text stringlengths 80 6.25k | text_len int64 32 3.12k | src stringclasses 7 values |
|---|---|---|
verdenking op FGR vond men in #% een positieve CMV-infectie, de andere infecties kwamen niet voor (##) (##) Circa ##% van de kinderen van vrouwen met een primaire cytomegalieinfectie in de zwangerschap is symptomatisch bij de geboorte (##) Bij deze kinderen komt, naast andere verschijnselen als microcefalie, petechiën, icterus en hepato-splenomegalie, bij Er zijn aanwijzingen dat bij ernstige FGR ((p#) met een zwangerschapsduur onder de ## weken of bijkomende echoscopische afwijkingen, aanvullend onderzoek met genetische Er zijn aanwijzingen dat bij FGR alleen CMV-diagnostiek zinvol is niet het bepalen van Er zijn aanwijzingen dat er bij FGR een grotere incidentie van congenitale afwijkingen is Gezien bovenstaande bevindingen is een GUO te overwegen bij vroege ((## weken) of ernstige FGR (EFW of AC(p#) Om bij alle zwangeren met vermoeden van FGR een GUO te verrichten is niet doelmatig, temeer gezien de verruiming van de definitie (met percentiel afbuiging) en de daarbij geaccepteerde overdiagnostiek Bij bevestigde FGR kan GUO Men kan naast biometrie ook vruchtwater meten en Doppler-metingen doen van de a umbilicalis (AUmb), a cerebri media (ACM), ductus venosus en a uterina Richtlijnen over bewijs dienen te worden, zijn elders beschreven (##) Tevens kan een CTG De hoeveelheid vruchtwater in de zwangerschap kan geschat worden met behulp van de maximale verticale pocket lengte (MVPL=SDP=single deepest pocket) ((# cm) of met de gedefinieerd worden als AFI (# cm of MVPL (# cm, waarbij in een meta-analyse de voorkeur voor gebruik van de MVPL wordt uitgesproken (##) en # ## (##% BI # ##-# ##) (##, ##) Echoscopische meting van de AFI bij opname op de verloskamers (bij algemene populatie) ter voorspelling van foetale nood verbeterde niet de neonatale uitkomsten, maar dit ging wel gepaard met meer bijstimulatie (RR <DATUM> ##% BI <DATUM> - <DATUM> en een verdubbeling (RR # #; ##% BI <DATUM> - <DATUM> van het aantal sectioâs voor foetale Wat is de toegevoegde waarde van het meten van de hoeveelheid vruchtwater bij Bij foetus verdacht voor FGR met een oligohydramnion is de positieve LR voor een sectio waarmee het geen voorspeller is van te verwachten peripartale problemen bij de foetus en/of Er zijn daarmee onvoldoende aanwijzingen dat het echoscopisch schatten van het vruchtwater bij een verdenking op FGR kan bijdragen in de foetale bewaking en dat dit kan leiden tot een Er is geen bewijs dat bij FGR oligohydramnion een voorspeller is voor perinatale uitkomst Derhalve dient er geen beleid te worden gemaakt alleen op basis van vruchtwatermetingen Er dient geen beleid te worden gemaakt alleen op basis van vruchtwatermetingen bij Bij de meting van Doppler in de a umbilicalis (AUmb) kijkt men naar de Pulsatility Index (PI) In de literatuur wordt een afwijkend PI meestal gedefinieerd als PI )p##, eind diastolische nulflow of retrograde flow (AREDF), waarbij deze definities in theorie een Bij laagrisicozwangeren is het nut van routine Doppler van de AUmb niet aangetoond (##) In hoogrisicozwangerschappen (maar nog zonder een vastgestelde FGR) is de waarde van de.
| 655 | nvog |
# ## (##% BI # ##-# ##) (##, ##) Echoscopische meting van de AFI bij opname op de verloskamers (bij algemene populatie) ter voorspelling van foetale nood verbeterde niet de neonatale uitkomsten, maar dit ging wel gepaard met meer bijstimulatie (RR <DATUM> ##% BI <DATUM> - <DATUM> en een verdubbeling (RR # #; ##% BI <DATUM> - <DATUM> van het aantal sectioâs voor foetale Wat is de toegevoegde waarde van het meten van de hoeveelheid vruchtwater bij Bij foetus verdacht voor FGR met een oligohydramnion is de positieve LR voor een sectio waarmee het geen voorspeller is van te verwachten peripartale problemen bij de foetus en/of Er zijn daarmee onvoldoende aanwijzingen dat het echoscopisch schatten van het vruchtwater bij een verdenking op FGR kan bijdragen in de foetale bewaking en dat dit kan leiden tot een Er is geen bewijs dat bij FGR oligohydramnion een voorspeller is voor perinatale uitkomst Derhalve dient er geen beleid te worden gemaakt alleen op basis van vruchtwatermetingen Er dient geen beleid te worden gemaakt alleen op basis van vruchtwatermetingen bij Bij de meting van Doppler in de a umbilicalis (AUmb) kijkt men naar de Pulsatility Index (PI) In de literatuur wordt een afwijkend PI meestal gedefinieerd als PI )p##, eind diastolische nulflow of retrograde flow (AREDF), waarbij deze definities in theorie een Bij laagrisicozwangeren is het nut van routine Doppler van de AUmb niet aangetoond (##) In hoogrisicozwangerschappen (maar nog zonder een vastgestelde FGR) is de waarde van de De ## geïncludeerde studies ()## ### zwangeren) waren over het algemeen van wisselende kwaliteit met mogelijk publicatiebias Het gebruik van AUmb-Doppler laat in deze review een mogelijke reductie van ##% op perinatale sterfte zien (risk ratio (RR) # ##, ##% (CI) # ## - # ##, ## studies, <DATUM> babyâs, <DATUM> versus <DATUM> %, number needed to treat (NNT) = ###; ##% CI ### - ###), met minder Een tweede review is gedaan door <PERSOON> et al in ###, deze includeerden ### studies De voorspellende waarde voor FGR was LR+ van # ## (# ##, # ##) en pooled LRâ van # ## Wat is de toegevoegde waarde van het meten van de Doppler in de AUmb bij echoscopische In de database Medline (OVID) is met relevante zoektermen (- Mesh Fetal growth retardation + Umbilical artery/ sonography + limits English, humans) gezocht naar systematische onderzoek Er zijn geen meta-analyses geïncludeerd, wel zijn # systematic reviews, # RCTâs en # cohortstudies geïdentificeerd Op basis van titel en abstract zijn twee studies geïncludeerd (##, ##) Ten slotte zijn reeds bekende relevante studies meegenomen (##, ##) In ### verscheen de PORTO-trial, dit was een cohort van ### zwangerschappen met een EFW (p## Een slechte perinatale uitkomst (samengestelde score) kwam voor in #,#% van de neonaten Indien er een abnormale AUmb was (gedefinieerd als PI )p##, nulflow of reversed flow) steeg dit naar ##,#%, indien er tevens een groei (p# was, steeg dit percentage verder.
| 739 | nvog |
De ## geïncludeerde studies ()## ### zwangeren) waren over het algemeen van wisselende kwaliteit met mogelijk publicatiebias Het gebruik van AUmb-Doppler laat in deze review een mogelijke reductie van ##% op perinatale sterfte zien (risk ratio (RR) # ##, ##% (CI) # ## - # ##, ## studies, <DATUM> babyâs, <DATUM> versus <DATUM> %, number needed to treat (NNT) = ###; ##% CI ### - ###), met minder Een tweede review is gedaan door <PERSOON> et al in ###, deze includeerden ### studies De voorspellende waarde voor FGR was LR+ van # ## (# ##, # ##) en pooled LRâ van # ## Wat is de toegevoegde waarde van het meten van de Doppler in de AUmb bij echoscopische In de database Medline (OVID) is met relevante zoektermen (- Mesh Fetal growth retardation + Umbilical artery/ sonography + limits English, humans) gezocht naar systematische onderzoek Er zijn geen meta-analyses geïncludeerd, wel zijn # systematic reviews, # RCTâs en # cohortstudies geïdentificeerd Op basis van titel en abstract zijn twee studies geïncludeerd (##, ##) Ten slotte zijn reeds bekende relevante studies meegenomen (##, ##) In ### verscheen de PORTO-trial, dit was een cohort van ### zwangerschappen met een EFW (p## Een slechte perinatale uitkomst (samengestelde score) kwam voor in #,#% van de neonaten Indien er een abnormale AUmb was (gedefinieerd als PI )p##, nulflow of reversed flow) steeg dit naar ##,#%, indien er tevens een groei (p# was, steeg dit percentage verder Foetussen met verhoogde Van oudsher werd gesteld dat bij FGR t g v placentaire insufficiëntie eerst de AUmb stijgt (afwijkend )p##), er dan nul- en omgekeerde flow optreedt in de AUmb en aansluitend ook de <PERSOON> (ACM) en ten slotte de Ductus Venosus- (DV) afwijking vertoont Deze sequentie blijkt echter minder evident, met name als de FGR laat ()## weken) optreedt (##) Afhankelijk van de mate van afwijking van de PI AUmb wordt foetale bewaking geïndiceerd Het is aannemelijk dat bij zwangeren met verdenking op FGR, Doppler-onderzoek van de AUmb onder de ## weken het risico op perinatale sterfte verkleint Meting van PI in de AUmb dient te worden gedaan bij zwangerschappen met verdenking van de uitkomsten van de ACM of CPR Doppler, tenzij in onderzoeksetting Bij een ductus venosus-meting beoordeelt men naar de PI en de aanwezigheid van de A-top De A-top ontstaat door de foetale atriale contractie en behoort positief te zijn De PI is Wat is de toegevoegde waarde van het meten van de Doppler in de ductus venosus (DV) bij + Ductus venosus/ultrasonography --) English, humans) gezocht naar systematische reviews of meta-analyses, gerandomiseerde gecontroleerde studies of ander vergelijkend onderzoek Op basis van deze search waren er geen meta-analyses, # systematic reviews (recentste ###) en # RCTâs van na ### geïdentificeerd Op basis van titel en abstract is # RCT, de TRUFFLE-studie, geïncludeerd (Lees ###, (##)) Ten slotte zijn een bekende meta-analyse In ### verscheen een meta-analyse o.
| 749 | nvog |
Foetussen met verhoogde Van oudsher werd gesteld dat bij FGR t g v placentaire insufficiëntie eerst de AUmb stijgt (afwijkend )p##), er dan nul- en omgekeerde flow optreedt in de AUmb en aansluitend ook de <PERSOON> (ACM) en ten slotte de Ductus Venosus- (DV) afwijking vertoont Deze sequentie blijkt echter minder evident, met name als de FGR laat ()## weken) optreedt (##) Afhankelijk van de mate van afwijking van de PI AUmb wordt foetale bewaking geïndiceerd Het is aannemelijk dat bij zwangeren met verdenking op FGR, Doppler-onderzoek van de AUmb onder de ## weken het risico op perinatale sterfte verkleint Meting van PI in de AUmb dient te worden gedaan bij zwangerschappen met verdenking van de uitkomsten van de ACM of CPR Doppler, tenzij in onderzoeksetting Bij een ductus venosus-meting beoordeelt men naar de PI en de aanwezigheid van de A-top De A-top ontstaat door de foetale atriale contractie en behoort positief te zijn De PI is Wat is de toegevoegde waarde van het meten van de Doppler in de ductus venosus (DV) bij + Ductus venosus/ultrasonography --) English, humans) gezocht naar systematische reviews of meta-analyses, gerandomiseerde gecontroleerde studies of ander vergelijkend onderzoek Op basis van deze search waren er geen meta-analyses, # systematic reviews (recentste ###) en # RCTâs van na ### geïdentificeerd Op basis van titel en abstract is # RCT, de TRUFFLE-studie, geïncludeerd (Lees ###, (##)) Ten slotte zijn een bekende meta-analyse In ### verscheen een meta-analyse o v cohortstudies over perinatale uitkomsten bij premature FGR (##-## weken) en afwijkende Dopplers (verhoogde PI of REDF in AUmb en/of afwijkende Doppler in DV) In vergelijking met normaal gegroeide premature neonaten was de kans op neonatale sterfte groter in de FGR-groep Over alle termijnen heen was de kans op sterfte groter als er DV-afwijkingen waren (percentages niet gegeven, wel p(#,##) De kans op een IUVD was ##% (range #,#-##,#%), als er afwijkende Dopplers in AUmb en DV waren en #,#% (#,<DATUM> #%) als de DV normaal was bij een afwijkende PI AUmb De recent gepubliceerde uitkomst van de TRUFFLE-studie laat geen verschil in perinatale uitkomsten zien tussen foetale bewaking met een DV-meting versus een geautomatiseerde beoordeling van het CTG (STV-meting) (##) Dit was een prospectief cohort (n=###) met FGR-foetussen (AC (p## en PI van AUmb )p##) tussen de ##+# en ##+# weken, de indicatie voor termineren was gebaseerd op variabiliteit van het CTG of DV-meting (of )p## of Ook de overleving en neurologische uitkomst op tweejarige leeftijd liet geen verschil zien De neurologische uitkomst toonde een goede uitkomst per groep bewaking o b v CTG (##%) vs De TRUFFLE-studie vergelijkt DV met een geautomatiseerde analyse van het CTG (short term variability STV) Het is niet vergeleken met het conventioneel gebruik van het CTG, daarmee is de vertaalslag naar de dagelijkse praktijk lastig te maken Daarbij behoort het meten van de DV in tegenstelling tot de AUmb en de ACM niet tot de.
| 682 | nvog |
v cohortstudies over perinatale uitkomsten bij premature FGR (##-## weken) en afwijkende Dopplers (verhoogde PI of REDF in AUmb en/of afwijkende Doppler in DV) In vergelijking met normaal gegroeide premature neonaten was de kans op neonatale sterfte groter in de FGR-groep Over alle termijnen heen was de kans op sterfte groter als er DV-afwijkingen waren (percentages niet gegeven, wel p(#,##) De kans op een IUVD was ##% (range #,#-##,#%), als er afwijkende Dopplers in AUmb en DV waren en #,#% (#,<DATUM> #%) als de DV normaal was bij een afwijkende PI AUmb De recent gepubliceerde uitkomst van de TRUFFLE-studie laat geen verschil in perinatale uitkomsten zien tussen foetale bewaking met een DV-meting versus een geautomatiseerde beoordeling van het CTG (STV-meting) (##) Dit was een prospectief cohort (n=###) met FGR-foetussen (AC (p## en PI van AUmb )p##) tussen de ##+# en ##+# weken, de indicatie voor termineren was gebaseerd op variabiliteit van het CTG of DV-meting (of )p## of Ook de overleving en neurologische uitkomst op tweejarige leeftijd liet geen verschil zien De neurologische uitkomst toonde een goede uitkomst per groep bewaking o b v CTG (##%) vs De TRUFFLE-studie vergelijkt DV met een geautomatiseerde analyse van het CTG (short term variability STV) Het is niet vergeleken met het conventioneel gebruik van het CTG, daarmee is de vertaalslag naar de dagelijkse praktijk lastig te maken Daarbij behoort het meten van de DV in tegenstelling tot de AUmb en de ACM niet tot de vergelijken met een regime met AUmb, ACM, CTG en DV derhalve kan de waarde van de Het is niet aangetoond dat het toepassen van de DV in de bewaking van de FGR foetus Cardiotocografie (CTG) is ingevoerd als antenatale en durante partu registratie om de foetale conditie te bepalen (en idealiter asfyxie te reduceren (##)) Naast het standaard CTG bestaan er computergeanalyseerde CTG's In dit stuk zal alleen het standaard CTG aan de orde komen Over het gebruik in de algehele populatie zijn in ### twee meta-analyses verschenen Eén over het antenatale gebruik en één over het gebruik op de verloskamers Grivell vond zes studies (met ### vrouwen) over het gebruik van een antenaal CTG Hierbij was het risk ratio (RR) op perinatale mortaliteit <DATUM> (##% CI # ## - # ##), RR op sectio # ## - # ##) met de kanttekening dat de studie onvoldoende statische power had op deze Devane includeerde # studies met meer dan ## ### vrouwen op verloskamers Vergeleken neonataal overlijden RR <DATUM> (##% CI # ## -# ##) De kans op een MBO was RR # ## (##% Beide reviews laten dus geen verbeterde uitkomsten zien bij het gebruik van CTG's in de Wat is de toegevoegde waarde van het gebruik van CTG bij echoscopische verdenking op + cardiotocography --) English, humans) gezocht naar systematische reviews of metaanalyses, gerandomiseerde gecontroleerde studies of ander vergelijkend onderzoek Op basis.
| 678 | nvog |
regime met AUmb, ACM, CTG en DV derhalve kan de waarde van de Het is niet aangetoond dat het toepassen van de DV in de bewaking van de FGR foetus Cardiotocografie (CTG) is ingevoerd als antenatale en durante partu registratie om de foetale conditie te bepalen (en idealiter asfyxie te reduceren (##)) Naast het standaard CTG bestaan er computergeanalyseerde CTG's In dit stuk zal alleen het standaard CTG aan de orde komen Over het gebruik in de algehele populatie zijn in ### twee meta-analyses verschenen Eén over het antenatale gebruik en één over het gebruik op de verloskamers Grivell vond zes studies (met ### vrouwen) over het gebruik van een antenaal CTG Hierbij was het risk ratio (RR) op perinatale mortaliteit <DATUM> (##% CI # ## - # ##), RR op sectio # ## - # ##) met de kanttekening dat de studie onvoldoende statische power had op deze Devane includeerde # studies met meer dan ## ### vrouwen op verloskamers Vergeleken neonataal overlijden RR <DATUM> (##% CI # ## -# ##) De kans op een MBO was RR # ## (##% Beide reviews laten dus geen verbeterde uitkomsten zien bij het gebruik van CTG's in de Wat is de toegevoegde waarde van het gebruik van CTG bij echoscopische verdenking op + cardiotocography --) English, humans) gezocht naar systematische reviews of metaanalyses, gerandomiseerde gecontroleerde studies of ander vergelijkend onderzoek Op basis # RCTâs of observationele studies vanaf ### geïdentificeerd Op basis van titel en abstract zijn # RCTâs geïncludeerd (<PERSOON> ### (###)) Ten slotte zijn een Cochrane review uit ### en bekende relevante studies geïncludeerd Over het gebruik van CTG specifiek bij voor FGR verdachte foetus is in ### een Cochrane review verschenen (###) Hierin werd één studie geïncludeerd met ### zwangeren met verdenking op FGR op basis van echo en met een zwangerschapsduur tussen ## en ## weken (###) In deze studie werd tweemaal per week controle (biofysisch profile, non-stresstest, echo AUmb, ACM en arteria uterina) vergeleken met controle eenmaal per twee weken In de groep met meer frequent testen hadden zwangeren ##% meer kans om te worden ingeleid zonder effect op keizersnede of perinatale uitkomst Deze studie was echter niet gepowered voor uitkomst perinatale morbiditeit of mortaliteit en zwangerschappen met afwijkend Doppler of verminderd vruchtwater waren geëxcludeerd Concluderend wordt gesteld dat Een cohort van ## zwangeren uit ### liet zien dat afname van de variabiliteit meestal samen viel met het ontstaan van deceleraties en stijging van de basisfrequentie (###) Deze veranderingen op het CTG hangen samen met slechtere navelstreng pHâs (cohort n =##, uit <PERSOON> onderzocht in ### ## vrouwen bij wie postpartum een SGA werd vastgesteld Bij deze CTGâs waren verminderde variabiliteit en deceleraties ook duidelijk geassocieerd met Habek (###) onderzocht de waarde van Doppler, biofysisch profiel en het peripartale CTG bij ## vrouwen (tussen ## en ## weken) verdacht voor FGR Het CTG werd geclassificeerd als normaal, prepathologisch of pathologisch.
| 693 | nvog |
titel en abstract zijn # RCTâs geïncludeerd (<PERSOON> ### (###)) Ten slotte zijn een Cochrane review uit ### en bekende relevante studies geïncludeerd Over het gebruik van CTG specifiek bij voor FGR verdachte foetus is in ### een Cochrane review verschenen (###) Hierin werd één studie geïncludeerd met ### zwangeren met verdenking op FGR op basis van echo en met een zwangerschapsduur tussen ## en ## weken (###) In deze studie werd tweemaal per week controle (biofysisch profile, non-stresstest, echo AUmb, ACM en arteria uterina) vergeleken met controle eenmaal per twee weken In de groep met meer frequent testen hadden zwangeren ##% meer kans om te worden ingeleid zonder effect op keizersnede of perinatale uitkomst Deze studie was echter niet gepowered voor uitkomst perinatale morbiditeit of mortaliteit en zwangerschappen met afwijkend Doppler of verminderd vruchtwater waren geëxcludeerd Concluderend wordt gesteld dat Een cohort van ## zwangeren uit ### liet zien dat afname van de variabiliteit meestal samen viel met het ontstaan van deceleraties en stijging van de basisfrequentie (###) Deze veranderingen op het CTG hangen samen met slechtere navelstreng pHâs (cohort n =##, uit <PERSOON> onderzocht in ### ## vrouwen bij wie postpartum een SGA werd vastgesteld Bij deze CTGâs waren verminderde variabiliteit en deceleraties ook duidelijk geassocieerd met Habek (###) onderzocht de waarde van Doppler, biofysisch profiel en het peripartale CTG bij ## vrouwen (tussen ## en ## weken) verdacht voor FGR Het CTG werd geclassificeerd als normaal, prepathologisch of pathologisch de beoordeling van het CTG en de postnatale uitkomst (goed, slecht, dood) in de normale en Boehm keek in ### naar het effect van een tweewekelijks CTG in vergelijking met een wekelijks CTG bij hoogrisicopatiënten o a FGR als ook PE, PIH, serotiniteit Hierbij werd een niet-significante daling gevonden van de kans op IUVD (##,<DATUM> naar #,<DATUM> (###) Het biofysisch profiel (een combinatie van CTG, schatting van de hoeveelheid vruchtwater, foetale bewegingen, tonus en ademhalingsbewegingen) werd door sommigen aanbevolen als een betere bewakingstechniek dan CTG alleen (###) Gerandomiseerde vergelijking van het biofysisch profiel met andere methoden van foetale bewaking bij hoogrisicozwangerschappen liet geen verschillen in perinatale uitkomsten zien (# studies, n=###) (###) Hoewel er een gebrek aan bewijs is voor het gebruik van een CTG als foetale bewaking bij zwangerschappen met verdenking op FGR, wordt dit internationaal wel toegepast In de huidige dagelijkse praktijk is er grote variatie in de frequentie en indicatie voor het CTG De RCOG-richtlijn adviseert om bij zwangerschappen met verdenking FGR en afwijkend Doppler van de AUmb (absent of reversed end diastolic flow) dagelijks een CTG te maken Zowel over de frequentie als over de locatie van het CTG (klinisch, thuismonitoring of poliklinisch) is geen literatuur beschikbaar De RCOG-richtlijn geeft geen advies over indicatie en frequentie van een CTG bij zwangerschappen met verdenking op FGR Conform aanbevolen bij zwangeren met een verhoogd risico op perinatale asfyxie Gezien bovenstaande kan uit pragmatische overwegingen de frequentie van CTG-bewaking.
| 660 | nvog |
de beoordeling van het CTG en de postnatale uitkomst (goed, slecht, dood) in de normale en Boehm keek in ### naar het effect van een tweewekelijks CTG in vergelijking met een wekelijks CTG bij hoogrisicopatiënten o a FGR als ook PE, PIH, serotiniteit Hierbij werd een niet-significante daling gevonden van de kans op IUVD (##,<DATUM> naar #,<DATUM> (###) Het biofysisch profiel (een combinatie van CTG, schatting van de hoeveelheid vruchtwater, foetale bewegingen, tonus en ademhalingsbewegingen) werd door sommigen aanbevolen als een betere bewakingstechniek dan CTG alleen (###) Gerandomiseerde vergelijking van het biofysisch profiel met andere methoden van foetale bewaking bij hoogrisicozwangerschappen liet geen verschillen in perinatale uitkomsten zien (# studies, n=###) (###) Hoewel er een gebrek aan bewijs is voor het gebruik van een CTG als foetale bewaking bij zwangerschappen met verdenking op FGR, wordt dit internationaal wel toegepast In de huidige dagelijkse praktijk is er grote variatie in de frequentie en indicatie voor het CTG De RCOG-richtlijn adviseert om bij zwangerschappen met verdenking FGR en afwijkend Doppler van de AUmb (absent of reversed end diastolic flow) dagelijks een CTG te maken Zowel over de frequentie als over de locatie van het CTG (klinisch, thuismonitoring of poliklinisch) is geen literatuur beschikbaar De RCOG-richtlijn geeft geen advies over indicatie en frequentie van een CTG bij zwangerschappen met verdenking op FGR Conform aanbevolen bij zwangeren met een verhoogd risico op perinatale asfyxie Gezien bovenstaande kan uit pragmatische overwegingen de frequentie van CTG-bewaking De werkgroep is van mening dat bij FGR in de antepartum periode met De werkgroep is van mening dat het CTG de laatste stap is in de foetale bewaking bij FGR Zolang het CTG normaal is, kan worden afgewacht Wat is de toegevoegde waarde van het bijhouden van foetale bewegingen bij echoscopische Naast het CTG geldt ook de subjectieve beoordeling van foetale bewegingen als een vorm van foetale bewaking In een Noors cohort daalde door schriftelijke informatie aan zwangeren in combinatie met de implementatie van een richtlijn voor professionals de intra-uteriene sterfte, in een niet-specifiek SGA-cohort in de groep zwangeren met afgenomen kindsbewegingen ##% CI # ##-# ##) (###) Het is aannemelijk dat subjectieve beoordeling van foetale bewegingen ook bij zwangerschappen verdacht voor SGA zal bijdragen aan antenatale sterfte De werkgroep is van mening dat indien een zwangere vrouw met FGR zich meldt met minder foetale beweging, foetale bewaking moet worden ingesteld of termineren van de zwangerschap moet worden overwogen afhankelijk van de zwangerschapsduur De behandeling van een reeds vastgestelde groeirestrictie is momenteel gericht op een tijdige bevalling Behandelingen zoals hyperalimentatie, hyperoxygenatie of toediening van Sildenafil, hebben tot op heden geen aangetoond nuttig effect (#<DATUM> # Wat heeft een betere maternale en neonatale uitkomst bij à terme FGR inleiding of # Wat heeft een betere maternale en neonatale uitkomst bij preterme FGR termineren # Welke preventieve maatregelen zijn zinvol bij hoogrisicopatiënten op FGR? Wat heeft een betere maternale en neonatale uitkomst bij à terme FGR.
| 607 | nvog |
mening dat bij FGR in de antepartum periode met De werkgroep is van mening dat het CTG de laatste stap is in de foetale bewaking bij FGR Zolang het CTG normaal is, kan worden afgewacht Wat is de toegevoegde waarde van het bijhouden van foetale bewegingen bij echoscopische Naast het CTG geldt ook de subjectieve beoordeling van foetale bewegingen als een vorm van foetale bewaking In een Noors cohort daalde door schriftelijke informatie aan zwangeren in combinatie met de implementatie van een richtlijn voor professionals de intra-uteriene sterfte, in een niet-specifiek SGA-cohort in de groep zwangeren met afgenomen kindsbewegingen ##% CI # ##-# ##) (###) Het is aannemelijk dat subjectieve beoordeling van foetale bewegingen ook bij zwangerschappen verdacht voor SGA zal bijdragen aan antenatale sterfte De werkgroep is van mening dat indien een zwangere vrouw met FGR zich meldt met minder foetale beweging, foetale bewaking moet worden ingesteld of termineren van de zwangerschap moet worden overwogen afhankelijk van de zwangerschapsduur De behandeling van een reeds vastgestelde groeirestrictie is momenteel gericht op een tijdige bevalling Behandelingen zoals hyperalimentatie, hyperoxygenatie of toediening van Sildenafil, hebben tot op heden geen aangetoond nuttig effect (#<DATUM> # Wat heeft een betere maternale en neonatale uitkomst bij à terme FGR inleiding of # Wat heeft een betere maternale en neonatale uitkomst bij preterme FGR termineren # Welke preventieve maatregelen zijn zinvol bij hoogrisicopatiënten op FGR? Wat heeft een betere maternale en neonatale uitkomst bij à terme FGR Wat heeft een betere neonatale uitkomst (gelet op morbiditeit /mortaliteit /asfyxie en (NICU-) opnames), het nastreven van de partus of expectatief beleid met foetale bewaking? In ### is de Nederlandse DIGITAT-studie gepubliceerd Dit is de eerste RCT die op dit onderwerp verricht is, hiervoor zijn alleen observationele studies gepubliceerd (###) In de DIGITAT-studie werd gerandomiseerd tussen het nastreven van de partus of expectatief beleid bij verdenking op FGR (AC of EFW ( p##, of afbuigende groei) vanaf ## weken Een expectatief beleid bestond uit tweemaal per week een (poli)klinische controle met CTG Een samengestelde foetale uitkomst (neonatale sterfte, # minuten Apgar-score (#, pH in AUmb (#,## of een NICU-opname) was niet verschillend tussen de beide groepen inleiding verschilde tussen beide groepen ten nadele van de inleidingsgroep (### g vs ### g, verschil ### g ##% CI -###gr - -## g p(#,###) Het aantal neonaten met een geboortegewicht onder de Een follow-upstudie twee jaar postpartum heeft gekeken naar de neurologische ontwikkeling van deze kinderen Door middel van vragenlijsten ingevuld door de ouders (##% respons) werd gekeken naar de gedrags- en neurologische ontwikkeling Er was geen aantoonbaar verschil in ontwikkeling tussen de twee groepen Over het geheel scoorden neonaten met een geboortegewicht onder de p#,# of opname op de NICU het slechtst (###) Indien de inleiding tussen de ##-## weken plaatsvond in vergelijking met na ## weken, bestaat er een hogere kans op neonatale opname er wordt iets meer hyperbilirubinaemie en.
| 639 | nvog |
heeft een betere neonatale uitkomst (gelet op morbiditeit /mortaliteit /asfyxie en (NICU-) opnames), het nastreven van de partus of expectatief beleid met foetale bewaking? In ### is de Nederlandse DIGITAT-studie gepubliceerd Dit is de eerste RCT die op dit onderwerp verricht is, hiervoor zijn alleen observationele studies gepubliceerd (###) In de DIGITAT-studie werd gerandomiseerd tussen het nastreven van de partus of expectatief beleid bij verdenking op FGR (AC of EFW ( p##, of afbuigende groei) vanaf ## weken Een expectatief beleid bestond uit tweemaal per week een (poli)klinische controle met CTG Een samengestelde foetale uitkomst (neonatale sterfte, # minuten Apgar-score (#, pH in AUmb (#,## of een NICU-opname) was niet verschillend tussen de beide groepen inleiding verschilde tussen beide groepen ten nadele van de inleidingsgroep (### g vs ### g, verschil ### g ##% CI -###gr - -## g p(#,###) Het aantal neonaten met een geboortegewicht onder de Een follow-upstudie twee jaar postpartum heeft gekeken naar de neurologische ontwikkeling van deze kinderen Door middel van vragenlijsten ingevuld door de ouders (##% respons) werd gekeken naar de gedrags- en neurologische ontwikkeling Er was geen aantoonbaar verschil in ontwikkeling tussen de twee groepen Over het geheel scoorden neonaten met een geboortegewicht onder de p#,# of opname op de NICU het slechtst (###) Indien de inleiding tussen de ##-## weken plaatsvond in vergelijking met na ## weken, bestaat er een hogere kans op neonatale opname er wordt iets meer hyperbilirubinaemie en neonatale opnames veroorzaakt wordt door het routinematig opnemen op basis van een In de DIGITAT-studie was er geen verschil in modus partus tussen beide groepen Logischerwijs bevielen vrouwen in de inleidingsgroep eerder (#,# dagen na randomisatie vs ##,# dagen) Uiteindelijk werd ##% van de vrouwen in de expectatieve groep ook ingeleid Het percentage sectio's en kunstverlossingen is niet significant verschillend en bedroeg resp De kwaliteit van leven bij alle kandidaten van de DIGITAT-studie (naast de gerandomiseerde patiënten ook de niet-gerandomiseerde patiënten) is tevens onderzocht, gemeten met de Short Form (SF-##), European Quality of Life (EuroQoL #D#L), Hospital Anxiety and Depression scale (HADS) en <PERSOON> (SCL-##) De beide groepen hadden een lagere Mental Component Score dan referentiewaarden maar onderling was er geen verschil meetbaar (###) Dezelfde vragenlijsten zijn gebruikt om een patiëntenvoorkeur voor één van beide behandelingen te berekenen met behulp van Discrete Choice Experiment Deze toonde geen voorkeur van de deelnemers voor één van beide behandelingen (###) De patiënten die niet gerandomiseerd werden zijn hierin niet meegenomen; het is mogelijk dat deze niet deelnamen vanwege een duidelijke voorkeur voor één van beide behandelingen Dat is uit deze studie Een economische analyse heeft o b v cijfers uit ### berekend dat een inleiding gemiddeld <DATUM> euro kost en een expectatief beleid <DATUM> euro; hetgeen niet verschillend is (verschil In de praktijk wordt er in de tweede lijn veelal in de à terme periode ingeleid Er is geen literatuur beschikbaar om een uiterlijke zwangerschapsduur aan te raden.
| 674 | nvog |
opnemen op basis van een In de DIGITAT-studie was er geen verschil in modus partus tussen beide groepen Logischerwijs bevielen vrouwen in de inleidingsgroep eerder (#,# dagen na randomisatie vs ##,# dagen) Uiteindelijk werd ##% van de vrouwen in de expectatieve groep ook ingeleid Het percentage sectio's en kunstverlossingen is niet significant verschillend en bedroeg resp De kwaliteit van leven bij alle kandidaten van de DIGITAT-studie (naast de gerandomiseerde patiënten ook de niet-gerandomiseerde patiënten) is tevens onderzocht, gemeten met de Short Form (SF-##), European Quality of Life (EuroQoL #D#L), Hospital Anxiety and Depression scale (HADS) en <PERSOON> (SCL-##) De beide groepen hadden een lagere Mental Component Score dan referentiewaarden maar onderling was er geen verschil meetbaar (###) Dezelfde vragenlijsten zijn gebruikt om een patiëntenvoorkeur voor één van beide behandelingen te berekenen met behulp van Discrete Choice Experiment Deze toonde geen voorkeur van de deelnemers voor één van beide behandelingen (###) De patiënten die niet gerandomiseerd werden zijn hierin niet meegenomen; het is mogelijk dat deze niet deelnamen vanwege een duidelijke voorkeur voor één van beide behandelingen Dat is uit deze studie Een economische analyse heeft o b v cijfers uit ### berekend dat een inleiding gemiddeld <DATUM> euro kost en een expectatief beleid <DATUM> euro; hetgeen niet verschillend is (verschil In de praktijk wordt er in de tweede lijn veelal in de à terme periode ingeleid Er is geen literatuur beschikbaar om een uiterlijke zwangerschapsduur aan te raden Bij de observationele studie van niet-gerandomiseerde patiënten traden # IUVDâs op (#,#%) waarvan # van de # na de ## weken Derhalve is inductie van de baring bij ## weken te overwegen Er zijn regionale afspraken nodig over de uiterlijke termijn van bevalling bij vermoeden van FGR Bij deze keuze worden natuurlijk ook de ernst en oorzaak van de FGR meegenomen Het is aangetoond dat bij à terme FGR het nastreven van de partus en een expectatief beleid (met min #/week foetale bewaking) gelijkwaardig zijn in neonatale en maternale uitkomsten en bestaat er dus geen duidelijke voorkeur tussen beide opties Patiëntenvoorkeur speelt Er zijn aanwijzingen dat bij FGR onder de p# termineren van de zwangerschap bij ## weken ter voorkoming van een slechte neurologische uitkomst aan te raden is De werkgroep is van mening dat er regionale afspraken nodig zijn over de uiterlijke termijn Bij een FGR onder de p# (AC of EFW) is termineren van de zwangerschap bij ## weken In de preterme periode (##+# tot ##+# weken) is de afweging tussen beëindiging van de zwangerschap of expectatief beleid met foetale bewaking De mate van prematuriteit en het geschatte foetale gewicht maken een individuele keuze zeer belangrijk Voor de uitgangsvraag is een onderscheid gemaakt in neonatale en maternale uitkomsten Welk beleid leidt tot een betere neonatale uitkomst (bij een zwangerschapsduur van ##-## weken) termineren van de zwangerschap of een expectatief beleid met foetale bewaking? De Cochrane review uit ### (###) bevat slechts één studie.
| 638 | nvog |
de observationele studie van niet-gerandomiseerde patiënten traden # IUVDâs op (#,#%) waarvan # van de # na de ## weken Derhalve is inductie van de baring bij ## weken te overwegen Er zijn regionale afspraken nodig over de uiterlijke termijn van bevalling bij vermoeden van FGR Bij deze keuze worden natuurlijk ook de ernst en oorzaak van de FGR meegenomen Het is aangetoond dat bij à terme FGR het nastreven van de partus en een expectatief beleid (met min #/week foetale bewaking) gelijkwaardig zijn in neonatale en maternale uitkomsten en bestaat er dus geen duidelijke voorkeur tussen beide opties Patiëntenvoorkeur speelt Er zijn aanwijzingen dat bij FGR onder de p# termineren van de zwangerschap bij ## weken ter voorkoming van een slechte neurologische uitkomst aan te raden is De werkgroep is van mening dat er regionale afspraken nodig zijn over de uiterlijke termijn Bij een FGR onder de p# (AC of EFW) is termineren van de zwangerschap bij ## weken In de preterme periode (##+# tot ##+# weken) is de afweging tussen beëindiging van de zwangerschap of expectatief beleid met foetale bewaking De mate van prematuriteit en het geschatte foetale gewicht maken een individuele keuze zeer belangrijk Voor de uitgangsvraag is een onderscheid gemaakt in neonatale en maternale uitkomsten Welk beleid leidt tot een betere neonatale uitkomst (bij een zwangerschapsduur van ##-## weken) termineren van de zwangerschap of een expectatief beleid met foetale bewaking? De Cochrane review uit ### (###) bevat slechts één studie (###) De GRIT-studie onderzocht het effect van directe beëindiging van de zwangerschap vs expectatief beleid bij zwangerschappen tussen de ## en ## weken waarvan de behandelende artsen niet wisten welk beleid beter was (n=###) In beide groepen had ##% van de foetussen In de GRIT-studie was de perinatale sterfte voor ontslag uit het ziekenhuis ##% in de directe directe groep trad er nog tweemaal een intra-uteriene vruchtdood op, in de uitgestelde groep waren dit er negen (p #,##) De postpartumsterfte bedroeg ##% in de directe groep en ##% in de uitgestelde groep (p #,##) In de directe groep zat er gemiddeld #,# dagen tot de partus, in Na het uitkomen van de Cochrane review is nog de TRUFFLE-studie verschenen (###) Deze beschrijft de neonatale uitkomsten van een prospectief cohort (n=###) met FGRfoetussen (AC (p## en PI van AUmb )p##) tussen de ##+# en ##+# weken (##) De indicatie voor het termineren was gebaseerd op variabiliteit van het CTG of DV-meting (of )p## of De zwangerschapsduur bij inclusie was ## +/- #,# weken Bij #,#% van de foetussen trad er foetale sterfte op Van de levendgeboren neonaten trad er bij ## (#,#%) neonatale sterfte op en ### (##%) hadden een ernstige morbiditeit (bronchopulmonale dysplasie, ernstige cerebrale De zwangerschapsduur bij de bevalling was ##,# +/- #,# ##% beviel per sectio en deze was meestal (##%) geïndiceerd o b v foetale conditie De tijd tot bevalling was afhankelijk van de.
