studie met # niveau verlaagd Risico op bias werd gegradeerd als âlowâ voor alle categorieën, behalve âperformanceâ (âhighâ) and âoutcome assessment biasâ (âunclearâ) Aangezien de verwachting is dat deze âperformanceâ en âoutcome assessmentâ bias dusdanig weinig effect hebben op de uitkomst, werd hiervoor de bewijskracht niet verlaagd De bewijskracht werd gegradeerd als.
| 761 | nvog |
het falen van borstvoeding (RR #,##; ##% Kwaliteit van leven was in beide groepen nagenoeg gelijk De gemiddelde lichamelijke en mentale âquality of lifeâ-scores op basis van de âShort Form (##) health Survey (SF-##)â waren respectievelijk ##,# bij de sectiogroep versus ##,# in vaginale partus groep (p=#,##) en ##,# versus ##,# (p=#,##) De frequentie van waarschijnlijke depressie volgens de âEdinburgh Postnatal Depression Scaleâ was ##,#% versus ##,#% (p=#,##) Er was geen significant verschil tussen de twee groepen in het aantal vrouwen met een score van meer dan ## op de âEdinburgh Postnatal Depression Scaleâ in de studie van Barrett (RR #,##; ##% BI #,## â#,##, # studie, <DATUM> vrouwen, moderate quality of evidence) Urine-incontinentie kwam in #,#% van de vrouwen bij een sectio voor versus #,#% van de vrouwen bij een vaginale partus (p=#,##) Het gemiddelde incontinentie âImpact Questionnaire-#â score was ##,# versus ##,# (p=#,##) Er werd geen significant verschil aangetoond tussen de twee groepen in urine De betrouwbaarheidsintervallen voor mortaliteit en morbiditeit zijn breed en overschrijden de GRADE-grenzen voor klinische relevantie Op basis van de GRADE-afkapwaarden voor imprecisie is de bewijskracht voor de uitkomstmaten neonatale en maternale mortaliteit en morbiditeit van de Cochrane-studie met # niveau verlaagd Risico op bias werd gegradeerd als âlowâ voor alle categorieën, behalve âperformanceâ (âhighâ) and âoutcome assessment biasâ (âunclearâ) Aangezien de verwachting is dat deze âperformanceâ en âoutcome assessmentâ bias dusdanig weinig effect hebben op de uitkomst, werd hiervoor de bewijskracht niet verlaagd De bewijskracht werd gegradeerd als De bewijskracht van de RCT van Asztalos werd voor de uitkomstmaat neonatale mortaliteit En morbiditeit op de lange termijn gegradeerd als hoog, echter vanwege imprecisie is de Er is geen significant verschil in neonatale en maternale mortaliteit en morbiditeit op de korte termijn (eerste ## dagen postpartum) tussen een vaginale partus en primaire Er is geen significant verschil in maternale mortaliteit en morbiditeit op de lange termijn tussen een vaginale partus en een primaire sectio voor ongecompliceerde tweelingzwangerschappen van AD ##+# tot ##+# weken, waarbij het eerste kind in Er is geen significant verschil in mortaliteit en morbiditeit bij kinderen op de lange termijn (<LEEFTIJD> jaar) tussen een vaginale partus en een primaire sectio voor ongecompliceerde tweelingzwangerschappen van AD ##+# tot ##+# weken, waarbij Literatuurstudie, welke voornamelijk is gebaseerd op # grote RCT##, toont tot op heden geen significant verschil aan in maternale en neonatale mortaliteit en morbiditeit tussen een primaire sectio caesarea en een vaginale partus voor ongecompliceerde tweelingzwangerschappen, waarbij De Cochrane van Hofmeyr et al beschrijft een sectiopercentage van ##,#% in de vaginale partus groep en #,# % van de vrouwen beviel vaginaal terwijl een sectio caesarea was gepland De literatuurstudie laat geen significant voordeel zien van een sectio caesarea ten opzichte van een vaginale partus in maternale en neonatale mortaliteit en morbiditeit, echter de kans op complicaties voor moeder en kind op de lange termijn zoals uterusruptuur en abnormale invasie van de placenta in een volgende graviditeit zijn niet beschreven in deze studies.
| 735 | nvog |
De bewijskracht van de RCT van Asztalos werd voor de uitkomstmaat neonatale mortaliteit En morbiditeit op de lange termijn gegradeerd als hoog, echter vanwege imprecisie is de Er is geen significant verschil in neonatale en maternale mortaliteit en morbiditeit op de korte termijn (eerste ## dagen postpartum) tussen een vaginale partus en primaire Er is geen significant verschil in maternale mortaliteit en morbiditeit op de lange termijn tussen een vaginale partus en een primaire sectio voor ongecompliceerde tweelingzwangerschappen van AD ##+# tot ##+# weken, waarbij het eerste kind in Er is geen significant verschil in mortaliteit en morbiditeit bij kinderen op de lange termijn (<LEEFTIJD> jaar) tussen een vaginale partus en een primaire sectio voor ongecompliceerde tweelingzwangerschappen van AD ##+# tot ##+# weken, waarbij Literatuurstudie, welke voornamelijk is gebaseerd op # grote RCT##, toont tot op heden geen significant verschil aan in maternale en neonatale mortaliteit en morbiditeit tussen een primaire sectio caesarea en een vaginale partus voor ongecompliceerde tweelingzwangerschappen, waarbij De Cochrane van Hofmeyr et al beschrijft een sectiopercentage van ##,#% in de vaginale partus groep en #,# % van de vrouwen beviel vaginaal terwijl een sectio caesarea was gepland De literatuurstudie laat geen significant voordeel zien van een sectio caesarea ten opzichte van een vaginale partus in maternale en neonatale mortaliteit en morbiditeit, echter de kans op complicaties voor moeder en kind op de lange termijn zoals uterusruptuur en abnormale invasie van de placenta in een volgende graviditeit zijn niet beschreven in deze studies previa/accreta (<DATUM> Een vaginale partus verdient daarom de voorkeur bij tweelingzwangerschappen, waarbij het eerste kind in hoofdligging ligt, mits het een ongecompliceerde tweelingzwangerschap betreft Een ongecompliceerde tweelingzwangerschap wordt gedefinieerd als beide kinderen in leven, geschat gewicht bij echoscopische onderzoek tussen <DATUM> en # ### gram bij AD ##+# tot ##+# weken Deze richtlijn geldt niet voor gecompliceerde tweelingzwangerschappen zoals monoamniotische tweelingzwangerschappen, foetale reductie na AD ## weken, letale congenitale afwijking, intra-uteriene groeirestrictie en contra-indicatie voor vaginale partus Bij het interpreteren van deze studie is de aanwezigheid van faciliteiten om een spoedsectio (binnen ## minuten) te verrichten meegenomen, waarbij de gynaecologen, anesthesiologen, het OK-team, de kinderartsen en verpleegkundigen ten tijde van een vaginale partus bij een tweelingzwangerschap De optimale termijn voor inleiding van een tweelingzwangerschap wordt onderzocht in een andere uitgangsvraag Er is reeds literatuur waarin inleiding tussen ##+# â ##+# weken wordt <PERSOON>, gynaecoloog, <LOCATIE> <INSTELLING>, Nederlandse Vereniging voor Obstetrie & Gynaecologie <PERSOON>, <INSTELLING> <LOCATIE>, Nederlandse Vereniging voor Obstetrie & Gynaecologie <PERSOON> (AIOS), Nederlandse Vereniging voor Obstetrie & Gynaecologie Met de Patiëntenfederatie <LOCATIE> heeft gedurende het ontwikkelproces contact plaatsgevonden over het patiëntenperspectief De conceptrichtlijn is voor commentaar voorgelegd Voor het beoordelen van de actualiteit van deze richtlijnmodule is <PERSOON> werkgroep (B M E in stand zal blijven Uiterlijk in ### bepaalt <PERSOON> werkgroep van de NVOG of deze module kunnen inschatten Deze beoordelingen kunt u vinden in de Risk of Bias (RoB)-tabellen.
| 624 | nvog |
daarom de voorkeur bij tweelingzwangerschappen, waarbij het eerste kind in hoofdligging ligt, mits het een ongecompliceerde tweelingzwangerschap betreft Een ongecompliceerde tweelingzwangerschap wordt gedefinieerd als beide kinderen in leven, geschat gewicht bij echoscopische onderzoek tussen <DATUM> en # ### gram bij AD ##+# tot ##+# weken Deze richtlijn geldt niet voor gecompliceerde tweelingzwangerschappen zoals monoamniotische tweelingzwangerschappen, foetale reductie na AD ## weken, letale congenitale afwijking, intra-uteriene groeirestrictie en contra-indicatie voor vaginale partus Bij het interpreteren van deze studie is de aanwezigheid van faciliteiten om een spoedsectio (binnen ## minuten) te verrichten meegenomen, waarbij de gynaecologen, anesthesiologen, het OK-team, de kinderartsen en verpleegkundigen ten tijde van een vaginale partus bij een tweelingzwangerschap De optimale termijn voor inleiding van een tweelingzwangerschap wordt onderzocht in een andere uitgangsvraag Er is reeds literatuur waarin inleiding tussen ##+# â ##+# weken wordt <PERSOON>, gynaecoloog, <LOCATIE> <INSTELLING>, Nederlandse Vereniging voor Obstetrie & Gynaecologie <PERSOON>, <INSTELLING> <LOCATIE>, Nederlandse Vereniging voor Obstetrie & Gynaecologie <PERSOON> (AIOS), Nederlandse Vereniging voor Obstetrie & Gynaecologie Met de Patiëntenfederatie <LOCATIE> heeft gedurende het ontwikkelproces contact plaatsgevonden over het patiëntenperspectief De conceptrichtlijn is voor commentaar voorgelegd Voor het beoordelen van de actualiteit van deze richtlijnmodule is <PERSOON> werkgroep (B M E in stand zal blijven Uiterlijk in ### bepaalt <PERSOON> werkgroep van de NVOG of deze module kunnen inschatten Deze beoordelingen kunt u vinden in de Risk of Bias (RoB)-tabellen RoB-instrument (AMSTAR â voor systematische reviews) is een gevalideerd instrument dat wordt prioriteren van de klinisch (patiënt)relevante uitkomstmaten, een systematische review per uitkomstmaat, en een beoordeling van bewijskracht op basis van de vijf GRADE-criteria (startpunt Het is onvoldoende onderzocht of een gepland sectio caesarea bij een ongecompliceerde gemelli graviditeit onder ## weken, in vergelijking met een vaginale partus, tot minder neonatale en # Barrières kunnen zich bevinden op het niveau van de professional, op het niveau van de organisatie onenigheid in het land m b t de aanbeveling, onvoldoende motivatie of kennis bij de specialist, onvoldoende faciliteiten of personeel, nodige concentratie van zorg, kosten, slechte samenwerking Implementatie te bevorderen Denk bijvoorbeeld aan controleren aanbeveling tijdens kwaliteitsvisitatie, publicatie van de richtlijn, ontwikkelen van implementatietools, informeren van ziekenhuisbestuurders, regelen van goede vergoeding voor een bepaald type behandeling, maken # Wie de verantwoordelijkheden draagt voor implementatie van de aanbevelingen, zal tevens professional zullen vaak opgelost moeten worden door de beroepsvereniging Barrières op het niveau van de organisatie zullen vaak onder verantwoordelijkheid van de ziekenhuisbestuurders vallen Bij het oplossen van barrières op het niveau van het systeem zijn ook andere partijen, zoals de (#) Barrett JF Delivery of the term twin <PERSOON> YB, <PERSOON> of twins and singletons by gestational age a (#) <PERSOON> MP, Bescos JL Perinatal mortality in twin pregnancy.
| 595 | nvog |
RoB-instrument (AMSTAR â voor systematische reviews) is een gevalideerd instrument dat wordt prioriteren van de klinisch (patiënt)relevante uitkomstmaten, een systematische review per uitkomstmaat, en een beoordeling van bewijskracht op basis van de vijf GRADE-criteria (startpunt Het is onvoldoende onderzocht of een gepland sectio caesarea bij een ongecompliceerde gemelli graviditeit onder ## weken, in vergelijking met een vaginale partus, tot minder neonatale en # Barrières kunnen zich bevinden op het niveau van de professional, op het niveau van de organisatie onenigheid in het land m b t de aanbeveling, onvoldoende motivatie of kennis bij de specialist, onvoldoende faciliteiten of personeel, nodige concentratie van zorg, kosten, slechte samenwerking Implementatie te bevorderen Denk bijvoorbeeld aan controleren aanbeveling tijdens kwaliteitsvisitatie, publicatie van de richtlijn, ontwikkelen van implementatietools, informeren van ziekenhuisbestuurders, regelen van goede vergoeding voor een bepaald type behandeling, maken # Wie de verantwoordelijkheden draagt voor implementatie van de aanbevelingen, zal tevens professional zullen vaak opgelost moeten worden door de beroepsvereniging Barrières op het niveau van de organisatie zullen vaak onder verantwoordelijkheid van de ziekenhuisbestuurders vallen Bij het oplossen van barrières op het niveau van het systeem zijn ook andere partijen, zoals de (#) Barrett JF Delivery of the term twin <PERSOON> YB, <PERSOON> of twins and singletons by gestational age a (#) <PERSOON> MP, Bescos JL Perinatal mortality in twin pregnancy (#) <PERSOON> mortality and morbidity in twin pregnancies the relation between chorionicity and gestational age at birth <PERSOON> and mortality factors in twins <PERSOON> epidemiologic approach (#) Hartley RS, <PERSOON> mortality and neonatal morbidity rates among twin pairs at different gestational ages optimal delivery timing at ## to ## weeks' gestation Am (#) <PERSOON> MS, et al Changes in stillbirth and infant mortality associated with increases in preterm birth among twins <PERSOON> epidemiology of perinatal mortality in multiple births <PERSOON-##> Med ### (#) <PERSOON-##> MS, Usher RH Respiratory distress syndrome in second-born versus first-born twins A matched case-control analysis <PERSOON-##> M, et al Respiratory morbidity in twins by birth order, gestational age and mode of delivery <PERSOON-##> GC, <PERSOON-##> of delivery and the risk of deliveryrelated perinatal death among twins at term a retrospective cohort study of ### births (##) <PERSOON-##> between the Intertwin Interval and (##) <PERSOON-##> K, <PERSOON-##> M.
| 536 | nvog |
Perinatal mortality and morbidity in twin pregnancies the relation between chorionicity and gestational age at birth <PERSOON> and mortality factors in twins <PERSOON> epidemiologic approach (#) Hartley RS, <PERSOON> mortality and neonatal morbidity rates among twin pairs at different gestational ages optimal delivery timing at ## to ## weeks' gestation Am (#) <PERSOON> MS, et al Changes in stillbirth and infant mortality associated with increases in preterm birth among twins <PERSOON> epidemiology of perinatal mortality in multiple births <PERSOON> Med ### (#) <PERSOON> MS, Usher RH Respiratory distress syndrome in second-born versus first-born twins A matched case-control analysis <PERSOON> M, et al Respiratory morbidity in twins by birth order, gestational age and mode of delivery <PERSOON> GC, <PERSOON-##> of delivery and the risk of deliveryrelated perinatal death among twins at term a retrospective cohort study of ### births (##) <PERSOON-##> between the Intertwin Interval and (##) <PERSOON-##> K, <PERSOON-##> M in second twin according to cause of death, gestational age, and mode of delivery <PERSOON-##> JF, <PERSOON-##> ME, Hutton EK, Willan AR, Allen AC, Armson BA, et al A randomized trial of planned cesarean or vaginal delivery for twin pregnancy <PERSOON-##> JB, <PERSOON-##> SG, van <PERSOON-##> BW, et al Perinatal mortality and mode of delivery in monochorionic diamniotic twin pregnancies )/= ## weeks of gestation a multicentre retrospective cohort study <PERSOON-##> CM, <PERSOON-##> HM Combined vaginal-cesarean delivery of (##) <PERSOON-##> factors for emergency cesarean delivery of the second twin after vaginal delivery of the first twin <PERSOON-##> distress syndrome after elective caesarean section in near term infants a #-year cohort (##) <PERSOON-##> TB Elective caesarean section and respiratory morbidity in the term and near-term neonate <PERSOON-##> G, et al Neonatal morbidity after cesarean section before labor at ##(+#) to ##(+#) weeks a cohort study <PERSOON-##> AT, Landon MB, Spong CY, <PERSOON-##> KJ, Varner MW, et al Timing of elective repeat cesarean delivery at term and neonatal outcomes.
| 538 | nvog |
twin according to cause of death, gestational age, and mode of delivery <PERSOON> JF, <PERSOON> ME, Hutton EK, Willan AR, Allen AC, Armson BA, et al A randomized trial of planned cesarean or vaginal delivery for twin pregnancy <PERSOON> JB, <PERSOON> SG, van <PERSOON> BW, et al Perinatal mortality and mode of delivery in monochorionic diamniotic twin pregnancies )/= ## weeks of gestation a multicentre retrospective cohort study <PERSOON> CM, <PERSOON> HM Combined vaginal-cesarean delivery of (##) <PERSOON> factors for emergency cesarean delivery of the second twin after vaginal delivery of the first twin <PERSOON> distress syndrome after elective caesarean section in near term infants a #-year cohort (##) <PERSOON-##> TB Elective caesarean section and respiratory morbidity in the term and near-term neonate <PERSOON-##> G, et al Neonatal morbidity after cesarean section before labor at ##(+#) to ##(+#) weeks a cohort study <PERSOON-##> AT, Landon MB, Spong CY, <PERSOON-##> KJ, Varner MW, et al Timing of elective repeat cesarean delivery at term and neonatal outcomes ###-## (##) <PERSOON-##> PD, van RJ Peripartum hysterectomy and arterial embolization for major obstetric hemorrhage a #-year nationwide cohort study in the <PERSOON-##> IM, Hobeika EM, <PERSOON-##> <INSTELLING>, <PERSOON-##> GE, Nassar AH Placenta previa-accreta risk factors (##) <PERSOON-##> MK Multiple repeat caesarean section in the UK incidence and consequences to mother and child A national, prospective, cohort study (##) Hofmeyr GJ, Barrett JF, Crowther CA Planned caesarean section for women with a twin (##) Asztalos EV, <PERSOON> ME, Hutton EK, Willan AR, Allen AC, Armson BA, et al Twin Birth Study #-year neurodevelopmental follow-up of the randomized trial of planned cesarean or planned vaginal delivery for twin pregnancy <PERSOON-##> management of the second nonvertex twin vaginal delivery or cesarean section <PERSOON-##> D, <PERSOON-##> J, <PERSOON-##> K S et al Prospective risk of stillbirth and neonatal complications in twin pregnancies systematic review and Research question <PERSOON-##> an elective caesarean delivery (I) lead to less neonatal and maternal morbidity and mortality (O) in term uncomplicated twin pregnancies with the first twin in vertex position (P) compared to Based on AMSTAR checklist (Shea et al ; ###, BMC Methodol # ##;doi ##.