| 699 | nvog |
De GRIT-studie onderzocht het effect van directe beëindiging van de zwangerschap vs expectatief beleid bij zwangerschappen tussen de ## en ## weken waarvan de behandelende artsen niet wisten welk beleid beter was (n=###) In beide groepen had ##% van de foetussen In de GRIT-studie was de perinatale sterfte voor ontslag uit het ziekenhuis ##% in de directe directe groep trad er nog tweemaal een intra-uteriene vruchtdood op, in de uitgestelde groep waren dit er negen (p #,##) De postpartumsterfte bedroeg ##% in de directe groep en ##% in de uitgestelde groep (p #,##) In de directe groep zat er gemiddeld #,# dagen tot de partus, in Na het uitkomen van de Cochrane review is nog de TRUFFLE-studie verschenen (###) Deze beschrijft de neonatale uitkomsten van een prospectief cohort (n=###) met FGRfoetussen (AC (p## en PI van AUmb )p##) tussen de ##+# en ##+# weken (##) De indicatie voor het termineren was gebaseerd op variabiliteit van het CTG of DV-meting (of )p## of De zwangerschapsduur bij inclusie was ## +/- #,# weken Bij #,#% van de foetussen trad er foetale sterfte op Van de levendgeboren neonaten trad er bij ## (#,#%) neonatale sterfte op en ### (##%) hadden een ernstige morbiditeit (bronchopulmonale dysplasie, ernstige cerebrale De zwangerschapsduur bij de bevalling was ##,# +/- #,# ##% beviel per sectio en deze was meestal (##%) geïndiceerd o b v foetale conditie De tijd tot bevalling was afhankelijk van de (##) In de GRIT-studie was het aantal kinderen dat op tweejarige leeftijd overleed of zwaar gehandicapt (gedefinieerd als cerebral palsy, visusstoornis, gehoorproblemen of Griffithsscore onder de ##) was ##% in de directe groep en ##% in de uitgestelde groep (OR #,# credibility interval #,<DATUM> #) De handicaps kwamen met name voor bij kinderen geboren onder de ## weken zwangerschapsduur (##% vs #%) Er was geen verschil in Griffiths-score tussen de groepen (###) Bij de TRUFFLE-studie was er eveneens geen verschil in overleving en neurologische uitkomst op tweejarige leeftijd (o b v CTG (##%), DV p## (##% en DV/A-top (##%) (ptrend=#·##)) In de groep DV A-top waren er meer overlevenden zonder Op # tot <LEEFTIJD> jarige leeftijd (gemiddeld <LEEFTIJD> jaar) is een deel van de GRIT-kinderen nogmaals onderzocht In de directe respectievelijk uitgestelde groep was ##% vs ##% van de kinderen overleden of zwaar gehandicapt Bij de onderzochte kinderen was de gemiddelde cognitiescore (SD), ## (##) en ## (##); motorscores waren <DATUM> (# #) en <DATUM> (<DATUM> en gedragsscores, Indien verwacht wordt dat geboorte voor ## weken zal plaatsvinden, wordt aangeraden eenmalig (liefst <DATUM> dagen voor geboorte) een kuur corticosteroïden toe te dienen ter bevordering van de foetale longrijping (###, ###) Er zijn geen gerandomiseerde studies betreffende het effect van antenataal corticosteroïden bij kinderen met groeibeperking (###) Er is wisselend gepubliceerd over het voordeel van corticosteroïdgebruik bij FGR; sommige laten een positief effect (gelijkwaardig aan normaal gegroeide neonaten) zien, (###) andere.
| 777 | nvog |
dat op tweejarige leeftijd overleed of zwaar gehandicapt (gedefinieerd als cerebral palsy, visusstoornis, gehoorproblemen of Griffithsscore onder de ##) was ##% in de directe groep en ##% in de uitgestelde groep (OR #,# credibility interval #,<DATUM> #) De handicaps kwamen met name voor bij kinderen geboren onder de ## weken zwangerschapsduur (##% vs #%) Er was geen verschil in Griffiths-score tussen de groepen (###) Bij de TRUFFLE-studie was er eveneens geen verschil in overleving en neurologische uitkomst op tweejarige leeftijd (o b v CTG (##%), DV p## (##% en DV/A-top (##%) (ptrend=#·##)) In de groep DV A-top waren er meer overlevenden zonder Op # tot <LEEFTIJD> jarige leeftijd (gemiddeld <LEEFTIJD> jaar) is een deel van de GRIT-kinderen nogmaals onderzocht In de directe respectievelijk uitgestelde groep was ##% vs ##% van de kinderen overleden of zwaar gehandicapt Bij de onderzochte kinderen was de gemiddelde cognitiescore (SD), ## (##) en ## (##); motorscores waren <DATUM> (# #) en <DATUM> (<DATUM> en gedragsscores, Indien verwacht wordt dat geboorte voor ## weken zal plaatsvinden, wordt aangeraden eenmalig (liefst <DATUM> dagen voor geboorte) een kuur corticosteroïden toe te dienen ter bevordering van de foetale longrijping (###, ###) Er zijn geen gerandomiseerde studies betreffende het effect van antenataal corticosteroïden bij kinderen met groeibeperking (###) Er is wisselend gepubliceerd over het voordeel van corticosteroïdgebruik bij FGR; sommige laten een positief effect (gelijkwaardig aan normaal gegroeide neonaten) zien, (###) andere Welk beleid leidt tot een betere maternale uitkomst (bij een zwangerschapsduur van ##-## Voor deze vraag is gekeken naar de GRIT-studie Partus vond meestal plaats via sectio <DATUM> Onder de ## weken zwangerschapsduur bedroeg dit ##% vs ##% en boven de <DATUM> #) dagen tot de geboorte Bij randomisatie onder de ## weken was dit # # (# #â<DATUM> vs <DATUM> (<DATUM> # #) dagen, boven de ## weken # # (# #â<DATUM> vs <DATUM> (<DATUM> ## #) dagen (###) Er is niet In de preterme periode is de termijn van grote invloed op het te voeren beleid daar de neonatale uitkomsten zeer verschillend zijn bij verschillende termijnen De verrichte <PERSOON> et al hebben geprobeerd de optimale timing van bevalling te berekenen in een simulatiecohort van ## ### zwangeren met een FGR ((p##) en een afwijkende AUmb tussen de ## en ## weken Het optimum tussen het risico op IUVD, neonatale sterfte en cerebrale parese lag De GRIT-studie laat dus zien dat bij preterme FGR tussen de ## - ## weken enige verlenging van de zwangerschap (# dagen) kan worden nagestreefd, ook bij afwijkende Dopplers Dit beleid gaat gepaard met een iets afgenomen kans op een sectio caesarea (##% vs ##%) en het Het is aannemelijk dat bij preterme FGR (##-## weken) met of zonder Doppler-afwijkingen een expectatief beleid kan worden gevoerd indien er goede foetale bewaking is Welke preventieve maatregelen zijn zinvol bij een hoog risico op FGR? Er zijn verschillende preventieve maatregelen geprobeerd Er zijn geen aanwijzingen dat.
| 761 | nvog |
##-## Voor deze vraag is gekeken naar de GRIT-studie Partus vond meestal plaats via sectio <DATUM> Onder de ## weken zwangerschapsduur bedroeg dit ##% vs ##% en boven de <DATUM> #) dagen tot de geboorte Bij randomisatie onder de ## weken was dit # # (# #â<DATUM> vs <DATUM> (<DATUM> # #) dagen, boven de ## weken # # (# #â<DATUM> vs <DATUM> (<DATUM> ## #) dagen (###) Er is niet In de preterme periode is de termijn van grote invloed op het te voeren beleid daar de neonatale uitkomsten zeer verschillend zijn bij verschillende termijnen De verrichte <PERSOON> et al hebben geprobeerd de optimale timing van bevalling te berekenen in een simulatiecohort van ## ### zwangeren met een FGR ((p##) en een afwijkende AUmb tussen de ## en ## weken Het optimum tussen het risico op IUVD, neonatale sterfte en cerebrale parese lag De GRIT-studie laat dus zien dat bij preterme FGR tussen de ## - ## weken enige verlenging van de zwangerschap (# dagen) kan worden nagestreefd, ook bij afwijkende Dopplers Dit beleid gaat gepaard met een iets afgenomen kans op een sectio caesarea (##% vs ##%) en het Het is aannemelijk dat bij preterme FGR (##-## weken) met of zonder Doppler-afwijkingen een expectatief beleid kan worden gevoerd indien er goede foetale bewaking is Welke preventieve maatregelen zijn zinvol bij een hoog risico op FGR? Er zijn verschillende preventieve maatregelen geprobeerd Er zijn geen aanwijzingen dat mogelijke schadelijke effecten zijn (###) Vermijding van toxische stoffen en stoppen met roken zijn belangrijke preventieve maatregelen De geboortegewichten van kinderen van vrouwen die het roken vroeg in de zwangerschap hebben gestaakt, zijn niet verschillend van die van kinderen van vrouwen die nooit hebben gerookt of al voor de zwangerschap zijn gestopt Dit geldt ook voor drugs en een overconsumptie van alcohol Indien FGR samenhangt met placentaire insufficiënte wordt al langere tijd acetylsalicylzuur (ASA) als preventieve behandeling voorgeschreven Het gaat dus niet om vrouwen bij wie al een groeirestrictie is vastgesteld Alleen ASA is overtuigend onderzocht en wordt daarom besproken Indien de FGR niet berust op placentaire insufficiënte is ASA niet aangewezen Gezien de relatie tussen hypertensieve aandoeningen en FGR zijn de onderzoeken die gedaan Kan gebruik van ASA (vroeg) in de zwangerschap FGR of neonatale morbiditeit en In de database Medline (OVID) is met relevante zoektermen (- Mesh Fetal growth / intra uterine growth + retardation / restriction + aspirine / acetyl salicylic acid --) English, humans) gezocht naar systematische reviews of meta-analyses, gerandomiseerde gecontroleerde studies of ander vergelijkend onderzoek Op basis van deze search waren er vier meta-analyses, In tabel # staan de gegevens van twee meta-analyses; verschenen in ### (###) en ### (###) De eerste meta-analyse includeerde vier studies met ASA, gestart onder de ## weken, en negen studies welke ASA daarna startten De twee meta-analyses includeerden respectievelijk negen en ## studies met ASA gestart onder en boven de ## weken.
| 678 | nvog |
mogelijke schadelijke effecten zijn (###) Vermijding van toxische stoffen en stoppen met roken zijn belangrijke preventieve maatregelen De geboortegewichten van kinderen van vrouwen die het roken vroeg in de zwangerschap hebben gestaakt, zijn niet verschillend van die van kinderen van vrouwen die nooit hebben gerookt of al voor de zwangerschap zijn gestopt Dit geldt ook voor drugs en een overconsumptie van alcohol Indien FGR samenhangt met placentaire insufficiënte wordt al langere tijd acetylsalicylzuur (ASA) als preventieve behandeling voorgeschreven Het gaat dus niet om vrouwen bij wie al een groeirestrictie is vastgesteld Alleen ASA is overtuigend onderzocht en wordt daarom besproken Indien de FGR niet berust op placentaire insufficiënte is ASA niet aangewezen Gezien de relatie tussen hypertensieve aandoeningen en FGR zijn de onderzoeken die gedaan Kan gebruik van ASA (vroeg) in de zwangerschap FGR of neonatale morbiditeit en In de database Medline (OVID) is met relevante zoektermen (- Mesh Fetal growth / intra uterine growth + retardation / restriction + aspirine / acetyl salicylic acid --) English, humans) gezocht naar systematische reviews of meta-analyses, gerandomiseerde gecontroleerde studies of ander vergelijkend onderzoek Op basis van deze search waren er vier meta-analyses, In tabel # staan de gegevens van twee meta-analyses; verschenen in ### (###) en ### (###) De eerste meta-analyse includeerde vier studies met ASA, gestart onder de ## weken, en negen studies welke ASA daarna startten De twee meta-analyses includeerden respectievelijk negen en ## studies met ASA gestart onder en boven de ## weken Beide analyses tonen een preventief effect van ASA indien deze gegeven wordt aan hoogrisicovrouwen en er vroeg (voor een termijn van ## weken) in de graviditeit gestart wordt met een OR # ## (# ## - # ##) op FGR in de analyse van Leitich en RR # ## (# # # ##) in de analyse van Bujold (behandeld #% FGR vs ##,#% bij controles) Na de laatste Wat als hoog risico gedefinieerd werd wisselde per studie waarbij de volgende risicogroepen werden geïncludeerd chronische hypertensie, nierziekten, diabetes, primigraviditeit, gemelli graviditeit, voorgeschiedenis met pre-eclampsie, HELLP, FGR of IUVD Deze al of niet in combinatie met een abnormale Doppler van de a uterina Een derde meta-analyse heeft alleen zwangere vrouwen geïncludeerd met een afwijkende Doppler in de a uterina (###) Ook deze studie deelde de patiënten in afhankelijk van de termijn waarbij ASA werd gestart Deze meta-analyse includeerde acht studies (ASA (## weken twee studies, ASA ##-## weken één studie en ASA gestart na ## weken vijf studies), met in totaal <DATUM> deelnemers Deze toonde een gunstig effect van ASA aan in de vroege groep (RR #,## (#,##-#,##), p #,##) zonder effecten in de overige twee groepen (#,## (#,###,##) en #,## (#,#<DATUM> ##) resp) Er zijn geen studies die verschillende risicofactoren Leitich heeft ook neonatale mortaliteit meegenomen Dit was niet verschillend tussen de Heeft gebruik van ASA in de zwangerschap bijwerkingen of invloed op de zwangerschapsuitkomst?.
| 688 | nvog |
Beide analyses tonen een preventief effect van ASA indien deze gegeven wordt aan hoogrisicovrouwen en er vroeg (voor een termijn van ## weken) in de graviditeit gestart wordt met een OR # ## (# ## - # ##) op FGR in de analyse van Leitich en RR # ## (# # # ##) in de analyse van Bujold (behandeld #% FGR vs ##,#% bij controles) Na de laatste Wat als hoog risico gedefinieerd werd wisselde per studie waarbij de volgende risicogroepen werden geïncludeerd chronische hypertensie, nierziekten, diabetes, primigraviditeit, gemelli graviditeit, voorgeschiedenis met pre-eclampsie, HELLP, FGR of IUVD Deze al of niet in combinatie met een abnormale Doppler van de a uterina Een derde meta-analyse heeft alleen zwangere vrouwen geïncludeerd met een afwijkende Doppler in de a uterina (###) Ook deze studie deelde de patiënten in afhankelijk van de termijn waarbij ASA werd gestart Deze meta-analyse includeerde acht studies (ASA (## weken twee studies, ASA ##-## weken één studie en ASA gestart na ## weken vijf studies), met in totaal <DATUM> deelnemers Deze toonde een gunstig effect van ASA aan in de vroege groep (RR #,## (#,##-#,##), p #,##) zonder effecten in de overige twee groepen (#,## (#,###,##) en #,## (#,#<DATUM> ##) resp) Er zijn geen studies die verschillende risicofactoren Leitich heeft ook neonatale mortaliteit meegenomen Dit was niet verschillend tussen de Heeft gebruik van ASA in de zwangerschap bijwerkingen of invloed op de zwangerschapsuitkomst? kans op pre-eclampsie voor de zwangere Indien ASA voor ## weken zwangerschap gestart wordt, toonde Bujold een reductie van pre-eclampsie van ##,#% (controle) naar #,#% (RR # ##, ##% CI # ##â# ##) (###) De groep geselecteerd op basis van de afwijkende a uterina met ASA onder de ## weken had minder hypertensie (RR # ##; ##% CI # ## - # ##), preeclampsie (RR # ## (##% CI # ## - # ##) en ernstige pre-eclampsie (RR # ##; ##% CI # ## # ##) (###) Er is geen onderzoek gedaan naar de bijwerkingen van gebruik van ASA Op basis van de literatuur is niet aan te geven bij welke risicofactoren ASA geïndiceerd is In tabel # staat aangegeven wat de OR is bij verschillende risicofactoren Dit kan als leidraad dienen bij de afweging voor het starten van ASA Over het algemeen wordt ASA geadviseerd tot ## weken zwangerschap Het is aangetoond dat indien een patiënte een hoog risico heeft op het ontstaan van FGR op basis van placentaire insufficiënte ASA een gunstig effect lijkt te hebben in de preventie hiervan indien deze gestart is voor een zwangerschapsduur van ## weken Op basis van de literatuur is niet aan te geven welke risicofactoren hiervoor het best gebruikt kunnen worden Hoe kan foetale bewaking bij vermoeden van FGR Voor foetale bewaking kan men van een combinatie van alle eerder genoemde technieken + fetal surveillance --) English, humans) gezocht naar systematische reviews of metaanalyses, gerandomiseerde gecontroleerde studies of ander vergelijkend onderzoek Op basis.
| 746 | nvog |
ASA voor ## weken zwangerschap gestart wordt, toonde Bujold een reductie van pre-eclampsie van ##,#% (controle) naar #,#% (RR # ##, ##% CI # ##â# ##) (###) De groep geselecteerd op basis van de afwijkende a uterina met ASA onder de ## weken had minder hypertensie (RR # ##; ##% CI # ## - # ##), preeclampsie (RR # ## (##% CI # ## - # ##) en ernstige pre-eclampsie (RR # ##; ##% CI # ## # ##) (###) Er is geen onderzoek gedaan naar de bijwerkingen van gebruik van ASA Op basis van de literatuur is niet aan te geven bij welke risicofactoren ASA geïndiceerd is In tabel # staat aangegeven wat de OR is bij verschillende risicofactoren Dit kan als leidraad dienen bij de afweging voor het starten van ASA Over het algemeen wordt ASA geadviseerd tot ## weken zwangerschap Het is aangetoond dat indien een patiënte een hoog risico heeft op het ontstaan van FGR op basis van placentaire insufficiënte ASA een gunstig effect lijkt te hebben in de preventie hiervan indien deze gestart is voor een zwangerschapsduur van ## weken Op basis van de literatuur is niet aan te geven welke risicofactoren hiervoor het best gebruikt kunnen worden Hoe kan foetale bewaking bij vermoeden van FGR Voor foetale bewaking kan men van een combinatie van alle eerder genoemde technieken + fetal surveillance --) English, humans) gezocht naar systematische reviews of metaanalyses, gerandomiseerde gecontroleerde studies of ander vergelijkend onderzoek Op basis Ten slotte zijn De enige systematic review includeerde maar één studie (Mc Cowan (###)), die alleen CTGbewaking bekeek (zie bij deelvraag CTG) Als CTG en DV afwijkend zijn, is de perinatale mortaliteit verhoogd (##% vs #%) (###) Er zijn twee studies geweest die Doppler-onderzoek van de AUmb vergeleken met CTGonderzoek Hierbij werden Dopplers één- of tweewekelijks uitgevoerd en CTG ofwel termineren was niet duidelijk omschreven Beide studies hebben een klein aantal inclusies en Bij <PERSOON> was de opnameduur korter in de Doppler-groep (<DATUM> dag vs #,# dag, p = #,###) maar zonder verschil in inleidingen, sectio caesareas of NICU-opnames Het biofysisch profiel (combinatie CTG, schatting van de hoeveelheid vruchtwater, foetale bewegingen, tonus en ademhalingsbewegingen) werd door sommigen aanbevolen als een betere bewakingstechniek dan CTG alleen (###) Gerandomiseerde vergelijking van het biofysisch profiel met andere methoden van foetale bewaking bij hoogrisicozwangerschappen liet geen Er is geen goede evidence over wanneer (frequentie) welke techniek toegepast dient te tweemaal per week CTG te verrichten (###) In de TRUFFLE studie was dit in ieder geval eenmaal per week en verder vrij in te vullen afhankelijk van lokaal beleid (###) In figuur # staat een praktische handreiking over hoe foetale bewaking kan worden toegepast bij vermoeden van FGR Deze figuur is primair gebaseerd op de uitgangsvragen, conclusies en aanbevelingen van deze richtlijn Gezien de (ontwikkelingen in de) organisatie van geboortezorg in <LOCATIE> en bij gebrek aan bewijsvoering met hoge evidence levels, wordt.
| 691 | nvog |
Ten slotte zijn De enige systematic review includeerde maar één studie (Mc Cowan (###)), die alleen CTGbewaking bekeek (zie bij deelvraag CTG) Als CTG en DV afwijkend zijn, is de perinatale mortaliteit verhoogd (##% vs #%) (###) Er zijn twee studies geweest die Doppler-onderzoek van de AUmb vergeleken met CTGonderzoek Hierbij werden Dopplers één- of tweewekelijks uitgevoerd en CTG ofwel termineren was niet duidelijk omschreven Beide studies hebben een klein aantal inclusies en Bij <PERSOON> was de opnameduur korter in de Doppler-groep (<DATUM> dag vs #,# dag, p = #,###) maar zonder verschil in inleidingen, sectio caesareas of NICU-opnames Het biofysisch profiel (combinatie CTG, schatting van de hoeveelheid vruchtwater, foetale bewegingen, tonus en ademhalingsbewegingen) werd door sommigen aanbevolen als een betere bewakingstechniek dan CTG alleen (###) Gerandomiseerde vergelijking van het biofysisch profiel met andere methoden van foetale bewaking bij hoogrisicozwangerschappen liet geen Er is geen goede evidence over wanneer (frequentie) welke techniek toegepast dient te tweemaal per week CTG te verrichten (###) In de TRUFFLE studie was dit in ieder geval eenmaal per week en verder vrij in te vullen afhankelijk van lokaal beleid (###) In figuur # staat een praktische handreiking over hoe foetale bewaking kan worden toegepast bij vermoeden van FGR Deze figuur is primair gebaseerd op de uitgangsvragen, conclusies en aanbevelingen van deze richtlijn Gezien de (ontwikkelingen in de) organisatie van geboortezorg in <LOCATIE> en bij gebrek aan bewijsvoering met hoge evidence levels, wordt Op verschillende punten in deze richtlijn is het zo dat er momenteel onvoldoende bewijs is Er is niet een in de Nederlandse situatie geteste geboortegewichtcurve o b v foetale echoscopiemeting aanwezig Het testen moet bepalen of de hierin geïdentificeerde FGRneonaten ook een grotere kans hebben op perinatale morbiditeit/mortaliteit Momenteel is er een PRN-werkgroep die probeert dit kennishiaat op te vullen In deze werkgroep zijn naast de Over de frequentie en indicatie van CTG-bewaking is geen (goed) onderzoek beschikbaar Daarmee kan nog geen evidence based onderbouwde praktische handleiding gegeven worden Waar met name nog behoefte aan is, is meer duidelijkheid m b t tot de volgende PICOâs P zwangeren met verdenking FGR (EFW/AC (p##) met AUmb AREDF Het effect van corticosteroïden onder de ## weken in de algemene populatie is goed onderzocht Specifiek bij FGR zijn er nog geen RCTâs uitgevoerd en geeft de aanwezige P groei (p## (AC/EFW) onder ## weken, met AUmb afwijkend <PERSOON> K, et al Prepregnancy risk factors of small-for-gestational age births among parous women in <PERSOON> of <PERSOON> GJ, Bleker OP Effectiveness of detection of intrauterine growth retardation by abdominal palpation as screening test in a low risk population an observational study <PERSOON> investigation and management of the small-for-gestational-age fetus.
| 589 | nvog |
het zo dat er momenteel onvoldoende bewijs is Er is niet een in de Nederlandse situatie geteste geboortegewichtcurve o b v foetale echoscopiemeting aanwezig Het testen moet bepalen of de hierin geïdentificeerde FGRneonaten ook een grotere kans hebben op perinatale morbiditeit/mortaliteit Momenteel is er een PRN-werkgroep die probeert dit kennishiaat op te vullen In deze werkgroep zijn naast de Over de frequentie en indicatie van CTG-bewaking is geen (goed) onderzoek beschikbaar Daarmee kan nog geen evidence based onderbouwde praktische handleiding gegeven worden Waar met name nog behoefte aan is, is meer duidelijkheid m b t tot de volgende PICOâs P zwangeren met verdenking FGR (EFW/AC (p##) met AUmb AREDF Het effect van corticosteroïden onder de ## weken in de algemene populatie is goed onderzocht Specifiek bij FGR zijn er nog geen RCTâs uitgevoerd en geeft de aanwezige P groei (p## (AC/EFW) onder ## weken, met AUmb afwijkend <PERSOON> K, et al Prepregnancy risk factors of small-for-gestational age births among parous women in <PERSOON> of <PERSOON> GJ, Bleker OP Effectiveness of detection of intrauterine growth retardation by abdominal palpation as screening test in a low risk population an observational study <PERSOON> investigation and management of the small-for-gestational-age fetus Diagnosis of intrauterine growth retardation by a simple clinical method measurement of uterine height Am J intrauterine growth retardation <PERSOON> for light-for-gestational age infants a <PERSOON> of size of infants at birth by measurement of symphysis fundus height Br J <PERSOON> J, <PERSOON> fundal height (SFH) measurement in pregnancy for detecting abnormal fetal growth <PERSOON> J, <PERSOON-##> trial of fundal height measurement plotted on customised antenatal growth charts <PERSOON-##> of <PERSOON-##> bulletin no ### fetal growth <PERSOON-##> in the West Midlands ### update <PERSOON-##> plotting on customised fundal height charts results in doubling of the antenatal detection of small for gestational age fetuses in nulliparous women <PERSOON-##> Australian & New Zealand journal <PERSOON-##> S, <PERSOON-##> L, <PERSOON-##> between reduced stillbirth rates in England and regional uptake of accreditation training in customised Carberry AE, <PERSOON-##> CH, <PERSOON-##> HE.
| 490 | nvog |
retardation by a simple clinical method measurement of uterine height Am J intrauterine growth retardation <PERSOON> for light-for-gestational age infants a <PERSOON> of size of infants at birth by measurement of symphysis fundus height Br J <PERSOON> J, <PERSOON> fundal height (SFH) measurement in pregnancy for detecting abnormal fetal growth <PERSOON> J, <PERSOON> trial of fundal height measurement plotted on customised antenatal growth charts <PERSOON> of <PERSOON> bulletin no ### fetal growth <PERSOON> in the West Midlands ### update <PERSOON-##> plotting on customised fundal height charts results in doubling of the antenatal detection of small for gestational age fetuses in nulliparous women <PERSOON-##> Australian & New Zealand journal <PERSOON-##> S, <PERSOON-##> L, <PERSOON-##> between reduced stillbirth rates in England and regional uptake of accreditation training in customised Carberry AE, <PERSOON-##> CH, <PERSOON-##> HE small for gestational age infants in low-risk pregnant women <PERSOON-##> NA, Bukowski R, <PERSOON-##> AM, Robinson JN Identification of pathologically small fetuses using customized, ultrasound, and population- based growth norms <PERSOON-##> RW, Cnattingius S, <PERSOON-##> use of customised versus population-based birthweight standards in predicting perinatal mortality BJOG Dudley NJ A systematic review of the ultrasound estimation of fetal weight Hadlock FP, Harrist RB, Sharman RS, Deter RL, Park SK Estimation of fetal weight with the use of head, body, and femur measurements--a prospective study <PERSOON-##> L, et al Accuracy of different equations for estimating fetal weight <PERSOON-##> J, <PERSOON-##> of the accuracy of single center Journal of ultrasound in medicine official journal of the <PERSOON-##> A, et al New charts for ultrasound dating of pregnancy and assessment of fetal growth longitudinal data from a population-based cohort study <PERSOON-##> HA, et al Individually customised fetal weight charts derived from ultrasound measurements the <PERSOON-##> journal of epidemiology ###;##(##) ###-## Epub.
| 485 | nvog |
<PERSOON> NA, Bukowski R, <PERSOON> AM, Robinson JN Identification of pathologically small fetuses using customized, ultrasound, and population- based growth norms <PERSOON> RW, Cnattingius S, <PERSOON> use of customised versus population-based birthweight standards in predicting perinatal mortality BJOG Dudley NJ A systematic review of the ultrasound estimation of fetal weight Hadlock FP, Harrist RB, Sharman RS, Deter RL, Park SK Estimation of fetal weight with the use of head, body, and femur measurements--a prospective study <PERSOON> L, et al Accuracy of different equations for estimating fetal weight <PERSOON> J, <PERSOON> of the accuracy of single center Journal of ultrasound in medicine official journal of the <PERSOON> A, et al New charts for ultrasound dating of pregnancy and assessment of fetal growth longitudinal data from a population-based cohort study <PERSOON> HA, et al Individually customised fetal weight charts derived from ultrasound measurements the <PERSOON-##> journal of epidemiology ###;##(##) ###-## <PERSOON-##> likeness of fetal growth and newborn size across non-isolated populations in the INTERGROWTH-##st Project the Fetal Growth Longitudinal Study and <PERSOON-##> lancet Diabetes & endocrinology ###;#(##) ###-## <PERSOON-##> L, <PERSOON-##> A, et al International standards for fetal growth based on serial ultrasound measurements the Fetal Growth Longitudinal Study of the INTERGROWTH-##st <PERSOON-##> RK Factors affecting prenatal sonographic estimation of weight in extremely low birthweight infants Journal of ultrasound in medicine official journal of the American Institute of Ultrasound in Predanic M, Cho A, <PERSOON-##> estimation of fetal weight acquiring accuracy in residency Journal of ultrasound in medicine official journal of the American Institute of Ultrasound in <PERSOON-##> TC, Robson SC, <PERSOON-##> JA, <PERSOON-##> fetal weight estimation analysis of inter- and intra-observer variability Journal of clinical ultrasound JCU Vugt JMGv Echoscopie in de verloskunde en gynaecologie ### <PERSOON-##> NW, Magann EF, <PERSOON-##> JC, <PERSOON-##> SP, Devoe LD Limitations of clinical and sonographic estimates of birth weight experience with <PERSOON-##> of small-for-gestational-age <PERSOON-##> JJ Routine ultrasound in late pregnancy (after ## weeks' <PERSOON-##> GC Screening for fetal growth.
| 554 | nvog |
INTERGROWTH-##st Project the Fetal Growth Longitudinal Study and <PERSOON> lancet Diabetes & endocrinology ###;#(##) ###-## <PERSOON> L, <PERSOON> A, et al International standards for fetal growth based on serial ultrasound measurements the Fetal Growth Longitudinal Study of the INTERGROWTH-##st <PERSOON> RK Factors affecting prenatal sonographic estimation of weight in extremely low birthweight infants Journal of ultrasound in medicine official journal of the American Institute of Ultrasound in Predanic M, Cho A, <PERSOON> estimation of fetal weight acquiring accuracy in residency Journal of ultrasound in medicine official journal of the American Institute of Ultrasound in <PERSOON> TC, Robson SC, <PERSOON> JA, <PERSOON> fetal weight estimation analysis of inter- and intra-observer variability Journal of clinical ultrasound JCU Vugt JMGv Echoscopie in de verloskunde en gynaecologie ### <PERSOON> NW, Magann EF, <PERSOON-##> JC, <PERSOON-##> SP, Devoe LD Limitations of clinical and sonographic estimates of birth weight experience with <PERSOON-##> of small-for-gestational-age <PERSOON-##> JJ Routine ultrasound in late pregnancy (after ## weeks' <PERSOON-##> GC Screening for fetal growth Pregnancy Outcome Prediction (POP) study a prospective cohort study Lancet College Perinatale Zorg <PERSOON-##> versie <DATUM> Verloskd Gynaecol ###;##(#) ###-## Epub ###<DATUM> Over intra-uteriene groei en PRN Perinatale Registratie <LOCATIE>, data-analyse november ### uit <PERSOON-##> A <PERSOON-##> adjustable fetal weight standard <PERSOON-##> HP Application of a customised birthweight standard in the assessment of perinatal outcome in a high risk <PERSOON-##> B, <PERSOON-##> value of customised centiles in assessing perinatal mortality risk associated with parity and maternal size <PERSOON-##> MV, Vayssiere C, et al Customized versus population-based birth weight standards for identifying growth Gardosi J, <PERSOON-##> pregnancy outcome and association with small for <PERSOON-##> E, et al Customised birthweight standards accurately predict perinatal morbidity <PERSOON-##> J, <PERSOON-##> outcome in SGA births <PERSOON-##> PH, et al <PERSOON-##> JM, Karsdorp VH, van <PERSOON-##> HP Fetal growth retardation and structural anomalies <PERSOON-##> for the Detection of Neonatal Growth and Perinatal Morbidity in a Cross-Sectional Study of Term Neonates.
| 571 | nvog |
prospective cohort study Lancet College Perinatale Zorg <PERSOON> versie <DATUM> Verloskd Gynaecol ###;##(#) ###-## Epub ###<DATUM> Over intra-uteriene groei en PRN Perinatale Registratie <LOCATIE>, data-analyse november ### uit <PERSOON> A <PERSOON> adjustable fetal weight standard <PERSOON> HP Application of a customised birthweight standard in the assessment of perinatal outcome in a high risk <PERSOON> B, <PERSOON> value of customised centiles in assessing perinatal mortality risk associated with parity and maternal size <PERSOON> MV, Vayssiere C, et al Customized versus population-based birth weight standards for identifying growth Gardosi J, <PERSOON> pregnancy outcome and association with small for <PERSOON> E, et al Customised birthweight standards accurately predict perinatal morbidity <PERSOON-##> J, <PERSOON-##> outcome in SGA births <PERSOON-##> PH, et al <PERSOON-##> JM, Karsdorp VH, van <PERSOON-##> HP Fetal growth retardation and structural anomalies <PERSOON-##> for the Detection of Neonatal Growth and Perinatal Morbidity in a Cross-Sectional Study of Term Neonates Costantine MM, <PERSOON-##> SL, Spong CY, Varner <PERSOON-##> DJ, et al Population versus customized fetal growth norms and adverse outcomes in an <PERSOON-##> KK, North RA, McCowan LM Small-for-gestational-age infants classified by customized or population birthweight centiles impact of gestational age Ding G, <PERSOON-##> of A global reference for fetal-weight and birthweight percentiles in predicting infant mortality Hutcheon JA, <PERSOON-##> RW Assessing the value of customized birth weight Odibo AO, Cahill AG, Goetzinger KR, Harper LM, Tuuli MG, Macones GA Customized growth charts for twin gestations to optimize identification of small-forgestational age fetuses at risk of intrauterine fetal death <PERSOON-##> Rv Neonatale gewichtscurven beschrijving versus norm Perinatale Registratie <LOCATIE> grote <PERSOON-##> K, et al Definition and management of fetal growth restriction a survey of contemporary attitudes <PERSOON-##> RA, <PERSOON-##> risk of intrauterine fetal death in the small-for-gestational-age fetus <PERSOON-##> CL, <PERSOON-##> fetal weight limits for antenatal detection of fetal growth restriction Ultrasound Obstet Gynecol al Optimizing the definition of intrauterine growth restriction.
| 519 | nvog |
Costantine MM, <PERSOON> SL, Spong CY, Varner <PERSOON> DJ, et al Population versus customized fetal growth norms and adverse outcomes in an <PERSOON> KK, North RA, McCowan LM Small-for-gestational-age infants classified by customized or population birthweight centiles impact of gestational age Ding G, <PERSOON> of A global reference for fetal-weight and birthweight percentiles in predicting infant mortality Hutcheon JA, <PERSOON> RW Assessing the value of customized birth weight Odibo AO, Cahill AG, Goetzinger KR, Harper LM, Tuuli MG, Macones GA Customized growth charts for twin gestations to optimize identification of small-forgestational age fetuses at risk of intrauterine fetal death <PERSOON> Rv Neonatale gewichtscurven beschrijving versus norm Perinatale Registratie <LOCATIE> grote <PERSOON> K, et al Definition and management of fetal growth restriction a survey of contemporary attitudes <PERSOON> RA, <PERSOON> risk of intrauterine fetal death in the small-for-gestational-age fetus <PERSOON-##> CL, <PERSOON-##> fetal weight limits for antenatal detection of fetal growth restriction Ultrasound Obstet Gynecol al Optimizing the definition of intrauterine growth restriction <PERSOON-##> SA, Pell JP Obstetric factors and different causes of special educational need retrospective cohort study of ###,### studie <PERSOON-##> #e lijn controleconditie (WEBLINK) ### <PERSOON-##> <INSTELLING>, Baker PN, et al Consensus definition for placental fetal growth restriction a Delphi procedure <PERSOON-##> CM, McElrath TF, Scholl TO Nutrition in adolescent pregnancy Curr Opin <PERSOON-##> G, et al Serum screening with Down's syndrome markers to predict pre-eclampsia and small for gestational age systematic review and meta-analysis BMC pregnancy and <PERSOON-##> biomarkers for <PERSOON-##> CM, Nicolaides KH Fetal growth retardation <PERSOON-##> V Non-placental causes of intrauterine growth restriction Khoury MJ, Erickson JD, Cordero JF, McCarthy BJ Congenital malformations and intrauterine growth retardation a population study <PERSOON-##> growth restriction and congenital malformations a retrospective epidemiological study <PERSOON-##> AE, et al Association between congenital toxoplasmosis and preterm birth, low birthweight and small for gestational age birth BJOG ###;###(#) <DATUM> Epub ##<DATUM> ##.
| 509 | nvog |
<PERSOON> SA, Pell JP Obstetric factors and different causes of special educational need retrospective cohort study of ###,### studie <PERSOON> #e lijn controleconditie (WEBLINK) ### <PERSOON> <INSTELLING>, Baker PN, et al Consensus definition for placental fetal growth restriction a Delphi procedure <PERSOON> CM, McElrath TF, Scholl TO Nutrition in adolescent pregnancy Curr Opin <PERSOON> G, et al Serum screening with Down's syndrome markers to predict pre-eclampsia and small for gestational age systematic review and meta-analysis BMC pregnancy and <PERSOON> biomarkers for <PERSOON> CM, Nicolaides KH Fetal growth retardation <PERSOON> V Non-placental causes of intrauterine growth restriction Khoury MJ, Erickson JD, Cordero JF, McCarthy BJ Congenital malformations and intrauterine growth retardation a population study <PERSOON> growth restriction and congenital malformations a retrospective epidemiological study <PERSOON-##> AE, et al Association between congenital toxoplasmosis and preterm birth, low birthweight and small for gestational age birth BJOG ###;###(#) <DATUM> Epub ##<DATUM> Significance of maternal screening for toxoplasmosis, rubella, cytomegalovirus and herpes simplex virus infection in cases of fetal growth restriction <PERSOON-##> journal of <PERSOON-##> M, et al Is routine TORCH screening and urine CMV culture warranted in small for gestational age neonates? Early Hum Dev ###;##(#) #<DATUM> Epub ##<DATUM> Stagno S, <PERSOON-##> infections In <PERSOON-##> J, <PERSOON-##> C, editors Infectieous diseases of the fetus and newborn infant Philadelphia Rivera LB, Boppana SB, Fowler KB, <PERSOON-##> RF Predictors of hearing loss in children with symptomatic congenital cytomegalovirus infection <PERSOON-##> E, et al ISUOG practice guidelines use of Doppler ultrasonography in obstetrics Ultrasound Nabhan AF, Abdelmoula YA Amniotic fluid index versus single deepest vertical pocket a meta-analysis of randomized controlled trials <PERSOON-##> EF, Chauhan SP, Barrilleaux PS, Whitworth NS, <PERSOON-##> JN Amniotic fluid index and single deepest pocket weak indicators of abnormal amniotic volumes Chauhan SP, Magann EF, Dohrety DA, Ennen CS, Niederhauser A, <PERSOON-##> JC Prediction of small for gestational age newborns using ultrasound estimated and actual amniotic fluid volume published data revisited <PERSOON-##> tests other than cardiotocography for fetal assessment during labour Cochrane Database Syst Rev.
| 551 | nvog |
herpes simplex virus infection in cases of fetal growth restriction <PERSOON> journal of <PERSOON> M, et al Is routine TORCH screening and urine CMV culture warranted in small for gestational age neonates? Early Hum Dev ###;##(#) #<DATUM> Epub ##<DATUM> Stagno S, <PERSOON> infections In <PERSOON> J, <PERSOON> C, editors Infectieous diseases of the fetus and newborn infant Philadelphia Rivera LB, Boppana SB, Fowler KB, <PERSOON> RF Predictors of hearing loss in children with symptomatic congenital cytomegalovirus infection <PERSOON> E, et al ISUOG practice guidelines use of Doppler ultrasonography in obstetrics Ultrasound Nabhan AF, Abdelmoula YA Amniotic fluid index versus single deepest vertical pocket a meta-analysis of randomized controlled trials <PERSOON> EF, Chauhan SP, Barrilleaux PS, Whitworth NS, <PERSOON> JN Amniotic fluid index and single deepest pocket weak indicators of abnormal amniotic volumes Chauhan SP, Magann EF, Dohrety DA, Ennen CS, Niederhauser A, <PERSOON-##> JC Prediction of small for gestational age newborns using ultrasound estimated and actual amniotic fluid volume published data revisited <PERSOON-##> tests other than cardiotocography for fetal assessment during labour Cochrane Database Syst Rev Intrauterine growth restriction and oligohydramnios among high-risk patients <PERSOON-##> and umbilical Doppler ultrasound in normal pregnancy <PERSOON-##> GM Fetal and umbilical Doppler ultrasound in highrisk pregnancies Cochrane Database Syst Rev ###;## CD### Epub ##<DATUM> <PERSOON-##> RK, <PERSOON-##> KS Fetal umbilical al Predictable progressive Doppler deterioration in IUGR does it really exist? <PERSOON-##> <INSTELLING> A comparison of Doppler and biophysical findings between liveborn and stillborn <PERSOON-##> CP, <PERSOON-##> CR Relationship between arterial and venous Doppler and perinatal outcome in fetal growth restriction <PERSOON-##> KS Systematic review and metaanalysis of middle cerebral artery Doppler to predict perinatal wellbeing <PERSOON-##> brain Doppler to predict cesarean delivery for nonreassuring fetal status in term small-forgestational-age fetuses <PERSOON-##> HA Intra-observer and inter-observer reliability of the pulsatility index calculated from pulsed Doppler flow velocity waveforms in three fetal vessels <PERSOON-##> al.
| 499 | nvog |
growth restriction and oligohydramnios among high-risk patients <PERSOON> and umbilical Doppler ultrasound in normal pregnancy <PERSOON> GM Fetal and umbilical Doppler ultrasound in highrisk pregnancies Cochrane Database Syst Rev ###;## CD### Epub ##<DATUM> <PERSOON> RK, <PERSOON> KS Fetal umbilical al Predictable progressive Doppler deterioration in IUGR does it really exist? <PERSOON> <INSTELLING> A comparison of Doppler and biophysical findings between liveborn and stillborn <PERSOON> CP, <PERSOON> CR Relationship between arterial and venous Doppler and perinatal outcome in fetal growth restriction <PERSOON> KS Systematic review and metaanalysis of middle cerebral artery Doppler to predict perinatal wellbeing <PERSOON> brain Doppler to predict cesarean delivery for nonreassuring fetal status in term small-forgestational-age fetuses <PERSOON-##> HA Intra-observer and inter-observer reliability of the pulsatility index calculated from pulsed Doppler flow velocity waveforms in three fetal vessels <PERSOON-##> al outcome and neonatal neurobehavior in term small-for-gestational-age fetuses with normal umbilical artery Doppler Ultrasound Obstet Gynecol ###;##(#) ###-## effect antenatal cerebral Doppler findings in relation to neurologic outcome in very <PERSOON-##> MP, Kennelly MM, McAuliffe FM, et al <PERSOON-##> role of brain sparing in the prediction of adverse outcomes in intrauterine growth restriction results of the multicenter <PERSOON-##> JB, et al Perinatal morbidity and mortality in early-onset fetal growth restriction cohort outcomes of the trial of randomized umbilical and fetal flow in Europe (TRUFFLE) <PERSOON-##> adverse perinatal complications in preterm growth-restricted fetuses <PERSOON-##> Australian & New Zealand journal of obstetrics & gynaecology ###;##(#) #<DATUM> <PERSOON-##> CM, Brezinka C, et al # year neurodevelopmental and intermediate perinatal outcomes in infants with very preterm fetal growth restriction (TRUFFLE) a randomised trial <PERSOON-##> versus intermittent auscultation of fetal heart on admission to labour ward for assessment of fetal wellbeing Cochrane Database Syst Rev ###;# CD### Epub ##<DATUM> <PERSOON-##> AM, <PERSOON-##> J, O'<PERSOON-##> antepartum cardiotocography in the management of the fetus suspected of growth retardation BJOG ###;### Suppl.
| 516 | nvog |
with normal umbilical artery Doppler Ultrasound Obstet Gynecol ###;##(#) ###-## effect antenatal cerebral Doppler findings in relation to neurologic outcome in very <PERSOON> MP, Kennelly MM, McAuliffe FM, et al <PERSOON> role of brain sparing in the prediction of adverse outcomes in intrauterine growth restriction results of the multicenter <PERSOON> JB, et al Perinatal morbidity and mortality in early-onset fetal growth restriction cohort outcomes of the trial of randomized umbilical and fetal flow in Europe (TRUFFLE) <PERSOON> adverse perinatal complications in preterm growth-restricted fetuses <PERSOON> Australian & New Zealand journal of obstetrics & gynaecology ###;##(#) #<DATUM> <PERSOON> CM, Brezinka C, et al # year neurodevelopmental and intermediate perinatal outcomes in infants with very preterm fetal growth restriction (TRUFFLE) a randomised trial <PERSOON> versus intermittent auscultation of fetal heart on admission to labour ward for assessment of fetal wellbeing Cochrane Database Syst Rev ###;# CD### Epub ##<DATUM> <PERSOON> AM, <PERSOON> J, O'<PERSOON> antepartum cardiotocography in the management of the fetus suspected of growth retardation BJOG ###;### Suppl Doppler cerebro-umbilical ratio and fetal biophysical profile in the assessment of peripartal cardiotocography in growthretarded fetuses <PERSOON-##> of fetal surveillance for impaired fetal McCowan LM, Harding JE, <PERSOON-##> AW A pilot randomized controlled trial of two regimens of fetal surveillance for small-forgestational-age fetuses with normal results of umbilical artery doppler velocimetry <PERSOON-##> EJ Numeric analysis of heart rate <PERSOON-##> KH Antepartum heart rate patterns in small-forgestational-age third-trimester fetuses correlations with blood gas values obtained at Boehm FH, Salyer S, <PERSOON-##> DM, Vaughn WK Improved outcome of twice weekly Manning FA, <PERSOON-##> CR, <PERSOON-##> JM Fetal assessment based on fetal biophysical profile scoring IV <PERSOON-##> analysis of perinatal <PERSOON-##> JP Biophysical profile for fetal assessment in high risk <PERSOON-##> R, et al Reduction of late stillbirth with the introduction of fetal movement information and guidelines - a clinical quality improvement BMC pregnancy and childbirth <PERSOON-##> AM, Hofmeyr GJ Maternal oxygen administration for suspected impaired fetal growth <PERSOON-##> PA, Genazzani AR Maternal hyperoxygenation in the treatment of mild intrauterine growth retardation.
| 537 | nvog |
cerebro-umbilical ratio and fetal biophysical profile in the assessment of peripartal cardiotocography in growthretarded fetuses <PERSOON> of fetal surveillance for impaired fetal McCowan LM, Harding JE, <PERSOON> AW A pilot randomized controlled trial of two regimens of fetal surveillance for small-forgestational-age fetuses with normal results of umbilical artery doppler velocimetry <PERSOON> EJ Numeric analysis of heart rate <PERSOON> KH Antepartum heart rate patterns in small-forgestational-age third-trimester fetuses correlations with blood gas values obtained at Boehm FH, Salyer S, <PERSOON> DM, Vaughn WK Improved outcome of twice weekly Manning FA, <PERSOON> CR, <PERSOON> JM Fetal assessment based on fetal biophysical profile scoring IV <PERSOON> analysis of perinatal <PERSOON> JP Biophysical profile for fetal assessment in high risk <PERSOON-##> R, et al Reduction of late stillbirth with the introduction of fetal movement information and guidelines - a clinical quality improvement BMC pregnancy and childbirth <PERSOON-##> AM, Hofmeyr GJ Maternal oxygen administration for suspected impaired fetal growth <PERSOON-##> PA, Genazzani AR Maternal hyperoxygenation in the treatment of mild intrauterine growth retardation <PERSOON-##> AM, Hofmeyr GJ Maternal nutrient supplementation for suspected impaired fetal growth <PERSOON-##> JE, <PERSOON-##> PN Sildenafil citrate (Viagra) enhances vasodilatation in fetal growth restriction <PERSOON-##> I, et al Comparison study between induced and spontaneous term and preterm births of smallfor-gestational-age neonates <PERSOON-##> JA, <PERSOON-##>DJ, Kwee> A, et al Induction versus expectant monitoring for intrauterine growth restriction at term van <PERSOON-##> JA, van Pampus MG, van <PERSOON-##> AL, et al Effects on (neuro)developmental and behavioral outcome at # years of age of induced labor compared with expectant management in intrauterine growthrestricted infants long-term outcomes of the DIGITAT trial <PERSOON-##> KE, van <PERSOON-##> JA, <PERSOON-##> MG, <LOCATIE>ME, et al Neonatal morbidity after induction vs expectant monitoring in intrauterine growth restriction at term a subanalysis of the <PERSOON-##> JA, et al Maternal health-related quality of life after induction of labor or expectant monitoring in.
| 479 | nvog |
<PERSOON> AM, Hofmeyr GJ Maternal nutrient supplementation for suspected impaired fetal growth <PERSOON> JE, <PERSOON> PN Sildenafil citrate (Viagra) enhances vasodilatation in fetal growth restriction <PERSOON> I, et al Comparison study between induced and spontaneous term and preterm births of smallfor-gestational-age neonates <PERSOON> JA, <PERSOON>DJ, Kwee> A, et al Induction versus expectant monitoring for intrauterine growth restriction at term van <PERSOON> JA, van Pampus MG, van <PERSOON> AL, et al Effects on (neuro)developmental and behavioral outcome at # years of age of induced labor compared with expectant management in intrauterine growthrestricted infants long-term outcomes of the DIGITAT trial <PERSOON> KE, van <PERSOON-##> JA, <PERSOON-##> MG, <LOCATIE>ME, et al Neonatal morbidity after induction vs expectant monitoring in intrauterine growth restriction at term a subanalysis of the <PERSOON-##> JA, et al Maternal health-related quality of life after induction of labor or expectant monitoring in <PERSOON-##> KE Strategies in Intrauterine Growth Restriction, at term ##<DATUM> ## Stock SJ, Bricker L, <PERSOON-##> JE Immediate versus deferred delivery of the preterm baby with suspected fetal compromise for improving outcomes Cochrane Database A randomised trial of timed delivery for the compromised preterm fetus short term outcomes and Bayesian interpretation <PERSOON-##> wellbeing at # years of age in the Growth Restriction Intervention Trial (GRIT) multicentred <PERSOON-##> A, et al <PERSOON-##> Growth Restriction Intervention Trial long-term outcomes in a randomized trial of timing of delivery in fetal growth restriction <PERSOON-##> ###;###(#) ## e<DATUM> <PERSOON-##> AH, <PERSOON-##> PE Effects of antenatal corticosteroid administration on mortality and long-term morbidity in early preterm, growth-restricted infants <PERSOON-##> GH Is antenatal steroid treatment effective in preterm IUGR fetuses? <PERSOON-##> and mortality among very-low-birth-weight neonates with intrauterine growth restriction <PERSOON-##> AB, Bloemenkamp KW, <PERSOON-##> FJ, et al No short-term benefits of antenatal corticosteroid treatment in severely preterm growth restricted fetuses.
| 492 | nvog |
Intrauterine Growth Restriction, at term ##<DATUM> ## Stock SJ, Bricker L, <PERSOON> JE Immediate versus deferred delivery of the preterm baby with suspected fetal compromise for improving outcomes Cochrane Database A randomised trial of timed delivery for the compromised preterm fetus short term outcomes and Bayesian interpretation <PERSOON> wellbeing at # years of age in the Growth Restriction Intervention Trial (GRIT) multicentred <PERSOON> A, et al <PERSOON> Growth Restriction Intervention Trial long-term outcomes in a randomized trial of timing of delivery in fetal growth restriction <PERSOON> ###;###(#) ## e<DATUM> <PERSOON> AH, <PERSOON> PE Effects of antenatal corticosteroid administration on mortality and long-term morbidity in early preterm, growth-restricted infants <PERSOON> GH Is antenatal steroid treatment effective in preterm IUGR fetuses? <PERSOON> and mortality among very-low-birth-weight neonates with intrauterine growth restriction <PERSOON-##> AB, Bloemenkamp KW, <PERSOON-##> FJ, et al No short-term benefits of antenatal corticosteroid treatment in severely preterm growth restricted fetuses Early Hum Dev ###;##(#) ##<DATUM> <PERSOON-##> VR, Pilliod RA, Frias AE, Rasanen JP, Shaffer BL, Caughey AB When is the optimal time to deliver late preterm IUGR fetuses with abnormal umbilical artery Maloni JA, <PERSOON-##> GR, Schluchter MD, <PERSOON-##> DM, Park <PERSOON-##> bed rest maternal weight change and infant birth weight <PERSOON-##> M A meta-analysis of low dose aspirin for the prevention of intrauterine growth retardation <PERSOON-##> Y, Bureau <PERSOON-##> S, et al Prevention of preeclampsia and intrauterine growth restriction with aspirin started in early <PERSOON-##> acid for the prevention of preeclampsia and intra-uterine growth restriction in women with abnormal uterine artery Doppler a systematic review and meta-analysis <PERSOON-##> HJ, et al Monitoring of fetuses with intrauterine growth restriction a longitudinal study Ultrasound Obstet <PERSOON-##> DJ, <PERSOON-##> controlled trial of cardiotocography versus umbilical artery Doppler in the management of small for gestational age <PERSOON-##> U, et al <PERSOON-##> MP, Kennelly MM, McAuliffe FM, et al.
| 507 | nvog |
Early Hum Dev ###;##(#) ##<DATUM> <PERSOON> VR, Pilliod RA, Frias AE, Rasanen JP, Shaffer BL, Caughey AB When is the optimal time to deliver late preterm IUGR fetuses with abnormal umbilical artery Maloni JA, <PERSOON> GR, Schluchter MD, <PERSOON> DM, Park <PERSOON> bed rest maternal weight change and infant birth weight <PERSOON> M A meta-analysis of low dose aspirin for the prevention of intrauterine growth retardation <PERSOON> Y, Bureau <PERSOON> S, et al Prevention of preeclampsia and intrauterine growth restriction with aspirin started in early <PERSOON> acid for the prevention of preeclampsia and intra-uterine growth restriction in women with abnormal uterine artery Doppler a systematic review and meta-analysis <PERSOON> HJ, et al Monitoring of fetuses with intrauterine growth restriction a longitudinal study Ultrasound Obstet <PERSOON-##> DJ, <PERSOON-##> controlled trial of cardiotocography versus umbilical artery Doppler in the management of small for gestational age <PERSOON-##> U, et al <PERSOON-##> MP, Kennelly MM, McAuliffe FM, et al multicentre PORTO study BMC pregnancy and childbirth ###;## ## <PERSOON-##> myometrial junctional zone spiral arteries in normal and abnormal pregnancies a review of the literature <PERSOON-##> GH Doppler studies on the fetal renal artery in the severely growth-restricted fetus Ultrasound Obstet Gynecol Bilardo CM, <PERSOON-##> GH, et al Relationship between monitoring parameters and perinatal outcome in severe, early intrauterine growth restriction <PERSOON-##> differential neonatal morbidity of the intrauterine growth retardation syndrome <PERSOON-##> MS, McLean FH, <PERSOON-##> DM, Usher RH Body proportionality and Largo RH, von <PERSOON-##> HU, <PERSOON-##> WH Effects of intrauterine growth retardation in premature infants on early childhood growth <PERSOON-##> ###<DATUM> <PERSOON-##> nephritis and renal disease in pregnancy Lupus Gynaecologie NVvOe Antifosfolipidesyndroom en zwangerschap ### <PERSOON-##> M, <PERSOON-##> outcome of Mane SV, Gharpure VP, Merchant RH Maternal heart disease and perinatal outcome <PERSOON-##> H, et al.
| 496 | nvog |
<PERSOON> myometrial junctional zone spiral arteries in normal and abnormal pregnancies a review of the literature <PERSOON> GH Doppler studies on the fetal renal artery in the severely growth-restricted fetus Ultrasound Obstet Gynecol Bilardo CM, <PERSOON> GH, et al Relationship between monitoring parameters and perinatal outcome in severe, early intrauterine growth restriction <PERSOON> differential neonatal morbidity of the intrauterine growth retardation syndrome <PERSOON> MS, McLean FH, <PERSOON> DM, Usher RH Body proportionality and Largo RH, von <PERSOON> HU, <PERSOON> WH Effects of intrauterine growth retardation in premature infants on early childhood growth <PERSOON> ###<DATUM> <PERSOON-##> nephritis and renal disease in pregnancy Lupus Gynaecologie NVvOe Antifosfolipidesyndroom en zwangerschap ### <PERSOON-##> M, <PERSOON-##> outcome of Mane SV, Gharpure VP, Merchant RH Maternal heart disease and perinatal outcome <PERSOON-##> H, et al Scanlon KS, <PERSOON-##> LA, Cogswell ME High and low hemoglobin levels during pregnancy differential risks for preterm birth and small for gestational age <PERSOON-##> P, <PERSOON-##> during <PERSOON-##> disease and adverse pregnancy outcomes a systematic review <PERSOON-##> disease and perinatal outcomes a <PERSOON-##> PF, Strohmenger L, et al Lack of association between maternal periodontal status and adverse pregnancy outcomes a <PERSOON-##> y <PERSOON-##> exposure of nonsmoking and smoking mothers to environmental tobacco smoke during different gestational phases and fetal growth <PERSOON-##> S, <PERSOON-##> T, et al Estimating the Impact of <PERSOON-##> air carbon monoxide concentration in mothers and their spouses above # ppm is associated with decreased <PERSOON-##> JL, <PERSOON-##> paradoxical effect of smoking in preeclamptic pregnancies smoking reduces the incidence but increases the rates of perinatal mortality, abruptio placentae, and intrauterine growth restriction Am maternal characteristics, and pregnancy outcomes Nicotine Tob Res ###;# Suppl.
| 451 | nvog |
High and low hemoglobin levels during pregnancy differential risks for preterm birth and small for gestational age <PERSOON> P, <PERSOON> during <PERSOON> disease and adverse pregnancy outcomes a systematic review <PERSOON> disease and perinatal outcomes a <PERSOON> PF, Strohmenger L, et al Lack of association between maternal periodontal status and adverse pregnancy outcomes a <PERSOON> y <PERSOON> exposure of nonsmoking and smoking mothers to environmental tobacco smoke during different gestational phases and fetal growth <PERSOON> S, <PERSOON> T, et al Estimating the Impact of <PERSOON-##> air carbon monoxide concentration in mothers and their spouses above # ppm is associated with decreased <PERSOON-##> JL, <PERSOON-##> paradoxical effect of smoking in preeclamptic pregnancies smoking reduces the incidence but increases the rates of perinatal mortality, abruptio placentae, and intrauterine growth restriction Am maternal characteristics, and pregnancy outcomes Nicotine Tob Res ###;# Suppl Basal lamina thickening in the placentae of smoking mothers <PERSOON-##> T, <PERSOON-##> for promoting smoking cessation during pregnancy <PERSOON-##> CR, Shankaran S, <PERSOON-##> LL, et al Gestational cocaine exposure and intrauterine growth maternal lifestyle study Obstet Gynecol Chiriboga CA Fetal alcohol and drug effects <PERSOON-##> VC Prenatal substance abuse short- and long-term effects on the <PERSOON-##> CR, Shankaran S, <PERSOON-##> BM, Gard CC, et al Low birth weight and preterm births etiologic fraction attributable to prenatal drug exposure <PERSOON-##> air pollution and pregnancy outcomes a review of the literature Environ Health Perspect ###;###(#) ###-## Park-<PERSOON-##> ME, <PERSOON-##> L, et al Birth defects after maternal exposure to corticosteroids prospective cohort study and <PERSOON-##> reserve of neonates born of long-term, steroidtreated mothers <PERSOON-##> LA Fall in mean arterial pressure and fetal growth restriction in pregnancy hypertension an updated metaregression analysis <PERSOON-##> LA, von Dadelszen P, Rey E, <PERSOON-##> KE, et al Less-tight.
| 483 | nvog |
smoking mothers <PERSOON> T, <PERSOON> for promoting smoking cessation during pregnancy <PERSOON> CR, Shankaran S, <PERSOON> LL, et al Gestational cocaine exposure and intrauterine growth maternal lifestyle study Obstet Gynecol Chiriboga CA Fetal alcohol and drug effects <PERSOON> VC Prenatal substance abuse short- and long-term effects on the <PERSOON> CR, Shankaran S, <PERSOON> BM, Gard CC, et al Low birth weight and preterm births etiologic fraction attributable to prenatal drug exposure <PERSOON> air pollution and pregnancy outcomes a review of the literature Environ Health Perspect ###;###(#) ###-## Park-<PERSOON> ME, <PERSOON-##> L, et al Birth defects after maternal exposure to corticosteroids prospective cohort study and <PERSOON-##> reserve of neonates born of long-term, steroidtreated mothers <PERSOON-##> LA Fall in mean arterial pressure and fetal growth restriction in pregnancy hypertension an updated metaregression analysis <PERSOON-##> LA, von Dadelszen P, Rey E, <PERSOON-##> KE, et al Less-tight <PERSOON-##> J Med ###;###(#) ###-## Holmes LB, <PERSOON-##> AM, et al <PERSOON-##> teratogenicity of anticonvulsant drugs <PERSOON-##> J Med ###;###(##) ###<DATUM> Epub Wlodarczyk BJ, Palacios AM, <PERSOON-##> TM, Finnell RH Antiepileptic drugs and <PERSOON-##> JP In utero exposure to immunosuppressive drugs Biol Amant F, <PERSOON-##> during <PERSOON-##> E, <PERSOON-##> D, Ba'aqeel H, et al Preeclampsia, gestational hypertension and intrauterine growth restriction, related or independent <PERSOON-##> SE, <PERSOON-##>, places and small for gestational age births a cohort study <PERSOON-##> DJ, Bleker OP Plasma fibrinogen and factor VII concentrations in adults after prenatal exposure to <PERSOON-##> P, <PERSOON-##> of maternal nutrition on outcome of pregnancy prospective cohort study <PERSOON-##> nutrition in early and late pregnancy in relation to placental and fetal growth BMJ ###;###(###) #<DATUM> <PERSOON-##> EA, Robinson E, <PERSOON-##> NS, et al Maternal nutritional risk factors for small for gestational age babies in a developed country a case-control study Arch Dis Child Fetal Neonatal <PERSOON-##>.
| 581 | nvog |
###;###(#) ###-## Holmes LB, <PERSOON> AM, et al <PERSOON> teratogenicity of anticonvulsant drugs <PERSOON> J Med ###;###(##) ###<DATUM> Epub Wlodarczyk BJ, Palacios AM, <PERSOON> TM, Finnell RH Antiepileptic drugs and <PERSOON> JP In utero exposure to immunosuppressive drugs Biol Amant F, <PERSOON> during <PERSOON> E, <PERSOON> D, Ba'aqeel H, et al Preeclampsia, gestational hypertension and intrauterine growth restriction, related or independent <PERSOON> SE, <PERSOON-##>, places and small for gestational age births a cohort study <PERSOON-##> DJ, Bleker OP Plasma fibrinogen and factor VII concentrations in adults after prenatal exposure to <PERSOON-##> P, <PERSOON-##> of maternal nutrition on outcome of pregnancy prospective cohort study <PERSOON-##> nutrition in early and late pregnancy in relation to placental and fetal growth BMJ ###;###(###) #<DATUM> <PERSOON-##> EA, Robinson E, <PERSOON-##> NS, et al Maternal nutritional risk factors for small for gestational age babies in a developed country a case-control study Arch Dis Child Fetal Neonatal <PERSOON-##> DV, Gray RH, Trivedi CR, Parikh VC Risk factors for small for gestational age births in Ahmedabad, <PERSOON-##> mass index change between pregnancies and small for gestational age births <PERSOON-##> implications and consequences of maternal obesity on fetal intrauterine growth restriction Journal of medicine and life <PERSOON-##> KT Risk of prematurity, low birthweight and preeclampsia in relation to working hours and physical activities a systematic review <PERSOON-##> activity in pregnancy, preventive measures, and the risk of delivering a small-for-gestational-age infant <PERSOON-##> psychological stress and distress as predictors of low birth weight, prematurity and intrauterine growth retardation <PERSOON-##> relationship between psychosocial profile, health practices, and pregnancy outcomes Acta Obstet Gynecol Scand Menacker F, <PERSOON-##> JA, MacDorman MF, Ventura SJ Births to ##-## year-old mothers, ###-### trends and health outcomes <PERSOON-##> JA, Ancel PY, Saurel-Cubizolles MJ, Papiernik E Are risk factors the same for.
| 529 | nvog |
<PERSOON> DV, Gray RH, Trivedi CR, Parikh VC Risk factors for small for gestational age births in Ahmedabad, <PERSOON> mass index change between pregnancies and small for gestational age births <PERSOON> implications and consequences of maternal obesity on fetal intrauterine growth restriction Journal of medicine and life <PERSOON> KT Risk of prematurity, low birthweight and preeclampsia in relation to working hours and physical activities a systematic review <PERSOON> activity in pregnancy, preventive measures, and the risk of delivering a small-for-gestational-age infant <PERSOON> psychological stress and distress as predictors of low birth weight, prematurity and intrauterine growth retardation <PERSOON> relationship between psychosocial profile, health practices, and pregnancy outcomes Acta Obstet Gynecol Scand Menacker F, <PERSOON> JA, MacDorman MF, Ventura SJ Births to ##-## year-old mothers, ###-### trends and health outcomes <PERSOON> JA, Ancel PY, Saurel-Cubizolles MJ, Papiernik E Are risk factors the same for <PERSOON-##> BP, Rolfs RT, Nangle BE, Horan JM Effect of the interval between pregnancies on perinatal outcomes <PERSOON-##> interval and risk of preterm birth and neonatal death retrospective cohort study <PERSOON-##> HJ Small-for-gestational age births in successive pregnancy outcomes results from a longitudinal study of births in Norway Early Hum Lestou VS, Kalousek DK Confined placental mosaicism and intrauterine fetal growth <PERSOON-##> HA Uniparental disomy clinical indications for testing in growth retardation <PERSOON-##> E, et al IGF-I receptor mutations resulting in intrauterine and postnatal growth retardation <PERSOON-##> NA, Kazzi SN Yield and costs of screening growth-retarded infants for torch Glinianaia SV, Skjaerven R, <PERSOON-##> percentiles by gestational age in multiple births A population-based study of Norwegian twins and triplets <PERSOON-##> JC, <PERSOON-##> YL Standards of birth weight in twin gestations stratified by placental chorionicity <PERSOON-##> JA, Magann EF Detecting fetal growth restriction or discordant growth in twin gestations stratified by placental.
| 449 | nvog |
Rolfs RT, Nangle BE, Horan JM Effect of the interval between pregnancies on perinatal outcomes <PERSOON> interval and risk of preterm birth and neonatal death retrospective cohort study <PERSOON> HJ Small-for-gestational age births in successive pregnancy outcomes results from a longitudinal study of births in Norway Early Hum Lestou VS, Kalousek DK Confined placental mosaicism and intrauterine fetal growth <PERSOON> HA Uniparental disomy clinical indications for testing in growth retardation <PERSOON> E, et al IGF-I receptor mutations resulting in intrauterine and postnatal growth retardation <PERSOON> NA, Kazzi SN Yield and costs of screening growth-retarded infants for torch Glinianaia SV, Skjaerven R, <PERSOON> percentiles by gestational age in multiple births A population-based study of Norwegian twins and triplets <PERSOON> JC, <PERSOON> YL Standards of birth weight in twin gestations stratified by placental chorionicity <PERSOON> JA, Magann EF Detecting fetal growth restriction or discordant growth in twin gestations stratified by placental voedingsstoffen en zuurstof Bij het merendeel van de zwangerschappen met een gestoorde foetale groei is de oorzaak gelegen in een utero-placentaire circulatoire insufficiëntie Het innestelen van de trofoblast in het begin van de zwangerschap en de trofoblastinvasie in de spiraal arteriën zijn van groot belang voor de verdere ontwikkeling van de placenta (###) Groeibeperking als gevolg van een verstoring van de utero-placentaire circulatie is meestal een traag proces, waarbij de foetale groei ongestoord is tot een bepaalde grenswaarde, afhankelijk van de placentaire voedingscapaciteit, en daarna geleidelijk afneemt Door redistributie van de foetale circulatie worden vooral de belangrijkste organen, zoals het hart en de hersenen, preferent van bloed voorzien (##) In samenhang hiermee loopt de foetale urineproductie terug en neemt daarmee het vruchtwatervolume af (###) Bij verdere verslechtering nemen de foetale bewegingen af, en kan een cerebrale functiestoornis, myocard ischaemie en cardiale decompensatie ontstaan (###, ###) Indien in deze fase geen actie wordt ondernomen, zal foetale sterfte optreden Differentiatie van andere oorzaken van foetale groeibeperking is nooit geheel zeker Afwijkende uteriene en foetale Doppler-metingen evenals een toename van de schedelomtrek / buikomtrek ratio (als gevolg van een insufficiëntie (###, ###) Asymmetrische groei kan echter ontbreken bij vroeg optredende groeibeperking ((## weken) (###) Hoewel na geboorte vaak een versnelde groei geobserveerd wordt, is dit een onzekere maat voor het onderscheiden van deze oorzaak van foetale groeibeperking (###) Utero-placentaire insufficiëntie is vaak geassocieerd met Bij foetale groeibeperking in associatie met maternale ziekte is de basis vaak gelegen in een verminderde utero-placentaire circulatie.
| 531 | nvog |
de zwangerschappen met een gestoorde foetale groei is de oorzaak gelegen in een utero-placentaire circulatoire insufficiëntie Het innestelen van de trofoblast in het begin van de zwangerschap en de trofoblastinvasie in de spiraal arteriën zijn van groot belang voor de verdere ontwikkeling van de placenta (###) Groeibeperking als gevolg van een verstoring van de utero-placentaire circulatie is meestal een traag proces, waarbij de foetale groei ongestoord is tot een bepaalde grenswaarde, afhankelijk van de placentaire voedingscapaciteit, en daarna geleidelijk afneemt Door redistributie van de foetale circulatie worden vooral de belangrijkste organen, zoals het hart en de hersenen, preferent van bloed voorzien (##) In samenhang hiermee loopt de foetale urineproductie terug en neemt daarmee het vruchtwatervolume af (###) Bij verdere verslechtering nemen de foetale bewegingen af, en kan een cerebrale functiestoornis, myocard ischaemie en cardiale decompensatie ontstaan (###, ###) Indien in deze fase geen actie wordt ondernomen, zal foetale sterfte optreden Differentiatie van andere oorzaken van foetale groeibeperking is nooit geheel zeker Afwijkende uteriene en foetale Doppler-metingen evenals een toename van de schedelomtrek / buikomtrek ratio (als gevolg van een insufficiëntie (###, ###) Asymmetrische groei kan echter ontbreken bij vroeg optredende groeibeperking ((## weken) (###) Hoewel na geboorte vaak een versnelde groei geobserveerd wordt, is dit een onzekere maat voor het onderscheiden van deze oorzaak van foetale groeibeperking (###) Utero-placentaire insufficiëntie is vaak geassocieerd met Bij foetale groeibeperking in associatie met maternale ziekte is de basis vaak gelegen in een verminderde utero-placentaire circulatie circa tweemaal verhoogde kans op foetale groeibeperking, meestal in combinatie met preeclampsie (###) Bij een matige chronische nieraandoening (serum kreatinine #<DATUM> µmol/L) ontstaat bij ##% groeibeperking, bij een ernstige aandoening (serum kreatinine )### µmol/L) bij ##% of meer (###) Bij geringe nieraandoening (serum kreatinine (### µmol/L) is de kans hierop niet verhoogd Deze risico's worden mede beïnvloed door het al dan niet aanwezig zijn van hypertensie Bij systeemziekten als Lupus Erythematodes wordt de prognose vooral bepaald door de hierbij bestaande mate van nierafwijkingen en hypertensie Dit zelfde geldt voor vrouwen met lang bestaande diabetes en als gevolg hiervan orgaanschade Fosfolipide antistoffen zijn alleen in combinatie met eerdere obstetrische of tromboembolische complicaties geassocieerd met foetale groeibeperking (###) Chronische Cardiale aandoeningen zijn alleen met foetale groeibeperking geassocieerd bij een ernstige hadden zwangeren met een congenitale hartaandoening meer kans op een SGA-kind in vergelijking met gezonde controles (<DATUM> versus <DATUM> , p = # ###) (Data zijn niet uitgesplitst naar NYHA-klasse) (###) Aangezien de prevalentie van deze aandoeningen laag is bij vrouwen in de reproductieve leeftijd is het aandeel van deze aandoeningen in de incidentie Anemie is geassocieerd met vroeggeboorte, echter niet met foetale groeibeperking, indien gecorrigeerd wordt voor andere met groeibeperking geassocieerde factoren (###, ###) Een aantal studies in laag socio-economische populaties liet een relatie zien tussen parodontitis en laag geboortegewicht en vroeggeboorte Deze bevindingen werden echter niet bevestigd in de studies die een correctie toepasten voor andere met foetale groeibeperking Roken is dosisafhankelijk geassocieerd met een lager geboortegewicht.
| 658 | nvog |
kans op foetale groeibeperking, meestal in combinatie met preeclampsie (###) Bij een matige chronische nieraandoening (serum kreatinine #<DATUM> µmol/L) ontstaat bij ##% groeibeperking, bij een ernstige aandoening (serum kreatinine )### µmol/L) bij ##% of meer (###) Bij geringe nieraandoening (serum kreatinine (### µmol/L) is de kans hierop niet verhoogd Deze risico's worden mede beïnvloed door het al dan niet aanwezig zijn van hypertensie Bij systeemziekten als Lupus Erythematodes wordt de prognose vooral bepaald door de hierbij bestaande mate van nierafwijkingen en hypertensie Dit zelfde geldt voor vrouwen met lang bestaande diabetes en als gevolg hiervan orgaanschade Fosfolipide antistoffen zijn alleen in combinatie met eerdere obstetrische of tromboembolische complicaties geassocieerd met foetale groeibeperking (###) Chronische Cardiale aandoeningen zijn alleen met foetale groeibeperking geassocieerd bij een ernstige hadden zwangeren met een congenitale hartaandoening meer kans op een SGA-kind in vergelijking met gezonde controles (<DATUM> versus <DATUM> , p = # ###) (Data zijn niet uitgesplitst naar NYHA-klasse) (###) Aangezien de prevalentie van deze aandoeningen laag is bij vrouwen in de reproductieve leeftijd is het aandeel van deze aandoeningen in de incidentie Anemie is geassocieerd met vroeggeboorte, echter niet met foetale groeibeperking, indien gecorrigeerd wordt voor andere met groeibeperking geassocieerde factoren (###, ###) Een aantal studies in laag socio-economische populaties liet een relatie zien tussen parodontitis en laag geboortegewicht en vroeggeboorte Deze bevindingen werden echter niet bevestigd in de studies die een correctie toepasten voor andere met foetale groeibeperking Roken is dosisafhankelijk geassocieerd met een lager geboortegewicht relevante factoren wordt bij matige rooksters (<DATUM> sigaretten/dag) een reductie van het geboortegewicht gevonden van ### gr (##% Confidance interval (CI), ### gr â ### gr) en bij zware rooksters ()## sigaretten/dag) van ### gr (##% CI, ### gr tot ### gr) (###) Bij vrouwen die stopten met roken in het eerste trimester was het geboortegewicht vergelijkbaar met ## gr (##% CI, ## gr tot ## gr), bij rooksters met ### gr (##% CI, ### gr tot ### gr) (###) Er bestaat een omgekeerde relatie tussen de concentratie koolmonoxide in de uitademinglucht van zwangere vrouwen en hun partners met het geboortegewicht (###) Vrouwen die roken hebben een lagere kans op pre-eclampsie (relatief risico (RR) # #; ##% CI, # # tot # #) (###) Desalniettemin is bij rokende vrouwen de kans op foetale groeibeperking, abruptio placentae en perinatale sterfte verhoogd (###) Het placentagewicht is bij rooksters vergelijkbaar met niet-rooksters, wel zijn er structurele afwijkingen met Een Cochrane review liet zien dat programma's om roken te ontmoedigen in het begin van de zwangerschap een relatief klein effect hebben op roken tijdens de zwangerschap (RR # ##, Alcohol en cocaïne hebben een vergelijkbaar negatief effect op het geboortegewicht (###) Daarbij is alcohol gerelateerd met een gestoorde mentale ontwikkeling van het kind (###) Opiaatgebruik lijkt geen effect op foetale groei of cognitieve ontwikkeling te hebben maar wel op het gedrag; het leid tot hyperactiviteit, geheugen- en perceptieproblemen (###) Gebruik van meerdere drugs vergroot de kans op beperking van de foetale groei.