| 592 | nvog |
(##) <PERSOON> PD, van RJ Peripartum hysterectomy and arterial embolization for major obstetric hemorrhage a #-year nationwide cohort study in the <PERSOON> IM, Hobeika EM, <PERSOON> <INSTELLING>, <PERSOON> GE, Nassar AH Placenta previa-accreta risk factors (##) <PERSOON> MK Multiple repeat caesarean section in the UK incidence and consequences to mother and child A national, prospective, cohort study (##) Hofmeyr GJ, Barrett JF, Crowther CA Planned caesarean section for women with a twin (##) Asztalos EV, <PERSOON> ME, Hutton EK, Willan AR, Allen AC, Armson BA, et al Twin Birth Study #-year neurodevelopmental follow-up of the randomized trial of planned cesarean or planned vaginal delivery for twin pregnancy <PERSOON> management of the second nonvertex twin vaginal delivery or cesarean section <PERSOON> D, <PERSOON> J, <PERSOON-##> K S et al Prospective risk of stillbirth and neonatal complications in twin pregnancies systematic review and Research question <PERSOON-##> an elective caesarean delivery (I) lead to less neonatal and maternal morbidity and mortality (O) in term uncomplicated twin pregnancies with the first twin in vertex position (P) compared to Based on AMSTAR checklist (Shea et al ; ###, BMC Methodol # ##;doi ## e<PATIENTNUMMER>; doi ## ###/journal pmed<PATIENTNUMMER>) # Research question (PICO) and inclusion criteria should be appropriate and predefined # Search period and strategy should be described; at least Medline searched; for pharmacological questions at least Medline + EMBASEsearched # Potentially relevant studies that are excluded at final selection (after reading the full text) should be referenced with reasons # Characteristics of individual studies relevant to research question (PICO), including potential confounders, should be reported # Results should be adequately controlled for potential confounders by multivariate analysis (not applicable for RCTs) # Quality of individual studies should be assessed using a quality scoring tool or checklist (Jadad score, Newcastle-Ottawa scale, risk of bias table etc ) # Clinical and statistical heterogeneity should be assessed; clinical enough similarities in patient characteristics, intervention and definition of outcome measure to allow pooling? For pooled data assessment of # <PERSOON-##> assessment of publication bias should include a combination of graphical aids (e g , funnel plot, other available tests) and/or statistical tests (e g , Egger regression test, Hedges-Olken) Note If no test values or funnel plot included, score ânoâ Score âyesâ if mentions that publication bias could not be assessed because there were fewer than ## included studies # Sources of support (including commercial co-authorship) should be reported in both the systematic review and the included studies Note To get a âyes,â source of funding or support must be indicated for the Randomisation.
| 626 | nvog |
Ik ben zwanger, mag ik een prik tegen corona? | Thuisarts nl Ik ben zwanger, mag ik een prik tegen corona? Deze pagina is nog niet toegewezen Nu toewijzen (/node/###/edit) Alle zwangere vrouwen mogen een prik tegen corona halen Artsen raden aan om in ieder geval een prik te halen als je zwanger bent en als je niet in <LOCATIE> bent geboren, of als je vader en moeder niet in <LOCATIE> zijn geboren je werk hebt waarbij je contact hebt met mensen met corona Je mag een prik krijgen met een mRNA-vaccin (Pfizer of Moderna) als je zwanger bent of net bevallen bent Als je borstvoeding geeft, kun je ook een prik tegen corona krijgen Mag ik een prik tegen corona als ik zwanger ben? Alle zwangere vrouwen mogen een prik tegen corona (https //(WEBLINK)) halen Als je zwanger bent, mag je een prik krijgen met een mRNA-vaccin (Pfizer of Moderna) Omdat de prikken nog nieuw zijn, is nog niet alles duidelijk over bijwerkingen In Amerika hebben al veel zwangere vrouwen een prik gekregen en zij kregen geen duidelijke bijwerkingen Artsen verwachten dat de prikken wel veilig zijn als je zwanger bent, omdat er geen levend virus in de prikken zit De voordelen van een prik zijn groter dan de nadelen die de prik misschien heeft Als # of meer van deze dingen voor jou kloppen, raden artsen aan om in ieder geval een prik tegen corona te halen Je bent Als je zwanger bent en een chronische ziekte hebt, kun je heel erg ziek worden door corona Bijvoorbeeld als je diabetes hebt, of een hart- of nierziekte Je kunt daarom beter een prik tegen corona nemen je bent niet in <LOCATIE> geboren, of je vader en moeder zijn niet in <LOCATIE> geboren je hebt werk waarbij je contact hebt met mensen met corona De nieuwste informatie hierover lees je op de website van het <INSTELLING> (https //(WEBLINK)) Voordelen en nadelen van een prik tegen corona in mijn zwangerschap Je hebt veel minder kans om ziek te worden door het virus Als je toch ziek wordt, is dat veel minder erg Dat is belangrijk omdat als je zwanger bent, de kans iets groter is dat je erg ziek wordt door corona De prik is ook extra belangrijk als je een ziekte hebt en daardoor heel erg ziek kunt worden door corona Je maakt antistoffen tegen corona aan, die ook bij je baby komen via de moederkoek Je kunt je een paar dagen na de prik even niet zo lekker voelen Er zijn ook bijwerkingen van de prik die ernstiger zijn Deze komen maar heel weinig voor Lees hier meer over de voordelen en nadelen van een prik tegen corona (https //(WEBLINK)#voordelen-en-nadelen-van-prikken-tegen-corona) Is een prik tegen corona veilig voor de baby in mijn buik? Omdat de prikken nog nieuw zijn, is nog niet alles duidelijk over bijwerkingen.
| 576 | nvog |
Het stellen van een contra-indicatie vanwege het welzijn van het kind # Het Modelprotocol mogelijke morele contra-indicaties bij vruchtbaarheidsbehandelingen is bedoeld als handreiking bij de besluitvorming door hulpverleners die worden gevraagd medische hulp te verlenen bij voortplanting Soms vinden hulpverleners dat zij een dergelijk verzoek moeten afwijzen, omdat zij niet betrokken willen zijn bij het op de wereld brengen van een kind met een verwachte slechte kwaliteit van leven De aanleiding voor dit protocol is de behoefte van hulpverleners aan ondersteuning bij de besluitvorming Daarnaast wordt door verschillende hulpverleners op uiteenlopende manieren met contra-indicaties bij vruchtbaarheidsbehandelingen omgegaan Uit een kleine inventarisatie door de commissie die dit protocol heeft ontwikkeld [#] blijkt dat wat in sommige centra aanleiding kan zijn voor afwijzing, in andere centra zonder bedenkingen wordt aanvaard Dat is aan afgewezen hulpvragers moeilijk uit te leggen en roept de vraag op naar de kwaliteit van de argumentatie Verder toont de inventarisatie verschillen aan in de Dit protocol biedt een algemeen kader voor zorgvuldige en transparante besluitvorming dat voldoende ruimte laat voor individuele afweging Het protocol beperkt zich tot mogelijke redenen voor afwijzing van een verzoek om hulp bij voortplanting die betrekking hebben op het welzijn van het toekomstige kind; contra-indicaties die te maken hebben met de kans op succes van de behandeling of met medische risico's van de zwangerschap voor de vrouw vallen buiten het bereik van dit protocol (behalve waar het factoren betreft die ook van belang kunnen zijn voor de gezondheidsvooruitzichten van het te verwekken kind) Het protocol stelt dat besluitvorming over het weigeren van vruchtbaarheidsbehandelingen voortaan in multidisciplinair overleg wordt genomen De nadere invulling van het algemene kader laat zij over aan het multidisciplinair overleg en het oordeelsvermogen van de hulpverleners in de locale centra Voor multidisciplinair overleg is gekozen om de deskundigheid en argumenten van de verschillende In paragraaf # worden de dubbele verantwoordelijkheid van de arts, het stellen van een contra-indicatie vanwege het welzijn van het kind alsmede enkele aspecten van de besluitvormingsprocedure toegelicht Paragraaf # schetst de juridische kaders In paragraaf # worden mogelijke contra-indicaties en beschermende factoren nader bepaald In paragraaf # volgen procedurele overwegingen ten aanzien van het overleg, de Begin ### werd een commissie ingesteld met als opdracht "het opstellen van een modelprotocol dat artsen helpt om gebalanceerde besluiten te nemen in het geval van twijfels over het wel of niet aanbieden van vruchtbaarheidsbehandelingen" (Projectvoorstel NVOG modelprotocol Afwegingen in geval van mogelijke morele contra-indicaties bij het inzetten van vruchtbaarheidsbehandelingen) Informatie over de samenstelling van deze commissie alsmede over haar werkwijze is toegevoegd onderaan het protocol Dit hoofdstuk is onderverdeeld in subhoofdstukken en/of paragrafen Om de inhoud te kunnen bekijken klikt u.
| 541 | nvog |
kind; contra-indicaties die te maken hebben met de kans op succes van de behandeling of met medische risico's van de zwangerschap voor de vrouw vallen buiten het bereik van dit protocol (behalve waar het factoren betreft die ook van belang kunnen zijn voor de gezondheidsvooruitzichten van het te verwekken kind) Het protocol stelt dat besluitvorming over het weigeren van vruchtbaarheidsbehandelingen voortaan in multidisciplinair overleg wordt genomen De nadere invulling van het algemene kader laat zij over aan het multidisciplinair overleg en het oordeelsvermogen van de hulpverleners in de locale centra Voor multidisciplinair overleg is gekozen om de deskundigheid en argumenten van de verschillende In paragraaf # worden de dubbele verantwoordelijkheid van de arts, het stellen van een contra-indicatie vanwege het welzijn van het kind alsmede enkele aspecten van de besluitvormingsprocedure toegelicht Paragraaf # schetst de juridische kaders In paragraaf # worden mogelijke contra-indicaties en beschermende factoren nader bepaald In paragraaf # volgen procedurele overwegingen ten aanzien van het overleg, de Begin ### werd een commissie ingesteld met als opdracht "het opstellen van een modelprotocol dat artsen helpt om gebalanceerde besluiten te nemen in het geval van twijfels over het wel of niet aanbieden van vruchtbaarheidsbehandelingen" (Projectvoorstel NVOG modelprotocol Afwegingen in geval van mogelijke morele contra-indicaties bij het inzetten van vruchtbaarheidsbehandelingen) Informatie over de samenstelling van deze commissie alsmede over haar werkwijze is toegevoegd onderaan het protocol Dit hoofdstuk is onderverdeeld in subhoofdstukken en/of paragrafen Om de inhoud te kunnen bekijken klikt u In de eerste plaats is dat, net als elders in de geneeskunde, goede zorg bieden aan de patiënt In dit geval is dat meestal een paar met kinderwens dat wegens een fertiliteitsprobleem medische hulp heeft gezocht Omdat de arts door het bieden van die hulp causaal betrokken is bij het tot stand brengen van het gewenste kind, mag worden verwacht dat hij of zij tevens rekening houdt met het welzijn van dat toekomstige kind Dat wordt onder andere bepaald door de psychosociale omstandigheden waarin het kind wordt geboren, maar het kan ook In uitzonderlijke gevallen kan bezorgdheid over het welzijn van het toekomstige kind een reden zijn voor het stellen van een contra-indicatie voor de vruchtbaarheidsbehandeling Van de hier bedoelde verantwoordelijkheid van de arts om rekening te houden met het welzijn van het kind is niet alleen sprake bij medische hulp in de vorm van vruchtbaarheidsbehandeling en geassisteerde voortplanting (zoals intra-uteriene inseminatie [iui], in-vitro fertilisatie [ivf] of intracytoplasmatische sperma-injectie [icsi]) maar ook als het gaat om een op herstel van de natuurlijke vruchtbaarheid gerichte refertilisatie Een van de kant van patiënten (maar ook van hulpverleners) veel gehoord argument tegen het betrekken van het welzijn van het kind bij de beoordeling van verzoeken om medische hulp bij voortplanting is dat mensen die langs natuurlijke weg kinderen kunnen krijgen (meestal) geen strobreed in de weg wordt gelegd als zij zich willen voortplanten, ook niet als er alle reden is voor bezorgdheid over het welzijn van hun eventuele kinderen.
| 552 | nvog |
plaats is dat, net als elders in de geneeskunde, goede zorg bieden aan de patiënt In dit geval is dat meestal een paar met kinderwens dat wegens een fertiliteitsprobleem medische hulp heeft gezocht Omdat de arts door het bieden van die hulp causaal betrokken is bij het tot stand brengen van het gewenste kind, mag worden verwacht dat hij of zij tevens rekening houdt met het welzijn van dat toekomstige kind Dat wordt onder andere bepaald door de psychosociale omstandigheden waarin het kind wordt geboren, maar het kan ook In uitzonderlijke gevallen kan bezorgdheid over het welzijn van het toekomstige kind een reden zijn voor het stellen van een contra-indicatie voor de vruchtbaarheidsbehandeling Van de hier bedoelde verantwoordelijkheid van de arts om rekening te houden met het welzijn van het kind is niet alleen sprake bij medische hulp in de vorm van vruchtbaarheidsbehandeling en geassisteerde voortplanting (zoals intra-uteriene inseminatie [iui], in-vitro fertilisatie [ivf] of intracytoplasmatische sperma-injectie [icsi]) maar ook als het gaat om een op herstel van de natuurlijke vruchtbaarheid gerichte refertilisatie Een van de kant van patiënten (maar ook van hulpverleners) veel gehoord argument tegen het betrekken van het welzijn van het kind bij de beoordeling van verzoeken om medische hulp bij voortplanting is dat mensen die langs natuurlijke weg kinderen kunnen krijgen (meestal) geen strobreed in de weg wordt gelegd als zij zich willen voortplanten, ook niet als er alle reden is voor bezorgdheid over het welzijn van hun eventuele kinderen andere redenen zijn aangewezen op medische hulp bij voortplanting? Dat is niet vanzelfsprekend het geval Het verschil tussen beide situaties is de causale betrokkenheid van de arts bij de realisering van de kinderwens van wie op medische hulp bij voortplanting is aangewezen Het feit dat de arts daarmee medeverantwoordelijk wordt voor het welzijn van het toekomstige kind geeft hem of haar niet alleen het recht, maar ook de morele plicht om de hulpvraag mede in het licht van die verantwoordelijkheid te beoordelen Dat in de context van adoptie aanzienlijk strengere eisen worden gesteld heeft te maken met het feit dat daar maar één belang in het geding is het vinden van goede ouders voor een Het stellen van een contra-indicatie vanwege het welzijn van het kind Als standaard voor de besluitvorming wordt in dit protocol het redelijk welzijn van het kind gehanteerd; artsen moeten afzien van hulp bij voortplanting als naar hun mening sprake is van een groot risico op ernstige schade voor het kind In <LOCATIE> (Commissie Herziening Planningsbesluit ###, KNMG ###) en internationaal (ondermeer ESHRE Task Force on Ethics and Law ###) wordt aan deze standaard de voorkeur gegeven boven de standaards van minimaal en maximaal welzijn Als ieder mogelijk risico op een minder dan maximaal welzijn al voldoende reden zou zijn om hulp te weigeren, zouden maar weinig paren voor medisch geassisteerde voortplanting in aanmerking komen De standaard van minimaal welzijn daarentegen gaat uit van een te magere opvatting van ouderlijke en professionele verantwoordelijkheid.
| 553 | nvog |
bij voortplanting? Dat is niet vanzelfsprekend het geval Het verschil tussen beide situaties is de causale betrokkenheid van de arts bij de realisering van de kinderwens van wie op medische hulp bij voortplanting is aangewezen Het feit dat de arts daarmee medeverantwoordelijk wordt voor het welzijn van het toekomstige kind geeft hem of haar niet alleen het recht, maar ook de morele plicht om de hulpvraag mede in het licht van die verantwoordelijkheid te beoordelen Dat in de context van adoptie aanzienlijk strengere eisen worden gesteld heeft te maken met het feit dat daar maar één belang in het geding is het vinden van goede ouders voor een Het stellen van een contra-indicatie vanwege het welzijn van het kind Als standaard voor de besluitvorming wordt in dit protocol het redelijk welzijn van het kind gehanteerd; artsen moeten afzien van hulp bij voortplanting als naar hun mening sprake is van een groot risico op ernstige schade voor het kind In <LOCATIE> (Commissie Herziening Planningsbesluit ###, KNMG ###) en internationaal (ondermeer ESHRE Task Force on Ethics and Law ###) wordt aan deze standaard de voorkeur gegeven boven de standaards van minimaal en maximaal welzijn Als ieder mogelijk risico op een minder dan maximaal welzijn al voldoende reden zou zijn om hulp te weigeren, zouden maar weinig paren voor medisch geassisteerde voortplanting in aanmerking komen De standaard van minimaal welzijn daarentegen gaat uit van een te magere opvatting van ouderlijke en professionele verantwoordelijkheid aan de ene kant het in internationale verdragen erkende recht een gezin te stichten (en daarin niet zonder goede reden te worden gehinderd) en de verantwoordelijkheid van de arts om goede zorg te verlenen aan wie daarbij op medische hulp is aangewezen; aan de andere kant de verantwoordelijkheid van de wensouders en de medeverantwoordelijkheid van de arts voor het welzijn van het toekomstige kind Van een groot risico op ernstige schade kan sprake zijn als eerdere kinderen wegens mishandeling of verwaarlozing uit huis zijn geplaatst of als er vanwege zwakbegaafdheid of psychische problematiek gegronde redenen zijn om ernstig te twijfelen aan de ouderschapscompetenties van het paar (<PERSOON> Ethics Committee of the American Reproductive Society ###a) Categorisch uitsluiten van bepaalde groepen hulpvragers (lesbische paren, alleenstaande vrouwen) met een beroep op 'groot risico op ernstige schade' valt niet te verdedigen (<PERSOON> et al ###; <PERSOON> Ethics Committee of the American Reproductive Society ###b; Golombok, Behalve aan mogelijke schade van psychosociale aard valt ook te denken aan medische schade, met name bij ernstige ziekten bij man of vrouw of bij paren met een bekend risico op het krijgen van een kind met een ernstige erfelijke aandoening Als het paar in een dergelijke situatie laat weten geen gebruik te willen maken van de mogelijkheid van prenatale of pre-implantatie genetische diagnostiek, of als het risico langs die weg onvoldoende uit te sluiten valt, kan voor de arts de vraag rijzen of het verantwoord is het paar te helpen een voor beide partners genetisch eigen kind te krijgen.