| 733 | nvog |
factoren wordt bij matige rooksters (<DATUM> sigaretten/dag) een reductie van het geboortegewicht gevonden van ### gr (##% Confidance interval (CI), ### gr â ### gr) en bij zware rooksters ()## sigaretten/dag) van ### gr (##% CI, ### gr tot ### gr) (###) Bij vrouwen die stopten met roken in het eerste trimester was het geboortegewicht vergelijkbaar met ## gr (##% CI, ## gr tot ## gr), bij rooksters met ### gr (##% CI, ### gr tot ### gr) (###) Er bestaat een omgekeerde relatie tussen de concentratie koolmonoxide in de uitademinglucht van zwangere vrouwen en hun partners met het geboortegewicht (###) Vrouwen die roken hebben een lagere kans op pre-eclampsie (relatief risico (RR) # #; ##% CI, # # tot # #) (###) Desalniettemin is bij rokende vrouwen de kans op foetale groeibeperking, abruptio placentae en perinatale sterfte verhoogd (###) Het placentagewicht is bij rooksters vergelijkbaar met niet-rooksters, wel zijn er structurele afwijkingen met Een Cochrane review liet zien dat programma's om roken te ontmoedigen in het begin van de zwangerschap een relatief klein effect hebben op roken tijdens de zwangerschap (RR # ##, Alcohol en cocaïne hebben een vergelijkbaar negatief effect op het geboortegewicht (###) Daarbij is alcohol gerelateerd met een gestoorde mentale ontwikkeling van het kind (###) Opiaatgebruik lijkt geen effect op foetale groei of cognitieve ontwikkeling te hebben maar wel op het gedrag; het leid tot hyperactiviteit, geheugen- en perceptieproblemen (###) Gebruik van meerdere drugs vergroot de kans op beperking van de foetale groei belangrijkste negatieve factor ten aanzien van de foetale groei blijft echter tabaksgebruik Een aantal metalen (arsenicum, cadmium, lood, kwik, en uranium) hebben een teratogeen effect en zijn als gevolg hiervan geassocieerd met groeibeperking (###) Er bestaat mogelijk een relatie tussen luchtvervuiling en foetale groeibeperking De mate van het effect is niet zeker en het is onduidelijk of bepaalde stoffen of bepaalde perioden in de Diverse medicamenten zijn in verband gebracht met foetale groeibeperking Hierbij is differentiatie van het effect door de onderliggende maternale aandoening en door het Corticosteroïden hebben in dierexperimenten een negatief effect op de foetale groei, het effect is dosis gerelateerd Een cohort van ### zwangeren met corticosteroïdgebruik toonde ook bij de mens een lichter geboortegewicht (### gr vs ### gr) (###) Indien toediening van belang is voor de maternale gezondheid is de geringe onzekerheid over een negatief effect op de groei van ondergeschikt belang Het meest gebruikte medicament prednison passeert de placenta pas bij hogere dosering () ## mg / dag) en heeft geen effect op de bijnierfunctie bij Indien een zwangere onder de ## weken (dreigend) gaat bevallen wordt Bethamethason toegediend Antenatale behandeling met corticosteroïden bij vroeggeboorte voor een ## weken zwangerschapsduur hangt samen met een reductie in neonatale sterfte, Respiratory behoefte aan respiratoire ondersteuning, opname op de intensive care en systemische infecties in de eerste ## uur na de geboorte (###) Een eenmalig herhaalde (rescue) kuur heeft geen Routinematig herhaalde kuren geven mogelijk wel een lager geboortegewicht Dit kwam niet.
| 709 | nvog |
negatieve factor ten aanzien van de foetale groei blijft echter tabaksgebruik Een aantal metalen (arsenicum, cadmium, lood, kwik, en uranium) hebben een teratogeen effect en zijn als gevolg hiervan geassocieerd met groeibeperking (###) Er bestaat mogelijk een relatie tussen luchtvervuiling en foetale groeibeperking De mate van het effect is niet zeker en het is onduidelijk of bepaalde stoffen of bepaalde perioden in de Diverse medicamenten zijn in verband gebracht met foetale groeibeperking Hierbij is differentiatie van het effect door de onderliggende maternale aandoening en door het Corticosteroïden hebben in dierexperimenten een negatief effect op de foetale groei, het effect is dosis gerelateerd Een cohort van ### zwangeren met corticosteroïdgebruik toonde ook bij de mens een lichter geboortegewicht (### gr vs ### gr) (###) Indien toediening van belang is voor de maternale gezondheid is de geringe onzekerheid over een negatief effect op de groei van ondergeschikt belang Het meest gebruikte medicament prednison passeert de placenta pas bij hogere dosering () ## mg / dag) en heeft geen effect op de bijnierfunctie bij Indien een zwangere onder de ## weken (dreigend) gaat bevallen wordt Bethamethason toegediend Antenatale behandeling met corticosteroïden bij vroeggeboorte voor een ## weken zwangerschapsduur hangt samen met een reductie in neonatale sterfte, Respiratory behoefte aan respiratoire ondersteuning, opname op de intensive care en systemische infecties in de eerste ## uur na de geboorte (###) Een eenmalig herhaalde (rescue) kuur heeft geen Routinematig herhaalde kuren geven mogelijk wel een lager geboortegewicht Dit kwam niet waarbij het gemiddelde geboortegewicht niet significant verschillend was in beide groepen (weighted mean difference -##,## gr; ##%-BI - ###,###,##, vier studies, ### kinderen), een recentere RCT van Murphy (###) toonde wel een Bij gebruik van antihypertensiva bestaat er mogelijk een relatie tussen de mate van bloeddrukverlaging en een lager geboortegewicht In een meta-analyse van gerandomiseerde behandelstudies werd per ## mmHg bloeddrukverschil tussen de behandelgroep en de controlegroep een ### gr lager geboortegewicht waargenomen (###) De CHIPS-studie, een gerandomiseerde studie naar minder strakke (doel diastole ###mm Hg) versus strakke (doel diastole ## mm Hg) controle van bloeddruk liet geen verschil zien in SGA-kinderen, zowel voor kinderen met een geboortegewicht (p## (OR # ##; ##% CI # #<DATUM> als voor kinderen hebben een teratogeen effect, daarnaast geeft o a Valproïnezuur ook een tweemaal grotere met foetale groeibeperking, echter de incidentie hiervan is waarschijnlijk laag (###) Ook Lage socio-economische klasse is gerelateerd met laag geboortegewicht voor de Statusonderzoek van vrouwen die rond de hongerwinter in ### zwanger waren, liet zien dat ondervoeding in het tweede en derde trimester een vermindering van het geboortegewicht met respectievelijk circa ### gr en ### gr veroorzaakte (###) In geïndustrialiseerde landen is het effect van voeding van de zwangere vrouw op placentagewicht en geboortegewicht slechts marginaal (###) Studies, die met behulp van een voedingsanamnese effecten van voedingssamenstelling in het eerste en in het laatste trimester op geboortegewicht bestudeerden, lieten geen consistente resultaten zien (##<DATUM> In gebieden waar een slechte.
| 673 | nvog |
waarbij het gemiddelde geboortegewicht niet significant verschillend was in beide groepen (weighted mean difference -##,## gr; ##%-BI - ###,###,##, vier studies, ### kinderen), een recentere RCT van Murphy (###) toonde wel een Bij gebruik van antihypertensiva bestaat er mogelijk een relatie tussen de mate van bloeddrukverlaging en een lager geboortegewicht In een meta-analyse van gerandomiseerde behandelstudies werd per ## mmHg bloeddrukverschil tussen de behandelgroep en de controlegroep een ### gr lager geboortegewicht waargenomen (###) De CHIPS-studie, een gerandomiseerde studie naar minder strakke (doel diastole ###mm Hg) versus strakke (doel diastole ## mm Hg) controle van bloeddruk liet geen verschil zien in SGA-kinderen, zowel voor kinderen met een geboortegewicht (p## (OR # ##; ##% CI # #<DATUM> als voor kinderen hebben een teratogeen effect, daarnaast geeft o a Valproïnezuur ook een tweemaal grotere met foetale groeibeperking, echter de incidentie hiervan is waarschijnlijk laag (###) Ook Lage socio-economische klasse is gerelateerd met laag geboortegewicht voor de Statusonderzoek van vrouwen die rond de hongerwinter in ### zwanger waren, liet zien dat ondervoeding in het tweede en derde trimester een vermindering van het geboortegewicht met respectievelijk circa ### gr en ### gr veroorzaakte (###) In geïndustrialiseerde landen is het effect van voeding van de zwangere vrouw op placentagewicht en geboortegewicht slechts marginaal (###) Studies, die met behulp van een voedingsanamnese effecten van voedingssamenstelling in het eerste en in het laatste trimester op geboortegewicht bestudeerden, lieten geen consistente resultaten zien (##<DATUM> In gebieden waar een slechte (voornamelijk gebaseerd op een laag lichaamsgewicht van de zwangere vrouw) met foetale Er bestaat een verhoogd risico op groeirestrictie bij vrouwen met een laag lichaamsgewicht In een cohort van ### obese patiënten was de incidentie van FGR ##% bij BMI ##-##, ##% Een literatuuroverzicht uit ### betreffende de relatie tussen langdurig en vermoeiend werk en vroeggeboorte, foetale groeibeperking en pre-eclampsie kon geen consistent nadelig effect op de foetale groei laten zien (###) Het merendeel van de geïncludeerde studies vond geen of slechts een geringe (RR (<DATUM> relatie met foetale groeibeperking Adequate correctie voor complicaties ontbrak in het merendeel van deze studies (###) Een later gepubliceerde grote case-control-studie (<DATUM> cases en <DATUM> controles uit een populatie van #<DATUM> observeerde dat een combinatie van ploegendienst, )# uur / dag staan, veel tillen, lawaai en stress gerelateerd is aan een verhoogde kans op een geboortegewicht (p##, indien deze factoren niet na ## weken vermeden konden worden Er werd een oplopende OR waargenomen van <DATUM> (<DATUM> bij aanwezigheid van <DATUM> factoren en <DATUM> (# #<DATUM> bij aanwezigheid van <DATUM-##> factoren Tot de laatste groep behoorde slechts <DATUM-##> van de populatie Onregelmatige werktijden of ploegendienst hadden het grootste effect (###) Een lage psychosociale score (met items als depressie, zelfbewustzijn, stress, angstgevoelens, zorgen, controle van "major life events") werd in een aantal studies gerelateerd met een geringe verhoogde kans op vroeggeboorte (OR <DATUM> - <DATUM> , maar niet met foetale.
| 714 | nvog |
de zwangere vrouw) met foetale Er bestaat een verhoogd risico op groeirestrictie bij vrouwen met een laag lichaamsgewicht In een cohort van ### obese patiënten was de incidentie van FGR ##% bij BMI ##-##, ##% Een literatuuroverzicht uit ### betreffende de relatie tussen langdurig en vermoeiend werk en vroeggeboorte, foetale groeibeperking en pre-eclampsie kon geen consistent nadelig effect op de foetale groei laten zien (###) Het merendeel van de geïncludeerde studies vond geen of slechts een geringe (RR (<DATUM> relatie met foetale groeibeperking Adequate correctie voor complicaties ontbrak in het merendeel van deze studies (###) Een later gepubliceerde grote case-control-studie (<DATUM> cases en <DATUM> controles uit een populatie van #<DATUM> observeerde dat een combinatie van ploegendienst, )# uur / dag staan, veel tillen, lawaai en stress gerelateerd is aan een verhoogde kans op een geboortegewicht (p##, indien deze factoren niet na ## weken vermeden konden worden Er werd een oplopende OR waargenomen van <DATUM> (<DATUM> bij aanwezigheid van <DATUM> factoren en <DATUM> (# #<DATUM> bij aanwezigheid van <DATUM> factoren Tot de laatste groep behoorde slechts <DATUM> van de populatie Onregelmatige werktijden of ploegendienst hadden het grootste effect (###) Een lage psychosociale score (met items als depressie, zelfbewustzijn, stress, angstgevoelens, zorgen, controle van "major life events") werd in een aantal studies gerelateerd met een geringe verhoogde kans op vroeggeboorte (OR <DATUM> - <DATUM> , maar niet met foetale groeibeperking (<DATUM-##> ) (###) Het is niet duidelijk of de jonge leeftijd de belangrijkste oorzakelijke factor hierbij is, of dat vaak in deze groep aanwezige andere ongunstige factoren (inadequate voeding, ongunstige socio-economische factoren) van groter gewicht zijn (##) Ook hoge leeftijd ()<LEEFTIJD> jaar) is gerelateerd met foetale groeibeperking, en tevens met een Vrouwen, die binnen zes maanden na een voorgaande zwangerschap weer zwanger worden, Vrouwen die in een eerdere zwangerschap een kind kregen met een geboortegewicht lager dan het ##de percentiel hebben in een volgende zwangerschap een verhoogde kans op herhaling tweede zwangerschap RR <DATUM> derde zwangerschap na tweemaal te klein kind RR In een Nederlands cohort was het herhaalrisico op een SGA-neonaat (eenling) in de groep die eerder een SGA-neonaat ((p#) had, sterk verhoogd ##% versus <DATUM> in de groep met een Congenitale afwijkingen zijn in één tot twee procent van alle foetussen de oorzaak van een groeivertraging (##) In een regionaal register van kinderen geboren tussen ### en ### in Atlanta met een congenitale afwijking (n=## ###) bleek ruim ##% een te laag geboortegewicht voor de duur van de zwangerschap ((p##) te hebben Vier procent van de gehele groep had een chromosomale afwijking, waarvan driekwart een trisomie ## betrof Terwijl bij trisomie ## en geslachtchromosoomafwijkingen de kans op te laag geboortegewicht vergelijkbaar was met de totale onderzoekspopulatie, was dit bij trisomie ##, ## en andere autosomale syndromen circa ##% Bij meer dan de helft van de kinderen met anencephalie, microcephalie, darmatresie, omphalocele, gastroschisis, nieragenesie of met.
| 691 | nvog |
jonge leeftijd de belangrijkste oorzakelijke factor hierbij is, of dat vaak in deze groep aanwezige andere ongunstige factoren (inadequate voeding, ongunstige socio-economische factoren) van groter gewicht zijn (##) Ook hoge leeftijd ()<LEEFTIJD> jaar) is gerelateerd met foetale groeibeperking, en tevens met een Vrouwen, die binnen zes maanden na een voorgaande zwangerschap weer zwanger worden, Vrouwen die in een eerdere zwangerschap een kind kregen met een geboortegewicht lager dan het ##de percentiel hebben in een volgende zwangerschap een verhoogde kans op herhaling tweede zwangerschap RR <DATUM> derde zwangerschap na tweemaal te klein kind RR In een Nederlands cohort was het herhaalrisico op een SGA-neonaat (eenling) in de groep die eerder een SGA-neonaat ((p#) had, sterk verhoogd ##% versus <DATUM> in de groep met een Congenitale afwijkingen zijn in één tot twee procent van alle foetussen de oorzaak van een groeivertraging (##) In een regionaal register van kinderen geboren tussen ### en ### in Atlanta met een congenitale afwijking (n=## ###) bleek ruim ##% een te laag geboortegewicht voor de duur van de zwangerschap ((p##) te hebben Vier procent van de gehele groep had een chromosomale afwijking, waarvan driekwart een trisomie ## betrof Terwijl bij trisomie ## en geslachtchromosoomafwijkingen de kans op te laag geboortegewicht vergelijkbaar was met de totale onderzoekspopulatie, was dit bij trisomie ##, ## en andere autosomale syndromen circa ##% Bij meer dan de helft van de kinderen met anencephalie, microcephalie, darmatresie, omphalocele, gastroschisis, nieragenesie of met gevallen een congenitale afwijking worden vastgesteld (##) Bij een zwangerschapsduur (## weken was triploïdie de meest voorkomende diagnose, bij latere zwangerschapsduur trisomie ## <PERSOON> et al beschreven een cohort van vrouwen, verwezen wegens verdenking op foetale groeibeperking (n=###, ##% chromosomale afwijkingen), waarbij bij ##% van de waargenomen was en bij ##% een normale Doppler van de arteria umbilicalis en arteria uterina (##) Bij groeibeperking (## weken werd driemaal zo vaak een chromosomale afwijking waargenomen dan bij latere zwangerschapsduur (##% versus ##%) De kans op chromosomale afwijkingen bij een normale foetale anatomie was ongeveer #% (##) is een mogelijke oorzaak van gestoorde placenta-ontwikkeling en foetale groeibeperking (###) Een andere cytogenetische oorzaak kan uniparentale disomie zijn, waarbij een chromosoom in duplo overerft van één van de ouders (###) Ook specifieke moleculaire afwijkingen kunnen geassocieerd zijn met foetale groeibeperking Mutaties van Insulin Growth Factor-# gen en van Insulin Growth Factor-# receptor zijn in Congenitale infectie met toxoplasma gondii, cytomegalie, rubella, herpes, parvo B## en coxsackie virus is beschreven in relatie met foetale groeibeperking Deze groeibeperking wordt echter veelal in samenhang met andere echoscopische afwijkingen gevonden In cohortstudies van vrouwen met bewezen toxoplasmose infectie werd echter geen verhoogde Circa ##% van de kinderen van vrouwen met een primaire cytomegalie infectie is symptomatisch bij geboorte (##) Bij deze kinderen komt, naast andere verschijnselen als microcefalie, petechiën, icterus en hepato-splenomegalie, bij ##% ook verminderde groei Serologisch onderzoek naar toxoplasmose vanwege foetale groeibeperking, bij afwezigheid van foetale afwijkingen passend bij deze infecties, is derhalve niet effectief (###).
| 693 | nvog |
Endometriosis is defined as the presence of endometrial-like tissue outside the uterus, which induces a chronic, inflammatory reaction (Kennedy, et al , ###) While some women with endometriosis can experience painful symptoms and/or infertility, others have no symptoms at all <PERSOON> exact prevalence of endometriosis is unknown but estimates range from # to ##% of women of reproductive age, to ##% of infertile women <PERSOON> ESHRE guideline for the diagnosis and treatment of endometriosis (###) has been a reference point for best clinical care in endometriosis for years (Kennedy, et al , ###) Since this guideline needed updating a Guideline on the Management of Endometriosis was produced, using the methodology of the Manual for ESHRE Guideline Development published in ### ((WEBLINK)), with the aim of offering best practice advice on the care of women with endometriosis, including diagnosis and treatment for endometriosis-associated pain and infertility Furthermore, information is provided on asymptomatic endometriosis, on primary and secondary prevention, on menopausal symptoms in women with a history of What are similarities and differences with the previous guideline? <PERSOON> current guideline development was initiated by members of the ### guideline development group, supplemented with advice from additional experts in the field Key questions were formulated and patient organisations were asked which were the main problems they faced in the management of the disease This resulted in key questions that as could be expected were not essentially different from the key questions that formed the base of the former guideline Interestingly, a substantial part of the recommendations is also similar, indicating on the one hand a lack of recent, high quality studies in some areas and on the other hand similarities in retrieving the evidence from the literature by experts and the formal retrieving process of the However, the main difference between the two guidelines is the structured methodology, based on the Manual for ESHRE Guideline Development, including objective assessment of the literature and an extensive and All details on the methodological approach of this guideline can be found on in the Manual for ESHRE guideline In short, questioning patients and clinicians resulted in ## questions on the management of women with endometriosis that were structured in PICO format (<PERSOON>) For each question the best available evidence for answering the key questions was searched in PUBMED/MEDLINE and the Cochrane library <PERSOON> literature searches included studies written in English and published before January #, ### or entered in PUBMED before January #, ### Based on the collected evidence, and after constructing evidence tables and quality assessment, draft recommendations were written by the assigned expert guideline group member Three two-day meetings were organised to discuss the evidence and recommendations and to reach consensus on the final formulation of the recommendations For each recommendation, a grade (A-D) was assigned based on the strength of the supporting evidence (scored from #++ to #), based on the grading system of the Scottish Intercollegiate Guidelines Network (Scottish Intercollegiate Guidelines Network, ###).
| 609 | nvog |
substantial part of the recommendations is also similar, indicating on the one hand a lack of recent, high quality studies in some areas and on the other hand similarities in retrieving the evidence from the literature by experts and the formal retrieving process of the However, the main difference between the two guidelines is the structured methodology, based on the Manual for ESHRE Guideline Development, including objective assessment of the literature and an extensive and All details on the methodological approach of this guideline can be found on in the Manual for ESHRE guideline In short, questioning patients and clinicians resulted in ## questions on the management of women with endometriosis that were structured in PICO format (<PERSOON>) For each question the best available evidence for answering the key questions was searched in PUBMED/MEDLINE and the Cochrane library <PERSOON> literature searches included studies written in English and published before January #, ### or entered in PUBMED before January #, ### Based on the collected evidence, and after constructing evidence tables and quality assessment, draft recommendations were written by the assigned expert guideline group member Three two-day meetings were organised to discuss the evidence and recommendations and to reach consensus on the final formulation of the recommendations For each recommendation, a grade (A-D) was assigned based on the strength of the supporting evidence (scored from #++ to #), based on the grading system of the Scottish Intercollegiate Guidelines Network (Scottish Intercollegiate Guidelines Network, ###) Group (GDG) could decide on writing good practice points (GPP), based on clinical expertise (Table I) After finalisation of the guideline draft, stakeholders were invited through the ESHRE newsletter (n=###) or personal email (n=###) to review the guideline Four hundred eighty-four comments from ## reviewers were processed by the methodological expert (NV) and the chair of the GDG (GD) either by adapting the content of the guideline and/or by replying to the reviewer <PERSOON> review process was summarized in the review report, <PERSOON> guideline will be considered for update # years after publication, with an intermediate assessment of the need for updating # years after publication This guideline on the management of women with endometriosis is the first guideline written using the structured methodology as described in the Manual for ESHRE Guideline Development (###), including an objective and systematic assessment of the literature and an extensive and transparent review by relevant stakeholders A strong point is that the Guideline was refereed by many clinicians and patient organisations Not less than ### comments were received of which ### indeed in some way changed the content of the <PERSOON> first and foremost goal of the guideline is to provide guidance to clinicians who care for women with endometriosis <PERSOON> objective was to improve on the diagnosis and treatment of endometriosis based on the available literature and, if not present, based on the opinion of members of the Guideline Development Group.
| 594 | nvog |
patiënten met een primair stadium III epitheliaal ovariumcarcinoom het einde van de hoofdtekst In verband met de modulaire opbouw van richtlijnen in de database Welke plaats heeft HIPEC in de behandeling van patiënten met een stadium III primair # Geeft behandeling met cytoreductieve chirurgie en HIPEC een verlengde recidiefvrije overleving voor patiënten met een primair stadium III epitheliaal ovariumcarcinoom? # Geeft behandeling met cytoreductieve chirurgie en HIPEC een verlengde algehele # Geeft behandeling met cytoreductieve chirurgie en HIPEC meer toxiciteit dan Voor patiënten met primair FIGO stadium III ovariumcarcinoom bij wie behandeling met neo-adjuvante chemotherapie en intervaldebulking noodzakelijk is, dient behandeling met HIPEC te worden aangeboden zoals beschreven in de betreffende studie door <PERSOON> et Gevorderd stadium epitheliaal ovariumcarcinoom wordt behandeld door een combinatie carboplatin en paclitaxel) Er wordt ofwel een primaire debulking verricht waarna er aanvullend # kuren chemotherapie worden gegeven, of er wordt gestart met # kuren chemotherapie gevolgd door een interval debulking, waarna nog # kuren chemotherapie volgen (Wright et al , ###) Het doel van de debulking operatie is om alle zichtbare ziekte te verwijderen, dit wordt een âcomplete debulkingâ genoemd Wanneer na de operatie de restlaesies (# cm zijn, wordt er gesproken van een âoptimale debulkingâ De hoeveelheid restziekte en debulkingsoperatie heeft een directe relatie met de overleving (Bristow, Het uitvoeren van een primaire debulking heeft de voorkeur Wanneer een complete/optimale primaire debulking echter bij diagnose niet mogelijk wordt geacht, wordt er gekozen om te starten met neo-adjuvante chemotherapie en een intervaldebulking Ondanks maximale behandeling, is de vijfjaarsoverleving van de totale groep patiënten met Na een primaire debulking wordt de chemotherapie in de meeste gevallen intraveneus gegeven Daarnaast zijn er gerandomiseerde studies die hebben aangetoond dat, wanneer de chemotherapie wordt gegeven via een peritoneale verblijfskatheter in aansluiting op een primaire complete of optimale debulking, dit tot een betere overleving leidt voor patiënten met een stadium III ovariumcarcinoom (Armstrong et al , ###; <PERSOON>, ###) Omdat deze manier van toedienen van chemotherapie via een verblijfskatheter gepaard gaat met meer complicaties en bijwerkingen, is deze vorm van toediening niet Hypertherme Intraperitoneale Chemotherapie (HIPEC) is een techniek waarbij het gehele peritoneale oppervlak peroperatief wordt gespoeld met verwarmde chemotherapie Theoretisch gezien is dit het meest effectief voor microscopisch achtergebleven restziekten na een debulkingoperatie en wordt er een betere intra-abdominale verdeling van de chemotherapie bereikt Het verhitten van de chemotherapie geeft een versterkt cytotoxisch effect (Ohno, Siddik, Kido, Zwelling, & Bull, ###) Recente literatuur laat zien dat HIPEC leidt tot een verbeterde overleving van een bepaalde groep patiënten met een hoog stadium In deze module willen we middels een gestructureerd literatuuronderzoek volgens de GRADE-methode vaststellen of deze procedure aan de behandeling van een gevorderd vergelijking met een debulking (C) alleen voor een verbetering in overleving (O) bij patiënten Met de literatuursearch is aanvankelijk een bredere vraag uitgezet, zodat alle relevante literatuur gevonden en gescreend zou worden Er werd geen uitkomstmaat (O) toegevoegd.
| 584 | nvog |
intervaldebulking Ondanks maximale behandeling, is de vijfjaarsoverleving van de totale groep patiënten met Na een primaire debulking wordt de chemotherapie in de meeste gevallen intraveneus gegeven Daarnaast zijn er gerandomiseerde studies die hebben aangetoond dat, wanneer de chemotherapie wordt gegeven via een peritoneale verblijfskatheter in aansluiting op een primaire complete of optimale debulking, dit tot een betere overleving leidt voor patiënten met een stadium III ovariumcarcinoom (Armstrong et al , ###; <PERSOON>, ###) Omdat deze manier van toedienen van chemotherapie via een verblijfskatheter gepaard gaat met meer complicaties en bijwerkingen, is deze vorm van toediening niet Hypertherme Intraperitoneale Chemotherapie (HIPEC) is een techniek waarbij het gehele peritoneale oppervlak peroperatief wordt gespoeld met verwarmde chemotherapie Theoretisch gezien is dit het meest effectief voor microscopisch achtergebleven restziekten na een debulkingoperatie en wordt er een betere intra-abdominale verdeling van de chemotherapie bereikt Het verhitten van de chemotherapie geeft een versterkt cytotoxisch effect (Ohno, Siddik, Kido, Zwelling, & Bull, ###) Recente literatuur laat zien dat HIPEC leidt tot een verbeterde overleving van een bepaalde groep patiënten met een hoog stadium In deze module willen we middels een gestructureerd literatuuronderzoek volgens de GRADE-methode vaststellen of deze procedure aan de behandeling van een gevorderd vergelijking met een debulking (C) alleen voor een verbetering in overleving (O) bij patiënten Met de literatuursearch is aanvankelijk een bredere vraag uitgezet, zodat alle relevante literatuur gevonden en gescreend zou worden Er werd geen uitkomstmaat (O) toegevoegd Bij de uiteindelijke beoordeling van de artikelen zijn alleen de artikelen meegenomen die - betrekking hebben op de primaire behandeling van het ovariumcarcinoom (recidieven - patiënten includeren met stadium III ovariumcarcinoom, omdat deze theoretisch gezien de meeste baat hebben van behandeling met HIPEC (extra-ovariële ziekte verspreid buiten het bekken, zonder parenchymale ingroei in intra-abdominale organen of extraabdominale ziekte); Vervolgens is de selectie gebaseerd op kwaliteit van het trialdesign Gerandomiseerde fase III studies hadden de voorkeur, indien deze niet worden gevonden zullen ook gecontroleerde De werkgroep achtte ziektevrije en totale overleving kritieke uitkomstmaten voor de - De ziektevrije overleving is de periode (in maanden) vanaf de debulking tot aan een klinisch of histologisch vastgesteld recidief of door ziekte veroorzaakte sterfte - De totale overleving is de periode (in maanden) vanaf de debulking tot aan ziekte De werkgroep definieerde een significante hazard-ratio/odds ratio als een relevant verschil In de database Pubmed werd er een literatuursearch uitgevoerd met de volgende hyperthermia, induced, fever therapy, induced hyperthermia, thermotherapy, therapeutic hyperthermia, local hyperthermia, Ovarian Neoplasms, ovarian neoplasm, ovarian tumor, ovarian tumour, ovarian cancer, ovarian malignancy, ovarian oncology,ovarian carcinoma, ovary cancer, ovaries cancer, cytoreduction, interval debulking, debulking De zoekverantwoording is weergegeven in bijlagen # en # De literatuursearch leverde ### resultaten op Er werd een eerste selectie van studies verricht op basis van het abstract Er werd gekeken naar de volgende criteria relevantie voor beantwoorden uitgangsvraag, het rapporteren van survivaldata, origineel onderzoek of systematisch review, studiepopulatie Op basis van titel en abstract werden er ## artikelen voorgeselecteerd Na kritische.
| 601 | nvog |
artikelen meegenomen die - betrekking hebben op de primaire behandeling van het ovariumcarcinoom (recidieven - patiënten includeren met stadium III ovariumcarcinoom, omdat deze theoretisch gezien de meeste baat hebben van behandeling met HIPEC (extra-ovariële ziekte verspreid buiten het bekken, zonder parenchymale ingroei in intra-abdominale organen of extraabdominale ziekte); Vervolgens is de selectie gebaseerd op kwaliteit van het trialdesign Gerandomiseerde fase III studies hadden de voorkeur, indien deze niet worden gevonden zullen ook gecontroleerde De werkgroep achtte ziektevrije en totale overleving kritieke uitkomstmaten voor de - De ziektevrije overleving is de periode (in maanden) vanaf de debulking tot aan een klinisch of histologisch vastgesteld recidief of door ziekte veroorzaakte sterfte - De totale overleving is de periode (in maanden) vanaf de debulking tot aan ziekte De werkgroep definieerde een significante hazard-ratio/odds ratio als een relevant verschil In de database Pubmed werd er een literatuursearch uitgevoerd met de volgende hyperthermia, induced, fever therapy, induced hyperthermia, thermotherapy, therapeutic hyperthermia, local hyperthermia, Ovarian Neoplasms, ovarian neoplasm, ovarian tumor, ovarian tumour, ovarian cancer, ovarian malignancy, ovarian oncology,ovarian carcinoma, ovary cancer, ovaries cancer, cytoreduction, interval debulking, debulking De zoekverantwoording is weergegeven in bijlagen # en # De literatuursearch leverde ### resultaten op Er werd een eerste selectie van studies verricht op basis van het abstract Er werd gekeken naar de volgende criteria relevantie voor beantwoorden uitgangsvraag, het rapporteren van survivaldata, origineel onderzoek of systematisch review, studiepopulatie Op basis van titel en abstract werden er ## artikelen voorgeselecteerd Na kritische de beoordeelde artikelen (fase II studie) Uiteindelijk werd er één gerandomiseerde fase III Voor de overweging van het advies in deze richtlijn werden bovendien nog een zevental andere artikelen geselecteerd van mindere methodologische kwaliteit; twee prospectieve studies met controle-arm;# retrospectieve case-control studies; en een prospectieve fase II studie De selectie werd gedaan op basis van de patiëntenpopulatie (patiënten in de (controlegroep aanwezig) Deze zeven artikelen rapporteren de mediane overleving, of het percentage overleving na #, #, of <LEEFTIJD> jaar voor de verschillende behandelarmen Groepen waren soms heterogeen, door inclusie van patiënten in verschillende ziektestadia en konden daarom niet getoetst worden aan de hand van GRADE Bovendien werd er een variatie gezien in het middel en de dosering van het chemotherapeuticum gebruikt voor de spoeling De belangrijkste studiekarakteristieken en resultaten van deze studies zijn samengevat in Eén onderzoek is opgenomen in de literatuuranalyse De belangrijkste studiekarakteristieken Bij de zoekstrategie en de evidencetabellen is de uitgebreide literatuursearch en selectie van artikelen beschreven Van de ### resultaten werden ## artikelen voorgeselecteerd op basis van titel en abstract Er werd # gerandomiseerde fase III studie geselecteerd, welke was gepowered op analyse van de recidiefvrije overleving (<PERSOON> et al , ###) In deze studie werden ### patiënten met een primair stadium III ovariumcarcinoom bij wie behandeling met neo-adjuvante chemotherapie en intervaldebulking noodzakelijk was na # kuren chemotherapie gerandomiseerd tussen een intervaldebulking met of zonder HIPEC (OVHIPEC-studie) In de studie-arm werd HIPEC uitgevoerd aan het eind van een.
| 608 | nvog |
(fase II studie) Uiteindelijk werd er één gerandomiseerde fase III Voor de overweging van het advies in deze richtlijn werden bovendien nog een zevental andere artikelen geselecteerd van mindere methodologische kwaliteit; twee prospectieve studies met controle-arm;# retrospectieve case-control studies; en een prospectieve fase II studie De selectie werd gedaan op basis van de patiëntenpopulatie (patiënten in de (controlegroep aanwezig) Deze zeven artikelen rapporteren de mediane overleving, of het percentage overleving na #, #, of <LEEFTIJD> jaar voor de verschillende behandelarmen Groepen waren soms heterogeen, door inclusie van patiënten in verschillende ziektestadia en konden daarom niet getoetst worden aan de hand van GRADE Bovendien werd er een variatie gezien in het middel en de dosering van het chemotherapeuticum gebruikt voor de spoeling De belangrijkste studiekarakteristieken en resultaten van deze studies zijn samengevat in Eén onderzoek is opgenomen in de literatuuranalyse De belangrijkste studiekarakteristieken Bij de zoekstrategie en de evidencetabellen is de uitgebreide literatuursearch en selectie van artikelen beschreven Van de ### resultaten werden ## artikelen voorgeselecteerd op basis van titel en abstract Er werd # gerandomiseerde fase III studie geselecteerd, welke was gepowered op analyse van de recidiefvrije overleving (<PERSOON> et al , ###) In deze studie werden ### patiënten met een primair stadium III ovariumcarcinoom bij wie behandeling met neo-adjuvante chemotherapie en intervaldebulking noodzakelijk was na # kuren chemotherapie gerandomiseerd tussen een intervaldebulking met of zonder HIPEC (OVHIPEC-studie) In de studie-arm werd HIPEC uitgevoerd aan het eind van een een temperatuur van ##oC gedurende ## minuten werd uitgevoerd Om nierschade te voorkomen werd er tijdens de HIPEC en # uur hierna intraveneus natrium thiosulphaat gegeven Na intervaldebulking met of zonder HIPEC, werden de patiënten behandeld met # kuren adjuvante chemotherapie Patiënten werden gevolgd gedurende <LEEFTIJD> jaar, met reguliere controles op specifieke tijden, inclusief geplande bepalingen van tumormarkers en CT-scans Toxiciteit werd gescoord aan de hand van de National Cancer Institute Common Terminology Criteria for Adverse Events (NCI CTCAE) Kwaliteit van leven werd gemeten aan de hand van de volgende European Organisation for Research and Treatment of Cancer De multicenter fase III studie, uitgevoerd door <PERSOON> et al , heeft patiënten met een primair stadium III ovariumcarcinoom gerandomiseerd om een intervaldebulking met of zonder HIPEC te ondergaan De studie had een open-label design, waarbij patiënten na # complete of optimale debulking was bereikt Er werden ### patiënten behandeld met HIPEC controle-arm), had ##% een recidief, vergeleken met ##% in de groep behandeld met recidiefvrije overleving was ##,# maanden in de controle-arm en ##,# maanden in de <PERSOON> et al , ###) Uit de studie van <PERSOON> et al blijkt dat behandeling met HIPEC gepaard ging met een langere OK-tijd veroorzaakt door de toevoeging van HIPEC (mediane OK duur ### min vs ### min ), en een dag IC-opname Ernstige toxiciteit (graad <DATUM> werd gezien in ## patiënten HIPEC Eén patiënt in de controlegroep overleed binnen ## dagen na de operatie.
| 635 | nvog |
## minuten werd uitgevoerd Om nierschade te voorkomen werd er tijdens de HIPEC en # uur hierna intraveneus natrium thiosulphaat gegeven Na intervaldebulking met of zonder HIPEC, werden de patiënten behandeld met # kuren adjuvante chemotherapie Patiënten werden gevolgd gedurende <LEEFTIJD> jaar, met reguliere controles op specifieke tijden, inclusief geplande bepalingen van tumormarkers en CT-scans Toxiciteit werd gescoord aan de hand van de National Cancer Institute Common Terminology Criteria for Adverse Events (NCI CTCAE) Kwaliteit van leven werd gemeten aan de hand van de volgende European Organisation for Research and Treatment of Cancer De multicenter fase III studie, uitgevoerd door <PERSOON> et al , heeft patiënten met een primair stadium III ovariumcarcinoom gerandomiseerd om een intervaldebulking met of zonder HIPEC te ondergaan De studie had een open-label design, waarbij patiënten na # complete of optimale debulking was bereikt Er werden ### patiënten behandeld met HIPEC controle-arm), had ##% een recidief, vergeleken met ##% in de groep behandeld met recidiefvrije overleving was ##,# maanden in de controle-arm en ##,# maanden in de <PERSOON> et al , ###) Uit de studie van <PERSOON> et al blijkt dat behandeling met HIPEC gepaard ging met een langere OK-tijd veroorzaakt door de toevoeging van HIPEC (mediane OK duur ### min vs ### min ), en een dag IC-opname Ernstige toxiciteit (graad <DATUM> werd gezien in ## patiënten HIPEC Eén patiënt in de controlegroep overleed binnen ## dagen na de operatie de HIPEC-groep) Binnen de groep die een darmresectie onderging, werd er vaker een stoma Alhoewel er geen bewijs is dat een anastomose na HIPEC ook daadwerkelijk leidt tot meer complicaties, zijn de precieze redenen voor het aanleggen van een - al dan niet tijdelijk stoma niet bekend De bewijskracht voor de ziektevrije overleving werd gedefinieerd als âhoogâ Er is één De bewijskracht voor de algehele overleving werd gedefinieerd als âhoogâ Er is één De bewijskracht voor toxiciteit gerelateerd aan HIPEC werd gedefinieerd als âmatigâ Er is één gerandomiseerde studie uitgevoerd met hoge kwaliteit, die niet primair gepowered was Bij patiënten met een primair stadium III ovariumcarcinoom bij wie na behandeling met neo-adjuvante chemotherapie een complete of optimale intervaldebulking mogelijk is, geeft een behandeling met een complete/optimale intervaldebulking in combinatie met HIPEC een betere optimale intervaldebulking mogelijk is, geeft een behandeling met een Er zijn geen redenen om aan te nemen dat behandeling met complete/optimale intervaldebulking in combinatie met HIPEC leidt tot intervaldebulking alleen, wanneer de juiste maatregelen genomen Ondanks maximale behandeling middels een complete of optimale debulking en platinumbevattende chemotherapie, heeft ##% van de patiënten met een hoog stadium In een gerandomiseerde studie leidde behandeling met intervaldebulking en HIPEC tot langere ziektevrije en algehele overleving vergeleken met behandeling zonder <PERSOON> et al , ###) Ook prospectieve case-controle studies met lagere patiëntaantallen lieten een winst in ziektevrije en algehele overleving zien, hoewel vaak de mediane overleving niet werd bereikt, en overleving werd weergegeven in percentage na een bepaalde periode.
| 630 | nvog |
Binnen de groep die een darmresectie onderging, werd er vaker een stoma Alhoewel er geen bewijs is dat een anastomose na HIPEC ook daadwerkelijk leidt tot meer complicaties, zijn de precieze redenen voor het aanleggen van een - al dan niet tijdelijk stoma niet bekend De bewijskracht voor de ziektevrije overleving werd gedefinieerd als âhoogâ Er is één De bewijskracht voor de algehele overleving werd gedefinieerd als âhoogâ Er is één De bewijskracht voor toxiciteit gerelateerd aan HIPEC werd gedefinieerd als âmatigâ Er is één gerandomiseerde studie uitgevoerd met hoge kwaliteit, die niet primair gepowered was Bij patiënten met een primair stadium III ovariumcarcinoom bij wie na behandeling met neo-adjuvante chemotherapie een complete of optimale intervaldebulking mogelijk is, geeft een behandeling met een complete/optimale intervaldebulking in combinatie met HIPEC een betere optimale intervaldebulking mogelijk is, geeft een behandeling met een Er zijn geen redenen om aan te nemen dat behandeling met complete/optimale intervaldebulking in combinatie met HIPEC leidt tot intervaldebulking alleen, wanneer de juiste maatregelen genomen Ondanks maximale behandeling middels een complete of optimale debulking en platinumbevattende chemotherapie, heeft ##% van de patiënten met een hoog stadium In een gerandomiseerde studie leidde behandeling met intervaldebulking en HIPEC tot langere ziektevrije en algehele overleving vergeleken met behandeling zonder <PERSOON> et al , ###) Ook prospectieve case-controle studies met lagere patiëntaantallen lieten een winst in ziektevrije en algehele overleving zien, hoewel vaak de mediane overleving niet werd bereikt, en overleving werd weergegeven in percentage na een bepaalde periode , ###; Fagotti et al , ###; Gori et al , ###; <PERSOON> et al , ###; Ryu et al , ###; Warschkow et al , ###) Ondanks deze beperking in de literatuur, wordt er uitgegaan van een verbetering in overleving voor patiënten behandeld met een debulking en HIPEC, zonder dat dit gepaard De bovengenoemde studies includeren patiënten met verschillende ziektestadia, waarbij patiënten worden behandeld met HIPEC in combinatie met een primaire of een intervaldebulking HIPEC wordt uitgevoerd met verschillende middelen en doseringen Bovendien wordt HIPEC in de meerderheid van de gevallen uitgevoerd wanneer er een complete of optimale debulking werd bereikt In deze richtlijn worden aanbevelingen gedaan op basis van gerandomiseerde studies In de gerandomiseerde studie die in deze richtlijn is beoordeeld werden enkel patiënten geïncludeerd met stadium III ziekte, die door uitgebreidheid van ziekte een intervaldebulking moesten ondergaan Het advies is gericht op deze specifieke groep patiënten In de studie is een leeftijdsgrens aangehouden van <LEEFTIJD> jaar, alhoewel het in de praktijk zinvoller lijkt om te kijken naar de performance status zoals weergegeven met behulp van de WHO-classificatie WHO #-# wat ook één van de Op basis van de bewijskracht van de huidige literatuur, wordt aanbevolen om behandeling met HIPEC aan te bieden in combinatie met een intervaldebulking, wanneer een complete of optimale intervaldebulking wordt bereikt Deze aanbeveling geldt voor patiënten met stadium III ziekte waarbij vanwege uitgebreidheid van de ziekte een uitgebreide primaire debulking niet haalbaar wordt geacht.
| 602 | nvog |
###; Fagotti et al , ###; Gori et al , ###; <PERSOON> et al , ###; Ryu et al , ###; Warschkow et al , ###) Ondanks deze beperking in de literatuur, wordt er uitgegaan van een verbetering in overleving voor patiënten behandeld met een debulking en HIPEC, zonder dat dit gepaard De bovengenoemde studies includeren patiënten met verschillende ziektestadia, waarbij patiënten worden behandeld met HIPEC in combinatie met een primaire of een intervaldebulking HIPEC wordt uitgevoerd met verschillende middelen en doseringen Bovendien wordt HIPEC in de meerderheid van de gevallen uitgevoerd wanneer er een complete of optimale debulking werd bereikt In deze richtlijn worden aanbevelingen gedaan op basis van gerandomiseerde studies In de gerandomiseerde studie die in deze richtlijn is beoordeeld werden enkel patiënten geïncludeerd met stadium III ziekte, die door uitgebreidheid van ziekte een intervaldebulking moesten ondergaan Het advies is gericht op deze specifieke groep patiënten In de studie is een leeftijdsgrens aangehouden van <LEEFTIJD> jaar, alhoewel het in de praktijk zinvoller lijkt om te kijken naar de performance status zoals weergegeven met behulp van de WHO-classificatie WHO #-# wat ook één van de Op basis van de bewijskracht van de huidige literatuur, wordt aanbevolen om behandeling met HIPEC aan te bieden in combinatie met een intervaldebulking, wanneer een complete of optimale intervaldebulking wordt bereikt Deze aanbeveling geldt voor patiënten met stadium III ziekte waarbij vanwege uitgebreidheid van de ziekte een uitgebreide primaire debulking niet haalbaar wordt geacht cisplatin als spoelmiddel, met een dosering van ### mg/m# en een abdominale temperatuur van ##ËC gedurende ## minuten, waarbij volgens protocol natrium thiosulfaat wordt Tijdens de ontwikkeling van deze richtlijn is systematisch gezocht naar onderzoek waarvan de resultaten bijdragen aan een antwoord op de uitgangsvragen Bij elke uitgangsvraag is Het effect van HIPEC voor patiënten die een primaire debulking ondergaan, is onvoldoende <PERSOON>, R , <PERSOON>, M P analysis of individual records for #<DATUM> ### patients diagnosed with one of ## cancers from ### population-based registries in ## countries <PERSOON> cisplatin and paclitaxel in ovarian cancer <PERSOON> effect of maximal cytoreductive surgery for advanced ovarian carcinoma during the <PERSOON> of microscopic disease with hyperthermic intraoperative survival in patients with stage IIIC/IV ovarian cancer <PERSOON>, ##(#), <PATIENTNUMMER># doi <DATUM> s###-###-###<DATUM> <PERSOON>, B.
| 513 | nvog |
mg/m# en een abdominale temperatuur van ##ËC gedurende ## minuten, waarbij volgens protocol natrium thiosulfaat wordt Tijdens de ontwikkeling van deze richtlijn is systematisch gezocht naar onderzoek waarvan de resultaten bijdragen aan een antwoord op de uitgangsvragen Bij elke uitgangsvraag is Het effect van HIPEC voor patiënten die een primaire debulking ondergaan, is onvoldoende <PERSOON>, R , <PERSOON>, M P analysis of individual records for #<DATUM> ### patients diagnosed with one of ## cancers from ### population-based registries in ## countries <PERSOON> cisplatin and paclitaxel in ovarian cancer <PERSOON> effect of maximal cytoreductive surgery for advanced ovarian carcinoma during the <PERSOON> of microscopic disease with hyperthermic intraoperative survival in patients with stage IIIC/IV ovarian cancer <PERSOON>, ##(#), <PATIENTNUMMER># doi <DATUM> s###-###-###<DATUM> <PERSOON>, G cancer patients a case-control study on survival in patients with two year follow-up <PERSOON>, J , De <PERSOON> hyperthermic chemotherapy in ovarian cancer <PERSOON-##>, K , <PERSOON-##> chemotherapy for the initial management of primary epithelial ovarian cancer Cochrane Database Syst Rev(#), <PERSOON-##>, J H , <PERSOON-##>, J M , Ryu, K S , <PERSOON-##>, Y S , Park, Y G , Hur, S Y , <PERSOON-##> enhancement of drug uptake and DNA adducts as a possible mechanism for the effect of sequencing Ryu, K S , <PERSOON-##>, J H , <PERSOON-##>, H S , <PERSOON-##>, J W , Ahn, W S , Park, Y G , <PERSOON-##> of intraperitoneal hyperthermic chemotherapy in ovarian cancer <PERSOON-##>, K.
| 440 | nvog |
<PERSOON>, G cancer patients a case-control study on survival in patients with two year follow-up <PERSOON>, J , De <PERSOON> hyperthermic chemotherapy in ovarian cancer <PERSOON>, K , <PERSOON> chemotherapy for the initial management of primary epithelial ovarian cancer Cochrane Database Syst Rev(#), <PERSOON>, J H , <PERSOON>, J M , Ryu, K S , <PERSOON>, Y S , Park, Y G , Hur, S Y , <PERSOON> enhancement of drug uptake and DNA adducts as a possible mechanism for the effect of sequencing Ryu, K S , <PERSOON>, J H , <PERSOON>, H S , <PERSOON>, J W , Ahn, W S , Park, Y G , <PERSOON-##> of intraperitoneal hyperthermic chemotherapy in ovarian cancer <PERSOON-##> catheter outcomes in a phase III trial of intravenous versus intraperitoneal chemotherapy in optimal stage III ovarian and primary peritoneal cancer a Gynecologic Oncology Group study <PERSOON-##>, M , & <PERSOON-##> hyperthermic intraoperative chemotherapy lead to improved outcomes in patients with ovarian cancer? A single center cohort study in ### <PERSOON-##> chemotherapy for newly diagnosed, advanced ovarian cancer Society of Gynecologic Oncology and American Society of Clinical prim = primair; rec = recidief; OS overall survival; RFS=recidief vrije overleving; HR=Hazard Ratio Voor het beoordelen van de actualiteit van deze richtlijnmodules is een gynaecologisch <INSTELLING> verantwoordelijk Voor de richtlijn epitheliaal ovariumcarcinoom is <PERSOON-##>) verantwoordelijk (rapport revisie gynaecologische oncologische richtlijnen april ###) GOZON zal minimaal tweejaarlijks de richtlijn toetsen aan de hand van nieuwe ontwikkelingen Mochten er nieuwe ontwikkelingen zijn die vragen om.
| 400 | nvog |
, <PERSOON> catheter outcomes in a phase III trial of intravenous versus intraperitoneal chemotherapy in optimal stage III ovarian and primary peritoneal cancer a Gynecologic Oncology Group study <PERSOON>, M , & <PERSOON> hyperthermic intraoperative chemotherapy lead to improved outcomes in patients with ovarian cancer? A single center cohort study in ### <PERSOON> chemotherapy for newly diagnosed, advanced ovarian cancer Society of Gynecologic Oncology and American Society of Clinical prim = primair; rec = recidief; OS overall survival; RFS=recidief vrije overleving; HR=Hazard Ratio Voor het beoordelen van de actualiteit van deze richtlijnmodules is een gynaecologisch <INSTELLING> verantwoordelijk Voor de richtlijn epitheliaal ovariumcarcinoom is <PERSOON>) verantwoordelijk (rapport revisie gynaecologische oncologische richtlijnen april ###) GOZON zal minimaal tweejaarlijks de richtlijn toetsen aan de hand van nieuwe ontwikkelingen Mochten er nieuwe ontwikkelingen zijn die vragen om Bijlagen bij module Behandeling hoog stadium Ovariumcarcinoom â plaats HIPEC In de verschillende fasen van de richtlijnontwikkeling is rekening gehouden met de implementatie van de modules en de praktische uitvoerbaarheid van de aanbevelingen Daarbij is uitdrukkelijk gelet op factoren die de invoering van de richtlijn in de praktijk kunnen bevorderen of belemmeren # Barrières kunnen zich bevinden op het niveau van de professional, op het niveau van de organisatie (het ziekenhuis) of op het niveau van het systeem (buiten het ziekenhuis) Denk bijvoorbeeld aan onenigheid in het land m b t de aanbeveling, onvoldoende motivatie of kennis bij de specialist, onvoldoende faciliteiten of personeel, nodige concentratie van zorg, # Denk aan acties die noodzakelijk zijn voor implementatie, maar ook acties die mogelijk zijn om de implementatie te bevorderen Denk bijvoorbeeld aan controleren aanbeveling tijdens kwaliteitsvisitatie, publicatie van de richtlijn, ontwikkelen van implementatietools, informeren van ziekenhuisbestuurders, regelen van goede vergoeding voor een bepaald # Wie de verantwoordelijkheden draagt voor implementatie van de aanbevelingen, zal tevens afhankelijk zijn van het niveau waarop zich barrières bevinden Barrières op het niveau van de professional zullen vaak opgelost moeten worden door de beroepsvereniging Barrières op het niveau van de organisatie zullen vaak onder verantwoordelijkheid van de ziekenhuisbestuurders vallen Bij het oplossen van barrières op het niveau van het systeem zijn ook andere partijen, zoals de NZA en zorgverzekeraars, van belang NVOG-richtlijnen/modules beschrijven een minimum van zorg te verlenen door een gynaecoloog kan geargumenteerd afwijken van een richtlijn/module wanneer concrete van een individuele patiënt.
| 466 | nvog |
Ovariumcarcinoom â plaats HIPEC In de verschillende fasen van de richtlijnontwikkeling is rekening gehouden met de implementatie van de modules en de praktische uitvoerbaarheid van de aanbevelingen Daarbij is uitdrukkelijk gelet op factoren die de invoering van de richtlijn in de praktijk kunnen bevorderen of belemmeren # Barrières kunnen zich bevinden op het niveau van de professional, op het niveau van de organisatie (het ziekenhuis) of op het niveau van het systeem (buiten het ziekenhuis) Denk bijvoorbeeld aan onenigheid in het land m b t de aanbeveling, onvoldoende motivatie of kennis bij de specialist, onvoldoende faciliteiten of personeel, nodige concentratie van zorg, # Denk aan acties die noodzakelijk zijn voor implementatie, maar ook acties die mogelijk zijn om de implementatie te bevorderen Denk bijvoorbeeld aan controleren aanbeveling tijdens kwaliteitsvisitatie, publicatie van de richtlijn, ontwikkelen van implementatietools, informeren van ziekenhuisbestuurders, regelen van goede vergoeding voor een bepaald # Wie de verantwoordelijkheden draagt voor implementatie van de aanbevelingen, zal tevens afhankelijk zijn van het niveau waarop zich barrières bevinden Barrières op het niveau van de professional zullen vaak opgelost moeten worden door de beroepsvereniging Barrières op het niveau van de organisatie zullen vaak onder verantwoordelijkheid van de ziekenhuisbestuurders vallen Bij het oplossen van barrières op het niveau van het systeem zijn ook andere partijen, zoals de NZA en zorgverzekeraars, van belang NVOG-richtlijnen/modules beschrijven een minimum van zorg te verlenen door een gynaecoloog kan geargumenteerd afwijken van een richtlijn/module wanneer concrete van een individuele patiënt De NVOG sluit iedere aansprakelijkheid uit voor de opmaak en de inhoud van de NVOGvoorlichtingsfolders, -standpunten, -richtlijnen(modules) etc , alsmede voor de gevolgen die de toepassing hiervan in de patiëntenzorg mocht hebben De NVOG stelt zich daarentegen voorlichtingsfolders, standpunten of richtlijnen Neemt u dan contact op met het Bureau van De richtlijn is ter consultatie voorgelegd en wordt/is geautoriseerd door De richtlijnontwikkeling werd ondersteund door IKNL en werd gefinancierd uit de Kwaliteitsgelden Medisch Specialisten (SKMS) De financier heeft geen enkele invloed gehad De richtlijnontwikkeling werd ondersteund <PERSOON> (senior-adviseur), <PERSOON>-code ter voorkoming van oneigenlijke beïnvloeding door belangenverstrengeling is gevolgd Alle werkgroepleden hebben schriftelijk verklaard of zij in de laatste drie jaar directe financiële belangen (betrekking bij een commercieel bedrijf, persoonlijke financiële belangenverklaringen zijn op te vragen bij het secretariaat van IKNL Geen van de belangen Met Stichting Olijf heeft gedurende het ontwikkelproces contact plaatsgevonden over het Een richtlijn is een aanbeveling ter ondersteuning van de belangrijkste knelpunten uit de Deze richtlijn is bestemd voor alle professionals die betrokken zijn bij de diagnostiek, behandeling en begeleiding van patiënten met een primair stadium III ovariumcarcinoom Richtlijnen # # van de adviescommissie <PERSOON> Het gynaecologisch <INSTELLING> (GOZON) inventariseerde de knelpunten bij de leden van de expertgroep Deze knelpunten zijn allemaal uitgezocht door de leden van de expertgroep Op basis van de uitkomsten van de knelpunten zijn door de expertgroep de definitieve uitgangsvragen vastgesteld Vervolgens inventariseerde de expertgroep per uitgangsvraag.
| 566 | nvog |
uit voor de opmaak en de inhoud van de NVOGvoorlichtingsfolders, -standpunten, -richtlijnen(modules) etc , alsmede voor de gevolgen die de toepassing hiervan in de patiëntenzorg mocht hebben De NVOG stelt zich daarentegen voorlichtingsfolders, standpunten of richtlijnen Neemt u dan contact op met het Bureau van De richtlijn is ter consultatie voorgelegd en wordt/is geautoriseerd door De richtlijnontwikkeling werd ondersteund door IKNL en werd gefinancierd uit de Kwaliteitsgelden Medisch Specialisten (SKMS) De financier heeft geen enkele invloed gehad De richtlijnontwikkeling werd ondersteund <PERSOON> (senior-adviseur), <PERSOON>-code ter voorkoming van oneigenlijke beïnvloeding door belangenverstrengeling is gevolgd Alle werkgroepleden hebben schriftelijk verklaard of zij in de laatste drie jaar directe financiële belangen (betrekking bij een commercieel bedrijf, persoonlijke financiële belangenverklaringen zijn op te vragen bij het secretariaat van IKNL Geen van de belangen Met Stichting Olijf heeft gedurende het ontwikkelproces contact plaatsgevonden over het Een richtlijn is een aanbeveling ter ondersteuning van de belangrijkste knelpunten uit de Deze richtlijn is bestemd voor alle professionals die betrokken zijn bij de diagnostiek, behandeling en begeleiding van patiënten met een primair stadium III ovariumcarcinoom Richtlijnen # # van de adviescommissie <PERSOON> Het gynaecologisch <INSTELLING> (GOZON) inventariseerde de knelpunten bij de leden van de expertgroep Deze knelpunten zijn allemaal uitgezocht door de leden van de expertgroep Op basis van de uitkomsten van de knelpunten zijn door de expertgroep de definitieve uitgangsvragen vastgesteld Vervolgens inventariseerde de expertgroep per uitgangsvraag Er werd voor de afzonderlijke uitgangsvragen aan de hand van specifieke zoektermen databases Tevens werd aanvullend gezocht naar studies aan de hand van de literatuurlijsten van de geselecteerde artikelen In eerste instantie werd gezocht naar studies met de hoogste mate van bewijs De leden van de expertgroep selecteerden de via de zoekactie gevonden artikelen op basis van vooraf opgestelde selectiecriteria De geselecteerde artikelen werden gebruikt om de uitgangsvraag te beantwoorden De databases waarin is bias) te kunnen inschatten Deze beoordelingen kunt u vinden in de Risk of Bias (RoB) tabellen De Cochrane ROB-tool werd gebruikt, dit is een gevalideerd instrument dat wordt Daarnaast heeft <PERSOON> (adviseur methodologie, IKNL) advies gegeven bij de Beoordelen van de kracht van het wetenschappelijke bewijs voor interventievragen (vragen De kracht van het wetenschappelijke bewijs werd bepaald volgens de GRADE-methode - er is hoge zekerheid dat het ware effect van behandeling dichtbij het - het is zeer onwaarschijnlijk dat de literatuurconclusie verandert wanneer er resultaten van nieuw grootschalig onderzoek aan de literatuuranalyse - er is matige zekerheid dat het ware effect van behandeling dichtbij het - het is mogelijk dat de conclusie verandert wanneer er resultaten van nieuw - er is lage zekerheid dat het ware effect van behandeling dichtbij het - er is een reële kans dat de conclusie verandert wanneer er resultaten van - er is zeer lage zekerheid dat het ware effect van behandeling dichtbij het meerdere literatuurconclusies waarbij het niveau van bewijs werd bepaald volgens de GRADE-methodiek.
| 553 | nvog |
aan de hand van specifieke zoektermen databases Tevens werd aanvullend gezocht naar studies aan de hand van de literatuurlijsten van de geselecteerde artikelen In eerste instantie werd gezocht naar studies met de hoogste mate van bewijs De leden van de expertgroep selecteerden de via de zoekactie gevonden artikelen op basis van vooraf opgestelde selectiecriteria De geselecteerde artikelen werden gebruikt om de uitgangsvraag te beantwoorden De databases waarin is bias) te kunnen inschatten Deze beoordelingen kunt u vinden in de Risk of Bias (RoB) tabellen De Cochrane ROB-tool werd gebruikt, dit is een gevalideerd instrument dat wordt Daarnaast heeft <PERSOON> (adviseur methodologie, IKNL) advies gegeven bij de Beoordelen van de kracht van het wetenschappelijke bewijs voor interventievragen (vragen De kracht van het wetenschappelijke bewijs werd bepaald volgens de GRADE-methode - er is hoge zekerheid dat het ware effect van behandeling dichtbij het - het is zeer onwaarschijnlijk dat de literatuurconclusie verandert wanneer er resultaten van nieuw grootschalig onderzoek aan de literatuuranalyse - er is matige zekerheid dat het ware effect van behandeling dichtbij het - het is mogelijk dat de conclusie verandert wanneer er resultaten van nieuw - er is lage zekerheid dat het ware effect van behandeling dichtbij het - er is een reële kans dat de conclusie verandert wanneer er resultaten van - er is zeer lage zekerheid dat het ware effect van behandeling dichtbij het meerdere literatuurconclusies waarbij het niveau van bewijs werd bepaald volgens de GRADE-methodiek (overall conclusie) Bij het opmaken van de balans werden de gunstige en ongunstige effecten voor de patiënt afgewogen De overall bewijskracht wordt bepaald door de laagste bewijskracht gevonden bij een van de kritieke uitkomstmaten Bij complexe besluitvorming waarin naast de conclusies uit de systematische literatuuranalyse vele aanvullende argumenten (overwegingen) een rol spelen, werd afgezien van een overall conclusie In dat geval werden de gunstige en ongunstige effecten van de interventies samen met alle Om te komen tot een aanbeveling zijn naast (de kwaliteit van) het wetenschappelijke bewijs ook andere aspecten belangrijk en worden meegewogen, zoals de expertise van de expertgroep, de waarden en voorkeuren van de patiënt (patient values and preferences), kosten, beschikbaarheid van voorzieningen en organisatorische zaken Deze aspecten worden, voor zover geen onderdeel van de literatuursamenvatting, vermeld en beoordeeld De aanbevelingen geven antwoord op de uitgangsvraag en zijn gebaseerd op het beschikbare wetenschappelijke bewijs en de belangrijkste overwegingen, en een weging van de gunstige en ongunstige effecten van de relevante interventies De kracht van het bewijskracht ook zwakke aanbevelingen mogelijk De sterkte van de aanbeveling wordt altijd bepaald door weging van alle relevante argumenten tezamen In de knelpuntenanalyse en bij de ontwikkeling van de richtlijn is expliciet rekening gehouden met de organisatie van zorg alle aspecten die randvoorwaardelijk zijn voor het verlenen van zorg (zoals coördinatie, communicatie, (financiële) middelen, menskracht en infrastructuur) Randvoorwaarden die relevant zijn voor het beantwoorden van een specifieke uitgangsvraag maken onderdeel uit van de overwegingen bij de bewuste.
| 551 | nvog |
van de balans werden de gunstige en ongunstige effecten voor de patiënt afgewogen De overall bewijskracht wordt bepaald door de laagste bewijskracht gevonden bij een van de kritieke uitkomstmaten Bij complexe besluitvorming waarin naast de conclusies uit de systematische literatuuranalyse vele aanvullende argumenten (overwegingen) een rol spelen, werd afgezien van een overall conclusie In dat geval werden de gunstige en ongunstige effecten van de interventies samen met alle Om te komen tot een aanbeveling zijn naast (de kwaliteit van) het wetenschappelijke bewijs ook andere aspecten belangrijk en worden meegewogen, zoals de expertise van de expertgroep, de waarden en voorkeuren van de patiënt (patient values and preferences), kosten, beschikbaarheid van voorzieningen en organisatorische zaken Deze aspecten worden, voor zover geen onderdeel van de literatuursamenvatting, vermeld en beoordeeld De aanbevelingen geven antwoord op de uitgangsvraag en zijn gebaseerd op het beschikbare wetenschappelijke bewijs en de belangrijkste overwegingen, en een weging van de gunstige en ongunstige effecten van de relevante interventies De kracht van het bewijskracht ook zwakke aanbevelingen mogelijk De sterkte van de aanbeveling wordt altijd bepaald door weging van alle relevante argumenten tezamen In de knelpuntenanalyse en bij de ontwikkeling van de richtlijn is expliciet rekening gehouden met de organisatie van zorg alle aspecten die randvoorwaardelijk zijn voor het verlenen van zorg (zoals coördinatie, communicatie, (financiële) middelen, menskracht en infrastructuur) Randvoorwaarden die relevant zijn voor het beantwoorden van een specifieke uitgangsvraag maken onderdeel uit van de overwegingen bij de bewuste besproken met de werkgroep Naar aanleiding van de commentaren werd de conceptrichtlijnmodule aangepast en definitief vastgesteld door de werkgroep De definitieve richtlijnmodule werd aan de deelnemende (wetenschappelijke) verenigingen en (patiënt-)organisaties voorgelegd voor autorisatie en door hen geautoriseerd dan wel Om een veilige, gecontroleerde en kosteneffectieve introductie van Cytoreductieve ovariumcarcinoom in <LOCATIE> te bewerkstellingen zal deze behandeling niet in elk ziekenhuis uitgevoerd worden Naast de bestaande criteria die gelden voor het uit kunnen voeren van de debulkingschirurgie voor het ovariumcarcinoom zijn er aanvullende criteria voor centra die de HIPEC voor het ovariumcarcinoom kunnen gaan uitvoeren - HIPEC voor het ovariumcarcinoom kan uitgevoerd worden in een van de erkende gynaecologische oncologische centra In deze centra is tenminste #,# fte gynaecologisch oncoloog aanwezig om de pre- en postoperatieve zorg rondom deze procedure te - De zorginstelling die geen gynaecologisch oncologisch <INSTELLING> is maar waar wel de HIPEC voor het colon carcinoom uitvoeren, kan ook de HIPEC voor het ovariumcarcinoom - Centra anders dan de erkende gynaecologische oncologische centra die de HIPEC willen gaan opzetten kunnen dit alleen doen na overleg binnen het regionale verband en in - Start van HIPEC-behandeling voor ovariumcarcinoom in nieuwe centra gebeurt onder supervisie van een reeds bestaand <INSTELLING> met aantoonbare deskundigheid in HIPECbehandeling met ovariumcarcinoom of colon carcinoom, zoals in dit document - Bij elke operatie waarbij cytoreductieve chirurgie en HIPEC voor het ovariumcarcinoom wordt uitgevoerd, is een gynaecologisch oncoloog aanwezig en is er een goede - Binnen de instelling wordt de HIPEC-behandeling door ten minste twee gynaecologen uitgevoerd die getraind zijn in de HIPEC-behandeling.
| 566 | nvog |
Dit werkdocument is tot stand gekomen met medewerking van laboratoriumspecialisten klinische genetica uit de verschillende <INSTELLING>âs, de Werkgroep Prenatale Genetica (WPG), de Werkgroep Prenatale Diagnostiek en Therapie (WPDT) en de kerngroep NIPT Dit document is bedoeld als leidraad voor In geval van een afwijkende NIPT zal de zwangere vrouw verwezen worden naar een <INSTELLING> voor Prenatale Diagnostiek (PND) waar ook invasieve diagnostiek verricht wordt De zwangere kan dan, na counseling, kiezen om geen vervolgonderzoek te laten doen of kiezen voor vervolgonderzoek middels een diagnostische test zoals een vlokkentest of vruchtwaterpunctie De keuze van de test wordt bepaald door verschillende factoren zoals de zwangerschapstermijn en persoonlijke wensen van de zwangere, maar is óók afhankelijk van de aard van de chromosoomafwijking Indien de zwangere tijdens de zwangerschap geen vervolgonderzoek wenst, kan na de geboorte bloeden eventueel placentaonderzoek worden uitgevoerd om het karyotype van het kind te achterhalen Indien het paar de zwangerschap wenst te beëindigen in een PND-<INSTELLING>, dan dient de afwijkende NIPT uitslag altijd eerst bevestigd te worden door middel van een invasieve test, omdat de NIPT uitslag niet altijd overeenkomt met het karyotype van de foetus Indien er sprake is van echoscopische afwijkingen, is er uiteraard sprake van een andere situatie en zullen de echoscopische bevindingen primair als uitgangspunt gelden voor het verdere traject Het diagnostisch vervolgonderzoek bestaat uit een vlokkentest of een vruchtwaterpunctie #a Bij een vlokkentest dient altijd rekening gehouden te worden met een kleine kans dat er eveneens een vruchtwaterpunctie nodig is om tot een definitieve uitslag te komen Die kans is <DATUM> en is het grootst voor Trisomie ## en het kleinst voor Trisomie ## (zie Grati et #b In geval van een Trisomie ## of Trisomie ## kan een GUO, voorafgaande aan de invasieve ingreep, de keuze tussen een vlokkentest, een vruchtwaterpunctie of geen vervolgonderzoek helpen bepalen Indien er bij een GUO afwijkingen zijn, is de a priori kans op een afwijkende uitslag van invasieve diagnostiek vele malen groter Bij een GUO zonder afwijkingen is de kans op een Trisomie ## heel erg klein # Diagnostisch vervolgonderzoek bij aanwijzingen voor andere chromosoomafwijkingen #a NIPT met aanwijzing voor een Trisomie anders dan Trisomie ##, ## en ## ï· Voorkeur voor vruchtwaterpunctie omdat de a priori kans op CPM is verhoogd Hierdoor is er, indien gekozen wordt voor een vlokkentest, een verhoogde kans dat de zwangere twee ingrepen (een vlokkentest én een vruchtwaterpunctie) zal moeten ondergaan, alvorens duidelijkheid te krijgen over de betekenis van de nevenbevinding ï· Een uitzondering is Trisomie # waarvoor i p v een vruchtwaterpunctie beter een vlokkentest wordt aangeboden in verband met weefselspecificiteit van deze chromosoomafwijking kan deze afwijking in vruchtwater worden gemist (zie o a <PERSOON> et al , ###; van Haelst et al , ###) Bovendien is trisomie # meestal betrokken in CPM type # (Trisomie # beperkt tot CTB met een normale MC, en dus normale foetus), waardoor een vlokkentest in geval van CPM meestal een betrouwbare (normale) uitslag.
| 600 | nvog |
een definitieve uitslag te komen Die kans is <DATUM> en is het grootst voor Trisomie ## en het kleinst voor Trisomie ## (zie Grati et #b In geval van een Trisomie ## of Trisomie ## kan een GUO, voorafgaande aan de invasieve ingreep, de keuze tussen een vlokkentest, een vruchtwaterpunctie of geen vervolgonderzoek helpen bepalen Indien er bij een GUO afwijkingen zijn, is de a priori kans op een afwijkende uitslag van invasieve diagnostiek vele malen groter Bij een GUO zonder afwijkingen is de kans op een Trisomie ## heel erg klein # Diagnostisch vervolgonderzoek bij aanwijzingen voor andere chromosoomafwijkingen #a NIPT met aanwijzing voor een Trisomie anders dan Trisomie ##, ## en ## ï· Voorkeur voor vruchtwaterpunctie omdat de a priori kans op CPM is verhoogd Hierdoor is er, indien gekozen wordt voor een vlokkentest, een verhoogde kans dat de zwangere twee ingrepen (een vlokkentest én een vruchtwaterpunctie) zal moeten ondergaan, alvorens duidelijkheid te krijgen over de betekenis van de nevenbevinding ï· Een uitzondering is Trisomie # waarvoor i p v een vruchtwaterpunctie beter een vlokkentest wordt aangeboden in verband met weefselspecificiteit van deze chromosoomafwijking kan deze afwijking in vruchtwater worden gemist (zie o a <PERSOON> et al , ###; van Haelst et al , ###) Bovendien is trisomie # meestal betrokken in CPM type # (Trisomie # beperkt tot CTB met een normale MC, en dus normale foetus), waardoor een vlokkentest in geval van CPM meestal een betrouwbare (normale) uitslag Recente studies hebben gesuggereerd dat FISH/array op ongekweekt vruchtwater in tegenstelling tot karyotypering van gekweekte vruchtwatercellen wel geschikt is voor het opsporen van Trisomie # mosaïcisme, maar bewijs hiervoor is nog ï· Een vlokkentest kan ook worden aangeboden bij aanwijzingen voor Trisomie #, #, # of ## Indien MC afwijkend of mozaïek, dan alsnog een vruchtwaterpunctie adviseren voor een definitief resultaat Indien MC normaal is, kan een normale uitslag worden ï· Er is een contra-indicatie voor een vlokkentest bij aanwijzingen Trisomie ##, ## en ## (Zie voor onderbouwing van het beleid bij de verschillende chromosoomafwijkingen Van ï· In geval van Trisomie #, #, ##, ##, ## en eventueel Trisomie ## (volgens lokaal beleid) zal naast het cytogenetisch onderzoek in vlokken of vruchtwater ook UPD worden ï· Om uit te sluiten dat de chromosoomafwijking in laag mozaïek bij de moeder aanwezig is en de oorzaak is van de afwijkende NIPT, zal in alle gevallen naast de vlok/vruchtwater eveneens bloed van de moeder worden onderzocht (middels karyotypering, FISH of #b NIPT met aanwijzing voor een structurele chromosoomafwijking Vervolgonderzoek vlokkentest of vruchtwaterpunctie De a priori kans op CPM is verhoogd, waardoor er, indien er gekozen wordt voor een vlokkentest, wel een kans bestaat dat de zwangere twee ingrepen (een vlokkentest én een vruchtwaterpunctie) zal moeten ondergaan, alvorens duidelijkheid te krijgen Test samen met vlok/vruchtwater het bloed van de moeder om uit te sluiten dat wordt daarom niet gerapporteerd (besluit NIPT Consortium <DATUM> b.
| 632 | nvog |
Recente studies hebben gesuggereerd dat FISH/array op ongekweekt vruchtwater in tegenstelling tot karyotypering van gekweekte vruchtwatercellen wel geschikt is voor het opsporen van Trisomie # mosaïcisme, maar bewijs hiervoor is nog ï· Een vlokkentest kan ook worden aangeboden bij aanwijzingen voor Trisomie #, #, # of ## Indien MC afwijkend of mozaïek, dan alsnog een vruchtwaterpunctie adviseren voor een definitief resultaat Indien MC normaal is, kan een normale uitslag worden ï· Er is een contra-indicatie voor een vlokkentest bij aanwijzingen Trisomie ##, ## en ## (Zie voor onderbouwing van het beleid bij de verschillende chromosoomafwijkingen Van ï· In geval van Trisomie #, #, ##, ##, ## en eventueel Trisomie ## (volgens lokaal beleid) zal naast het cytogenetisch onderzoek in vlokken of vruchtwater ook UPD worden ï· Om uit te sluiten dat de chromosoomafwijking in laag mozaïek bij de moeder aanwezig is en de oorzaak is van de afwijkende NIPT, zal in alle gevallen naast de vlok/vruchtwater eveneens bloed van de moeder worden onderzocht (middels karyotypering, FISH of #b NIPT met aanwijzing voor een structurele chromosoomafwijking Vervolgonderzoek vlokkentest of vruchtwaterpunctie De a priori kans op CPM is verhoogd, waardoor er, indien er gekozen wordt voor een vlokkentest, wel een kans bestaat dat de zwangere twee ingrepen (een vlokkentest én een vruchtwaterpunctie) zal moeten ondergaan, alvorens duidelijkheid te krijgen Test samen met vlok/vruchtwater het bloed van de moeder om uit te sluiten dat wordt daarom niet gerapporteerd (besluit NIPT Consortium <DATUM> b g i(##)(p##)) GEEN vlokkentest maar Afwijking bevestigen met array op EDTA bloed van moeder Indien bevestigd, #c NIPT laat complex patroon van meerdere (sub)chromosomale afwijkingen zien # De uitvoering van het cytogenetisch vervolgonderzoek in vlokken en vruchtwater Apart onderzoek van CTB en MC CTB voor bevestiging van de NIPT en MC voor onderzoek van NIPT met aanwijzing voor Trisomie ##, ## en ## onderzoek van minimaal MC met o T## en T## ï karyotypering voor onderscheid erfelijke en niet-erfelijke o T## ï eventueel karyotypering voor uitsluiting van een structurele Bij verdenking mosaïcisme in MC vruchtwaterpunctie adviseren ter uitsluiting CPM Indien MC normaal (geen T##, T##, T##) eventueel nog volledig een andere chromosoomafwijking Dit is mede afhankelijk van de echobevindingen NIPT met aanwijzing voor overige chromosoomafwijkingen onderzoek van minimaal MC met o Indien ###% of mozaïek trisomie in MC verder onderzoek in vruchtwater gekweekte cellen (bv indien resultaat suggestief is voor een o T## ï eventueel karyotypering voor uitsluiting structurele afwijking (middels array/karyotypering/FISH) van de gekweekte cellen volgens lokaal gebruik (bv ter uitsluiting van een mozaïek in gekweekte cellen en/of ter uitsluiting van een cellen (bv indien ongekweekt vruchtwater suggestief voor een ongebalanceerde volgens lokaal gebruik (bv ter uitsluiting van een mozaïek in gekweekte cellen Bij afwijkend vervolgonderzoek in de foetus met onvoldoende duidelijkheid over de GUO eventueel bij eerdere zwangerschapsduur indien van belang voor keuze vlokkentest of Bij alle bevestigde afwijkingen, inclusief bij (verdenking op) CPM, elke # weken.