| 564 | nvog |
internationale verdragen erkende recht een gezin te stichten (en daarin niet zonder goede reden te worden gehinderd) en de verantwoordelijkheid van de arts om goede zorg te verlenen aan wie daarbij op medische hulp is aangewezen; aan de andere kant de verantwoordelijkheid van de wensouders en de medeverantwoordelijkheid van de arts voor het welzijn van het toekomstige kind Van een groot risico op ernstige schade kan sprake zijn als eerdere kinderen wegens mishandeling of verwaarlozing uit huis zijn geplaatst of als er vanwege zwakbegaafdheid of psychische problematiek gegronde redenen zijn om ernstig te twijfelen aan de ouderschapscompetenties van het paar (<PERSOON> Ethics Committee of the American Reproductive Society ###a) Categorisch uitsluiten van bepaalde groepen hulpvragers (lesbische paren, alleenstaande vrouwen) met een beroep op 'groot risico op ernstige schade' valt niet te verdedigen (<PERSOON> et al ###; <PERSOON> Ethics Committee of the American Reproductive Society ###b; Golombok, Behalve aan mogelijke schade van psychosociale aard valt ook te denken aan medische schade, met name bij ernstige ziekten bij man of vrouw of bij paren met een bekend risico op het krijgen van een kind met een ernstige erfelijke aandoening Als het paar in een dergelijke situatie laat weten geen gebruik te willen maken van de mogelijkheid van prenatale of pre-implantatie genetische diagnostiek, of als het risico langs die weg onvoldoende uit te sluiten valt, kan voor de arts de vraag rijzen of het verantwoord is het paar te helpen een voor beide partners genetisch eigen kind te krijgen donorzaad of in-vitro fertilisatie met donorgameten een met de betrokkenen te bespreken alternatief De besluitvorming dient transparant te zijn, waar mogelijk wetenschappelijk onderbouwd en gebaseerd op argumenten die ook ten overstaan van de betrokkenen kunnen worden verantwoord Dat vraagt om een multidisciplinaire beoordeling Het uitsluiten van hulpvragers mag niet berusten op het particuliere oordeel van Van artsen wordt niet verwacht dat zij bij ieder paar dat zich bij hen meldt actief naspeuren of er reden is tot het stellen van een contra-indicatie met het oog op het welzijn van het toekomstige kind Dit verdraagt zich niet met de vertrouwensbasis van de arts-patiënt relatie Dergelijke naspeuringen zouden ook al snel op gespannen voet komen te staan met het recht op privacy van de betrokkenen Zijn er echter aanwijzingen die de arts reden geven te vermoeden dat sprake kan zijn van een situatie die het stellen van contra-indicaties zou rechtvaardigen, dan is een nadere beoordeling volgens de in dit protocol beschreven procedure In dit protocol blijft de juridische uiteenzetting beperkt tot de voor de besluitvorming meest relevante vragen Daarom is ook dit hoofdstuk geen volledig juridisch overzicht, maar een inhoudelijke samenvatting van de wetten en regels die van toepassing zijn in geval van mogelijke morele twijfels bij De arts is volgens de wet gehouden te handelen conform de professionele standaard (<PERSOON> <DATUM> BW) Dit betreft het medisch handelen volgens inzichten van medische wetenschap en ervaring, maar ook het voldoen aan de algemene juridische en maatschappelijke regels en normen.
| 555 | nvog |
een met de betrokkenen te bespreken alternatief De besluitvorming dient transparant te zijn, waar mogelijk wetenschappelijk onderbouwd en gebaseerd op argumenten die ook ten overstaan van de betrokkenen kunnen worden verantwoord Dat vraagt om een multidisciplinaire beoordeling Het uitsluiten van hulpvragers mag niet berusten op het particuliere oordeel van Van artsen wordt niet verwacht dat zij bij ieder paar dat zich bij hen meldt actief naspeuren of er reden is tot het stellen van een contra-indicatie met het oog op het welzijn van het toekomstige kind Dit verdraagt zich niet met de vertrouwensbasis van de arts-patiënt relatie Dergelijke naspeuringen zouden ook al snel op gespannen voet komen te staan met het recht op privacy van de betrokkenen Zijn er echter aanwijzingen die de arts reden geven te vermoeden dat sprake kan zijn van een situatie die het stellen van contra-indicaties zou rechtvaardigen, dan is een nadere beoordeling volgens de in dit protocol beschreven procedure In dit protocol blijft de juridische uiteenzetting beperkt tot de voor de besluitvorming meest relevante vragen Daarom is ook dit hoofdstuk geen volledig juridisch overzicht, maar een inhoudelijke samenvatting van de wetten en regels die van toepassing zijn in geval van mogelijke morele twijfels bij De arts is volgens de wet gehouden te handelen conform de professionele standaard (<PERSOON> <DATUM> BW) Dit betreft het medisch handelen volgens inzichten van medische wetenschap en ervaring, maar ook het voldoen aan de algemene juridische en maatschappelijke regels en normen bepaalde gevallen van een arts verwacht dat, naast het belang van de individuele patiënt, mede rekening wordt gehouden met belangen van derden Een arts die ivf toepast is moreel medeverantwoordelijk voor het ontstaan van leven en deze verantwoordelijkheid houdt in dat, bij toepassing van deze behandeling, andere belangen dienen te worden meegewogen, zoals de toekomstige situatie van het door ivf te verwekken kind (<PERSOON> ###; Commissie Herziening Planningsbesluit ###; KNMG ###) Rechten van de patiënt zijn onder andere neergelegd in grond- en mensenrechten Het recht om kinderen te krijgen, ofwel het recht op procreatie, is niet als zodanig in wetten of verdragen opgenomen Volgens sommige juridische literatuur (<PERSOON> ###; <PERSOON>, en <PERSOON> ###, <PERSOON> ###) kunnen in het Europees Verdrag tot Bescherming van de Rechten voor de <PERSOON> (artikel ## recht op huwen en recht op stichten van een gezin en artikel # recht op privé, gezins- en familieleven) hiervoor wel aanknopingspunten worden gevonden en kan het recht op procreatie als een ongeschreven grondrecht worden beschouwd Het gaat hierbij om een individueel vrijheidsrecht, namelijk bescherming tegen de overheid en - voor zover sprake is van horizontale werking - tegen derden ten aanzien van ingrijpen in de vrijheid van voortplanting Het is dus geen (afdwingbaar) recht om kinderen te krijgen, maar een recht niet te worden gehinderd kinderen te krijgen Het biedt (als vrijheidsrecht) geen grondslag voor een aanspraak op voorzieningen om kinderloosheid op te heffen Ook in (Europese) jurisprudentie wordt een recht op procreatie niet als zodanig vastgelegd, maar het.
| 591 | nvog |
dat, naast het belang van de individuele patiënt, mede rekening wordt gehouden met belangen van derden Een arts die ivf toepast is moreel medeverantwoordelijk voor het ontstaan van leven en deze verantwoordelijkheid houdt in dat, bij toepassing van deze behandeling, andere belangen dienen te worden meegewogen, zoals de toekomstige situatie van het door ivf te verwekken kind (<PERSOON> ###; Commissie Herziening Planningsbesluit ###; KNMG ###) Rechten van de patiënt zijn onder andere neergelegd in grond- en mensenrechten Het recht om kinderen te krijgen, ofwel het recht op procreatie, is niet als zodanig in wetten of verdragen opgenomen Volgens sommige juridische literatuur (<PERSOON> ###; <PERSOON>, en <PERSOON> ###, <PERSOON> ###) kunnen in het Europees Verdrag tot Bescherming van de Rechten voor de <PERSOON> (artikel ## recht op huwen en recht op stichten van een gezin en artikel # recht op privé, gezins- en familieleven) hiervoor wel aanknopingspunten worden gevonden en kan het recht op procreatie als een ongeschreven grondrecht worden beschouwd Het gaat hierbij om een individueel vrijheidsrecht, namelijk bescherming tegen de overheid en - voor zover sprake is van horizontale werking - tegen derden ten aanzien van ingrijpen in de vrijheid van voortplanting Het is dus geen (afdwingbaar) recht om kinderen te krijgen, maar een recht niet te worden gehinderd kinderen te krijgen Het biedt (als vrijheidsrecht) geen grondslag voor een aanspraak op voorzieningen om kinderloosheid op te heffen Ook in (Europese) jurisprudentie wordt een recht op procreatie niet als zodanig vastgelegd, maar het In uitspraken van het <PERSOON> en de Europese Commissie werd op basis van artikel # en ## EVRM aangegeven dat er verschillende aspecten van de voortplanting voor bescherming in aanmerking komen Het is echter niet duidelijk welke aspecten van de voortplanting Grond- en mensenrechten zijn fundamentele rechten Een schending of beperking hiervan door overheid of anderen (indien horizontale werking wordt aangenomen) laat zich alleen rechtvaardigen als er andere, meer zwaarwegende rechten, plichten of belangen in het geding zijn Het is van belang dat in individuele gevallen Door de toenemende beschikbaarheid van voorzieningen op het gebied van kunstmatige voortplanting doet de vraag naar de toegankelijkheid ervan zich voor Moet een voorziening voor een ieder op gelijke wijze toegankelijk zijn of mag sommigen toegang worden ontzegd bijvoorbeeld op grond van samenstelling van het gezin? Bij ivf ontstaat deze discussie met name rondom de behandeling van alleenstaande vrouwen en lesbische paren In de Nederlandse wet- en regelgeving is geen verplichting opgenomen voor ivf-centra om alleenstaande vrouwen een behandeling aan te bieden Anderzijds is uit de wetgeving niet af te leiden dat deze categorie géén recht heeft op deze vorm van hulp Zoals hierboven vermeld, bieden artikel # en ## EVRM voor alleenstaande vrouwen geen aanspraak op hulp bij voortplanting Het categorisch uitsluiten van bepaalde groepen kan echter op gespannen voet komen te staan met het recht op gelijke behandeling, zoals dat in <LOCATIE> is uitgewerkt in de algemene wet gelijke behandeling (AWGB) Over de toelaatbaarheid om.
| 599 | nvog |
het <PERSOON> en de Europese Commissie werd op basis van artikel # en ## EVRM aangegeven dat er verschillende aspecten van de voortplanting voor bescherming in aanmerking komen Het is echter niet duidelijk welke aspecten van de voortplanting Grond- en mensenrechten zijn fundamentele rechten Een schending of beperking hiervan door overheid of anderen (indien horizontale werking wordt aangenomen) laat zich alleen rechtvaardigen als er andere, meer zwaarwegende rechten, plichten of belangen in het geding zijn Het is van belang dat in individuele gevallen Door de toenemende beschikbaarheid van voorzieningen op het gebied van kunstmatige voortplanting doet de vraag naar de toegankelijkheid ervan zich voor Moet een voorziening voor een ieder op gelijke wijze toegankelijk zijn of mag sommigen toegang worden ontzegd bijvoorbeeld op grond van samenstelling van het gezin? Bij ivf ontstaat deze discussie met name rondom de behandeling van alleenstaande vrouwen en lesbische paren In de Nederlandse wet- en regelgeving is geen verplichting opgenomen voor ivf-centra om alleenstaande vrouwen een behandeling aan te bieden Anderzijds is uit de wetgeving niet af te leiden dat deze categorie géén recht heeft op deze vorm van hulp Zoals hierboven vermeld, bieden artikel # en ## EVRM voor alleenstaande vrouwen geen aanspraak op hulp bij voortplanting Het categorisch uitsluiten van bepaalde groepen kan echter op gespannen voet komen te staan met het recht op gelijke behandeling, zoals dat in <LOCATIE> is uitgewerkt in de algemene wet gelijke behandeling (AWGB) Over de toelaatbaarheid om De AWGB verzet zich tegen het maken van direct of indirect onderscheid bij het aanbieden van diensten of sluiten van overeenkomsten, tenzij De Commissie Gelijke Behandeling heeft aangegeven dat het weigeren van alleenstaande vrouwen niet in strijd is met de wet (Commissie Gelijke Behandeling uitspraak ###-#) In een kabinetstandpunt naar aanleiding van die uitspraak is door de toenmalige minister van VWS aangegeven dat een beleid gericht op uitsluiting van alleenstaande vrouwen (met een medische indicatie) van een ivf-behandeling niet aanvaardbaar wordt geacht (brief d d <DATUM> Ook in de juridische literatuur wordt aangegeven dat het uitsluiten van deze groep, mede vanwege de vergelijking met het adoptierecht, waarin verzoeken om eenpersoonsadoptie per geval worden beoordeeld, geen geschikt en noodzakelijk middel is (<PERSOON> ###; Ten aanzien van lesbische paren oordeelde de Commissie gelijke behandeling anders, namelijk dat categorische uitsluiting van deze groep in strijd is met de AWGB Ook hier past dezelfde individuele Voor het afnemen van een algemene toets/beoordeling van allen (vrouwen of paren) die zich voor ivf aanmelden met betrekking tot de geschiktheid tot het opvoeden van het kind is geen plaats, vanwege het recht op privacy (privéleven) en zelfbeschikking <PERSOON> in de situatie waarin geen voorziening van kunstmatige voorplanting nodig is worden ook geen eisen gesteld aan de stabiliteit van de betrokkenen noch aan de toekomstige opvoedingssituatie Van wilsbekwame mensen wordt verwacht dat zij besluiten tot procreatie met zorg nemen en het belang van het kind dat geboren zal worden in het besluit betrekken Bij.
| 565 | nvog |
het maken van direct of indirect onderscheid bij het aanbieden van diensten of sluiten van overeenkomsten, tenzij De Commissie Gelijke Behandeling heeft aangegeven dat het weigeren van alleenstaande vrouwen niet in strijd is met de wet (Commissie Gelijke Behandeling uitspraak ###-#) In een kabinetstandpunt naar aanleiding van die uitspraak is door de toenmalige minister van VWS aangegeven dat een beleid gericht op uitsluiting van alleenstaande vrouwen (met een medische indicatie) van een ivf-behandeling niet aanvaardbaar wordt geacht (brief d d <DATUM> Ook in de juridische literatuur wordt aangegeven dat het uitsluiten van deze groep, mede vanwege de vergelijking met het adoptierecht, waarin verzoeken om eenpersoonsadoptie per geval worden beoordeeld, geen geschikt en noodzakelijk middel is (<PERSOON> ###; Ten aanzien van lesbische paren oordeelde de Commissie gelijke behandeling anders, namelijk dat categorische uitsluiting van deze groep in strijd is met de AWGB Ook hier past dezelfde individuele Voor het afnemen van een algemene toets/beoordeling van allen (vrouwen of paren) die zich voor ivf aanmelden met betrekking tot de geschiktheid tot het opvoeden van het kind is geen plaats, vanwege het recht op privacy (privéleven) en zelfbeschikking <PERSOON> in de situatie waarin geen voorziening van kunstmatige voorplanting nodig is worden ook geen eisen gesteld aan de stabiliteit van de betrokkenen noch aan de toekomstige opvoedingssituatie Van wilsbekwame mensen wordt verwacht dat zij besluiten tot procreatie met zorg nemen en het belang van het kind dat geboren zal worden in het besluit betrekken Bij Hoewel een arts geen algemene eisen mag stellen aan de toekomstige opvoedingsituatie en de geschiktheid van het paar of de vrouw betekent dit niet dat met iedere vorm van toetsing, in het bijzonder marginale toetsing, het recht op privacy en zelfbeschikking van de wensouders op onaanvaardbare wijze wordt geschonden Onder marginale toetsing wordt verstaan het toetsen op die condities die strikt noodzakelijk worden geacht voor een redelijk welzijn van het kind Het stellen van een contra-indicatie komt alleen dan aan de orde indien de arts op grond van alle informatie in de concrete situatie ervan overtuigd is dat de voortplanting ernstige risico's voor het welzijn van het kind inhoudt Een nadere beoordeling van deze condities houdt bijvoorbeeld in het stellen van oriënterende vragen over de duur en stabiliteit van de relatie, de aanwezigheid van psychiatrische problematiek, verslavingen en het gebruik van geweld Het stellen van een contra-indicatie komt alleen dan aan de orde indien de arts ervan overtuigd is dat de voorplanting ernstige risico's voor het welzijn van het kind inhoudt Een weigering van een fertiliteitbehandeling op basis van een morele contra-indicatie dient zorgvuldig te worden genomen en dient deugdelijk te worden gemotiveerd op basis van de informatie rondom de individuele situatie en zo mogelijk op wetenschappelijk onderzoek Dit geldt zowel voor situaties waarin dit gebeurt binnen een eerder gesloten behandelingsovereenkomst, als in de situatie dat de arts om deze reden weigert een Geassisteerde voortplanting kan in bepaalde gevallen leiden tot lichamelijke en psychosociale gezondheidsrisico's voor het kind.