| 639 | nvog |
Afwijking bevestigen met array op EDTA bloed van moeder Indien bevestigd, #c NIPT laat complex patroon van meerdere (sub)chromosomale afwijkingen zien # De uitvoering van het cytogenetisch vervolgonderzoek in vlokken en vruchtwater Apart onderzoek van CTB en MC CTB voor bevestiging van de NIPT en MC voor onderzoek van NIPT met aanwijzing voor Trisomie ##, ## en ## onderzoek van minimaal MC met o T## en T## ï karyotypering voor onderscheid erfelijke en niet-erfelijke o T## ï eventueel karyotypering voor uitsluiting van een structurele Bij verdenking mosaïcisme in MC vruchtwaterpunctie adviseren ter uitsluiting CPM Indien MC normaal (geen T##, T##, T##) eventueel nog volledig een andere chromosoomafwijking Dit is mede afhankelijk van de echobevindingen NIPT met aanwijzing voor overige chromosoomafwijkingen onderzoek van minimaal MC met o Indien ###% of mozaïek trisomie in MC verder onderzoek in vruchtwater gekweekte cellen (bv indien resultaat suggestief is voor een o T## ï eventueel karyotypering voor uitsluiting structurele afwijking (middels array/karyotypering/FISH) van de gekweekte cellen volgens lokaal gebruik (bv ter uitsluiting van een mozaïek in gekweekte cellen en/of ter uitsluiting van een cellen (bv indien ongekweekt vruchtwater suggestief voor een ongebalanceerde volgens lokaal gebruik (bv ter uitsluiting van een mozaïek in gekweekte cellen Bij afwijkend vervolgonderzoek in de foetus met onvoldoende duidelijkheid over de GUO eventueel bij eerdere zwangerschapsduur indien van belang voor keuze vlokkentest of Bij alle bevestigde afwijkingen, inclusief bij (verdenking op) CPM, elke # weken Indien een afwijkend kind na normaal prenataal cytogenetisch vervolgonderzoek Minimaal # placentabiopten uit # kwadranten (biopten van <DATUM> cm#, van maternale zijde, in aparte buis/potje in kweekmedium of fysiologisch zout GEEN formaline) ï· Bij voorkeur onderzoek van ongekweekt materiaal (cellen met FISH of DNA met array, of DNA opwerken als NIPT (Shearen, verdunnen, lib-prep, seq, WISECONDOR <PERSOON> C-P, <PERSOON> M, Pan Y-J, <PERSOON> F-J, et al Prenatal diagnosis of mosaic trisomy # clinical report and literature review <PERSOON> ###;## #<DATUM> <PERSOON> CP, <PERSOON> YN, Chern SR, <PERSOON> YT, <PERSOON> JW, Pan CW, <PERSOON> diagnosis of trisomy # mosaicism <PERSOON> and uniparental disomy in prenatal diagnosis Gezondheidsraad Nevenbevindingen bij diagnostiek in de patiëntenzorg <PERSOON> type of feto-placental aneuploidy detected by cfDNA testing may influence the choice of <PERSOON> JS, Neu RL, Barton JR Difficulties in prenatal detection of mosaic trisomy # <PERSOON>K, Straver R, van Maarle MC, Knegt AC, Van Opstal D, Sleutels F, Smeets D, Sistermans> EA Mosaic maternal ##qter deletions are associated with FRA##B expansions and may cause false positive NIPT results Genet Med ### Mar # doi <DATUM> gim ### ## <PERSOON-##>, J.
| 618 | nvog |
Trombocytopenie bij de zwangerschap kan zowel de moeder als het (ongeboren) kind betreffen Het aantal circulerende trombocyten is dan minder dan ###·###/l, wat gepaard kan gaan met een verhoogde bloedingsneiging Maternale trombocytopenie is een regelmatig voorkomend probleem in de zwangerschap Bij deze vorm van trombocytopenie ontstaat zelden een probleem bij de neonaat Anders is dat bij de foetale of neonatale allo-immuun-trombocytopenie (FNAIT) deze afwijking komt zelden voor, maar kan voor het kind tot ernstige problemen leiden Maternale trombocytopenie komt voor in <DATUM> van alle zwangerschappen De obstetricus wordt er regelmatig mee geconfronteerd omdat het aantal circulerende trombocyten routinematig De meeste zwangeren met trombocytopenie hebben een zwangerschap-geassocieerde trombocytopenie een benigne, voorbijgaande aandoening die geen verhoogd bloedingsrisico voor moeder en kind met zich meebrengt Het kan echter lastig zijn om deze zwangerschap-geassocieerde trombocytopenie te onderscheiden van idiopathische (auto-immuun) trombocytopenie (ITP) Hierbij kan passage van trombocytenantistoffen over de placenta in zeldzame gevallen leiden tot foetale of neonatale trombocytopenie met bloedingsproblemen Verder kan trombocytopenie een aanduiding zijn van ernstige zwangerschap is het belangrijk te denken aan belangrijke secundaire oorzaken en de kans op bloedingen bij moeder en kind af te wegen tegen de risico's van diagnostische en therapeutische interventies Maternale trombocytopenie is gedefinieerd als een circulerend trombocytenaantal minder dan ###·###/l Trombocytenaantallen veranderen met de zwangerschapsduur; in de definitie wordt hiermee geen rekening gehouden In een aantal artikelen worden referentiewaarden gegeven voor trombocytenaantallen tijdens de zwangerschap In een longitudinale studie bij ### vrouwen onder tweedelijns controle vonden Steegers et al een daling van het trombocytenaantal behorend bij de #e percentiel van ###·###/l preconceptioneel tot ###·###/l bij ## weken# In een prospectieve serie van <DATUM> zwangerschappen vond Shehata ### Trombocyten zijn kernloze circulerende cellen die geproduceerd worden door megakaryocyten in het beenmerg Trombocyten circuleren <DATUM> dagen en worden aan het einde van hun levenscyclus geklaard in het reticulo-endotheliale systeem Trombocyten zijn essentieel voor het repareren van schade aan de vaatwand Hun aggregatie wordt geremd door intact endotheel Bij beschadiging van het endotheel komt uit het subendotheel collageen vrij, hetgeen de binding van Von Willebrandtfactor (vWF) op het endotheel aan de glycoproteïne (GP)-Ib-receptor op de trombocyt stimuleert Dit leidt tot expressie van het GP-IIb-IIIa-complex op de trombocyt, waardoor fibrinogeen uit de circulatie gebonden wordt en een stolsel kan ontstaan De belangrijkste mechanismen die kunnen leiden tot trombocytopenie zijn een verminderde productie en een verhoogde afbraak Verminderde trombocytenproductie kan het gevolg zijn van allerlei virale infecties, waaronder HIV, bestraling, chemotherapie, alcoholtoxiciteit, vitamine B##- en foliumzuurdeficiëntie en congenitale of verworven beenmergaplasie of -hypoplasie Verhoogde trombocytenafbraak doet zich voor in verschillende situaties, zoals auto-immuundestructie bij ITP, allo-immuundestructie bij het kind, DIS, antifosfolipidensyndroom (AFS), pre-eclampsie en HELLP, door bepaalde medicamenten, infecties en een aantal andere zeldzame condities zoals heparine geïndiceerde trombopenie (HIT) Verder kan er nog een trombocytopenie ontstaan door verdunning zoals in de zwangerschap optreedt, of na massale bloedtransfusie of door redistributie van de beschikbare trombocyten, zoals bijvoorbeeld bij splenomegalie Een.
| 618 | nvog |
vonden Steegers et al een daling van het trombocytenaantal behorend bij de #e percentiel van ###·###/l preconceptioneel tot ###·###/l bij ## weken# In een prospectieve serie van <DATUM> zwangerschappen vond Shehata ### Trombocyten zijn kernloze circulerende cellen die geproduceerd worden door megakaryocyten in het beenmerg Trombocyten circuleren <DATUM> dagen en worden aan het einde van hun levenscyclus geklaard in het reticulo-endotheliale systeem Trombocyten zijn essentieel voor het repareren van schade aan de vaatwand Hun aggregatie wordt geremd door intact endotheel Bij beschadiging van het endotheel komt uit het subendotheel collageen vrij, hetgeen de binding van Von Willebrandtfactor (vWF) op het endotheel aan de glycoproteïne (GP)-Ib-receptor op de trombocyt stimuleert Dit leidt tot expressie van het GP-IIb-IIIa-complex op de trombocyt, waardoor fibrinogeen uit de circulatie gebonden wordt en een stolsel kan ontstaan De belangrijkste mechanismen die kunnen leiden tot trombocytopenie zijn een verminderde productie en een verhoogde afbraak Verminderde trombocytenproductie kan het gevolg zijn van allerlei virale infecties, waaronder HIV, bestraling, chemotherapie, alcoholtoxiciteit, vitamine B##- en foliumzuurdeficiëntie en congenitale of verworven beenmergaplasie of -hypoplasie Verhoogde trombocytenafbraak doet zich voor in verschillende situaties, zoals auto-immuundestructie bij ITP, allo-immuundestructie bij het kind, DIS, antifosfolipidensyndroom (AFS), pre-eclampsie en HELLP, door bepaalde medicamenten, infecties en een aantal andere zeldzame condities zoals heparine geïndiceerde trombopenie (HIT) Verder kan er nog een trombocytopenie ontstaan door verdunning zoals in de zwangerschap optreedt, of na massale bloedtransfusie of door redistributie van de beschikbare trombocyten, zoals bijvoorbeeld bij splenomegalie Een Typische klinische kenmerken van trombocytopenie zijn petechiën <DATUM> mm kleine subcutane bloedingen Ecchymosen en neusbloedingen worden daarnaast als klinische verschijnselen gevonden Klinische of spontane bloedingen treden meestal niet op totdat het trombocytenaantal daalt onder de ##-##·###/l Levensbedreigende bloedingen in de tractus digestivus of hersenen zijn zeldzaam en worden zelden gevonden bij een trombocytenaantal hoger dan ##·###/l Wanneer het trombocytenaantal hoger is dan ##·###/l leidt dit doorgaans niet tot problemen bij chirurgische interventies Voor de differentiële diagnose van maternale trombocytopenie zie tabel # Bij alle zwangeren met een trombocytopenie moet de mogelijkheid van een hypertensieve Screening op maternale trombocytopenie bij asymptomatische vrouwen is niet zinvol# , maar gezien de automatische <INSTELLING> van bloedcellen kan de gynaecoloog bij een hematologische bepaling geconfronteerd Een trombocytenaantal ) ###·###/l behoeft geen verdere evaluatie indien er geen andere symptomen zijn bij Bij een trombocytenaantal tussen ## en ###·###/l,, een blanco anamnese, afwezigheid van klinische verschijnselen, bloedingsneiging of klachten is een hernieuwde telling in een citraatbuis (en eventueel een bloeduitstrijk) om een EDTA-pseudotrombocytenfenomeen uit te sluiten, verantwoord (bewijskrachtniveau D) Indien tevens een anemie aanwezig is kan een vitamine B##- of foliumzuurdeficiëntie bestaan Blijven de trombocyten ) ##·###/l en ontstaan geen klinische verschijnselen, dan is maandelijkse controle van het Indien er # weken post partum een persisterende trombocytopenie is dient de vrouw voor verdere evaluatie Bij klachten en/of een trombocytenaantal ( ##·###/l moet nadere diagnostiek worden verricht Bij de hypertensieve zwangerschapscomplicaties (pre-eclampsie en het HELLP-syndroom) en acute fatty liver of.
| 663 | nvog |
kenmerken van trombocytopenie zijn petechiën <DATUM> mm kleine subcutane bloedingen Ecchymosen en neusbloedingen worden daarnaast als klinische verschijnselen gevonden Klinische of spontane bloedingen treden meestal niet op totdat het trombocytenaantal daalt onder de ##-##·###/l Levensbedreigende bloedingen in de tractus digestivus of hersenen zijn zeldzaam en worden zelden gevonden bij een trombocytenaantal hoger dan ##·###/l Wanneer het trombocytenaantal hoger is dan ##·###/l leidt dit doorgaans niet tot problemen bij chirurgische interventies Voor de differentiële diagnose van maternale trombocytopenie zie tabel # Bij alle zwangeren met een trombocytopenie moet de mogelijkheid van een hypertensieve Screening op maternale trombocytopenie bij asymptomatische vrouwen is niet zinvol# , maar gezien de automatische <INSTELLING> van bloedcellen kan de gynaecoloog bij een hematologische bepaling geconfronteerd Een trombocytenaantal ) ###·###/l behoeft geen verdere evaluatie indien er geen andere symptomen zijn bij Bij een trombocytenaantal tussen ## en ###·###/l,, een blanco anamnese, afwezigheid van klinische verschijnselen, bloedingsneiging of klachten is een hernieuwde telling in een citraatbuis (en eventueel een bloeduitstrijk) om een EDTA-pseudotrombocytenfenomeen uit te sluiten, verantwoord (bewijskrachtniveau D) Indien tevens een anemie aanwezig is kan een vitamine B##- of foliumzuurdeficiëntie bestaan Blijven de trombocyten ) ##·###/l en ontstaan geen klinische verschijnselen, dan is maandelijkse controle van het Indien er # weken post partum een persisterende trombocytopenie is dient de vrouw voor verdere evaluatie Bij klachten en/of een trombocytenaantal ( ##·###/l moet nadere diagnostiek worden verricht Bij de hypertensieve zwangerschapscomplicaties (pre-eclampsie en het HELLP-syndroom) en acute fatty liver of Zwangerschapsgerelateerde HUS komt voor bij ongeveer # ## ### zwangerschappen# Het ontstaat vaak in het peripartum en wordt gekenmerkt door acuut nierfalen en microangiopathische hemolytische anemie en trombocytopenie HUS gaat vaak gepaard met een infectie met enterohemorragische E coli Het is vaak moeilijk deze aandoening te onderscheiden van pre-eclampsie/HELLP<DATUM> De belangrijkste verschillen zijn de afwezigheid van DIS bij HUS en het feit dat bij pre-eclampsie, anders dan bij HUS, in het algemeen TTP is een zeldzame, ernstige multisysteemziekte die in ##-##% van de gevallen ontstaat tijdens of direct na een zwangerschap TTP manifesteert zich vaak voor het eerst in een zwangerschap Op de voorgrond staan trombocytopenie, neurologische symptomen en microangiopathische hemolytische anemie, maar soms ook een verslechterde nierfunctie Het ziektebeeld is vaak niet te onderscheiden van HUS In de pathofysiologie van TTP speelt het vWF-knippende protease ADAMTS-## een centrale rol Deficiëntie of onvoldoende functie van dit protease leidt ertoe dat grote vWF-multimeren die vrijkomen uit het endotheel, niet opgeruimd kunnen worden en door hun persisterende aanwezigheid in de circulatie leiden tot het ontstaan van plaatjestrombi in de microcirculatie Een ADAMTS-##-activiteit van ( #% van normaal is een specifieke bevinding bij acute klassieke TTP De gerapporteerde sensitiviteit is lager, variërend tussen de ## en ###%# In tegenstelling tot de situatie bij pre-eclampsie kunnen vWF-multimeren in de perifere bloeduitstrijk worden aangetroffen bij patiënten met TTP Bij twijfel over de diagnose dient overleg met de hematoloog te worden gepleegd omdat.
| 643 | nvog |
# ## ### zwangerschappen# Het ontstaat vaak in het peripartum en wordt gekenmerkt door acuut nierfalen en microangiopathische hemolytische anemie en trombocytopenie HUS gaat vaak gepaard met een infectie met enterohemorragische E coli Het is vaak moeilijk deze aandoening te onderscheiden van pre-eclampsie/HELLP<DATUM> De belangrijkste verschillen zijn de afwezigheid van DIS bij HUS en het feit dat bij pre-eclampsie, anders dan bij HUS, in het algemeen TTP is een zeldzame, ernstige multisysteemziekte die in ##-##% van de gevallen ontstaat tijdens of direct na een zwangerschap TTP manifesteert zich vaak voor het eerst in een zwangerschap Op de voorgrond staan trombocytopenie, neurologische symptomen en microangiopathische hemolytische anemie, maar soms ook een verslechterde nierfunctie Het ziektebeeld is vaak niet te onderscheiden van HUS In de pathofysiologie van TTP speelt het vWF-knippende protease ADAMTS-## een centrale rol Deficiëntie of onvoldoende functie van dit protease leidt ertoe dat grote vWF-multimeren die vrijkomen uit het endotheel, niet opgeruimd kunnen worden en door hun persisterende aanwezigheid in de circulatie leiden tot het ontstaan van plaatjestrombi in de microcirculatie Een ADAMTS-##-activiteit van ( #% van normaal is een specifieke bevinding bij acute klassieke TTP De gerapporteerde sensitiviteit is lager, variërend tussen de ## en ###%# In tegenstelling tot de situatie bij pre-eclampsie kunnen vWF-multimeren in de perifere bloeduitstrijk worden aangetroffen bij patiënten met TTP Bij twijfel over de diagnose dient overleg met de hematoloog te worden gepleegd omdat Trombocytopenie in het kader van een DIS is een ernstig maternale klinisch beeld bij bv sepsis en het meest bekend Ook bij gebruik van cocaïne, waarvan afbraakproducten in de urine kunnen worden gevonden, kan trombocytopenie voorkomen Andere in de zwangerschap regelmatig gebruikte medicamenten die trombocytopenie kunnen geven zijn methyldopa, nifedipine, carbamazepine en furantoïne Systemische lupus erythematodes (SLE) en AFS hebben een specifieke anamnese en serologie Hiervoor wordt verwezen naar de NVOG-richtlijnen SLE en zwangerschap en Antifosfolipidensyndroom Idiopathische trombocytopenische purpura (ITP) is de meest frequente vorm van immunologisch gemedieerde trombocytopenie in de zwangerschap Het onderscheid tussen zwangerschap-geassocieerde trombocytopenie en ITP is vaak niet te maken Soms is in retrospectie de diagnose te stellen Zwangerschap-geassocieerde trombocytopenie treedt vaak pas laat in de zwangerschap op, waarbij de trombocytopenie vaak niet ernstig is, zich direct post partum herstelt en het neonatale trombocytenaantal normaal is ITP treedt vaak eerder in de zwangerschap op (het bestond preconceptioneel, de ziekte van Werlhof) en het trombocytenaantal is vaak erg laag (( ##·###/l) Het vinden van antitrombocyten-autoantistoffen post partum (##% van de patiënten) is een aanwijzing voor ITP De diagnose ITP wordt echter gesteld door uitsluiting van andere mogelijke oorzaken Persisterende trombocytopenie, een beenmergaspiraat met voldoende megakaryocyten en uitsluiten van medicamenteuze en infectieuze oorzaken bepalen de diagnose Bij <DATUM> van de kinderen van moeders met ITP treedt een ernstige neonatale trombocytopenie op# Het maternale trombocytenaantal heeft geen van het trombocytenaantal bij het kind is technisch lastig en risicovol en beïnvloedt het obstetrische beleid.
| 600 | nvog |
een DIS is een ernstig maternale klinisch beeld bij bv sepsis en het meest bekend Ook bij gebruik van cocaïne, waarvan afbraakproducten in de urine kunnen worden gevonden, kan trombocytopenie voorkomen Andere in de zwangerschap regelmatig gebruikte medicamenten die trombocytopenie kunnen geven zijn methyldopa, nifedipine, carbamazepine en furantoïne Systemische lupus erythematodes (SLE) en AFS hebben een specifieke anamnese en serologie Hiervoor wordt verwezen naar de NVOG-richtlijnen SLE en zwangerschap en Antifosfolipidensyndroom Idiopathische trombocytopenische purpura (ITP) is de meest frequente vorm van immunologisch gemedieerde trombocytopenie in de zwangerschap Het onderscheid tussen zwangerschap-geassocieerde trombocytopenie en ITP is vaak niet te maken Soms is in retrospectie de diagnose te stellen Zwangerschap-geassocieerde trombocytopenie treedt vaak pas laat in de zwangerschap op, waarbij de trombocytopenie vaak niet ernstig is, zich direct post partum herstelt en het neonatale trombocytenaantal normaal is ITP treedt vaak eerder in de zwangerschap op (het bestond preconceptioneel, de ziekte van Werlhof) en het trombocytenaantal is vaak erg laag (( ##·###/l) Het vinden van antitrombocyten-autoantistoffen post partum (##% van de patiënten) is een aanwijzing voor ITP De diagnose ITP wordt echter gesteld door uitsluiting van andere mogelijke oorzaken Persisterende trombocytopenie, een beenmergaspiraat met voldoende megakaryocyten en uitsluiten van medicamenteuze en infectieuze oorzaken bepalen de diagnose Bij <DATUM> van de kinderen van moeders met ITP treedt een ernstige neonatale trombocytopenie op# Het maternale trombocytenaantal heeft geen van het trombocytenaantal bij het kind is technisch lastig en risicovol en beïnvloedt het obstetrische beleid Trombocytenaantallen bij opeenvolgende kinderen bij ITP komen vrij Bij ITP of TTP in de voorgeschiedenis - en vooral als deze in de zwangerschap opgetreden zijn - dient rekening gehouden te worden met een nieuwe episode Medebehandeling door de haematoloog is noodzakelijk en er dient een hoge controlefrequentie aangehouden te worden (bewijskrachtniveau D) Geen behandeling nodig Bij kinderen van vrouwen met zwangerschap-geassocieerde trombocytopenie komt in slechts #,##% een neonatale trombocytopenie ( ##·###/l direct post partum voor## Zie de NVOG-richtlijn Hypertensieve aandoeningen in de zwangerschap Zo nodig ondersteunen van de stolling d m v trombocyten (of plasma-)transfusie aan de hand van eventuele bloedingsneiging (zie de NVOG-richtlijn Basis prenatale zorg over transfusiebeleid en zwangerschap) Bij kinderen van vrouwen met pre-eclampsie heeft #,##% een neonatale trombocytopenie ( ##·###/l direct post partum## De enige therapie voor deze zeer zeldzame maar levensbedreigende aandoeningen is toediening van grote hoeveelheden plasma (ESDEP) in combinatie met plasmaferese en zo nodig dialyse bij nierinsufficiëntie## Deze behandelingen vallen onder de verantwoordelijkheid van de hematoloog Behandeling in samenwerking met hematoloog en klinisch chemicus en in overleg met de kinderarts Als het trombocytenaantal ) ##·###/l is, is bepaling van de trombocyten eens per ## dagen voldoende indien er klinisch geen tekenen van verhoogde bloedingsneiging zijn (bewijskrachtniveau D) Zelfs als zich een ernstige trombocytopenie voordoet bij zwangeren met ITP zijn bloedingsproblemen vrijwel altijd mild en kunnen deze Een bloedingstijd bij de moeder is niet informatief over de stollingsstatus en heeft geen predictieve waarde.
| 614 | nvog |
Trombocytenaantallen bij opeenvolgende kinderen bij ITP komen vrij Bij ITP of TTP in de voorgeschiedenis - en vooral als deze in de zwangerschap opgetreden zijn - dient rekening gehouden te worden met een nieuwe episode Medebehandeling door de haematoloog is noodzakelijk en er dient een hoge controlefrequentie aangehouden te worden (bewijskrachtniveau D) Geen behandeling nodig Bij kinderen van vrouwen met zwangerschap-geassocieerde trombocytopenie komt in slechts #,##% een neonatale trombocytopenie ( ##·###/l direct post partum voor## Zie de NVOG-richtlijn Hypertensieve aandoeningen in de zwangerschap Zo nodig ondersteunen van de stolling d m v trombocyten (of plasma-)transfusie aan de hand van eventuele bloedingsneiging (zie de NVOG-richtlijn Basis prenatale zorg over transfusiebeleid en zwangerschap) Bij kinderen van vrouwen met pre-eclampsie heeft #,##% een neonatale trombocytopenie ( ##·###/l direct post partum## De enige therapie voor deze zeer zeldzame maar levensbedreigende aandoeningen is toediening van grote hoeveelheden plasma (ESDEP) in combinatie met plasmaferese en zo nodig dialyse bij nierinsufficiëntie## Deze behandelingen vallen onder de verantwoordelijkheid van de hematoloog Behandeling in samenwerking met hematoloog en klinisch chemicus en in overleg met de kinderarts Als het trombocytenaantal ) ##·###/l is, is bepaling van de trombocyten eens per ## dagen voldoende indien er klinisch geen tekenen van verhoogde bloedingsneiging zijn (bewijskrachtniveau D) Zelfs als zich een ernstige trombocytopenie voordoet bij zwangeren met ITP zijn bloedingsproblemen vrijwel altijd mild en kunnen deze Een bloedingstijd bij de moeder is niet informatief over de stollingsstatus en heeft geen predictieve waarde Prednisonbehandeling in een aanvangsdosis van <DATUM> mg/kg/dag is aangewezen als initiële behandeling van patiënten bij wie de trombocytenaantallen ( ##-##·###/l zijn, afhankelijk van de symptomen Bij een trombocytenaantal ( ##·###/l en/of bloedingsverschijnselen of een trombocytenaantal ( ##·###/l voor de partus of sectio volgt intraveneuze behandeling met gammaglobulinen (IVIG) in bijvoorbeeld een dosering van #,# g/kg/dag (bewijskrachtniveau D) De respons hierop kan in # uur optreden maar het kan ook ## uur duren De responsrate is ##% en de duur van de respons is <DATUM> weken Het is een kostbare behandeling## Een eventuele splenectomie, uiteindelijk de meest effectieve behandeling van een ernstige symptomatische ITP, wordt in de zwangerschap bij voorkeur vermeden Indien het toch noodzakelijk is, verdient het de voorkeur de ingreep in het tweede trimester uit te voeren (bewijskrachtniveau D) Patiënten bij wie een splenectomie heeft plaatsgevonden dienen gevaccineerd te worden tegen Haemophilus, pneumokokken en Trombocytentransfusies (<DATUM> E) worden alleen als tijdelijke maatregel gebruikt in levensbedreigende situaties Zwangere vrouwen met ITP mogen geen NSAID-preparaten gebruiken, ook niet post partum Foetale trombocytopenie is zeldzaam Meer dan ##% van de kinderen van vrouwen met ITP heeft veilige () ##·###/l) of normale trombocytenaantallen Bij #,#% van de kinderen van vrouwen met ITP werd direct na de geboorte een trombocytopenie (##·###/l vastgesteld## , hoewel er ook studies zijn die hogere incidenties beschrijven tot ##% trombocytopenie direct na de geboorte of tijdens de eerste twee levensweken## In alle groepen traden echter vrijwel geen klinisch relevante bloedingen op bij deze kinderen.
| 674 | nvog |
in een aanvangsdosis van <DATUM> mg/kg/dag is aangewezen als initiële behandeling van patiënten bij wie de trombocytenaantallen ( ##-##·###/l zijn, afhankelijk van de symptomen Bij een trombocytenaantal ( ##·###/l en/of bloedingsverschijnselen of een trombocytenaantal ( ##·###/l voor de partus of sectio volgt intraveneuze behandeling met gammaglobulinen (IVIG) in bijvoorbeeld een dosering van #,# g/kg/dag (bewijskrachtniveau D) De respons hierop kan in # uur optreden maar het kan ook ## uur duren De responsrate is ##% en de duur van de respons is <DATUM> weken Het is een kostbare behandeling## Een eventuele splenectomie, uiteindelijk de meest effectieve behandeling van een ernstige symptomatische ITP, wordt in de zwangerschap bij voorkeur vermeden Indien het toch noodzakelijk is, verdient het de voorkeur de ingreep in het tweede trimester uit te voeren (bewijskrachtniveau D) Patiënten bij wie een splenectomie heeft plaatsgevonden dienen gevaccineerd te worden tegen Haemophilus, pneumokokken en Trombocytentransfusies (<DATUM> E) worden alleen als tijdelijke maatregel gebruikt in levensbedreigende situaties Zwangere vrouwen met ITP mogen geen NSAID-preparaten gebruiken, ook niet post partum Foetale trombocytopenie is zeldzaam Meer dan ##% van de kinderen van vrouwen met ITP heeft veilige () ##·###/l) of normale trombocytenaantallen Bij #,#% van de kinderen van vrouwen met ITP werd direct na de geboorte een trombocytopenie (##·###/l vastgesteld## , hoewel er ook studies zijn die hogere incidenties beschrijven tot ##% trombocytopenie direct na de geboorte of tijdens de eerste twee levensweken## In alle groepen traden echter vrijwel geen klinisch relevante bloedingen op bij deze kinderen trombocytenaantallen en dient dus alleen gegeven te worden op maternale indicatie## Omdat een foetale hersenbloeding extreem zeldzaam is (( #%) en er nooit een studie is geweest die aangetoond heeft dat een sectio bij ITP-patiënten de kans op neonatale hersenbloeding vermindert, wordt de manier van bevallen bij ITP-patiënten bepaald door obstetrische factoren (bewijskrachtniveau D)# ## ## Het vooraf bepalen van de foetale trombocytenaantallen d m v navelstrengpunctie of microbloedonderzoek is door de eraan verbonden risico's en onbetrouwbare resultaten niet zinvol<DATUM> Bij het kind zijn de trombocytenaantallen gemiddeld lager dan bij de moeder Het is belangrijk de trombocytenaantallen bij het kind direct na de geboorte en in de eerste levensdagen goed te controleren, aangezien ernstige trombocytopenie en ernstige bloedingen die behandeling vereisen, zich in de dagen (nadir # dagen) na de bevalling kunnen ontwikkelen (bewijskrachtniveau C)<DATUM> ## ## De trombocytopenie bij het kind kan drie De ernst van de ITP bij de moeder lijkt te correleren met de kans op trombocytopenie in het kind als de moeder een splenectomie heeft ondergaan## , als de maternale trombocytopenie (##·###/l is geweest op enig moment tijdens de zwangerschap## ## en als een eerder kind een neonatale trombocytopenie heeft Een vaginale partus is in principe veilig bij een trombocytenaantal ) ##·###/l indien de stolling verder ongestoord is (bewijskrachtniveau D)# Een trombocytentransfusie wordt voor een vaginale partus aanbevolen bij een trombocytenaantal ( ##·###/l (bewijskrachtniveau D)## Hoewel de kans op een klinisch.
| 680 | nvog |
trombocytenaantallen en dient dus alleen gegeven te worden op maternale indicatie## Omdat een foetale hersenbloeding extreem zeldzaam is (( #%) en er nooit een studie is geweest die aangetoond heeft dat een sectio bij ITP-patiënten de kans op neonatale hersenbloeding vermindert, wordt de manier van bevallen bij ITP-patiënten bepaald door obstetrische factoren (bewijskrachtniveau D)# ## ## Het vooraf bepalen van de foetale trombocytenaantallen d m v navelstrengpunctie of microbloedonderzoek is door de eraan verbonden risico's en onbetrouwbare resultaten niet zinvol<DATUM> Bij het kind zijn de trombocytenaantallen gemiddeld lager dan bij de moeder Het is belangrijk de trombocytenaantallen bij het kind direct na de geboorte en in de eerste levensdagen goed te controleren, aangezien ernstige trombocytopenie en ernstige bloedingen die behandeling vereisen, zich in de dagen (nadir # dagen) na de bevalling kunnen ontwikkelen (bewijskrachtniveau C)<DATUM> ## ## De trombocytopenie bij het kind kan drie De ernst van de ITP bij de moeder lijkt te correleren met de kans op trombocytopenie in het kind als de moeder een splenectomie heeft ondergaan## , als de maternale trombocytopenie (##·###/l is geweest op enig moment tijdens de zwangerschap## ## en als een eerder kind een neonatale trombocytopenie heeft Een vaginale partus is in principe veilig bij een trombocytenaantal ) ##·###/l indien de stolling verder ongestoord is (bewijskrachtniveau D)# Een trombocytentransfusie wordt voor een vaginale partus aanbevolen bij een trombocytenaantal ( ##·###/l (bewijskrachtniveau D)## Hoewel de kans op een klinisch moeder die het optreden van deze afwijking kunnen voorspellen Gezien het risico op bloedingscomplicaties indien er wel een foetale trombocytopenie is wordt aangeraden het gebruik van schedelelektroden en microbloedonderzoek zoveel mogelijk te vermijden (bewijskrachtniveau D) Indien een vaginale kunstverlossing moet worden verricht is er een voorkeur voor forcipale extractie boven een vacuümextractie (bewijskrachtniveau D) Uiteraard dient overleg ante partum met een neonatoloog te hebben plaatsgevonden en worden post partum trombocytenaantallen bij de neonaat bepaald Over het algemeen wordt aangenomen dat regionale anesthesie geen probleem is bij een trombocytenaantal )###·###/l# (bewijskrachtniveau D) Over lagere waarden zijn geen goede gegevens voorhanden Veel auteurs houden als veilige grens voor lokale anesthesie een trombocytenaantal ) ##·###/l aan, mits er geen trombocytdisfunctie is## ## ## , andere houden de hogere grens van ##·###/l aan# In overleg met de anesthesist dient bij iedere patiënt met trombocytopenie op individuele basis een afweging te worden gemaakt over het te volgen beleid (bewijskrachtniveau D) Spinale anesthesie krijgt vanwege de lagere kans op een epidurale bloeding vaak de voorkeur boven epidurale anesthesie (<DATUM> ### vs # ### ###)## Voor het verrichten van een SC wordt aanbevolen bij een trombocytenaantal (##·###/l trombocytentransfusie Intramusculaire injecties dienen te worden vermeden bij een trombocytenaantal onder de ##·###/l i v m de Bij vrouwen met een vastgelegde trombocytopenie tijdens de graviditeit dienen post partum de trombocytenaantallen vervolgd te worden om na te gaan of spontaan herstel optreedt (bewijskrachtniveau D).
| 648 | nvog |
die het optreden van deze afwijking kunnen voorspellen Gezien het risico op bloedingscomplicaties indien er wel een foetale trombocytopenie is wordt aangeraden het gebruik van schedelelektroden en microbloedonderzoek zoveel mogelijk te vermijden (bewijskrachtniveau D) Indien een vaginale kunstverlossing moet worden verricht is er een voorkeur voor forcipale extractie boven een vacuümextractie (bewijskrachtniveau D) Uiteraard dient overleg ante partum met een neonatoloog te hebben plaatsgevonden en worden post partum trombocytenaantallen bij de neonaat bepaald Over het algemeen wordt aangenomen dat regionale anesthesie geen probleem is bij een trombocytenaantal )###·###/l# (bewijskrachtniveau D) Over lagere waarden zijn geen goede gegevens voorhanden Veel auteurs houden als veilige grens voor lokale anesthesie een trombocytenaantal ) ##·###/l aan, mits er geen trombocytdisfunctie is## ## ## , andere houden de hogere grens van ##·###/l aan# In overleg met de anesthesist dient bij iedere patiënt met trombocytopenie op individuele basis een afweging te worden gemaakt over het te volgen beleid (bewijskrachtniveau D) Spinale anesthesie krijgt vanwege de lagere kans op een epidurale bloeding vaak de voorkeur boven epidurale anesthesie (<DATUM> ### vs # ### ###)## Voor het verrichten van een SC wordt aanbevolen bij een trombocytenaantal (##·###/l trombocytentransfusie Intramusculaire injecties dienen te worden vermeden bij een trombocytenaantal onder de ##·###/l i v m de Bij vrouwen met een vastgelegde trombocytopenie tijdens de graviditeit dienen post partum de trombocytenaantallen vervolgd te worden om na te gaan of spontaan herstel optreedt (bewijskrachtniveau D) dat het soms maanden duurt voordat de trombocytopenie zich herstelt## ## ## Indien de trombocytenaantallen zich herstellen en de diagnose dus zwangerschap-geassocieerde trombocytopenie was, is er een herhalingsrisico voor volgende zwangerschappen van ±##%## Of vrouwen na een zwangerschap-geassocieerde trombocytopenie ook een verhoogde kans hebben op het ontwikkelen van een ITP is niet bekend Ernstige trombocytopenie en klinische bloedingen bij neonaten zijn zo zeldzaam in associatie met maternale ITP dat het verstandig is, indien dit zich voordoet, FNAIT uit te sluiten d m v antigeenbepaling bij moeder en kind Dit is niet alleen van belang voor de behandeling van de neonaat maar FNAIT is een zeldzame aandoening, die voorkomt bij # per ###-### zwangerschappen Tijdens de zwangerschap kan de aanstaande moeder antistoffen maken tegen een of meer paternale trombocytenkenmerken (human platelet alloantigens, HPA) als zij zelf negatief is voor deze kenmerken Deze circulerende trombocytenantistoffen kunnen worden aangetoond bij de moeder (CLB <LOCATIE>) Bij Kaukasische patiënten betreft het in ##% van de gevallen antistoffen tegen HPA-#a## Geschat wordt dat uiteindelijk bij #% van alle HPA-#a-negatieve moeders met positieve antistoffen een trombocytopenie bij het kind ontstaat Andere beschreven antigenen zijn Zwa, Bra, Baka en HPA-#a Williamson en collega's vonden in een prospectieve studie, met bijna ## ### zwangeren, dat ## van de ### HPA-#a-negatieve vrouwen HPA-#a-antistoffen ontwikkelden (<DATUM> Bij ## van deze ## zwangeren werd neonatale trombocytopenie moederlijke circulatie passeren de placenta en kunnen trombocytopenie bij de foetus veroorzaken In.
| 656 | nvog |
trombocytopenie zich herstelt## ## ## Indien de trombocytenaantallen zich herstellen en de diagnose dus zwangerschap-geassocieerde trombocytopenie was, is er een herhalingsrisico voor volgende zwangerschappen van ±##%## Of vrouwen na een zwangerschap-geassocieerde trombocytopenie ook een verhoogde kans hebben op het ontwikkelen van een ITP is niet bekend Ernstige trombocytopenie en klinische bloedingen bij neonaten zijn zo zeldzaam in associatie met maternale ITP dat het verstandig is, indien dit zich voordoet, FNAIT uit te sluiten d m v antigeenbepaling bij moeder en kind Dit is niet alleen van belang voor de behandeling van de neonaat maar FNAIT is een zeldzame aandoening, die voorkomt bij # per ###-### zwangerschappen Tijdens de zwangerschap kan de aanstaande moeder antistoffen maken tegen een of meer paternale trombocytenkenmerken (human platelet alloantigens, HPA) als zij zelf negatief is voor deze kenmerken Deze circulerende trombocytenantistoffen kunnen worden aangetoond bij de moeder (CLB <LOCATIE>) Bij Kaukasische patiënten betreft het in ##% van de gevallen antistoffen tegen HPA-#a## Geschat wordt dat uiteindelijk bij #% van alle HPA-#a-negatieve moeders met positieve antistoffen een trombocytopenie bij het kind ontstaat Andere beschreven antigenen zijn Zwa, Bra, Baka en HPA-#a Williamson en collega's vonden in een prospectieve studie, met bijna ## ### zwangeren, dat ## van de ### HPA-#a-negatieve vrouwen HPA-#a-antistoffen ontwikkelden (<DATUM> Bij ## van deze ## zwangeren werd neonatale trombocytopenie moederlijke circulatie passeren de placenta en kunnen trombocytopenie bij de foetus veroorzaken In FNAIT is de meest voorkomende oorzaak van ernstige trombocytopenie bij de aterme neonaat De afwijking kan symptoomloos verlopen, maar kan ook gepaard gaan met petechiën, hematomen en intracraniële bloedingen (ICH) In het ernstigste geval treedt intra-uteriene sterfte op Omdat geen standaardonderzoek naar HPA-antistoffen in de zwangerschap wordt verricht, wordt de aandoening vaak pas ontdekt als bij een Als geen behandeling wordt gegeven, wordt de incidentie van ICH bij FNAIT op #% geschat, als het vorige kind geen hersenbloeding had Als een vorig kind wel een ICH had is de herhalingskans zonder behandeling Bij verdenking op een FNAIT kan de vader getest worden op de aanwezigheid van het betreffende antigeen Indien de vader heterozygoot is kan in een volgende zwangerschap de foetus in utero op de aanwezigheid van het antigeen worden getest d m v amniocentese en PCR-onderzoek De ernst van de FNAIT neemt gewoonlijk bij elke zwangerschap toe Vanwege het risico op boostering is een chorionvillusbiopsie relatief gecontra-indiceerd Bij ieder kind met verdenking op trombocytopenie worden trombocytenaantallen direct post partum vastgesteld en dient vooraf de neonatoloog in consult te worden gevraagd De behandeling van FNAIT is gericht op het voorkomen van ernstige trombocytopenie en de daarmee samenhangende kans op hersenbloedingen (ICH) Er is geen onomstreden behandeling## De keuze van de behandeling wordt vaak gebaseerd op de ernst van de obstetrische anamnese, vooral op de aan- of afwezigheid van ICH bij een eerder kind (bewijskrachtniveau D) Meestal wordt getracht ICH te voorkomen.
| 603 | nvog |
bij de aterme neonaat De afwijking kan symptoomloos verlopen, maar kan ook gepaard gaan met petechiën, hematomen en intracraniële bloedingen (ICH) In het ernstigste geval treedt intra-uteriene sterfte op Omdat geen standaardonderzoek naar HPA-antistoffen in de zwangerschap wordt verricht, wordt de aandoening vaak pas ontdekt als bij een Als geen behandeling wordt gegeven, wordt de incidentie van ICH bij FNAIT op #% geschat, als het vorige kind geen hersenbloeding had Als een vorig kind wel een ICH had is de herhalingskans zonder behandeling Bij verdenking op een FNAIT kan de vader getest worden op de aanwezigheid van het betreffende antigeen Indien de vader heterozygoot is kan in een volgende zwangerschap de foetus in utero op de aanwezigheid van het antigeen worden getest d m v amniocentese en PCR-onderzoek De ernst van de FNAIT neemt gewoonlijk bij elke zwangerschap toe Vanwege het risico op boostering is een chorionvillusbiopsie relatief gecontra-indiceerd Bij ieder kind met verdenking op trombocytopenie worden trombocytenaantallen direct post partum vastgesteld en dient vooraf de neonatoloog in consult te worden gevraagd De behandeling van FNAIT is gericht op het voorkomen van ernstige trombocytopenie en de daarmee samenhangende kans op hersenbloedingen (ICH) Er is geen onomstreden behandeling## De keuze van de behandeling wordt vaak gebaseerd op de ernst van de obstetrische anamnese, vooral op de aan- of afwezigheid van ICH bij een eerder kind (bewijskrachtniveau D) Meestal wordt getracht ICH te voorkomen Tot nu toe heeft geen van de door het <INSTELLING> met IVIG behandelde zwangere vrouwen een kind met een ICH gekregen (ruim ## cases, oktober ###), hoewel enkele toch een ernstige trombocytopenie hadden Recent verscheen een studie waarin de langetermijn follow-up van de kinderen geboren na een FNAIT-zwangerschap werd beschreven Hieruit bleek dat intra-uteriene blootstelling aan IVIG geen nadelige effecten op het zich ontwikkelende kind heeft, ook niet op de langere termijn## Bij een zeer ernstige voorgeschiedenis wordt soms nog een diagnostische navelstrengpunctie verricht om bij onvoldoende respons op IVIG intra-uteriene Alle behandelingen vereisen derdelijns expertise en vragen zorgvuldige en individuele afweging van voordelen en risico's Het <INSTELLING> is het landelijk referentiecentrum voor FNAIT De (antenatale) diagnostiek en behandeling van patiënten bekend met FNAIT vindt dan ook bij voorkeur plaats in samenspraak met <INSTELLING> (<TELEFOONNUMMER>) Op de verloskundepagina van de <INSTELLING> website is meer algemene informatie te vinden voor patiënten en zorgverleners over bloedplaatjesantagonisme## Een overzicht van alle trials is onlangs Het beleid bij de bevalling is voornamelijk gebaseerd op expertopinie (bewijskrachtniveau D) Bij een milde voorgeschiedenis, d w z een kind met een trombocytopenie ( ###·###/l zonder ICH, wordt een vaginale bevalling nagestreefd Vanaf ## weken wordt inleiding van de baring geadviseerd om onnodig lange toediening van IVIG en eventuele onrust bij ongeplande geboorte van het kind te voorkomen Kunstverlossingen, schedelelektrodes of microbloedonderzoek worden afgeraden Een primaire sectio is niet bewezen veiliger dan een vaginale partus Bij een ernstige voorgeschiedenis en âblinde behandeling' - d w z.
| 590 | nvog |
<INSTELLING> met IVIG behandelde zwangere vrouwen een kind met een ICH gekregen (ruim ## cases, oktober ###), hoewel enkele toch een ernstige trombocytopenie hadden Recent verscheen een studie waarin de langetermijn follow-up van de kinderen geboren na een FNAIT-zwangerschap werd beschreven Hieruit bleek dat intra-uteriene blootstelling aan IVIG geen nadelige effecten op het zich ontwikkelende kind heeft, ook niet op de langere termijn## Bij een zeer ernstige voorgeschiedenis wordt soms nog een diagnostische navelstrengpunctie verricht om bij onvoldoende respons op IVIG intra-uteriene Alle behandelingen vereisen derdelijns expertise en vragen zorgvuldige en individuele afweging van voordelen en risico's Het <INSTELLING> is het landelijk referentiecentrum voor FNAIT De (antenatale) diagnostiek en behandeling van patiënten bekend met FNAIT vindt dan ook bij voorkeur plaats in samenspraak met <INSTELLING> (<TELEFOONNUMMER>) Op de verloskundepagina van de <INSTELLING> website is meer algemene informatie te vinden voor patiënten en zorgverleners over bloedplaatjesantagonisme## Een overzicht van alle trials is onlangs Het beleid bij de bevalling is voornamelijk gebaseerd op expertopinie (bewijskrachtniveau D) Bij een milde voorgeschiedenis, d w z een kind met een trombocytopenie ( ###·###/l zonder ICH, wordt een vaginale bevalling nagestreefd Vanaf ## weken wordt inleiding van de baring geadviseerd om onnodig lange toediening van IVIG en eventuele onrust bij ongeplande geboorte van het kind te voorkomen Kunstverlossingen, schedelelektrodes of microbloedonderzoek worden afgeraden Een primaire sectio is niet bewezen veiliger dan een vaginale partus Bij een ernstige voorgeschiedenis en âblinde behandeling' - d w z Bij een ernstige voorgeschiedenis en bekende goede trombocyten aantallen wordt een vaginale bevalling nagestreefd Reeds bij ##-## weken wordt inleiding van de baring geadviseerd om onnodig lange toediening van IVIG te voorkomen en het risico op alsnog optreden van ICH te verkleinen Belangrijk is ook de afweging Het ligt voor de hand dat bij de partus een vooraf geïnformeerde kinderarts in de buurt is Ook de bloedbank wil graag vooraf op de hoogte zijn van een dergelijke bevalling om een eventuele compatibele trombocytentransfusie zo snel mogelijk beschikbaar te hebben Uit het navelstrengbloed wordt meteen het Opname en bewaking van de neonaat met frequente trombocytenbepalingen is gewenst # Nadere diagnostiek naar maternale trombocytopenie dient plaats te vinden bij klinische verschijnselen # Bij patiënten met een trombocytopenie moeten wanneer een ingreep wordt overwogen bloedplaatjes en/of stollingsfactoren op korte termijn beschikbaar kunnen zijn (bewijskrachtniveau D) # De wijze van bevallen bij patiënten met ITP wordt bepaald door obstetrische overwegingen # Screening op maternale en/of foetale trombocytopenie is (nog) niet bewezen zinvol # Bij een trombocytenaantal )##·###/l en ( ###·###/l zonder klinische verschijnselen is routine prenatale # Bij maternale trombocytopenie is er een voorkeur voor forcipale extractie wanneer een vaginale Richtlijnen NVOG onder eindverantwoordelijkheid van het Bestuur van de NVOG, is vastgesteld in de ###ste ledenvergadering d d <DATUM> <PERSOON> Deze richtlijn is samengesteld door een werkgroep bestaande uit <PERSOON>, M J.
| 605 | nvog |
Bij een ernstige voorgeschiedenis en bekende goede trombocyten aantallen wordt een vaginale bevalling nagestreefd Reeds bij ##-## weken wordt inleiding van de baring geadviseerd om onnodig lange toediening van IVIG te voorkomen en het risico op alsnog optreden van ICH te verkleinen Belangrijk is ook de afweging Het ligt voor de hand dat bij de partus een vooraf geïnformeerde kinderarts in de buurt is Ook de bloedbank wil graag vooraf op de hoogte zijn van een dergelijke bevalling om een eventuele compatibele trombocytentransfusie zo snel mogelijk beschikbaar te hebben Uit het navelstrengbloed wordt meteen het Opname en bewaking van de neonaat met frequente trombocytenbepalingen is gewenst # Nadere diagnostiek naar maternale trombocytopenie dient plaats te vinden bij klinische verschijnselen # Bij patiënten met een trombocytopenie moeten wanneer een ingreep wordt overwogen bloedplaatjes en/of stollingsfactoren op korte termijn beschikbaar kunnen zijn (bewijskrachtniveau D) # De wijze van bevallen bij patiënten met ITP wordt bepaald door obstetrische overwegingen # Screening op maternale en/of foetale trombocytopenie is (nog) niet bewezen zinvol # Bij een trombocytenaantal )##·###/l en ( ###·###/l zonder klinische verschijnselen is routine prenatale # Bij maternale trombocytopenie is er een voorkeur voor forcipale extractie wanneer een vaginale Richtlijnen NVOG onder eindverantwoordelijkheid van het Bestuur van de NVOG, is vastgesteld in de ###ste ledenvergadering d d <DATUM> <PERSOON> Deze richtlijn is samengesteld door een werkgroep bestaande uit <PERSOON> EAP, <PERSOON> ThM, et al Hematologische parameters In Klinisch-chemische <PERSOON> JG Gestational thrombocytopenia In <PERSOON> RM, ed Platelet disorders in Rouse DJ, <PERSOON> RL Routine maternal platelet count an assessment of a technologically ACOG committee on Practice Bulletins Thrombocytopenia in pregnancy ACOG practice bulletin no #, Sept Dashe JS, <PERSOON> long-term consequences of thrombotic microangiopathy (thrombotic thrombocytopenic purpura and hemolytic uremic syndrome) in pregnancy <PERSOON> on the investigation and management of thrombocytopenia in pregnancy <PERSOON> JA, <PERSOON-##> factor-cleaving protease (ADAMTS-##) and the diagnosis of thrombotic thrombocytopenic purpura (TTP) Pathophysiol Haemost Thromb ###/###; ## <PERSOON-##> JN, Woolf SH, Raskob GE, et al Idiopathic thrombocytopenic purpura a practice guideline developed by explicit methods for the American Society of <PERSOON-##> thrombocytopenic purpura in pregnancy In Balliere's Clinical Haematology ###; Burrows RF, Kelton JG Fetal thrombocytopenia and its relation to maternal thrombocytopenia NEJM ###; Allford SL, Hunt BJ, <PERSOON-##> P, et al, Haemostasis and Thrombosis Task Force, British Committee for Standards in Haematology Guidelines on the diagnosis and management of the thrombotic microangiopathic haemolytic <PERSOON-##> C, et al A retrospective ##-year analysis of obstetric patients with idiopathic.
| 587 | nvog |
<PERSOON> Steegers EAP, <PERSOON> ThM, et al Hematologische parameters In Klinisch-chemische <PERSOON> JG Gestational thrombocytopenia In <PERSOON> RM, ed Platelet disorders in Rouse DJ, <PERSOON> RL Routine maternal platelet count an assessment of a technologically ACOG committee on Practice Bulletins Thrombocytopenia in pregnancy ACOG practice bulletin no #, Sept Dashe JS, <PERSOON> long-term consequences of thrombotic microangiopathy (thrombotic thrombocytopenic purpura and hemolytic uremic syndrome) in pregnancy <PERSOON> on the investigation and management of thrombocytopenia in pregnancy <PERSOON> JA, <PERSOON> factor-cleaving protease (ADAMTS-##) and the diagnosis of thrombotic thrombocytopenic purpura (TTP) Pathophysiol Haemost Thromb ###/###; ## <PERSOON-##> JN, Woolf SH, Raskob GE, et al Idiopathic thrombocytopenic purpura a practice guideline developed by explicit methods for the American Society of <PERSOON-##> thrombocytopenic purpura in pregnancy In Balliere's Clinical Haematology ###; Burrows RF, Kelton JG Fetal thrombocytopenia and its relation to maternal thrombocytopenia NEJM ###; Allford SL, Hunt BJ, <PERSOON-##> P, et al, Haemostasis and Thrombosis Task Force, British Committee for Standards in Haematology Guidelines on the diagnosis and management of the thrombotic microangiopathic haemolytic <PERSOON-##> C, et al A retrospective ##-year analysis of obstetric patients with idiopathic Continuing controversy in alloimmune thrombocytopenia fetal <PERSOON-##> C, et al Pregnancy-associated thrombocytopenia revisited assessment and <PERSOON-##> KJ Jr Autoimmune thrombocytopenic purpura in pregnancy Clin Obstet Gynecol ###; ## ##-## Burrows RF, Kelton JG Thrombocytopenia during pregnancy In Greer IA, Turpie AGG, Forbes CD, eds Haemostasis and thrombosis in obstetrics and gynaecology London Chapman and <PERSOON-##> for the evaluation and treatment of neonatal autoimmune and alloimmune thrombocytopenia <PERSOON-##> working party on neonatal immune thrombocytopenia of the neonatal hemostasis subcommittee of the scientific and standardization committee of the ISTH Thromb Haemost ###; <PERSOON> RM, Branch DW, <PERSOON-##> JR Maternal thrombocytopenia in pregnancy time for a reassessment <PERSOON-##> TR, et al Maternal characteristics and risk of severe neonatal thrombocytopenia and intracranial hemorrhage in pregnancies complicated by autoimmune thrombocytopenia <PERSOON-##> AS, Caulier MT, Devos P, et al Relationships between severe neonatal thrombocytopenia and maternal characteristics in pregnancies associated with autoimmune thrombocytopenia <PERSOON-##> RF, Kelton JG Pregnancy in patients with idiopathic thrombocytopenic purpura assessing the risks for the infant at delivery <PERSOON-##> T, et al Nationwide study of idiopathic thrombocytopenic purpura in pregnant women and the clinical influence on neonates <PERSOON-##> ###; ##.
| 603 | nvog |
alloimmune thrombocytopenia fetal <PERSOON> C, et al Pregnancy-associated thrombocytopenia revisited assessment and <PERSOON> KJ Jr Autoimmune thrombocytopenic purpura in pregnancy Clin Obstet Gynecol ###; ## ##-## Burrows RF, Kelton JG Thrombocytopenia during pregnancy In Greer IA, Turpie AGG, Forbes CD, eds Haemostasis and thrombosis in obstetrics and gynaecology London Chapman and <PERSOON> for the evaluation and treatment of neonatal autoimmune and alloimmune thrombocytopenia <PERSOON> working party on neonatal immune thrombocytopenia of the neonatal hemostasis subcommittee of the scientific and standardization committee of the ISTH Thromb Haemost ###; <PERSOON> RM, Branch DW, <PERSOON> JR Maternal thrombocytopenia in pregnancy time for a reassessment <PERSOON> TR, et al Maternal characteristics and risk of severe neonatal thrombocytopenia and intracranial hemorrhage in pregnancies complicated by autoimmune thrombocytopenia <PERSOON> AS, Caulier MT, Devos P, et al Relationships between severe neonatal thrombocytopenia and maternal characteristics in pregnancies associated with autoimmune thrombocytopenia <PERSOON> RF, Kelton JG Pregnancy in patients with idiopathic thrombocytopenic purpura assessing the risks for the infant at delivery <PERSOON-##> T, et al Nationwide study of idiopathic thrombocytopenic purpura in pregnant women and the clinical influence on neonates <PERSOON-##> T, et al, Agence Française de Securité Sanitaire des Produits de Santé expert group Perioperative platelet transfusion recommendations of the Agence Française de Securité Sanitaire des Produits de Santé (AFSSaPS) ### <PERSOON-##> ###; ## <DATUM> <PERSOON-##> KB Regional anesthesia in parturients with low platelet counts <PERSOON-##> and spinal-epidural anesthesia <PERSOON-##> relevance of gestational thrombocytopenia of ( ### ###/µl <PERSOON-##> G, et al Gestational thrombocytopenia a prospective study <PERSOON-##> SJ, Stanworth S, et al Antenatal interventions for fetomaternal alloimmune Williamson LM Screening programs for foetomaternal alloimmune thrombocytopenia <PERSOON-##> J, et al <PERSOON> natural history of fetomaternal alloimmunization to the platelet-specific antigen HPA-#a as determined by antenatal screening <PERSOON-##> A, et al ### cases of suspected neonatal alloimmune <PERSOON-##> CM, <PERSOON-##> HHH Will it ever be possible to balance the risk of intracranial haemorrhage in fetal or neonatal alloimmune thrombocytopenia against the risk of treatment strategies to prevent it? <PERSOON-##> AH Feto-maternal alloimmune thrombocytopenia antenatal therapy with IvIgG and steroids; more questions than answers <PERSOON-##> ###.
| 565 | nvog |
Obesitas is een van de snelst groeiende gezondheidsproblemen in de Westerse wereld Naarmate de mate van obesitas onder vrouwen toeneemt, zullen ook meer vrouwen in de fertiele levensfase door deze aandoening getroffen worden In deze richtlijn worden aanbevelingen gedaan voor het beleid tijdens Deze richtlijn wordt aangevuld met twee aanvullende modules (d d <DATUM> , te weten - Voorkomt een primaire sectio à terme bij zwangeren met een BMI )## maternale complicaties? - Voorkomt een electieve inleiding à terme (voor ## wk AD) bij zwangeren met een BMI )## maternale en Obesitas is een abnormale gezondheidstoestand waarbij er een overschot aan vetweefsel is De meest gebruikte definitie is gebaseerd op de Quetelet-index of Body Mass Index (BMI) De BMI wordt berekend door het gewicht in kilogrammen te delen door het kwadraat van de lichaamslengte in meters De gewichtsclassificatie volgens de Wereld Gezondheids Organisatie (WHO) # definieert een BMI ⥠## kg/m# als obesitas (tabel #) Binnen verschillende etnische en raciale groepen is een bepaalde BMI representatief voor Morbide obesitas of klinisch ernstige obesitas is sterk gerelateerd met ziekte, maar niet uniform gedefinieerd Meestal wordt een BMI van ##-## kg/m# of meer gedefinieerd als morbide obesitas Andere definities zijn een gewicht ##-###% boven het ideale of normale gewicht (BMI ##-## kg/m# ) of meer dan ## kg boven dat In veel artikelen die zwangerschap en zwangerschapscomplicaties beschrijven wordt het preconceptionele gewicht of het gewicht tijdens de eerste antepartum-controle gebruikt om de BMI te berekenen Tijdens zwangerschap stijgt bij ongeveer ##% van de zwangeren de BMI niet substantieel In de overige ##% stijgt de BMI meer dan # kg/m# De BMI kan tijdens de zwangerschap niet gebruikt worden als maat voor het percentage lichaamsvet omdat hij geen informatie verschaft over de vraag of gewichtstoename optreedt door Wereldwijd is er een continue toename van de frequentie van overgewicht en obesitas Wel is er een groot verschil tussen de prevalenties in de verschillende landen In de Verenigde Staten lijdt # op de # inwoners aan obesitas In Europa ligt dit percentage tussen de ## en ##% Binnen Europa neemt <LOCATIE> samen met de Scandinavische landen nog een relatief bescheiden positie in # Wel zijn er binnen <LOCATIE> grote regionale verschillen in de prevalentie van obesitas, die variëren van ##,#% in de regio Rivierenland tot #,#% in de regio West-Friesland Deze regionale verschillen zijn voor het merendeel niet significant verschillend ten opzichte van het landelijk gemiddelde # Onder vrouwen is de prevalentie van obesitas in ons land gestegen van #% in ### naar ##% in ##<DATUM> Naar verwachting zal in ###, afhankelijk van het scenario, ten minste ##% en ten hoogste ##% van de volwassenen in <LOCATIE> obesitas hebben # De kans op een spontane abortus bij vrouwen met obesitas is toegenomen (#) Dit risico neemt toe naarmate de BMI stijgt (<DATUM> % bij normaal gewicht, #<DATUM> % bij obesitas) (#) De relatie van obesitas met vroeggeboorte is minder duidelijk (##).
| 652 | nvog |
bij ongeveer ##% van de zwangeren de BMI niet substantieel In de overige ##% stijgt de BMI meer dan # kg/m# De BMI kan tijdens de zwangerschap niet gebruikt worden als maat voor het percentage lichaamsvet omdat hij geen informatie verschaft over de vraag of gewichtstoename optreedt door Wereldwijd is er een continue toename van de frequentie van overgewicht en obesitas Wel is er een groot verschil tussen de prevalenties in de verschillende landen In de Verenigde Staten lijdt # op de # inwoners aan obesitas In Europa ligt dit percentage tussen de ## en ##% Binnen Europa neemt <LOCATIE> samen met de Scandinavische landen nog een relatief bescheiden positie in # Wel zijn er binnen <LOCATIE> grote regionale verschillen in de prevalentie van obesitas, die variëren van ##,#% in de regio Rivierenland tot #,#% in de regio West-Friesland Deze regionale verschillen zijn voor het merendeel niet significant verschillend ten opzichte van het landelijk gemiddelde # Onder vrouwen is de prevalentie van obesitas in ons land gestegen van #% in ### naar ##% in ##<DATUM> Naar verwachting zal in ###, afhankelijk van het scenario, ten minste ##% en ten hoogste ##% van de volwassenen in <LOCATIE> obesitas hebben # De kans op een spontane abortus bij vrouwen met obesitas is toegenomen (#) Dit risico neemt toe naarmate de BMI stijgt (<DATUM> % bij normaal gewicht, #<DATUM> % bij obesitas) (#) De relatie van obesitas met vroeggeboorte is minder duidelijk (##) zwangerschapsdiabetes en pre-eclampsie, vaak leidend tot artificiële vroeggeboorte, wordt geen Serotiniteit is duidelijk geassocieerd met obesitas Bij vrouwen met obesitas is het risico op een partus na de Het risico om zwangerschapsdiabetes te ontwikkelen is sterk toegenomen bij vrouwen met obesitas In een groep vrouwen met minimaal klasse II obesitas ontwikkelde <DATUM> % zwangerschapsdiabetes versus <DATUM> % in een controle groep met een BMI tussen <DATUM> - ## kg/m# (##) In een groep vrouwen met een BMI ) ## kg/m# Het is verstandig bij vrouwen met obesitas tijdens de zwangerschap te screenen op zwangerschapsdiabetes Niet goed duidelijk is hoe vaak, met welke methoden en volgens welke criteria dit moet gebeuren (zie ook De kans op het ontwikkelen van zwangerschapshypertensie en pre-eclampsie neemt lineair toe met het toenemen van de BMI (##, ##) De sterk gestegen prevalentie bij nulliparae met minimaal klasse II obesitas in vergelijking met nulliparae met een normaal gewicht illustreert de mate van deze toename (Odds Ratio (OR) Ondanks de toegenomen prevalentie lijkt er geen sprake van een verschuiving in de mate van ernst van de pre-eclampsie Bij vrouwen met minimaal klasse I obesitas is de kans op het ontwikkelen van eclampsie weliswaar absoluut toegenomen (OR # #; ## % CI <DATUM> - <DATUM> , maar dit is op basis van de toegenomen Voor de bloeddrukmeting bij obese vrouwen dient gebruik gemaakt te worden van een aangepaste bloeddrukmanchet (tabel #) (##) De optimale bloeddrukmanchet heeft een lengte van ## % en een breedte van.
| 649 | nvog |
pre-eclampsie, vaak leidend tot artificiële vroeggeboorte, wordt geen Serotiniteit is duidelijk geassocieerd met obesitas Bij vrouwen met obesitas is het risico op een partus na de Het risico om zwangerschapsdiabetes te ontwikkelen is sterk toegenomen bij vrouwen met obesitas In een groep vrouwen met minimaal klasse II obesitas ontwikkelde <DATUM> % zwangerschapsdiabetes versus <DATUM> % in een controle groep met een BMI tussen <DATUM> - ## kg/m# (##) In een groep vrouwen met een BMI ) ## kg/m# Het is verstandig bij vrouwen met obesitas tijdens de zwangerschap te screenen op zwangerschapsdiabetes Niet goed duidelijk is hoe vaak, met welke methoden en volgens welke criteria dit moet gebeuren (zie ook De kans op het ontwikkelen van zwangerschapshypertensie en pre-eclampsie neemt lineair toe met het toenemen van de BMI (##, ##) De sterk gestegen prevalentie bij nulliparae met minimaal klasse II obesitas in vergelijking met nulliparae met een normaal gewicht illustreert de mate van deze toename (Odds Ratio (OR) Ondanks de toegenomen prevalentie lijkt er geen sprake van een verschuiving in de mate van ernst van de pre-eclampsie Bij vrouwen met minimaal klasse I obesitas is de kans op het ontwikkelen van eclampsie weliswaar absoluut toegenomen (OR # #; ## % CI <DATUM> - <DATUM> , maar dit is op basis van de toegenomen Voor de bloeddrukmeting bij obese vrouwen dient gebruik gemaakt te worden van een aangepaste bloeddrukmanchet (tabel #) (##) De optimale bloeddrukmanchet heeft een lengte van ## % en een breedte van Een te kleine bloeddrukmanchet leidt tot een overschatting van de bloeddruk, een te grote manchet tot een onderschatting In ### werd een advies over de ideale gewichtstoename tijdens de zwangerschap gepubliceerd door het Amerikaanse âInstitute of Medicine' bij een lage BMI (( <DATUM> kg/m #) <DATUM> - ## kg, bij een normale BMI (<DATUM> kg/m#) <DATUM> - ## kg en bij een hoge BMI () ## - ## kg/m#) # - <DATUM> kg Vrouwen met obesitas (BMI ) ## kg/m#) wordt geadviseerd ongeveer # kg aan te komen en zeker niet af te vallen (##) Momenteel komt ongeveer ## % van de Amerikaanse vrouwen meer aan Bij vrouwen met obesitas die nog minder aankomen dan deze geadviseerde gewichtstoenames, is er evenwel minder risico op het ontwikkelen van pre-eclampsie, sectio caesarea en een macrosoom kind in vergelijking met vrouwen die wel een âideale' gewichtstoename hadden Hier tegenover staat wel een toename van kinderen met een laag geboortegewicht (##, ##) Hoewel het raadzaam lijkt te streven naar beperkte gewichtstoename bij vrouwen met obesitas is echter nog niet duidelijk of beïnvloeden van deze gewichtstoename door dieet- en bewegingsadviezen inderdaad tot een vermindering Intra-uteriene groei is zowel afhankelijk van het preconceptionele gewicht als van de maternale Vrouwen met obesitas krijgen vaker macrosome kinderen (##, ##, ##, ##) Dit blijft het geval nadat gecorrigeerd is voor diabetes Naarmate het preconceptionele gewicht toeneemt neemt geleidelijk ook de kans op een macrosoom kind toe.
| 651 | nvog |
Een te kleine bloeddrukmanchet leidt tot een overschatting van de bloeddruk, een te grote manchet tot een onderschatting In ### werd een advies over de ideale gewichtstoename tijdens de zwangerschap gepubliceerd door het Amerikaanse âInstitute of Medicine' bij een lage BMI (( <DATUM> kg/m #) <DATUM> - ## kg, bij een normale BMI (<DATUM> kg/m#) <DATUM> - ## kg en bij een hoge BMI () ## - ## kg/m#) # - <DATUM> kg Vrouwen met obesitas (BMI ) ## kg/m#) wordt geadviseerd ongeveer # kg aan te komen en zeker niet af te vallen (##) Momenteel komt ongeveer ## % van de Amerikaanse vrouwen meer aan Bij vrouwen met obesitas die nog minder aankomen dan deze geadviseerde gewichtstoenames, is er evenwel minder risico op het ontwikkelen van pre-eclampsie, sectio caesarea en een macrosoom kind in vergelijking met vrouwen die wel een âideale' gewichtstoename hadden Hier tegenover staat wel een toename van kinderen met een laag geboortegewicht (##, ##) Hoewel het raadzaam lijkt te streven naar beperkte gewichtstoename bij vrouwen met obesitas is echter nog niet duidelijk of beïnvloeden van deze gewichtstoename door dieet- en bewegingsadviezen inderdaad tot een vermindering Intra-uteriene groei is zowel afhankelijk van het preconceptionele gewicht als van de maternale Vrouwen met obesitas krijgen vaker macrosome kinderen (##, ##, ##, ##) Dit blijft het geval nadat gecorrigeerd is voor diabetes Naarmate het preconceptionele gewicht toeneemt neemt geleidelijk ook de kans op een macrosoom kind toe kinderen met macrosomie in vergelijking met vrouwen met een normaal gewicht (OR <DATUM> ## % CI <DATUM> - <DATUM> (##) Het trachten te voorkomen van macrosomie door normalisatie van maternale bloedsuikers is niet effectief Evenals bij vrouwen met ondergewicht, lijkt in epidemiologisch onderzoek bij vrouwen met obesitas ook foetale groeirestrictie vaker voor te komen Na correctie voor zwangerschapsduur bij de partus en het geslacht Het schatten van het foetale gewicht met klinische methoden zoals meting van de fundushoogte en palpatie is bij hogere BMI niet goed onderzocht Er zijn wel aanwijzingen dat het actuele gewicht meer wordt overschat naarmate de BMI toeneemt (##) De benige structuren, benodigd voor echoscopische bepaling van het foetale gewicht, blijven bij toenemende obesitas goed meetbaar, zodat de echoscopische gewichtsschatting weinig tot Een van de belangrijkste risicofactoren voor onverklaarde intra-uteriene sterfte is obesitas (##) Onder obese vrouwen stijgt het risico hierop lineair met toename van de preconceptionele BMI (##, ##, ##) Een recente metanalyse vond een OR van # ## (## % CI <DATUM> - # ##) voor vrouwen met overgewicht en een OR van <DATUM> (## % CI # ## - # ##) voor vrouwen met klasse III obesitas in vergelijking met vrouwen met een normale BMI (##) Het pathofysiologisch mechanisme hiervoor is onduidelijk De toegenomen incidentie aan zwangerschapsdiabetes en pre-eclampsie onder obese vrouwen met obesitas kan slechts een deel van Er zijn in toenemende mate aanwijzingen dat obesitas gepaard gaat met een toegenomen risico op aangeboren afwijkingen (##).
| 665 | nvog |
met vrouwen met een normaal gewicht (OR <DATUM> ## % CI <DATUM> - <DATUM> (##) Het trachten te voorkomen van macrosomie door normalisatie van maternale bloedsuikers is niet effectief Evenals bij vrouwen met ondergewicht, lijkt in epidemiologisch onderzoek bij vrouwen met obesitas ook foetale groeirestrictie vaker voor te komen Na correctie voor zwangerschapsduur bij de partus en het geslacht Het schatten van het foetale gewicht met klinische methoden zoals meting van de fundushoogte en palpatie is bij hogere BMI niet goed onderzocht Er zijn wel aanwijzingen dat het actuele gewicht meer wordt overschat naarmate de BMI toeneemt (##) De benige structuren, benodigd voor echoscopische bepaling van het foetale gewicht, blijven bij toenemende obesitas goed meetbaar, zodat de echoscopische gewichtsschatting weinig tot Een van de belangrijkste risicofactoren voor onverklaarde intra-uteriene sterfte is obesitas (##) Onder obese vrouwen stijgt het risico hierop lineair met toename van de preconceptionele BMI (##, ##, ##) Een recente metanalyse vond een OR van # ## (## % CI <DATUM> - # ##) voor vrouwen met overgewicht en een OR van <DATUM> (## % CI # ## - # ##) voor vrouwen met klasse III obesitas in vergelijking met vrouwen met een normale BMI (##) Het pathofysiologisch mechanisme hiervoor is onduidelijk De toegenomen incidentie aan zwangerschapsdiabetes en pre-eclampsie onder obese vrouwen met obesitas kan slechts een deel van Er zijn in toenemende mate aanwijzingen dat obesitas gepaard gaat met een toegenomen risico op aangeboren afwijkingen (##) # (## % CI <DATUM> - <DATUM> per ## kg meer maternaal preconceptioneel gewicht, toe (##) Foliumzuur substitutie lijkt geen invloed te hebben op deze toegenomen incidentie (##) Ook kinderen met multipele congenitale afwijkingen en aangeboren hartafwijkingen komen tweemaal zo vaak voor onder vrouwen met overgewicht en obesitas (##, ##) Een eenvoudige verklaring voor het toegenomen percentage congenitale afwijkingen is niet voorhanden Mogelijk zijn (subklinische) diabetes mellitus en niet optimaal gebalanceerde voeding en Kwalitatief echoscopisch onderzoek bij obese patiënten is vaak suboptimaal Zo stijgt bijvoorbeeld het percentage echo's waarbij de cardiale structuren niet optimaal in beeld kunnen worden gebracht bij midtrimester echoscopie van <DATUM> % bij niet-obese patiënten tot #<DATUM> % bij patiënten met klasse III obesitas Als gevolg van het vaker voorkomen van macrosomie en andere zwangerschapscomplicaties bij obesitas Het baringsproces verloopt bij vrouwen met overgewicht en obesitas trager dan bij vrouwen met een normaal Met name tijdens de eerste fase van de ontsluiting is er sprake van een proportionele vertraging op basis van inadequate weeënactiviteit ##,## Tekenen van foetale nood, navelstrengcompressie en meconiumhoudend vruchtwater treden vaker op bij vrouwen met obesitas ##,## Hiervoor is geen duidelijke verklaring voorhanden De meeste studies beschrijven, ondanks het meer voorkomen van macrosomie, geen toename van het aantal vaginale kunstverlossingen Daarentegen is er wel een hoger sectiopercentage ## Alle studies beschrijven een sectiopercentage dat verdubbeld is bij vrouwen met klasse III-obesitas in vergelijking met vrouwen met een normale BMI.
| 631 | nvog |
<DATUM> - <DATUM> per ## kg meer maternaal preconceptioneel gewicht, toe (##) Foliumzuur substitutie lijkt geen invloed te hebben op deze toegenomen incidentie (##) Ook kinderen met multipele congenitale afwijkingen en aangeboren hartafwijkingen komen tweemaal zo vaak voor onder vrouwen met overgewicht en obesitas (##, ##) Een eenvoudige verklaring voor het toegenomen percentage congenitale afwijkingen is niet voorhanden Mogelijk zijn (subklinische) diabetes mellitus en niet optimaal gebalanceerde voeding en Kwalitatief echoscopisch onderzoek bij obese patiënten is vaak suboptimaal Zo stijgt bijvoorbeeld het percentage echo's waarbij de cardiale structuren niet optimaal in beeld kunnen worden gebracht bij midtrimester echoscopie van <DATUM> % bij niet-obese patiënten tot #<DATUM> % bij patiënten met klasse III obesitas Als gevolg van het vaker voorkomen van macrosomie en andere zwangerschapscomplicaties bij obesitas Het baringsproces verloopt bij vrouwen met overgewicht en obesitas trager dan bij vrouwen met een normaal Met name tijdens de eerste fase van de ontsluiting is er sprake van een proportionele vertraging op basis van inadequate weeënactiviteit ##,## Tekenen van foetale nood, navelstrengcompressie en meconiumhoudend vruchtwater treden vaker op bij vrouwen met obesitas ##,## Hiervoor is geen duidelijke verklaring voorhanden De meeste studies beschrijven, ondanks het meer voorkomen van macrosomie, geen toename van het aantal vaginale kunstverlossingen Daarentegen is er wel een hoger sectiopercentage ## Alle studies beschrijven een sectiopercentage dat verdubbeld is bij vrouwen met klasse III-obesitas in vergelijking met vrouwen met een normale BMI toegenomen vetdispositie in het kleine bekken spelen mogelijk alle een rol hierbij De OR voor het verrichten van een sectio caesarea neemt lineair toe, met #,## (##%-BI #,<DATUM> ##) per # kg/m# toename van de preconceptionele BMI ##,## Een andere studie beschrijft een sectiopercentage van ##,#% bij nulliparae met klasse III-obesitas ## Het sectiopercentage stijgt hiernaast ook nog lineair met de gewichtstoename tijdens de Vaginale bevalling na voorafgaande sectio caesarea wordt negatief beïnvloed door preconceptioneel overgewicht en de gewichtstoename tijdens de zwangerschap ##,##,##,## Er lijkt ook in deze gevallen een lineaire toename te zijn van de kans op een sectio caesarea met oplopende BMI Bij vrouwen met een normale BMI eindigde #-##,#% van de partus opnieuw in een sectio caesarea, bij vrouwen met klasse III-obesitas was dit ##,#-##,#% Omdat in de meeste van deze (buitenlandse) studies niet duidelijk is hoeveel electieve sectio's hiernaast werden verricht per gewichtscohort, is het moeilijk de waarde van deze absolute Het succes van een geslaagde poging om de bevalling in te leiden hangt van diverse factoren af Naast foetale factoren, duur van de zwangerschap en de toestand van de cervix spelen ook maternale factoren hierbij een rol Obesitas lijkt een onafhankelijke risicofactor, waardoor de kans op mislukken van de Obesitas is een onafhankelijke risicofactor voor het optreden van schouderdystocie (zie de richtlijn Hoewel wetenschappelijke onderbouwing vooralsnog hiervoor lijkt te ontbreken is positionering van de obese parturiënt in âleft lateral tilt'-positie op de operatietafel aan te bevelen ## Bij vrouwen met obesitas geeft een verticale incisie in vergelijking met een transverse incisie meer postoperatieve wondinfecties (OR ##,#, ##%-BI #,#-##,#).