| 553 | nvog |
eisen mag stellen aan de toekomstige opvoedingsituatie en de geschiktheid van het paar of de vrouw betekent dit niet dat met iedere vorm van toetsing, in het bijzonder marginale toetsing, het recht op privacy en zelfbeschikking van de wensouders op onaanvaardbare wijze wordt geschonden Onder marginale toetsing wordt verstaan het toetsen op die condities die strikt noodzakelijk worden geacht voor een redelijk welzijn van het kind Het stellen van een contra-indicatie komt alleen dan aan de orde indien de arts op grond van alle informatie in de concrete situatie ervan overtuigd is dat de voortplanting ernstige risico's voor het welzijn van het kind inhoudt Een nadere beoordeling van deze condities houdt bijvoorbeeld in het stellen van oriënterende vragen over de duur en stabiliteit van de relatie, de aanwezigheid van psychiatrische problematiek, verslavingen en het gebruik van geweld Het stellen van een contra-indicatie komt alleen dan aan de orde indien de arts ervan overtuigd is dat de voorplanting ernstige risico's voor het welzijn van het kind inhoudt Een weigering van een fertiliteitbehandeling op basis van een morele contra-indicatie dient zorgvuldig te worden genomen en dient deugdelijk te worden gemotiveerd op basis van de informatie rondom de individuele situatie en zo mogelijk op wetenschappelijk onderzoek Dit geldt zowel voor situaties waarin dit gebeurt binnen een eerder gesloten behandelingsovereenkomst, als in de situatie dat de arts om deze reden weigert een Geassisteerde voortplanting kan in bepaalde gevallen leiden tot lichamelijke en psychosociale gezondheidsrisico's voor het kind tot een aangedaan kind Het welzijn van het kind wordt echter ook bedreigd, wanneer de opvoedingscompetenties van ouders tekort schieten of wanneer het ouderschap een te zware last legt op het functioneren van ouders Medische aandoeningen bij ouders kunnen bijvoorbeeld niet alleen negatieve gevolgen hebben voor de lichamelijke gezondheid van het kind, maar blijken daarnaast van invloed te kunnen zijn op het ouderschap en daarmee op de sociaal-emotionele ontwikkeling van het kind (<PERSOON> ###) Ook ziekten waarbij de partner op korte termijn zal overlijden kunnen gevolgen hebben voor de ontwikkeling van Uit epidemiologisch onderzoek is gebleken dat ook de aanwezigheid van bepaalde psychosociale factoren bij ouders leidt tot een verhoogd risico op schade bij het kind Voorbeelden van dergelijke psychosociale factoren zijn zwakbegaafdheid (<PERSOON> et al ###), psychiatrische instabiliteit (<PERSOON> ###), verslavingsproblematiek (Steinhausen et al ###; Cuipers et al ###), een instabiele relatie tussen de ouders (<PERSOON> ###), alleenstaand ouderschap (Weitoft et al ###) en kindermishandeling, alsmede ook seksueel misbruik en Wanneer de aanwezigheid van een risicofactor samengaat met één of meer beschermende factoren blijkt dit de kans op psychosociale problemen bij het kind te kunnen verkleinen Het hebben van een gezonde partner of een nauw betrokken mantelzorger blijkt bijvoorbeeld in een aantal gevallen te kunnen leiden tot competent ouderschap bij een zwakbegaafde (<PERSOON> et al ###) Andere mogelijke beschermende factoren zijn een stabiele, positieve relatie tussen de wensouders; de aanwezigheid van een goed sociaal netwerk; een.
| 576 | nvog |
welzijn van het kind wordt echter ook bedreigd, wanneer de opvoedingscompetenties van ouders tekort schieten of wanneer het ouderschap een te zware last legt op het functioneren van ouders Medische aandoeningen bij ouders kunnen bijvoorbeeld niet alleen negatieve gevolgen hebben voor de lichamelijke gezondheid van het kind, maar blijken daarnaast van invloed te kunnen zijn op het ouderschap en daarmee op de sociaal-emotionele ontwikkeling van het kind (<PERSOON> ###) Ook ziekten waarbij de partner op korte termijn zal overlijden kunnen gevolgen hebben voor de ontwikkeling van Uit epidemiologisch onderzoek is gebleken dat ook de aanwezigheid van bepaalde psychosociale factoren bij ouders leidt tot een verhoogd risico op schade bij het kind Voorbeelden van dergelijke psychosociale factoren zijn zwakbegaafdheid (<PERSOON> et al ###), psychiatrische instabiliteit (<PERSOON> ###), verslavingsproblematiek (Steinhausen et al ###; Cuipers et al ###), een instabiele relatie tussen de ouders (<PERSOON> ###), alleenstaand ouderschap (Weitoft et al ###) en kindermishandeling, alsmede ook seksueel misbruik en Wanneer de aanwezigheid van een risicofactor samengaat met één of meer beschermende factoren blijkt dit de kans op psychosociale problemen bij het kind te kunnen verkleinen Het hebben van een gezonde partner of een nauw betrokken mantelzorger blijkt bijvoorbeeld in een aantal gevallen te kunnen leiden tot competent ouderschap bij een zwakbegaafde (<PERSOON> et al ###) Andere mogelijke beschermende factoren zijn een stabiele, positieve relatie tussen de wensouders; de aanwezigheid van een goed sociaal netwerk; een De aanwezigheid van een risicofactor leidt niet in alle gevallen tot een bedreiging van het welzijn van kind Het is veeleer het aantal en de combinatie van risicofactoren dat bepalend is (<PERSOON>, en <PERSOON> ###) Zo is gebleken dat de negatieve effecten van alleenstaand ouderschap op de lichamelijke en psychische gezondheid van kinderen grotendeels worden verklaard door andere factoren die samenhangen met het alleenstaand ouderschap, waaronder een slechte socio-economische situatie en langdurige conflictsituaties Het bepalen van opvoedingsvaardigheden is daarom lastig en wordt in het ideale geval gedaan door hulpverleners die zijn gespecialiseerd in de betreffende problematiek Hierbij dient een zorgvuldige afweging te worden gemaakt van de aanwezige risicofactoren (de zogenaamde draaglast) en beschermende factoren (de zogenaamde draagkracht) van de wensouders De aanleiding voor een dergelijke afweging is het vermoeden dat mogelijk sprake is van een groot risico op ernstige schade voor het toekomstig kind De beroepsgroep hanteert bij beslissingen tot vruchtbaarheidsbehandelingen een "ja tenzij" beleid; behandelen is de norm Een besluit om niet te behandelen wordt beschouwd als uitzondering van de norm die zorgvuldig dient te worden beargumenteerd In geval van twijfel kan de arts overwegen om niet over te gaan tot vruchtbaarheidsbehandeling Hierbij worden twee zorgvuldigheidsfilters voorgesteld, te weten de Zorgvuldigheidsfilter # De beslissingsprocedure Voor het nemen van een besluit om niet over te gaan tot vruchtbaarheidsbehandeling is multidisciplinair beraad op zijn plaats Met andere woorden een dergelijke negatieve beslissing wordt niet door de arts alleen genomen Wel is de arts verantwoordelijk voor het Zorgvuldigheidsfilter # De inhoudelijke randvoorwaarden.
| 594 | nvog |
tot een bedreiging van het welzijn van kind Het is veeleer het aantal en de combinatie van risicofactoren dat bepalend is (<PERSOON>, en <PERSOON> ###) Zo is gebleken dat de negatieve effecten van alleenstaand ouderschap op de lichamelijke en psychische gezondheid van kinderen grotendeels worden verklaard door andere factoren die samenhangen met het alleenstaand ouderschap, waaronder een slechte socio-economische situatie en langdurige conflictsituaties Het bepalen van opvoedingsvaardigheden is daarom lastig en wordt in het ideale geval gedaan door hulpverleners die zijn gespecialiseerd in de betreffende problematiek Hierbij dient een zorgvuldige afweging te worden gemaakt van de aanwezige risicofactoren (de zogenaamde draaglast) en beschermende factoren (de zogenaamde draagkracht) van de wensouders De aanleiding voor een dergelijke afweging is het vermoeden dat mogelijk sprake is van een groot risico op ernstige schade voor het toekomstig kind De beroepsgroep hanteert bij beslissingen tot vruchtbaarheidsbehandelingen een "ja tenzij" beleid; behandelen is de norm Een besluit om niet te behandelen wordt beschouwd als uitzondering van de norm die zorgvuldig dient te worden beargumenteerd In geval van twijfel kan de arts overwegen om niet over te gaan tot vruchtbaarheidsbehandeling Hierbij worden twee zorgvuldigheidsfilters voorgesteld, te weten de Zorgvuldigheidsfilter # De beslissingsprocedure Voor het nemen van een besluit om niet over te gaan tot vruchtbaarheidsbehandeling is multidisciplinair beraad op zijn plaats Met andere woorden een dergelijke negatieve beslissing wordt niet door de arts alleen genomen Wel is de arts verantwoordelijk voor het Zorgvuldigheidsfilter # De inhoudelijke randvoorwaarden twijfels van de arts en van de andere professionals gegrond zijn Centraal is daarbij de in hoofdstuk # genoemde standaard een groot risico op ernstige schade voor het toekomstig kind Indien de huisarts ernstige twijfels heeft betreffend de ouderschapscompetenties van het paar met kinderwens, en indien hij of zij het vermoeden heeft dat er een groot risico aanwezig is op ernstige schade voor een toekomstig kind, bespreekt hij deze met het paar en geeft hij het paar ter overweging van Sommige paren zullen blijven persisteren in hun verzoek tot verwijzing naar een fertiliteitscentrum Als de huisarts op morele gronden deze verwijzing weigert, dient hij dit besluit te toetsen bij een collega Het weigeren van een verwijzing kan in concrete gevallen tot verstoring van de arts-patiënt relatie leiden Dit kan een reden zijn om te besluiten het paar toch te verwijzen In een dergelijk geval heeft de huisarts de morele plicht om de arts naar wie wordt verwezen te informeren over zijn twijfels Indien het paar hiertoe geen Na verwijzing naar de tweede lijn werkt de huisarts - nadat daartoe toestemming is verkregen van het paar desgevraagd mee aan de verstrekking van verdere informatie die de arts in het fertiliteitscentrum nodig acht om tot een goed beredeneerd en moreel verantwoord besluit te kunnen komen Wanneer de arts in het fertiliteitscentrum vermoedt dat er wellicht sprake is van een groot risico op ernstige schade voor het toekomstig kind, is multidisciplinair beraad op zijn plaats.
| 537 | nvog |
van de arts en van de andere professionals gegrond zijn Centraal is daarbij de in hoofdstuk # genoemde standaard een groot risico op ernstige schade voor het toekomstig kind Indien de huisarts ernstige twijfels heeft betreffend de ouderschapscompetenties van het paar met kinderwens, en indien hij of zij het vermoeden heeft dat er een groot risico aanwezig is op ernstige schade voor een toekomstig kind, bespreekt hij deze met het paar en geeft hij het paar ter overweging van Sommige paren zullen blijven persisteren in hun verzoek tot verwijzing naar een fertiliteitscentrum Als de huisarts op morele gronden deze verwijzing weigert, dient hij dit besluit te toetsen bij een collega Het weigeren van een verwijzing kan in concrete gevallen tot verstoring van de arts-patiënt relatie leiden Dit kan een reden zijn om te besluiten het paar toch te verwijzen In een dergelijk geval heeft de huisarts de morele plicht om de arts naar wie wordt verwezen te informeren over zijn twijfels Indien het paar hiertoe geen Na verwijzing naar de tweede lijn werkt de huisarts - nadat daartoe toestemming is verkregen van het paar desgevraagd mee aan de verstrekking van verdere informatie die de arts in het fertiliteitscentrum nodig acht om tot een goed beredeneerd en moreel verantwoord besluit te kunnen komen Wanneer de arts in het fertiliteitscentrum vermoedt dat er wellicht sprake is van een groot risico op ernstige schade voor het toekomstig kind, is multidisciplinair beraad op zijn plaats toestemming van de patiënt - informatie aangevraagd bij de huisarts en evt anderen Indien de patiënt hiervoor geen toestemming geeft, kan in het beraad worden besloten een negatief advies te geven Er ontbreken immers mogelijk belangrijke gegevens voor de risico-inschatting De arts informeert de patiënt hier tijdig en zorgvuldig over (cf ESHRE Task Force on Ethics and Law ###, ###) Verder is iedereen in het team van zorgverleners verantwoordelijk voor het aangeven van eventuele twijfels Ook deze twijfels kunnen via de arts aanleiding zijn voor een multidisciplinair beraad Bijzondere aandacht moet hierbij uitgaan naar de medische en sociale anamnese die bij alle personen met een kinderwens wordt afgenomen Het doel van de anamnese is om het medische nut van de eventuele behandeling in te schatten en de relevante risicofactoren van het kind in kaart te brengen (<PERSOON>, en <PERSOON> ###) Hoewel iedereen binnen het team verantwoordelijkheid heeft binnen het multidisciplinair beraad, blijft de arts verantwoordelijk voor het uiteindelijk genomen besluit Deze verantwoordelijkheid sluit de medische, morele en juridische aspecten van de situatie in Het beraad draagt in die zin bij aan de verbetering van het tot stand komen van het besluit Het vervangt niet de eindverantwoordelijkheid van de arts Overal waar vruchtbaarheidsbehandelingen worden aangeboden moet multidisciplinair beraad mogelijk zijn In ieder geval dient ieder ivf <INSTELLING> zelf over een multidisciplinaire beraadsgroep te beschikken De centra hebben daarbij ook een regionale verantwoordelijkheid en moeten dus twijfels van derden (bijvoorbeeld van transportklinieken) kunnen bespreken.
| 549 | nvog |
aangevraagd bij de huisarts en evt anderen Indien de patiënt hiervoor geen toestemming geeft, kan in het beraad worden besloten een negatief advies te geven Er ontbreken immers mogelijk belangrijke gegevens voor de risico-inschatting De arts informeert de patiënt hier tijdig en zorgvuldig over (cf ESHRE Task Force on Ethics and Law ###, ###) Verder is iedereen in het team van zorgverleners verantwoordelijk voor het aangeven van eventuele twijfels Ook deze twijfels kunnen via de arts aanleiding zijn voor een multidisciplinair beraad Bijzondere aandacht moet hierbij uitgaan naar de medische en sociale anamnese die bij alle personen met een kinderwens wordt afgenomen Het doel van de anamnese is om het medische nut van de eventuele behandeling in te schatten en de relevante risicofactoren van het kind in kaart te brengen (<PERSOON>, en <PERSOON> ###) Hoewel iedereen binnen het team verantwoordelijkheid heeft binnen het multidisciplinair beraad, blijft de arts verantwoordelijk voor het uiteindelijk genomen besluit Deze verantwoordelijkheid sluit de medische, morele en juridische aspecten van de situatie in Het beraad draagt in die zin bij aan de verbetering van het tot stand komen van het besluit Het vervangt niet de eindverantwoordelijkheid van de arts Overal waar vruchtbaarheidsbehandelingen worden aangeboden moet multidisciplinair beraad mogelijk zijn In ieder geval dient ieder ivf <INSTELLING> zelf over een multidisciplinaire beraadsgroep te beschikken De centra hebben daarbij ook een regionale verantwoordelijkheid en moeten dus twijfels van derden (bijvoorbeeld van transportklinieken) kunnen bespreken vruchtbaarheidsbehandelingen aanbieden, of die personen met een kinderwens doorverwijzen naar ivf-centra, moeten afspraken maken met ivf-centra om gebruik te kunnen maken van het multidisciplinair beraad Het primaire doel van het multidisciplinair beraad is de adequate professionele en morele onderbouwing van het oordeel van de arts in geval van twijfel Het secundaire doel van het multidisciplinaire beraad is de verbetering van de zorgvuldigheid en kwaliteit van de besluitvorming zelf Zowel de concrete uitvoering van het beraad, als ook de nadere omstandigheden waarin het besluit wordt genomen zullen per <INSTELLING> Het multidisciplinair beraad wordt gehouden met de hulpverleners die direct zijn betrokken bij de zorg van de patiënt(en) in kwestie, bijvoorbeeld de arts, een verpleegkundige, een psycholoog en een sociaal-maatschappelijk werker Daarnaast kunnen ook hulpverleners en anderen bij het beraad worden betrokken die niet zelf zorg verlenen aan de patiënt(en) Voorbeelden hiervan zijn andere artsen of verpleegkundigen, een seksuoloog, een uroloog, een jurist, en een ethicus Aanbevolen wordt om het beraad te laten leiden door een persoon die vertrouwd is met onderhavige problematiek De nadere invulling van het beraad hangt af van locale omstandigheden, en wordt daarom overgelaten aan de centra en afdelingen die Voor het bespreken van een patiënt in het multidisciplinair beraad wordt om toestemming gevraagd aan de patiënt Patiënten worden van te voren op de hoogte gebracht van het voornemen om beraad te voeren Achteraf worden zij geïnformeerd over het beraad, de genomen beslissing en over de overwegingen die hiertoe hebben geleid.
| 563 | nvog |
die personen met een kinderwens doorverwijzen naar ivf-centra, moeten afspraken maken met ivf-centra om gebruik te kunnen maken van het multidisciplinair beraad Het primaire doel van het multidisciplinair beraad is de adequate professionele en morele onderbouwing van het oordeel van de arts in geval van twijfel Het secundaire doel van het multidisciplinaire beraad is de verbetering van de zorgvuldigheid en kwaliteit van de besluitvorming zelf Zowel de concrete uitvoering van het beraad, als ook de nadere omstandigheden waarin het besluit wordt genomen zullen per <INSTELLING> Het multidisciplinair beraad wordt gehouden met de hulpverleners die direct zijn betrokken bij de zorg van de patiënt(en) in kwestie, bijvoorbeeld de arts, een verpleegkundige, een psycholoog en een sociaal-maatschappelijk werker Daarnaast kunnen ook hulpverleners en anderen bij het beraad worden betrokken die niet zelf zorg verlenen aan de patiënt(en) Voorbeelden hiervan zijn andere artsen of verpleegkundigen, een seksuoloog, een uroloog, een jurist, en een ethicus Aanbevolen wordt om het beraad te laten leiden door een persoon die vertrouwd is met onderhavige problematiek De nadere invulling van het beraad hangt af van locale omstandigheden, en wordt daarom overgelaten aan de centra en afdelingen die Voor het bespreken van een patiënt in het multidisciplinair beraad wordt om toestemming gevraagd aan de patiënt Patiënten worden van te voren op de hoogte gebracht van het voornemen om beraad te voeren Achteraf worden zij geïnformeerd over het beraad, de genomen beslissing en over de overwegingen die hiertoe hebben geleid bij de arts ligt Er wordt een schriftelijke samenvatting gemaakt van de uitkomst van het beraad alsmede van de meest belangrijke redenen die tot deze uitkomst hebben geleid Deze samenvatting is tevens onderdeel van het patiëntendossier Indien de patiënt geen toestemming verleent om de hulpvraag in het multidisciplinaire beraad te bespreken, kan de arts besluiten om de behandeling niet te verrichten De ivf-centra ontwikkelen een protocol over de implementatie en uitvoering van het multidisciplinair beraad in Wanneer een verzoek wordt besproken in het multidisciplinair beraad, zijn de betreffende patiënten van te voren door de behandelend arts op de hoogte gebracht Tijdens dit beraad wordt een besluit genomen, dan wel een advies geformuleerd Het is aan de arts om dit besluit aan de patiënt(en) over te brengen De wijze waarop de uitkomst van het beraad wordt meegedeeld in geval van morele contra-indicaties zal invloed hebben op de manier waarop het paar hiermee kan omgaan Verder is dit bepalend voor de kwaliteit van de ⢠<PERSOON>, and <PERSOON>- en protectieve factoren in moderne gezinnen reden tot optimisme of reden tot pessimisme? <PERSOON> between childhood maltreatment, adult health and psychiatric outcomes, and medical utilization ### <PERSOON>, O e a ### Handleiding slecht nieuwsgesprek, <INSTELLING> Brief d d <DATUM> aan de.
| 539 | nvog |
wordt een schriftelijke samenvatting gemaakt van de uitkomst van het beraad alsmede van de meest belangrijke redenen die tot deze uitkomst hebben geleid Deze samenvatting is tevens onderdeel van het patiëntendossier Indien de patiënt geen toestemming verleent om de hulpvraag in het multidisciplinaire beraad te bespreken, kan de arts besluiten om de behandeling niet te verrichten De ivf-centra ontwikkelen een protocol over de implementatie en uitvoering van het multidisciplinair beraad in Wanneer een verzoek wordt besproken in het multidisciplinair beraad, zijn de betreffende patiënten van te voren door de behandelend arts op de hoogte gebracht Tijdens dit beraad wordt een besluit genomen, dan wel een advies geformuleerd Het is aan de arts om dit besluit aan de patiënt(en) over te brengen De wijze waarop de uitkomst van het beraad wordt meegedeeld in geval van morele contra-indicaties zal invloed hebben op de manier waarop het paar hiermee kan omgaan Verder is dit bepalend voor de kwaliteit van de ⢠<PERSOON>, and <PERSOON>- en protectieve factoren in moderne gezinnen reden tot optimisme of reden tot pessimisme? <PERSOON> between childhood maltreatment, adult health and psychiatric outcomes, and medical utilization ### <PERSOON>, O e a ### Handleiding slecht nieuwsgesprek, <INSTELLING> Brief d d <DATUM> aan de ⢠<PERSOON>, L and <PERSOON> en protectieve factoren in de ontwikkeling van kinderen en adolescenten <PERSOON>, J et al Eds Jaarboek ontwikkelingspsychologie, orthopedagogiek ⢠<PERSOON> contra-indicaties voor ouderschap?"Een psychologisch, ethisch en juridisch onderzoek naar de selectie van hulpvragers ⢠<PERSOON> vrouwen en het recht op hulp bij voortplanting"uit <PERSOON-##>, G en Beaufort, I de, "een hoge prijs voor een kind", ###, Koninklijke van Gorcum b v ⢠Commissie Herziening Planningsbesluit ### Het <PERSOON-##>, and <PERSOON-##> disorders in adult children of problem drinkers prevalence, first onset and comparison with other risk factors Addiction ##(##) p ###-## ⢠<PERSOON-##>, G , en <PERSOON-##> ### "De willekeur voorbij", Medisch Contact <DATUM> ##, nr # ⢠ESHRE Task Force on Ethics and <PERSOON-##> welfare of the child in medically assisted ⢠Eijkholt, M ### Het recht op procreatie voldragen of in status nascendi?" Tijdschrift voor ⢠<PERSOON-##> Ethics Committee of the American Reproductive Society ###a Child rearing ability and the ⢠<PERSOON-##> Ethics Committee of the American Reproductive Society ###b Access to fertility treatment by.
| 585 | nvog |
and <PERSOON> en protectieve factoren in de ontwikkeling van kinderen en adolescenten <PERSOON>, J et al Eds Jaarboek ontwikkelingspsychologie, orthopedagogiek ⢠<PERSOON> contra-indicaties voor ouderschap?"Een psychologisch, ethisch en juridisch onderzoek naar de selectie van hulpvragers ⢠<PERSOON> vrouwen en het recht op hulp bij voortplanting"uit <PERSOON>, G en Beaufort, I de, "een hoge prijs voor een kind", ###, Koninklijke van Gorcum b v ⢠Commissie Herziening Planningsbesluit ### Het <PERSOON>, and <PERSOON> disorders in adult children of problem drinkers prevalence, first onset and comparison with other risk factors Addiction ##(##) p ###-## ⢠<PERSOON>, G , en <PERSOON> ### "De willekeur voorbij", Medisch Contact <DATUM> ##, nr # ⢠ESHRE Task Force on Ethics and <PERSOON-##> welfare of the child in medically assisted ⢠Eijkholt, M ### Het recht op procreatie voldragen of in status nascendi?" Tijdschrift voor ⢠<PERSOON-##> Ethics Committee of the American Reproductive Society ###a Child rearing ability and the ⢠<PERSOON-##> Ethics Committee of the American Reproductive Society ###b Access to fertility treatment by Fertility and <PERSOON-##> of patient-centered practices in a Dutch fertility ⢠Gezondheidsraad ### Preconceptiezorg voor een goed begin, Paragraaf <DATUM> juridische aspecten, Den Haag, <INSTELLING> voor ethiek en gezondheid, publicatienummer ###/## ⢠Golombok, S , and <PERSOON-##> raised in mother-headed families from infancy a follow-up of children of lesbian and single heterosexual mothers, at early adulthood Human ⢠KMNG ### Standpunt "Verantwoordelijkheid arts bij kunstmatige voortplanting", versie # #, ⢠KNMG ### Standpunt "Ouderschap van mensen met een verstandelijke handicap" ⢠<PERSOON-##> behavior in Dutch preschoolers <PERSOON-##> ⢠Leenen, H J J , J K M Gevers, M C I H Biesaart ### Handboek> gezondheidsrecht, deel # Gezondheidszorg en recht, Vierde druk Bohn Stafleu Van <PERSOON-##> gezondheidsrecht - deel # Rechten van mensen in de gezondheidszorg Vijfde druk Bohn Stafleu Van Loghum ⢠NVAVG ### NVAVG-standaard "Omgaan met vragen omtrent kinderwens en anticonceptie bij ⢠<PERSOON-##>, J J ### Het slecht nieuwsgesprek <INSTELLING> <PERSOON-##> ⢠Schmitz>, M ### Het slecht nieuws gesprek, huisartsenopleiding, <PERSOON-##>, and <PERSOON-##> ###.
| 635 | nvog |
and <PERSOON> of patient-centered practices in a Dutch fertility ⢠Gezondheidsraad ### Preconceptiezorg voor een goed begin, Paragraaf <DATUM> juridische aspecten, Den Haag, <INSTELLING> voor ethiek en gezondheid, publicatienummer ###/## ⢠Golombok, S , and <PERSOON> raised in mother-headed families from infancy a follow-up of children of lesbian and single heterosexual mothers, at early adulthood Human ⢠KMNG ### Standpunt "Verantwoordelijkheid arts bij kunstmatige voortplanting", versie # #, ⢠KNMG ### Standpunt "Ouderschap van mensen met een verstandelijke handicap" ⢠<PERSOON> behavior in Dutch preschoolers <PERSOON> ⢠Leenen, H J J , J K M Gevers, M C I H Biesaart ### Handboek> gezondheidsrecht, deel # Gezondheidszorg en recht, Vierde druk Bohn Stafleu Van <PERSOON> gezondheidsrecht - deel # Rechten van mensen in de gezondheidszorg Vijfde druk Bohn Stafleu Van Loghum ⢠NVAVG ### NVAVG-standaard "Omgaan met vragen omtrent kinderwens en anticonceptie bij ⢠<PERSOON>, J J ### Het slecht nieuwsgesprek <INSTELLING> <PERSOON> ⢠Schmitz>, M ### Het slecht nieuws gesprek, huisartsenopleiding, <PERSOON>, and <PERSOON> ### intrauterine exposure to substances <PERSOON>, C , e a ### De grens van de kinderwens Weigeren of behandelen de grenzen van de arts ⢠<PERSOON-##> T , en <PERSOON-##> ### Recht op toegang tot ivf Nemesis nr # ⢠Uitspraak EHRM <DATUM> (Dickson vs Verenigd Koninkrijk) met noot van <PERSOON-##> ⢠<PERSOON-##>, J , et al ### Samenspel van factoren inventariserend onderzoek naar de ouderschapscompetenties van mensen met een verstandelijke handicap <LOCATIE> ⢠Weitoft, G R , et al ### Mortality, severe morbidity, and injury in children living with single parents in Dit modelprotocol is in ### ontwikkeld onder de verantwoordelijkheid van de NVOG met financiële ondersteuning van het Ministerie van VWS De commissie die dit modelprotocol heeft opgesteld bestaat uit de ⢠Dhr prof <PERSOON-##>, hoogleraar voortplantingsgeneeskunde, <INSTELLING> St <PERSOON-##> - voorzitter ⢠<PERSOON-##>, medisch ethicus, <INSTELLING> St <PERSOON-##> - secretaris ⢠Mevr <PERSOON-##>, arts voor verstandelijk gehandicapten (AVG) ⢠<PERSOON-##>, medisch ethicus, MUMC <LOCATIE> ⢠Dhr prof <PERSOON-##>, hoogleraar voortplantingsgeneeskunde, <INSTELLING> ⢠Dhr prof <PERSOON-##>, hoogleraar klinische epidemiologie fertiliteit, <INSTELLING> Leiden ⢠Mevr <PERSOON-##>, klinisch psycholoog, Erasmus MC <LOCATIE> ⢠Dhr prof.
| 665 | nvog |
intrauterine exposure to substances <PERSOON>, C , e a ### De grens van de kinderwens Weigeren of behandelen de grenzen van de arts ⢠<PERSOON> T , en <PERSOON> ### Recht op toegang tot ivf Nemesis nr # ⢠Uitspraak EHRM <DATUM> (Dickson vs Verenigd Koninkrijk) met noot van <PERSOON> ⢠<PERSOON>, J , et al ### Samenspel van factoren inventariserend onderzoek naar de ouderschapscompetenties van mensen met een verstandelijke handicap <LOCATIE> ⢠Weitoft, G R , et al ### Mortality, severe morbidity, and injury in children living with single parents in Dit modelprotocol is in ### ontwikkeld onder de verantwoordelijkheid van de NVOG met financiële ondersteuning van het Ministerie van VWS De commissie die dit modelprotocol heeft opgesteld bestaat uit de ⢠Dhr prof <PERSOON>, hoogleraar voortplantingsgeneeskunde, <INSTELLING> St <PERSOON> - voorzitter ⢠<PERSOON>, medisch ethicus, <INSTELLING> St <PERSOON> - secretaris ⢠Mevr <PERSOON>, arts voor verstandelijk gehandicapten (AVG) ⢠<PERSOON-##>, medisch ethicus, MUMC <LOCATIE> ⢠Dhr prof <PERSOON-##>, hoogleraar voortplantingsgeneeskunde, <INSTELLING> ⢠Dhr prof <PERSOON-##>, hoogleraar klinische epidemiologie fertiliteit, <INSTELLING> Leiden ⢠Mevr <PERSOON-##>, klinisch psycholoog, Erasmus MC <LOCATIE> ⢠Dhr <PERSOON-##>, hoogleraar urologie, VUMC <LOCATIE> ⢠Dhr prof <PERSOON-##>, hoogleraar klinische psychologie, VUMC <LOCATIE> ⢠<PERSOON-##>, patiëntenvereniging FREYA ⢠<PERSOON-##>, MANP, verpleegkundige, divisie Vrouw & Baby <INSTELLING> ⢠Mw <PERSOON-##>, fertiliteitsarts, Ziekenhuis Rijnstate <LOCATIE> ⢠Dhr <PERSOON-##>, hoofd fertiliteitslaboratorium, <INSTELLING> St <PERSOON> ⢠Dhr <PERSOON-##>, huisarts en filosoof, Nederlandse Huisartsen Genootschap ⢠Mevr <PERSOON-##>, jurist, <INSTELLING> St <PERSOON> De gedachtewisseling binnen de commissie is in belangrijke mate gebaseerd op notities van de leden - ten behoeve van de discussie tijdens vergaderingen - over de diverse aspecten van onderhavige problematiek De notities zijn geschreven vanuit de respectievelijke deskundigheid van de leden Daarnaast heeft de commissie kennis genomen van binnen- en buitenlandse vakliteratuur over mogelijke morele contra-indicaties bij vruchtbaarheidsbehandelingen Ook heeft commissie een externe deskundige geraadpleegd Met mevrouw <PERSOON-##>, medisch socioloog en antropoloog, is van gedachte gewisseld over de evaluatie van multidisciplinaire ethische casusbesprekingen binnen de ivf kliniek aan het Universitair Medisch <INSTELLING> St © ### Nederlandse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie Een modelprotocol beschrijft een klinische procedure en vormt een verlengstuk van wetgeving of documenten opgesteld door de NVOG Incidentele omstandigheden kunnen het onmogelijk maken om aan alle aspecten van een protocol te voldoen Afwijkingen dienen in een verslag te worden verantwoord.
| 655 | nvog |
Module Progesteron voor het voorkomen van vroeggeboorte bij vrouwen zwanger van een eenling, Verwijzingen naar âtabbladenâ zijn in de huidige versie van de richtlijntekst terug te vinden in de âbijlagenâ aan het einde van de hoofdtekst In verband met de modulaire opbouw van richtlijnen in de database wordt verwezen naar modules (i p v De waarde van behandeling met progesteron danwel een pessarium bij vrouwen met echoscopisch onderzoek om vroeggeboorte te voorkomen is momenteel onderdeel van een lopende studie, de QUADRUPLE P-studie De NVOG adviseert centra om hierin te # Voorkomt het gebruik van progesteron vroeggeboorte bij vrouwen met # Voorkomt het gebruik van progesteron vroeggeboorte bij vrouwen met een Bied een zwangere van een eenling met een spontane vroeggeboorte onder de ## Overweeg en bespreek bij een zwangere van een eenling met een spontane vroeggeboorte tussen de ## en ## weken in de voorgeschiedenis het gebruik van Bespreek met een zwangere van een eenling en een asymptomatische korte cervix ⤠## mm ( ## weken dat progesteron waarschijnlijk de kans op een vroeggeboorte en de In <LOCATIE> bevallen jaarlijks ## ### zwangeren voor ## weken, waarvan <DATUM> door spontane vroeggeboorte voor ## weken (<PERSOON>, submitted) Spontane vroeggeboorte is de meest belangrijke oorzaak van neonatale mortaliteit en morbiditeit, en ook van complicaties op de lange termijn van het kind (McCormick, ###) Voor meer informatie over de het risico op een vroeggeboorte in <LOCATIE> kan het abstract van Koullali (###) worden geraadpleegd Vrouwen met een hoog risico op spontane vroeggeboorte hebben mogelijk baat bij het gebruik van progesteron In deze module hebben wij ons gericht op twee belangrijke risicofactoren, te weten een vroeggeboorte in de voorgeschiedenis en vrouwen met een korte cervix in het tweede trimester # Wat is de effectiviteit van progesteron ten opzichte van een placebobehandeling op het risico op een premature bevalling, samengestelde uitkomstmaat van neonatale morbiditeit en mortaliteit, en neonatale mortaliteit bij zwangeren van Zwangeren van een eenling met spontane vroeggeboorte ( ## weken in necrotiserende enterocolitis, bewezen neonatale sepsis en neonatale # Wat is de effectiviteit van progesteron ten opzichte van een placebobehandeling Zwangeren van een eenling met een korte cervix (â¤##mm) De werkgroep achtte premature bevalling (## weken, samengestelde uitkomstmaat van neonatale morbiditeit en mortaliteit, en neonatale mortaliteit voor de besluitvorming De werkgroep definieerde de uitkomstmaat âpremature bevallingâ als een bevalling voor ##, ## of ## weken zwangerschapsduur Bij de uitkomstmaat âpremature bevalling (## wekenâ werden - wanneer in een geïncludeerde studie het effect van progesteron op het risico op een premature bevalling (## weken niet was gerapporteerd â waar mogelijk de bevalling (## wekenâ geïncludeerd Op eenzelfde wijze zijn ook bij de uitkomstmaat âpremature bevalling (## wekenâ eventueel de resultaten voor een premature bevalling De samengestelde uitkomstmaat van neonatale morbiditeit en mortaliteit is gedefinieerd als een samengestelde maat met respiratoir distress syndroom, intraventriculaire bloeding, necrotiserende enterocolitis, bewezen neonatale sepsis en neonatale mortaliteit De werkgroep heeft gekozen om de resultaten op de afzonderlijke.
| 627 | nvog |
op spontane vroeggeboorte hebben mogelijk baat bij het gebruik van progesteron In deze module hebben wij ons gericht op twee belangrijke risicofactoren, te weten een vroeggeboorte in de voorgeschiedenis en vrouwen met een korte cervix in het tweede trimester # Wat is de effectiviteit van progesteron ten opzichte van een placebobehandeling op het risico op een premature bevalling, samengestelde uitkomstmaat van neonatale morbiditeit en mortaliteit, en neonatale mortaliteit bij zwangeren van Zwangeren van een eenling met spontane vroeggeboorte ( ## weken in necrotiserende enterocolitis, bewezen neonatale sepsis en neonatale # Wat is de effectiviteit van progesteron ten opzichte van een placebobehandeling Zwangeren van een eenling met een korte cervix (â¤##mm) De werkgroep achtte premature bevalling (## weken, samengestelde uitkomstmaat van neonatale morbiditeit en mortaliteit, en neonatale mortaliteit voor de besluitvorming De werkgroep definieerde de uitkomstmaat âpremature bevallingâ als een bevalling voor ##, ## of ## weken zwangerschapsduur Bij de uitkomstmaat âpremature bevalling (## wekenâ werden - wanneer in een geïncludeerde studie het effect van progesteron op het risico op een premature bevalling (## weken niet was gerapporteerd â waar mogelijk de bevalling (## wekenâ geïncludeerd Op eenzelfde wijze zijn ook bij de uitkomstmaat âpremature bevalling (## wekenâ eventueel de resultaten voor een premature bevalling De samengestelde uitkomstmaat van neonatale morbiditeit en mortaliteit is gedefinieerd als een samengestelde maat met respiratoir distress syndroom, intraventriculaire bloeding, necrotiserende enterocolitis, bewezen neonatale sepsis en neonatale mortaliteit De werkgroep heeft gekozen om de resultaten op de afzonderlijke De werkgroep definieerde niet a priori de uitkomstmaten âneonatale mortaliteitâ, Als grens voor de klinisch relevante verschillen werden door de werkgroep de default grenzen van GRADE Working Group gehanteerd (een verschil van ##% in het relatief risico; Schünemann, ###) Voor mortaliteit definieerde de werkgroep ieder statistisch In de databases Medline (via OVID), Embase (via Embase com) en de Cochrane Library weergegeven onder het tabblad Verantwoording De literatuurzoekactie leverde ### treffers op Studies werden geselecteerd op grond van de volgende selectiecriteria systematische reviews (gezocht in ten minste twee databases, gedetailleerde zoekstrategie beschikbaar en risk of bias beoordeling) of gerandomiseerde trials waarin vrouwen zwanger van een eenling met een vroeggeboorte in de voorgeschiedenis en/of met een korte cervix participeerden en waarin een vergelijking werd gemaakt tussen een behandeling met progesteron en een placebobehandeling Daarnaast moest ten minste één van bovenstaande uitkomstmaten zijn geïncludeerd Studies waarin gekozen om als afkapwaarde voor een korte cervix â¤## mm aan te houden, er zijn geen specifieke selectiecriteria opgesteld betreffende het startmoment en de duur van de behandeling, de dosis, het type en de toedieningsvorm van progesteron Op basis van titel en abstract werden in eerste instantie ## studies voorgeselecteerd Gezien het grote aantal systematische reviews in deze selectie (die bij geschiktheid als basis kunnen dienen voor de literatuursamenvatting) is er voor gekozen om alleen de ## geselecteerde systematische reviews en gerandomiseerd trials die zijn verschenen na <DATUM> op te vragen Na raadpleging van de volledige tekst, werden vervolgens ##.