| 663 | nvog |
hierbij De OR voor het verrichten van een sectio caesarea neemt lineair toe, met #,## (##%-BI #,<DATUM> ##) per # kg/m# toename van de preconceptionele BMI ##,## Een andere studie beschrijft een sectiopercentage van ##,#% bij nulliparae met klasse III-obesitas ## Het sectiopercentage stijgt hiernaast ook nog lineair met de gewichtstoename tijdens de Vaginale bevalling na voorafgaande sectio caesarea wordt negatief beïnvloed door preconceptioneel overgewicht en de gewichtstoename tijdens de zwangerschap ##,##,##,## Er lijkt ook in deze gevallen een lineaire toename te zijn van de kans op een sectio caesarea met oplopende BMI Bij vrouwen met een normale BMI eindigde #-##,#% van de partus opnieuw in een sectio caesarea, bij vrouwen met klasse III-obesitas was dit ##,#-##,#% Omdat in de meeste van deze (buitenlandse) studies niet duidelijk is hoeveel electieve sectio's hiernaast werden verricht per gewichtscohort, is het moeilijk de waarde van deze absolute Het succes van een geslaagde poging om de bevalling in te leiden hangt van diverse factoren af Naast foetale factoren, duur van de zwangerschap en de toestand van de cervix spelen ook maternale factoren hierbij een rol Obesitas lijkt een onafhankelijke risicofactor, waardoor de kans op mislukken van de Obesitas is een onafhankelijke risicofactor voor het optreden van schouderdystocie (zie de richtlijn Hoewel wetenschappelijke onderbouwing vooralsnog hiervoor lijkt te ontbreken is positionering van de obese parturiënt in âleft lateral tilt'-positie op de operatietafel aan te bevelen ## Bij vrouwen met obesitas geeft een verticale incisie in vergelijking met een transverse incisie meer postoperatieve wondinfecties (OR ##,#, ##%-BI #,#-##,#) subcutane huidlaag van # cm of meer minder wondproblemen oplevert (number needed to treat ##,#) ## Het plaatsen van een subcutane drain leidt niet tot minder wondinfecties ##,## Sporadisch wordt het gebruik vermeld van de supra-umbilicale horizontale of verticale (bovenbuik)incisie voor sectio caesarea bij extreme obesitas ##,## Het mogelijke voordeel van deze incisie is de verminderde dikte van Patiënten met obesitas hebben een grotere kans op anesthesiologische en postoperatieve complicaties ## Gezien de bemoeilijkte intubatie bij vrouwen met obesitas heeft regionale anesthesie bij deze categoriepatiënten de voorkeur De hogere kans op falen van regionale anesthesie bij toenemende obesitas vraagt om tijdige keuze voor deze vorm van pijnstilling en anesthesie ## Plaatsen van de epidurale of spinale katheter en, bij falen van de pijnstilling, herplaatsen hiervan kost bij vrouwen met obesitas meer tijd Het âprofylactisch' plaatsen van een epidurale katheter kan anesthesiologische en Voor optimale anesthesiologische zorg is het verstandig patiënten met obesitas, waarbij er vaker sprake is van comorbiditeit, tevoren in consult te laten zien Het is verstandig lokaal hierover afspraken te maken De incidentie van postpartum-bloedingen wordt wisselend opgegeven, maar lijkt toegenomen bij vrouwen met klasse III-obesitas ##,## Perioperatief bloedverlies van ⥠### ml tijdens een sectio caesarea treedt op bij ##,#% van de vrouwen met klasse III-obesitas versus #,#% bij de vrouwen met een normale BMI ## Het staat vast dat actief leiden van het nageboortetijdperk de hoeveelheid bloedverlies tijdens de partus vermindert (zie.
| 661 | nvog |
subcutane huidlaag van # cm of meer minder wondproblemen oplevert (number needed to treat ##,#) ## Het plaatsen van een subcutane drain leidt niet tot minder wondinfecties ##,## Sporadisch wordt het gebruik vermeld van de supra-umbilicale horizontale of verticale (bovenbuik)incisie voor sectio caesarea bij extreme obesitas ##,## Het mogelijke voordeel van deze incisie is de verminderde dikte van Patiënten met obesitas hebben een grotere kans op anesthesiologische en postoperatieve complicaties ## Gezien de bemoeilijkte intubatie bij vrouwen met obesitas heeft regionale anesthesie bij deze categoriepatiënten de voorkeur De hogere kans op falen van regionale anesthesie bij toenemende obesitas vraagt om tijdige keuze voor deze vorm van pijnstilling en anesthesie ## Plaatsen van de epidurale of spinale katheter en, bij falen van de pijnstilling, herplaatsen hiervan kost bij vrouwen met obesitas meer tijd Het âprofylactisch' plaatsen van een epidurale katheter kan anesthesiologische en Voor optimale anesthesiologische zorg is het verstandig patiënten met obesitas, waarbij er vaker sprake is van comorbiditeit, tevoren in consult te laten zien Het is verstandig lokaal hierover afspraken te maken De incidentie van postpartum-bloedingen wordt wisselend opgegeven, maar lijkt toegenomen bij vrouwen met klasse III-obesitas ##,## Perioperatief bloedverlies van ⥠### ml tijdens een sectio caesarea treedt op bij ##,#% van de vrouwen met klasse III-obesitas versus #,#% bij de vrouwen met een normale BMI ## Het staat vast dat actief leiden van het nageboortetijdperk de hoeveelheid bloedverlies tijdens de partus vermindert (zie met een normale BMI Na correctie voor het sectiopercentage bedraagt de OR #,# (##%-BI #,<DATUM> #) ## Obesitas is een risicofactor voor het ontwikkelen van trombo-embolische processen (#,##% versus #,##% bij tromboseprofylaxe kunnen een bijdrage leveren tot het verminderen van het tromboserisico ## De dosering van de tromboseprofylaxe moet aangepast worden aan de BMI (zie ook de richtlijn Tromboseprofylaxe) Met name voor vrouwen met obesitas klasse III is het vaak nodig ziekenhuismeubilair zoals (verlos)bedden, operatietafels, diagnostische apparatuur, operatiekleding en rolstoelen aan te passen Geschikte weegschalen zijn nodig om de gewichtstoename tijdens de zwangerschap te volgen, maar ook voor de adequate dosering In geval van obesitas kan spoedeisend transport bij een thuispartus problemen opleveren Dit is mede afhankelijk van de woonsituatie van de zwangere en lokale afspraken met de ambulancezorg Als bij vervoer per ambulance problemen worden verwacht, kan de verloskundige een partus in het ziekenhuis met Ter behandeling van klasse III-obesitas wordt in toenemende mate bariatrische chirurgie toegepast De meest gebruikte techniek is heden ten dage het aanleggen van een maagband, waarvan uitwendig de omvang kan Dit laatste is tijdens de zwangerschap van groot voordeel vanwege de positieverandering van de maag Het lijkt verstandig niet eerder zwanger te worden dan na de eerste snelle fase van gewichtsreductie Tijdens deze stabiele fase wordt verondersteld dat de katabole toestand van het afvallen goeddeels voorbij is Tijdens de Enkele casereports beschrijven maternale en foetale complicaties na bariatrische chirurgie Tot nu toe zijn er twee meldingen van maternale sterfte beschreven als gevolg van een darmvolvulus na bariatrische.
| 611 | nvog |
#,# (##%-BI #,<DATUM> #) ## Obesitas is een risicofactor voor het ontwikkelen van trombo-embolische processen (#,##% versus #,##% bij tromboseprofylaxe kunnen een bijdrage leveren tot het verminderen van het tromboserisico ## De dosering van de tromboseprofylaxe moet aangepast worden aan de BMI (zie ook de richtlijn Tromboseprofylaxe) Met name voor vrouwen met obesitas klasse III is het vaak nodig ziekenhuismeubilair zoals (verlos)bedden, operatietafels, diagnostische apparatuur, operatiekleding en rolstoelen aan te passen Geschikte weegschalen zijn nodig om de gewichtstoename tijdens de zwangerschap te volgen, maar ook voor de adequate dosering In geval van obesitas kan spoedeisend transport bij een thuispartus problemen opleveren Dit is mede afhankelijk van de woonsituatie van de zwangere en lokale afspraken met de ambulancezorg Als bij vervoer per ambulance problemen worden verwacht, kan de verloskundige een partus in het ziekenhuis met Ter behandeling van klasse III-obesitas wordt in toenemende mate bariatrische chirurgie toegepast De meest gebruikte techniek is heden ten dage het aanleggen van een maagband, waarvan uitwendig de omvang kan Dit laatste is tijdens de zwangerschap van groot voordeel vanwege de positieverandering van de maag Het lijkt verstandig niet eerder zwanger te worden dan na de eerste snelle fase van gewichtsreductie Tijdens deze stabiele fase wordt verondersteld dat de katabole toestand van het afvallen goeddeels voorbij is Tijdens de Enkele casereports beschrijven maternale en foetale complicaties na bariatrische chirurgie Tot nu toe zijn er twee meldingen van maternale sterfte beschreven als gevolg van een darmvolvulus na bariatrische minder zwangerschapscomplicaties Vier grote series beschrijven verbeteringen na bariatrische chirurgie van de fertiliteit en afname van zwangerschapscomplicaties ##,##,##,## Zo daalde bijvoorbeeld het aantal kinderen met macrosomie van ##,#% naar #,#% in opeenvolgende zwangerschappen na bariatrische chirurgie Het ultieme doel van alle preventieve programma's is overgewicht te voorkomen Wanneer er eenmaal sprake is van overgewicht of obesitas is het vaak moeilijk om gewicht te verliezen Bij voorkeur vallen vrouwen af voordat ze zwanger worden Al bij geringe gewichtsreductie sorteert dit effect Bij vrouwen die tussen twee zwangerschappen gemiddeld #,# kg afvielen werd het risico op ontwikkelen van zwangerschapsdiabetes met Meest ideaal is per # maanden ##% van het totale lichaamsgewicht te verliezen Dit is niet alleen veilig maar garandeert ook een langduriger effect ## Gewichtsreductie kan worden bereikt door dieetmaatregelen, lichaamsactiviteit, medicatie of een combinatie hiervan (zie ook CBO-richtlijn Diagnostiek en behandeling van obesitas) Gewichtsreducerende medicatie moet niet worden voorgeschreven tijdens de zwangerschap of Het is verstandig vrouwen met obesitas preconceptioneel voor te lichten over de toegenomen kans op aan de zwangerschap; het is ook een goede kans om veranderingen in de leefstijl te bespreken De werkgroep is van mening dat vrouwen met klasse II-III obesitas in aanmerking komen voor Voor het berekenen van de BMI wordt gebruik gemaakt van het preconceptionele gewicht of het gewicht tijdens het eerste trimester (bewijskracht niveau A#) De werkgroep is van mening dat de zwangerschap van patiënten met klasse III-obesitas gecontroleerd moeten worden in de tweede lijn (bewijskracht niveau D).
| 593 | nvog |
verbeteringen na bariatrische chirurgie van de fertiliteit en afname van zwangerschapscomplicaties ##,##,##,## Zo daalde bijvoorbeeld het aantal kinderen met macrosomie van ##,#% naar #,#% in opeenvolgende zwangerschappen na bariatrische chirurgie Het ultieme doel van alle preventieve programma's is overgewicht te voorkomen Wanneer er eenmaal sprake is van overgewicht of obesitas is het vaak moeilijk om gewicht te verliezen Bij voorkeur vallen vrouwen af voordat ze zwanger worden Al bij geringe gewichtsreductie sorteert dit effect Bij vrouwen die tussen twee zwangerschappen gemiddeld #,# kg afvielen werd het risico op ontwikkelen van zwangerschapsdiabetes met Meest ideaal is per # maanden ##% van het totale lichaamsgewicht te verliezen Dit is niet alleen veilig maar garandeert ook een langduriger effect ## Gewichtsreductie kan worden bereikt door dieetmaatregelen, lichaamsactiviteit, medicatie of een combinatie hiervan (zie ook CBO-richtlijn Diagnostiek en behandeling van obesitas) Gewichtsreducerende medicatie moet niet worden voorgeschreven tijdens de zwangerschap of Het is verstandig vrouwen met obesitas preconceptioneel voor te lichten over de toegenomen kans op aan de zwangerschap; het is ook een goede kans om veranderingen in de leefstijl te bespreken De werkgroep is van mening dat vrouwen met klasse II-III obesitas in aanmerking komen voor Voor het berekenen van de BMI wordt gebruik gemaakt van het preconceptionele gewicht of het gewicht tijdens het eerste trimester (bewijskracht niveau A#) De werkgroep is van mening dat de zwangerschap van patiënten met klasse III-obesitas gecontroleerd moeten worden in de tweede lijn (bewijskracht niveau D) (bewijskracht niveau A#) De werkgroep is van mening dat lokaal behandelprotocollen voor de logistiek van vrouwen met obesitas De werkgroep is van mening dat patiënten met klasse III-obesitas antepartum voor een anesthesiologisch De werkgroep is van mening dat patiënten met obesitas na een ongestoorde zwangerschap op D-indicatie in het ziekenhuis moeten kunnen bevallen indien de verloskundige problemen verwacht bij eventueel vervoer per Het is aangetoond dat bij patiënten met obesitas het verrichten van een transverse huidincisie bij sectio caesarea het aantal postoperatieve wondinfecties ten opzichte van een verticale incisie vermindert Het is aangetoond dat het sluiten van de subcutis bij een dikte van meer dan # cm wondinfecties voorkomt De werkgroep is van mening dat de dosering van tromboseprofylaxe in het kraambed aan het # WHO ### Obesity preventing and managing the global epidemic WHO technical report series ### # <PERSOON> WD van, <PERSOON> validity of predicted body fat percentage from body mass index and from impedance in samples of five European populations <PERSOON> W, <PERSOON> BD Obstetric outcomes associated with increase in BMI category during pregnancy <PERSOON>) Ernstig overgewicht ###-### In Volksgezondheid Toekomst Verkenning, Nationale Atlas Volksgezondheid <LOCATIE> <INSTELLING>, ((WEBLINK)) Beïnvloedende factoren\ #.
| 556 | nvog |
van mening dat lokaal behandelprotocollen voor de logistiek van vrouwen met obesitas De werkgroep is van mening dat patiënten met klasse III-obesitas antepartum voor een anesthesiologisch De werkgroep is van mening dat patiënten met obesitas na een ongestoorde zwangerschap op D-indicatie in het ziekenhuis moeten kunnen bevallen indien de verloskundige problemen verwacht bij eventueel vervoer per Het is aangetoond dat bij patiënten met obesitas het verrichten van een transverse huidincisie bij sectio caesarea het aantal postoperatieve wondinfecties ten opzichte van een verticale incisie vermindert Het is aangetoond dat het sluiten van de subcutis bij een dikte van meer dan # cm wondinfecties voorkomt De werkgroep is van mening dat de dosering van tromboseprofylaxe in het kraambed aan het # WHO ### Obesity preventing and managing the global epidemic WHO technical report series ### # <PERSOON> WD van, <PERSOON> validity of predicted body fat percentage from body mass index and from impedance in samples of five European populations <PERSOON> W, <PERSOON> BD Obstetric outcomes associated with increase in BMI category during pregnancy <PERSOON>) Ernstig overgewicht ###-### In Volksgezondheid Toekomst Verkenning, Nationale Atlas Volksgezondheid <LOCATIE> <INSTELLING>, ((WEBLINK)) Beïnvloedende factoren\ # National prevalence of obesity Prevalence of overweight and obesity in the <PERSOON> AJ Toekomstige ontwikkelingen in overgewicht Inschatting effecten op de volksgezondheid <INSTELLING> rapport <PATIENTNUMMER>##/### # <PERSOON> KJ, Ledger WL, <PERSOON> high body mass index increase the risk of miscarriage after spontaneous and assisted conception ? A meta-analysis of the evidence <PERSOON> E, <PERSOON-##> and the risk of spontaneous abortion after oocyte donation Fertil Steril ###;#<DATUM> ## ## Duvekot JJ Pregnancy and obesity practical implications <PERSOON-##> complications and outcomes among overweight and obese ## <PERSOON-##> obesity and pregnancy outcome a study of ###,### pregnancies in <PERSOON-##> SM, Craigo SD, Carr SR, D'Alton ME; FASTER Research Consortium Obesity, obstetric complications and ## Kumari AS Pregnancy outcome in women with morbid obesity <PERSOON-##> ### ##.
| 478 | nvog |
prevalence of obesity Prevalence of overweight and obesity in the <PERSOON> AJ Toekomstige ontwikkelingen in overgewicht Inschatting effecten op de volksgezondheid <INSTELLING> rapport <PATIENTNUMMER>##/### # <PERSOON> KJ, Ledger WL, <PERSOON> high body mass index increase the risk of miscarriage after spontaneous and assisted conception ? A meta-analysis of the evidence <PERSOON> E, <PERSOON> and the risk of spontaneous abortion after oocyte donation Fertil Steril ###;#<DATUM> ## ## Duvekot JJ Pregnancy and obesity practical implications <PERSOON> complications and outcomes among overweight and obese ## <PERSOON> obesity and pregnancy outcome a study of ###,### pregnancies in <PERSOON> SM, Craigo SD, Carr SR, D'Alton ME; FASTER Research Consortium Obesity, obstetric complications and ## Kumari AS Pregnancy outcome in women with morbid obesity <PERSOON> body mass index and hypercholesterolemia risk of hypertensive disorders of pregnancy <PERSOON-##> TE, <PERSOON-##> WS Maternal body mass index and the risk of preeclampsia a systematic ## <PERSOON-##> DM, Liston WA, Bhattacharya S Effect of Body Mass Index on pregnancy outcomes in nulliparous women delivering singleton babies BMC Public Health ###;##;<DATUM> ## Pickering TG, <LOCATIE> JE, <PERSOON-##> SG, Roccella EJ; Subcommittee of Professional and Public Education of the American Heart Association Council on High Blood Pressure Research Recommendations for blood pressure measurement in humans and experimental animals Part # blood pressure measurement in humans a statement for professionals from the Subcommittee of Professional and Public Education of the American Heart Association Council on High Blood ## Institute of Medicine Nutrition during pregnancy part I, weight gain Washington (DC) <PERSOON-##> TK, Leet TL Gestational weight gain and pregnancy outcomes in ## Cedergren MI Optimal gestational weight gain for body mass index categories <PERSOON-##> CJ Pregnancy outcome and weight gain recommendations for the morbidly obese woman <PERSOON-##>-Graf <PERSOON-##> K.
| 466 | nvog |
index and hypercholesterolemia risk of hypertensive disorders of pregnancy <PERSOON> TE, <PERSOON> WS Maternal body mass index and the risk of preeclampsia a systematic ## <PERSOON> DM, Liston WA, Bhattacharya S Effect of Body Mass Index on pregnancy outcomes in nulliparous women delivering singleton babies BMC Public Health ###;##;<DATUM> ## Pickering TG, <LOCATIE> JE, <PERSOON> SG, Roccella EJ; Subcommittee of Professional and Public Education of the American Heart Association Council on High Blood Pressure Research Recommendations for blood pressure measurement in humans and experimental animals Part # blood pressure measurement in humans a statement for professionals from the Subcommittee of Professional and Public Education of the American Heart Association Council on High Blood ## Institute of Medicine Nutrition during pregnancy part I, weight gain Washington (DC) <PERSOON> TK, Leet TL Gestational weight gain and pregnancy outcomes in ## Cedergren MI Optimal gestational weight gain for body mass index categories <PERSOON> CJ Pregnancy outcome and weight gain recommendations for the morbidly obese woman <PERSOON>-Graf <PERSOON> K glucose values correlates best with high rates of foetal macrosomia in pregnancies complicated by gestational ## <PERSOON> effect of body mass index on three methods of fetal weight estimation ## <PERSOON-##> effect of obesity on the accuracy of fetal weight estimation <PERSOON-##> factors for sudden intrauterine unexplained death epidemiologic characteristics of singleton cases in Oslo, Norway, ###-### ## Little RE, Weinberg CR Risk factors for antepartum and intrapartum stillbirth <PERSOON-##> AP, <PERSOON-##> RS, <PERSOON-##> GR Extreme obesity and risk of stillbirth among black and white gravidas <PERSOON-##> SY, <PERSOON-##> PM, Callaghan WM, <PERSOON-##> KM Maternal obesity and the risk of ## Waller DK, Mills JL, Simpson JL, Cunningham GC, Conley <PERSOON-##> obese women at higher risk for producing malformed offspring? <PERSOON-##> ###;### ##<DATUM> <PERSOON-##> DE Greater maternal weight and the ongoing risk of neural tube defects after folic acid flour fortification <PERSOON-##> S, <PERSOON-##> <INSTELLING>.
| 509 | nvog |
best with high rates of foetal macrosomia in pregnancies complicated by gestational ## <PERSOON> effect of body mass index on three methods of fetal weight estimation ## <PERSOON> effect of obesity on the accuracy of fetal weight estimation <PERSOON> factors for sudden intrauterine unexplained death epidemiologic characteristics of singleton cases in Oslo, Norway, ###-### ## Little RE, Weinberg CR Risk factors for antepartum and intrapartum stillbirth <PERSOON> AP, <PERSOON> RS, <PERSOON> GR Extreme obesity and risk of stillbirth among black and white gravidas <PERSOON> SY, <PERSOON> PM, Callaghan WM, <PERSOON> KM Maternal obesity and the risk of ## Waller DK, Mills JL, Simpson JL, Cunningham GC, Conley <PERSOON-##> obese women at higher risk for producing malformed offspring? <PERSOON-##> ###;### ##<DATUM> <PERSOON-##> DE Greater maternal weight and the ongoing risk of neural tube defects after folic acid flour fortification <PERSOON-##> S, <PERSOON-##> <INSTELLING> ## Watkins ML, Botto LD Maternal prepregnancy weight and congenital heart defects in offspring ## Watkins ML, Rasmussen SA, Honein MA, Botto LD, Moore CA Maternal obesity and risk for birth defects ## <PERSOON-##> impact of maternal obesity on midtrimester sonographic visualization of fetal cardiac and craniospinal structures <PERSOON-##> outcome and prepregnancy body mass index in ### glucose-tolerant <PERSOON-##> women <PERSOON-##> influence of prepregnancy body mass index on labor ## Nuthalapaty FS, Rouse DJ, <PERSOON-##> association of maternal weight with cesarean risk, labor duration, and cervical dilation rate during labor induction <PERSOON-##> DA Gestational diabetes mellitus and lesser degrees of pregnancy hyperglycemia association with increased risk of spontaneous preterm birth Obstet Gynecol ###;#<DATUM> # ## <PERSOON-##> gestational hyperglycemia, the metabolic syndrome and adverse neonatal outcomes <PERSOON-##> association.
| 462 | nvog |
## Watkins ML, Botto LD Maternal prepregnancy weight and congenital heart defects in offspring ## Watkins ML, Rasmussen SA, Honein MA, Botto LD, Moore CA Maternal obesity and risk for birth defects ## <PERSOON> impact of maternal obesity on midtrimester sonographic visualization of fetal cardiac and craniospinal structures <PERSOON> outcome and prepregnancy body mass index in ### glucose-tolerant <PERSOON> women <PERSOON> influence of prepregnancy body mass index on labor ## Nuthalapaty FS, Rouse DJ, <PERSOON> association of maternal weight with cesarean risk, labor duration, and cervical dilation rate during labor induction <PERSOON> DA Gestational diabetes mellitus and lesser degrees of pregnancy hyperglycemia association with increased risk of spontaneous preterm birth Obstet Gynecol ###;#<DATUM> # ## <PERSOON> gestational hyperglycemia, the metabolic syndrome and adverse neonatal outcomes <PERSOON> association BJOG ## <PERSOON> TK On prediction of the cesarean delivery risk in a large private practice <PERSOON-##> FR, Caulfield LE, Stoltzfus RJ Influence of maternal anthropometric status and birth weight on the ## <PERSOON-##> JL Effect of body mass index and excessive weight gain on success of vaginal birth after cesarean delivery Obstet Gynecol ###;###;##<DATUM> Hibbard JU, <PERSOON-##> MB, Hauth JC, Leveno KJ, Spong CY, Varner <PERSOON-##> JM, <PERSOON-##> SM, Mercer BM, Gabbe SG; National Institute of Child Health and Human Development Maternal-Fetal Medicine Units Network Trial of labor or repeat cesarean delivery in women with morbid ## <PERSOON-##> role of maternal body mass index in outcomes ## <PERSOON-##> impact of maternal obesity and weight gain on vaginal birth ## <PERSOON-##> tilt for caesarean section Cochrane Database Syst Rev ## Wall PD, Deucy EE, Glantz JC, Pressman EK Vertical skin incisions and wound complications in the ## <PERSOON-##> EJ, Sabatini MM Suture closure of subcutaneous fat and wound disruption after ## <PERSOON-##> WS, Grendys EC.
| 475 | nvog |
prediction of the cesarean delivery risk in a large private practice <PERSOON> FR, Caulfield LE, Stoltzfus RJ Influence of maternal anthropometric status and birth weight on the ## <PERSOON> JL Effect of body mass index and excessive weight gain on success of vaginal birth after cesarean delivery Obstet Gynecol ###;###;##<DATUM> Hibbard JU, <PERSOON> MB, Hauth JC, Leveno KJ, Spong CY, Varner <PERSOON> JM, <PERSOON> SM, Mercer BM, Gabbe SG; National Institute of Child Health and Human Development Maternal-Fetal Medicine Units Network Trial of labor or repeat cesarean delivery in women with morbid ## <PERSOON> role of maternal body mass index in outcomes ## <PERSOON> impact of maternal obesity and weight gain on vaginal birth ## <PERSOON> tilt for caesarean section Cochrane Database Syst Rev ## Wall PD, Deucy EE, Glantz JC, Pressman EK Vertical skin incisions and wound complications in the ## <PERSOON> EJ, Sabatini MM Suture closure of subcutaneous fat and wound disruption after ## <PERSOON-##> PS, White AM, Guinn DA, Lu GC, <PERSOON-##> AS, Kaslow RA, <PERSOON-##> RS, Rouse DJ, Hauth JC Subcutaneous tissue reapproximation, alone or in combination with drain, in obese women undergoing cesarean delivery Obstet Gynecol ###;#<DATUM> ## ## Houston MC, <PERSOON-##> BD Postoperative morbidity in the morbidly obese parturient woman supraumblical ## Porreco RP, Adelberg AM, <PERSOON-##> LG, Holdt DG Cesarean birth in the morbidly obese woman a report ## Saravanakumar K, Rao SG, Cooper GM Obesity and obstetric anaesthesia <PERSOON-##> of the influence of body mass index on the performance of epidural analgesia in labour and the subsequent mode of delivery BJOG ###;#<DATUM> ## ## Perlow JH, <PERSOON-##> MA Massive maternal obesity and perioperative cesarean morbidity <PERSOON-##> ## <PERSOON-##> in pregnancy BJOG ###;#<DATUM> ## ## Moore KA, Ouyang DW, Whang EE Maternal and foetal deaths after gastric bypass surgery for morbid ## <PERSOON-##> AM, <PERSOON-##> AJ, <PERSOON-##> death caused by midgut volvulus ## <PERSOON-##> JG Outcome of pregnancies after ## Bilenka B, Ben-<PERSOON-##> CH, Zohar S.
| 566 | nvog |
Ramsey PS, White AM, Guinn DA, Lu GC, <PERSOON> AS, Kaslow RA, <PERSOON> RS, Rouse DJ, Hauth JC Subcutaneous tissue reapproximation, alone or in combination with drain, in obese women undergoing cesarean delivery Obstet Gynecol ###;#<DATUM> ## ## Houston MC, <PERSOON> BD Postoperative morbidity in the morbidly obese parturient woman supraumblical ## Porreco RP, Adelberg AM, <PERSOON> LG, Holdt DG Cesarean birth in the morbidly obese woman a report ## Saravanakumar K, Rao SG, Cooper GM Obesity and obstetric anaesthesia <PERSOON> of the influence of body mass index on the performance of epidural analgesia in labour and the subsequent mode of delivery BJOG ###;#<DATUM> ## ## Perlow JH, <PERSOON> MA Massive maternal obesity and perioperative cesarean morbidity <PERSOON> ## <PERSOON> in pregnancy BJOG ###;#<DATUM> ## ## Moore KA, Ouyang DW, Whang EE Maternal and foetal deaths after gastric bypass surgery for morbid ## <PERSOON> AM, <PERSOON-##> AJ, <PERSOON-##> death caused by midgut volvulus ## <PERSOON-##> JG Outcome of pregnancies after ## Bilenka B, Ben-<PERSOON-##> CH, Zohar S banded gastroplasty operation for morbid obesity <PERSOON-##> HA, Wilk EJ, Sutherland DJ Gynecologic-obstetric changes after loss of massive excess weight following bariatric surgery <PERSOON-##> Nutr ###;<DATUM> ## ## Dixon JB, Dixon ME, <PERSOON-##> PE Birth outcomes in obese women after laparoscopic adjustable gastric ## Glazer NL, Hendrickson AF, Schellenbaum GD, Mueller BA Weight change and the risk of gestational ## National Institutes of Health (###) Clinical guidelines on the identification, evaluation and treatment of overweight and obesity in adults the evidence report <INSTELLING>, MD National Institutes of Health, US van de Nederlandse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie, is vastgesteld in de ###e ledenvergadering d d <DATUM> <PERSOON-##> Deze richtlijn is o a samengesteld door voorzitter <PERSOON-##> Deze richtlijn is aangevuld met twee modules door <PERSOON-##>, <INSTELLING> en <PERSOON-##> Haaglanden Medisch <INSTELLING> namens <PERSOON-##> werkgroep, d d <DATUM> - Voorkomt een primaire sectio à terme bij zwangeren met een BMI )## maternale complicaties?; een richtlijn wanneer concrete omstandigheden dat noodzakelijk maken Dat kan onder meer het geval zijn wanneer een gynaecoloog tegemoet moet komen aan de objectieve noden Beleid op instellingsniveau kan er incidenteel toe leiden dat (volledige) lokale toepassing van een richtlijn niet mogelijk is.
| 611 | nvog |
De commissie Gynaecoloog en Recht ontving een aantal vragen over het bewaren van het CTG Deze zijn als Het CTG bevat informatie met betrekking tot onderzoek en behandeling in een instituut voor gezondheidszorg en valt onder de werking van de WGBO (artikel ### lid #) [ ] de hulpverlener een dossier inricht met betrekking tot de behandeling van de patiënt Hij houdt in het dossier aantekening van de gegevens omtrent de gezondheid van de patiënt [ ] en neemt andere stukken, bevattende zodanige gegevens, daarin op, een en ander voor zover dit voor een goede hulpverlening aan Het CTG kan beschouwd worden als vallend onder 'andere stukken' en maakt als zodanig deel uit van het Voor het dossier bepaalt de WGBO een bewaartermijn van tien jaar Het doel van de bewaarplicht is - naast a Toetsing kwaliteit Gegevens voortkomend uit het contact van de patiënt met een instituut dienen beschikbaar te zijn ter toetsing van de in een individueel geval gegeven kwaliteit van zorg b Bewijsmateriaal In geval van enigerlei verschil van mening over de aard van de gegeven of ontvangen zorg (in termen van het klachtrecht, het civiel recht of het tuchtrecht) dient het dossier (mede) als basis waarop de Uit de punten #a en #b volgt dat CTG's moeten worden bewaard De vraag is of dit voor alle omstandigheden geldt, zowel voor antenatale als voor partale registraties a Antenataal verkregen registratie In een langdurige periode van observaties ante partum kan een groot aantal CTG's worden vervaardigd Daarbij kan onderscheid worden gemaakt tussen CTG's die 'normaal' en die welke 'afwijkend' worden bevonden Normale CTG's zullen doorgaans van beperkt belang zijn voor de onder #b genoemde toepassingen Toch neemt de arts die besluit normale CTG's te vernietigen een risico Overleg met en toestemming van de patiënt verkleint dit risico, maar doet het niet dalen tot nul Ontstaat later een conflict, dan ligt bij afwezigheid van enige documentatie de bewijslast bij de arts Bij antenataal verkregen CTG-registraties met een afwijkend patroon kan geen twijfel bestaan deze dienen b Durante partu verkregen registratie Ongeacht het patroon en de momentane beoordeling zullen CTG's van deze categorie bewaard moeten worden Op geen enkele manier is na een bevalling te voorspellen of en om welke reden de CTG's later van belang kunnen blijken te zijn Ook na een langere periode - van bijvoorbeeld een jaar - is een dergelijk gebruik in de toekomst niet uit te sluiten Durante partu verkregen CTG's moeten als De wijze van bewaren van een dossier is in wezen irrelevant zolang vaststaat dat de van microfilm, computerschijf e d geproduceerde documenten identiek zijn aan de oorspronkelijke Hierbij is verder van belang dat een dergelijk document voor partijen herkenbaar is Het is bijvoorbeeld niet ongewoon een papieren CTG-registratie op de verloskamer te voorzien van aantekeningen ('persdrang', 'VT', 'sedatie', enz ); deze aantekeningen gaan bij elektronische opslag verloren Misverstand is uitgesloten door dit soort notities.
| 573 | nvog |
Welke operatiemethode is bij een hysterectomie te prefereren gelet op de klinische Wanneer beide operatiemethoden haalbaar zijn, wordt bij voorkeur gekozen voor een VH, De mogelijkheid om aanvullende abdominale pathologie uit te sluiten Welke laparoscopische operatiemethode heeft de voorkeur bij een laparoscopische Er zijn geen klinisch relevante verschillen tussen de TLH, laparoscopisch geassisteerde vaginale hysterectomie (LAVH) en supra-cervicale hysterectomie (SLH) Men dient bij voorkeur dat type LH toe te passen waarvan de operateur de leercurve heeft doorlopen Het routinematig uitvoeren van een robot-TLH lijkt geen voordelen te bieden boven de Gebruik de techniek waarvan de operateur de leercurve heeft doorlopen, aangezien er geen uitgesproken voorkeur is voor de TLH of LAVH Verricht bij voorkeur een conventionele laparoscopische hysterectomie, aangezien de patiëntuitkomsten niet verschillen tussen beide groepen en de robot-TLH geassocieerd is met Verricht een TLH of SLH naar de voorkeur van patiënt en operateur A Geen verschil tussen de TLH en SLH voor wat betreft * De definities van ernstige en minder ernstige complicaties staan beschreven in hoofdstuk # ** De overwegingen bij counseling ten aanzien van morcelleren staan beschreven in (GnRHa) of Ulipristal voorafgaand aan een laparoscopische hysterectomie (LH) in verband Overweeg voorbehandeling met GnRHa bij een LH wegens uterus myomatosus ter volumereductie van de uterus ten einde minder perioperatief bloedverlies en een kortere Evalueer aan het einde van de voorbehandeling met GnRHa opnieuw of de gekozen Voorbehandeling met GnRHa dient minimaal # maanden te bedragen Als volumeverkleining van de uterus het doel is van de voorbehandeling heeft het gebruik Een verhoogde BMI, een vergrote uterus en/of voorgaande intra-abdominale chirurgie geeft - complicaties en/of conversie naar een abdominale operatiemethode Het is niet mogelijk om voor deze patiëntkarakteristieken afkapwaarden te benoemen <DATUM> Wat is de toegevoegde waarde van preoperatief aanvullend onderzoek (echo, MRI) ten Overweeg een MRI als aanvullende diagnostiek als er een vermoeden bestaat op bijkomende factoren en/of pathologie die de ingreep zouden kunnen beïnvloeden (bijvoorbeeld diepe Voor welk electro chirurgisch instrument (bipolair of ultrasoon) bestaat een voorkeur tijdens Op basis van literatuur onderzoek bestaat geen duidelijk voorkeur voor het type electro Gebruik het instrument waarmee de meeste ervaring bestaat bij de operateur Grondige kennis van de werkwijze van de gebruikte techniek is van belang <DATUM> Voorkomt het gebruik van een uterusmanipulator bij een laparoscopische hysterectomie <DATUM> Wanneer is een uterusmanipulator geïndiceerd tijdens een LH? Overweeg het gebruik van een uterusmanipulator tijdens een LH voor optimalisering van de expositie van het operatiegebied Er is geen bewijs dat een uterusmanipulator ureterletsel Gebruik de manipulator(en) waarmee de meeste ervaring door de operateur is opgedaan <DATUM> Hoe luiden de adviezen om ureterletsel bij een laparoscopische hysterectomie te Er zijn geen eenduidige adviezen die ureterletsel kunnen voorkomen Roep laagdrempelig de uroloog in consult bij peroperatief vermoeden op ureterletsel en vervolg het klinisch <DATUM> # Kan door het plaatsen van ureterstents tijdens een LH ureterletsel worden Het routinematig plaatsen van ureterstents bij een LH kan ureterletsel niet voorkomen.
| 557 | nvog |
Subsets and Splits
No community queries yet
The top public SQL queries from the community will appear here once available.