| 614 | nvog |
priori de uitkomstmaten âneonatale mortaliteitâ, Als grens voor de klinisch relevante verschillen werden door de werkgroep de default grenzen van GRADE Working Group gehanteerd (een verschil van ##% in het relatief risico; Schünemann, ###) Voor mortaliteit definieerde de werkgroep ieder statistisch In de databases Medline (via OVID), Embase (via Embase com) en de Cochrane Library weergegeven onder het tabblad Verantwoording De literatuurzoekactie leverde ### treffers op Studies werden geselecteerd op grond van de volgende selectiecriteria systematische reviews (gezocht in ten minste twee databases, gedetailleerde zoekstrategie beschikbaar en risk of bias beoordeling) of gerandomiseerde trials waarin vrouwen zwanger van een eenling met een vroeggeboorte in de voorgeschiedenis en/of met een korte cervix participeerden en waarin een vergelijking werd gemaakt tussen een behandeling met progesteron en een placebobehandeling Daarnaast moest ten minste één van bovenstaande uitkomstmaten zijn geïncludeerd Studies waarin gekozen om als afkapwaarde voor een korte cervix â¤## mm aan te houden, er zijn geen specifieke selectiecriteria opgesteld betreffende het startmoment en de duur van de behandeling, de dosis, het type en de toedieningsvorm van progesteron Op basis van titel en abstract werden in eerste instantie ## studies voorgeselecteerd Gezien het grote aantal systematische reviews in deze selectie (die bij geschiktheid als basis kunnen dienen voor de literatuursamenvatting) is er voor gekozen om alleen de ## geselecteerde systematische reviews en gerandomiseerd trials die zijn verschenen na <DATUM> op te vragen Na raadpleging van de volledige tekst, werden vervolgens ## studies definitief geselecteerd Op <DATUM> verscheen een meta-analyse van individuele patiëntdata (IPD-analyse) die de tweede zoekvraag (effectiviteit bij vrouwen met een korte cervix) beantwoordt Er is besloten om deze IPD-analyse op te nemen in deze literatuursamenvatting, twee eerder geïncludeerde studies werden daarom alsnog Eén systematische review, één IPD-analyse en één gerandomiseerde gecontroleerde en resultaten zijn opgenomen in de evidencetabellen De beoordeling van de individuele gerandomiseerde studie zijn opgenomen in de risk-of-bias-tabellen De risk-of-biasbeoordelingen door de auteurs van de systematische review en IPD-analyse zijn Zoekvraag # Wat is de effectiviteit van progesteron ten opzichte van een placebobehandeling op het risico op een premature bevalling, samengestelde uitkomstmaat van neonatale morbiditeit en mortaliteit en neonatale mortaliteit bij Dodd, ###, heeft in een Cochrane review de effectiviteit bepaald van een behandeling met progesteron bij zwangeren met een verhoogd risico op een vroeggeboorte Op <DATUM> werd de search verricht Acht van de ## geïncludeerde studies beantwoordden zoekvraag één (Cetingoz, ###, da Fonseca, ###, Glover, ###, <PERSOON>, ###, <PERSOON>, ###, <PERSOON>, ###, <PERSOON>, ###, Rai, ###) en in totaal namen ### patiënten (range #<DATUM> deel aan deze acht studies Aangezien Dodd, ###, geen gegevens heeft gepubliceerd over de âsamengestelde uitkomstmaat van neonatale morbiditeit en mortaliteitâ en een vroeggeboorte (## weken, zijn voor deze uitkomstmaat ook de individuele artikelen geraadpleegd De geïncludeerde studies varieerden sterk qua timing van de start van de behandeling en de toedieningsvorm en Azargoon, ###, was een gerandomiseerd gecontroleerde studie waarin een vergelijking werd gemaakt tussen dagelijks ###mg progesteron vaginaal en een placebo.
| 676 | nvog |
een meta-analyse van individuele patiëntdata (IPD-analyse) die de tweede zoekvraag (effectiviteit bij vrouwen met een korte cervix) beantwoordt Er is besloten om deze IPD-analyse op te nemen in deze literatuursamenvatting, twee eerder geïncludeerde studies werden daarom alsnog Eén systematische review, één IPD-analyse en één gerandomiseerde gecontroleerde en resultaten zijn opgenomen in de evidencetabellen De beoordeling van de individuele gerandomiseerde studie zijn opgenomen in de risk-of-bias-tabellen De risk-of-biasbeoordelingen door de auteurs van de systematische review en IPD-analyse zijn Zoekvraag # Wat is de effectiviteit van progesteron ten opzichte van een placebobehandeling op het risico op een premature bevalling, samengestelde uitkomstmaat van neonatale morbiditeit en mortaliteit en neonatale mortaliteit bij Dodd, ###, heeft in een Cochrane review de effectiviteit bepaald van een behandeling met progesteron bij zwangeren met een verhoogd risico op een vroeggeboorte Op <DATUM> werd de search verricht Acht van de ## geïncludeerde studies beantwoordden zoekvraag één (Cetingoz, ###, da Fonseca, ###, Glover, ###, <PERSOON>, ###, <PERSOON>, ###, <PERSOON>, ###, <PERSOON>, ###, Rai, ###) en in totaal namen ### patiënten (range #<DATUM> deel aan deze acht studies Aangezien Dodd, ###, geen gegevens heeft gepubliceerd over de âsamengestelde uitkomstmaat van neonatale morbiditeit en mortaliteitâ en een vroeggeboorte (## weken, zijn voor deze uitkomstmaat ook de individuele artikelen geraadpleegd De geïncludeerde studies varieerden sterk qua timing van de start van de behandeling en de toedieningsvorm en Azargoon, ###, was een gerandomiseerd gecontroleerde studie waarin een vergelijking werd gemaakt tussen dagelijks ###mg progesteron vaginaal en een placebo vrouwen met een vroeggeboorte in de geschiedenis en een korte cervix (â¤##mm) die al cerclage hadden ondergaan; #) vrouwen met uterus anomalie; #) zwangerschappen met intramurale myomen â¥#cm Alleen de gegevens van de eerste subgroep (n=##) worden hier geïncludeerd Azargoon, ###, heeft alleen de gegevens voor de uitkomstmaat Voor meer specifieke informatie met betrekking tot het aantal cases per uitkomstmaat Acht van de geïncludeerde studies in Dodd, ### (Dodd heeft de resultaten van Rai, ### voor deze uitkomstmaat waarschijnlijk ten onrechte niet meegenomen), en Azargoon, ###, hebben het effect van progesteron ten opzichte van placebo op het aantal vroeggeboorten ((## weken) onderzocht bij vrouwen zwanger van een eenling met een vroeggeboorte in de voorgeschiedenis De resultaten van deze studies zijn gepoold ( vroeggeboorte reduceert met een factor #,## (##%BI= #,## tot #,##) Invullen van de gegevens uit de meta-analyse geeft een Number Needed to Treat (NNT) van #,# Vijf van de geïncludeerde studies in Dodd, ###, en Azargoon, ###, hebben het effect van progesteron ten opzichte van placebo op het aantal vroeggeboorten voor ## weken onderzocht (voor <PERSOON>, ### zijn de resultaten voor een vroeggeboorte (## weken geïncludeerd) De resultaten zijn gepoold; progesteron vermindert het risico op een vroeggeboorte met een factor #,## (##%BI #,## tot #,##; figuur #), met een NNT van ##,# De resultaten van <PERSOON>, ###, zijn alleen uit een figuur af te lezen, en het totale aantal geboortes (## weken is niet helemaal duidelijk te zien We hebben net als.
| 759 | nvog |
met een vroeggeboorte in de geschiedenis en een korte cervix (â¤##mm) die al cerclage hadden ondergaan; #) vrouwen met uterus anomalie; #) zwangerschappen met intramurale myomen â¥#cm Alleen de gegevens van de eerste subgroep (n=##) worden hier geïncludeerd Azargoon, ###, heeft alleen de gegevens voor de uitkomstmaat Voor meer specifieke informatie met betrekking tot het aantal cases per uitkomstmaat Acht van de geïncludeerde studies in Dodd, ### (Dodd heeft de resultaten van Rai, ### voor deze uitkomstmaat waarschijnlijk ten onrechte niet meegenomen), en Azargoon, ###, hebben het effect van progesteron ten opzichte van placebo op het aantal vroeggeboorten ((## weken) onderzocht bij vrouwen zwanger van een eenling met een vroeggeboorte in de voorgeschiedenis De resultaten van deze studies zijn gepoold ( vroeggeboorte reduceert met een factor #,## (##%BI= #,## tot #,##) Invullen van de gegevens uit de meta-analyse geeft een Number Needed to Treat (NNT) van #,# Vijf van de geïncludeerde studies in Dodd, ###, en Azargoon, ###, hebben het effect van progesteron ten opzichte van placebo op het aantal vroeggeboorten voor ## weken onderzocht (voor <PERSOON>, ### zijn de resultaten voor een vroeggeboorte (## weken geïncludeerd) De resultaten zijn gepoold; progesteron vermindert het risico op een vroeggeboorte met een factor #,## (##%BI #,## tot #,##; figuur #), met een NNT van ##,# De resultaten van <PERSOON>, ###, zijn alleen uit een figuur af te lezen, en het totale aantal geboortes (## weken is niet helemaal duidelijk te zien We hebben net als Deze uitkomstmaat was één van de secundaire uitkomstmaten in Dodd, ###, maar de resultaten voor deze specifieke populatie zijn niet opgenomen <PERSOON>, ### (beide studies geïncludeerd in Dodd, ###) hebben de resultaten voor deze uitkomstmaat wel gerapporteerd Voor de studie van <PERSOON>, ###, zijn de resultaten af te lezen uit figuur # van het artikel (vier cases in de placebogroep en nul cases in de interventiegroep) Het aantal vroeggeboorten in de interventiegroep van <PERSOON>, ### (n=##, #,#%) was niet afwijkend van het aantal vroeggeboorten in de placebogroep (n=#, #,#%; OR=#,##, ##%BI=#,## tot #,##) Rai, ###, rapporteerde drie cases in de Azargoon, ### heeft het effect van progesteron op deze uitkomstmaat niet onderzocht De resultaten zijn gepoold; er wordt geen statistisch significant effect gevonden van de Drie van de studies geïncludeerd in Dodd, ###, hebben het effect van progesteron op het risico op het respiratoir distress syndroom onderzocht (<PERSOON>, ###, <PERSOON>, ###) De resultaten van deze studies zijn weergegeven in figuur # Progesteron zorgde niet voor een significante afname van het aantal neonaten met het respiratoir Slechts twee studies geïncludeerd in Dodd, ###, die een vergelijking hebben gemaakt tussen progesteron en een placebo bij vrouwen met een vroeggeboorte in de voorgeschiedenis hebben data met betrekking tot de uitkomstmaat intraventriculaire bloeding gerapporteerd In de studie van <PERSOON>, ###, werd een significant effect gevonden, waarbij progesteron het risico op een intraventriculaire bloeding met een factor #,## verkleinde (RR=#,##, ##BI=#,## tot #,##).
| 781 | nvog |
Deze uitkomstmaat was één van de secundaire uitkomstmaten in Dodd, ###, maar de resultaten voor deze specifieke populatie zijn niet opgenomen <PERSOON>, ### (beide studies geïncludeerd in Dodd, ###) hebben de resultaten voor deze uitkomstmaat wel gerapporteerd Voor de studie van <PERSOON>, ###, zijn de resultaten af te lezen uit figuur # van het artikel (vier cases in de placebogroep en nul cases in de interventiegroep) Het aantal vroeggeboorten in de interventiegroep van <PERSOON>, ### (n=##, #,#%) was niet afwijkend van het aantal vroeggeboorten in de placebogroep (n=#, #,#%; OR=#,##, ##%BI=#,## tot #,##) Rai, ###, rapporteerde drie cases in de Azargoon, ### heeft het effect van progesteron op deze uitkomstmaat niet onderzocht De resultaten zijn gepoold; er wordt geen statistisch significant effect gevonden van de Drie van de studies geïncludeerd in Dodd, ###, hebben het effect van progesteron op het risico op het respiratoir distress syndroom onderzocht (<PERSOON>, ###, <PERSOON>, ###) De resultaten van deze studies zijn weergegeven in figuur # Progesteron zorgde niet voor een significante afname van het aantal neonaten met het respiratoir Slechts twee studies geïncludeerd in Dodd, ###, die een vergelijking hebben gemaakt tussen progesteron en een placebo bij vrouwen met een vroeggeboorte in de voorgeschiedenis hebben data met betrekking tot de uitkomstmaat intraventriculaire bloeding gerapporteerd In de studie van <PERSOON>, ###, werd een significant effect gevonden, waarbij progesteron het risico op een intraventriculaire bloeding met een factor #,## verkleinde (RR=#,##, ##BI=#,## tot #,##) een niet significant effect RR=#,##, ##%BI=#,## tot #,## Opgemerkt moet worden dat deze uitkomtmaat slechts ## keer voorkwam in de studie van <PERSOON>, ### en ## keer in Twee studies geïncludeerd in Dodd, ###, hebben het effect van progesteron op deze uitkomstmaat onderzocht bij vrouwen met een vroeggeboorte in de voorgeschiedenis, en samen rapporteerde deze studies ## cases In <PERSOON>, ### waren er nul cases in de <PERSOON>, ###, rapporteerde drie cases in de interventiegroep en vijf in de placebogroep Alleen <PERSOON>, ### â geïncludeerd in Dodd, ### â heeft het effect van progesteron op deze uitkomstmaat onderzocht en rapporteerde dat de groepen niet significant van Vijf studies geïncludeerd in Dodd, ###, hebben het effect van progesteron versus placebo bij vrouwen zwanger van een eenling met een vroeggeboorte in de geschiedenis op neonatale mortaliteit onderzocht De resultaten van deze studies zijn gepoold Ten opzichte van placebo reduceert progesteron de kans op neonatale mortaliteit met een Azargoon, ###, heeft het effect op neonatale mortaliteit niet voor de relevante Vijf studies geïncludeerd in Dodd, ###, hebben deze uitkomstmaat onderzocht, de resultaten zijn weergegeven in figuur # Progesteron reduceert de kans op perinatale mortaliteit bij vrouwen zwanger van een eenling met een vroeggeboorte in de geschiedenis met een factor #,## (##%BI= #,## tot #,##), met en NNT van ##,# Azargoon, ###, heeft het effect op perinatale mortaliteit niet voor de relevante ## Samengestelde uitkomstmaat van neonatale morbiditeit en mortaliteit.
| 753 | nvog |
niet significant effect RR=#,##, ##%BI=#,## tot #,## Opgemerkt moet worden dat deze uitkomtmaat slechts ## keer voorkwam in de studie van <PERSOON>, ### en ## keer in Twee studies geïncludeerd in Dodd, ###, hebben het effect van progesteron op deze uitkomstmaat onderzocht bij vrouwen met een vroeggeboorte in de voorgeschiedenis, en samen rapporteerde deze studies ## cases In <PERSOON>, ### waren er nul cases in de <PERSOON>, ###, rapporteerde drie cases in de interventiegroep en vijf in de placebogroep Alleen <PERSOON>, ### â geïncludeerd in Dodd, ### â heeft het effect van progesteron op deze uitkomstmaat onderzocht en rapporteerde dat de groepen niet significant van Vijf studies geïncludeerd in Dodd, ###, hebben het effect van progesteron versus placebo bij vrouwen zwanger van een eenling met een vroeggeboorte in de geschiedenis op neonatale mortaliteit onderzocht De resultaten van deze studies zijn gepoold Ten opzichte van placebo reduceert progesteron de kans op neonatale mortaliteit met een Azargoon, ###, heeft het effect op neonatale mortaliteit niet voor de relevante Vijf studies geïncludeerd in Dodd, ###, hebben deze uitkomstmaat onderzocht, de resultaten zijn weergegeven in figuur # Progesteron reduceert de kans op perinatale mortaliteit bij vrouwen zwanger van een eenling met een vroeggeboorte in de geschiedenis met een factor #,## (##%BI= #,## tot #,##), met en NNT van ##,# Azargoon, ###, heeft het effect op perinatale mortaliteit niet voor de relevante ## Samengestelde uitkomstmaat van neonatale morbiditeit en mortaliteit RCTâs beginnen op een hoge bewijskracht De bewijskracht voor de uitkomstmaat premature bevalling (## weken is met één niveau verlaagd wegens imprecisie (de bovengrens van het betrouwbaarheidsinterval overschrijdt de grens van de klinische relevantie (#,##)) Er lijkt op basis van de I# (##%) sprake te zijn van heterogeniteit, maar aangezien de resultaten van de studies redelijk overeen lijken te komen, is besloten de bewijskracht niet verder te verlagen De uiteindelijke bewijskracht voor deze De bewijskracht voor de uitkomstmaat premature bevalling (## weken is met twee niveaus verlaagd wegens imprecisie (de bovengrens van het betrouwbaarheidsinterval resultaten tussen studies) De uiteindelijke bewijskracht voor deze uitkomstmaat is De bewijskracht voor de uitkomstmaat premature bevalling (## weken is met twee niveaus verlaagd wegens imprecisie (zeer beperkt aantal cases (n=##) in slechts drie studies, het brede betrouwbaarheidsinterval dat aan beide kanten de grens van klinische De bewijskracht voor de uitkomstmaat respiratoir distress syndroom is met twee De bewijskracht voor de uitkomstmaat intraventriculaire bloeding is met drie niveaus verlaagd gezien de inconsistentie (resultaten van de studies verschillen) en de imprecisie (inclusie van twee studies met een klein aantal cases, n=## en brede De bewijskracht voor de uitkomstmaat necrotiserende enterocolitis is met twee niveaus verlaagd gezien de imprecisie (inclusie van twee studies met een zeer beperkte aantal De bewijskracht voor de uitkomstmaat bewezen neonatale sepsis is met twee niveaus verlaagd gezien de imprecisie (zeer beperkte aantal cases (n=##) en het brede De bewijskracht voor de uitkomstmaat neonatale mortaliteit is niet verlaagd Het De bewijskracht voor de uitkomstmaat perinatale mortaliteit is niet verlaagd Het.
| 675 | nvog |
uitkomstmaat premature bevalling (## weken is met één niveau verlaagd wegens imprecisie (de bovengrens van het betrouwbaarheidsinterval overschrijdt de grens van de klinische relevantie (#,##)) Er lijkt op basis van de I# (##%) sprake te zijn van heterogeniteit, maar aangezien de resultaten van de studies redelijk overeen lijken te komen, is besloten de bewijskracht niet verder te verlagen De uiteindelijke bewijskracht voor deze De bewijskracht voor de uitkomstmaat premature bevalling (## weken is met twee niveaus verlaagd wegens imprecisie (de bovengrens van het betrouwbaarheidsinterval resultaten tussen studies) De uiteindelijke bewijskracht voor deze uitkomstmaat is De bewijskracht voor de uitkomstmaat premature bevalling (## weken is met twee niveaus verlaagd wegens imprecisie (zeer beperkt aantal cases (n=##) in slechts drie studies, het brede betrouwbaarheidsinterval dat aan beide kanten de grens van klinische De bewijskracht voor de uitkomstmaat respiratoir distress syndroom is met twee De bewijskracht voor de uitkomstmaat intraventriculaire bloeding is met drie niveaus verlaagd gezien de inconsistentie (resultaten van de studies verschillen) en de imprecisie (inclusie van twee studies met een klein aantal cases, n=## en brede De bewijskracht voor de uitkomstmaat necrotiserende enterocolitis is met twee niveaus verlaagd gezien de imprecisie (inclusie van twee studies met een zeer beperkte aantal De bewijskracht voor de uitkomstmaat bewezen neonatale sepsis is met twee niveaus verlaagd gezien de imprecisie (zeer beperkte aantal cases (n=##) en het brede De bewijskracht voor de uitkomstmaat neonatale mortaliteit is niet verlaagd Het De bewijskracht voor de uitkomstmaat perinatale mortaliteit is niet verlaagd Het mortaliteit kan niet worden gegradeerd wegens het ontbreken van data Waarschijnlijk reduceert progesteron ten opzichte van een placebo het risico op een premature bevalling ((## weken) bij vrouwen zwanger van Dodd, ### (Cetingoz, ###, Da Fonseca, ###, Glover, ###, <PERSOON>, ###, <PERSOON>, ###, <PERSOON>, ###, <PERSOON>, ###, Rai, ###), Azargoon, Er zijn aanwijzingen dat progesteron ten opzichte van een placebo het risico op een premature bevalling ((## weken) bij vrouwen zwanger van Dodd, ### (Cetingoz, ###, Da Fonseca, ###, <PERSOON>, ###, <PERSOON>, ###, risico op een premature bevalling ((## weken) bij vrouwen zwanger van een eenling met een vroeggeboorte in de voorgeschiedenis niet verlaagt <PERSOON>, ###, <PERSOON>, ###, Rai, ### Er zijn aanwijzingen dat progesteron ten opzichte van een placebo bij Dodd, ### (<PERSOON>, ###, <PERSOON>, ###, Rai, ###) Het is onduidelijk of progesteron ten opzichte van een placebo bij vrouwen zwanger van een eenling met een vroeggeboorte in de voorgeschiedenis het risico op intraventriculaire bloeding bij de neonaat voorgeschiedenis het risico op necrotiserende enterocolitis bij de neonaat voorgeschiedenis het risico op bewezen neonatale sepsis bij de neonaat Progesteron reduceert bij vrouwen zwanger van een eenling met een vroeggeboorte in de voorgeschiedenis ten opzichte van een placebo het Dodd, ### (<PERSOON>, ###, <PERSOON>, ###, <PERSOON>, ###, <PERSOON>, ###, Rai, Wegens het ontbreken van data is er geen conclusie mogelijk over het effect van progesteron ten opzichte van een placebo bij vrouwen zwanger van een eenling met een vroeggeboorte in de voorgeschiedenis op het Zoekvraag # Wat is de effectiviteit van progesteron ten opzichte van een.
| 737 | nvog |
wegens het ontbreken van data Waarschijnlijk reduceert progesteron ten opzichte van een placebo het risico op een premature bevalling ((## weken) bij vrouwen zwanger van Dodd, ### (Cetingoz, ###, Da Fonseca, ###, Glover, ###, <PERSOON>, ###, <PERSOON>, ###, <PERSOON>, ###, <PERSOON>, ###, Rai, ###), Azargoon, Er zijn aanwijzingen dat progesteron ten opzichte van een placebo het risico op een premature bevalling ((## weken) bij vrouwen zwanger van Dodd, ### (Cetingoz, ###, Da Fonseca, ###, <PERSOON>, ###, <PERSOON>, ###, risico op een premature bevalling ((## weken) bij vrouwen zwanger van een eenling met een vroeggeboorte in de voorgeschiedenis niet verlaagt <PERSOON>, ###, <PERSOON>, ###, Rai, ### Er zijn aanwijzingen dat progesteron ten opzichte van een placebo bij Dodd, ### (<PERSOON>, ###, <PERSOON>, ###, Rai, ###) Het is onduidelijk of progesteron ten opzichte van een placebo bij vrouwen zwanger van een eenling met een vroeggeboorte in de voorgeschiedenis het risico op intraventriculaire bloeding bij de neonaat voorgeschiedenis het risico op necrotiserende enterocolitis bij de neonaat voorgeschiedenis het risico op bewezen neonatale sepsis bij de neonaat Progesteron reduceert bij vrouwen zwanger van een eenling met een vroeggeboorte in de voorgeschiedenis ten opzichte van een placebo het Dodd, ### (<PERSOON>, ###, <PERSOON>, ###, <PERSOON>, ###, <PERSOON>, ###, Rai, Wegens het ontbreken van data is er geen conclusie mogelijk over het effect van progesteron ten opzichte van een placebo bij vrouwen zwanger van een eenling met een vroeggeboorte in de voorgeschiedenis op het Zoekvraag # Wat is de effectiviteit van progesteron ten opzichte van een zwangeren van een eenling met een asymptomatische korte cervix rond ## weken <PERSOON>, ###, was een review met meta-analyse van individuele patiëntgegevens waarin werd onderzocht of vaginale progesteron gegeven aan vrouwen met een korte voorkomt en de perinatale uitkomsten verbetert Onder andere de databases MEDLINE, EMBASE, LILACS, CINAHL en de Cochrane Central Register of Controlled Trials werden doorzocht tot september ### Alleen RCTâs werden geïncludeerd Studies werden geschikt geacht als zij als primaire doel hadden om het gebruik van progesteron te onderzoeken in vrouwen zwanger van een eenling met een verkorte cervix, of als zij het effect van progesteron onderzochten bij zwangeren met risicofactoren anders dan een verkorte cervix, maar waarbij de uitkomsten voorhanden waren voor vrouwen met een cervicale lengte â¤## mm voorafgaand aan de randomisatie Data werden geanalyseerd op basis van intention-to-treat Eerst werden de effectgroottes voor elke studie berekend en vervolgens werden de resultaten van de afzonderlijke studies gepoold Van zes studies werden de individuele patiëntgegevens opgevraagd De data uit de studie <PERSOON>, ###, kon door <PERSOON>, ###, niet worden verkregen De samengestelde (RR #,## (#,### tot #,##) in het voordeel van progesteron Gezien de kleine aantallen gaan we in deze literatuursamenvatting verder uit van de door <PERSOON> kon <PERSOON>, ### de patiëntgegevens van vijf dubbelblinde hadden geloot en ### vrouwen voor de placebogroep) includeren De voorgeschreven dagelijkse dosis van vaginale progesteron varieerde tussen de ##-### mg en werd gegeven vanaf ##-## weken tot ##-## weken Twee studies waren speciaal ontworpen.
| 775 | nvog |
eenling met een asymptomatische korte cervix rond ## weken <PERSOON>, ###, was een review met meta-analyse van individuele patiëntgegevens waarin werd onderzocht of vaginale progesteron gegeven aan vrouwen met een korte voorkomt en de perinatale uitkomsten verbetert Onder andere de databases MEDLINE, EMBASE, LILACS, CINAHL en de Cochrane Central Register of Controlled Trials werden doorzocht tot september ### Alleen RCTâs werden geïncludeerd Studies werden geschikt geacht als zij als primaire doel hadden om het gebruik van progesteron te onderzoeken in vrouwen zwanger van een eenling met een verkorte cervix, of als zij het effect van progesteron onderzochten bij zwangeren met risicofactoren anders dan een verkorte cervix, maar waarbij de uitkomsten voorhanden waren voor vrouwen met een cervicale lengte â¤## mm voorafgaand aan de randomisatie Data werden geanalyseerd op basis van intention-to-treat Eerst werden de effectgroottes voor elke studie berekend en vervolgens werden de resultaten van de afzonderlijke studies gepoold Van zes studies werden de individuele patiëntgegevens opgevraagd De data uit de studie <PERSOON>, ###, kon door <PERSOON>, ###, niet worden verkregen De samengestelde (RR #,## (#,### tot #,##) in het voordeel van progesteron Gezien de kleine aantallen gaan we in deze literatuursamenvatting verder uit van de door <PERSOON> kon <PERSOON>, ### de patiëntgegevens van vijf dubbelblinde hadden geloot en ### vrouwen voor de placebogroep) includeren De voorgeschreven dagelijkse dosis van vaginale progesteron varieerde tussen de ##-### mg en werd gegeven vanaf ##-## weken tot ##-## weken Twee studies waren speciaal ontworpen Daarnaast onderzocht één studie het gebruik van vaginale progesteron bij vrouwen met een spontane vroeggeboorte in de voorgeschiedenis (data van ## van de ### gerandomiseerde patiënten konden worden geïncludeerd in de IPD-meta-analyse), één studie onderzocht het effect van progesteron bij vrouwen met een eerdere vroeggeboorte in de voorgeschiedenis, uterine malformations of tweelingzwangerschappen (data van # van de ### gerandomiseerde patiënten konden worden geïncludeerd in de IPD-metaanalyse) en één studie onderzocht het effect van vaginale progesteron bij vrouwen at risk voor een vroeggeboorte gezien de eerste spontane vroeggeboorte in de voorgeschiedenis, een cervicale lengte van â¤## mm, of een positieve fetal fibronectintest samen met andere klinische risicofactoren voor een vroeggeboorte (data van ### geïncludeerd) In totaal had ongeveer ##% van geïncludeerde patiënten in de IPD-metaanalyse een vroeggeboorte in de voorgeschiedenis (n=### in de progesteron-groep en De beperkingen in studieopzet werd gescoord aan de hand van de domeinen beschreven in het Cochrane Handbook for Systematic Reviews of Interventions De bewijskracht werd vastgesteld met behulp van GRADE (zie ook de evidence tabel) Gezien de door de werkgroep vastgestelde grenzen van de klinische relevantie is deze beoordeling niet overgenomen in deze literatuursamenvatting, maar voor zover mogelijk opnieuw beoordeeld; helaas zijn de forest plots niet voor de afzonderlijke uitkomstmaten gepresenteerd, waardoor sommige aspecten van GRADE minder goed te beoordelen zijn Twee van de co-auteurs van deze review hebben of hadden banden met farmaceutische bedrijven die ook vaginaal progesteron produceren of verkopen In de.
| 645 | nvog |
Daarnaast onderzocht één studie het gebruik van vaginale progesteron bij vrouwen met een spontane vroeggeboorte in de voorgeschiedenis (data van ## van de ### gerandomiseerde patiënten konden worden geïncludeerd in de IPD-meta-analyse), één studie onderzocht het effect van progesteron bij vrouwen met een eerdere vroeggeboorte in de voorgeschiedenis, uterine malformations of tweelingzwangerschappen (data van # van de ### gerandomiseerde patiënten konden worden geïncludeerd in de IPD-metaanalyse) en één studie onderzocht het effect van vaginale progesteron bij vrouwen at risk voor een vroeggeboorte gezien de eerste spontane vroeggeboorte in de voorgeschiedenis, een cervicale lengte van â¤## mm, of een positieve fetal fibronectintest samen met andere klinische risicofactoren voor een vroeggeboorte (data van ### geïncludeerd) In totaal had ongeveer ##% van geïncludeerde patiënten in de IPD-metaanalyse een vroeggeboorte in de voorgeschiedenis (n=### in de progesteron-groep en De beperkingen in studieopzet werd gescoord aan de hand van de domeinen beschreven in het Cochrane Handbook for Systematic Reviews of Interventions De bewijskracht werd vastgesteld met behulp van GRADE (zie ook de evidence tabel) Gezien de door de werkgroep vastgestelde grenzen van de klinische relevantie is deze beoordeling niet overgenomen in deze literatuursamenvatting, maar voor zover mogelijk opnieuw beoordeeld; helaas zijn de forest plots niet voor de afzonderlijke uitkomstmaten gepresenteerd, waardoor sommige aspecten van GRADE minder goed te beoordelen zijn Twee van de co-auteurs van deze review hebben of hadden banden met farmaceutische bedrijven die ook vaginaal progesteron produceren of verkopen In de <PERSOON>, ###, rapporteerde dat het aantal premature bevallingen (## weken niet <PERSOON>, ###, rapporteerde dat het risico op een premature bevalling (## weken significant lager was bij de vrouwen behandeld met progesteron dan bij vrouwen behandeld met placebo, RR= #,##, ##%BI=#,## tot #,##, Number needed to treat <PERSOON>, ###, rapporteerde dat het risico op een premature bevalling (## weken <PERSOON>, ###, rapporteerde dat het risico op respiratoir distress syndroom bij de neonaat lager was in de groep vrouwen behandeld met progesteron dan in de groep <PERSOON>, ###, rapporteerde dat het aantal keer voorkomen van intraventriculaire <PERSOON>, ###, rapporteerde dat het aantal keer voorkomen van necrotiserende <PERSOON>, ###, rapporteerde dat het aantal keer voorkomen van bewezen neonatale Uit de meta-analyses van <PERSOON>, ###, blijkt dat progesteron ten opzichte van een placebobehandeling van vrouwen met een korte cervix het risico op neonatale placebobehandeling van vrouwen met een korte cervix het risico op perinatale <PERSOON>, ###, rapporteerde een significant effect tussen de groepen, waarbij progesteron ten opzichte van de placebo het risico op deze uitkomstmaat met een De bewijskracht voor de uitkomstmaat vroeggeboorte (â¤## weken) is met één niveau grens van klinische relevantie (#,##) en het relatief beperkte aantal cases ((###)) Het De bewijskracht voor de uitkomstmaat vroeggeboorte (â¤## weken) is met één niveau De bewijskracht voor de uitkomstmaat respiratoir distress syndroom is met één niveau grens van klinische relevantie (#,##) en het relatief beperkte aantal cases (##)) Het De bewijskracht voor de uitkomstmaat intraventriculaire bloeding is met twee niveaus verlaagd gezien de imprecisie (betrouwbaarheidsinterval overschrijdt aan weerszijde de.
| 698 | nvog |
###, rapporteerde dat het risico op een premature bevalling (## weken significant lager was bij de vrouwen behandeld met progesteron dan bij vrouwen behandeld met placebo, RR= #,##, ##%BI=#,## tot #,##, Number needed to treat <PERSOON>, ###, rapporteerde dat het risico op een premature bevalling (## weken <PERSOON>, ###, rapporteerde dat het risico op respiratoir distress syndroom bij de neonaat lager was in de groep vrouwen behandeld met progesteron dan in de groep <PERSOON>, ###, rapporteerde dat het aantal keer voorkomen van intraventriculaire <PERSOON>, ###, rapporteerde dat het aantal keer voorkomen van necrotiserende <PERSOON>, ###, rapporteerde dat het aantal keer voorkomen van bewezen neonatale Uit de meta-analyses van <PERSOON>, ###, blijkt dat progesteron ten opzichte van een placebobehandeling van vrouwen met een korte cervix het risico op neonatale placebobehandeling van vrouwen met een korte cervix het risico op perinatale <PERSOON>, ###, rapporteerde een significant effect tussen de groepen, waarbij progesteron ten opzichte van de placebo het risico op deze uitkomstmaat met een De bewijskracht voor de uitkomstmaat vroeggeboorte (â¤## weken) is met één niveau grens van klinische relevantie (#,##) en het relatief beperkte aantal cases ((###)) Het De bewijskracht voor de uitkomstmaat vroeggeboorte (â¤## weken) is met één niveau De bewijskracht voor de uitkomstmaat respiratoir distress syndroom is met één niveau grens van klinische relevantie (#,##) en het relatief beperkte aantal cases (##)) Het De bewijskracht voor de uitkomstmaat intraventriculaire bloeding is met twee niveaus verlaagd gezien de imprecisie (betrouwbaarheidsinterval overschrijdt aan weerszijde de grens van klinische relevantie (#,## en #,##) en het zeer beperkte aantal cases (n=##)) grens van klinische relevantie (#,##) en het zeer beperkte aantal cases (n=##)) Het De bewijskracht voor de uitkomstmaat neonatale mortaliteit is met twee niveaus verlaagd gezien de imprecisie (brede betrouwbaarheidsinterval en het zeer beperkte De bewijskracht voor de uitkomstmaat perinatale mortaliteit is met twee niveaus mortaliteit is met één niveau verlaagd gezien de imprecisie (de bovengrens van het (# ##)) en relatief beperkt aantal cases (n=##) Het uiteindelijke niveau van bewijskracht Ten opzichte van een placebo reduceert progesteron het risico op een premature bevalling ((## weken) niet bij vrouwen zwanger van een Waarschijnlijk vermindert progesteron ten opzichte van een placebo het Waarschijnlijk reduceert progesteron bij vrouwen zwanger van een eenling met een korte cervix ten opzichte van een placebo het risico op Er zijn aanwijzingen dat progesteron bij vrouwen zwanger van een eenling met een korte cervix ten opzichte van een placebo het risico op neonatale sepsis, neonatale mortaliteit of perinatale mortaliteit bij de eenling met een korte cervix ten opzichte van een placebo het risico op de In de afgelopen jaren zijn er vele placebo gecontroleerde trials verricht waarin het effect van toediening van progesteron is onderzocht bij vrouwen met een verhoogd risico op spontane vroeggeboorte In de huidige richtlijn hebben wij ons gericht op twee hoogrisicogroepen; vrouwen met een vroeggeboorte in de voorgeschiedenis en vrouwen met een korte cervix zonder een vroeggeboorte in de voorgeschiedenis Het positieve effect van progesteron op vroeggeboorte en geassocieerde morbiditeit en mortaliteit.
| 681 | nvog |
zeer beperkte aantal cases (n=##)) grens van klinische relevantie (#,##) en het zeer beperkte aantal cases (n=##)) Het De bewijskracht voor de uitkomstmaat neonatale mortaliteit is met twee niveaus verlaagd gezien de imprecisie (brede betrouwbaarheidsinterval en het zeer beperkte De bewijskracht voor de uitkomstmaat perinatale mortaliteit is met twee niveaus mortaliteit is met één niveau verlaagd gezien de imprecisie (de bovengrens van het (# ##)) en relatief beperkt aantal cases (n=##) Het uiteindelijke niveau van bewijskracht Ten opzichte van een placebo reduceert progesteron het risico op een premature bevalling ((## weken) niet bij vrouwen zwanger van een Waarschijnlijk vermindert progesteron ten opzichte van een placebo het Waarschijnlijk reduceert progesteron bij vrouwen zwanger van een eenling met een korte cervix ten opzichte van een placebo het risico op Er zijn aanwijzingen dat progesteron bij vrouwen zwanger van een eenling met een korte cervix ten opzichte van een placebo het risico op neonatale sepsis, neonatale mortaliteit of perinatale mortaliteit bij de eenling met een korte cervix ten opzichte van een placebo het risico op de In de afgelopen jaren zijn er vele placebo gecontroleerde trials verricht waarin het effect van toediening van progesteron is onderzocht bij vrouwen met een verhoogd risico op spontane vroeggeboorte In de huidige richtlijn hebben wij ons gericht op twee hoogrisicogroepen; vrouwen met een vroeggeboorte in de voorgeschiedenis en vrouwen met een korte cervix zonder een vroeggeboorte in de voorgeschiedenis Het positieve effect van progesteron op vroeggeboorte en geassocieerde morbiditeit en mortaliteit geaggregeerde data stellen ons in staat om sterke aanbevelingen te doen voor het gebruik van progesteron in de huidige richtlijn De in deze module geformuleerde aanbevelingen voor vrouwen met een verhoogd risico op spontane vroeggeboorte is in lijn met de richtlijn van de Society for Maternal-Fetal Medicine (Society for MaternalFetal Medicine (SMFM) Publications Committee, ###) en RCOG (NICE guideline, Preterm Labour and birth, ###) Hoewel er op basis van de gepubliceerde resultaten uit drie studies (<PERSOON>, ###) geen redenen zijn om aan te nemen dat er negatieve effecten zijn op lange termijn, zijn de lange-termijn-effecten Vrouwen met een spontane vroeggeboorte in de voorgeschiedenis hebben baat bij het dan ook het gebruik van progesteron voor deze indicatie De inclusiecriteria voor de trials verschilden, met name qua bovengrens van zwangerschapsduur De grootste studie, <PERSOON>, ###, includeerde alle vrouwen met een vroeggeboorte ( ## weken in de voorgeschiedenis Ook vrouwen met een vroeggeboorte tussen de ## en ## weken hebben een verhoogd risico op vroeggeboorte in de volgende zwangerschap (Koullali, ###) Er is reden om aan te nemen dat het effect ook in deze groep vrouwen aanwezig is (<PERSOON>, ###) en de projectgroep adviseert dan ook het gebruik van progesteron in De effectiviteit van progesteron bij vrouwen met een korte cervix zonder vroeggeboorte in de voorgeschiedenis brengt ons bij het dilemma of er een universele screeningsstrategie moet worden geïnitieerd in <LOCATIE> Verschillende mechanismes kunnen leiden tot een spontane vroeggeboorte en een korte cervix rond de ## weken is.
| 605 | nvog |
sterke aanbevelingen te doen voor het gebruik van progesteron in de huidige richtlijn De in deze module geformuleerde aanbevelingen voor vrouwen met een verhoogd risico op spontane vroeggeboorte is in lijn met de richtlijn van de Society for Maternal-Fetal Medicine (Society for MaternalFetal Medicine (SMFM) Publications Committee, ###) en RCOG (NICE guideline, Preterm Labour and birth, ###) Hoewel er op basis van de gepubliceerde resultaten uit drie studies (<PERSOON>, ###) geen redenen zijn om aan te nemen dat er negatieve effecten zijn op lange termijn, zijn de lange-termijn-effecten Vrouwen met een spontane vroeggeboorte in de voorgeschiedenis hebben baat bij het dan ook het gebruik van progesteron voor deze indicatie De inclusiecriteria voor de trials verschilden, met name qua bovengrens van zwangerschapsduur De grootste studie, <PERSOON>, ###, includeerde alle vrouwen met een vroeggeboorte ( ## weken in de voorgeschiedenis Ook vrouwen met een vroeggeboorte tussen de ## en ## weken hebben een verhoogd risico op vroeggeboorte in de volgende zwangerschap (Koullali, ###) Er is reden om aan te nemen dat het effect ook in deze groep vrouwen aanwezig is (<PERSOON>, ###) en de projectgroep adviseert dan ook het gebruik van progesteron in De effectiviteit van progesteron bij vrouwen met een korte cervix zonder vroeggeboorte in de voorgeschiedenis brengt ons bij het dilemma of er een universele screeningsstrategie moet worden geïnitieerd in <LOCATIE> Verschillende mechanismes kunnen leiden tot een spontane vroeggeboorte en een korte cervix rond de ## weken is hebben op een vroeggeboorte Er zijn aanwijzingen dat de implementatie van een universele cervixlengte screening bij de ## wekenecho kosteneffectief is (<PERSOON>, ###, Son, ###) Dit impliceert dat er een heroverweging geïndiceerd is van de module âPrenatale zorg bij dreigende vroeggeboorteâ in de richtlijn âBasis prenatale zorgâ De projectgroep is van mening dat een korte cervix een belangrijke risicofactor is voor spontane vroeggeboorte Dit onderdeel wordt meegenomen tijdens de ontwikkeling van De studies gebruikt in deze analyse verschilden ten aanzien van het gebruik van progesteron qua toedieningsvorm en doseringen Er is geen reden om aan te nemen dat en het is daarom goed om de keuze met betrekking tot de toedieningsvorm met de zwangere te bespreken en op haar wensen toe te spitsen De intramusculaire vorm is het best onderzocht voor de indicatie vroeggeboorte in de voorgeschiedenis De vaginale toediening van progesteron is het best onderzocht in vrouwen met een korte - ##-Hydroxyprogesteron # x per week ### mg i m van ## tot ## weken AD; - progesteron # dd ### mg capsules van ## tot ## weken AD Bespreek met een zwangere van een eenling en een asymptomatische korte cervix â¤## mm (## weken dat progesteron waarschijnlijk de kans op een vroeggeboorte en de © ### Nederlandse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie Deze richtlijn is opgesteld door <PERSOON> <INSTELLING>) en <PERSOON>(Amsterdam> door <PERSOON> (adviseur) namens het Kennisinstituut van de Federatie Medisch De Koninklijke Nederlandse Organisatie van Verloskundigen (KNOV), Nederlandse.
| 633 | nvog |
zijn aanwijzingen dat de implementatie van een universele cervixlengte screening bij de ## wekenecho kosteneffectief is (<PERSOON>, ###, Son, ###) Dit impliceert dat er een heroverweging geïndiceerd is van de module âPrenatale zorg bij dreigende vroeggeboorteâ in de richtlijn âBasis prenatale zorgâ De projectgroep is van mening dat een korte cervix een belangrijke risicofactor is voor spontane vroeggeboorte Dit onderdeel wordt meegenomen tijdens de ontwikkeling van De studies gebruikt in deze analyse verschilden ten aanzien van het gebruik van progesteron qua toedieningsvorm en doseringen Er is geen reden om aan te nemen dat en het is daarom goed om de keuze met betrekking tot de toedieningsvorm met de zwangere te bespreken en op haar wensen toe te spitsen De intramusculaire vorm is het best onderzocht voor de indicatie vroeggeboorte in de voorgeschiedenis De vaginale toediening van progesteron is het best onderzocht in vrouwen met een korte - ##-Hydroxyprogesteron # x per week ### mg i m van ## tot ## weken AD; - progesteron # dd ### mg capsules van ## tot ## weken AD Bespreek met een zwangere van een eenling en een asymptomatische korte cervix â¤## mm (## weken dat progesteron waarschijnlijk de kans op een vroeggeboorte en de © ### Nederlandse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie Deze richtlijn is opgesteld door <PERSOON> <INSTELLING>) en <PERSOON>(Amsterdam> door <PERSOON> (adviseur) namens het Kennisinstituut van de Federatie Medisch De Koninklijke Nederlandse Organisatie van Verloskundigen (KNOV), Nederlandse Alle werkgroepleden hebben schriftelijk verklaard of zij in de laatste drie jaar directe financiële belangen (betrekking bij een commercieel ondertekende belangenverklaringen zijn op te vragen bij het secretariaat van de NVOG De belangenformulieren zijn besproken binnen de betreffende werkgroep en de NVOG cie Kwaliteitsdocumenten, indien van toepassing Geen van de belangen heeft tot een Voor het beoordelen van de actualiteit van deze richtlijn is <PERSOON> werkgroep, die in stand zal blijven Uiterlijk in ### bepaalt het bestuur <PERSOON> werkgroep van de NVOG of deze module nog actueel is De geldigheid van deze module komt eerder te vervallen indien nieuwe ontwikkelingen hier aanleiding toe geven De NVOG sluit iedere aansprakelijkheid uit voor de opmaak en de inhoud van de voorlichtingsfolders, protocollen of richtlijnen etc , alsmede voor de gevolgen die de toepassing hiervan in de patiëntenzorg mocht hebben De NVOG stelt zich daarentegen wel open voor attendering op (vermeende) fouten in de opmaak of inhoud van deze voorlichtingsfolders of richtlijnen Neemt u dan contact op met het Bureau van de <PERSOON> contribution of low birth weight to infant mortality and childhood <PERSOON> progesterone on the prevention of preterm birth and neonatal complications in high risk women A randomized placebo-controlled <PERSOON> placebo-controlled trial Arch Gynecol Obstet ### Mar;###(#) #<DATUM> doi <DATUM> s###-###-###<DATUM> Epub ### <PERSOON-##> ##.
| 610 | nvog |
Alle werkgroepleden hebben schriftelijk verklaard of zij in de laatste drie jaar directe financiële belangen (betrekking bij een commercieel ondertekende belangenverklaringen zijn op te vragen bij het secretariaat van de NVOG De belangenformulieren zijn besproken binnen de betreffende werkgroep en de NVOG cie Kwaliteitsdocumenten, indien van toepassing Geen van de belangen heeft tot een Voor het beoordelen van de actualiteit van deze richtlijn is <PERSOON> werkgroep, die in stand zal blijven Uiterlijk in ### bepaalt het bestuur <PERSOON> werkgroep van de NVOG of deze module nog actueel is De geldigheid van deze module komt eerder te vervallen indien nieuwe ontwikkelingen hier aanleiding toe geven De NVOG sluit iedere aansprakelijkheid uit voor de opmaak en de inhoud van de voorlichtingsfolders, protocollen of richtlijnen etc , alsmede voor de gevolgen die de toepassing hiervan in de patiëntenzorg mocht hebben De NVOG stelt zich daarentegen wel open voor attendering op (vermeende) fouten in de opmaak of inhoud van deze voorlichtingsfolders of richtlijnen Neemt u dan contact op met het Bureau van de <PERSOON> contribution of low birth weight to infant mortality and childhood <PERSOON> progesterone on the prevention of preterm birth and neonatal complications in high risk women A randomized placebo-controlled <PERSOON> placebo-controlled trial Arch Gynecol Obstet ### Mar;###(#) #<DATUM> doi <DATUM> s###-###-###<DATUM> <PERSOON> administration of progesterone by vaginal suppository to reduce the incidence of spontaneous preterm birth in women at increased risk a randomized placebo-controlled double-blind study <PERSOON> CA Prenatal administration of progesterone for preventing preterm birth in women considered to be at risk of preterm Glover MM, McKenna <PERSOON> DB, Croom CS, Sonek JD A randomized trial of micronized progesterone for the prevention of recurrent preterm birth <PERSOON> ### <PERSOON-##>;##(#) ###-## doi <DATUM> s-#<TELEFOONNUMMER> Epub ### Mar <PERSOON-##> supplementation for prevention of preterm labor A randomized controlled trial, Middle East Fertility Society Journal, Volume ##, Issue #, ###, Pages ##-##, ISSN <PATIENTNUMMER>#, https //doi org/<DATUM> j mefs ##<DATUM> ### <PERSOON-##> JW, <PERSOON-##> GH, <PERSOON-##> TM Efficacy of ##alpha-hydroxyprogesterone caproate in the prevention of premature labor <PERSOON-##>, AC, Kazemier BM, et al ### recurrence rate of spontaneous preterm birth American Journal of <PERSOON-##> EI, <PERSOON-##>.
| 558 | nvog |
<PATIENTNUMMER># da <PERSOON> administration of progesterone by vaginal suppository to reduce the incidence of spontaneous preterm birth in women at increased risk a randomized placebo-controlled double-blind study <PERSOON> CA Prenatal administration of progesterone for preventing preterm birth in women considered to be at risk of preterm Glover MM, McKenna <PERSOON> DB, Croom CS, Sonek JD A randomized trial of micronized progesterone for the prevention of recurrent preterm birth <PERSOON> ### <PERSOON>;##(#) ###-## doi <DATUM> s-#<TELEFOONNUMMER> Epub ### Mar <PERSOON> supplementation for prevention of preterm labor A randomized controlled trial, Middle East Fertility Society Journal, Volume ##, Issue #, ###, Pages ##-##, ISSN <PATIENTNUMMER>#, https //doi org/<DATUM> j mefs ##<DATUM> ### <PERSOON> JW, <PERSOON> GH, <PERSOON> TM Efficacy of ##alpha-hydroxyprogesterone caproate in the prevention of premature labor <PERSOON-##>, AC, Kazemier BM, et al ### recurrence rate of spontaneous preterm birth American Journal of <PERSOON-##> EI, <PERSOON-##> ### <PERSOON-##>;##(#) ##<DATUM> doi <DATUM> s-#<TELEFOONNUMMER> Epub ### Jul # PubMed PMID <PATIENTNUMMER># <PERSOON-##> PJ, Klebanoff M, <PERSOON-##> B, <PERSOON-##> of Child Health and Human Development Maternal-Fetal Medicine Units Network Prevention of recurrent preterm delivery by ## alpha-hydroxyprogesterone caproate <PERSOON-##> in <PERSOON-##> and birth Geraadpleegd op <DATUM> via Northen AT, <PERSOON-##> GS, <PERSOON-##> M, et al Follow-up of children exposed in utero to ## alpha-hydroxyprogesterone caproate compared with <PERSOON-##> JE, <PERSOON-##> PR, Thornton S, et al Vaginal progesterone prophylaxis for preterm birth (the OPPTIMUM study) a multicentre, <PERSOON-##> JM, Adair CD, <PERSOON-##> DF, <LOCATIE> <PERSOON-##> GW Progesterone vaginal gelfor the reduction of recurrent preterm birth primary results from a randomized, double-blind, placebo-controlled trial Ultrasound Obstet.
| 528 | nvog |
### <PERSOON>;##(#) ##<DATUM> doi <DATUM> s-#<TELEFOONNUMMER> Epub ### Jul # PubMed PMID <PATIENTNUMMER># <PERSOON> PJ, Klebanoff M, <PERSOON> B, <PERSOON> of Child Health and Human Development Maternal-Fetal Medicine Units Network Prevention of recurrent preterm delivery by ## alpha-hydroxyprogesterone caproate <PERSOON> in <PERSOON> and birth Geraadpleegd op <DATUM> via Northen AT, <PERSOON> GS, <PERSOON> M, et al Follow-up of children exposed in utero to ## alpha-hydroxyprogesterone caproate compared with <PERSOON> JE, <PERSOON> PR, Thornton S, et al Vaginal progesterone prophylaxis for preterm birth (the OPPTIMUM study) a multicentre, <PERSOON-##> JM, Adair CD, <PERSOON-##> DF, <LOCATIE> <PERSOON-##> GW Progesterone vaginal gelfor the reduction of recurrent preterm birth primary results from a randomized, double-blind, placebo-controlled trial Ultrasound Obstet Oral micronized progesterone for prevention of preterm birth <PERSOON-##> ### <PERSOON>;###(#) ##-# doi <DATUM> j ijgo ##<DATUM> ### Epub ### Oct ## PubMed PMID <PATIENTNUMMER># <PERSOON-##> GW,<PERSOON-##> SS, Nicolaides KH Vaginal progesterone for preventing preterm birth and adverse perinatal outcomes in singleton gestations with a short cervix a meta-analysis of individual patient data <PERSOON-##> ### Feb;###(#) ##<DATUM> doi <DATUM> j ajog ##<DATUM> ### <PERSOON-##> MA, caproate for prevention of recurrent spontaneous preterm birth in singleton gestations systematic review and meta-analysis of randomized controlled trials Ultrasound Obstet Gynecol ### Mar;##(#) #<DATUM> doi <DATUM> uog ### <PERSOON-##> G, et al GRADE handbook for grading quality of evidence and strength of recommendations <PERSOON-##> for Maternal-Fetal Medicine (SMFM) <PERSOON-##> choice of progestogen for the prevention of preterm birth in women with singleton pregnancy and <DATUM> j ajog ##<DATUM> ### <PERSOON-##> WA, Ayala NK, Miller ES A universal mid-trimester transvaginal cervical length screening program and its associated reduced preterm birth rate <PERSOON-##>.
| 552 | nvog |
Subsets and Splits
No community queries yet
The top public SQL queries from the community will appear here once available.